CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RM Uitvoeringsnota Participatie - quickscan en programma 2022 en verder

Gemeenteraad 14 juli 2021, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Jaarstukken 2020, 1e voortgangsrapportage 2021 en 13e begrotingswijziging en Kadernota 2021 (geclusterde behandeling)7.934 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bedrijfsvoering

Gemeente Vlaardingen RAADSMEMO

Aan

De gemeenteraad van Vlaardingen

Portefeuillehouder

I.M. Somers-Gardenier

Onderwerp

Uitvoeringsnota Participatie - quickscan en programma 2022 en verder Datum

Registratienummer

21 december 2021

1881679

Aantal bijlagen

Geachte leden van de raad, In Vlaardingen staan we net als veel andere gemeenten voor complexe uitdagingen. We willen werken aan het verrijken/verbeteren van onze samenleving en daar waar de leefbaarheid en de veiligheid onder druk staan zorgen voor impulsen om het roer om te gooien. Dat willen we doen door te groeien in de samenwerking tussen gemeente en de stad. Als gemeente werk je niet meer alleen vóór bewoners maar steeds meer mét bewoners samen aan de opbouw en ontwikkeling van de leefomgeving. Als er iets te gebeuren staat in je straat, buurt, gemeente dat impact heeft op je leven of op de mensen om je heen, dan wil je daarvan weten, invloed op hebben zelfs aan meewerken als dat nodig of mogelijk is. Simpelweg: meedoen. Tegelijkertijd kunnen en willen gemeenten het niet meer alleen doen, de complexiteit van de samenleving vraagt om gemeente overstijgende aanpak door samen met het netwerk van bewoners, partners en ondernemers deze uitdagingen het hoofd bieden. In het 'Coalitieakkoord 2019-2022 Gemeente Vlaardingen: Handen uit de mouwen' is door de coalitiepartijen aangegeven veel waarde te hechten aan participatie. De gemeenteraad heeft zich meermaals via moties uitgesproken over het belang van participatie en het college heeft toezeggingen gedaan de gemeenteraad te informeren.

Deze moties en toezeggingen zijn betrokken bij deze uitvoeringsnota en worden daarmee geacht afgehandeld te zijn. Motie Right to Challenge

Datum 29-11-2018

Betrokken partijen ONS.Vlaardingen, GroenLinks, VV2000/Leefbaar Vlaardingen, BVV.

Toelichting Verzoekt het college onderzoek te doen naar invoering van Right to Challenge op zo breed mogelijk beleidsterrein en dat begrip te verankeren in een verordening en de raad mee te nemen in de ontwikkeling daarvan.

Toezegging Zegt toe dat het college de gemeenteraad een nota burgerparticipatie dit jaar voorlegt, waarbij ook wordt ingegaan op het uitdaagrecht. Raad informeren over (digitale) middelen participatie Voorstel Participatie 2020 aan de raad voorleggen Pakt right to challenge op

Datum toezegging 14/15-7-2021

Portefeuillehouder Mw. J.J.Silos-Knaap

11-04-2019 11-04-2019 08-11-2018

Start pilot burgerbegroting

08-11-2018

Mw. J.J.Silos-Knaap Mw. J.J.Silos-Knaap Van F. Hoogendijk naar I.M. Somers-Gardenier Van F. Hoogendijk naar I.M. Somers-Gardenier

Daarnaast zijn er ook landelijk ontwikkelingen in wetgeving vanuit de Overheid op komst: • Wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau. • Wijziging Gemeentewet: van inspraakverordening naar participatieverordening. • Gemeenten moeten het uitdaagrecht vastleggen in een nieuwe participatieverordening. • De Omgevingswet verplicht ons om participatiebeleid te maken en participatie te organiseren. • De Omgevingswet wil meer ruimte voor ideeën van initiatiefnemers en voor lokale afwegingen. Er is een interne quickscan uitgevoerd om de huidige stand van zaken in kaart te brengen: hoe passen we participatie toe, hoe regelen we processen en techniek in en waar moet het anders en/of liggen nieuwe mogelijkheden? Er wordt al veel ondernomen op het gebied van participatie. Maar we zien de mogelijkheden en willen doorontwikkelen. Meer contact en samenwerking met de Vlaardingers. In lijn met de organisatieontwikkelingen pakken wij in 2022 met dit programma integraal door in de doorontwikkeling van participatie. Hierbij betrekken we de Vlaardingers, de gemeenteraad, het college en de organisatie. Financiën Voor de kosten van (burger)participatie is bewust geen apart budget opgenomen in de gemeentebegroting. Participatie is een onderdeel van ieders werk, van iedere reguliere taak en ieder project of programma.

De benodigde personele en financiële middelen dienen dan ook nadrukkelijk onderdeel uit te maken van de vastgestelde ramingen. Ter ondersteuning en toetsing daarvan is bij college- en raadsvoorstellen dan ook participatie als onderdeel opgenomen. Daarin moet in de toekomst meer specifiek worden aangegeven welk doel de participatie dient, welke vorm van participatie wordt toegepast, welke middelen daarmee gemoeid zijn en wat dit aan inzet en kosten meebrengt. Ook dit mede vanuit het oogpunt van verwachtingenmanagement en kostenbeheersing. Er zijn een aantal budgetten voor participatie. Deze budgetten zijn ondergebracht bij Wijkcoördinatie. Wijkmanagers geven die gelden uit in de wijk om daar wijknetwerken en verbinding te leggen/ te houden. Bijvoorbeeld: Halloween optocht, iftar-maaltijden, kerstbomen, clowns voor een buurtfeest etc. Maar ook de wijkkrant, planten en groen in de wijk, schoonmaakacties e.d. worden hier deels van betaald. Ook in de schoolvakanties worden hier veel activiteiten uit betaald. Daarnaast wordt het deels gebruikt om de wijkcentra in de lucht te kunnen houden. In de wijkcentra zitten organisaties en mensen die de huurprijs niet zelf kunnen betalen. Dit gaat in totaal om ongeveer € 328.000. Door de coronapandemie is er minder geld uitgegeven omdat er helaas minder georganiseerd mocht worden. Voor 2021 is van het totaalbudget nog € 76.000 over.

Het organiseren en de uitvoering van het programma participatie vraagt extra specialistische inzet. Deze inzet kan deels vanuit bestaande capaciteit, activiteiten en budgetten maar zal ook extra inzet vragen en daarmee kosten met zich meebrengen. Voor nu zal voor 2022 naar schatting € 75.000 nodig zijn. Uitgaande van een kostenneutrale oplossing zijn de opties: 1. Starten in 01 2022 vanuit het algemene budget participatie. Echter kan dit ten koste gaan van de mogelijkheden vanuit Wijkcoördinatie. Gebruik uit dit algemeen budget heeft geen gevolgen voor de aparte wijkbudgetten. Dit zijn specifieke budgetten per wijk. 2. Voor het dit jaar nog resterende bedrag van € 76.000 voor participatie kan overheveling naar 2022 plaatsvinden. Overheveling is niet zonder meer mogelijk. Het resterende bedrag van 76.000 valt vrij in het resultaat van de jaarrekening 2021. Overheveling kan alleen met een

voorstel bij de bestemming van dit jaarresultaat. Dit gebeurt bij de vaststelling van de jaarrekening en medio begin juli vindt hierover besluitvorming in de raad plaats. Een eventuele overheveling dient onderbouwd en aangetoond te worden dat het budget nodig is om eerder ingezet beleid voort te kunnen zetten. Vanuit deze mogelijkheid komt pas na juli 2022 geld beschikbaar. 3. Voor 2022 gebruik te maken van de 1e voortgangsrapportage voor financiering vanuit de algemene middelen. De besluitvorming daarover vindt eveneens begin juli 2022 plaats, tegelijkertijd met de jaarrekening 2021. 4. De kadernota 2023 geeft mogelijkheid om participatie financieel structureel goed te organiseren. Maar om te starten in 01 2022 geeft dit financieel geen mogelijkheden. Aileen door gebruik te maken van optie1 wordt het mogelijk om in 01 en 2 door te pakken met het programmavoorstel. Uitgaande van optie 2, 3 en 4 zal vertraging opleveren (na juli 2022). Voorstel is in te zetten op meerdere opties. Voor 2022 worden de financiën kostenneutraal gedekt uit het algemene budget participatie. De voortgangsrapportage een de Kadernota 2023 bieden mogelijkheid voor uitvraag naar budget voor het programma in 2023 en het structureel benodigde budget voor participatie voor aankomende jaren.

Met deze aanpak willen we participatie verder doorontwikkelen en heeft als oogmerk om participatie meer in de haarvaten te krijgen, als belangrijke basis in het doel wat we als gemeente nastreven: Vlaardingen verder brengen, met elkaar! Hoogachtend,

Burgem ester en wethouders van Vlaardingen,

tads tolk

de burgeme r drs. B. ga - v n Nieuwenhuizen

Uitvoeringsnota Participatie Quickscan en programmavoorstel 2022 en verder

Inleiding In Vlaardingen staan we net als veel andere gemeenten voor complexe uitdagingen. We willen werken aan het verrijken/verbeteren van onze samenleving en daar waar de leefbaarheid en de veiligheid onder druk staan, zorgen voor impulsen om het roer om te gooien. Dat willen we doen door te groeien in de samenwerking tussen gemeente en de stad. Als gemeente werk je niet meer alleen vóór bewoners maar steeds meer mét bewoners samen aan de opbouw en ontwikkeling van de leefomgeving. Als er iets te gebeuren staat in je straat, buurt, gemeente dat impact heeft op je leven of op de mensen om je heen, dan wil je daarvan weten, invloed op hebben zelfs aan meewerken als dat nodig of mogelijk is. Simpelweg: meedoen. Tegelijkertijd kunnen en willen gemeenten het niet meer alleen doen, de complexiteit van de samenleving vraagt om gemeente overstijgende aanpak door samen met het netwerk van bewoners, partners en ondernemers deze uitdagingen het hoofd bieden. Ook willen we als gemeente transparant zijn, efficiënt te werk gaan en tegelijkertijd commitment creëren voor het beleid wat we maken en de uitvoering daarvan in de stad. Vlaardingers willen ook hier meer betrokken worden bij het maken van keuzes en het effect hiervan op hun stad en directe woonomgeving.

Met het schrijven van deze nota geven we handen en voeten aan het hoe en vooral waarom van participatie in de gemeente Vlaardingen. Uitgangspunt en als kader dienend zijn hierbij het eerder door de gemeenteraad vastgestelde participatiebeleid uit 2015 ‘Van meepraten naar zelf doen’ en de voortgangsrapportage uit 2017. Deze uitvoeringsnota geeft ons een nieuwe actualisatie met uitvoeringsprogramma voor 2022 en verder. Met deze aanpak willen we participatie verder doorontwikkelen en heeft als oogmerk om participatie meer in de haarvaten te krijgen, als belangrijke basis in het doel wat we als gemeente nastreven: Vlaardingen verder brengen, met elkaar!

Inhoudsopgave 1. Aanleiding 2. Wat betekent participatie voor ons? 3. Quickscan 3.1 Wat doen we al in Vlaardingen? 3.2 Wat kenmerkt de Vlaardingse inwoners? 3.3 Vormen en middelen 3.4 Right to Challenge – Uitdaagrecht 3.5 Organisatieontwikkeling 3.6 Ontwikkelingen in wetgeving: art. 150 Gemeentewet, Omgevingswet 4. Programma 2022 en verder

Pag. 2 4 6 6 9 9 11 12 14 15

Bijlagen: 1. Toelichting wijziging artikel 150 Gemeentewet 2. Toelichting Omgevingswet

17 18

1

1. Aanleiding In het Coalitieakkoord 2019-2022 Gemeente Vlaardingen: Handen uit de mouwen is onderstaande opgenomen over participatie. Dit is breed gedragen en vastgesteld door de gemeenteraad: De coalitiepartijen hechten onverminderd veel waarde aan (burger)participatie. Wel willen wij kritisch kijken naar de effectiviteit van verschillende vormen van participatie. Wij streven naar de doorontwikkeling van bepaalde vormen van burgerbetrokkenheid (zoals buurtbegrotingen, wijkdeals en Right to Challenge), maar wel ondersteunend aan de effectieve en efficiënte uitvoering van onze gemeentelijke taken. Ten aanzien van participatietrajecten zullen wij scherper moeten zijn ten aanzien van verwachtingenmanagement. Het in overleg met de stad ontwikkelen van plannen heeft onze voorkeur, maar het is daarbij wel van belang om vooraf realistische kaders mee te geven. Financieel en anderszins. Bij de totstandkoming van de Toekomstvisie via een uitgebreide participatie tot stand komt; zowel door input op te halen voor de opstelling van de verschillende toekomstscenario’s als bij de bepaling van het meest gewenste scenario (daarna). De gemeenteraad heeft zich meermaals via moties uitgesproken over het belang van participatie en heeft het college gevraagd het participatiebeleid te herijken en hierin de mogelijkheden voor ‘Right to Challenge’ (Uitdaagrecht) en burgerbegroting te onderzoeken.

Ook heeft het college de toezegging gedaan de gemeenteraad te informeren over (digitale) middelen voor participatie. Deze moties en toezeggingen zijn betrokken bij deze nota en worden daarmee geacht afgehandeld te zijn. Openstaande Moties Titel Right to Challenge

Datum 29-11-2018

Betrokken partijen ONS.Vlaardingen, GroenLinks, VV2000/Leefbaar Vlaardingen, BVV.

Toelichting Verzoekt het college onderzoek te doen naar invoering van Right to Challenge op zo breed mogelijk beleidsterrein en dat begrip te verankeren in een verordening en de raad mee te nemen in de ontwikkeling daarvan.

Toezegging Zegt toe dat het college de gemeenteraad een nota burgerparticipatie dit jaar voorlegt, waarbij ook wordt ingegaan op het uitdaagrecht. Raad informeren over (digitale) middelen participatie

Datum toezegging 14/15-7-2021

Voorstel Participatie 2020 aan de raad voorleggen

11-04-2019

Pakt right to challenge op

08-11-2018

Start pilot burgerbegroting

08-11-2018

Portefeuillehouder Mw. Ivana Somers – Gardenier (uitgesproken door Mw. J.J.SilosKnaap) Mw. Ivana Somers – Gardenier (uitgesproken door Mw. J.J.SilosKnaap) Mw. Ivana Somers – Gardenier (uitgesproken door Mw. J.J.SilosKnaap) Van F. Hoogendijk naar I.M. Somers-Gardenier Van F. Hoogendijk naar I.M. Somers-Gardenier

Overzicht van openstaande toezeggingen

11-04-2019

2

Daarnaast zijn er ook landelijk ontwikkelingen in wetgeving vanuit de Overheid op komst: • Wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau • Wijziging Gemeentewet: van inspraakverordening naar participatieverordening • Gemeenten moeten het uitdaagrecht vastleggen in een nieuwe participatieverordening • De Omgevingswet verplicht ons om participatiebeleid te maken en participatie te organiseren • De Omgevingswet wil meer ruimte voor ideeën van initiatiefnemers en voor lokale afwegingen Bovenstaande geeft ons de uitgelezen mogelijkheid om ons participatiebeleid te herzien en praktisch en duidelijk te organiseren. Dit vraagt om heroriëntatie van op ons huidige participatiebeleid en wat we in de uitvoering hierbij nodig hebben. Er is een interne quickscan uitgevoerd om de huidige stand van zaken in kaart te brengen: hoe passen we participatie toe, hoe regelen we processen en techniek in en waar moet het anders en/of liggen nieuwe mogelijkheden? De resultaten van deze quickscan zijn verwerkt in een voorstel voor de verdere aanpak van burgerparticipatie, het uitvoeringsplan 2022 en verder. Met deze aanpak willen we participatie verder doorontwikkelen en heeft als oogmerk om participatie meer in de haarvaten te krijgen, als belangrijke basis in het doel wat we als gemeente nastreven: Vlaardingen verder brengen, met elkaar!

3

2. Wat betekent participatie voor ons? Participatie is een breed begrip en kent vele theorieën, niveaus en vormen. Een eenduidige definitie van participatie, die in de gemeentelijke organisatie herkend en bekend is geeft richting aan handelingen en werkwijze, aan verwachtingen van participerende inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Door te investeren in participatie versterken we de band met onze bewoners. Door het vroegtijdig betrekken van de omgeving bij initiatieven die van invloed zijn op de leefomgeving van bewoners of het vestigingsklimaat voor bedrijven kunnen plannen beter worden, kan er meer draagvlak ontstaan. Andersom geldt ook dat de gemeente open moet staan voor initiatieven van bewoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven, daartoe kansen ziet en kansen ondersteunen en faciliteren voor zover het past binnen (beleids-, financiële of juridische) kaders. Openstaan voor participatie werkt twee kanten op: het vraagt van de gemeente een open, uitnodigende, proactieve en responsieve houding en bereidheid tot samenwerken, delen van informatie, data en middelen. Het vraagt interesse, inzet, tijd en energie van bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties.

Participatie is een interactief proces waarbij bewoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven, individueel of georganiseerd, een bepaalde mate van invloed krijgen op hun omgeving of op hun belangen. Het is van belang om ervaringen met participatie te delen en te evalueren met elkaar, om te experimenteren. Zo ontwikkelen we samen kaders voor participatie en benodigde speelruimte, spreken we verwachtingen uit en worden ieders rol en verantwoordelijkheid duidelijk. Waar gaat participatie over? 1. Participatie is algemene term voor meedoen, -werken, -beslissen, bewoners, partners en bedrijven met de gemeente en andersom. 2. Er zijn verschillende (werk)vormen van participatie, off- en online. 3. Participatie(niveau) heeft een doel, dat bepaal en omschrijf je samen met belanghebbenden. 4. Participatie heeft o.a. betrekking op bestuurlijke besluiten. 5. Participatie houdt in dat er interactie plaatsvindt tussen de organisatie die het besluit neemt en bewoners /bedrijven en maatschappelijke organisaties die willen participeren. 6. Er is sprake van een georganiseerd participatieproces om bewoners en bedrijven te betrekken, dat gebeurt niet incidenteel of toevallig. 7. De participanten hebben een (vooraf) bepaalde mate van invloed op het te nemen besluit. Participatie gaat verder dan juridische inspraak.

Het is interactief, van beleidsvorming door de gemeente tot bewonersinitiatieven. Verschillende vormen van participatie staan naast elkaar, de ene vorm is niet beter dan de andere, de doelen kunnen verschillen, de uitkomsten ook. Net als veel andere gemeenten maken wij gebruik van de ‘participatieladder’. Dit instrument geeft visueel duidelijk aan welke vormen van participatie er zijn. De participatieladder heeft zes participatieniveaus: • • • • • •

Informeren Raadplegen of consulteren Adviseren Co-creëren of coproduceren (Mee)beslissen Faciliteren

4

De rol van de gemeente verandert naarmate de betrokkenheid van bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties groter wordt en er meer ruimte is voor hen om mee te denken, actief deel te nemen aan het proces, mee te beslissen of een initiatief geheel zelfstandig op te pakken. Dit geldt voor de rol van het college en de gemeenteraad, maar het vraagt ook vaardigheden en competenties van de gemeentelijke organisatie. Met andere woorden, de gemeentelijke organisatie kent een variatie in houding en gedrag: van een autoritaire houding tot en met een faciliterende houding. Dit maakt duidelijk dat participatie een georganiseerd proces is, met verschillende vormen en rollen:

Figuur 1. Participatieladder Partners & Pröpper Wanneer is participatie succesvol? Participatie is succesvol: • als belanghebbenden in beeld zijn; • het doel en gebruik van participatievorm zijn vastgesteld; • is besproken wat mogelijk bereikt zou kunnen worden middels participatieproces; • door deelnemers wordt erkend en onderschreven; • belanghebbenden gehoord zijn en worden; • uitgegaan wordt van gelijkwaardig partnerschap; • kaders duidelijk: wie of wat bepaalt; • en vooral ook, wat brengt participatie niet! Overall doel: inbedding van participatie in de manier van samenwerken sterkt je bewoners en daarmee de samenleving. Bewoners ervaren meer zeggenschap, voelen zich meer verantwoordelijk dragen meer bij. Als gemeente krijg je meer inbreng, kleur en kracht vanuit bewoners en partners, impuls aan medezeggenschap en democratie. 5

Overheidsparticipatie De participatieladder is gemaakt vanuit het idee dat inwoners participeren. Ook de overheid kan participeren. De overheidsparticipatietrap van De Raad voor Openbaar Bestuur spreekt bij burgerinitiatieven van overheidsparticipatie: bij een initiatief moet worden gekeken welke rol de overheid hierbij kan of wenst te hebben, het initiatief is dus leidend. Ook hier wordt gesteld dat dit situatie afhankelijk is. Vaak is de meest gewenste verhouding een horizontale relatie waarbij ruimte wordt gelaten aan de samenleving. De overheid bevindt zich dus laag op de ladder, maar in sommige gevallen is een hoge trede noodzakelijk, denk bijvoorbeeld aan onderwerpen als veiligheid.

De overheidsparticipatietrap kent vijf treden: 1. Loslaten: de gemeente is niet betrokken bij het proces of de inhoud van het initiatief. 2. Faciliteren: het initiatief komt niet vanuit de gemeente, maar de gemeente wil het wel mogelijk maken. 3. Stimuleren: de overheid wilt dat anderen in beweging komen, maar laat de invulling over aan de initiatiefnemer. 4. Regisseren: er zijn andere partijen die betrokken zijn, maar de overheid heeft de regie. 5. Reguleren: de overheid stelt regels vast, waardoor ze ook kunnen handhaven.

3. Quickscan De werkgroep participatie heeft in kort tijdspad een quickscan gedaan binnen de organisatie. Opbrengst van deze quickscan geeft zicht op: 3.1 Wat doen we al in Vlaardingen? 3.2 Wat kenmerkt de Vlaardingse inwoners? 3.3 Vormen en middelen 3.4 Right to Challenge – Uitdaagrecht 3.5 Organisatieontwikkeling 3.6 Ontwikkelingen in wetgeving: art. 150 Gemeentewet, Omgevingswet

3.1 Wat doen we al in Vlaardingen? Naast de volksvertegenwoordiging in de gemeenteraad, waar het college en de raadsleden dicht bij de Vlaardingers staan, zijn er diverse vormen van participatie waarbij bewoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven worden betrokken en uitgenodigd om mee te denken, hun mening te geven of om daadwerkelijk mee te doen. Onderstaande geeft, op basis van verschillende voorbeelden, een beeld op welke wijze we de verschillende vormen van participatie, in onze gemeente hanteren. Inventarisatie huidige participatie / wat gebeurt er al? 1. Informeren Bij informeren bepaalt de gemeente zelf de agenda voor besluitvorming en worden betrokkenen geïnformeerd via diverse gangbare communicatiemiddelen: bewonersbrieven, website, social media, gemeentenieuws etc.). 6

2. Raadplegen, consulteren Bij raadpleging of consultatie worden bepaalde betrokkenen gezien als gesprekspartners, waarbij hen meningen, ideeën en ervaringen worden geïnventariseerd. Deze zijn echter niet bindend. De afweging van verschillende opties ligt bij het bestuur, het college en/of de raad beslist. De betrokkenen zijn geconsulteerd. Voorbeelden: • Woonvisie (2021): Tot stand gekomen dankzij de medewerking van collega’s uit de organisatie en de regio, bewoners, diverse professionals (makelaars. zorgpartijen, architecten, ontwikkelaars), overige marktpartijen en woningcorporaties. Er is gebruik gemaakt van digitale dialoogsessies, wekelijkse vragen in krant en op website, interviews en een enquête via het internetpanel. Daarnaast zijn er in de stad, bij Vlaardingers uit verschillende wijken, woonverhalen opgehaald om inzicht te krijgen in beleving en wensen. • Toekomstvisie Vlaardingen (2019) • Enquête wel of geen betaald parkeren in de wijken VOP en Oostwijk (2021) 3. Adviseren Betrokkenen worden actief benaderd om met voorstellen te komen of om oplossingen aan te dragen. Het bestuur verbindt zich in principe aan de resultaten maar kan bij de uiteindelijke besluitvorming, beargumenteerd, afwijken van de aangedragen voorstellen of oplossingen. De rol van de betrokkenen is die van adviseur.

De mate van betrokkenheid bij de besluitvorming (vooraf) en de mate van betrokkenheid tijdens de besluitvorming kan hierbij nog variëren. Voorbeelden: • Droomwijk Oostwijk • Ophoging Holy-Noord • Vlaardingen Regenboogstad : samenwerking met onder andere KADE40, de Kroepoekfabriek en COC Rotterdam waarbij de verschillende partijen gevraagd wordt om met concrete voorstellen te komen om het thema inclusiviteit op de agenda te zetten. 4. Meebeslissen Betrokkenen beslissen (vaak binnen vastgestelde en gedeelde kaders) mee en hebben daarbij grote invloed op de uitkomst van besluitvorming (of uitvoering etc.), bijvoorbeeld via stemming. De gemeente is hierbij, vooraf, kaderstellend en, achteraf, controlerend / toetsend. Voorbeeld: • Inzet van wijkbudgetten • Nieuwe Thuis (boomkeuze, 2021) • Nieuw stadhuis (Westnieuwland) 5. Co-creëren, co-produceren De gemeente werkt samen met betrokkenen, bepaalt samen de agenda en zoekt samen naar oplossingen. Formeel beslist het gemeentebestuur maar die verbindt zich aan de oplossingen in de besluitvorming. De betrokkenen zijn samenwerkingspartners en zitten vaak al in een vroeg stadium aan tafel om mee te denken over uitgangspunten, een plan of ontwerp. Zij dragen zo bij aan (wettelijke) taken van de gemeente.

Voorbeeld: • Het Vlaardings Energie Collectief die zich inzet voor het behalen van de milieudoelstelling (CO2 verminderen, energie transitie). • Tegel eruit, groen erin! Op verzoek van bewoners meegedaan met landelijke actie (2021). • Opschoon acties in de Oostwijk, Westwijk • Aanpak Aandachtsgebieden • Duurzaam op Dreef (energietransitie)

7

• •

• • •

•

MVS Jeugdmodel: De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam (MVS) willen samen met jeugdhulpprofessionals, cliënten, huisartsen, instellingen en scholen de kwaliteit van de jeugdhulp verbeteren door de jeugdhulp dichterbij het kind en het gezin te organiseren. Platform Opgroeien in Vlaardingen: Opgroeieninvlaardingen.nl is een samenwerking van de gemeente Vlaardingen en organisaties die betrokken zijn bij de opvoeding en ontwikkeling, onderwijs, kinderopvang, gezondheid en zorg voor kinderen in Vlaardingen. In video's geven de professionals in Vlaardingen antwoord op vragen van ouders. Convenant Woonzorgplekken: DSW, gemeente Vlaardingen en Waterweg Wonen: om de druk op de ouderenzorg te verminderen, willen partijen het aantal plekken in verpleeg/verzorgingshuizen uitbreiden + nieuwe woonoplossingen realiseren voor ouderen met een zorgbehoefte. Zorg Innovatie Academie: De Zorg Innovatie Academie is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Maassluis, Vlaardingen, Schiedam (MVS) en zorg- en onderwijsinstellingen in de regio. Schuldenlab: samenwerking van publieke en private partijen, met als doel het terugdringen van de schuldenproblematiek. Onder andere DSW, Randstad, Facilicom, Wijkteams, Waterweg Wonen, Humanitas, Schuldhulpmaatje en De Regionale Belastingroep.

Kennis en ervaring van projecten wordt met elkaar gedeeld en er worden innovatieve projecten ontwikkeld en uitgevoerd, die eraan bijdragen om inwoners ’schuldenzorgvrij’ te krijgen Jongerenproject Local Future Collective: de gemeente heeft in maart De Kroepoekfabriek de opdracht gegeven om samen met Vlaardingse (jongeren)organisaties een project te starten met jongeren. Doel hiervan was in gesprek te gaan met jongeren en jongeren die het moeilijk hebben vanwege corona te ondersteunen. Op de langere termijn is het doel van het project om jongeren (meer) te betrekken bij het vinden van oplossingen voor allerlei maatschappelijke problemen in hun eigen stad. Jongeren hebben en krijgen immers in de toekomst te maken met ontwikkelingen, plannen en besluiten die nu genomen worden. Voorjaar 2022 wordt een ‘Vlaardingen Youth Summit’ in de Stadsgehoorzaal georganiseerd.

6. Faciliteren bewonersinitiatieven De bewoner(s), bedrijven of maatschappelijke organisaties zijn de initiatiefnemers en beslissers (of eigenaren / bevoegd gezag). De gemeente kan hierbij de facilitator of activator zijn door de initiatiefnemer bij de uitvoering van de plannen, die goed aansluiten op het beleid, doelen of ambitie van de gemeente, te ondersteunen met financiën, tijd, deskundigheid of materiaal. De gemeente bewaakt hierbij haar eigen kaders (en wetgeving) en houdt het algemeen maatschappelijk belang voor ogen. Voorbeeld: • Bewonersinitiatief Bleekstraat (ontwerp, beheer en onderhoud plantsoen / waterberging); Basisschool ’t Visnet (vergroenen schoolplein met subsidie gemeente) • Wijkdeals: groenonderhoud door bewoners, fietstrommel • Wijkonderneming Babberspolder • Kerstactie bewoners (geld om wat doen met de straat) • Diverse bouwontwikkelingen waarbij bestaande bedrijfsgebouwen worden omgevormd tot woningen, waarbij marktpartijen bijdragen aan de regionale woningopgave. • Evenementen waar de gemeente een (financiële) bedrage levert: Vlaardingse Haring en bier wandeltocht, Zomerterras, Winterterras Gemiste kansen: •

De Burger Meester: Mooi vormgegeven participatietraject waarbij vooraf niet goed was afgestemd qua verwachtingsmanagement en de daarbij benodigde capaciteit. Door onduidelijke kaders en opbrengst aan ideeën van een beperkt aantal mensen is dit initiatief een stille dood gestorven.

•

Nieuwe stadhuis: De Vlaardingers mochten een keuze maken tussen renovatie of nieuwbouw aan de hand van een maquette voor een nieuw (gedeelte) stadhuis. Veel Vlaardingers brachten hun stem uit maar het toenmalige college koos uiteindelijk iets anders. Ook hierin ging het mis qua verwachtingsmanagement en duidelijke kaders.

8

3.2 Wat kenmerkt Vlaardingse inwoners Om Vlaardingers te bereiken moeten we weten wat hen drijft. Wat kenmerkt de samenleving van Vlaardingen? Er heerst een hoge mate van schouders eronder, en trots op de stad. Maar er zijn ook grote groepen die op dit moment slecht tot niet bereikt worden om mee te denken over onze stad. Het is interessant om te onderzoeken wat de profielen per wijk zijn. Hoe ziet het bewonersprofiel eruit en op welke manier kunnen we hen bereiken? Aanbevelingen: • Onderzoek doelgroepenprofielen en pas je participatiemethode daarop aan.

3.3 Vormen en middelen We hebben afgelopen jaren veelvuldig participatie toegepast om te komen tot nieuw beleid, voor plannen en projecten. We passen verschillende niveaus van participatie toe. Daarbij gaan we verder dan alleen informeren en het stellen van vragen. In steeds meer situaties werken we samen. Voorbeelden van samenwerking tussen gemeenten, partners en inwoners zijn de Aandachtsgebieden, de Woonvisie, nieuwe cultuurnota, de bouwprojecten in de stad en zelfbeheer in de buitenruimte. Er zijn ‘tools’ beschikbaar voor de inzet van participatie en er is een intern platform op intranet met informatie voor alle collega’s. Ook is participatie als onderdeel opgenomen binnen het proces voor college- en raadsvoorstellen. Is onze beschikbare informatie nog up-to-date en zijn we tevreden hoe participatie nu is opgenomen in het APO-proces? Tijdsens de coronapandemie is gebleken dat we op een goede en efficiënte wijze nieuwe manieren hebben gevonden om ons werk te blijven doen, verbinding te zoeken en participatie toe te passen. Hierbij hebben we op inventieve wijze nieuwe technieken en werkvormen gebruikt, zoals bijvoorbeeld de digitale overleggen, informatiebijeenkomsten en enquêtes. Dit heeft onze ogen geopend. De ontwikkelingen gaan snel op dit vlak en hier is nog veel te ontdekken.

De coronapandemie heeft gezorgd dat we binnen onze organisatie weten hoe we nu en in de toekomst willen gaan werken. De kaders daarvoor zijn vastgelegd in de onlangs vastgestelde regeling en overeenkomst hybride werken. Verder zien we dat er binnen de organisatie behoefte is aan duidelijkheid over de te maken keuzes, hoe we op participatie inzetten, hoe we daarbij samenwerken en de technische mogelijkheden en werkvormen in de uitvoering ervan. Conclusies: 1. Bij het behouden en versterken van bestaande participatiemethoden, en het invoeren van nieuwe vormen van participatie, moet er wel gekeken worden of deze een toegevoegde waarde hebben voor de efficiënte uitvoering van de gemeentelijke taken. Participatie vergt relatief veel ambtelijke capaciteit. Bij participatietrajecten dient er daarnaast vooraf een helder en realistisch verwachtingspatroon geschetst te worden (bijvoorbeeld over de beschikbare middelen) zodat er geen verkeerde verwachtingen worden gewekt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat in de afgelopen jaren vooraf niet goed is afgestemd en gecommuniceerd over verwachtingen en heldere kaders waarbinnen de participatie kon plaatsvinden. 2. De gemeente Vlaardingen blijft voor het bepalen van het participatieniveau (vorm) gebruikmaken van de treden van de participatieladder. Wij volgen daarbij een door de VNG ontwikkeld model. 3.

Zeker bij het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen liggen kansen om beter met elkaar samen te werken. Daarbij moeten we gebruik maken van de ontwikkelingen, nieuwe mogelijkheden die we kunnen toepassen. Dat wil niet zeggen dat de bestaande participatiemethoden, zoals inspraakavonden, niet goed functioneren. Integendeel: bestaande manieren worden behouden en versterkt en nieuwe manieren worden, bij gebleken succes, waar mogelijk ingevoerd.

9

Aanbevelingen: 1. Meer informatie, richtlijnen en handelingsperspectief voor afwegingskader participatie: waarom participatie (doel), met wie (actorenanalyse), wanneer (planning) en hoe (vorm, middelen, capaciteit/expertise, financiën). 2. Opstarten Quick Scan Lokale Democratie: De Quick Scan Lokale Democratie wordt als methodiek aangeboden door het ministerie BZK en de VNG. Het is een digitaal instrument, waarbij inwoners, gemeenteraad, college van burgemeester en wethouders en ambtenaren worden bevraagd en dat naast een rapportage ook een verbeteragenda voor de gemeente oplevert. Deze verbeteragenda wordt onderdeel van het uitvoeringsprogramma 2021 en verder. 3. Wanneer helder is waarom, met wie en wanneer de participatie plaatsvindt, kies je de participatiemiddelen, werkvormen en communicatiemiddelen. De keuze voor de middelen is afhankelijk van welk doel je hebt met participatie, wie deelneemt aan het proces en de fase waarin je je bevindt. Maar ook de schaal van het programma of project, de tijdsinvestering en kosten bepalen de inzet van instrumenten die gehanteerd wordt om inwoners te betrekken. Uiteraard kunnen verschillende instrumenten gecombineerd worden of in verschillende fasen van een project toegepast worden. De instrumenten voor participatie veranderen, er komen nieuwe bij en andere worden nauwelijks meer gebruikt.

Naast de traditionele middelen (zoals een bewonersbrief, informatieavond en/of klankbordgroep) kun je ook denken aan meer vernieuwende middelen, zoals een peiling via de website of social media, een internetpanel, een digitaal debat, webinar om andere doelgroepen te bereiken en meer opbrengst te krijgen. 4. Meer experimenteren met nieuwe mogelijkheden, toepassen van de juiste mix van vormen en middelen tijdens gehele proces.

10

3.4 Right to Challenge (Uitdaagrecht) Right to Challenge (wij geven de voorkeur aan de benaming Uitdaagrecht) staat voor ‘het Recht om Uit te dagen’. De kern van de aanpak is dat een groep (georganiseerde) bewoners taken van gemeenten kunnen overnemen als zij denken dat het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kan. De relatie tussen overheid en bewoners verandert met het Uitdaagrecht in de relatie opdrachtgeveropdrachtnemer.

Bron: Righttochallenge.nl

Randvoorwaarde: It takes two to tango Openstaan voor participatie werkt twee kanten op: het vraagt van de gemeente een open, uitnodigende, proactieve en responsieve houding, bereidheid tot samenwerken, delen van informatie, data en middelen en het vraagt interesse, inzet, tijd en energie van bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. In Vlaardingen hebben we het Uitdaagrecht niet officieel geregeld maar kennen we het fenomeen uit de praktijk: • De Federatie Broekpolder is een ultiem voorbeeld van het uitdagen van een lokaal bestuur. De gemeente Vlaardingen is destijds uitgedaagd door bewoners die, met het behoud van de Broekpolder als recreatiegebied als doel, zelf het bestuur van dit gebied op zich hebben genomen. De gemeente participeert als gelijkwaardige partner in het bestuur. • Het VEC/ Windvogel gaat twee windturbines aan het Scheur / Oeverbos realiseren. Het VEC is een bewonersinitiatief dat is ontstaan naar aanleiding van bijeenkomsten over energietransitie. Zij dagen niet alleen de gemeente uit om vaart te maken met energietransitie maar ook de Vlaardingers. • De overname van de inrichting van park ‘t Nieuwelant door de wijkonderneming die zelf met financiële middelen het landschappelijk plan en de inrichting vorm heeft gegeven. Met betrekking tot het Uitdaagrecht, worden landelijk wijzigingen in de Gemeentewet, artikel 150, voorbereid.

Voor meer informatie over de voorgenomen wijzigingen, zie pagina 13. 11

3.5 Organisatieontwikkeling De ontwikkelingen in onze Vlaardingse gemeenschap houden gelijke tred met de landelijke. Altijd in beweging, complex en divers. Als lokale overheid wil je mee in deze beweging, door te doen wat nodig is (opgavegericht), waarvoor je verantwoordelijk bent (procesgericht) en door dat op flexibele wendbare wijze te doen. Namelijk door onze organisatie voortdurend te ontwikkelen langs de lijn die wordt gevraagd, participatief: kernwoorden daarbij zijn ’Samen en meedoen’. Zowel werken aan participatie als aan een organisatie in ontwikkeling is niet nieuw, maar vraagt wel voortdurend aandacht, focus om samenhang te creëren en dat wat we doen eigenlijk iedere keer beter te doen. De visie van de organisatie geeft aan welk doel we nastreven (waar gaan we voor?). Onze missie vertelt hoe we dat willen bereiken (waar staan we voor?). Missie: Vlaardingen wérkt. Samen Visie: De gemeentelijke organisatie wil werken vanuit de Vlaardingse essentie, op resultaatgerichte en open wijze, met oog voor toekomstige ontwikkelingen. Kernwaarden: Samen, Professioneel, Leren, Trots Sturingsprincipes • Verantwoordelijkheid nemen • Opgavegericht • Omgevingsgericht • Samenwerken • Lerende mensen Op alle vlakken hebben we binnen en buiten de gemeentelijke organisatie met participatie te maken.

De inzet op grote maatschappelijke vraagstukken, de organisatieontwikkeling die is ingezet, de gemeente overstijgende aanpak. Geen van deze thema’s is nog op te pakken zonder dat met en voor elkaar te doen. Dit vraagt binnen onze organisatie dan ook integraal kennis, kunde en eigenaarschap om op deze wijze te kunnen werken aan onze doelen (lett. focus ligt op het Herstelplan). De herijking en uitvoering van participatie draagt overkoepelend bij aan de doelen die in het Herstelplan zijn opgenomen. Denk bijvoorbeeld aan de aandachtsgebieden en op het gebied van wonen (woonvisie/bouwprojecten). Door aan de voorkant goed en duidelijk participatie in onze organisatie in te bedden, zal de gehele organisatie hier profijt van hebben. Investeren en ontwikkelen op het gebied van participatie draagt integraal bij aan de missie, visie en de kernwaarden van de gemeentelijke organisatie. Wie en hoe? Iedereen. Over de volle breedte van je organisatie en daarbuiten. De bedoeling helder, het waarom, het raakt elk thema en elke actie in meer of mindere mate. Dat betekent niet dat je het als mens, team of organisatie ook meteen kan en kan toepassen. Dat moeten we leren. Leren door: - Doen - De organisatie erop aan te passen - Op te leiden Conclusies: 1. Participatie is niet zomaar een truc, je past het toe en dan is het er. Participatie is (mee (laten) doen).

Participatief werken is een staat van ‘zijn’. Het mag in je DNA gaan postvatten. Weg van het ’wij-zij’ principe en meer naar het wij. Maar wat is ‘wij’? We zijn als overheid niet meer spokesman van de zwijgende meerderheid. Je wilt het niet alleen samen doen, maar ook samen beleven en er achter kunnen staan. 2. Hoe we omgaan met participatie in Vlaardingen is iets wat voor de hele gemeentelijke organisatie, het bestuur en natuurlijk alle Vlaardingers belangrijk is. De samenhang maakt dat we de 12

3.

4. 5. 6. 7.

onderwerpen krachtiger en efficiënter kunnen oppakken. Dit past ook goed binnen de organisatiedoelstelling om integraal en opgavegericht te werken. Scherper vooraf bepalen participatieniveau: vroegtijdig bepalen en inregelen wanneer wel/geen participatie toepassen en wanneer kies je voor welke vorm en toepassing. Sturing op verwachtingsniveau en draagvlak. Voorbeeld is het adviesproces (APO-proces). In het adviestraject is rekening gehouden met een onderdeel participatie. Hier ligt geen duidelijke maatstaf. Vaak geeft de input geen volledig beeld in de opties voor het toepassen van participatie: o.a. doeltreffendheid, betrokken actoren, welke participatievormen en middelen, de impact in tijd en kosten. Rolverdeling: Wat moeten collega’s weten en regelen, waarvoor kunnen ze terecht bij collega’s die hierbij adviserend en uitvoerend kunnen helpen. Naast de interne online toolkit, is er geen duidelijke richtlijn, afwegingskader, vraagbaak voor vraagbaak voor advies en hulp. Blijven ontwikkelen: Als aanvulling op wat we weten en ter beschikking hebben. Het is belangrijk om mee te gaan in alle ontwikkelingen. Meer kennis, kunde en tools zijn gewenst. Dit sluit aan bij de kernwaarden: samen, professioneel, leren en trots.

Beleidscyclus: periodiek evalueren en bijstellen op zowel ervaringen als ontwikkelingen/innovaties Hoe we omgaan met participatie in Vlaardingen is iets wat voor de hele gemeentelijke organisatie, het bestuur en natuurlijk alle Vlaardingers belangrijk is. De samenhang maakt dat we deze onderwerpen krachtiger en efficiënter kunnen oppakken. Dit past ook goed binnen de organisatiedoelstelling om integraal en opgavegericht te werken.

Aanbeveling: 1. Pakket aan werkvormen, middelen en afwegingscriteria 2. Herziening toolkit – checklist APO-proces: duidelijkheid over wat moet worden meegenomen in het advies.

13

3.6 Ontwikkelingen in wetgeving Er zijn landelijk ontwikkelingen gaande in wetgeving vanuit de Overheid. Hierbij zal de gemeente haar participatiebeleid en de uitvoering daarvan moet aanpassen: Wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau De ministerraad heeft vorig jaar op voorstel van minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ingestemd met het wetsvoorstel ‘Versterking participatie op decentraal niveau’. Deze wet past artikel 150 van de Gemeentewet aan. Het doel van het wetsvoorstel is de betrokkenheid van inwoners bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid vergroten. Ook wordt het uitdaagrecht, als specifieke vorm van participatie, wettelijk verankerd. Naar verwachting treedt deze wet in 2022 in werking. Wijziging Gemeentewet: van inspraakverordening naar participatieverordening De Gemeentewet verbreedt inspraak bij voorgenomen beleid naar participatie bij voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid en projecten. Vanwege deze verbreding is niet langer sprake van een inspraakverordening maar van een participatieverordening. Gemeenten moeten het uitdaagrecht vastleggen in een nieuwe participatieverordening Het uitdaagrecht is een specifieke vorm van participatie in de uitvoeringsfase. Gemeenten moeten aangeven of en hoe inwoners van dit recht gebruik kunnen gaan maken.

De Omgevingswet verplicht ons om participatiebeleid te maken en participatie te organiseren De Omgevingswet probeert participatie een vanzelfsprekend onderdeel van processen te maken. Initiatiefnemers moeten bij hun aanvraag aangeven of en zo ja, hoe ze participatie hebben vormgegeven. De gemeenteraad kan gevallen aanwijzen waarbij participatie door de initiatiefnemer verplicht is. De Eerste Kamer heeft in februari 2020 de motie Nooren aangenomen, die gemeenten (en provincies en waterschappen) verplicht participatiebeleid te hebben. Het liefst voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2022. In participatiebeleid geven we als gemeente aan hoe we zelf omgaan met participatie en wat we van inwoners en andere initiatiefnemers verwachten. De Omgevingswet wil meer ruimte voor ideeën van initiatiefnemers en voor lokale afwegingen Daarin wegen de belangen van betrokkenen nadrukkelijk mee. Betrokkenen 'doen mee en laten van zich horen'. De Omgevingswet onderscheidt: - overheidsparticipatie bij initiatieven uit de samenleving; - participatie bij het maken van de omgevingsvisie en het omgevingsplan, en - participatie bij de behandeling van initiatieven en vergunningaanvragen. Meer informatie over bovenstaande wijzigingen in wetgeving is in de bijlagen opgenomen: • •

Toelichting wijziging artikel 150 Gemeentewet Toelichting Omgevingswet

p. 16 p. 17

14

4. Programma 2022 en verder Er wordt al veel ondernomen op het gebied van participatie. Maar we zien de mogelijkheden en willen doorontwikkelen. Meer contact en samenwerking met de Vlaardingers. In lijn met de organisatieontwikkelingen pakken wij in 2022 met dit programma integraal door in de doorontwikkeling van participatie. Hierbij betrekken we de Vlaardingers, de gemeenteraad, het college en de organisatie. Om participatie goed in te bedden in de stad, is het onderdeel voor het komende coalitieprogramma. Voorstel is om de quickscan mee te nemen in het inwerkprogramma van de (nieuwe) raadsleden, zodat er meteen betrokkenheid word gecreëerd.

Doelen Hiermee zetten we een volgende stap in het integraal benaderen van participatie. Hoe we omgaan met participatie in Vlaardingen is iets wat voor de hele gemeentelijke organisatie, het bestuur en natuurlijk alle Vlaardingers belangrijk is. De samenhang maakt dat we deze onderwerpen krachtiger en efficiënter kunnen oppakken. Dit past ook goed binnen de organisatiedoelstelling om integraal en opgavegericht te werken. Met de uitkomst van dit voorstel is ons participatiebeleid goed en toekomstig ingeregeld We versterken de lokale democratie met een praktische aanpak die past bij gemeente Vlaardingen. Met duidelijke afspraken en richtlijnen voor participatie: zowel voor de gemeente als voor initiatiefnemers. Duidelijkheid over ‘waarom’ we met participatie de lokale democratie willen versterken. Democratie is veel breder dan 'politiek'. Ook in Vlaardingen experimenteren we volop met nieuwe vormen van participatie door inwoners actief bij beleidsontwikkeling en besluitvorming te betrekken. Waarom doen we dat? Wat is onze motivatie? Welke democratische kernwaarden vinden we belangrijk? Duidelijkheid over ‘hoe’ we met participatie de lokale democratie willen versterken. Wat zien we als onze rol? En hoe zien we de rol van de ander? Een specifiek aandachtspunt daarbij is de rol en de positie van de gemeenteraad.

Hoe gaan representatieve en participatieve democratie en maatschappelijke democratie samen?

Aanbevelingen en acties: Intern: 1. Vervolg onderzoek participatie: start programma Quick Scan Lokale Democratie 2. Bestuurlijk kaderstelling participatie met college + raad (n.a.v. 1) 3. Vervolgopdracht participatie 4. Organiseren van participatie binnen organisatie: 5. Inregelen processen binnen gemeentelijke organisatie o.a. APO checklist/beslisboom participatie: welke informatie en keuzes moeten worden meegenomen aan de voorkant van het (advies)proces. 6. Nulmeting gewenste competenties / vaardigheden interne organisatie 7. Kennissessie(s) medewerkers (participatief werken), in samenhang met organisatieontwikkelingen 8. Kennissessie(s) (nieuw) college 9. Herziening/update toolkit participatie 10. Werving en training (interne) facilitatorpool 11. Werkgroep digitale toepassingen participatie (voor onderzoek naar nieuwe/betere tools voor intern en/of extern gebruik). 12. Evaluatie: cyclische evaluatie van voortgang, voorbeelden, kansen en verbeterpunten

15

Extern 1. Vervolg onderzoek participatie via programma Quick Scan Lokale Democratie, formering werkgroep: organisatie, raad, Vlaardingers. 2. Onderzoek doelgroepenprofielen en toepasbaarheid participatiemethoden. 3. Opstarten werkgroep Uitdaagrecht: onderzoeken behoefte en mogelijke werkvelden / terreinen, omvorming van inspraakverordening naar participatieverordening (mits mogelijk in combinatie met punt 1). 4. Verbeteren informatie website. 5. Ontwikkelen online toolkit participatie (verwachtingsmanagement, handelingsperspectief). 6. Participatieprikkels → voorbeelden op website etc. (o.a. invoering omgevingswet) 7. Participatiegids: bijeenbrengen wat we al hebben: groenonderhoud door bewoners, wijkdeals, diverse subsidieregelingen ter ondersteuning (kunst & cultuur, klimaatsubsidie, groene schoolpleinen etc.). Financieel Voor de kosten van (burger)participatie is bewust geen apart budget opgenomen in de gemeentebegroting. Participatie is een onderdeel van ieders werk, van iedere reguliere taak en ieder project of programma. De benodigde personele en financiële middelen dienen dan ook nadrukkelijk onderdeel uit te maken van de vastgestelde ramingen. Ter ondersteuning en toetsing daarvan is bij college- en raadsvoorstellen dan ook participatie als onderdeel opgenomen.

Daarin moet in de toekomst meer specifiek worden aangegeven welk doel de participatie dient, welke vorm van participatie wordt toegepast, welke middelen daarmee gemoeid zijn en wat dit aan inzet en kosten meebrengt. Ook dit mede vanuit het oogpunt van verwachtingenmanagement en kostenbeheersing. Om in 2022 te kunnen starten met het organiseren en de uitvoering van het programma participatie maken we voor 2022 gebruik van het huidige algemene budget participatie. De voortgangsrapportage en de Kadernota 2023 bieden mogelijkheid voor uitvraag naar budget voor het programma in 2023 en het structureel benodigde budget voor participatie voor aankomende jaren.

16

Bijlagen 1. Voorgenomen wijziging Gemeentewet, artikel 150 In de Gemeentewet is vastgelegd hoe het bestuur van de gemeente is geregeld. Twee artikelen in deze wet zijn specifiek van belang voor de context van participatie. Dit zijn artikel 149 en 150. De wettelijke teksten van deze artikelen luiden als volgt: Art. 149: De raad maakt de verordeningen die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt. Art. 150: 1. De raad stelt een verordening vast waarin regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken. Art .150: 2. De in het eerste lid bedoelde inspraak wordt verleend door toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, voor zover in de verordening niet anders is bepaald. In deze verordening moet aangegeven zijn hoe wettelijk verplichte participatie in de vorm van inspraak is geregeld, met bijbehorende termijnen. Naast deze inspraak bestaan ook nog wettelijk vastgelegde vormen van inspraak bij gemeenteraadsvergaderingen en het recht op petitie (Grondwet, artikel 5). Op dit moment (eind 2021) is al enige tijd sprake van een voorgestelde wetswijziging van artikel 150 van de Gemeentewet. De verwachting is dat deze wetswijziging door het parlement wordt bekrachtigd, maar hiervan is nog geen sprake.

Zodra dit gebeurt, heeft dit ook impact op de inspraakverordening, die dan dient te worden omgezet in een participatieverordening. Zodra de voorgestelde wijziging van artikel 150 in werking treedt, gaat participatie niet alleen meer over voorbereiding van beleid, maar ook over uitvoering en evaluatie hiervan. Naast de verplichting voor gemeenten om naar aanleiding hiervan een inspraakverordening om te zetten in een participatieverordening, is in het wetsvoorstel een extra lid aan het artikel toegevoegd: 3. In de verordening kunnen voorwaarden worden bepaald waaronder ingezetenen en maatschappelijke partijen de volgende taken van het gemeentebestuur kunnen uitvoeren: a. taken inzake de huishouding van de gemeente waarvan de raad de uitvoering aan het gemeentebestuur heeft opgedragen; b. taken waarvan de uitvoering bij of krachtens een andere dan deze wet aan het gemeentebestuur is opgedragen, voor zover de uitvoering van de taak door een ander dan het gemeentebestuur met het bij of krachtens die wet bepaalde niet in strijd is. Het doel van deze aanvulling is het wettelijk vastleggen van het Uitdaagrecht (Right to Challenge). Dit betekent dat inwoners, verenigingen of stichtingen taken van de gemeente – onder voorwaarden die zijn benoemd in de verordening – kunnen overnemen als ze denken dat het beter, slimmer of efficiënter kan.

Bijvoorbeeld het onderhoud van groen in de buurt of het beheren van een lokaal zwembad. Aanbeveling voor Vlaardingen over Uitdaagrecht: • In 2022 onderzoeken of er behoefte is voor het Uitdaagrecht: voor wie, hoe zorgen we ervoor dat iedereen mee kan doen en op welke onderwerpen? • Kennis ophalen bij gemeenten over hun ervaring en aanpak met het Uitdaagrecht. • Omvorming van inspraakverordening naar participatieverordening. • Informatie en handelingsperspectief voor initiatiefnemers op gemeentelijke website, voor ambtelijke organisatie op digitale toolkit participatie.

17

2. Toelichting Omgevingswet De verwachting is dat per 1 juli 2022 de nieuwe wet Omgevingswet van kracht is, met daarin regels over wat kan en mag in de fysieke leefomgeving waarin we werken, wonen en recreëren. Het vroegtijdig betrekken van inwoners en ondernemers is in deze wet een belangrijk, wettelijk vastgelegd aspect. Iedereen heeft immers expertise om in te brengen, die kan bijdragen aan de kwaliteit van een besluit. In de Omgevingswet staan regels en richtlijnen over participatie, bijvoorbeeld: wanneer passen we het toe, en wie is verantwoordelijk. Hoe participatie wordt ingevuld, laat de Omgevingswet vrij. Hierdoor is ruimte voor maatwerk en lokale invulling. De Omgevingswet wil meer ruimte geven voor ideeën van initiatiefnemers en voor lokale afwegingen. Daarin wegen de belangen van betrokkenen nadrukkelijk mee. Die betrokkenen doen mee en laten van zich horen: participatie. Bij participatie in het kader van de Omgevingswet is het van belang om onderscheid te maken tussen: •

Participatie om als gemeente aangesloten te zijn op initiatieven in ‘de energieke samenleving’: ‘overheidsparticipatie’ De gemeente weet wat er leeft in de samenleving en kent ideeën voor initiatieven in een vroeg stadium. Zo kan ze bepalen welke rol zij daarbij wil spelen.

•

Participatie bij het maken van de omgevingsvisie en het omgevingsplan Ideeën ophalen of in co-creatie een visie of een plan ontwikkelen. Vanuit de wet geldt een kennisgevings- en een motiveringsplicht bij de omgevingsvisie en het omgevingsplan: het bevoegd gezag geeft bij de kennisgeving van een besluit aan hoe de participatie wordt vormgegeven en het bevoegd gezag geeft bij de vaststelling van het besluit aan hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen zijn betrokken bij de voorbereiding en wat de resultaten daarvan zijn (motivering).

•

Participatie bij de behandeling van initiatieven en vergunningaanvragen Hierbij gaat het om het horen en zorgvuldig afwegen van de belangen van de direct betrokkenen bij het initiatief. Bij het indienen van een vergunningaanvraag krijgt de initiatiefnemer te maken met de aanvraagvereiste participatie. Hierbij geeft de initiatiefnemer of, en zo ja hoe, burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. De motiveringsplicht en kennisgeving stimuleren het bevoegd gezag tot participatie, de aanvraagvereiste stimuleert de initiatiefnemer tot participatie. Dit staat in onderstaande figuur weergegeven.

18

Omgevingswet in Vlaardingen Vooruitlopend op de Omgevingswet is de gemeente Vlaardingen medio 2021 gestart met een intaketafel: een proces waarin initiatieven uit de samenleving voordat het vergunningentraject opstart, integraal worden onderzocht op kansen en mogelijkheden. Per 1 juli 2022 is de gemeente er klaar voor en werkt vanaf dat moment al in de gedachte van de Omgevingswet. Aanbeveling in het kader van de Omgevingswet: • Met het programma Omgevingswet wordt de invoering van de Omgevingswet voorbereid. Dit programma zal ook in 2022 aandacht vragen van de organisatie. Nieuw beleid voor participatie moet in samenhang met invoering van de Omgevingswet. • Onderzoek de mogelijkheden om brede(re) participatie bij nieuwe initiatieven, bijvoorbeeld via een omgevingstafel waarin mensen met andere belangen meedenken met een initiatiefnemer. • Onderzoek in hoeverre medewerkers de gewenste / benodigde competenties hebben, persoonlijke ontwikkeling en/of ontwikkeling in teamverband nodig is.

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10968458/1