RM Toelichting bij gemeentelijke belastingverordeningen 2023
Tekst van het document
Bedrijfsvoering
RAADSMEMO Aan
De gemeenteraad van Vlaardingen Portefeuillehouder
B.T. Bikkers Onderwerp
Raadsmemo toelichting belastingverordeningen 2023 Datum
Registratienummer
8 november 2022
1921031
Aantal bijlagen
Geachte leden van de raad, In dit raadsmemo ontvangt u een toelichting op de voorgestelde belastingverordeningen 2023, zoals opgenomen in ons Raadsvoorstel tot het vaststellen van de gemeentelijke belastingverordeningen 2023 (registratienummer 1920087) . Over de hoogte van de meeste tarieven 2023 heeft u in de begrotingsvergadering reeds een besluit genomen. Onroerende-zaakbelastingen (OZB) De hoogte van de onroerende-zaakbelastingen wordt berekend als een percentage van de waarde van de onroerende zaak. De waarde van alle onroerende zaken wordt jaarlijks vastgesteld met als waardepeildatum 1 januari van het voorafgaande jaar. Alle onroerende zaken worden of zijn getaxeerd naar de waardepeildatum 1 januari 2022. Gelet op het tijdstip waarop de ozb-tarievenpercentages moeten worden vastgesteld en de tijd die nodig is van concept tot raadsbehandeling, betekent het dat de tarieven berusten op een weloverwogen schatting, omdat de herwaardering nog niet volledig is afgerond. Omdat de hoogte van de onroerende-zaakbelastingen een combinatie is van de waarde en het tarief, is het niet mogelijk het gemeentelijke tarievenbeleid rechtstreeks toe te passen op het tarief, omdat bij de berekening rekening gehouden moet worden met de wijzigingen in de waarde. Daarom is ervoor gekozen om de totale ozb opbrengsten als uitgangspunt te nemen.
Op basis van de hierboven bedoelde weloverwogen schatting van de waarde zijn de tarieven zo berekend dat de totale te verwachten opbrengst van de onroerende-zaakbelastingen overeenkomt met de in de begroting opgenomen opbrengst. Bij de berekening van deze totale opbrengst is rekening gehouden met de vastgestelde indexering met 1,5% vermeerderd met een verhoging van 3% zoals eerder is overeengekomen. Dit betekent dat de tarieven worden gecorrigeerd naar rato van de veranderingen in het waardebestand. Naar verwachting zullen de woningen gemiddeld 13,2% in waarde stijgen en zal de waarde van de nietwoningen met gemiddeld 5,45% dalen. In de tarieven van de niet-woningen is een extra opslag berekend voor de voeding van het -.
Op basis van bovenstaande berekeningswijze luiden de tarievenpercentages 2023 als volgt: OZB eigendom woningen 0,1191% (2022: 0,1286%); OZB eigendom niet-woningen 0,8060% (2022: 0,7297%). Reinigingsheffingen Deze verordening omvat de onderdelen afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. 1.afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing maakt onderdeel uit van de woonlasten. De tarieven zijn gebaseerd op de gewenste opbrengst in combinatie met het aantal huishoudens. Deze heffing wordt verhoogd met 1,5%. De tarieven afvalstoffenheffing 2023 luiden: Meerpersoonshui 2.reinigingsrechten In verband met de kostendekkendheid worden de reinigingsrechten verhoogd met de algemene prijsstijging van 1,5%. Rioolheffing Voor het beheer en onderhoud geldt het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP). Hierin worden onder andere de kosten opgenomen die door middel van een rioolheffing worden gedekt. De daling wordt voornamelijk veroorzaakt door een dalende omslagrente op de kapitaallasten. De tarieven gebruikersdeel voor 2023 worden verhoogd met 1,5%. Leges De legestarieven zijn verhoogd met 1,5%, met de navolgende uitzondering. De wettelijke tarieven worden tot het maximum verhoogd. Ten tijde van het opstellen van dit voorstel zijn enkele wettelijke tarieven (reisdocumenten) nog niet officieel bekend. In de tarieventabel zijn hiervoor daarom de voorlopige maximumtarieven van het Rijk opgenomen.
De verwachting is dat deze tarieven niet zullen wijzigen. Indien dit wel het geval is, zal er een wijzigingsverordening volgen. Precariobelasting Hier is de inflatiecorrectie van 1,5% toegepast. Havengeld bestaat uit de verordeningen: 1. havengeld pleziervaartuigen, recreatieve toeristische (bedrijfs)vaartuigen en historische schepen 2. ligplaatsgeld vaste ligplaatsen 3. zeehavengeld 4. binnenhavengeld 1.havengeld pleziervaartuigen, recreatieve toeristische (bedrijfs)vaartuigen en historische schepen Hier is de inflatiecorrectie van 1,5% toegepast. 2. ligplaatsgeld vaste ligplaatsen Hier is de inflatiecorrectie van 1,5% toegepast. 3. en 4. zeehavengeld en binnenhavengeld Voor het zeehaven- en het binnenhavengeld geldt dat de gemeente Vlaardingen de tarieven binnen de gemeenschappelijke regelingen (Samenwerkingsovereenkomst Zeehavengeld 2006 en Samenwerkingsovereenkomst heffing en invordering Binnenhavengeld 1995) volgt. De tarieven worden pas in een later stadium vastgesteld door het geprivatiseerde Havenbedrijf Rotterdam, die de gemeenschappelijke regeling uitvoert. In de tarieventabellen wordt daarom aangesloten bij de tarieven, vermeld in 'General Terms and Conditions, including renewed port tariffs', zoals die worden vastgesteld en bekendgemaakt door het Havenbedrijf Rotterdam N.V..
Lijkbezorgingsrechten Hier is de inflatiecorrectie van 1,5% toegepast. Toeristenbelasting Dit tarief wordt met 1,5% verhoogd en wordt De verordening is enigszins aangepast. Wijzigingen waren nodig om ook het tijdelijk verblijf van mensen (bijvoorbeeld in verband met werk) te kunnen belasten. Parkeerbelastingen De parkeerbelasting kent een eigen parkeerbeleid (parkeernota). De verordening parkeerbelastingen is via een afzonderlijk raadsbesluit op 9/10 november 2022 vastgesteld. Kwijtschelding De kwijtscheldingsverordening 2023 is aangepast naar aanleiding van gewijzigde onderliggende wetgeving, waaronder de toepassing van de verhoogde vermogensnorm. Ter toelichting het volgende: Om kwetsbare inwoners te ondersteunen verleent de gemeente Vlaardingen, net als andere gemeentes, kwijtschelding voor de afvalstoffenheffing aan belastingplichtigen met een inkomen op of onder bijstandsniveau en nagenoeg geen vermogen. gerechtigden en volledig arbeidsongeschikten, zodat inwoners met een kleine buffer ook kwijtschelding konden krijgen voor de afvalstoffenheffing. De verhoogde vermogensnorm was in eerste instantie dan ook opgenomen in de kwijtscheldingsverordening 2022. Omdat de landelijke wetgeving niet tijdig werd aangepast, bleek dit juridisch nog niet uitvoerbaar.
De kwijtscheldingsverordening werd derhalve weer teruggedraaid zonder verhoogde vermogensnorm, totdat de landelijke wetgeving de verhoogde vermogensnorm alsnog mogelijk zou maken. Inmiddels is vanuit het Rijk op 16 septembe - en waterschapsbelastingen vervangen. De nieuwe regeling maakt het mogelijk om de vermogensnorm bij kwijtschelding te verhogen voor alle belastingplichtigen. De verhoging is afhankelijk van de leefsituatie van belastingplichtigen en bedraagt als volgt:
Aangezien de verhoogde vermogensnorm zal gelden voor alle inwoners met inkomen op of onder bijstandsniveau, zullen door deze bredere doelgroep meer mensen in aanmerking komen voor kwijtschelding. Deze inwoners krijgen nu de mogelijkheid om een buffer op te bouwen voor onvoorziene uitgaven. Ook inwoners die hun vermogen tijdelijk zagen stijgen door de energietoeslag, wordt de kwijtschelding nu niet ontnomen. Het aantal kwijtscheldingen zal door de verhoogde vermogensnorm toenemen. Voor 2023 heeft dit geen invloed op het tarief voor de afvalstoffenheffing en zal een eventueel tekort worden gedekt vanuit de voorziening afvalstoffenheffing. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Vlaardingen,
de secretaris drs. E. Stolk
de burgemeester drs. B. Wijbenga - van Nieuwenhuizen