Notitie beantwoording openstaande technische vragen nav Tafeltjesavond
Tekst van het document
Notie: beantwoording openstaande technische vragen n.a.v. tafeltjesavond MJB 2022 - 2025 Geachte leden van de raad, Verschillende raadsleden hebben 5 oktober jl. de tafeltjesavond over de Concept Programmabegroting 2022 – 2025 bezocht. Tijdens deze avond zijn veel technische vragen gesteld, die veelal ter plaatse konden worden beantwoord. Van een aantal technische vragen vroeg de beantwoording om enig uitzoekwerk. Het streven was om uw raad uiterlijk vrijdag 8 oktober de antwoorden op de openstaande vragen schriftelijk aan te reiken. Door middel van deze notitie informeren wij u over de openstaande vragen. De vragen en beantwoording zijn geclusterd op basis van de domeinen van de tafeltjesavond, te weten Sociaal (incl. Sport), Ruimtelijk, Veiligheid en Financiën. Onderstaand treft u de beantwoording. Sociaal Domein (incl. Sport) Nr.
Pagina
1
48
Vraag: ONS Vlaardingen, Raymond van Haren In alinea 2 van de paragraaf actuele ontwikkelingen staat het volgende: “…Het landelijk netwerk van de GGD is bezig met het in kaart brengen van gewenste organisatieveranderingen om nog beter op de wettelijke taken toegerust te zijn. Binnen de gemeenschappelijke regeling GGD Rotterdam-Rijnmond wordt gewerkt aan een regionale doorvertaling daarvan…” Wat is status van deze doorvertaling c.q. wat is de stand van zaken?
Nr. 2
Pagina 48
Vraag: AOV, Desiree de Jong Welke preventieve activiteiten worden door het jongerenwerk uitgevoerd?
Antwoord De GGD voert taken uit in het kader van de Wet Publieke gezondheid. De Corona-pandemie leverde als neveneffect praktijkervaring in het omgaan met zo’n grootschalige virusuitbraak. Daaruit zijn lessen getrokken. De belangrijkste kernpunten daaruit zijn de noodzaak van digitalisering en data- en kennisgedreven werken en het belang van gezondheidsbevordering. Dit heeft geleid tot drie speerpunten: bescherming publieke gezondheid, gezonde leefstijl en preventie en de gezonde leefomgeving. Om te bepalen welke rol de GGDRR daarin speelt heeft zij interviews gehouden bij de regiogemeenten en andere stakeholders. Dit heeft geleid tot een regionale vertaling in het visiedocument ‘GGD 3.0: Koers voor de toekomst’. De kern daaruit is dat de GGD-RR een organisatie wil zijn die slagvaardig, lerend en schaalbaar is bij crisissituaties, dat er een publieke gezondheidsstructuur nodig is die ruimte biedt aan bescherming, preventie, gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving dat er ruimte moet blijven voor lokaal maatwerk en regionale inzet met zorgpartners. Om deze visie in praktijk te brengen worden een werkagenda en een financiële raming gemaakt. Vooralsnog zijn er geen regionale financiële en/of personele consequenties aan de orde. De landelijke GGD is in overleg met het ministerie over de rol en de taken van de GGD in het algemeen en de bijbehorende financiering.
Antwoord Jongerenwerk is per definitie preventief van aard. In de subsidiejaarbrief 2021 vragen we het volgende aan Minters jongerenwerk: Het vinden en binden van kinderen en jongeren die (mogelijk) in een kwetsbare positie verkeren; Begeleiding van kwetsbare kinderen en jongeren in een zo vroeg mogelijk stadium om escalatie van de problemen en/of de inzet van zwaardere zorg te
Nr.
Pagina
Vraag: AOV, Desiree de Jong
Antwoord voorkomen. Hierbij wordt nauw samengewerkt met de wijkteams en andere partijen die zich inzetten voor de verbetering van de situatie van kinderen en jongeren. Voorkomen en bestrijden van jeugdoverlast. Signalering van jeugdproblematiek en (pro-actieve) advisering aan de gemeente over mogelijke oplossingen Het jongerenwerk richt zich op de doelgroep 8-23 jaar en richt zich daarbij primair op individuele opgroeiproblematiek, problemen in de overgangsfase naar volwassenheid, eenzaamheid en jeugdoverlast.
Dit doel ze op basis van 4 pijlers: 1. Er op af. Present zijn op plekken waar jongeren zijn. 2. Talentontwikkeling 3. Informatie en advies 4. De jongere centraal. Aantal concrete activiteiten van afgelopen jaar: Talentontwikkeling: citytrainersproject (samen met VIB) inzetten van vakkrachten die uit de doelgroep geworven worden Er op af: Ambulant jongerenwerk op tijden en plekken waar jongeren samenkomen. Hierbij wordt intensief samengewerkt met de politie en de boa’s. ambulante jongerensquad die samen met jongerenwerkers op pad gaat Time to talk: aanwezigheid jongerenwerk op scholen VO in de pauzes en na schooltijd (contact leggen, vragen oppakken van jongeren) Informatie en advies Voorlichting en advies (in samenwerking met wijkteam en andere partijen) over middelengebruik, geld, relaties, werk enz. De jongere centraal Weerbaarheidstrainingen op scholen en in sportcentrum Begeleiding 2 groepen Join Us (aanpak eenzaamheid jongeren) Diverse activiteiten voor meiden. In deze zomer is bijvoorbeeld een groep meiden met het thema mode en duurzaamheid aan de slag gegaan en heeft geresulteerd in een modeshow op het Stadsstrand Diverse activiteiten buiten en binnen voor jongeren op gebied van sport, cultuur, muziek Coach en co: koppelen van een jongere aan een vrijwillige mentor die een steuntje in de rug geeft en leuke dingen onderneemt met een kind dat daar behoefte aan heeft.
Daarnaast werkt het jongerenwerk intensief samen met de wijkteams als het gaat om kwetsbare jongeren die geen vertrouwen hebben in de hulpverlening of de hulpverlening nog niet goed weten te vinden.
Nr.
Pagina
Vraag: AOV, Desiree de Jong
Antwoord Daarvoor worden coaching trajecten door het jongerenwerk ingezet (ongeveer 60 op jaarbasis) en ontwikkelt het jongerenwerk samen met de wijkteams ook collectief aanbod (bijvoorbeeld de Join Us groepen, weerbaarheidstrainingen).
Nr.
Pagina
Antwoord
3
50
Vraag: ONS Vlaardingen, Raymond van Haren De Deelnemersbijdrage aan Stroomopwaarts stijgt met 3.2 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door 2.4 miljoen hogere Uitkeringslasten en aanverwant 1.2 miljoen hogere uitvoeringslasten. Waarom is de verhouding uitvoeringslasten versus hogere uitkeringslasten zo hoog?
De verhouding uitvoeringslasten versus hogere uitkeringslasten is zo hoog omdat de uitvoeringslasten niet alleen stijgen door de stijging van het aantal uitkeringen, maar eveneens doordat het aantal uitkeringen zich in Vlaardingen minder gunstig ontwikkelt dan in de gemeenten Maassluis en Schiedam. Hierdoor moeten wij een hoger aandeel in de uitvoeringslasten gaan betalen via de verdeelsleutel.
Nr. 4
Pagina 58
Vraag: PVDA, AOV, CDA Hoe is de reserve Sociaal Domein ontstaan, wat zijn de onttrekkingen geweest en wat is de toekomst van deze reserve?
Antwoord De reserve Sociaal Domein is in 2015 ontstaan als opvolger van de reserve WMO. Waar de reserve WMO diende om tekorten in de WMO uitgaven te dekken, werd dit met de reserve Sociaal Domein uitgebreid met dekking voor de tekorten bij Jeugd en Participatie. Dit als gevolg van de decentralisatie van de taken die vroeger bij het Rijk lagen en bij de gemeenten werden belegd. De reserve bedroeg in 2015 nog € 7,3 mln. In de daarop volgende jaren werden bedragen aan de reserve onttrokken voor o.a. de GRJR, SOW, RogPlus en versterking van de wijkteams. Deze onttrekkingen vonden altijd plaats na goedkeuring door de Raad. Het gevolg van al deze onttrekkingen is geweest dat de reserve nu nog € 874.000 bedraagt. Het is aan de Raad om te besluiten hoe deze middelen ingezet worden.
Nr. 5
Pagina 64
Vraag: CDA, Marieke Thommis Betreft de actie De uitbreiding van de kleedwasaccommodatie wordt uitgevoerd bij hockeyvereniging Pollux. Vraag: Voor welk bedrag en wanneer wordt dit uitgevoerd?
Antwoord Dit gaat om een bedrag van € 298.000. Het streven is om op korte termijn te starten met oplevering eind 2022 als doelstelling.
Ruimtelijk Domein Nr. 6
Pagina 21
Vraag: onbekend Toelichting Subsidieaanvraag klimaatadaptatie?
Antwoord Klimaatadaptatie krijgt aandacht in o.a. het vastgestelde beheerplan wegen en het vGRP. De gemeente Vlaardingen heeft, als onderdeel van de werkregio Delfland, een regionale subsidieaanvraag ingediend bij de Impulsregeling Klimaatadaptatie. Via die regeling kunnen gemeente, provincies en waterschappen een bijdrage van het Rijk krijgen voor klimaatadaptatiemaatregelen. De subsidieaanvraag is gebaseerd op een
Nr.
Pagina
Vraag: onbekend
Antwoord proefaanvraag, welke eerder door de ambtelijke werkregio aan het Rijk ter beoordeling is voorgelegd. Het Rijk heeft positief op de proefaanvraag gereageerd. De gemeente Vlaardingen heeft – als onderdeel van de regionale subsidieaanvraag – de rioolwerkzaamheden in de Indische Buurt voorgedragen. Aan het Rijk wordt een bijdrage van € 458.000,- gevraagd om al geplande ruimtelijke maatregelen uit te breiden en nieuwe adaptatiemaatregelen op te pakken. Indien het Rijk de middelen beschikbaar stelt, dan worden deze ingezet om: Het afkoppelen van extra verhard oppervlak van de riolering. Het vergroten van een al geplande wadi (een voorziening voor hemelwaterberging). Het vergroten van duikerverbindingen.
Nr. 7
Pagina 23
Vraag: onbekend Overstortconstructies, hebben we deze concreet in beeld?
Antwoord De riolering wordt periodiek geïnspecteerd. Alle overstortconstructies worden eens per vijf jaar ingemeten, daar deze constructies als gevolg van bodemdaling verzakken. Een overstortdrempel vormt de scheiding tussen het oppervlaktewater en de riolering. Tijdens een laatste meetronde is geconstateerd dat enkele drempels verzakt zijn, waardoor oppervlaktewater de riolering instroomt of bij verdere zakking gaat instromen. Op basis van deze inspecties worden maatregelen genomen. In 2021 passen we een viertal overstortconstructies aan. Maatregelen worden ook uitgevoerd bij onze reguliere werkzaamheden binnen de reguliere middelen, denk aan, zoals het ophoogprogramma en de Indische Buurt.
Nr. 8
Pagina
Vraag: onbekend Kunnen we voorbeelden van de CROW Beeldkwaliteit ontvangen?
Antwoord In de bijlage (Bijlage 1 Beeldmeetlatten CROW) hebben we een impressie gegeven van de CROW Beeldkwaliteit openbare ruimte. Dit is een vereenvoudigde weergave van het officiële uitgegeven exemplaar door het CROW. Indien wenselijk kan er mondelinge toelichting worden gegeven aan de raad over de werking van de beeldsystematiek CROW.
Nr. 9
Pagina
Vraag: onbekend Wat is, zeer grofmazig en globaal, het financiële effect als we het onderhoudsniveau van het groen in de buitenruimte verhogen van C naar B?
Antwoord In het kader van de ombuigingen is in november 2020 door de raad besloten om het onderhoudsniveau op ‘C’ te continueren en niet te verhogen naar niveau ’B’. Om deze globale c.q. grove berekening te maken is gebruik gemaakt van onze areaalgegevens en algemene kengetallen. Hiermee is het mogelijk om voor de lange termijn de jaarlijkse
Nr.
Pagina
Vraag: onbekend
Antwoord onderhoudskosten voor het dagelijks onderhoud voor niveau ‘B’ op hoofdlijn in beeld te brengen. De uitkomst is dat het onderhoudsniveau van groen in de stad naar niveau ‘B’ jaarlijks globaal € 360.000 tot ca. € 480.000,- extra onderhoudskosten met zich meebrengen. Dit is gebaseerd op een procentuele toename van 15 % tot 20 %, zoals ook door CROW grof wordt benaderd. Binnen het Groen wordt o.a. verstaan: bosplantsoen, heesters, gazon, siergroen, hagen, bermen, riet en boomonderhoud.
Nr. 10
Pagina
Vraag: onbekend Betreft Wijkdeals. ( Voor 2021 is er €103.485,- begroot voor 2022 plus de indexering). Hoe is dat besteed over de stad? Hoe is het in de afgelopen jaren verdeeld ( de verdeling per gebied)
Antwoord Het is vanuit onze administratie niet mogelijk om wijkdeals per wijk of per straat te destilleren. Onze administratie is daarvoor niet ingericht. Wel is aan te geven dat In Holy minder wijkdeals zijn dan in de rest van de stad. Met name de VOP, Oostwijk en Centrum maken gebruik van de wijkdeals.
Nr. 11
Pagina 29
Vraag: onbekend Laadconcessies: Wat is voorzien voor laadinfrastructuur en hoe verloopt dit proces?
Antwoord Vlaardingen heeft met 29 regiogemeenten (Samenwerkende Gemeenten Zuid Holland (SGZH) deelgenomen aan de aanbesteding voor openbare laaddiensten elektrisch vervoer georganiseerd door de Gemeente Rotterdam. De concessie is gegund aan ENGIE en per 1 juli 2021 van start gegaan. In gezamenlijkheid met de deelnemende regiogemeenten heeft de Gemeente Rotterdam in 2020 het 'Kader voor de plaatsing van laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen' opgesteld dat de basis vormt voor de aanbesteding en de concessie. Alle deelnemende gemeenten hebben zich hieraan gecommitteerd. Vlaardingen hanteert op basis hiervan de Beleidsregels Concessie openbare laaddiensten Vlaardingen 2021. Het proces voor de aanvraag en plaatsing van openbare laadpalen wordt binnen dit kader uitgevoerd. Kern van het laadkader en de nieuwe beleidsregels is dat de gemeente een grotere rol gaat spelen als opdrachtgever voor de plaatsing van openbare laadpalen om de verwachte grote vraag naar elektrisch rijden en laden bij te kunnen houden. Daarnaast blijft het mogelijk voor bewoners en bedrijven om verzoeken tot uitbreiding van het openbare laadnetwerk te doen. Uitgangspunt is dat (een gebrek aan) laadinfrastructuur geen belemmering mag vormen voor de overstap naar elektrisch vervoer.
Alle aanvragen verlopen via www.laadpaalnodig.nl De concessie is kostenneutraal, de deelnemende gemeenten betalen niet voor plaatsing en exploitatie van laadobjecten binnen de concessie (met uitzondering van laadpleinen en de
Nr.
Pagina
Vraag: onbekend
Antwoord verplaatsing van laadpalen.
Nr. 12
Pagina 32
Vraag: onbekend Waar worden 30 km/h 60 km/h wegen toegepast?
Antwoord Zoals bij de raadsbehandeling eerder aangegeven worden maatregelen en koppelkansen uit de Mobiliteitsagenda uitgevoerd binnen de reguliere werkzaamheden en financiële middelen. 30 km/h-wegen In de Mobiliteitsagenda is aangegeven dat de landelijke trend steeds meer naar een benadering gaat, waarbij 30 km/h de standaard is binnen de bebouwde kom. Voor wegen waar 50 geldt, is dan een aparte onderbouwing nodig waarom hier gekozen wordt voor deze snelheid. Zoals ook aangegeven tijdens de raadsbehandeling van de Mobiliteitsagenda is hier vooralsnog vanuit de Rijksoverheid geen wet- en regelgeving over. Daarom blijft voorlopig gelden dat 50 km/h de standaard is binnen de bebouwde kom. Wel hebben we er in de Mobiliteitsagenda voor gekozen om op een aantal wegen in de stad de snelheid reeds te verlagen naar 30 km/h. Zo zijn in de Mobiliteitsagenda diverse wegen opgenomen waar de maximumsnelheid verlaagd kan worden, zoals de Cronjéstraat, Gedempte Biersloot, Anthony Knottenbeltsingel, Burg. Verkadesingel en Reigerlaan (reeds uitgevoerd). Wanneer de wet- en regelgeving op dit vlak wijzigt, zullen we bezien wat dit verder betekent voor de wegen in de stad. 60 km/h-wegen In het Actieplan Mobiliteit is reeds aangegeven dat we voor alle gemeentelijke wegen buiten de bebouwde kom naar een standaard willen van 60 km/h of lager.
Concreet betekent dat de snelheid op 80 km/h-wegen verlaagd moet worden. Een verlaging van de snelheid betekent ook een aanpassing van het wegprofiel. De Maassluissedijk tussen Vlaardingen en Maassluis heeft nog een maximumsnelheid van 80 km/h. Samen met de gemeente Maassluis willen we de weg herinrichten naar 60. Dit is ook opgenomen in de Mobiliteitsagenda. De overige wegen buiten de bebouwde kom hebben nagenoeg allemaal reeds een maximumsnelheid van 60 km/h.
Nr. 13
Pagina 42
Vraag: onbekend Wanneer komen de beleidsnota’s met het jaar 2021, genoemd in programma Onderwijs, economie en haven?
Antwoord Ondersteuningsplan horeca Vlaardingen 20212024: 29 juni 2021 vastgesteld door het college. Actualisatie Standplaatsenbeleid; 5 oktober 2021 door het college vastgesteld. Startnotitie Vrijetijdseconomie 2021: wordt in november 2021 met het college besproken. Actualisatie Evenementenbeleid: Q4 2021, staat o.a. in relatie tot vrijetijdseconomie
Nr.
Pagina
Vraag: onbekend
Antwoord Vlaardingen MBO-stad: 30 november 2021 bespreking in college
Nr. 14
Pagina 158
Vraag: onbekend Taakveld parkeren: hier valt niet onder de parkeerpolitie?
Antwoord De parkeerpolitie valt niet onder het taakveld Parkeren (2.2), maar onder het taakveld 1.2 Openbare Orde en Veiligheid. Voor een beschrijving van taakveld 1.2 verwijzen wij naar de concept Programmabegroting 2022 - 2025 pagina 156.
Nr. 15
Pagina 161
Vraag: onbekend Economische promotie: zijn hier investeringen mee gemoeid?
Antwoord Specifiek voor de binnenstad geldt dat promotie onderdeel is van de uitvoeringsagenda en begroting van het door de raad vastgestelde Programma Levendige Binnenstad 2030, thema Bruisende Binnenstad. Voor verdere economische promotie zal eerst een plan met begroting gemaakt moeten worden.
Nr. 16
Pagina 169
Vraag: onbekend Zwerfafval blz.169, waarom behoort dit niet tot taakveld 7.3?
Antwoord Zwerfafval behoort niet tot taakveld 7.3, maar tot taakveld 2.1, omdat het hier straatreiniging betreft. Dit is conform het Besluit Begroting en Verantwoording. Voor een beschrijving van taakveld 2.1 verwijzen wij naar de concept Programmabegroting 2022 - 2025 pagina 157.
Vraag: CDA, Marieke Thommis Waaruit bestaan de baten en de lasten van programma 2 Veiligheid en Handhaving?
Antwoord Lasten: (van de 5 genoemde componenten die hiertoe worden gerekend) Voornamelijk Gemeenschappelijke regeling VRR (€ 5.602.385) en loonkosten en overige goederen en diensten (€ 5.341.990). Dat betreft bijna 11 miljoen bij elkaar.
Veiligheid Nr. 17
Pagina 18
Baten: De inkomsten komen voor het grootste deel voor rekening van Bouwen en Wonen: Leges inkomsten (€ 1.360.392)
Financiën Nr. 18
Pagina n.v.t.
Vraag: D66, Koen Kegel Graag ontvangen wij een grafiek waarin het verloop van de algemene reserve sinds 2015 wordt getoond. Kunnen wij daarnaast een overzicht ontvangen van alle mutaties van de algemene reserve over de periode 2015 – heden?
Antwoord Voor deze informatie verwijzen wij naar de bij deze notitie toegevoegde bijlage 2 ‘Verloop Algemene Reserve’.