Motie Aanpak sportuitlaten verworpen
Tekst van het document
.x.Dc-D(2-- •.es) nou, Fa.-}cCet. - :y,-)1"eiJeJU, CW), CU-_)-p, \.)
, Wtt-K,
suU
pk..)cm,sp ,LJ~L,cep.6O_,Q. twr)
ofter
MOTIE Aanpak sportuitlaten
Si» HEEL DE STAD
Datum raadsvergadering: 1 februari 2024 Indiener: HEEL DE STAD
We maken ons al heel lang zorgen over lawaai en hoe we hiermee omgaan in onze gemeenschap, vooral het geluid van sportuitlaten. Het is al jaren een van de grootste bronnen van ergernis voor mensen in Vlaardingen. Vooral wanneer auto's te hard rijden, zorgt het lawaai — met name geluidsoverlast veroorzaakt door sportuitlaten - niet alleen voor irritatie bij onze burgers, maar het maakt de straten ook minder veilig. Het probleem wordt verder gecompliceerd door het feit dat wettelijk gezien elke uitlaat die niet af-fabriek is geleverd, verboden is (artikel 5.2.11 van de Regeling Voertuigen). Het handhaven van deze regelgeving blijkt echter een uitdaging, gezien de beperkte capaciteit van onze politie en de moeilijkheid om individuele voertuigen aan te pakken. In onze recente brainstormsessies is echter een veelbelovende mogelijkheid naar voren gekomen om deze overlast effectief aan te pakken. De zogenaamde WOK-aanpak, in samenwerking met de Rijksdienst voor het Wegverkeer (R0W), biedt een alternatieve benadering die de politiecapaciteit niet overmatig belast. Hierdoor kunnen we de excessieve geluidsoverlast van sportuitlaten doeltreffender aanpakken. Bovendien kunnen we de afdeling Toezicht en Handhaving (T&H) betrekken bij deze inspanningen.
Tijdens hun reguliere werkzaamheden kunnen zij eenvoudig kentekens noteren van voertuigen met sportuitlaten, zonder extra tijdsinspanning of kosten. Zodra er een (aanzienlijke) lijst is samengesteld, kan deze informatie worden gedeeld met de politie en vervolgens met de RDW, zonder dat er sprake hoeft te zijn van een 'heterdaad'. Met deze benadering kunnen we een effectieve stap zetten naar het verminderen van de geluidsoverlast veroorzaakt door sportuitlaten, en tegelijkertijd waarborgen dat onze politie en handhavingsdiensten efficiënt blijven opereren. Wij stellen voor dat de gemeenteraad deze mogelijkheid serieus overweegt om de levenskwaliteit van onze burgers te verbeteren en de verkeersveiligheid te waarborgen.
Er is bewijs dat het gebruik van sportuitlaten negatieve effecten kan hebben op de verkeersveiligheid. Hier zijn enkele redenen waarom sportuitlaten als potentieel gevaarlijk worden beschouwd: 1. Geluidsniveau: Sportuitlaten produceren over het algemeen een luider geluid dan standaarduitlaten. Dit luide geluid kan andere weggebruikers afleiden en de aandacht van automobilisten verminderen. 2. Aandacht afleiden: Het luide geluid van sportuitlaten kan afleidend zijn voor zowel de bestuurder van het voertuig met de sportuitlaat als voor andere weggebruikers. Een verminderde concentratie kan leiden tot gevaarlijke situaties. 3. Schrikeffect: Het plotselinge en luide geluid dat door sportuitlaten wordt geproduceerd, kan een schrikeffect veroorzaken bij andere weggebruikers. Dit kan resulteren in onverwachte reacties, zoals schrikreacties, wat de verkeersveiligheid kan beïnvloeden. 4. Snelheid en agressief rijgedrag: Het gebruik van sportuitlaten gaat soms hand in hand met snel rijden en agressief rijgedrag. Het verhoogde geluidsniveau kan bijdragen aan een onveilige rijomgeving, vooral als dit wordt geassocieerd met roekeloos gedrag. Hoewel er bewijs is dat wijst op de potentiële risico's van sportuitlaten voor de verkeersveiligheid, is het belangrijk op te merken dat de impact kan variëren afhankelijk van specifieke omstandigheden en lokale wetgeving.
Wetgeving die gericht is op geluidsniveaus en voertuigmodificaties, zoals het gebruik van sportuitlaten, is ontworpen om de verkeersveiligheid te waarborgen en het geluidsniveau op de weg te beperken.
Artikel 5.2.11
Eisen
Wijze van Keuren
1.
Personenauto's met een verbrandingsmotor moeten zijn voorzien van een uitlaatsysteem dat over de gehele lengte gasdicht is, met uitzondering van de afwateringsgaatjes.
Visuele en auditieve controle, terwijl de personenauto zich met draaiende motor boven een inspectieput of op een hefinrichting bevindt.
2.
Het uitlaatsysteem moet deugdelijk zijn bevestigd.
Visuele controle, terwijl de personenauto zich boven een inspectieput of op een hefinrichting bevindt.
3.
Personenauto's mogen in de nabijheid van de uitmonding van het uitlaatsysteem geen hoger geluidsniveau produceren dan de waarde die voor het voertuig is vermeld in het kentekenregister, vermeerderd met 2 dB(A). Hierbij is het bepaalde in biilage VIII, artikelen 30 tot en met 32, van toepassing.
Leden 3 en 4: auditieve controle. Indien toepasbaar wordt met een geluidsmeter klasse 1 vastgesteld of het geluidsniveau niet wordt overschreden.
4.
Personenauto's met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg waarvoor geen waarde als bedoeld in het derde lid is vermeld, mogen in de nabijheid van de uitmonding van het uitlaatsysteem geen hoger geluidsniveau kunnen produceren dan 95 dB(A) bij een toerental van 3.500 min-1 voor zover het betreft een personenauto met een verbrandingsmotor met elektrische ontsteking en 95 dB(A) bij een toerental van 2.000 min-1 voor zover het betreft een personenauto met een verbrandingsmotor met compressieontsteking. Personenauto's met een toegestane maximummassa van meer dan 3.500 kg mogen in de nabijheid van de uitmonding van het uitlaatsysteem geen hoger geluidsniveau kunnen produceren dan 95 dB(A) bij een toerental van 1.500 min-1. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 30 tot en met 32, van toepassing.
5.
De uitlaatgassen van personenauto's met een verbrandingsmotor met elektrische ontsteking mogen bij stationair toerental en op bedrijfstemperatuur zijnde motor niet meer dan het voorgeschreven volumepercentage koolmonoxide bevatten. Hierbij is
Eisen
Wijze van Keuren
het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 40, 41en 43, van toepassing. 6.
Bij personenauto's in gebruik genomen na 31 december 1992 die zijn uitgerust met een emissiebestrijdingssysteem dat bestaat uit een katalysator en een lambdasonde, dient het emissiebestrijdingssysteem goed te werken. De goede werking ervan wordt beoordeeld aan de hand van het gehalte koolmonoxide van de uitlaatgassen, alsmede aan de hand van een op grond van de samenstelling van de uitlaatgassen berekende luchtbrandstofverhouding. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII artikelen 40, 42 en 43, van toepassing.
7.
De uitlaatgassen van personenauto's met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking die in gebruik zijn genomen na 31 december 1979, mogen niet meer dan de aangegeven hoeveelheid roet bevatten, waarbij de eventueel aangewezen bijzondere meetvoorschriften in acht worden genomen. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 44 en 45, van toepassing.
8.
Personenauto's met een verbrandingsmotor met elektrische ontsteking die in gebruik zijn genomen na 31 december 1995, moeten zijn voorzien van een goedwerkend emissiebestrijdingssysteem dat bestaat uit een katalysator en een lambdasonde. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikel 40 van toepassing.
Visuele controle.
9.
Bij personenauto's met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking waarvan:
Visuele controle.
—de in het kentekenregister vermelde deeltjesmassa type 1 kleiner is dan of gelijk is aan 0,005 g/km respectievelijk 5 mg/km, of —de in het kentekenregister of op het kentekenbewijs vermelde milieuclassificatie gelijk is aan of groter is dan Euro 6 of Euro VI, of —in het kentekenregister is vastgelegd dat een roetfilter is vastgesteld, moet het roetfilter aanwezig en niet duidelijk defect zijn.
Eisen
Wijze van Keuren
10. Als bij personenauto's met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg die in gebruik zijn genomen na 31 december 2005, met een verbrandingsmotor met elektrische ontsteking welke uitsluitend wordt gevoed door benzine, dan wel met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking, de EOBD-procedure succesvol wordt doorlopen en geen emissiegerelateerde fouten worden geconstateerd, geldt dit als alternatief voor de eisen als bedoeld in het vijfde, zesde en zevende lid. Hierbij is het bepaalde in de artikelen 45a tot en met 45c van bijlage VIII van toepassing. 11.
Bij personenauto's met roetfilter zoals bedoeld in het negende lid, dient het roetfilter goed te werken. Hierbij is het bepaalde in de Bijlage VIII, artikelen 45e tot en met 45g, van toepassing.
12.
De verplichtingen, bedoeld in het zevende en tiende lid, gelden niet voor personenauto's met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking en roetfilter als bedoeld in het negende lid.
De gemeenteraad bijeen op 1 februari 2024, overwegende dat: - de geluidsoverlast veroorzaakt door sportuitlaten al geruime tijd een aanzienlijke bron van ergernis vormt binnen onze gemeenschap, - het huidige fenomeen, vooral bij (te) hard rijden met sportuitlaten, niet alleen de gemoedsrust van onze burgers aantast, maar ook de verkeersveiligheid in gevaar brengt, constaterende dat: het individueel aanpakken van auto's met sportuitlaten door de politie te veel capaciteit vergt en daardoor moeizaam verloopt, er een mogelijkheid bestaat om met de zogeheten WOK-aanpak en de medewerking van de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) effectiever op te treden tegen deze vorm van geluidsoverlast, de afdeling Toezicht en Handhaving (T&H) een cruciale rol kan spelen door kentekens te noteren tijdens hun reguliere werkzaamheden, zonder extra kosten en tijdinspanning, verzoekt het college: - actie te ondernemen om de overlast veroorzaakt door sportuitlaten aan te pakken door gebruik te maken van de WOK-aanpak in samenwerking met de RDW,
-
T&H te betrekken bij deze inspanningen door hen kentekens te laten noteren van auto's met sportuitlaten tijdens hun reguliere werkzaamheden, de verzamelde informatie te delen met de politie en de RDW, zodat adequate maatregelen genomen kunnen worden zonder dat 'heterdaad' vereist is.
en gaat over tot de orde van de dag, NAAM EN FRACTIE, Indiener(s): Ron Boers Fractie(s): HEEL DE STAD