CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Belangrijke wijzigingen Re-integratieverordening Participatiewet 2023

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Re-integratieverordening Participatiewet MVS 20232.140 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Belangrijke wijzigingen nieuwe verordening vs oude verordening Was/wordt; De volgorde van de artikelen is veranderd. Dit is gedaan om de leesbaarheid voor de uitvoering te verbeteren. Huidige verordening

Nieuwe verordening

Artikel 2 Algemene bepalingen en verdeling

Artikel 2. Evenwichtige verdeling en evaluatie uitgebreider dan in huidige verordening Financiële kaders worden niet meer vermeld, zijn nu onderdeel van evaluatie Artikel 3. Nieuw artikel 3 met algemene bepalingen over voorzieningen.

-

Artikel 3 werkstage Maximaal 6 maanden met verlenging maximaal 6 maanden Artikel 4 Sociale activering Het college kan een persoon die behoort tot de doelgroep én een grote afstand tot de arbeidsmarkt heeft, activiteiten aanbieden in het kader van sociale activering als;…

Artikel 7. Werkstage Doel en wijze van begeleiding worden vastgelegd in overeenkomst. Richtlijnen hiervoor worden in beleidsregels opgenomen Artikel 4. Sociale activering “grote afstand tot de arbeidsmarkt” oud is verwijderd.

Artikel 5 Detacheringsbaan

Artikel 11. Detacheringsbaan

Artikel 6 Scholing Lid 3: Wanneer een persoon die in aanmerking komt voor een participatieplaats niet over een startkwalificatie beschikt, dan zal het college aan deze persoon scholing of opleiding aan bieden. Artikel 7 Participatieplaats Geen minimumleeftijd genoemd

Artikel 8. Scholing Lid 3 oud is verwijderd

Artikel 5. Participatieplaats Inzetbaar voor 27 jaar en ouder

Toelichting

Financieel gevolg €0

Door de wetswijzingen zoals benoemd in het breed offensief moeten alle voorzieningen een grondslag hebben in de verordening. Artikel 3 is hier een inleiding toe. Hiermee kan meer maatwerk worden geboden aan de cliënt.

€0

Dit is zodat deze voorzieningen inzetbaar zijn voor een grotere groep cliënten.

€0

€0

€0

Wanneer scholing of opleiding de beste optie is voor de cliënt dan is er genoeg grond in andere artikelen om dit in te zetten. De koppeling aan de participatieplaats is overbodig.

€0

€0

Artikel 8 Voorziening beschut werk 1. Het college biedt de voorziening beschut werk aan een persoon aan, van wie is vastgesteld dat deze alleen in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft.

Artikel 6. Participatievoorziening beschut werk Lid 1 oud is weggelaten

Artikel 10 Persoonlijke ondersteuning Aan een persoon die behoort tot de doelgroep met een arbeidsbeperking, kan het college persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van de aan die persoon opgedragen taken aanbieden in de vorm van structurele begeleiding als hij zonderpersoonlijke ondersteuning niet in staat is de aan hem opgedragen taken te verrichten.

Artikel 12. Persoonlijke ondersteuning bij werk Verwijderd oud; “met een arbeidsbeperking”

De doelgroep is vergroot. Hierdoor is er tevens meer maatwerk mogelijk.

Uitgebreid met:

Daarnaast is er voor de rechtszekerheid van de cliënt meer uitgewerkt over persoonlijke ondersteuning en het aanvraagproces. Dit is een vereiste van de wetswijzigingen omtrent het Breed Offensief.

Toegevoegd het college de bevoegdheid heeft om meer beschut werkplekken te creëren. Dat dit via de programmabegroting loopt wordt in beleidsregels opgenomen

Artikel 18. Voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen Artikel 19. Aanvraagprocedure persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen

Lid 1 is een herhaling van de wet.

P.M.

Bij uitbreiden van de werkplekken wordt via de programmabegroting de financiële consequenties opgenomen

€0

Artikel 20. Persoonlijke ondersteuning bij werk Artikel 21. Jobcoaching Artikel 22. Interne werkbegeleiding Artikel 11 Meeneembare voorzieningen

Artikel 25. Specifieke voorwaarden meeneembare voorziening Toegevoegd: de noodzaak en meerwaarde bepaald is. In beginsel kan elk product als een meeneembare voorziening worden beschouwd als de noodzaak en meerwaarde in de werksfeer aantoonbaar is. Het college kan in beleidsregels nader uitwerken hoe het de noodzaak en meerwaarde in de werksfeer bepaalt

Artikel 12 Proefplaats

Artikel 16. Proefplaats Toegevoegd:

Om meer duidelijkheid en rechtszekerheid over deze voorziening te creëren voor de cliënt is het artikel uitgebreid.

€0

€0

6. Als de werkzaamheden op de proefplaats wegens ziekte worden onderbroken, dan wordt de maximale periode verlengt met de duur van de gemiste dagen. 7. Het college kan een persoon op een proefplaats persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen toekennen overeenkomstig de bepalingen van Hoofdstuk 3A. Artikel 13 Plaatsingsfee

Artikel 15. Plaatsingsfee Aangepast aan harmonisatie. Verwijderd uit oud: voorafgaand aan de indienstneming tenminste 6 maanden een bijstandsuitkering heeft ontvangen, en, geen startkwalificatie bezit; of, ouder is dan 50 jaar; of, alleenstaande ouder is; en, geen maandelijkse loonkostensubsidie ontvangt; en op het moment dat de arbeidsovereenkomst wordt aangegaan, niet wordt begeleid bij arbeidsinschakeling door een partij die van het college een vergoeding ontvangt voor deze dienstverlening. Toegevoegd: a. Voorafgaand aan de indienstneming tenminste 12 maanden een uitkering op grond van de Participatiewet of de Werkloosheidswet heeft ontvangen, en; b. een dienstverband aangeboden krijgt van 20 uur of meer, en; c. een dienstverband aangeboden krijgt van minimaal 6 maanden

In de regio is afgesproken om de voorzieningen te harmoniseren om zo een duidelijker en gebruiksvriendelijker aanbod aan de werkgevers aan te kunnen bieden. Op deze manier gaat het meer om de cliënt en minder welke gemeente de beste voorziening voor de werkgever biedt. Daarnaast schept dit ook duidelijkheid voor de werkgever omdat in elke gemeente dezelfde termen en eisen zijn, dit maakt het aanvraagproces gemakkelijker. Een voorbeeld van een geharmoniseerde voorziening is deze. Zowel de naam van de voorziening als de eisen zijn geharmoniseerd.

€0

2. De plaatsingsfee bedraagt: a. maximaal € 2.000 wanneer de arbeidsovereenkomst is aangegaan voor minimaal 6 maanden en maximaal 12 maanden; b. maximaal € 4.000 wanneer de arbeidsovereenkomst is aangegaan voor minimaal 12 maanden. 3. De betaling van de plaatsingsfee vindt in principe achteraf plaats Er is maatwerk mogelijk om in uitzonderlijke situaties tussentijdse betalingen te verstrekken. 4. De hoogte van de betaling wordt als volgt bepaald; a. 20 uur tot 32 uur; Vergoeding naar rato van het aantal uur, b. 32 uur of meer per week: Vergoeding van het maximale bedrag 7. De plaatsingsfee wordt niet verstrekt als de werkgever op grond van een andere regeling aanspraak maakt op financiële tegemoetkomingen in verband met de indiensttreding van de werknemer. Artikel 13 A Tijdelijke loonkostensubsidie voor personen zonder arbeidsbeperking Onder kwetsbare werknemer wordt verstaan de persoon die: - Voorafgaand aan de dienstbetrekking gedurende 5 jaar geen regulier betaalde betrekking heeft gevonden.

Artikel 13. Loonkostensubsidie kwetsbare werknemers Worden 2 doelgroepen: Onder kwetsbare werknemer wordt verstaan de persoon die: a. voorafgaand aan de indienstneming gedurende periode 12 maanden geen reguliere betaalde betrekking heeft gevonden en: b. geen startkwalificatie bezit of; c. ouder is dan leeftijd 50 jaar of;

Deze extra voorziening voor kwetsbare en uiterst kwetsbare werknemers stond al in de huidige verordening echter is de doelgroep verbreed. Door de uitspraken in de Europese commissie kon dit echter alleen verlaagd worden als we deze zouden opsplitsen in 2 doelgroepen waarbij een doelgroep 1 jaar ondersteuning geniet en de andere doelgroep 2 jaar. Dit vervult een behoefte voor de uitstroom van

d. alleenstaande ouder is of; e. jonger dan 27 is. 4. Onder uiterst kwetsbare werknemer wordt verstaan: de persoon die onmiddellijk voorafgaand aan de indiensttreding ten minste periode 24 maanden werkloos is geweest of; Artikel 14 Vergoeding noodzakelijke kosten Artikel 15 Beëindiging voorzieningen

Artikel 10. vergoeding noodzakelijke kosten Artikel 3. lid 2 Het college kan een voorziening beëindigen als: a. de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichtingen als bedoeld in de artikelen 9 en 17 van de wet, de artikelen 13 en 37 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de artikelen 13 en 37 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen niet nakomt; b. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep; c. de persoon die aan de voorziening deelneemt algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een in deze verordening genoemde voorziening, tenzij het betreft een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, van de wet; d. de voorziening naar het oordeel van het college niet langer voldoende bijdraagt aan arbeidsinschakeling zoals verwacht bij het inzetten van deze voorziening; e. de voorziening naar het oordeel van het college niet meer geschikt is voor de persoon die gebruik maakt van de voorziening; f. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet naar behoren gebruik maakt

kwetsbare medewerkers.

P.M. Dit artikel is nu onderdeel van het artikel dat specifiek ingevoerd is voor de door de wet bepaalde verordening verplichting: Deze verplichting geeft aan dat voorzieningen een grondslag in de verordening moeten hebben. De basis hiervan ligt nu in artikel 3 en m.b.t. de beëindiging specifiek in lid 2.

€0

van de aangeboden voorziening; of g. de persoon die aan de voorziening deelneemt niet meer voldoet aan de voorwaarden die in deze verordening worden gesteld om in aanmerking te komen voor die voorziening. -

-

Artikel 14. Werkpremie De raad kan in nadere regels bepalen dat er een premie i.v.m. het gedeeltelijk of geheel uitstromen naar betaalde arbeid wordt afgegeven De gemeente Schiedam heeft de wens per 1 januari 2024 een pilot met het uitkeren van een werkpremie te starten. Daarom wijkt het artikel daar af. Artikel 17. Specifiek aanvraagproces loonkostensubsidie 1. Het college verstrekt overeenkomstig artikel 10d, van de wet, ambtshalve of op aanvraag, loonkostensubsidie aan de werkgever die voornemens is een dienstbetrekking aan te gaan met een persoon die behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. In geval van een aanvraag zijn het tweede tot en met het vijfde lid van dit artikel van toepassing. 2. Het college bevestigt de ontvangst van de aanvraag schriftelijk aan de werkgever, of als de aanvraag wordt gedaan door de persoon, aan de werkgever en de persoon. 3. Een aanvraag voor loonkostensubsidie wordt, als het een persoon betreft die nog niet behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, ook

Dit artikel biedt de raad de mogelijkheid in nadere regels te bepalen dat en in welke vorm(en) een werkpremie wordt verstrekt bij het gedeeltelijk of geheel uitstromen naar betaalde arbeid.

P.M.

Dit is een nieuwe wettelijke verplichting om de rechtszekerheid voor de cliënten en werkgever te verbeteren en meer duidelijkheid te scheppen over de reeds bestaande processen.

€0

beschouwd als een aanvraag om vast te stellen of de persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 10c, eerste lid, onder a, van de wet. 4. Als deze aanvraag is gedaan na het begin van de dienstbetrekking voor een persoon als bedoeld in artikel 10d, tweede lid, van de wet, wordt de vaststelling of de persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie bepaald door middel van de Praktijkroute. 5. Het college stelt binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag de loonwaarde vast, tenzij in overleg met de werkgever toepassing wordt gegeven aan artikel 10d, vijfde lid, van de wet. 6. Het college neemt bij het verstrekken van de loonkostensubsidie het preferente proces loonkostensubsidie in acht. -

Artikel 23. Specifieke voorwaarden toekenning vervoersvoorziening 1. Het college kan een vervoersvoorziening toekennen aan een persoon die door zijn beperking niet zelfstandig naar zijn werkplek, proefplaats of opleidingslocatie kan reizen. Deze vervoersvoorziening kan zowel in natura als in de vorm van een vergoeding in geld worden verstrekt. 2. Het college biedt een vervoersvoorziening aan als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de persoon kan door zijn beperking niet zelfstandig reizen of gebruik maken van het openbaar vervoer; en,

De vervoersvoorziening is een nieuwe wettelijk verplichte voorziening. Ook al is het een voorziening die slechts incidenteel voorkomt hij kan wel grote financiële gevolgen hebben. In het kader van een evenwichtige verdeling van de budgetten geldt een maximum van 20.000. Hier kan worden afgeweken wanneer dit in een individueel geval noodzakelijk is.

Max € 20.000,00 per cliënt, wordt binnen de begroting opgevangen

b. het vervoer is beperkt tot woon-werkverkeer. 3. De hoogte van de vergoeding in geld hangt af van het aantal dagen dat moet worden gewerkt en bedraagt het in de markt reguliere tarief voor een taxi of een andere vorm van vervoer. 4. Het college brengt een eventueel bijdrage voor een vervoersvoorziening van de werkgever aan de werknemer in mindering op de te verstrekken vervoersvoorziening. 5. Het college zal de vervoersvoorziening financieren onder de volgende voorwaarden; a. wanneer de persoon onder de door het UWV bepaalde inkomens norm blijft zoals bedoeld in C20-I, deze wordt jaarlijks geïndexeerd en gepubliceerd door het college; en b. Het college financiert tot een maximum van € 20.000,00 per jaar, dit bedrag word jaarlijks geïndexeerd. c. In zeer uitzonderlijke gevallen kan er gemotiveerd afgeweken worden van deze voorwaarden. -

Artikel 24. Specifieke voorwaarden noodzakelijke intermediaire activiteit bij visuele of motorische handicap 1. Het college kan een voorziening in de vorm van een intermediaire activiteit toekennen die gericht is op de vervanging of ondersteuning van een door ziekte of gebrek geheel of gedeeltelijk ontbrekende visuele of motorische lichaamsfunctie.

Dit artikel is toegevoegd vanwege de wetswijziging Breed Offensief. Het artikel vervalt van op 1/1/2024 omdat het UWV dit gaat uitvoeren.

P.M.

2. Het college kan in beleidsregels nader uitwerken hoe het de omvang van de noodzakelijke intermediaire activiteit bepaalt. 3. Per 1 januari 2024 wordt dit artikel uitgevoerd door het UWV en vervalt dit artikel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13709596/1