26-21 Bijlage 5 - Rapportage risicoprofiel SOW 2026
Tekst van het document
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
RAPPORTAGE RISICOPROFIEL Stroomopwaarts 2026 1. Aanleiding Op 6 april 2023 stelde de gemeenteraad de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen vast. In deze nota wordt ingegaan op het instellen van risicoprofielen gebaseerd op bestuurlijke, financiële, professionele en rolvermenging-risico's. Kernachtig: op basis van beschikbare informatie en ervaringen wordt een gemeenschappelijke regeling (GR) een specifiek risicoprofiel toegekend van Laag tot Hoog. Op basis daarvan wordt een sturingspakket toegekend, met elk een eigen zwaarte van betrokkenheid van de raad, met daarbij voor elke gemeenschappelijke regeling specifiek te benoemen acties of handelingen. Er worden drie verschillende sturingspakketten onderscheiden: 1) Basis: geen aanpassing van hetgeen nu al gangbaar is bij begroting en jaarrekening 2) Versterking: schaalt rapportage- en overlegmomenten op; 3) Intensivering: scherpt dat nog verder aan. Die versterking en intensivering is in de nota in algemene zin omschreven. In deze rapportage worden de bevindingen, conclusies en aanbevelingen op hoofdlijnen gepresenteerd van de tweede toepassingsronde. De beantwoording van de onderliggende (deel)vragen is besproken met de verantwoordelijke portefeuillehouder (wethouder Proos) en met een vertegenwoordiging van Stroomopwaarts. 2.
De Gemeenschappelijke Regeling Openbaar Lichaam SOW Stroomopwaarts is er voor de inwoners van Maassluis, Vlaardingen en Schiedam op hun weg naar werk. Zij gaan bij mensen op zoek naar hun eigen kracht en bieden begeleiding, training, opleiding en als dat nodig is een tijdelijk inkomen. Ook voor mensen met een arbeidsbeperking. Dit doen zij vanuit het Werkplein, het Werkleerbedrijf, samen met maatschappelijke partners en met lokale ondernemers. Sinds 1 juli 2015 bestaat Stroomopwaarts en voert namens de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam als Gemeenschappelijke regeling het gedeelte Werk en Inkomen uit. Ook de sociale werkplaatsen van deze gemeenten zijn van Stroomopwaarts. Deze sociale werkplaatsen noemen wij het Werkleedbedrijf. Stroomopwaarts voert namens de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam regelingen uit. Dit betreft de volgende regelingen: • Participatiewet in balans; • Schuldhulpverlening; • IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) • IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen werkzoekenden) Sociaal ondernemen Stroomopwaarts is de partner in sociaal ondernemen. Het Werkgeversservicepunt (WSP) van Stroomopwaarts geeft ondernemers advies over de mogelijkheden om sociaal te ondernemen en adviseert over mogelijke regelingen vanuit het Rijk.
Daarnaast denken de accountmanagers van het WSP graag mee over detachering of plaatsing van medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt en bieden de mogelijkheid werk uit te besteden aan het Werkleerbedrijf van Stroomopwaarts. Nieuwe Wet Inburgering Stroomopwaarts helpt nieuwkomers in Maassluis, Vlaardingen en Schiedam op weg om aan hun inburgeringsplicht te voldoen en om bekend te raken in hun nieuwe woonplaats. Zij bieden ondersteuning bij het leren van de Nederlandse taal, het bereiken van (financiële) zelfredzaamheid en de toeleiding naar participatieactiviteiten en (vrijwilligers)werk. Vanuit een Persoonlijk Plan Inburgering (PIP) biedt Stroomopwaarts begeleiding op maat. 1
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
Beleid Stroomopwaarts is beleidsrijk op alle onderdelen behalve op het onderdeel inburgering en is voor de gemeente verantwoordelijk voor beleidsontwikkeling. Daarom vindt beleidsvoorbereiding plaats bij Stroomopwaarts. Beleidsvoorbereiding Inburgering vindt plaats bij MVS-gemeenten. Stroomopwaarts geeft uitvoering aan dit beleid. Beleid wordt deels afgestemd in de afstemmings-overleggen tussen de MVS-gemeente en Stroomopwaarts. Verder heeft Stroomopwaarts een groot aandeel in het gemeentebudget. De impact van de dienstverlening is groot voor de gemeente. Participatie en werken binnen de gemeenten is van groot belang op allerlei onderdelen (welzijn, zorg maar ook in economische zin). De ambities zijn opgenomen in de volgende vier uitvoerende programma’s 1. Inkomen 2. Werk 3. Werkleerbedrijf 4. Inburgering Namens de gemeente Vlaardingen zijn de wethouder Proos en De Ron lid van het Algemeen Bestuur. Wethouder Proos is ook lid van het Dagelijks Bestuur. 3. Het risicoprofiel van SOW De Bestuurlijke Analyse: Naar aanleiding van de evaluatie van de volledige toepassing van het risicoprofiel in 2025 is de Bestuurlijke Analyse voor 2026 uitgebreid.
Voor dit jaar wordt aan de gemeenschappelijke regelingen ook gevraagd of, en zo ja hoe, aandacht wordt besteed aan het tegengaan van misbruik en oneigenlijk gebruik van voorzieningen (M&O-beleid), conform vraag 10 van de Bestuurlijke Analyse (Bijlage 2). Stroomopwaarts heeft aangegeven dat binnen de organisatie een plan bestaat dat gericht is op het voorkomen en tegengaan van misbruik en oneigenlijk gebruik van voorzieningen. Dit onderwerp heeft daarmee structureel aandacht binnen het bestaande beleidskader. Het dagelijks bestuur heeft het Uitvoeringsplan Handhaving Participatiewet, IOAW en IOAZ 2025–2026 vastgesteld, waarin het bestrijden van ten onrechte ontvangen uitkeringen en het tegengaan van misbruik en oneigenlijk gebruik expliciet is opgenomen. Over de uitvoering van dit plan wordt periodiek gerapporteerd. Daarnaast rapporteren VIC en Kwaliteit over de rechtmatigheid van de uitgaven en de processen binnen Stroomopwaarts. Verder heeft Stroomopwaarts heeft als beleidsrijke gemeenschappelijke regeling een stabiele beleidskoers en rapporteert daar twee keer per jaar over in de bestuursrapportage en één keer per jaar middels het jaarverslag. Na afloop van ieder kwartaal ontvangt de raad een factsheet met hierop inzicht in o.a. het aantal bijstandsgerechtigden. Het resultaat van de Bestuurlijke Analyse van Stroomopwaarts is schematisch als volgt weergegeven:
2
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
Deze visuele weergave van de Kernscores Bestuurlijke Analyse duidt op een deelscore ‘Laag’. De toepassing van de Relatieve Risicofactor leidt tot een hoger ingeschat risico van 44%1 (‘Middel’). Dit percentage ligt lager dan de uit het risicoprofiel 2025 voortgekomen relatieve risicofactor van (gecorrigeerd) 54%. Deze uitkomst ‘Middel’ vormt de grondslag voor de verdere overwegingen. De verhoogde uitkomst ‘Middel’ wordt onder andere veroorzaakt doordat er geen sprake is van specifieke Vlaardingse doelstellingen en prestaties. In de Gemeenschappelijke regeling MVS Stroomopwaarts zijn de doelen en prestaties van Stroomopwaarts omschreven. Bij de oprichting van Stroomopwaarts is gekozen om MVS brede doelstellingen te hanteren. De werkprocessen zijn over het algemeen voor MVS-gemeenten hetzelfde ingericht, in een enkele situatie is er sprake van maatwerk. Met een verdeelsleutel wordt de verhouding in MVS-verband aangegeven. De MVS-brede doelstellingen zijn dan ook veelal representatief voor Vlaardingen. Over het algemeen zijn er dan ook geen specifieke (prestatie)afspraken over Vlaardingse doelen en prestaties gemaakt. Met betrekking tot de ontwikkeling ten aanzien van het aantal uitkeringsgerechtigden is wel een KPI specifiek voor de gemeente Vlaardingen opgenomen in de begroting.
Daarnaast worden de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam betrokken bij het herijken en ontwikkelen van nieuwe KPI’s, waarbij ieder vanuit de eigen gemeente inhoudelijk wensen en aandachtspunten meegeeft. De verhoogde uitkomst ‘Middel’ wordt verder veroorzaakt doordat het aantal bezwaren ten opzichte van het aantal beschikkingen/besluiten (de bezwaarratio) niet standaard gemeten wordt. Indien de bezwaarratio op een betrouwbare en herhaalbare wijze gemeten moet worden, dan is dit op verzoek mogelijk. Het gebeurt echter niet standaard omdat de bezwaarratio geen KPI is. Er wordt dus niet gestuurd op een bezwaarratio. Daarom brengt een gemiddeld risico met zich mee. Nadere onderbouwing van scores en toelichting van de Bestuurlijke Analyse staat in Bijlage 2. Vanaf 2026 worden onze inspanningen om via zienswijzen invloed uit te oefenen op voorgenomen beleidsvisies en/of ontwerpbegrotingen/-begrotingswijzigingen in kaart gebracht. In Bijlage 4 is in de Bestuurlijke Effect Monitor (BEM) weergegeven voor welke onderwerpen de gemeenteraad van Vlaardingen een zienswijze heeft ingediend, wat de kern van ons pleidooi was en hoe onze verzoeken zijn verwerkt (hebben die tot aanpassingen geleid) In 2025 is de volgende zienswijze ingediend op: • De ontwerpbegroting 2026 • De eerste begrotingswijziging 2025 (raadsvoorstel zienswijze) De Financiële Analyse:
1
De berekening van de Relatieve Risicofactoren is in 2026 iets aangepast. Het fictieve plafond is verwijderd. Daarmee vallen alle scores nu 20% hoger uit dan volgens de vorige berekening. De BA-SOW zou dan 36% geweest zijn.
3
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
Deze visuele weergave van de Kernscores Financiële Analyse duidt op een deelscore ‘Laag’. De toepassing van de Relatieve Risicofactor leidt evenwel tot een hoger ingeschat risico van 49%. Ook dit percentage lager dan de uit het risicoprofiel 2025 voortgekomen relatieve risicofactor van (gecorrigeerd) 54%. Deze uitkomst ‘Middel’ vormt de grondslag voor de verdere overwegingen. De uitkomst ‘Middel’ wordt onder andere veroorzaakt door de jaarlijks stijgende financiële bijdrage aan Stroomopwaarts, die met name zichtbaar is bij het onderdeel uitkeringen. Het definitieve BUIGbudget voor 2025 bedraagt €48,3 miljoen, terwijl de prognose voor de uitkeringen €44,1 miljoen is. Dit leidt tot een positief resultaat van €4,2 miljoen: de gemeente Vlaardingen verwacht in 2025 minder uitkeringen te betalen dan het ontvangen BUIG-budget. Tegelijkertijd leidt de stijging van de verdeelsleutel tot een hoger aandeel van Vlaardingen in de gemeenschappelijke regeling, wat het financiële risico voor de gemeente verhoogt. Een andere oorzaak van de uitkomst is de recente ontvlechting van de bedrijfsvoering van Stroomopwaarts. In 2019 is besloten om de bedrijfsvoering per 1 januari 2022 in eigen beheer te nemen, voorheen uitgevoerd door de drie gemeenten. Na een periode van twee jaar is de ontvlechting per 1 juli grotendeels afgerond, waardoor het budget beter kan worden geanalyseerd.
De evaluatie, uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau en gedeeld op alle bestuurlijke niveaus, biedt inzicht in de werkelijke uitgaven en de benodigde fte’s om de bedrijfsvoering adequaat uit te voeren. Stroomopwaarts geeft aan dat het beschikbare budget momenteel aansluit bij een ‘sober en doelmatig’ niveau, terwijl een hoger ambitieniveau extra middelen zou vergen. Dit kan op termijn spanning veroorzaken met de toekomstige beheersmaatregelen en vormt een aandachtspunt voor het financiële risicoprofiel van de gemeente. Daarnaast is onduidelijk welk prijs/kwaliteit wordt gerealiseerd ten opzichte van de verwachte kosten. De ingezette middelen worden wel vertaald op MVS-niveau, maar niet per programma per gemeente, waardoor het effect op de afzonderlijke gemeentelijke budgetten moeilijk te beoordelen is. Nadere onderbouwing van scores en toelichting van de Financiële Analyse staat in Bijlage 3. 4. Vaststelling Sturingspakket Vanuit de Financiële en de Bestuurlijke Analyse wordt één algemeen Risicoprofiel bepaald. Stroomopwaarts wordt het predicaat ‘Middel/Middel’ toegekend (Financieel en Bestuurlijk), hetgeen een sturingspakket Versterkt met zich meebrengt. Het sturingspakket ‘versterking’ dient praktische gevolgen te krijgen. In dat opzicht is het een relatieve verzwaring. Het ingevulde risicoprofiel in 2025 leverde hetzelfde predicaat op.
Hieruit voortvloeiend heeft Stroomopwaarts een kaderbrief ten behoeve van hun begroting 2027 ontvangen, waarin verzocht is om de volgende onderwerpen te betrekken in het ontwikkelingsproces van hun begroting 2027: • Bereik minimaregelingen Halverwege 2022, 2023 en 2024 zijn gezinnen in Vlaardingen via een brief en folder door de gemeente en Stroomopwaarts aangeschreven over regelingen voor kinderen van ouders met een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm en/of met schulden. Dit heeft geresulteerd in een stijging van het kindpakket van zowel Jeugdfonds Sport en Cultuur als Stichting Leergeld ten opzichte van de voorgaande jaren. Hoewel we trots zijn over het feit dat het fonds steeds meer kinderen bereikt en hen toegang biedt tot sport- en cultuuractiviteiten waardoor zij mee kunnen doen, geeft deze stijging ook een dubbel gevoel. Het feit dat zoveel kinderen gebruik moeten maken van het Jeugdfonds Sport en Cultuur onderstreept de aanhoudende problematiek van kinderarmoede. In 2025 wordt de huis-aanhuis aanschrijving uitgebreid met alle minimaregelingen om hiermee alle Vlaardingse huishoudens te bereiken en op de hoogte brengen van onze minimaregelingen. Wij stimuleren u om verder na te denken hoe het bereik van uw regelingen verder verhoogd kan
4
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
worden en of u mogelijkheden ziet om uw voorzieningen nog laagdrempeliger te maken voor onze inwoners. • Uitsplitsing Kritische Prestatie-indicatoren per gemeente Tot slot willen wij onze waardering uitspreken dat in de begroting 2026 gehoor is gegeven aan ons eerdere verzoek om de volgende twee KPI’s vanaf de begroting 2026 op te nemen: ✓ Aantal actief samenwerkende ondernemers. Hiermee bedoelen wij ondernemers die via het werkgeversservicepunt van Stroomopwaarts mensen inzetten die een uitkeringsbijstand ontvangen. ✓ Aantal Vlaardingse keurmerkhouders werkpact. Wij constateren echter dat deze KPI’s in de huidige weergave niet zijn uitgesplitst naar gemeenten. Wij verzoeken Stroomopwaarts daarom om in de verdere uitwerking en rapportages beide KPI’s te specificeren per gemeente. Dit stelt ons in staat om de voortgang en effectiviteit van het beleid op lokaal niveau goed te volgen. Huidige situatie 1 Voor de jaren 2026 en 2027 richt de aandacht voor de gemeente Vlaardingen zich op het monitoren van de beheersmaatregelen en de implementatie van ontwikkelingen die in de voorgaande jaren zijn ingezet. Deze ontwikkelingen zijn gericht op het bevorderen van de uitstroom uit de bijstand.
2 Binnen Stroomopwaarts zijn ombuigingen in gang gezet om de bedrijfsvoering efficiënter in te richten, met behoud van de kwaliteit van dienstverlening en met specifieke aandacht voor de meest kwetsbare doelgroepen. 3 Uit de jaarstukken en bestuursrapportages blijkt dat het aantal externe plaatsingen met loonkostensubsidie structureel achterblijft bij de begroting. Dit vraagt om extra aandacht voor de inzet van loonkostensubsidie en de bijbehorende samenwerking met Vlaardingse ondernemers. Daarnaast is aandacht nodig voor duurzame plaatsingen van inwoners met een Participatiewetuitkering, onder meer door inzet op scholing en arbeidskansen vanuit het programma Vlaardingen MBO-stad. Stroomopwaarts heeft hiervoor plannen opgesteld, waaronder een sectorale aanpak gericht op het benaderen van ondernemers en het werken met leerlijnen.
Praktische vertaling/gevolgen: Stroomopwaarts zal hierover helder en gestructureerd rapporteren in de P&Cdocumenten, zodat inzicht ontstaat in de voortgang en de effectiviteit van de ingezette maatregelen.
Stroomopwaarts heeft een implementatieplan opgesteld, waarin duidelijk beschreven is hoe de ingezette ombuigingen structureel worden geïmplementeerd.
Stroomopwaarts wordt verzocht om in de komende rapportages concreet inzicht te geven in de resultaten van deze nieuwe werkwijzen. In de reguliere P&C-documenten wordt verwacht dat wordt gerapporteerd over de effecten van de ingezette aanpakken, waaronder plaatsingsaantallen, doorstroom en aansluiting op de arbeidsmarkt. Daarbij wordt ook verzocht inzicht te verkrijgen in het aantal betrokken bedrijven, uitgesplitst naar Vlaardingen en per leerlijn. Ook wordt verzocht eventuele knelpunten in de uitvoering en de daaruit getrokken lessen te benoemen, zodat de effectiviteit van het beleid kan worden gevolgd en waar nodig bijgestuurd.
5
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
4 In de huidige rapportages worden banen met loonkostensubsidie als totaal gepresenteerd, zonder onderscheid tussen interne en externe plaatsingen. Hierdoor is het lastig om inzicht te krijgen in de aard, spreiding en impact van de verschillende vormen van inzet van loonkostensubsidie.
Stroomopwaarts wordt verzocht om in toekomstige rapportages bij het totaaloverzicht van banen met loonkostensubsidie in alle relevante tabellen een uitsplitsing wordt opgenomen naar interne en externe plaatsingen. Deze transparantie maakt het mogelijk om beide vormen afzonderlijk te volgen en te beoordelen en vergoot het inzicht in de effectiviteit van de inzet van loonkostensubsidie.
Binnen elk Sturingspakket wordt aangegeven wat de hoofdlijnen zijn van de te benoemen PrestatieIndicatoren, die - als uitwerking van de zienswijze op de ontwerpbegroting 2027 - in het najaar in een Kaderbrief door de gemeenteraad worden vastgesteld. Daarin worden de Prestatie-Indicatoren benoemd voor de toekomstige ontwerpbegroting 2028. De kern daarvan zal in de Risicoprofielrapportage 2027 worden opgenomen. De algemene kaders voor en afbakening van de Prestatie-Indicatoren worden, conform de op 11 december 2025 door de raad vastgestelde Evaluatie toepassing risicoprofielen, in juni 2026 met de nieuwe gemeenteraad besproken.
Bijlagen: 1. Omschrijving van de Sturingspakketten (Uitleg over het systeem van toedeling van pakket op basis van het risicoprofiel) 2. Bestuurlijke Analyse (vragen en toelichting) 3. Financiële Analyse (vragen en toelichting) 4. Bestuurlijke Effect Monitor 2025
6
3 maart 2026 BIJLAGE 1
Stroomopwaarts Risicoprofiel Sturingspakketten
De risicoanalyse geschiedt aan de hand van de volgende criteria: De omvang van het maatschappelijk belang Gemeenschappelijke Regelingen dienen over het algemeen een openbaar of maatschappelijk belang. De mate waarin de (lokale) keuzes mogelijk en wenselijk zijn met betrekking tot de invulling en uitvoering van de betreffende taak kan hierbij verschillen. Dat geldt dus ook voor de behoefte aan controle en bestuurlijke (bij)sturing. Het financiële belang of de risico's Hoe meer gemeentelijke middelen er omgaan in een regeling, des te groter de behoefte aan sturing zal zijn. Hierbij is de mate van inkadering van bestedingen en de omvang van eventuele financiële risico's van belang. Uitgangspunt is dat een GR geen onnodige reserves opbouwt. De mate van beïnvloeding De vorm van de samenwerking is bepalend voor de mate waarin invloed kan worden uitgeoefend. Een getalsmatig minder zware stem heeft in het beleid van een GR biedt ook minder ruimte aan eigen lokale sturing. De actualiteit Het kan zijn dat een GR aan de vooravond staat van een groot project of dat er een nieuw jaar na een veranderopgave wordt ingegaan of dat er net een grote bezuinigingsopgave is geweest. De actualiteit kan een reden zijn om een gemeenschappelijke regeling (tijdelijk) extra te volgen.
Kwalitatieve en inhoudelijke analyse Elke gemeenschappelijke regeling voert taken en/of diensten uit voor de gemeente of besteedt deze uit aan derden. Op basis van de beleidskaders die zijn gesteld worden per gemeenschappelijke regeling prestatie indicatoren opgesteld. Basis Pakket De gemeenteraad wordt over Gemeenschappelijke Regelingen in dit pakket geïnformeerd bij de gemeentelijke begroting en jaarrekening. Dit gebeurt in de paragraaf Verbonden Partijen waar dus zowel publieke als publiek-private samenwerkingen zijn opgenomen. Versterking Pakket Aanvullend op het Basis Pakket wordt de gemeenteraad ook bij de voortgangsrapportage van de gemeente geïnformeerd over deze gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast zal het bestuurlijke en ambtelijke overleg met deze gemeenschappelijke regelingen intensiever zijn dan bij de Partijen in het Basis Pakket. Tot slot worden deze gemeenschappelijke regelingen ook periodiek geagendeerd in het college. Te overwegen is om deze gemeenschappelijke regelingen eens per half jaar (of kwartaal) ter informatie te agenderen in de raadscommissie. Intensivering Pakket Aanvullend op het Versterking Pakket wordt het bestuurlijke en ambtelijke overleg nog verder geïntensiveerd. Dit houdt bijvoorbeeld in dat: • De gemeenteraad wordt geïnformeerd over de P&C documenten van de gemeenschappelijke regeling.
Naast begroting en jaarstukken, gaat het daarbij om tussentijdse rapportages. • Zo nodig wordt de gemeenteraad tussentijds geïnformeerd (ook buiten de P&C documenten om); niet alleen financieel maar ook op de inhoud. • Er is een (nog) hogere frequentie van bestuurlijk en ambtelijke overleggen. • De focus bij het rapporteren zit in de risico’s, financieel en inhoudelijk, die de gemeente loopt. Prestatie-Indicatoren vormen een onderdeel van elk Sturingspakket, uit te werken in een Kaderbrief.
7
3 maart 2026
Stroomopwaarts Risicoprofiel
Er worden vijf verschillende risicoprofielen onderscheiden: 1. Laag 2. Laag/gemiddeld 3. Gemiddeld 4. Gemiddeld/hoog 5. Hoog
Er zijn drie sturingspakketten: Basis, Versterking en Intensivering. Risicoprofiel 1 Laag 2 Laag/middel 3 Gemiddeld 4 Gemiddeld/hoog 5 Hoog
Pakket Sturingsmaatregelen Basis Pakket Basis Pakket Versterking Pakket Intensivering Pakket Intensivering Pakket
8
Overweging om extra te volgen Nee Nee Kan, na goede afweging Aannemelijk, na goede afweging Ja
BIJLAGE 2 Antwoorden Bestuurlijke Analyse Stroomopwaarts
score: 44%
relatieve risicofactor BA:
Bestuurlijke analyse
L
Aan welk Vlaardings beleid geef de GR invulling? Sinds 1 juli 2015 bestaat Stroomopwaarts en voert namens de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam het gedeelte Werk en Inkomen uit. Ook de sociale werkplaatsen van deze gemeenten zijn ondergebracht bij Stroomopwaarts. Deze sociale werkplaatsen noemen wij het Werkleerbedrijf. Stroomopwaarts voert namens de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam regelingen uit. Dit betreft de regelingen: - Participatiewet - Schuldhulpverlening - IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) - IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen werkzoekenden). Het Werkgeversservicepunt (WSP) van Stroomopwaarts geeft ondernemers advies over de mogelijkheden om sociaal te ondernemen en adviseert over mogelijke regelingen vanuit het Rijk. Daarnaast denken de accountmanagers van het WSP mee over detachering of plaatsing van medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt en bieden de mogelijkheid werk uit te besteden aan het Werkleerbedrijf van Stroomopwaarts. Stroomopwaarts helpt nieuwkomers in Maassluis, Vlaardingen en Schiedam op weg om aan hun inburgeringsplicht te voldoen en om bekend te raken in hun nieuwe woonplaats.
Verder biedt Stroomopwaarts ondersteuning bij het leren van de Nederlandse taal, het bereiken van (financiële) zelfredzaamheid en de toeleiding naar participatieactiviteiten en (vrijwilligers)werk. Stroomopwaarts is beleidsrijk op alle onderdelen behalve op het onderdeel inburgering en is voor de gemeente verantwoordelijk voor beleidsontwikkeling. Daarom vindt beleidsvoorbereiding plaats bij Stroomopwaarts. Beleidsvoorbereiding Inburgering vindt plaats bij MVS-gemeenten. Stroomopwaarts geeft uitvoering aan dit beleid. Beleid wordt deels afgestemd in de afstemmingsoverleggen tussen de MVS gemeenten en Stroomopwaarts. Verder heeft Stroomopwaarts een groot aandeel in het gemeentebudget. De impact van de dienstverlening is groot voor de gemeente. Participatie en werken binnen de gemeente is van groot belang op allerlei onderdelen (welzijn, zorg maar ook in economische zin). 1
In welke mate is belangenbehartiging onderdeel van de GR-doelstellingen? a Is belangenbehartiging op regionaal niveau expliciete doelstelling van de GR? Ja, voor de deelnemende gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam. b Is belangenbehartiging op provinciaal niveau expliciete doelstelling van de GR? Nee c Is belangenbehartiging op landelijk niveau expliciete doelstelling van de GR? Nee. Er is geen expliciete belangenbehartiging op landelijk niveau, maar feitelijk gezien is het wel aan de orde. Stroomopwaarts is landelijk gezien één van de grootste sociaal werkleerbedrijven. Vanuit die hoedanigheid is er wel belangenbehartiging vanuit Stroomopwaarts.
M H -------
-------
1 1 ------1 ------1 -------
2
3
4
Hoe groot is de bestuurlijke invloed? a Vertegenwoordigd in Algemeen Bestuur Ja. Wethouder A.J. Proos en wethouder R. de Ron b Vertegenwoordigd in Dagelijks Bestuur Ja. Wethouder A.J. Proos c Toegewezen (specifieke) portefeuille(s)? Vanuit de MVS gemeenten is er één vertegenwoordiger voor het regionale arbeidsmarkt overleg. Het voorzitterschap rouleert tussen de gemeentes. d Invloed(sverhoudingen) binnen het Algemeen Bestuur? De gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS is een collegeregeling, waarbij bepaalde collegebevoegdheden binnen het sociaal domein zijn gedelegeerd. Daarnaast kunnen op grond van artikel 4 lid 2 van de gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS bij collegebesluit van de deelnemers afzonderlijke bevoegdheden aan het bestuur worden gemandateerd. Het dagelijks bestuur dient hier vooraf toestemming te verlenen aan het afzonderlijke mandaat.
1 1 ------1 ------1 ------1
------Bij een collegeregeling worden de leden van het algemeen bestuur exclusief gekozen door en uit de colleges. De betreffende wethouders vanuit de deelnemende colleges vertegenwoordigen de colleges in het algemeen bestuur en worden geacht het eigen belang van de deelnemer te behartigen. Raadsleden kunnen daarom dan ook geen lid zijn van het algemeen bestuur. In de GR Stroomopwaarts MVS bestaat het algemeen bestuur uit de zes wethouders. De colleges van Maassluis, Vlaardingen en Schiedam benoemen ieder twee leden. In het algemeen bestuur heeft ieder lid één stem. Zijn er interventiemogelijkheden bij bestuurlijk disfunctioneren voor college en/of raad? 1 De Gemeenschappelijke regeling MVS Stroomopwaarts is een collegeregeling. In het geval van bestuurlijk disfunctioneren is het aan het college om interventiemogelijkheden in te zetten. Inherent aan het feit dat ze de bestuurders kunnen benoemen kunnen ze de benoeming ook ------weer intrekken. Vanuit de financiële invalshoek is er sprake van een rechtmatigheidsverantwoording van het Dagelijks bestuur naar het Algemeen bestuur. Dit betreft primair een interne aangelegenheid die vervolgens met de P&C cyclus wel bij het college uitkomt. Zijn er specifieke afspraken over doelen en prestaties? a Is er sprake van specifieke Vlaardingse doelen en prestaties? Nee. Er zijn geen specifieke Vlaardingse doelstellingen vastgesteld.
Bij de oprichting van Stroomopwaarts is gekozen voor MVS brede doelstellingen. De prestatie indicatoren zijn over het algemeen MVS breed. Er is geen onderverdeling per gemeente. Het doel is in MVS verband hetzelfde, maar er wordt over het algemeen niet per gemeente gerapporteerd. Je zet bepaalde faciliteiten op voor drie gemeenten, maar het is de vraag wie er gebruik van maakt. Hierdoor is er een risico, aangezien niet duidelijk wordt waar de gemeentelijke bijdrage voor Vlaardingen exact voor wordt ingezet. Doel is in Vlaardingen om aantal bijstandsgerichtigden omlaag te krijgen. Wel wordt de gemeente Maassluis, Vlaardingen en Schiedam betrokken bij het herijken en ontwikkelen van nieuwe KPI's, waarbij ieder vanuit zijn eigen gemeente inhoudelijk wensen en aandachtspunten meegeeft. b Zijn er (prestatie)afspraken over Vlaardingse doelen en prestaties gemaakt? Zie tekst 7a. c Zijn er (prestatie)indicatoren om die doelen en prestaties te bewaken? In MVS verband zijn ze er wel, maar niet specifiek voor Vlaardingen. d Blijkt uit de prestatie indicatoren dat de gemeentelijke doelstellingen worden gehaald? Nee, want er zijn geen specifieke Vlaardingse doelstellingen vastgesteld waarover wordt gerapporteerd. Behalve voor het aantal uitkeringsgerechtigden.
1 1
-------
1 ------1 ------1 -------
5
6
Is er sprake van een stabiele beleidskoers? Stroomopwaarts is een beleidsrijke gemeenschappelijke regeling. In de afgelopen jaren is er een goede lijn gevolgd voor beleidsontwikkeling. Er is een continue aandacht voor het beleid dat ook aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Ook is de nieuwe strategische nota Werk & Inkomen in december door drie gemeenten vastgesteld. Zijn er duidelijke afspraken gemaakt over informatievoorziening? Op basis van artikel 10 van de Gemeenschappelijke regeling MVS Stroomopwaarts geeft het algemeen bestuur aan de colleges en de raden van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is. Het algemeen bestuur verstrekt aan de colleges en de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen die door één of meer leden van die colleges dan wel raden worden verlangd.
In de praktijk is er twee keer per jaar een bestuursrapportage en één keer per jaar een jaarrekening. Daarnaast wordt er één keer per kwartaal een vernieuwd overzicht van het uitkeringsbestand met de raad gedeeld. Stand van zaken implementatie wetswijzigingen Wgr 2022? 7 a Hoe wordt invulling gegeven aan de wettelijke evaluatieopdracht? Op basis van artikel 34a van de Gemeenschappelijke regeling MVS Stroomopwaarts wordt voor het begin van een nieuwe raadsperiode de gemeenschappelijke regeling geëvalueerd.
1 ------1
-------
1 1
De evaluatie is een gemeenschappelijke taak van het algemeen bestuur en de colleges. De evaluatie ziet in ieder geval toe op: -de doeltreffendheid en de doelmatigheid van de regeling; -------de samenwerking tussen het algemeen en het dagelijks bestuur; -de samenwerking binnen het algemeen bestuur en die binnen het dagelijks bestuur; -de samenwerking tussen het bestuur van het openbaar lichaam en de colleges; -de wijze waarop het bestuur van het openbaar lichaam verantwoording aflegt aan en inlichtingen verstrekt aan de colleges en de raden en de waardering daarvan van de colleges en raden; De uitkomsten van de evaluatie worden neergelegd in een evaluatierapport dat wordt besproken met de colleges en de raden. 1 b In welke mate (en hoe) wordt invulling gegeven aan Actieve Informatieplicht? ------Jaarstukken en twee bestuursrapportages. 1 c Toepassing zienswijzen bij andere beleidsbesluiten (dan begroting) in de GR opgenomen? Anders dan bij begroting en/of begrotingswijzigingen niet. De raad wordt wel om input gevraagd bij ------de realisatie van nieuwe Nota's/visies. 1 d In welke mate (en hoe) wordt invulling gegeven aan (burger)participatie? Stroomopwaarts heeft haar eigen adviesgroep. Deze Adviesgroep adviseert over de manier waarop SOW het vastgestelde beleid uitvoeren. Of voordat SOW een nieuwe werkwijze of regeling invoert.
------De samenstelling van de Adviesgroep is een afspiegeling van de doelgroepen van Stroomopwaarts. Ook werkt Stroomopwaarts met een digitaal klantenpanel. 8
Wat is de bezwaarratio? Aantal bezwaren ten opzichte van het aantal beschikkingen/besluiten a Aantal bezwaarzaken 293 (dit is exclusief Woo, brede ondersteuning, ingebrekestellingen en schadeclaims b Aantal beroepsprocedures 18 c Aantal hogerberoepsprocedures 8
1 1 ------1 ------1 -------
9
Is inzichtelijk wat de Bestuurlijke Effecten voor Vlaardingen zijn? a Wat is de expliciete toegevoegde waarde van deze GR-samenwerking? Stroomopwaarts is een GR van de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam in de vorm van een openbaar lichaam en voert namens voert namens de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam regelingen uit. Dit betreft de regelingen: - Participatiewet - Schuldhulpverlening - IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) - IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen werkzoekenden). Stroomopwaarts is beleidsrijk en is voor de gemeente verantwoordelijk voor beleidsontwikkeling. Behalve voor inburgering. Gemeente Vlaardingen maakt eigen beleid voor inburgering en Stroomopwaarts voert uit. b Welke invloed hebben Vlaardingse pleiten (o.a. zienswijzen) opgeleverd? Het Dagelijks bestuur van Stroomopwaarts reageert met een schrijven op onze zienswijzen aan onze raad.
Hieruit kunnen wij als gemeente opmaken wat Stroomopwaarts doet met de benoemde punten in de zienswijze 10 Wordt Misbruik en Oneigenlijk gebruik van voorzieningen (M&O) tegengegaan? a Is er eigen vastgesteld beleid om misbruik en oneigenlijk gebruik tegen te gaan? De Participatiewet verplicht gemeenten om bij verordening vast te leggen op welke wijze zij het bestrijden van ten onrechte ontvangen bijstand en het tegengaan van misbruik en oneigenlijk gebruik van voorzieningen vormgeven. De MVS-gemeenten hebben hier invulling aan gegeven via de Verordening handhaving Participatiewet. Het dagelijks bestuur heeft het Uitvoeringsplan Handhvaing Participatiewet, IOAW en IOAZ 2025-2026 vastgesteld. Over de uitvoering hiervan wordt periodiek gerapporteerd. Daarnaast rapporteren VIC en Kwaliteit over de rechtmatigheid van de uitgaven en de processen binnen Stroomopwaarts. b Wordt op andere wijze aandacht besteed aan M&O-vraagstukken? Zie antwoord 10a 32
1 1
-------
1 ------1 1
-------
1
32 25
------7
0
BIJLAGE 3 Antwoorden Financiële Analyse Stroomopwaarts
score: 49%
relatieve risicofactor FA:
Financiële analyse 1
Jaarlijkse financiële bijdrage gemeente a Hoogte jaarbijdrage? De prognose voor het aandeel van Vlaardingen voor de jaarlijkse financiële bijdrage voor Stroomopwaarts bedraagt voor 2025 € 82.707.000,- (bedrag na 1e begrotingswijziging 2025 met zienswijze). Na de 2e begrotingswijziging blijkt dat het aandeel van Vlaardingen € 81.340.000,- is. Dit omvat de verdeelsleutel (bijdrage algemene dienstverlening, werkleerbedrijf en overhead), Uitkeringen, Loonkostensubsidie, Armoedevoorziening en Inburgering. Dit bedrag is incl. € 3.399.000,Maatwerk (Meldpunt Kinderopvang Toeslag en overige bijdragen). Het defintieve bedrag is duidelijk in de jaarstukken 2025 Stroomopwaarts MVS. TEKST over trap-op-trap-af. b Verhouding met andere deelnemers, op basis van aantallen inwoners en klanten? De verhouding in MVS wordt bepaald aan de hand van het aantal uitkeringsgerechtigden/cliënten in de MVS gemeenten. Kijkend naar de verdeling in MVS is de definitieve verdeelsleutel in 2025 volgens de definitieve begroting 2025 als volgt: Maassluis: 16,3% Vlaardingen: 41,2% Schiedam: 42,5%. De verdeelsleutel (systematiek verdeling per programma) heeft betrekking op uitvoeringskosten participatiewet en schuldhulpverlening, het werkleerbedrijf en bedrijfsvoering/overhead. Zaken als bijstandsuitkeringen, armoederegelingen en loonkostensubsidies worden direct afgerekend met de gemeente op basis van realisatie.
c 4jaar-trend qua financiële bijdrage? De trend liet een stijging zien van de financiële bijdrage. De stijging van de gemeentelijke bijdrage is was vooral te zien in het onderdeel uitkeringen. Het defintieve BUIG-budget voor 2025 bedraagt €48, 3 miljoen. De prognose voor de uitkeringen is €44,1 miljoen, waardoor er een positief resultaat van €4,2 miljoen ontstaat. Dit betekent dat de gemeente Vlaardingen in 2025 minder uitkeringen verwacht uit te betalen dan het ontvangen BUIG-budget voor 2025. d 4jaar-verwachting/voorspelling qua financiële bijdrage? Het aantal uitkeringen in 2025 is niet hoger dan begroot in het BUIG-budget Zijn de Financiële kengetallen van de GR voldoende? 2 a Relatie tussen de (ontwikkeling) van de €-bijdrage en het behalen van de doelstellingen? Er is een jaarlijkse verantwoordingscyclus: Wij ontvangen de kadernota, een begroting, twee keer een bestuursrapportage en een jaarverslag. In de rapportages wordt weergegeven wat de gemeentelijke bijdrage is en welke doelstellingen er zijn. Stroomopwaarts rapporteert per programma, te weten: werk, inkomen, werkleerbedrijf en inburgering. b Geven de kengetallen daar informatie/duidelijkheid over? In de begroting staat onze gemeentelijke bijdrage benoemd, inclusief en exclusief maatwerk. De effectindicatoren in de vier programma's staan echter in MVS-verband weergegeven en niet per gemeente.
SROI, aantal bijstandsgerechtigden en het bereik van de regionale en lokale armoedevoorzieningen zijn wel per gemeente opgesplitst. c Zijn de kengetallen extern gericht? De kengetallen zijn extern, op inwoners alsook cliënten gericht 3 Benodigde invloed op gemeentelijk weerstandsvermogen o.b.v. risico's GR a Hoe hoog worden de risico's ingeschat? Jaarlijks worden de risico's doorberekend die wij als gemeente lopen. Hier komt een kans uit dat de situatie zich voordoet. In de begroting wordt er weerstandsvermogen opgebouwd om de kans op evt. incidenten op te vangen. Vlaardingen heeft hiervoor in 2025 € 3.675.00,- gereserveerd met een kans van 20% dat de situatie zich voordoet.
L M H 1 1
-------
1
-------
1
-------
1 ------1 1 ------1 ------1 ------1 1 -------
b Zijn er 'tekorten' voor de bedrijfsvoering? In 2019 is na een onderzoek besloten om per 1-1-2022 de bedrijfsvoering voor Stroomopwaarts in eigen beheer te nemen en uit te voeren. Daarvoor werd de bedrijfsvoering door de 3 gemeenten uitgevoerd. Dit op basis van een onderzoeksrapport van BMC. Na 2 jaar zou een evaluatie plaatsvinden. De periode van 2 jaar is voorbij. De ontvlechting van alle bedrijfsonderdelen is per 1 juli als zo goed als afgerond. Dit maakt het mogelijk om het budget goed te bestuderen en uitspraken te doen over de hoogte van de noodzakelijke budget. De evaluatie heeft plaatsgevonden en beoogt helderheid over de werkelijke uitgaven en inzicht in welk budget en hoeveelheid fte’s er noodzakelijk is voor Stroomopwaarts om bedrijfsvoering goed te kunnen uitvoeren, rekening houdend met de beleidsmatige en huisvestingsontwikkelingen van Stroomopwaarts. De drie gemeenten zijn betrokken bij het onderzoek. Het rapport ontvangen van een onafhankelijk onderzoeksbureau staat klaar en is gedeeld op alle bestuurlijke niveaus. Stroomopwaarts maakt duidelijk dat er een tekort ontstaat wanneer Stroomopwaarts het hogere ambitieniveau voor de bedrijfsvoering wil realiseren. Op dit moment sluit het beschikbare budget nog steeds aan bij het lagere niveau van 'sober en doelmatig'.
Dit houdt in dat de middelen die nu beschikbaar zijn, niet voldoende zijn om de hogere ambitie waar te maken. Dat betekent dat Stroomopwaarts extra financiering nodig heeft en moet dit vertaald worden in een concreet ontwikkelplan. Dit staat eigenlijk op gespannen voet met de beheersmaatregelen die eraan gaan komen en vormt het niet straks ook een risico voor de gemeentelijke begroting, omdat straks extra uitgaven nodig zijn, terwijl er al sprake is van bezuinigingsdruk. 4
Wordt rekening gehouden met mogelijke incidentele extra kosten? a Onverwacht hogere benodigde bijdrage? Stroomopwaarts heeft ca twee keer per jaar een begrotinswijziging gelet op ontwikkelingen in het lopende jaar. Een begrotingswijziging heeft wel of geen financiële wijziging van de begroting als gevolg. Als beheersmaatregel houdt de gemeente in de risicoparagraaf (weerstandsvermogen) rekening met incidentele hogere benodige bijdragen. b Onvoorspelbare calamiteiten (brand, fraude, cybercrime etc.)? Vanuit de gemeente wordt hier niet op geanticipeerd in de begroting. 5 Mate van aansprakelijkheid gemeente wat betreft: a Schulden aangegaan door de GR t.b.v. de dienstverlening? Beheersen met de in- en uitgaande kasstromen die voortvloeien uit de normale exploitatie. Bijstelling indien nodig. Stroomopwaarts streeft altijd naar een positief saldo. b In stand houden van de dienstverlening bij in gebreke blijven? Stroomopwaarts voert wettelijke taken uit, dus zij zullen de dienstverlening in stand moeten houden. Op dit moment zijn er geen risico’s te benoemen. c Claims die voortvloeien uit onjuist verleende dienstverlening? Hiervan zijn geen voorbeelden bekend.
6 GR-beleid op financieel gebied a Financeel beleid en financiële beslissingen? Het Algemeen Bestuur van Stroomopwaarts, waar wethouders Proos en de Ron namens gemeente Vlaardingen Algemeen Bestuurslid van zijn, stelt begrotingen en begrotingswijzigingen vast. b Investerings- of saneringsplannen? In de zienswijzen naar aanleiding van de begroting 2025 van SOW hebben de gemeenten, met het oog op het aanstaande 'financiële ravijn' Stroomopwaarts verzocht om na te denken over mogelijke kostenbesparingen. Het management van Stroomopwaarts heeft samen met het Dagelijks Bestuur (DB) van Stroomopwaarts besproken welke keuzes gemaakt kunnen worden om deze kostenbesparingen te realiseren. Stroomopwaarts zal vanaf 2026 jaarlijks 2,7 miljoen bezuinigen. In het implementatieplan Stroomopwaarts Bezuinigingen 2026 is per businessunit uitgewerkt hoe deze bezuinigingen worden doorgevoerd. De voorgestelde beheersmaatregelen hebben impact op (dienstverlening aan) inwoners en de organisatie van Stroomopwaarts. De beheersmaatregelen landen in de Kadernota 2026 Stroomopwaarts MVS.
1
-------
1 1 ------1 ------1 1 ------1 ------1 ------1 1 ------1
-------
7
Mate van bijsturingsmaatregelen? a Zijn er vaste/periodieke bijsturingsmomenten (P&C-cyclus)? Er is een jaarlijkse P&C cyclus die bestaat uit: een kaderbrief, (meerjaren) begroting met zienswijze, tussentijdse begrotingswijzigingen met indien van toepassing een zienswijzeprocedure, twee keer een bestuursrapportage en een jaarrekening/ jaarverslag. b Zijn er mogelijkheden tussentijds in te grijpen (P&C-cyclus)? De raad kan een zienswijze geven op de begroting en indien van toepassing op begrotingswijzigingen van GR Stroomopwaarts. 8 Is de Bedrijfsvoering van de GR op orde? a Heeft de accountant opmerkingen/adviezen hierover geplaatst in laatste jaar? Uit het jaarverslag 2023: Het jaarverslag, inclusief de opgenomen informatie in de paragraaf bedrijfsvoering, is verenigbaar met de jaarrekening en bevat geen materiële onjuistheden. De accountant heeft adviezen uitgebracht over het controle jaar 2023. De belangrijkste adviezen tav paragraaf bedrijfsvoering waren: - Onderschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten en baten en investeringsbudgetten (kredieten) dienen wel uitgewerkt te worden in de paragraaf bedrijfsvoering (uiteraard rekening houdend met de rapporteringsgrens). - De tekst in de paragraaf bedrijfsvoering is op onderdelen niet juist. Graag refereren wij naar de eerder toegestuurde opmerkingen over deze tekst.
- De rechtmatigheidsverantwoording bevat niet integraal de voorschreven modeltekst (zie eerder toegestuurde voorbeeldtekst). Advies is om daar niet te veel van af te wijken en vooral in de paragraaf bedrijfsvoering verdere toelichtingen te geven. - Voor zover wij kunnen nagaan beschikt Stroomopwaarts MVS niet over een vastgesteld M&O beleid. O.b.v. stellige uitspraak van de Commissie BBV dient dit in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht te worden. Dit is vormvrij. - In de paragraaf bedrijfsvoering worden de aanbestedingsonrechtmatigheden uitgebreid toegelicht. Advies is dit meer op hoofdlijnen te beschreven en in verband met potentieel claimrisico de betreffende leveranciers zeker niet bij naam en toenaam te noemen. - De acceptabele begrotingsonrechtmatigheden hoeven niet in de rechtmatigheidsverantwoording uitgewerkt te worden, maar wel elders in de jaarrekening en in de paragraaf bedrijfsvoering. b Zijn er recente specifieke onderzoeken uitgevoerd op dit gebied? Er worden voortdurend onderzoeken gedaan. Stroomopwaarts voert benchmarks uit en vergelijken zichzelf met soortgelijke organisaties om te bezien of ze vanuit de doelmatigheid op hetzelfde niveau zitten of beter zijn. c Zijn er gerichte maatregelen getroffen ter verbetering van bedrijfsvoering? Ja Stroomopwaarts is bezig met een doorontwikkeling van de organisatie.
9 Zijn de verantwoordingsrapportages adequaat? a De rechtmatigheidsverklaring in de eigen rapportage? Ja b Wat betreft de doelmatigheid en doeltreffendheid van de eigen rapportages? Uit de rapportages blijkt (nog) niet letterlijk welke prijs//kwaliteit gerealiseerd wordt, afgezet tegen de kosten van hetgeen verwacht werd. De ingezette middelen uit Vlaardingen worden niet per programma van Stroomopwaarts doorvertaald op gemeentelijk niveau. In december 2025 is er een kostprijsanalyse gedeeld per hoofdactiviteit van de dienstverlening. Die laat een positieve trend zien ten opzichte van 2024 en wordt ingezet voor procesverbetering en MKBA's. De kostprijzen zijn lager of in lijn met de rijksmiddelen voor deze de dienstverlening. Dit geeft een positief beeld van de effectiviteit van de dienstverlening.
1 1 ------1 ------1 1
-------
1 ------1 ------1 1 ------1
-------
10
Is de mate van risicomanagement GR op orde? a Is er gericht beleid op het gebied van risicomanagement? Stroomopwaarts heeft in de begroting een paragraaf opgenomen over Paragraaf over de Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Stroomopwaarts heeft op basis van analyses en inventarisaties verschillende risico’s in kaart gebracht, incusief de kans dat het risico zich voordoet, bijbehorende beheersmaatregelen en het bedrag. De omvang van de Algemene Reserve is conform de vastgestelde nota Reserves en Voorzieningen ongeveer gelijk aan 1,4x het risicoprofiel voor Stroomopwaarts in de begroting 2025 Stroomopwaarts. Daarnaast wordt er voor de gemeente ook inzichtelijk gemaakt wat eventuele risico’s zijn op het gebied van de bijstandslasten en de ontwikkelingen De risicoafdekking zit primair bij Stroomopwaarts. Dit wordt jaarlijks bij de begroting herijkt. b Zo ja, is dit transparant/inzichtelijk? Ja. Het is een onderdeel van de jaarstukken en de begroting van Stroomopwaarts. Het is als aparte paragraaf opgenomen. Er is een onderscheid in de risico's in de algemene en individuele dienstverlening, bedrijfsvoering en financiële risico’s. De stukken worden gedeeld met de gemeente.
1 1
c Zo ja, is het ook toereikend? Ja, voor zover nu bekend wel. d Zijn er andere oplossingen/beheersmaatregelen om risico's te verkleinen? Stroomopwaarts kent een The Three Lines of Defense. Dit komt terug doordat dit in verschillende financiële functies is ingebouwd en uiteindelijk komt het ook terug in de accountants controle.
1
37
-------
1 -------
------1 ------37 29
7
1
Bijlage 4 1. Omschrijving
Zienswijze
Bestuurlijke Effect Monitor Risicoprofielrapportage Stroomopwaarts 2026 20 mei 2025: zienswijze Eerste Begrotingswijziging 2025 vastgesteld. In overeenstemming met de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft het Dagelijks Bestuur van Stroomopwaarts MVS de eerste begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026 ter zienswijze voorgelegd aan de gemeenteraden van de MVS-gemeenten. De wijziging bevat onder andere middelen voor het Werkleerbedrijf, een budget voor frictiekosten van beheersmaatregelen, en extra middelen voor de aanpak van de alleenverdienersproblematiek. De gemeenteraad brengt in haar zienswijze de volgende punten onder de aandacht. Ten eerste betrekt de raad de extra middelen voor het Werkleerbedrijf. Hoewel deze middelen in de begrotingswijziging 2025 zijn opgenomen, zijn zij nog niet daadwerkelijk door de gemeente ontvangen. De raad geeft daarom aan dat middelen in toekomstige begrotingswijzigingen pas moeten worden opgenomen zodra ze daadwerkelijk beschikbaar zijn. Op dat moment dient tevens een concreet plan van aanpak te worden gepresenteerd, waarin duidelijk wordt gemaakt wat de hoogte, aard (incidenteel of structureel) en het beoogde gebruik van de middelen is, inclusief de gewenste resultaten.
De raad benadrukt dat het essentieel is dat het Werkleerbedrijf toekomstbestendig blijft, zodat inwoners met een arbeidsbeperking blijvend kunnen worden ondersteund bij het streven naar zelfstandig inkomen. In de nieuwe Regionale Nota Werk en Inkomen 2026-2029 verwacht de raad inzicht in hoe het Werkleerbedrijf binnen de beschikbare middelen verder kan worden doorontwikkeld. Ten tweede wordt aandacht gevraagd voor de frictiekosten van de beheersmaatregelen. In de begroting 2026 is een structurele besparing van €2,6 miljoen opgenomen, waarvoor een incidenteel implementatiebudget van €1,6 miljoen is voorzien. De raad waardeert dat dit budget in een aparte bestemmingsreserve is opgenomen om de stapsgewijze implementatie mogelijk te maken. Tegelijkertijd verzoekt de raad om in de P&C-rapportages concreet te verantwoorden waaraan deze middelen zijn besteed en niet gebruikte middelen terug te laten vloeien naar de gemeente.
Reactie
Tot slot is aandacht gevraagd voor de alleenverdienersproblematiek. Via de septembercirculaire 2024 van het Rijk is hiervoor €120.000 aan gemeente Vlaardingen toegekend. De raad waardeert dat Stroomopwaarts hiermee aan de slag gaat om de getroffen inwoners te ondersteunen. Er wordt gevraagd om de inzet van de middelen binnen de beschikbare budgetten te verantwoorden in de P&C-rapportages en om niet bestede middelen terug te laten vloeien naar de gemeente. Stroomopwaarts heeft de extra middelen voor de dekking van de kosten van het Werkleerbedrijf opgenomen in de eerste begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026. Naar aanleiding van de zienswijze wordt aangegeven dat een concreet plan van aanpak in de tweede helft van 2025 zal worden opgesteld en onderdeel zal uitmaken van de Strategische Nota Werk en Inkomen 2026–2029. Daarbij wordt toegelicht dat de doorontwikkeling van het Werkleerbedrijf vraagt om een langetermijnvisie en dat de extra middelen samenhangen met door het kabinet beschikbaar gestelde middelen voor een toekomstbestendige sociale infrastructuur.
2. Omschrijving
Daarnaast wordt ingegaan op de frictiekosten die nodig zijn om de beheersmaatregelen te implementeren. Stroomopwaarts geeft aan dat hiervoor een plan wordt opgesteld dat met het dagelijks bestuur wordt gedeeld. Over de besteding van deze frictiekosten zal worden gerapporteerd via de reguliere Planning & Control-cyclus. 20 mei 2025: zienswijze Ontwerpbegroting Stroomopwaarts 2026 vastgesteld. Het Dagelijks Bestuur van Stroomopwaarts MVS heeft de ontwerpbegroting 2026 ter zienswijze voorgelegd aan de gemeenteraden van de MVS-gemeenten. De begroting 2026 laat een stijging van de gemeentelijke bijdrage zien, met name door hogere uitkeringslasten. Voor 2025 geldt een definitief BUIG-budget van € 48,3 miljoen, terwijl de prognose voor uitkeringslasten € 44,1 miljoen bedraagt, wat resulteert in een positief resultaat van € 4,2 miljoen.
Zienswijze
Het risicoprofiel 2025 van Stroomopwaarts is op 18 maart door het college vastgesteld en het sturingspakket Versterkt is van toepassing. De begroting bevat voorstellen voor beheersmaatregelen en KPI’s om de prestaties en effecten van Stroomopwaarts beter te monitoren De gemeenteraad brengt in haar zienswijze verschillende aandachtspunten onder de aandacht. Ten eerste is er gevraagd om inzicht in de ontwikkeling van het aantal bijstandsgerechtigden, met nadruk op zowel instroom als uitstroom en in vergelijking met de landelijke trend. Het positieve resultaat van de instroom wordt benoemd, terwijl de lagere uitstroom ten opzichte van het landelijke gemiddelde als zorgpunt wordt gezien. De raad verzoekt bovendien om best practices van andere gemeenten te delen om de uitstroom te verbeteren.
Daarnaast is er aandacht gevraagd voor de uitstroom en de fase-indeling van het Vlaardingse cliëntenbestand. De raad wil inzicht in de route-indeling van cliënten, waaronder maatschappelijke activering met langdurige of kortdurende zorg, sociale activering en werktrajecten, en verzoekt om de impact van aangescherpte classificaties en de invoering van taakgericht werken te monitoren. Wat betreft de beheersmaatregelen waardeert de raad de ingebrachte voorstellen, maar vraagt om doorlopende rapportage over zowel de kwalitatieve als kwantitatieve effecten van deze maatregelen, met speciale aandacht voor de kwetsbare groepen en het werkleerbedrijf. Op het gebied van KPI’s in de P&C-documenten vraagt de raad om verdere uitbreiding en volledige implementatie, bijvoorbeeld op het aantal keurmerkhouders van het Werkpact, het aantal actief samenwerkende ondernemers, het percentage inburgeraars dat taalniveau B1 bereikt, en het percentage statushouders dat werk of een opleiding heeft. De raad wil daarnaast dat het monitoren van bijstandsfraude inzicht geeft in de frequentie van meldingen, de gegrondheid ervan en de effecten op terugvordering, en dat dit vanaf 2025 zichtbaar wordt in de jaarstukken.
Verder vraagt de raad om betrokkenheid bij de evaluatie van de bedrijfsvoering van Stroomopwaarts, die sinds 2022 zelfstandig verantwoordelijk is voor de bedrijfsvoering, inclusief het opvolgen van het plan van aanpak en eventuele begrotingswijzigingen. Ook de inzet van vroegsignalering wordt benoemd als belangrijk instrument om werkende armen in beeld te brengen en de hulpacceptatie te vergroten. De raad verzoekt om het succespercentage van deze pilot huisbezoeken te monitoren en hierover te rapporteren.
Reactie
Ten slotte is het belang van de kaderbrief benadrukt, die in het vierde kwartaal van 2025 wordt opgesteld ten behoeve van de Kadernota 2027, zodat de doelstellingen voor 2027 tijdig kenbaar worden gemaakt. Daarnaast vraagt de raad om alert te blijven op de algemene taakstelling voor verbonden partijen vanaf 2026, met waardering voor de reeds ingezette ombuigingen en met het verzoek verdere efficiëntieverbeteringen te realiseren zonder verlies van kwaliteit van dienstverlening. In reactie op de zienswijze geeft Stroomopwaarts aan dat de begroting 2026 een pakket aan beheersmaatregelen bevat dat is gericht op het verlagen van de uitvoeringskosten. Daarbij wordt gesteld dat deze kostenverlagingen gerealiseerd kunnen worden zonder negatieve impact op de dienstverlening aan kwetsbare groepen. De implementatie van deze maatregelen zal vanaf 2026 onderdeel worden van de reguliere Planning & Control-cyclus, zoals door de gemeenteraad is verzocht. Ten aanzien van de ontwikkeling van het aantal bijstandsgerechtigden hanteert Stroomopwaarts bij het opstellen van de ontwerpbegroting de landelijke trend zoals voorspeld door het Centraal Planbureau. Deze trend vormt ook de basis voor de BUIG-middelen. In de reactie wordt aangegeven dat deze middelen in 2025 toereikend zijn voor de kosten van uitkeringen en loonkostensubsidies.
Stroomopwaarts onderschrijft dat de instroom beter presteert dan de landelijke trend en erkent dat de resultaten op uitstroom beter moeten. Best practices van andere gemeenten worden waar mogelijk betrokken. Verder wordt aangegeven dat via de P&C-cyclus zal worden gerapporteerd over de resultaten van de nieuwe werkwijze, waaronder de route-indeling van het cliëntenbestand per gemeente (langdurende zorg, kortdurende zorg, sociale activering en werktraject). Ook zal in de jaarstukken worden gerapporteerd over het aantal fraudesignalen en de opvolging daarvan. Stroomopwaarts erkent dat de classificatie per cliënt en de zichtbaarheid van resultaten tot nu toe onvoldoende zijn geweest en geeft aan dat hier in toekomstige P&C-documenten concreter op wordt ingegaan. Ten aanzien van de KPI’s, waaronder die op het terrein van inburgering en samenwerking met ondernemers, wordt aangegeven dat aanpassing in de ontwerpbegroting 2026 nog niet mogelijk is. Stroomopwaarts zal hierover in overleg met de gemeenten de opties verder in beeld brengen.