1998412 Beheerplan definitieve versie d.d. 30-10-2024
Tekst van het document
Beheerplan Gemeentelijke Gebouwen 2024-2033
Definitief 17-7-2024
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
Inhoud 1.
Wat is een beheerplan? ................................................................................................................... 2
2.
Gemeentelijke gebouwen ................................................................................................................ 2
3.
Werkwijze onderhoud gemeentelijke gebouwen ............................................................................. 2 3.1
Werkwijze Vastgoed ................................................................................................................ 2
3.2
Werkwijze voor facilitaire voorzieningen ................................................................................. 3
4
Waarom is het belangrijk om met een DMJOP te werken? ............................................................ 3
5
Waarom een beheerplan? ............................................................................................................... 3
6
Financiële consequenties Vastgoed en Facilitaire Voorziening ...................................................... 4
7
6.1
Inleiding ................................................................................................................................... 4
6.2
Jaarlijkse onderhoudskosten, en investeringen ...................................................................... 4
6.3
Verwerking in de gemeentelijke begroting .............................................................................. 5
6.4
Recapitulatie financiële gevolgen invoering ............................................................................ 6
Financiële paragraaf beheerplan gemeentelijke gebouwen ............................................................ 7
Bijlagen: ................................................................................................................................................... 8 Bijlage I
Tabellen bij verwerking in gemeentelijke begroting ......................................................... 8
Bijlage II
Gebouwenlijst gemeentelijk Vastgoed........................................................................... 10
1
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
1. Wat is een beheerplan? Een beheerplan geeft inzicht in het technisch- en bouwkundig beheer en onderhoud van gebouwen en de daarvoor benodigde ramingen. Het beheerplan is een kader voor team Vastgoed en Facilitaire Voorzieningen om het beheer en onderhoud van de dienstgebouwen, beleidsmatig en planmatig te kunnen organiseren.
2. Gemeentelijke objecten De gemeente Vlaardingen heeft ongeveer 100 gebouwen in bezit, waarvan 76 gebouwen in beheer . Zoals te zien is in bijlage II kan het gemeentelijk vastgoed worden onderverdeeld in de volgende categorieën: 1. 12 dienstgebouwen 2. 4 gebouwen strategisch bezit 3. 17 gebouwen maatschappelijk vastgoed 4. 5 onderwijsgebouwen (dislocaties) 5. 14 (veld)sportaccommodaties 6. 12 gebouwen overig bezit 7. 12 Overige objecten (in stand houden/ schoon-heel-veilig) Het Beheer en onderhoud van de dienstgebouwen wordt in samenwerking uitgevoerd tussen team Vastgoed en team Facilitaire Voorzieningen. Deze taakverdeling verdeling is vastgelegd in een demarcatielijst, zie bijlage 1. Daarbij is een belangrijke regel om te onthouden: alle verplaatsbare onderdelen binnen een gebouw vallen onder team Facilitaire Voorzieningen en alle vaste bouwkundige en installatietechnische onderdelen vallen onder team Vastgoed.
3. Werkwijze onderhoud gemeentelijke objecten 3.1 Werkwijze Vastgoed Team Vastgoed onderhoudt alle gebouwen d.m.v. een DMJOP (duurzaam meer jarenonderhoudsplan). Het MJOP bevat de maatregelen die tijdens het integraal onderhoud worden uitgevoerd. Integraal onderhoud betekent dat onderhoud aan alle onderdelen zoveel mogelijk wordt uitgevoerd en op elkaar wordt afgestemd. Een MJOP wordt opgesteld op basis van de NEN2767, een methode om de technische staat van gebouwen en installaties objectief te beoordelen en geeft een beeld van de staat van onderhoud van het gebouw en/ of de installaties. De onderhoudsnorm voor Vlaardingen is conditiescore 3 (normaal onderhoud). De budgetten zijn afgestemd op deze scores. In het DMJOP is meerjarig planmatig onderhoud opgenomen. Een DMJOP (duurzaam meer jarenonderhoudsplan) gaat verder dan het MJOP. In een DMJOP staat welke verbeteringen/verduurzaming aan een gebouw gebracht kunnen worden en wat de ramingen daarvan zijn. Hierin worden verschillende energiebesparende en energieopwekkende mogelijkheden uitgewerkt die tijdens een natuurlijk moment uitgevoerd kunnen worden om te verduurzamen. In de afbeelding op volgende pagina is het proces van planmatig onderhoud weergegeven: - Fase 1 en 2 herhaalt zich 1 keer per 4 jaar. Op dat moment wordt de keuze gemaakt om de DMJOP’s te laten actualiseren of nieuwe DMJOP’s op te laten stellen.
Het laten actualiseren van DMJOP’s is een snelle en goedkopere keuze. Voor nieuwbouw en nieuw aangekochte gebouwen zal wel een nieuw DMJOP worden opgesteld - Fase 3 vindt in het laatste kwartaal van ieder jaar plaats. 2
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
De DMJOP’s worden ieder jaar omgezet in een jaarplan (fase 3), waarmee de werkzaamheden worden geclusterd . De bedragen in een DMJOP zijn ramingen. Met deze ramingen hebben we een indicatie welke budgetten we jaarlijks ongeveer nodig zullen hebben. Nadat overleg heeft plaatsgevonden met andere teams (onderwijs, sport, cultuur etc.) wordt het jaarplan definitief gemaakt. Per cluster worden er offertes opgevraagd en daarmee worden de definitieve kosten bepaald. Let op: per jaar wordt bekeken welke werkzaamheden uitgesteld of naar voren gehaald kunnen worden. Dit hangt van de technische staat van de installatie of het gebouw af. 3.2 Werkwijze voor facilitaire voorzieningen Het betreft hier het binnen onderhoud van de dienstgebouwen en het onderhoud en de vervanging van de inrichting van het kantoor zoals meubilair etc. Hiervoor is in 2021 een eerste MJOP opgesteld waarin o.m. ook het achterstallig onderhoud van de inrichting en de verbouwingskosten in het kader van het nieuwe werken zijn opgenomen. Net als voor het buitenonderhoud van de gebouwen is in 2023 ook voor het binnen onderhoud een nieuw MJOP opgesteld, waarvoor de dekking gevonden kan worden in de jaarlijks beschikbare budgetten en de in de afgelopen jaren beschikbaar gestelde investeringskredieten voor de noodzakelijke vervanging van meubilair (zie paragraaf 6.2).
Kosten voor beveiliging, kantoorartikelen, catering, schoonmaak, wagenparkbeheer, bedrijfskleding etc. vallen echter buiten de scope van het beheerplan.
4 Waarom is het belangrijk om met een DMJOP te werken? Een DMJOP zorgt ervoor dat onderhoud en de verduurzaming van een object geraamd zijn en voorkomt zoveel mogelijk onverwachte uitgaven. Door de werkzaamheden uit een DMJOP uit te voeren, voorkom je achterstallig onderhoud waardoor de levensduur van een object verlengd wordt.
5 Wat is een beheerplan? Volgens de gemeentelijke financiële verordening welke in maart 2023 door de Raad is vastgesteld, dient de Raad elke 4 jaar een beheerplan met daarin de onderhoudsplannen voor de komende jaren vast te stellen. Het beheerplan maakt een vertaalslag van beleid en wet- & regelgeving naar operationeel beheer. Dit beheerplan, welke gebaseerd is op de DMJOP’s, is noodzakelijk, biedt structuur en leidt tot een nauwkeuriger raming van de te verwachten onderhoudskosten.
3
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
Het is belangrijk om ons te realiseren dat er zaken zijn die een ‘verstorende’ invloed kunnen hebben. Te denken is aan grillige marktontwikkelingen, extreme kostenstijgingen, veranderende wet- en regelgeving en invloeden van buitenaf die (de kwaliteit van) het vastgoed beïnvloeden. Het beheerplan en de DMJOP’s zijn dynamische documenten en dienen actueel gehouden te worden. 6
Financiële consequenties Vastgoed en Facilitaire Voorziening
6.1 Inleiding In deze paragraaf worden de opbouw van het beheerplan en de dekking van de kosten vanuit de reserve groot onderhoud en de in te stellen voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen nader uiteengezet. Daarnaast wordt een overzicht verschaft van de nog lopende investeringen die niet in het beheerplan zijn opgenomen, maar wel van invloed zijn op de uitvoering van het beheerplan. Na doorrekening van de exploitatiekosten en de kosten uit de DMJOP’s blijkt dat het beheerplan geheel binnen de bestaande begroting past. De extra kapitaallasten voor de investeringen in duurzaamheid kunnen gedekt worden uit de bestemmingsreserve grootonderhoud gebouwen. 6.2
Jaarlijkse onderhoudskosten, en investeringen
Opbouw van de kosten De in het beheerplan gemeentelijke gebouwen opgenomen kosten zijn te verdelen in drie componenten, te weten: • Preventief en correctief onderhoud, met dekking vanuit exploitatie; • Planmatig/ vervangingsonderhoud (DMJOP’s), met dekking vanuit voorziening; • Investeringen (onderhoud en verduurzaming), waarbij de kapitaallasten van deze investeringen gedekt worden vanuit de exploitatie. Preventief en correctief onderhoud Het preventief onderhoud (bijvoorbeeld dagelijks onderhoud en contractonderhoud) zijn de jaarlijks terugkerende onderhoudslasten. Deze kosten vertonen meestal een vast beeld. Onder correctief onderhoud wordt verstaan storings- en klachtenonderhoud. Beide kostenposten zijn opgenomen in tabel 3. Planmatig/ vervangingsonderhoud (DMJOP’s) Onder dit onderhoud wordt verstaan de vervanging van installaties en bouwkundige elementen. Periodiek wordt voor alle in beheer zijnde panden een DMJOP opgesteld. Zoals al eerder is aangegeven zijn de opgestelde DMJOP’s de basis voor dit beheerplan. Deze DMJOP’s zijn weer gebaseerd op de 0-meting, welke in 2023 is opgesteld voor de 76 gebouwen/ objecten waar het team Vastgoed het beheer en onderhoud van doet. Het onderliggende beheerplan kent een (door)looptijd van 30 jaar en eindigt in 2063. De opgestelde DMJOP’s zijn gebaseerd op duurzaam planmatig/ vervangingsonderhoud.
De DMJOP’s worden om de 4 jaren herzien/ bijgesteld en wordt het beheerplan geactualiseerd. De kosten zijn te vinden in tabel 4. Investeringen Onder de investeringen wordt verstaan grootschalige onderhoudswerkzaamheden, zoals ingrijpende renovaties, noodzakelijke verbouwingen en de vervangingen van meubilair en gebruikersinventaris om aan de eisen van wet- en regelgeving te kunnen blijven voldoen. In dit beheerplan zijn de volgende investeringen opgenomen:
4
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
-
De in het meerjareninvesteringsprogramma (MIP) opgenomen investeringen, waarvan de kapitaallasten reeds in de meerjarenbegroting 2024-2027 zijn opgenomen. Dit betreft de extra kosten die gepaard gaan met het vervangingsonderhoud uit de MJOP’s en - De nieuwe verduurzamingsinvesteringen (vervangingingsonderhoud). De kapitaallasten hiervan zijn nog niet in de huidige begroting opgenomen, maar worden gedekt uit bestaande budget. Al deze investeringen zijn opgenomen in tabel 1 en de extra kapitaallasten die daaruit voortvloeien in tabel 2. Naast deze investeringen zijn er ook nog lopende werkzaamheden in de investeringssfeer. Ook de kapitaallasten van deze investeringen zijn reeds meegenomen in de vastgestelde meerjarenbegroting 2024-2027. Zij leveren dus geen extra last op. Het betreft hier de volgende kredieten en restantbedragen per 1 januari 2024: - Renovatie Markt 11 1.487.872,49 - Vervanging verlichting Markt 11/ WNL/SGZ 268.000,00 - Aanpassing toegang Markt 11 189.000,00 - Vervangingen Facilitair 2023 114.000,00 - Vervanging meubilair 2023/2024 577.000,00 In dit beheerplan zijn de investeringen opgenomen die nodig zijn om de gemeentelijke gebouwen geleidelijk te verduurzamen.
Deze zijn al eerder in een ‘routekaart voor verduurzaming tot 2030 en 2050’ aan de raad voorgelegd en zijn in lijn met de landelijke en wettelijke klimaatdoelstellingen op duurzaamheid en de gemeentelijke programma’s. Daarnaast moet worden voldaan aan de Europese klimaateisen waar gesteld wordt dat in 2030 een CO2 uitstootreductie behaald moet worden van 55%. Een duurzame gebouwportefeuille leidt tot structureel lagere energiekosten, meerwaarde voor de gebruikers en huurders en geeft een goed voorbeeld voor de inwoners. Het gaat hier o.a. om het na isoleren van daken, gevels en vloeren het plaatsen van warmtepomp en zonneboilers en zonnepanelen. Hiervoor is reeds budget tot en met 2027 beschikbaar gesteld. Voor een overzicht van deze investeringen zie tabel 1A. Daarnaast zijn investeringen i.v.m. duurzaam planmatig/ vervangingsonderhoud in het beheerplan opgenomen, waarover op een later tijdstip besluitvorming zal plaatsvinden. Het gaat hier om bijvoorbeeld isolatie en andere grootschalige duurzaamheidsmaatregelen. Deze zijn apart opgenomen in tabel 1B. Facilitaire investeringen worden als vervangingsinvesteringen aangemerkt. Het gaat om vervanging 6.3
Verwerking in de gemeentelijke begroting
Voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen De jaarlijkse uitgaven van deze onderhoudskosten hebben een grillig beeld. De praktijk laat zien dat het ene jaar meer geld nodig is dan in het andere jaar, wat lastig is om een goed meerjarig beeld te krijgen van de benodigde gemeentelijke financiën. Om de jaarlijkse kosten te egaliseren is het mogelijk, op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), voor (groot) onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen een voorziening te treffen. Over het instellen van een (egalisatie) voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen heeft de Raad reeds een besluit genomen bij de vaststelling van het beheerplan 2021-2030. De hoogte van de jaarlijkse storting (vanuit de exploitatie) wordt echter steeds bepaald bij het vaststelling van een nieuw actueel beheerplan gemeentelijke gebouwen. Dit bedrag, vast en onderbouwd, zijn de gemiddelde begrote onderhoudskosten (uit het DMJOP) over een periode van 10 jaar. De werkelijke onderhoudskosten worden vervolgens geboekt ten laste van de voorziening. 5
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
Door deze systematiek blijft de onderhoudsbegroting van Vlaardingen stabiel, terwijl de feitelijke jaarlijkse uitgaven naar noodzakelijkheid kunnen fluctueren. Immers hogere onderhoudslasten worden gedekt uit de voorzieningen bij lagere lasten blijft een saldo over in de voorziening. Desondanks kunnen zich altijd onverwachte of onvoorziene omstandigheden voordoen waardoor bijvoorbeeld een planning moet worden aangepast. Indien dit ook financieel zijn weerslag heeft, wordt dit als separaat voorstel aan de Raad voorgelegd. Dit geldt ook voor beleidsmatige wijzigingen. Het verwachte verloop van de nieuw in te stellen voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen is terug te vinden in tabel 5. De jaarlijkse (structurele) storting en de geraamde uitgaven zijn daarin opgenomen. De uitgaven t.l.v. de DMJOP’s kunnen over de jaren grote fluctuaties vertonen. Op grond van het BBV mag een voorziening niet negatief zijn. In het aanloopjaar wordt er meer aanspraak gemaakt op deze voorziening dan de hoogte van de reguliere storting toelaat. In verband hiermee wordt in het eerste jaar een aanvullende (incidentele) storting gedaan. Deze storting bedraagt per saldo €2.354.104 en wordt afgedekt doormiddel van een onttrekking aan de huidige bestemmingsreserve onderhoud gebouwen.
In de voorgestelde systematiek kan dit bedrag vanaf 2031 weer geleidelijk worden terug gestort in de eerder genoemde Reserve. Bestaande bestemmingsreserve onderhoud gebouwen De bestemmingsreserve onderhoud gebouwen zal ook deze beheerperiode worden aangehouden. Niet alleen als risicobuffer voor de exploitatiekosten (zoals prijsstijgingen), maar ook om de hogere geraamde kapitaallasten van de nieuwe investeringen (verduurzaming, zie tabel 2) te kunnen dekken. Wel zullen er in het eerste jaar twee eenmalige onttrekkingen moeten plaatsvinden t.w.: - een storting van € 2.354.104 in de voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen, zoals hierboven vermeld. - een storting in de reserve onderhoud Aeolusmolen van € 40.565. In Deze reserve zal in de jaren daarna vanuit de exploitatie worden gevoed. Op advies van het Team Vastgoed heeft B&W in januari 2012 besloten om een meerjarige subsidie te verlenen aan de Stichting Exploitatie Molen Aeolus voor de instandhouding van deze korenmolen. Via de Voorjaarsnota 2023 is deze subsidieovereenkomst voor het onderhoud verlengd (team Kunst, Cultuur en Erfgoed). Om de reserve op niveau te houden, om de toekomstige extra kapitaallasten en mogelijke risico’s te kunnen dekken, is het noodzakelijk om het geraamde positieve exploitatiesaldo van de eerste drie jaar in de reserve te storten.
In de jaren daarna is het exploitatiebudget onvoldoende om deze kapitaallasten te dekken en vindt een onttrekking plaats vanuit de reserve. Het verwachte verloop van deze bestemmingsreserve is opgenomen in tabel 6. 6.4 Recapitulatie financiële gevolgen invoering Tabel 7 geeft een recapitulatie van de lasten met betrekking tot gemeentelijke gebouwen die ten laste komen van de exploitatie van de gemeentebegroting. De kapitaallasten (rente en afschrijving) van de investeringen, het reguliere onderhoud en de (structurele) storting in de nieuw in te stellen voorziening onderhoud gemeentegebouwen voor blijven binnen het budget wat beschikbaar is. Toekomstige nadelen die in de exploitatie optreden door de grote vervangings- duurzaamheidsinvesteringen (kapitaallasten) kunnen worden gedekt uit de reserve groot onderhoud. Hieruit blijkt dat invoering van het nieuwe beheerplan gemeentelijke gebouwen budgetneutraal kan geschieden. Door de invoering van dit beheerplan en deze voorziening zullen binnen de programma’s en taakvelden diverse begrotingsmutaties ontstaan. In dit voorstel is daarom wel het vaststellen van de hierop betrekking hebbende begrotingswijziging opgenomen.
6
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
7 Financiële paragraaf/ eindconclusie beheerplan gemeentelijke gebouwen Uit het bovenstaande blijkt dat de uitvoering van dit beheerplan geheel binnen de bestaande begroting past. Voor de aanvullingen op de noodzakelijke voorziening onderhoud gemeentelijk gebouwen kan de eerste jaren gebruik worden gemaakt van de bestemmingsreserve onderhoud gebouwen, die hiervoor voldoende gevuld is. Het bedrag zal later worden teruggestort in de bestemmingsreserve. De bestemmingsreserve, die de eerste gevuld zal worden met het positieve exploitatiesaldo zal vanaf 2026 gebruikt worden om de kapitaallasten van de vervangingsduurzaamheidsinvesteringen en evt. exploitatie tekorten te kunnen dekken. Monitoring en bijstelling zijn constante factoren te organiseren via de instrumenten daartoe bekend in de P&C- cyclus.
7
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
Bijlagen: Bijlage I
Tabellen bij verwerking in gemeentelijke begroting
Tabel 1: Investeringen Facilitair 2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
Reeds opgenomen in MIP begroting 2024-2027
Beveiliging
52.000
Investeringen vervanging Facilitair en Meubilair
112.000
290.000
164.000
290.000
2024
2025
Nog op te nemen in MIP begroting 2024-2027
Aanpassing fasering inrichting gebouwen (vh verv. Facilitair/ Meubilair)
Totaal
0
0
0
186.340
159.436
460.240
186.340
159.436
460.240
2029
2030
2031
0
0
Vastgoed 2026
2027
Reeds opgenomen in MIP begroting 2024-2027
2028
2032
2033
Duurzaamheidsprogramma (nog niet vastgesteld)
Bouwkundige werkz. Energiebesparingsinv. Markt 11
180.000
Energiebesparende investering Markt 11
628.000
Energiebesparing DMJOP (bouwkundig)
722.000
91.000
30.000
530.000
498.000
884.000
0
0
0
Energiebesparing DMJOP (installaties)
402.000
245.000
317.000
28.000
244.000
425.000
133.000
417.000
463.000
0
Energiebesparing vastgoedport (bouwkundig)
144.000
1.440.000
299.000
1.729.000
804.000
605.000
431.000
0
102.000
0
Energiebesparing vastgoedport (installaties)
1.008.000
852.000
197.000
567.000
1.367.000
1.659.000
188.000
1.551.000
0
Nog op te nemen in MIP begroting 2024-2027 Duurzaamheidsmaatregelen Dienstgebouwen
1.679.585
320.580
252.509
87.602
142.721
322.394
685.957
561.501
98.294
883.282
Duurzaamheidsmaatregelen maatschappelijk bezit
513.886
105.311
68.683
663.741
124.165
260.093
721.389
16.113
2.370.996
116.968
Duurzaamheidsmaatregelen Onderwijsgebouwen
508.677
84.252
123.503
685.094
1.291.827
24.225
563.679
1.148.014
77.412
294.296
Duurzaamheidsmaatregelen (veld)sportaccommodaties Duurzaamheidsmaatregelen Overig bezit
207.269
36.757 Totaal
4.312
4.462
275.362
26.290
8.567
18.177
6.970.919
3.124.555
1.642.991
3.105.343
2.534.292
4.981.045
4.789.708
1.208.903
4.618.082
1.582.106
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
Tabel 2: Kapitaallasten investeringen (exploitatie) Kapitaallasten investeringen Facilitair Diverse investeringen incl. meubilair en beveiliging
21.439
39.485
91.894
89.476
Nieuwe investeringen Vastgoed Duurzaamheidsmaatregelen Dienstgebouwen
100.775
119.170
133.321
137.450
144.843
162.946
202.700
234.645
238.515
Duurzaamheidsmaatregelen maatschappelijk bezit
30.833
36.895
40.706
80.187
86.961
101.829
144.244
153.102
294.049
Duurzaamheidsmaatregelen Onderwijsgebouwen
61.354
35.321
42.435
42.077
41.719
118.871
117.866
116.862
117.311
Duurzaamheidsmaatregelen (veld)sportaccommodaties
68.881
72.952
89.997
89.237
129.583
140.916
156.232
156.465
155.623
Duurzaamheidsmaatregelen Overig bezit
2.205
2.187
2.169
2.150
2.391
2.639
2.615
2.592
2.569
264.048
266.525
308.628
351.101
405.497
548.640
663.142
755.560
897.543
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
Totaal
0
Tabel 3: Exploitatiekosten onderhoud (t.l.v. exploitatie) 2024 Exploitatieuitgaven onderhoud en schoonhouden Onderhoud facitair (MJOP)
14.363
38.764
42.409
40.061
37.166
63.731
32.575
88.728
40.659
43.398
Klachtenonderhoud
65.583
42.382
39.954
43.537
47.686
22.394
54.842
0
49.400
48.012
Exploitatieuitgaven leegstandsbeheer/ Materiele vaste activa (MVA) Groot onderhoud Klimaatplafond
2.200.000
Correctief onderhoud
574.825
582.528
602.130
627.374
645.024
671.942
690.962
719.922
740.167
771.071
Preventief onderhoud, In/Kur
615.704
624.628
640.247
656.256
672.665
689.484
706.724
724.395
742.509
761.074
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
Storting onderhoudsreserve Aeolusmolen Kosten leegstandsbeheer/ af te stoten panden
164.000
166.460
168.957
171.491
174.064
176.675
179.325
182.015
184.745
187.516
Kosten MVA en onvoorzien
325.358
502.071
476.574
468.825
475.857
482.995
490.240
497.593
505.057
512.633
3.959.833
1.997.398
2.010.836
2.048.109
2.093.027
2.147.786
2.195.232
2.253.218
2.303.102
2.364.270
Totaal
8
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033 Tabel 4: Meerjaren Onderhoudsprogramma's 2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
O.H. Dienstgebouwen
1.217.915
449.877
1.255.055
195.193
1.372.497
311.310
1.002.530
444.539
479.588
821.185
O.H. Strategisch bezit
312
323
336
347
359
7.808
385
399
413
427
O.H. Maatschappelijk
1.291.598
301.312
217.696
541.134
585.870
402.006
1.132.714
445.290
234.108
260.787
O.H. Onderwijs
145.463
94.740
20.723
79.570
57.650
109.510
362.809
89.954
22.461
128.637
O.H. (Veld)sportaccommodaties
919.599
123.224
287.614
246.409
89.116
124.006
896.702
151.077
408.628
235.953
O.H. Overig bezit
168.536
29.212
409
33.376
62.703
19.621
141.547
40.962
57.619
34.682
VAT en onvoorzien 15%
561.513
149.803
267.275
164.404
325.229
146.139
530.503
175.833
180.422
222.251
4.304.935
1.148.490
2.049.108
1.260.434
2.493.425
1.120.400
4.067.190
1.348.055
1.383.239
1.703.921
2024
2025
2026
2027
2031
2032
2033
Totaal
Tabel 5: Verloop voorziening onderhoud gemeentegebouwen 2028
2029
2030
0
0
831.603
792.289
1.571.797
1.148.912
2.130.111
196.043
0
0
1.950.831
1.980.093
2.009.795
2.039.941
2.070.541
2.101.599
2.133.123
2.165.120
2.197.596
2.230.560
Beginsaldo per 01-01 Structurele storting t.l.v. exploitatie *) Incidentele storting/ ontrekking via exploitatie tlv BR onderhoud gebouwen *)
2.354.104
0
0
0
0
0
0
-1.013.107
-814.358
-526.639
Onderhoud o.g.v. MJOP (zie tabel 4) *)
-4.304.935
-1.148.490
-2.049.108
-1.260.434
-2.493.425
-1.120.400
-4.067.190
-1.348.055
-1.383.239
-1.703.921
0
831.603
792.289
1.571.797
1.148.912
2.130.111
196.043
0
0
0
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Eindsaldo per 31-12
*) + storting / - onttrekking
Tabel 6: Verloop bestemmingsreserve onderhoud gebouwen 2024
2031
2032
2033
Beginsaldo per 01-01
2.469.647
395.974
459.091
507.786
496.488
429.576
285.729
-16.038
555.938
Incidentele onttrekking/ storting via exploitatie t.g.v. voorziening *)
-2.354.104
0
0
0
0
0
0
1.013.107
814.358
820.448 526.639
Storting / onttrekking reserve i.v.m. ged. dekking kapitaal lasten *)
320.997
63.117
48.695
-11.298
-66.912
-143.847
-301.767
-441.131
-549.847
-718.944
-16.038
555.938
820.448
628.144
Aanvullende onttrekking Aeolusmolen *)
-40.565
Eindsaldo per 31-12
395.974
459.091
507.786
496.488
429.576
285.729
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
Beschikbaar budget onderhoud gebouwen
3.462.355
3.514.414
3.567.391
3.620.902
3.675.215
3.730.343
3.786.298
3.843.093
3.900.739
3.959.250
Beschikbaar budget faciliaire voorzieningen
79.946
81.146
82.363
83.598
84.852
86.125
87.417
88.728
90.059
91.410
2.689.359
709.097
686.096
680.881
687.690
694.567
701.513
708.528
715.613
722.769
6.231.661
4.304.656
4.335.850
4.385.381
4.447.757
4.511.035
4.575.228
4.640.348
4.706.411
4.773.429
*) + storting / - onttrekking Tabel 7: Recapitulatie financiele gevolgen invoering beheerplan
Beschikbare middelen op basis van huidige begroting
Exploitatiebudget voor correctief en preventief onderhoud Totaal beschikbaar budget Benodigde middelen op basis van beheerplan gem. gebouwen Kapitaallasten (tabel (2) Regulier onderhoud (tabel 3) Structurele storting in voorziening Gem. gebouwen (tabel 5)
0
264.048
266.525
308.628
351.101
405.497
548.640
663.142
755.560
897.543
3.959.833
1.997.398
2.010.836
2.048.109
2.093.027
2.147.786
2.195.232
2.253.218
2.303.102
2.364.270
1.950.831
1.980.093
2.009.795
2.039.941
2.070.541
2.101.599
2.133.123
2.165.120
2.197.596
2.230.560
Totaal benodigd (nieuw)
5.910.664
4.241.539
4.287.155
4.396.679
4.514.669
4.654.882
4.876.995
5.081.480
5.256.258
5.492.373
Afwijking ten opzichte van huidige begroting (+= voordeel)
320.997
63.117
48.695
-11.298
-66.912
-143.847
-301.767
-441.131
-549.847
-718.944
320.997
63.117
48.695
-11.298
-66.912
-143.847
-301.767
-441.131
-549.847
-718.944
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Storting (-)/ onttrekking (+) reserve ter dekking kapitaal lasten Begrotingsresutaat
Tabel 8: Verloop bestemmingsreserve Aeolusmolen 2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
Beginsaldo per 01-01
107.222
125.281
127.890
121.861
162.216
183.460
201.698
170.667
140.406
146.427
Geraamde storting
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
40.565
88.000
17.000
Aanvullend budget via rek. result Aeolusmolen (VJN2023) Gem. bijdrage Kosten meerjarenonderh. Plan Aeolusmolen
-22.506
-37.957
-134.594
-17.211
-19.321
-22.327
-71.597
-70.826
-34.544
-80.773
Eindsaldo per 31-12
125.281
127.890
121.861
162.216
183.460
201.698
170.667
140.406
146.427
106.220
*) + storting / - onttrekking
9
BEHEERPLAN GEMEENTELIJKE GEBOUWEN 2024-2033
Bijlage II
Gebouwenlijst gemeentelijk Vastgoed
10