CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Weigering verklaring van geen bedenkingen ivm planologische procedure vestiging en uitbreiding lwb Diefdijk Everdingen

Commissie Ruimte, Wonen en Duurzaamheid 3 december 2024, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Weigering verklaring van geen bedenkingen ivm planologische procedure vestiging en uitbreiding lwb Diefdijk Everdingen2.359 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Zaaknummer 1236797

Onderwerp: Weigering verklaring van geen bedenkingen in verband met de planologische procedure voor de vestiging en uitbreiding een loonwerkbedrijf aan de Diefdijk in Everdingen

Vergaderdatum raad: 17 december 2024 Geheim: Nee Steller: Sander de Kluijver Portefeuillehouder: Wethouder Meijdam

Beslispunten 1. Te weigeren een ontwerpbesluit Verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 6.5 Besluit omgevingsrecht af te geven voor de aanvraag voor de vestiging en uitbreiding van een loonwerkbedrijf aan de Diefdijk 21 in Everdingen (OVU-2024-005058/8308763) en dit ontwerpbesluit 6 weken ter inzage te leggen, tezamen met de concept-weigering omgevingsvergunning.

Inleiding De initiatiefnemer heeft in december 2023 een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het afwijken van de regels van het bestemmingsplan ten behoeve van het gebruik van de gronden en gebouwen voor een loonwerkbedrijf. In dezelfde aanvraag wordt tevens de herbouw van de bedrijfswoning en nieuwbouw van een bedrijfsloods aangevraagd. Binnen de agrarische bestemming op dit adres is het namelijk niet toegestaan de gronden te gebruiken en te bebouwen voor een loonwerkbedrijf. Een loonwerkbedrijf is een niet-agrarisch bedrijf. Op deze locatie zat van oudsher een agrarisch bedrijf dat naar verloop van tijd is getransformeerd naar een niet-agrarisch bedrijf. In de principe-uitspraak van februari 2020 wordt voor de vestiging van het loonwerkbedrijf op dit adres en de herbouw van de bedrijfswoning gewezen op de wijzigingsbevoegdheid onder artikel 4.9.3. 'Hergebruik vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen' . In het kader van het principeverzoek van juli 2023 is deze reactie herhaald, echter is er geen formele brief met principe-uitspraak verstuurd. In november 2020 is de vergunning voor de tijdelijke bedrijfswoning geweigerd.

Relatief kort daarna is op 26 januari 2021 van rechtswege een vergunning (eerste fase) verleend voor een tijdelijke agrarische bedrijfswoning met een instandhoudingstermijn van 10 jaren tot en met 26 januari 2031 (Gemeenteblad 2021, 28131 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakingen.nl). De oorspronkelijke bedrijfswoning is afgebrand. De tijdelijke bedrijfswoning is tot op heden niet gerealiseerd. Aangezien in kwestie een agrarische bedrijfswoning vergund is, kan er niet gewoond wonen in het kader van de bedrijfsvoering van het

niet-agrarische loonwerkbedrijf. Alleen als de initiatiefnemer weer een agrarisch bedrijf gaat voeren mag er ter plekke gewoond worden. In de huidige bedrijfssituatie kan de initiatiefnemer niet gebruik maken van deze vergunning. Het loonwerkbedrijf in voorliggend plan past qua schaal, aard en impact op de omgeving niet op de desbetreffende locatie. In het gemeentelijke beleid ten aanzien vrijkomende agrarische bebouwing is voor de Diefdijk expliciet bepaald dat hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing voor een loonwerkbedrijf is uitgesloten. Dergelijke bedrijvigheid sluit niet aan bij de beoogde beeldkwaliteit van de Diefdijk, waarbij gelet op de hoge cultuurhistorische waarde van het dijklint en werelderfgoed (NHW) des te meer aandacht is voor een zorgvuldige ruimtelijke opzet. Uitgangspunt is de kenmerkende kleinschalige compacte erfopzet aan de voet van de dijk met een bepaalde (beperkte) schaalgrootte en uitstraling passend bij de Diefdijk. Bovendien is de Diefdijk niet berekend op het verkeer van het loonwerkbedrijf. In voorliggend plan wordt het college gevraagd om een afweging te maken voor het totaalplan voor deze locatie. Dat betekent de vestiging van een loonwerkbedrijf op de locatie dat gepaard gaat met de nieuwbouw van een (permanente) bedrijfswoning en bedrijfsloods.

Het college legt in het vervolg deze overweging, in het kader van de verklaring van geen bedenkingen, ter besluitvorming voor aan de gemeenteraad.

Beoogd effect Een goede ruimtelijke ordening.

Argumenten 1.1

In verband met de uitgebreide afwijkingsprocedure op grond van de Wabo is een verklaring van geen bedenkingen van de raad nodig. Het voorliggende plan is getoetst aan het bestemmingsplan. De agrarische bestemming is bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf. Dit loonwerkbedrijf is per definitie een niet-agrarisch bedrijf. De agrarische bestemming mag niet gebruikt worden voor niet-agrarische bedrijfsactiviteiten, tenzij het gaat om niet-agrarische nevenactiviteiten bij het boerenbedrijf of een bestaande bij regel en op de plankaart aangeduide niet-agrarische bedrijfsactiviteit betreft, daar is in dit geval echter geen sprake van. Medewerking of weigering van de aanvraag kan enkel via de uitgebreide afwijkingsprocedure voor een omgevingsvergunning voor buitenplans afwijken, het vroegere projectbesluit, worden afgedaan. De Wabo biedt de mogelijkheid om afwijkingen van het bestemmingsplan mogelijk te maken door middel van een buitenplanse afwijking op grond van een limitatieve lijst met gevallen. De gemeenteraad heeft op 10 februari 2022 de 'lijst met categorieën verklaring van geen bedenkingen 2021 Vijfheerenlanden' vastgesteld. Er is geen verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad nodig als een plan is opgenomen in een bepaalde categorie. Dit project valt niet onder de beschreven categorieën.

Op grond van artikel 6.5 Besluit omgevingsrecht zal de raad een verklaring van geen bedenkingen moeten verlenen of weigeren te verlenen. 1.2 Het loonwerkbedrijf past qua schaal, aard en impact op de omgeving niet op deze locatie. De gemeente Vijfheerenlanden heeft geen specifiek beleid ten aanzien van het herbestemmen van agrarische bedrijfslocaties ten behoeve van niet-agrarische bedrijvigheid. Wat dat betreft worden in de toelichting van het bestemmingsplan 'landelijk gebied' (2010) en onze omgevingsvisie (2024) uitgangspunten genoemd voor de ‘toelaatbaarheid’ van niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied. De herbestemmingsmogelijkheden voor deze locatie voor niet-agrarische

bedrijfsactiviteiten zijn divers en ruim, maar verbonden aan strikte voorwaarden (zie argument 1.3). De gemeente Vijfheerenlanden is terughoudend met de herontwikkeling van agrarische bedrijfslocaties voor niet-agrarische bedrijfsactiviteiten. Agrarische bedrijven hebben van oudsher relatief veel gebruiks- en bouwruimte in vergelijking met andere (niet-agrarische) functies in het buitengebied. Dat kan betekenen dat onder het mom van de moderne en bedrijfsefficiënte agrarische bedrijfsvoering de bewuste bedrijfslocaties in de loop der tijd worden ingericht met industrieel ogende, niet karakteristieke bedrijfsgebouwen en bouwwerken (stal, wagenloods, (sleuf-)silo’s e.d.) en grote delen van de bedrijfslocatie worden verhard voor buitenopslag van goederen en materiaal en/of rij- en manoeuvreerruimte. Alhoewel de ruimtelijke uitstraling van een dergelijke bedrijfslocatie niet aansluit bij het beoogde beeld van een traditioneel, karakteristiek (vooroorlogs) compact en kleinschalig boerenerf aan het lint en niet of nauwelijks is ingepast in het landschap, is dat een bepaalde compromis die is gemaakt mede gelet op het belang van agrarische bedrijven voor de ontwikkeling en beheer van landschap en natuur in het buitengebied.

Dat betekent dat als een agrarische bedrijfslocatie haar agrarische functie verliest bij herbestemming naar een niet-agrarische functie het perceel op een dusdanige manier opnieuw wordt ingericht dat deze aansluit bij de traditionele erfopzet en zich voegt naar de waarden en kwaliteiten van het cultuurlandschap. Niet-karakteristieke elementen, zoals de oppervlakteverharding en moderne bedrijfsgebouwen, worden verwijderd en de activiteiten en bebouwing die gemoeid zijn met de vervolgfunctie passen naar aard en schaal in de omgeving. In de toelichting van het bestemmingsplan worden drie punten genoemd die met name van belang zijn om de aanvaardbaarheid van een ruimtelijke plan te beoordelen in/bij vrijkomende agrarische bebouwing: • de hinder voor de omgeving. • verkeersaantrekkende werking • visuele gevolgen (beeldkwaliteit) Wanneer adequaat beleid ontbreekt, kunnen functies die niet in het buitengebied thuishoren, zich hier toch vestigen. Deze functies leiden tot aantasting van de landschaps- en natuurwaarden, het aantrekken van extra verkeer over wegen die daarvoor niet geschikt zijn en parkeer- en milieuproblemen. Op basis van bovenstaande achtergronden en overwegingen, is voor het toelaten van vervolgfuncties in vrijkomende agrarische bedrijfscomplexen gekozen voor een terughoudend beleid, waarbij het accent ligt op wonen, kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten (max.

categorie 2 Staat van Bedrijfsactiviteiten), zorgboerderijen en vergelijkbare sociale functies en kleinschalige recreatieve complexen. Deze bedrijfslocatie aan de Diefdijk, met name de buitenopslag, steekt sterk af tegen het omringende landschap en de Diefdijk is niet berekend op het zwaar rijdend materieel van dergelijke bedrijven. De beeldkwaliteit van de locatie sluit niet aan bij het streefbeeld van deze locatie aan een cultuurhistorisch waardevol dijklint als de Diefdijk en het achterliggende landschap met haar landschaps- en natuurwaarden. 1.3 Het voorgestelde plan sluit niet aan bij de wijzigingsbepalingen van het bestemmingsplan 'landelijk gebied'. In het vigerende bestemmingsplan 'landelijk gebied' wordt met de opsomming in de wijzigingsbevoegdheden in artikel 4.9.2 'Omzetten agrarisch bedrijf in Wonen' en 4.9.3 'Hergebruik vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen' impliciet aangegeven dat, onder bepaalde voorwaarden, respectievelijk de woonfunctie, een kleinschalige bedrijfsfunctie of

recreatievoorziening een gepaste herbestemming is. Een loonwerkbedrijf valt niet onder de opgesomde mogelijke vervolgfuncties onder eerder genoemd artikel. Daarnaast is het plan in strijd met de specifieke wijzigingsbepaling onder onderdeel n van genoemd artikel. Zo is hergebruik voor niet-agrarische bedrijvigheid uitsluitend toegestaan binnen bestaande gebouwen (tot max. 1.000 m2), dient alle overige niet beeldbepaalde bebouwing gesloopt te worden (voor zover niet noodzakelijk voor de bedrijfsvoering), is buitenpandige opslag niet toegestaan en is een zorgvuldige landschappelijke inpassing vereist. Daar voorziet het plan eveneens niet in. De bedrijfsfunctie is qua functie en uitstraling niet passend in de omgeving. De bedrijfslocatie steekt sterk af tegen het achterliggende landschap. Alhoewel een gedeelte van de buitenopslag wordt ondergebracht in de beoogde nieuwbouw blijft een aanzienlijk oppervlak van de buitenopslag intact. Daarnaast wordt voor het loonwerk groot rijdend materieel gebruikt dat heen en weer over de Diefdijk moet rijden. De Diefdijk is daarvoor niet geschikt. In de plantoelichting van het bestemmingsplan ´landelijk gebied´ wordt expliciet beschreven wat de beoogde beeldkwaliteit/het streefbeeld is van een dergelijke locatie binnen het agrarisch gebied met landschappelijke waarden.

In lijn met het beleid van Rijk en provincie wil de gemeente de ruimtelijke kwaliteit en belevings- en gebruikswaarde van het landschap zoveel mogelijk behouden. De integrale doelstelling in het vigerend bestemmingsplan ´landelijk gebied´, geformuleerd op basis van sectorale doelstellingen voor natuur, landschap, milieu, water, landbouw, recreatie, wonen en niet-agrarische bedrijvigheid, luidt als volgt: ´behoud en ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit en van een duurzaam ruimtegebruik in economisch, milieukundig en ecologisch opzicht´ (zie par. 5.2). Deze uitgangspunten zijn verwerkt in de toelichting en de regels van ons bestemmingsplan, maar ook onze omgevingsvisie. Het plangebied maakt onderdeel uit van het halfopen griendenlandschap. In dit gebied worden o.a. de hoge natuurwaarden, het werelderfgoed van de Nieuwe Hollandse Waterlinie (Diefdijk en Lingedijk) en omgeving en de cultuurhistorische karakteristiek van bebouwingslinten hoog gewaardeerd als 'te beschermen waarden'. Dit heeft zijn weerslag op de gewenste ontwikkelingsrichting van dit gebied en daarmee wordt ook bepaald wat niet passend is. Voor wat betreft de herbestemming van agrarische bedrijfspercelen is expliciet aangegeven dat de wijziging naar een woning of andere passende functie mogelijk is op voorwaarde dat het landschap wordt versterkt.

Doorgaans wordt in soortgelijke gevallen het landschap versterkt door sloop van gebouwen en sanering van oppervlakteverharding en wordt deze opgeruimde locatie als het ware teruggeven aan het landschap eventueel in combinatie met de aanleg van groen en/of water passend bij de structuur van het landschap en natuurwaarden in de omgeving. In het bestemmingsplan 'Buitengebied Leerdam' zijn de herbestemmingsmogelijkheden van (voormalig) agrarische bedrijfspercelen voor niet-agrarische bedrijvigheid eveneens beperkt. Zonder in detail te treden over de exacte herbestemmingsregeling wordt een specifiek onderdeel uit de regeling uitgelicht, namelijk de locatiegerichte herbestemmingsmogelijkheden middels een aanduiding op de planverbeelding. Op de planverbeelding is middels een aanduiding 'wro-zone wijzigingsgebied ...' op de kaart aangegeven waar bepaalde vervolgfuncties zijn toegestaan. Zo is ter plaatse van de agrarische bouwvlakken aan de Diefdijk geen enkele aanduiding opgenomen. Dat betekent impliciet dat de bedrijfsfunctie, ongeacht of deze agrarisch aanverwant is, een ongewenste herbestemming is van een agrarisch bedrijfsperceel/vrijkomende agrarische bebouwing. Veel agrarische ruilverkavelingslinten, zoals Hoogeind, Overheicop en Overboeicop hebben wel een dergelijke aanduiding.

Daar waar de linten nog een relatief veel agrarisch bedrijvigheid kent worden agrarisch verwante bedrijven (waaronder een loonwerkbedrijf) gezien als nuttige herbestemming. Het centrale uitgangspunt in beide bestemmingsplannen is dat de omgevingskwaliteit de basis vormt voor de afweging om bepaalde activiteiten wel of niet toe te staan.

Risicoparagraaf 1.1 De initiatiefnemer wraakt het weigeringsbesluit. In het traject voorafgaand aan voorliggende aanvraag is meermaals aangegeven dat voor het herbestemmen van de locatie moet worden aangesloten bij de bepalingen onder artikel 4.9.3 van het bestemmingsplan 'landelijk gebied' voor wat betreft het hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing voor niet-agrarische bedrijvigheid. Uit de ruimtelijke onderbouwing en aanverwante stukken blijkt dat daartoe geen poging is gedaan. Het voorliggende plan is tevens in strijd met het gemeentelijk beleid en haar visie op het hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing. De logische gevolgtrekking is dat de omgevingsvergunning geweigerd wordt. In het geval van een weigering van de omgevingsvergunning ligt het voor de hand dat dat de initiatiefnemer het niet eens zal zijn met de weigering van de vergunning. Er is een reële kans dat de initiatiefnemer het besluit zal wraken en een zienswijze indient en eventueel in beroep gaat. Dat er rechtsmiddelen, zoals zienswijzen en beroep openstaan tegen een besluit is niet voorbehouden aan deze situatie en dus niet uniek. De gemeente loopt geen direct risico bij een weigering van de omgevingsvergunning. Het benadrukt des te meer het belang van een zorgvuldige belangenafweging, transparante besluitvorming en gedegen motivering van het besluit.

Gevolgen voor mensen met een beperking Niet van toepassing.

Betrokkenheid pers Informeren via besluitenlijst.

Financiële paragraaf De procedurekosten worden conform de geldende legesverordening in rekening gebracht bij de initiatiefnemer.

Participatieparagraaf Via de gebruikelijke kanalen is bekendgemaakt dat er een aanvraag omgevingsvergunning is ingediend voor deze locatie. De omwonenden zijn zodoende op de hoogte van de aanvraag.

Duurzaamheidsparagraaf Er is geen sprake van duurzaam ruimtegebruik. De oppervlakte aan bedrijfsgebouwen wordt uitgebreid, niet karakteristieke elementen worden niet verwijderd en de activiteiten passen qua aard en schaal niet in de omgeving.

Communicatieparagraaf Het besluit zal op wettelijk voorgeschreven wijze worden bekendgemaakt.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden, de secretaris,

de burgemeester,

14/11/2024 23:35:43 CET {{signer1}}

14/11/2024 23:38:28 CET {{signer2}}

Signed By: j.de.jonge@vijfheerenlanden.nl

Signed By: s.frohlich@vijfheerenlanden.nl

ID: fce95fdd-10b8-41d6-8656-bd4471dfca2d

ID: fce95fdd-10b8-41d6-8656-bd4471dfca2d

Auth: Consent

Auth: Consent

W.J. (Judith) de Jonge

S. (Sjors) Fröhlich

Bijlagen 1 Aanvraagformulier omgevingsvergunning (december 2023) 2 Aanzicht en doorsnede bedrijfsloods (december 2023) 3 Brief gemeente Vianen toestemming bewoning Diefdijk 21 Everdingen (november 2011) 4 Geweigerde omgevingsvergunning tijdelijke woning (november 2020) 5 Kadastrale kaart (oktober 2019) 6 Plattegrond bedrijfsloods (december 2023) 7 Principe-uitspraak herbouw woning - ja, mits (februari 2020) 8 Quickscan flora en fauna (april 2024) 9 Ruimtelijke onderbouwing (december 2023) 10 Situatietekening en plattegrond woning met principedetails (mei 2019)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=c4ae9b11-963d-4234-847e-d8388c2d33a4