RV Aanpassen verordening Nadeelcompensatie
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer 1791066 Onderwerp: Aanpassen verordening nadeelcompensatie Vergaderdatum raad: 2 juli 2026 Geheim: Steller: Portefeuillehouder:
Nee Marjon de Braal Wethouder Van Montfoort
Beslispunten 1. Het wijzigingsbesluit Verordening nadeelcompensatie Vijfheerenlanden vast te stellen.
Voorgeschiedenis In de raadsvergadering van 13 december 2022 is de huidige Verordening nadeelcompensatie Vijfheerenlanden vastgesteld vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Er is nog weinig gebruik gemaakt van deze procedure, maar dat is logisch aangezien de eerste besluiten waarop eventueel nadeelcompensatie van toepassing zou zijn nog maar net zijn genomen. Het is echter wel gebleken dat er een aantal verschillen zijn tussen de oude Verordening planschade Vijfheerenlanden en de huidige Verordening nadeelcompensatie Vijfheerenlanden die in de praktijk niet handig werken.
Inleiding Met name waar het gaat om de procedure en werkwijze van de adviescommissie zijn er in de huidige verordening weinig regels over opgenomen. Dit voorstel wil hierin voorzien door een extra artikel toe te voegen aan de verordening. Op deze manier wordt de huidige praktijk van de behandelingen van aanvragen omtrent planschade voortgezet onder de regeling van nadeelcompensatie.
Beoogd effect Het toevoegen van procedureregels in de verordening Nadeelcompensatie in die gevallen dat een adviseur wordt ingeschakeld.
Argumenten 1.1 Regels over proces bij inschakelen adviseur missen in de huidige verordening. Door het toevoegen van het voorgestelde artikel aan de verordening Nadeelcompensatie is het voor aanvragers en adviescommissie helder wat de te hanteren termijnen zijn bij een aanvraag nadeelcompensatie. Dit zorgt voor meer rechtszekerheid. In de praktijk is het nodig om met de adviseur termijnen af te spreken voor het uitbrengen van een advies. Wanneer wij deze afspraken vastleggen in de verordening is ook voor inwoners helder welke termijnen wij hanteren naar de adviseur toe. Op dit moment geldt alleen de wettelijke termijn van art. 4:130 lid 1 Awb waarin staat dat het bestuursorgaan binnen zes maanden een besluit moet nemen wanneer een adviseur wordt ingesteld. Er zijn dus geen termijnen voor de adviseur zelf, waardoor aanvragers niet weten met welke termijnen zij rekening moeten houden. Ook voor het college is het richting een adviseur een heldere lijn om te wijzen op de termijnen uit de verordening, een adviseur heeft zich daar dan ook aan te houden. Daarom het voorstel om dit
artikel toe te voegen. De huidige verordening biedt onvoldoende regels omtrent de procedure wanneer een adviseur wordt ingeschakeld bij het behandelen van aanvragen nadeelcompensatie. 1.2 De voorgestelde termijnen zijn precies voldoende om binnen de wettelijke termijn van zes maanden (art. 130, eerste lid Awb) een besluit te nemen. Wanneer alle termijnen volledig worden benut, beslaat het proces van advisering 24 weken. Dat valt precies binnen de zes maanden die de wet voorschrijft. 1.3 De bestaande verordening is de aangewezen plek om deze regels op te nemen. Een andere optie zou zijn om deze regels als beleid vast te stellen. Dit is echter niet wenselijk, omdat het doel is voor partijen bindende regels vast te stellen. Een ander nadeel daarvan is dat alle regels rondom nadeelcompensatie niet op één plek staan. In beleid kan namelijk niet de regel rondom het betalen van een drempelbedrag worden opgenomen (artikel 2 van de Verordening nadeelcompensatie, gebaseerd op art. 4:128 Awb). Het zou ook nog een mogelijkheid zijn om de regels rondom nadeelcompensatie met betrekking tot de fysieke leefomgeving in het Omgevingsplan op te nemen. Er is echter ook altijd een verordening nadeelcompensatie nodig voor gevallen die geen betrekking hebben op de fysieke leefomgeving en wel in aanmerking komen voor nadeelcompensatie.
Door dit nieuwe artikel aan de verordening toe te voegen staan alle regels rondom nadeelcompensatie op één plek, dit is het beste vindbaar voor aanvragers en adviseur.
Kanttekeningen 1.1 Termijn beslissen binnen zes maanden mogelijk niet haalbaar. Lid 3 van het voorgestelde artikel biedt de voorzitter van de adviescommissie de mogelijkheid om de termijn van 16 weken te verlengen onder opgaaf van redenen. Dit maakt dat mogelijk de wettelijke termijn van zes maanden waarbinnen een besluit moet worden genomen niet wordt gehaald. Art. 4:130, tweede lid, biedt het bestuursorgaan de mogelijkheid om de beslistermijn met 6 maanden te verdagen. Wanneer de adviseur meer tijd nodig heeft, kan het bestuursorgaan van die mogelijkheid tot verdaging gebruikmaken waardoor toch binnen de wettelijke termijn een besluit wordt genomen.
Risicoparagraaf Niet van toepassing.
Kansen Niet van toepassing.
Gevolgen voor mensen met een beperking Niet van toepassing.
Betrokkenheid pers Informeren via besluitenlijst.
Financiële paragraaf Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen.
Participatieparagraaf Niet van toepassing.
Duurzaamheidsparagraaf Niet van toepassing.
Communicatieparagraaf Niet van toepassing. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden, de secretaris,
de burgemeester,
{{signer1}} ValidSigned door Judith de Jonge
{{signer2}} ValidSigned door Sjors Fröhlich op 02-06-2026
op 02-06-2026
W.J. (Judith) de Jonge
Bijlage Wijzigingsbesluit nadeelcompensatie
S. (Sjors) Fröhlich