Overzicht voorgestelde wijzigingen van artikelen en toelichtingen Apv Vijfheerenlanden 2023.pdf
Tekst van het document
Betreffend artikel Art. 2:25b Termijnen
Huidig artikel
Voorgesteld artikel
In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8, tweede lid, kan de vergunning worden geweigerd of het evenement worden verboden indien niet wordt voldaan aan de volgende indieningstermijnen: a. De melding van een categorie 0 (klein) evenement dient uiterlijk 14 dagen voor aanvang van het evenement te zijn gedaan. b. De ontvankelijke aanvraag voor een categorie A-evenement dient uiterlijk 6 weken voor aanvang van het evenement ingediend te zijn. c. De ontvankelijke aanvraag voor categorie B- of C-evenementen dient uiterlijk 10 weken voor aanvang van het evenement ingediend te zijn.
In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8, tweede lid, kan de vergunning worden geweigerd of het evenement worden verboden indien niet wordt voldaan aan de volgende indieningstermijnen: a. De melding van een categorie 0 (klein) evenement dient uiterlijk 15 werkdagen voor aanvang van het evenement te zijn gedaan. b. De ontvankelijke aanvraag voor een categorie A-evenement dient uiterlijk 8 weken voor aanvang van het evenement ingediend te zijn. c. De ontvankelijke aanvraag voor categorie B-evenementen dient uiterlijk 16 weken voor aanvang van het evenement ingediend te zijn. d. De ontvankelijke aanvraag voor categorie C-evenementen dient uiterlijk 20 weken voor aanvang van het evenement ingediend te zijn.
Art. 2:29 Sluitingstijden
1.Het is de exploitant of feitelijk leidinggevende van die inrichting verboden bezoekers in de openbare inrichting toe te laten tussen 02:00 uur en 07:00 uur, zodat bezoekers de openbare inrichting gefaseerd kunnen verlaten.
1.Het is de exploitant of feitelijk leidinggevende van die inrichting verboden bezoekers in de openbare inrichting toe te laten tussen 02:00 uur en 07:00 uur, zodat bezoekers de openbare inrichting gefaseerd kunnen verlaten.
2.Terrassen zijn op zondag tot en met donderdag tussen 23:00 uur en 07:00 uur en op vrijdag en zaterdag tussen 24:00 uur en 07:00 uur gesloten. 3.Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid, aanhef en onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.
2.Terrassen zijn op zondag tot en met donderdag tussen 23:00 uur en 07:00 uur en op vrijdag en zaterdag tussen 24:00 uur en 07:00 uur gesloten. 3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd van terrassen. 4.Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid, aanhef en onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel. 5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Art. 5:25 Ligplaats vaartuigen
1. Het is uitsluitend toegestaan om met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben, dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen:
1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het college met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen op door het college aangewezen gedeelten van openbaar water.
a. met een vergunning van het college; en b. op door het college aangewezen gedeelten van openbaar water. 2.Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
2. Het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats met dan wel voor een vaartuig op niet krachtens het eerste lid aangewezen gedeelten van openbaar water: a. nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente; b. beperkingen stellen naar soort en aantal vaartuigen. 3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Woningwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer, het Binnenvaartpolitiereglement, de Waterwet en de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht. 4. Het college kan aan de rechthebbende op een vaartuig aanwijzingen geven met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente. 5. De rechthebbende op een vaartuig is verplicht alle door het college gegeven aanwijzingen met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats op te volgen.
Betreffend artikel Art. 2:29 Sluitingstijden
Huidige toelichting
Voorgestelde toelichting
Grondslag voor de in de Apv opgenomen sluitingsbepalingen is artikel 149 van de Gemeentewet. De raad kan verplichte sluitingstijden voor openbare inrichtingen vaststellen in het belang van de openbare orde. Deze bevoegdheid houdt ook in dat een afwijkende sluitingsplicht kan worden vastgesteld voor de zondag. Volgens HR 22-07-1960, AB 1961, p. 15, belet dit artikel de raad niet om voor de zondag een afwijkende regeling te treffen voor de sluitingstijden van cafés en dergelijke mits de grond voor de afwijking van de voor de andere dagen geldende regeling niet gelegen is in het bijzondere karakter van de zondag. Volgens de Hoge Raad beoogt de Zondagswet naar haar strekking niet de gemeentelijke wetgever te beperken in zijn bevoegdheid om ter afwering van verstoring van de openbare orde voorzieningen te treffen.
De volgende passage wordt toegevoegd aan de huidige toelichting:
De sluitingsbepalingen betreffen de gedeelten van de inrichting, waarin de eigenlijke horecawerkzaamheden worden uitgeoefend: een op het trottoir gesitueerd terras behoort wel tot de inrichting, de zich boven de inrichting bevindende woning van de exploitant niet. Ook sportkantines, sociëteiten, clublokalen, verenigingsgebouwen en dergelijke zijn als inrichting aan te merken. Het besloten karakter van een horecabedrijf kan de veronderstelling wekken dat de in de Apv opgenomen sluitingstijden niet van toepassing zijn op dat bedrijf: immers, volgens de jurisprudentie kan een gemeentelijke verordening geen activiteiten betreffen die elk karakter van openbaarheid missen. Dit kan echter niet worden gezegd van activiteiten die een weerslag hebben op een openbaar belang, waarvan ook sprake is bij besloten
Voor terrassen gelden de volgende openings- en sluitingstijden: zondag tot en met donderdag tussen 23:00 en 07:00 uur en op vrijdag en zaterdag tussen 24:00 en 07:00 uur gesloten. In 2022 heeft er vanuit een wens van Koninklijke Horeca Nederland (KHN) een pilot plaatsgevonden. Voor exploitanten met een exploitatievergunning waarin het terras is opgenomen, was het mogelijk om het terras op vrijdag- en zaterdagavond geopend te houden tot 01:00 in plaats van 00:00. Deze proefperiode liep van 1 juni 2022 t/m 30 september 2022. Gezien het geringe aantal deelnemers is ervoor gekozen om een ontheffingsmogelijkheid in de Apv op te nemen in plaats van een verruiming van de huidige sluitingstijden. Exploitanten met een geldige exploitatievergunning kunnen een ontheffing vragen voor de dagen en tijden zoals aangehouden in de pilot. Voorkoming van overlast is het belangrijkste criterium bij het toetsen van een ontheffingsaanvraag.
horecabedrijven. De sluitingsuurbepaling ziet niet op activiteiten binnen het bedrijf, maar op de (nadelige) invloed die daarvan uitgaat op de omgeving: bijvoorbeeld in de vorm van overlast van komende en gaande bezoekers (het aan en afrijden van auto's, het slaan met portieren, claxonneren, menselijk stemgeluid en dergelijke). In gemeente Vijfheerenlanden zijn de vaste sluitingstijden geschrapt. Na 02:00 uur is het verboden om bezoekers in de inrichting toe te laten. Het doel is dat de exploitant of leidinggevende zorg draagt voor het gefaseerd verlaten van de openbare inrichting. De gedachte daarachter is dat onder meer de verstoring van de openbare orde (nachtrust) aanzienlijk kan worden beperkt: er is sprake van minder geluidsoverlast doordat cafébezoekers niet langer tegelijk maar geleidelijk aan huiswaarts keren en de politie is beter in staat voldoende toezicht uit te oefenen. Art. 5:25 Ligplaats vaartuigen
Gemeenten hebben op grond van artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo de mogelijkheid om voor bepaalde activiteiten vrijwillig aan te haken bij de omgevingsvergunning. Als gemeenten hiertoe besluiten, wordt het innemen van een ligplaats een omgevingsvergunningplichtige activiteit.
Gemeenten hebben op grond van artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo de mogelijkheid om voor bepaalde activiteiten vrijwillig aan te haken bij de omgevingsvergunning. De raad beslist om hierbij aan te sluiten. Het college kan besluiten om gedeelten van het openbaar water aan te wijzen als omgevingsvergunningplichtig voor het innemen of te hebben van een ligplaats dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen. Hierbij gaat het om vaste ligplaatsen.
Opmerking: Voor H3 Regulering prostitutie, seksinrichtingen en aanverwante onderwerpen geldt het volgende. Zoals toegelicht in de motivatie van dit voorstel, schiet het huidige hoofdstuk van de Apv Vijfheerenlanden 2022 tekort. De inhoud is onvoldoende duidelijk en toepasbaar. Met het VNG-model als uitgangspunt zijn de definities m.b.t. seksinrichtingen die vergunningplicht zijn verduidelijkt, waarbij thuisprostitutie wordt uitgezonderd, maar wel algemene regels zijn opgesteld. Door deze aanpassing is de structuur van het hoofdstuk veranderd. Artikelen zijn dus niet één-op-één gewijzigd (zoals bij de bovenstaande losse artikelen) en kunnen niet als zodanig in beeld worden gebracht. Het voorgestelde hoofdstuk en toelichting vindt u in de overige bijlagen.