Opinievoorstel vormgeven lokaal bestuur wind (LBW)
Tekst van het document
Opinievoorstel Zaaknummer 1071271 Onderwerp Vormgeven lokaal bestuur wind [LBW]
Inleiding Met de ingang van de energietransitie is een nieuwe visie ontstaan over het eigenaarschap binnen de energievoorziening. Waar de huidige energiemarkt wordt gedomineerd door grote marktpartijen die eigenaar zijn van de fossiele hulpbronnen en de middelen om die te exploiteren, is er nu een beweging naar een energiemarkt met meer lokaal eigendom. Mensen die last ondervinden van de duurzame opwek, profiteren op deze manier mee. Tevens kan lokaal eigendom tot een hoger draagvlak leiden voor lokale energieprojecten, lagere energierekeningen, lokale werkgelegenheid en hogere efficiëntie. Gemeente Vijfheerenlanden gaat mee in deze ontwikkeling. In de door u vastgestelde beleidskaders energietransitie [BET] wordt een voorkeur gegeven aan een zo groot mogelijk lokaal financieel, als bestuurlijk eigendom. Het vormgeven van bestuurlijk eigendom moet nog verder worden uitgewerkt. Met dit opiniërend voorstel vraagt het college om richting van de visie van de raad ten aanzien van bestuurlijk eigendom. Er zijn namelijk verschillende manieren om dit in te richten. Een lokaal bestuur moet omwonenden inspraak geven en mogelijkheden bieden om actiever te participeren (ook in het ontwerpproces van aantal, hoogte en type windturbines). Het beoogde voordeel van een lokaal bestuur of adviesorgaan, is het vergroten van de betrokkenheid voor de eventuele plaatsing van windturbines.
Dit is een onderwerp dat vaak weerstand oproept en ook enig wantrouwen richting de gemeente teweegbrengt. Inwoners ervaren hinder van windturbines, vrezen voor waardedaling van hun woningen en/of vrezen gezondheidsrisico's. Met het betrekken van inwoners bij de keuzes die worden gemaakt, kan een deel van deze zorgen worden weggenomen of verkleind. Daarnaast vergroot een lokaal bestuur de transparantie van besluitvorming en wordt de zorgvuldigheid van het proces duidelijker voor de inwoners. Tegelijkertijd is het voor inwoners laagdrempeliger om met hun bezwaren naar een inwoner en/of naar een adviseur te stappen dan naar de overheid. De raad is op 9 februari 2023 akkoord gegaan om een projectMER op te stellen t.b.v. omwonenden en het gebied, door een lokaal adviesorgaan. Dit lokaal bestuur, zoals gedefinieerd in het BET, “dient de zeggenschap over nadere voorwaarden, opbrengstbesteding etc. te organiseren”. Het lokaal bestuur bestaat uit 11 zetels, waarvan er minimaal 6 worden bezet door inwoners uit het ontwikkelingsgebied (binnen een straal van 900 meter). Het streven is dat de inwoners evenredig worden gerepresenteerd op basis van woonplaats, geslacht en leeftijd. Het adviesrapport van BMC beoogt ook een meerderheid van inwoners in het bestuur, waarnaast de gemeente voornamelijk verantwoordelijk is voor uitvoering.
Het lokaal bestuur beslist hiermee tot en met uitvoering over het gevraagd advies. Verder zal een lokaal bestuur bestaan uit verschillende partijen die het beslisproces van nodige expertise voorzien en worden voorgezeten door een professionele, het liefst onafhankelijke, trajectbegeleider (voorzitter). De natuurorganisaties, Eneco, RWS, energie coöperatie(s) en gemeente zullen zorgen voor professionele input.
De eerste opdracht voor dit lokale bestuur is te komen tot een project milieueffectrapportage (m.e.r.) voor de drie kansrijke zoekgebieden voor windenergie. Dit vormt de volgende fase na de reeds uitgevoerde planMER. In deze project m.e.r. wordt specifieker gekeken naar de impact van de eventuele plaatsing van windturbines. In dit onderzoek worden voorkeursalternatieven vanuit het planMER en gemeenteraadsbesluiten getoetst op natuur- en gezondheidsimpact, waaruit een meest milieuvriendelijk alternatief (MMA) en een alternatief met maximaal haalbaar rendement. Dit wordt gebaseerd op de ideale ashoogte, tiphoogte, en aantal windturbines die binnen wettelijke normen vallen. Draagvlak wordt echter niet in een project m.e.r. getoetst.
Discussie 1: Is er een voorkeur voor een lokaal bestuur/adviesorgaan versus een traditioneel participatietraject? 1.1. Ja. Een lokaal bestuur gaat verder dan enkel lokaal (financieel) bezit van windturbines. Lokaal bestuur biedt omwonenden de gelegenheid om mee te beslissen gedurende het gehele traject van het ontwerp en de plaatsing van windturbines. Wanneer deze voorkeur er is voor een lokaal bestuur, kan dit op verschillende manieren worden vormgegeven. Door beantwoording van de onderstaande vragen, schept de raad een beeld van welke vorm dit bestuur moet krijgen. De keuze voor een lokaal bestuur kan het draagvlak voor windturbines in de zoekgebieden vergroten, doordat inwoners mee kunnen beslissen over wat er in hun spreekwoordelijke achtertuin gebeurt. Het opstellen van een lokaal bestuur vergroot de transparantie van de totstandkoming van een project m.e.r. en de eventuele plaatsing van windturbines, waardoor een deel van de zorgen van inwoners weggenomen of verkleind kunnen worden tot een voor hen acceptabel niveau. Hiernaast is een lokaal bestuur ook laagdrempeliger voor inwoners of omwonenden om hun bezwaren voortijdig kenbaar te maken. De combinatie van contextuele participatie binnen de zoekgebieden en het voorkomen om buitengeslotenheid te laten ontstaan onder de inwoners zou een win-win situatie moeten zijn voor zowel gemeente als inwoners.
Duidelijkheid is hier van groot belang. De gemeente moet aan de voorkant duidelijk communiceren waar het bestuur over “besluit”, wat de bevoegdheden zijn, de duur van het traject en hoe het bestuur geselecteerd wordt. Deze duidelijkheid is een vereiste voor, maar geen garantie op succes. Wanneer men ervoor kiest om geen lokaal bestuur in te richten, zal men op een andere manier de omwonenden moeten betrekken bij de besluitvorming. Hierbij kan de gemeente ervoor kiezen om zelf meer de regie in handen te houden. Dit is dan strijdig met het door uw raad vastgesteld BET. 1.2. Nee Wanneer deze voorkeur er niet is, zal er een ander participatietraject opgetuigd moeten worden. Andere opties kunnen worden overwogen als uw raad verwacht dat intensieve samenwerking tussen inwoners en gemeente kan leiden tot conflicten. Tevens is de investering in een lokaal bestuur relatief hoger dan een traditionele participatie en de hoge inspanningsgraad in het bestuur kan ervoor zorgen dat inwoners zich uitsluiten van participatie. Hiernaast heeft de raad over de invulling van het RES 1.0 bod eerder besloten om budget vrij te maken voor een project m.e.r., maar nog niet voor het vormgeven van een lokaal bestuur. Alhoewel de voorkeur voor een lokaal bestuur wel is vastgelegd in het BET. Ook is er door de gemeenteraad al een voorkeursvolgorde voor de drie windzoekgebieden uitgesproken.
Discussie 2: Vorm van het bestuur Er zijn meerde manieren om het LBW in te richten. De drie kansrijke zoekgebieden kunnen ieder
een eigen bestuur krijgen of men kan kiezen voor één gezamenlijk LBW voor de drie gebieden samen: 2.1. Drie LBW’s oprichten bestaande uit inwoners van de betreffende zoekgebieden, aangevuld met professionele partijen. Hier zullen drie verschillende project m.e.r.’s uitgevoerd moeten worden. Men krijgt dus uiteindelijk negen alternatieven om uit te kiezen (drie per project m.e.r.) Het alternatief met het hoogste draagvlak, zegt dan ook enkel iets over het draagvlak per zoekgebied. Vanuit die m.e.r.’s moet dan alsnog één besluit worden voorbereid. Het voordeel hiervan is dat ieder bestuur dichter bij de inwoner staat en er geen voorkeurspositie van leden van het bestuur voor een bepaald zoekgebied is ten opzichte van anderen zoekgebieden. Dit heeft wel een hogere organisatiegraad en investering nodig, naast dat er alsnog één gezamenlijk besluit moet worden voorbereid. •
2.2. Kiezen voor één LBW voor alle zoekgebieden. De drie zoekgebieden liggen dicht bij elkaar (Autena [12], Tienhoven[10] en Zijderveld[14] in figuur 1). Er is enige overlap in de impactgebieden van 1.500 m (BET geen windturbines rond 1200 m van de rand van woonkernen) rondom de zoekgebieden. Men kan daarom kiezen voor één gezamenlijk bestuur voor de drie zoekgebieden, bestaande uit inwoners uit de drie gebieden. In deze vorm laat het bestuur één projectMER opstellen voor de drie zoekgebieden. Wanneer er één LBW opgericht wordt, worden de daarna te maken keuzes ook een stuk overzichtelijker. Hierbij moet men wel letten op de verdeling van omwonenden uit de drie zoekgebieden. Wanneer het bestuur wordt ingedeeld naar rato van het aantal omwonenden, zal het zoekgebied met de minste omwonenden altijd het onderspit delven. Dit kan worden ondervangen door de verschillende keuzes van de individuele bestuursleden inzichtelijk te maken.
Randvoorwaarden van mandaat De voorwaarden uit het BET, zijn leidend. De zachte randvoorwaarden zijn: • Maximaal drie windturbines bij elkaar, het lokaal bestuur moet de keuzevrijheid hebben om bijvoorbeeld een voorkeur te geven aan meerdere windturbines (uitzondering op het BET). • Daarnaast geldt algemeen dat het project minimaal kostendekkend moet zijn. Het lokaal bestuur zou ook in staat moeten worden gesteld om scenario’s aan te dragen die niet geheel kostendekkend zijn (bij de huidige energietarieven). In het BET hebben wij geambieerd te willen anticiperen op wijzigende of normatieve wetgeving. In dit geval zullen we verder moeten kijken dan de RES-doelen voor 2030 en anticiperen op de doelen die voor 2040 gesteld zullen worden. Voor 2030 is landelijk en door de raad vastgesteld dat er 70% van alle elektriciteit duurzaam wordt opgewekt. Hoewel we goed op weg zijn om het RES-bod voor 2030, te weten 0,072 TWh, te behalen, is het doel van 70% nog ver weg. Met zonnepanelen op alle daken binnen de gemeente, volgens huidige trends, en windenergie die in Autena wordt opgewekt, zouden we ca. 50% van alle elektriciteit binnen de gemeente op kunnen wekken in 2040. Dit zou betekenen dat we nog circa 0,165 TWh aan elektriciteit missen om in 2040 70% van alle elektriciteit binnen de gemeente duurzaam op te wekken.
Deze opgave dient dan meegegeven te worden als randvoorwaarde voor de zoekgebieden wind.
Discussie 3: Mandaat Duidelijke afspraken over eigenaarschap, samenwerking en rolverdeling zijn nodig om conflicten te voorkomen. Er zijn verschillende mogelijkheden wat betreft de verlening van de rol van het LBW. Hieronder vindt u de relevante opties: 1. 3.1. Adviserende rol van het LBW: 2. Hierbij is geen sprake van bestuurlijk mandaat voor het LBW. Dit zou dan een regionale omgevingsadviesraad [ROAR] zijn. Deze ROAR kan dan formeel geen besluiten nemen, maar de raad wel voorzien van lokale inzichten en (periodieke) adviezen. 3. 2. 3.2. Zwaarwegend adviserende rol van het LBW waarbij het advies als bindend wordt beschouwd: 3. In dit geval worden door de gemeente bepaalde kaders vastgesteld waarbinnen de doelstelling om de vereiste hoeveelheid duurzame energie op te wekken, wordt behaald. Binnen deze kaders kan het LBW dan autonome en “bindende” besluiten nemen. Wanneer een eventueel besluit van het LBW toch afwijkt van de gestelde kaders van de gemeente, kan dit advies worden voorgelegd aan de raad die zich dan over dit besluit kan buigen. In beide vormen zijn de besluiten van het LBW/ROAR, enkel adviserend omdat er geen juridische grondslag is voor enige besluitbevoegdheid. Om duidelijkheid te geven aan het LBW/ROAR moet de raad vooraf aangeven hoe de adviezen worden meegenomen in de besluitvorming.
Een zwaardere weging aan het advies, doet meer recht aan de term lokaal bestuur.
Discussie 4: Opdracht Deze opdracht maakt gezamenlijke oplossingsrichtingen mogelijk en moet ook de ruimte bieden om meerdere opties te adviseren. Kan de raad zich vinden in de volgende opdrachten aan het lokaal bestuur: 4.1. Kiezen voor een aanbesteder voor het opzetten van een/meerdere project m.e.r.’s De eerste opdracht voor dit lokale bestuur is om te komen tot een project milieueffectrapportage (m.e.r.) voor de drie kansrijke zoekgebieden voor windenergie. Dit vormt de volgende fase na de reeds uitgevoerde planMER. In deze project m.e.r. wordt specifieker gekeken naar de impact van de eventuele plaatsing van windturbines. Uit dit rapport volgt één voorkeursalternatief waarmee de opwekdoelstellingen worden gehaald binnen de randvoorwaardes van het BET. 4.2. Oordeelsvorming tijdens het project m.e.r. proces In de uitvoering van de project m.e.r.(‘s) door een adviesbureau, vindt het ontwerpproces plaats met de omwonenden om tot een advies te komen. Het lokaal bestuur kan hier een centrale partij voor zijn om vanuit de samenleving meningen en partijen te vertegenwoordigen. De gradatie van betrokkenheid van grondeigenaars, omwonenden of andere belanghebbenden bepaalt hoe complex de dynamiek van het bestuur kan zijn. 4.3. Het opstellen van het eindadvies op basis van het projectMER De vorm van besluitvorming en mandaat is gebaseerd op de uitkomst van discussie 3.
Discussie 5: Totstandkoming Er zijn verschillende manieren om de leden van het lokale bestuur te selecteren. Hierbij is het van belang dat iedereen een eerlijke kans krijgt om onderdeel te worden van het LBW/ROAR. Het proces rondom de aanleg van windturbines is complex. Dit vraagt om abstracte lange termijn-belangen af te kunnen wegen tegen de (in)directe overlast die men kan ondervinden bij de plaatsing van windturbines. De onderstaande manieren om omwonenden voor het lokaal bestuur te selecteren hebben op verschillende manieren invloed op de "eerlijke kans" die omwonenden moeten krijgen. Welk van de onderstaande vormen van selectie heeft de voorkeur van uw raad? • Loting • Ballotage • Verkiezing voor bestuursleden • Volledig aan de inwoners laten Loting geeft iedereen een eerlijke kans om onderdeel te worden van het lokale bestuur. Met het opstellen van een ballotagecommissie kan men minder gewenste personen op voorhand niet selecteren. Een groot nadeel van deze methode is dat dit afbreuk doet aan het idee dat iedereen kan participeren en de transparantie van het gehele bestuur. Een verkiezing van bestuursleden zou een mooie middenweg zijn, waarbij omwonenden zelf, door te stemmen op de (in hun ogen) meest geschikte kandidaten. Een nadeel hiervan is dat de gemeente minder invloed heeft op de uitslag en lidmaatschap van het bestuur een politieke kwestie van worden.
Discussie 6: Van opinie naar raadsvoorstel Is uw raad van mening dat dit opinievoorstel uitgewerkt moet worden in een raadsvoorstel? 1. Ja 2. Nee Bij verdere uitwerking van het opinievoorstel naar een raadsvoorstel kunnen de details verder worden uitgewerkt, dit impliceert een meer langdurig proces. Ondanks dat wij op koers liggen voor ons RES-bod kan dit haaks staan op de ambities van de provincie. De opgehaalde visies betreffende dit voorstel kunnen daarin verder worden verwerkt. Gelet op de vraag vanuit de provincie Utrecht om voor de zomer een duidelijke reactie te geven op de voortgang van de verdere vormgeving van het project m.e.r. proces, wordt het raadzaam geacht om het college opdracht te geven om het LBW/ROAR vorm te geven en dat als reactie aan de provincie Utrecht te geven.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden, de secretaris, Signed By: j.de.jonge@vijfheerenlanden.nl
19/03/2024 11:06:47 CET {{signer1}}
de burgemeester, Signed By: s.frohlich@vijfheerenlanden.nl
19/03/2024 11:28:05 CET {{signer2}}
ID: 7a3044a2-e02c-4ce1-98d4-cbe9202e7a42
ID: 7a3044a2-e02c-4ce1-98d4-cbe9202e7a42
Auth: Consent
Auth: Consent
W.J. (Judith) de Jonge
S. (Sjors) Fröhlich
Bijlage
Figuur 1. drie betreffende zoekgebieden windenergie