Opinievoorstel Ombuigingen 2026-2029
Tekst van het document
Opinievoorstel Zaaknummer: 1462254
Onderwerp Opinievoorstel Invulling ombuigingstaakstelling 2026-2029 1.
INLEIDING
1.1
Opdrachtformulering
Vanaf de Kadernota 2023 hebben wij te maken met een grote mate van financiële onzekerheid. Het gaat hierbij vooral over de hoogte van onze inkomsten uit het Gemeentefonds vanaf 2026 (het ravijn- of klifjaar). Daarnaast hebben we te maken met grote kostenstijgingen door hoge inflatie en een nog hardere stijging van een aantal openeinderegelingen in het sociaal domein. Om die reden staan in de kadernota’s en begrotingen van de afgelopen jaren - naast ambities - ook financiële uitdagingen. De afgelopen jaren is het steeds weer gelukt een sluitende meerjarige begroting vast te stellen. Dit kon door het voeren van een verstandig financieel beleid en het inboeken van besparingen met relatief weinig impact voor onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Om dit ook in 2026 voor elkaar te krijgen is in de Kadernota 2025 gewerkt met een ombuigingstaakstelling die in de begroting 2026 definitief en concreet ingevuld moet zijn. Bij het invullen van deze taakstelling lukt dat helaas niet met alleen maar financieeltechnische aanpassingen en ombuigingen met weinig impact. Het college wil dit proces daarom zorgvuldig uitvoeren in samenwerking met de gemeenteraad en onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties.
Hiertoe hebben wij de volgende opdracht geformuleerd: “Wat voor gemeente willen we zijn? Of wat voor gemeente kunnen we nog zijn na het invullen van de ombuigingstaakstelling van € 6 miljoen (verhoogd naar € 7,4 miljoen na verwerking van besluiten sinds de begroting 2025). En welk afgewogen pakket aan concrete maatregelen (inclusief om te buigen bedragen) hoort daar dan bij?” Met het vaststellen van de Kadernota 2025 heeft de raad het college (en de organisatie) de opdracht gegeven om - met externe procesbegeleiding - het tweede deel van deze opdracht in te vullen. Inmiddels zijn al belangrijke stappen gezet, maar de belangrijkste stappen komen nog. Dit moet leiden tot het gewenste eindresultaat: een structurele invulling van de meerjarige ombuigingstaakstelling op basis van duidelijke en uitvoerbare raadsbesluiten met draagvlak in Vijfheerenlanden. Per jaar geven we als gemeente ongeveer € 200 miljoen uit aan de uitvoering van onze taken. De ombuigingstaakstelling betreft daar ongeveer 3% (2026) oplopend naar 4% (vanaf 2027) van. Het beïnvloedbare deel van onze begroting is echter een stuk kleiner, iets minder dan € 20 miljoen per jaar. Hierdoor kunnen we deze taakstelling alleen realiseren door een aantal taken niet meer (geheel) of anders uit te voeren en beleid of bepaalde regelingen anders in te vullen, te versoberen of te stoppen.
De kosten van personeel en overhead zijn hierbij volgend op de afbouw van gemeentelijke taken. Dit alles heeft consequenties voor onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Pagina 1
1.2
Inhoud van dit opinievoorstel
Om voldoende achtergrondinformatie te geven voor het vormen van uw opinie geven we in hoofdstuk 2 een overzicht van de activiteiten sinds de vaststelling van de Kadernota 2025 en welke kaders wij hebben toegepast bij het selecteren van ombuigingsvoorstellen. In hoofdstuk 3 leest u de opinievragen en worden de ombuigingsvoorstellen inhoudelijk en financieel toegelicht (alle financiële bedragen zijn hierbij voor de leesbaarheid afgerond op hele duizendtallen). Met uw reacties op deze vragen komen we tijdens de Commissie Algemene Zaken op 10 april aanstaande te weten hoe u denkt over het pakket van ombuigingen dat voor u ligt en de uitgangspunten die daarbij zijn gehanteerd. Op basis daarvan stellen wij de concept Kadernota 2026 op. Tenslotte vindt u in hoofdstuk 4 terug welke financiële kaders, risico’s en kansen er meespelen bij dit vraagstuk. 2.
PROCES EN KADERS
2.1 Uitgevoerde procesactiviteiten sinds de Kadernota 2025 Na het vaststellen van de Kadernota 2025 zijn op het dossier ombuigingen onder meer de volgende activiteiten uitgevoerd: • •
• •
•
•
Er is een stuurgroep Ombuigingen gevormd die het ombuigingsproces faciliteert en stuurt op het gewenste eindresultaat. Met een afvaardiging van de raad en de griffie is een klein slim groepje (KSG) gevormd. Dit groepje heeft het bestuurlijke proces beschreven, waaronder de bestuurlijke besluitvormingsmomenten. Ook heeft het KSG bureau Berenschot geselecteerd om te ondersteunen bij het doorlichten van onze begroting. Bureau Berenschot heeft de gemeentebegroting 2025 technisch doorgelicht. Dit heeft geleid tot een overzicht van theoretisch beïnvloedbare kosten, zonder daarbij te kijken naar de maatschappelijke impact hiervan. College en raad zijn onder begeleiding van de gespreksleider van Berenschot de dialoog met elkaar aangegaan over de vraag: “Wat voor gemeente willen we zijn?” of beter, in het licht van de huidige financiële realiteit: “Wat voor gemeente kunnen we nog zijn?” De theoretisch beïnvloedbare kosten zijn vertaald in concrete ombuigingsmogelijkheden, inclusief een beschrijving van de maatschappelijke impact hiervan. De duidingsteksten en het dashboard zijn medio januari aan de raad ter beschikking gesteld. Op basis van het voorgaande heeft het college een selectie gemaakt van concreet in te vullen ombuigingsvoorstellen. Deze vindt u terug als bijlage 1 bij dit opinievoorstel.
2.2 Toegepaste inhoudelijke kaders Het dashboard van Berenschot heeft geleid tot een beïnvloedbaar bedrag van iets minder dan € 20 miljoen. Deze theoretisch beïnvloedbare ruimte is onder het kopje duidingsteksten in het dashboard, per beleidsproduct, vertaald in concrete ombuigingsmogelijkheden. Omdat het dashboard uitgaat van theoretisch beïnvloedbare kosten zijn de in het dashboard benoemde ombuigingsmogelijkheden veelal een keuze tussen alles of niets (bijvoorbeeld beleid stopzetten of doorgaan). Nadere kaders zijn dus nodig om tot een verantwoord ombuigingsvoorstel te komen. Wij hebben - mede op basis van de dialoogsessie met uw raad van 9 december 2024 - de volgende kaders voor de ombuigingen opgesteld. Pagina 2
1.
2. 3.
4.
5. 6.
Preventie en ondersteuning: We versnellen de beweging naar de voorkant (preventie en versterken sociale basis) waardoor we minder uitgeven aan specialistische, duurdere zorg en ondersteuning. Daarbij wordt strikter gekeken naar wie daadwerkelijk ondersteuning nodig heeft. Wie ondersteuning nodig heeft, moet deze ondersteuning ook daadwerkelijk kunnen krijgen. Daarmee kiezen we voor het geven van zorg en ondersteuning aan de meest kwetsbare inwoners en geven we prioriteit aan kinderen boven volwassenen. Onderhoud en beheer openbare ruimte: Het onderhoud en beheer van de openbare ruimte en vastgoed kan in frequentie naar beneden. Uitgangpunt is dat de omgeving en onze gemeentelijke gebouwen veilig blijven. Bouwen voor het goede leven: De raad heeft een investeringsbudget beschikbaar gesteld van € 80 miljoen voor het investeringsprogramma verbonden aan het realiseren van 3.000 nieuwe woningen en het goede leven in Vijfheerenlanden. Dit budget wordt behouden, maar de fasering van dit budget kan worden aangepast op de verwachte aanwending van dit budget. Daardoor worden de kapitaallasten in de meerjarenbegroting doorgeschoven. Als gevolg hiervan kan deze post bijdragen aan de ombuigingsdoelstelling. Organisatiekosten: Het college kiest ervoor om ombuigingen op de organisatie taakgericht door te voeren.
Dat betekent dat waar sprake is van vermindering van taken waar mogelijk, ook door het college de bijbehorende organisatiekosten worden verminderd. Eventuele generieke taakstellingen op de organisatie zullen door het college worden vertaald in het schrappen of verminderen van specifieke taken. Omkeerbaarheid: Het college heeft een pakket samengesteld waarin ook ombuigingen zijn opgenomen die teruggedraaid kunnen worden als er weer financiële ruimte komt. Lokale lasten: Het college kijkt eerst naar besparingsmogelijkheden en pas daarna naar het verhogen van de lokale lasten. Toepassing van het voorgaande kader (omkeerbaarheid) leidt er echter toe dat alleen het inboeken van besparingen niet voldoende is of zorgt voor zodanige afbraak van beleid en voorzieningen dat het college dit niet verantwoord vindt. Een inhaalslag in het verhogen van de lokale lasten is nodig om de taakstelling te realiseren.
Het toepassen van de bovenstaande kaders op het totale beïnvloedbare bedrag heeft geleid tot een meer afgewogen pakket aan keuzes (bijvoorbeeld door afbouw met een percentage). Verder stellen wij vast dat alleen het verminderen van taken en bijbehorende kosten niet genoeg is om tot een structureel sluitende begroting te komen. Daarom stellen wij ook een – in onze ogen verantwoorde – lastenverhoging voor.
Discussie 3.
DE OPINIËRENDE VRAGEN
In dit opinievoorstel leggen wij uw raad drie vragen voor; één per domein. Dit betreft verdiepingsvragen die van belang zijn om verder richting te kunnen geven aan de inhoudelijke uitwerking van de voorgestelde ombuigingen. Elke opinievraag wordt verdiept per thema. De strategie is per vraag toegelicht en de voorgestelde maatregelen financieel vertaald. Een totaaloverzicht van alle ombuigingsvoorstellen vindt u terug in bijlage 1, een toelichting op de inhoudelijke gevolgen hiervan treft u aan in bijlage 2.
Pagina 3
3.1
OPINIEVRAAG 1: Ondersteunt u de ombuigingsstrategie ten aanzien van het ruimtelijk domein en onderschrijft u de keuzes die op basis van deze strategie zijn gemaakt?
Op het ruimtelijk domein hebben wij ombuigingsvoorstellen opgenomen die optellen tot een bedrag van ruim € 3 miljoen in de eerste jaren, aflopend naar afgerond € 2 miljoen in 2029. Deze zijn onderverdeeld in de thema’s investeringsplanning, beheer openbare ruimte en overig. Wij vragen de raad om de bovenstaande vraag te beantwoorden op deze onderdelen via de volgende subvragen: 3.1.a Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van de investeringsplanning? Toelichting Ruimtelijk domein: investeringsplanning In onze gemeentelijke begroting is financiële ruimte opgenomen om voor een totaalbedrag van € 80 miljoen aan investeringen te doen ter realisering van onze doelstelling om in de periode 2027-2040 3.000 nieuwe woningen te realiseren. We waarborgen hiermee een mooie, groene, bereikbare, duurzame en betaalbare woonomgeving. Wij willen niet tornen aan deze investeringsruimte. Deze borgt immers de kwaliteit van wonen en werken in onze gemeente voor de komende decennia. Wel is het zo dat wij verwachten, dat de investeringen die verbonden zijn aan deze doelstellingen vooral in de periode 2030-2040 zullen worden gerealiseerd. Dit betekent, dat de in de meerjarenbegroting opgenomen financiële dekking kan worden doorgeschoven. Nu bouwt deze in de periode 2024-2028 op tot structureel € 2 miljoen aan kapitaallasten per jaar.
Het voorstel is om deze opbouw door te schuiven naar de periode 2028-2032. Dit betekent een incidentele bezuiniging van € 1,2 miljoen in 2026, van € 1,6 miljoen in 2027 en 2028 en van € 1,2 miljoen in 2029, die in drie jaar afloopt tot € 0 in 2032. Financieel effect Ruimtelijk domein: investeringsplanning Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Ruimtelijk domein: investeringsplanning Investeringsplanning
1.200 1.200
1.600 1.600
1.600 1.600
1.200 1.200
3.1.b Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het beheer van de openbare ruimte? Toelichting Ruimtelijk domein: Beheer openbare ruimte Uit de quick scan organisatiekosten die in 2024 is uitgevoerd, blijkt dat de kosten van het beheer van de openbare ruimte in Vijfheerenlanden vergelijkbaar zijn met de kosten van andere gemeenten. Dat betekent, dat ombuigingen vooral gevonden moeten worden in de gewenste kwaliteit van het beheer. Randvoorwaarde daarbij is dat dit niet ten koste mag gaan van de veiligheid van de openbare ruimte en ook niet mag leiden tot achterstallig onderhoud. De voorstellen betreffen dan ook vooral voorstellen gericht op verlaging van het kwaliteitsniveau van beheer van een A (begraafplaatsen) of hoog Bniveau (groen) tot een sober B-niveau of soms tot een C-niveau (bedrijfsterreinen), bijvoorbeeld door het verminderen van inspecties en het koppelen van de uitvoering van het groenbeleidsplan aan logische vervangingsmomenten. Pagina 4
Financieel effect Ruimtelijk domein: Beheer openbare ruimte Omschrijving Ruimtelijk domein: beheer openbare ruimte Inspectiecyclus naar 4 jaarlijks Beeld werklandschappen beheer openbare ruimte minimaal Onkruidbestrijding Uitvoering groenbeleidsplan koppelen aan vervangingsmomenten Ieder kind een boom stoppen Inspectie straatmeubilair
2026
2027
2028
2029
565 5
535 5
535 5
535 5
150 100
150 100
150 100
150 100
250 30 30
250 30 0
250 30 0
250 30 0
3.1.c Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van de overige ombuigingen in het ruimtelijk domein? Toelichting Ruimtelijk domein: overig Bij de overige voorstellen op het ruimtelijk domein betreft het vooral het verminderen van onze beheerinspanningen op gemeentelijk vastgoed (MJOP) door het gefaseerd invoeren van het amendement over dit onderwerp. Het aangenomen amendement gaat ervan uit dat wij het volledige (aanvullende) bedrag van € 2,3 miljoen (zijnde € 1 miljoen conform het voorstel en € 1,3 dat via het amendement is toegevoegd) per 2026 direct uitgeven, terwijl er in werkelijkheid sprake is van een ingroeipad. De eerste twee jaren kunnen we vooruit met het eerste miljoen. Deze tijd gebruiken we daarnaast voor het afstoten van panden en het bepalen van een realistisch ingroeipad. Het afstoten en/of herbestemmen van panden leidt tot lagere kosten dan het genoemde totaalbedrag van € 2,3 miljoen, maar op dit moment is nog niet in te schatten wat dit financieel betekent. Daarom is vanaf 2028 de opbrengst als PM geraamd. Daarnaast stellen we voor om voorbereidings- en werkbudgetten op het gebied van ruimtelijke ordening te verminderen of te schrappen. Dit heeft als consequentie dat minder eigen initiatieven kunnen worden ontplooid of dat wij meer afhankelijk worden van bijdragen of subsidies van derden.
Dergelijke bijdragen en subsidies zijn echter zeker beschikbaar. Zie bijvoorbeeld de Uitvoeringsagenda Regiodeal Groene Hart en de middelen voor de Regiohub Vianen. Financieel effect Ruimtelijk domein: overig Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Ruimtelijk domein: overig Fasering amendement MJOP Schrappen activiteiten preventie OOV Openbaar vervoer, onderzoek spoorveiligheid Beïnvloedbaar deel budget ruimtelijke ordening Voorstudiebudget grondbeleid
1.418 1.300 40
1.418 1.300 40
118 PM 40
118 PM 40
20
20
20
20
20 38
20 38
20 38
20 38
Pagina 5
3.2
OPINIEVRAAG 2: Ondersteunt u de ombuigingsstrategie ten aanzien van het sociaal domein en onderschrijft u de keuzes die op basis van deze strategie zijn gemaakt?
Op het sociaal domein hebben wij ombuigingsvoorstellen opgenomen die optellen tot afgerond € 2,2 miljoen in 2026, oplopend tot ruim € 4 miljoen vanaf 2029. Deze zijn onderverdeeld in de thema’s preventie, ondersteuning, participatie en sport & cultuur. Wij vragen de raad om de bovenstaande vraag te beantwoorden op deze onderdelen via de volgende subvragen: 3.2.a Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema preventie? Toelichting Sociaal domein: preventie Er is de afgelopen jaren zowel landelijk als in Vijfheerenlanden een beweging in gang gezet waarbij we fundamenteel anders kijken naar zorg en ondersteuning. Dat is hard nodig omdat we tegen de grenzen aan lopen van wat we in de uitvoering en financieel kunnen dragen. Kort gezegd: we hebben de mensen en het geld er niet meer voor. We versnellen daarom de beweging naar de voorkant door in te zetten op preventie en op laagdrempeliger vormen van hulp. Hiermee geven we minder uit aan specialistische, duurdere zorg en ondersteuning. Zo hebben we de visie op de Sociale Basis vastgesteld en sluiten we aan bij de Hervormingsagenda Jeugd, het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming, het Integraal Zorg Akkoord, het Gezond en Actief Leven Akkoord, Woonzorgvisies, Sportakkoord, Preventieakkoord en de Landelijke Nota Gezondheidsbeleid.
Meer dan voorheen doen we een beroep op eigen verantwoordelijkheid, maar daarbij blijven we hen wel ondersteunen. Het Sociaal Team biedt brede ondersteuning, met specialistische zorg als laatste redmiddel, en richt zich op de meest kwetsbare groepen. Een inwoner wordt als kwetsbaar gezien als er sprake is van een combinatie van bijvoorbeeld geen veilige of stabiele huisvesting, wonen in een omgeving met veel criminaliteit, huiselijk geweld of slechte leefomstandigheden, afhankelijkheid van hulp bij dagelijkse taken (persoonlijke verzorging, begeleiding), onvoldoende stabiele basis bij jongeren uit een zorginstelling of pleeggezin, niet zelfstandig kunnen wonen door jongeren afkomstig uit residentiële jeugdzorg of pleegzorg en moeilijke terugkeer in de maatschappij door een verleden in de verslavingszorg of het strafrecht. Hierdoor wordt zelfstandig functioneren en meedoen moeilijker. Daarom is het belangrijk om deze factoren vroegtijdig te signaleren. Voorkomen is immers beter dan genezen. We kiezen ervoor de ingezette koers te versnellen om op deze manier hogere kosten door inzet van specialistische zorg te voorkomen. Door het versterken van de sociale basis, het beroep op de eigen verantwoordelijkheid en het inzetten op preventie krijgen we meer grip op de openeinderegelingen in het sociaal domein zodat we daar de komende jaren minder verwachten uit te geven.
Financieel effect Sociaal domein: preventie Omschrijving Totaal bezuiniging sociaal domein: preventie 1e uur bewegingsonderwijs, 25% vergoeden ipv 50% Pagina 6
2026
2027
2028
2029
175
175
175
175
135
135
135
135
Budget onderwijshuisvesting huren Onderwijshuisvesting beperken tot wettelijke eisen
40
40
40
40
0
0
PM
PM
3.2.b Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema ondersteuning? Toelichting Sociaal domein: hulp- en ondersteuning Hulp en ondersteuning zijn primair bedoeld voor inwoners die dat nodig hebben. Door de kaders voor het verkrijgen van hulp en ondersteuning strakker toe te passen, kunnen de kosten van geïndiceerde hulp en ondersteuning worden verminderd. Daarbij is de belangrijkste besparing te realiseren bij de huishoudelijke hulp. Door herindicatie krijgt een deel van de gebruikers een lichtere vorm van huishoudelijke hulp of met een lagere frequentie, i.p.v. 1x per week, om de week. Hierin kan ook robotica hulp bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een robotstofzuiger. Deze besparing telt binnen enkele jaren op tot ongeveer € 1 miljoen. Dit kan deels ten koste gaan van de signaleringsfunctie die de huishoudelijk hulp ook heeft. Daarnaast zou een deel van de begeleiding voor Wmo en Jeugd (deze hulp wordt nu deels verleend door zorgaanbieders) meer dan nu al het geval is, geboden kunnen worden door het Sociaal Team.
Op het gebied van Jeugdzorg is dit een investeringsopdracht vanuit de Hervormingsagenda waarin wordt gesproken over beschikbaarheid van laagdrempelige, kwalitatief goede lokaal teams (met stevige relaties met specialistische jeugdhulp voor als dat nodig blijkt) die samen met jeugdigen en hun ouders goed bezien wat nodig is, verbindingen leggen met het bestaande informele en formele netwerk rondom de jeugdigen, maar zelf ook hulp kunnen bieden. Ook bij het budget leerlingenvervoer kan worden omgebogen. De huidige Verordening Leerlingenvervoer is ruimhartig opgesteld, waardoor relatief veel kinderen met (individueel) aangepast vervoer van en naar school gaan. In maart 2025 zal aan uw raad gevraagd worden een nieuwe Verordening Leerlingenvervoer vast te stellen. Deze nieuwe verordening sluit aan bij de laatste modelverordening van de VNG en gaat uit van de zelfredzaamheid en zelfstandigheid van ouder(s) en kinderen bij het vervoer van en naar de school. Door de nieuwe verordening en het strak hanteren daarvan, houden we het leerlingenvervoer beter betaalbaar en zal er minder druk op het aangepast vervoer (vervoer per taxibus) liggen. Het leerlingenvervoer blijft zo beschikbaar voor de meest kwetsbare kinderen.
De verwachting is wel dat er naast aanpassing van de verordening meer maatregelen nodig zullen zijn om de gevraagde besparing te kunnen behalen, zoals de invoering van opstapplaatsen. De landelijke herinvoering van de inkomens- en vermogens afhankelijke eigen bijdrage Wmo is (vooralsnog) uitgesteld tot 1-1-2027. Het eerder zelfstandig inregelen van een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage levert een juridisch risico op, maar biedt ook kansen tot het genereren van extra inkomsten. Een bijeffect kan zijn dat er een dempende werking ontstaat op de vraag naar ondersteuning op grond van de Wmo. Zoals bij het onderdeel preventie al is toegelicht kiezen wij ervoor om door het versterken van de sociale basis, het beroep op de eigen verantwoordelijkheid en het inzetten op preventie meer grip te krijgen op de openeinderegeling in het sociaal domein. Daardoor verwachten wij hier de komende jaren minder op uit te geven, van € 0,6 miljoen in 2026 oplopend tot een bedrag van € 1,6 miljoen vanaf 2028. Wij beschouwen dit als een taakstellend bedrag, gebaseerd op ervaringen van enkele andere gemeenten. Wanneer dit bedrag in de praktijk onvoldoende wordt gerealiseerd, worden wij gedwongen om het uitgangspunt van versterken van de sociale basis kritisch tegen het
Pagina 7
licht te houden en mogelijk ook ombuigingen op onze inzet in de sociale basis door te voeren, bijvoorbeeld in het welzijns- en maatschappelijk werk. Financieel effect Sociaal domein: hulp- en ondersteuning Omschrijving Sociaal domein: hulp en ondersteuning Huishoudelijke Ondersteuning aanpassen (inclusief invoeren eigen bijdrage 2026) Verlagen budget leerlingenvervoer Samenwerken preventieve Wmoinvesteringen Beweging van individuele naar collectieve ondersteuning Wmo Besparen op openeinderegelingen sociaal domein
2026
2027
2028
2029
1.330 250
2.240 500
3.092 800
3.442 1.000
480 0
480 0
480 62
480 62
0
60
150
300
600
1.200
1.600
1.600
3.2.c Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema participatie? Toelichting sociaal domein: (inwoner)participatie Vijfheerenlanden vindt participatie belangrijk. Een grote post op de begroting is het budget Inwonersinitiatieven. Hoewel ook het college dit een belangrijk hulpmiddel vindt in het ondersteunen van onze inwoners, vinden we het niet langer noodzakelijk en verdedigbaar om het volledige bedrag in de begroting op te nemen. Zeker omdat de ervaring leert dat hiervan ieder jaar zo’n € 300.000 euro overblijft. Dit bedrag kan in het kader van realistisch begroten zonder gevolgen voor onze inwoners omgebogen worden. Daarnaast stellen we een extra afbouw voor met €100.000 (in totaal dus € 400.000 op dit budget). Dit betekent dat de ondersteuning van inwoners door onze wijkambassadeurs nog steeds doorgang kan vinden, maar dat niet alle initiatieven op dezelfde wijze als voorheen ook financieel ondersteund kunnen worden. Financieel effect Sociaal domein: (inwoner)participatie Omschrijving Sociaal domein: (inwoner)participatie Inwonerinitiatieven
2026
2027
2028
2029
400 400
400 400
400 400
400 400
3.2.d Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema sport & cultuur? Toelichting Sociaal domein: sport en cultuur Sport draagt bij aan de (mentale) gezondheid en vitaliteit van onze inwoners en aan sociale cohesie. Wij vinden dit als gemeente belangrijk, maar het is geen wettelijke taak. Daarom is ook hierin ruimte gezocht voor ombuigingen. Tot nu toe vergoedt de gemeente het eerste uur bewegingsonderwijs in het basisonderwijs voor 50%. Door dit terug te brengen naar 25% kan € 135.000 worden bespaard. Wanneer de scholen hun taken op dit vlak niet op dezelfde wijze willen blijven uitvoeren, dan betekent dit dat de kwaliteit van het bewegingsonderwijs voor basisschoolleerlingen vermindert. Daarnaast Pagina 8
stellen wij voor om de gemeentelijke subsidies aan sportverenigingen te verminderen met 10% in 2026 en 20% vanaf 2027. Dit kan consequenties hebben voor de hoeveelheid activiteiten die sportverenigingen ondernemen of voor de hoogte van de contributie. Wij stellen voor om het budget voor musea (Glasmuseum Leerdam en Stedelijk Museum Vianen) en museale activiteiten met in totaal € 40.000 per jaar te verminderen. Daarnaast kiezen we voor een algemene bezuiniging van 10% in 2026 en 20% vanaf 2027 op subsidies aan overige culturele instellingen. Hiervan ondervinden ruim 70 culturele instellingen in Vijfheerenlanden de gevolgen. Ook dit kan gevolgen hebben voor de activiteiten en/of contributie. Financieel effect Sociaal domein: sport en cultuur Omschrijving Sociaal domein: sport en cultuur Sportsubsidies, vanaf 2026 10% tot 2027 20% Subsidies Culturele instellingen vanaf 2026 10% tot 2027 20% Verminderen subsidie musea, 10% Gerealiseerde besparing i.v.m. nieuwe exploitatieovereenkomst sportfondsen Verlagen budget uitbestede werkzaamheden musea (gerealiseerd) 3.3
2026
2027
2028
2029
196
266
266
266
20
40
40
40
50 40
100 40
100 40
100 40
60
60
60
60
26
26
26
26
OPINIEVRAAG 3: Ondersteunt u de ombuigingsstrategie ten aanzien van het de bedrijfsvoering en dienstverlening en onderschrijft u de keuzes die op basis van deze strategie zijn gemaakt?
Op bedrijfsvoering en dienstverlening hebben wij ombuigingsvoorstellen opgenomen die optellen tot een bedrag van afgerond € 2,8 tot € 2,9 miljoen. Deze zijn onderverdeeld in de thema’s organisatie en lokale lasten. Wij vragen de raad om de bovenstaande vraag te beantwoorden op deze onderdelen via de volgende subvragen: 3.3.a Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema organisatie? Toelichting Bedrijfsvoering en dienstverlening: organisatie De uitkomsten van het medewerkersonderzoek, de evaluatie van de zelforganisatie en de toezegging aan uw raad om meer regie te voeren en sturing in de organisatie te versterken leiden tot een herijking van de organisatiestructuur. Hierbij worden heldere sturingslijnen ingericht, sleutelposities toegevoegd en verantwoordelijkheden en mandaten in de organisatie eenduidig ingericht. Dit herontwerp leidt aanvankelijk tot structureel hogere kosten. Echter, wij hebben vertrouwen in deze werkwijze en zien hierdoor mogelijkheden om efficiënter te gaan werken. Daarnaast vinden wij het niet verantwoord om in deze financieel onzekere tijden om extra middelen te vragen voor de doorontwikkeling van de organisatie. Daarom leggen wij onszelf een taakstelling op. De rest lossen we op binnen de bestaande formatie. Hiervoor zetten wij de resterende 6 fte in van de eerder door uw raad toegekende 36 fte.
De organisatieontwikkeling draagt bij aan de doelen waarvoor de 36 fte beschikbaar is gesteld: betere aansluiting van de groei Pagina 9
van de organisatie op de groei van de gemeente en het komen tot een aanvaardbare werkdruk voor medewerkers. Met de inzet van de resterende fte’s en de efficiencywinst zullen wij de extra kosten van de organisatieontwikkeling taakstellend volledig binnen de bestaande personele middelen opvangen. Zodra de Ondernemingsraad advies heeft uitgebracht over het herontwerp van de organisatie en wij tot een definitief besluit kunnen komen, informeren wij u hierover uitgebreid via een raadsinformatiebrief. Verder zien wij concrete kansen om taakgerichte ombuigingen op de uitvoering van gemeentelijke taken te realiseren. Waar sprake is van vermindering van taken die een effect hebben op capaciteit en inzet medewerkers, leidt dit tot een vermindering van de bijbehorende organisatiekosten bij ons of bij onze uitvoeringspartners. Wij zien hiervoor concrete mogelijkheden op het gebied van duurzaamheid, burgerzaken, uitvoeringskosten Avres, inzet van jongerenwerk (voorheen MDT-BAAS), milieubeheer en recreatie en cultuur. De vermindering van de uitvoeringskosten op deze gebieden hebben gevolgen voor onze inwoners. Deze gevolgen zijn nader toegelicht in bijlage 2 bij dit opinievoorstel. Aanvullend hierop stellen wij voor om enkele kleinere ombuigingsmaatregelen door te voeren in de organisatiekosten.
Dat betreft het verlagen van de diverse (overhead)budgetten, waaronder het halveren van de wekelijkse informatiepagina in Het Kontakt, een besparing op de huurkosten van servicecentra en het verlagen van de reserveringen voor vennootschapsbelasting. Financieel effect Bedrijfsvoering en dienstverlening: organisatie Omschrijving
2026
2027
2028
2029
836 35 60
932 35 60
932 35 60
932 35 60
741
741
741
741
0
96
96
96
Bedrijfsvoering en dienstverlening: organisatie Informatiepagina Kontakt, halveren Vennootschapsbelasting (gerealiseerde besparing) Vermindering uitvoeringskosten (gemeentelijke) organisatie Besparing op huurkosten servicecentra
3.3.b Ondersteunt u de ombuigingsstrategie en keuzes ten aanzien van het thema lokale lasten? Toelichting Bedrijfsvoering en dienstverlening: lokale lasten Voor en ten tijde van de vorming van Vijfheerenlanden was onze gemeente relatief duur wat betreft de lokale lasten. De afgelopen jaren is stevig ingezet op beperkte lastenverhogingen (gekoppeld aan de inflatie), waardoor we de lokale lasten veel minder hard hebben laten stijgen dan de meeste andere gemeenten. Inmiddels is de gemiddelde ozb-aanslag per huishouden van de gemeente Vijfheerenlanden onder het landelijk gemiddelde gezakt. Vijfheerenlanden staat in 2024 in de provincie Utrecht op plek 6 wat betreft gemeenten met de laagste ozb per gemiddeld huishouden. Ter illustratie: in 2024 was de landelijke OZB stijging per inwoner 7,5% (in Vijfheerenlanden 3,7%) en in 2025 8,6% (in Vijfheerenlanden 2,6%). In de afgelopen 2 jaar liep de tariefontwikkeling hiermee 9,8% achter op het landelijke gemiddelde en de verwachting is dat veel gemeenten in 2026 opnieuw een verhoging toepassen ruim boven het landelijke inflatiepercentage. Vijfheerenlanden heeft daarmee ruimte om de ozb te verhogen. Een Pagina 10
extra stijging van circa 12,5% (dus circa 15% in totaal inclusief inflatiecorrectie) achten wij verantwoord. Dit leidt tot ongeveer € 1,9 miljoen aan extra baten. De lasten voor onze inwoners stijgen hierdoor gemiddeld met € 60 per huishouden per jaar (waarvan € 10 als gevolg van inflatie). Hoewel wij oog hebben voor de lastige financiële positie waarin sommige huishoudens in onze gemeente zich bevinden, denken wij dat deze stijging voor veel inwoners acceptabel zal zijn. Zeker omdat het alternatief voor de lastenverzwaring is dat we nog verder moeten snijden in ons voorzieningenniveau, de kwaliteit van de openbare ruimte, de hulp en ondersteuning in het sociaal domein en/of onze dienstverlening aan inwoners en ondernemers. Ook zien wij ruimte om een aantal leges (waaronder de begraafrechten) bovenop de indexatie door inflatie extra te verhogen. Dit betreft leges waar wij nu nog niet volledig kostendekkend zijn en waar ruimte is voor verhoging. Financieel effect Bedrijfsvoering en dienstverlening: lokale lasten Omschrijving Bedrijfsvoering en dienstverlening: lokale lasten Verhogen leges richting kostendekkend niveau Verhogen OZB met 12,5%
2026
2027
2028
2029
1.925 50
1.925 50
1.925 50
1.925 50
1.875
1.875
1.875
1.875
4.
FINANCIËLE PARAGRAAF
4.1
Uitgangspunt omvang ombuigingstaakstelling
De in de inleiding benoemde financiële opgave is aanzienlijk. Bovendien is onze ervaring dat de opgave door verschillende ontwikkelingen gedurende het jaar nogal eens kan wijzigen. De in de volgende paragraaf benoemde risico’s en kansen bevatten de eerste ons bekende signalen. Uw raad wordt twee keer per jaar, bij de behandeling van de kadernota en de begroting, geïnformeerd over actuele ontwikkelingen en de gevolgen hiervan voor het begrotingssaldo. Als de actuele financiële situatie daar aanleiding voor geeft kan dit betekenen dat de uiteindelijke taakstelling naar boven of naar beneden wordt bijgesteld. Tijdens de dialoogsessie over de ombuigingen heeft een aantal fracties als kader benoemd dat ombuigingen weer terug te draaien moeten zijn als daar financieel ruimte voor ontstaat. Wij hebben dit kader zo veel als mogelijk overgenomen en toegepast bij onze keuzes. Bijvoorbeeld bij het uitstellen van investeringen, verlagen van budgetten of subsidies en het verhogen van lasten. We realiseren ons ook dat het verminderen van subsidies gevolgen kan hebben voor het personeel van onze ketenpartners. Maar eventuele voordelen kunnen, behalve het terugdraaien van ombuigingen, ook gebruikt worden in de vorm van nieuwe afwegingsruimte. Voor deze raad en voor de volgende raad. 4.2
Risico’s en kansen
Ook in het ombuigingsproces hebben we te maken met risico’s en kansen. De belangrijkste hiervan zijn: Risico: extra uitgaven
Pagina 11
Een aantal mogelijke ontwikkelingen en risico’s is nog niet in de begroting 2025 verwerkt. (geen besluitvorming en/of bedragen nog niet bekend) U kunt hierbij denken aan: • De raad heeft in 2024 uitgesproken in 2025 een keuze te willen maken over de toekomst van het complex Laco/Berenschot/het Dak. Renovatie of nieuwbouw van dit complex leidt tot aanzienlijke extra lasten. • De kostenontwikkeling binnen het sociaal domein blijft een zorgpunt. De kostprijs van het aanbod stijgt sterker dan het landelijk inflatiepercentage. • Een aantal dorps-/woonvisies is opgesteld en er volgen er nog meer. Vanuit die dorps-/woonvisies zullen plannen komen die tot kosten leiden die tot op heden nog niet in de begroting zijn opgenomen. Risico: solvabiliteit Hoewel het weerstandsvermogen en de weerstandsratio van de gemeente Vijfheerenlanden op orde zijn, is de verwachte solvabiliteit in de Programmabegroting 2025 slechts iets hoger dan 20%. Zonder maatregelen zal de solvabiliteit de komende jaren dalen tot onder dit minimumpercentage. Waar andere gemeenten de mogelijkheid hebben om (een deel van) het financiële nadeel ten laste te brengen van hun reserves, is die ruimte bij ons in de praktijk afwezig. Kans: financiële meevallers Er is ook sprake van een aantal mogelijke meevallers. Deze zijn deels afhankelijk van landelijke ontwikkelingen.
Hierbij denken wij aan: • De financiële problemen van vrijwel alle gemeenten bij de jeugdhulp zijn nijpend. De door het kabinet en de VNG ingestelde deskundigencommissie-Van Ark heeft advies uitgebracht over de Hervormingsagenda Jeugd. De conclusie is: er moet geld bij voor gemeenten. Indien het Rijk deze conclusie overneemt mogen extra rijksmiddelen verwacht worden. Op zijn vroegst wordt dit duidelijk bij de Voorjaarsnota van het Rijk. Omdat Vijfheerenlanden de kosten voor Jeugdhulp realistisch raamt, kunnen extra rijksmiddelen ten gunste komen van het begrotingssaldo. • Vijfheerenlanden is een groeigemeente. De kosten gaan hierbij voor de baten uit, ook omdat de cijfers die het Rijk hanteert voor de bepaling van de Algemene Uitkering veelal achterlopen bij de werkelijkheid. Hierdoor is er de afgelopen jaren bij de Mei- en Septembercirculaires vaak sprake van financiële voordelen. Dit komt vooral door het actualiseren van de maatstaven waarop de Algemene Uitkering is gebaseerd zoals aantallen inwoners, woonruimten, jongeren etc. • Bij de ontwikkeling van werklandschappen wordt specifiek gezocht naar kansen voor extra inkomsten door middel van reclame-uitingen. • In de geïnventariseerde ombuigingsmaatregelen zit - naast de concreet benoemde en uitgewerkte maatregelen - ook een maatregel die (nog) niet financieel te kwantificeren is.
Het gaat hierbij om het beperken van onderwijshuisvesting tot onze wettelijke taak op dit gebied. Deze zogenaamde PM-post bevat nog een beperkt potentieel voor besparingen, aanvullend op de in dit opinievoorstel opgenomen en gekwantificeerde voorstellen.
Pagina 12
4.3
Tabel met ombuigingsvoorstellen
Het in paragraaf 3 toegelichte proces om te komen tot realistische en dus uitvoerbare ombuigingsvoorstellen en de in dat kader opgeleverde producten zijn vertaald in een keuze voor duidelijke en uitvoerbare ombuigingsmaatregelen binnen de kaders zoals in hoofdstuk 4 toegelicht. Dit leidt tot het volgende totaaloverzicht (in duizenden euro). Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Taakstelling
6.000
6.000
6.000
6.000
Verwerking genomen besluiten Aangenomen amendement MJOP Overige besluiten met fin. gevolgen (Aankoop pand “De Keuken”, Convenant U10-EBU-ROM en Programma Civiele Kunstwerken)
1.332 1.300 32
1.365 1.300 65
1.398 1.300 98
1.431 1.300 131
Subtotaal (nog in te vullen)
7.332
7.365
7.398
7.431
Ruimtelijk domein Investeringsplanning Beheer openbare ruimte Overig
3.183 1.200 565 1.418
3.553 1.600 535 1.418
2.253 1.600 535 118
1.853 1.200 535 118
Sociaal domein Preventie Hulp en ondersteuning Participatie Sport en cultuur
2.101 175 1.330 400 196
3.081 175 2.240 400 266
3.933 175 3.092 400 266
4.283 175 3.442 400 266
Bedrijfsvoering en dienstverlening Organisatie Lokale lasten
2.761 836 1.925
2.857 932 1.925
2.857 932 1.925
2.857 932 1.925
Subtotaal aan ombuigingsvoorstellen
8.045
9.491
9.043
8.993
Resultaat ombuigingstaakstelling (een negatief getal betekent een overschot)
-713
-2.126
-1.645
-1.562
De ombuigingsvoorstellen worden gespecificeerd weergegeven in bijlage 1. Het sociaal domein maakt circa tweederde deel uit van de gemeentelijke begroting 2025 (wat betreft het saldo van lasten en baten). Naar verhouding wordt het sociaal domein relatief minder hard getroffen. Dit wordt deels veroorzaakt door het feit dat dit wettelijk verplichte taken en geoormerkte budgetten betreft. Het ruimtelijk domein wordt relatief harder getroffen, maar bevat een tweetal voorstellen met veel financiële impact (strategie investeringsagenda en de fasering amendement MJOP). In veel gevallen betreft het bij de in bijlage 1 opgenomen ombuigingsvoorstellen voorstellen die (ingeval van een verbetering van de financiële positie van de gemeente) Pagina 13
ook teruggedraaid kunnen worden. Al realiseren wij ons ook welke signaalfunctie hiervan uit kan gaan. In bijlage 2 wordt beknopt de (maatschappelijke) impact per ombuigingsvoorstel beschreven. 4.4
Effect op de gemeentebegroting
In de onderstaande tabel wordt de opbouw weergegeven van de financiële opgave van de gemeente Vijfheerenlanden voor de periode 2026-2029. Vervolgens wordt de financiële ruimte die ontstaat na verwerking van de voorgestelde ombuigingsmaatregelen getoond. Dit laat zien welke afwegingsruimte er nog is om in de richting van de Kadernota andere keuzes te maken. Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Nadelig begrotingssaldo na eerste wijziging Stelpost ombuigingen Verwerking genomen besluiten
6.249
3.024
2.961
2.961
2.500 1.332
2.500 1.365
2.500 1.398
2.500 1.431
10.081
6.889
6.859
6.892
-/- 8.045
-/- 9.491
-/- 9.043
-/- 8.993
2.036
-/- 2.602
-/- 2.184
-/- 2.101
Tekort gemeentebegroting vóór ombuigingen Subtotaal ombuigingsvoorstellen (zie pag.11) Afwegingsruimte na ombuigingen (een positief getal betekent dat er geen afwegingsruimte is)
Hoewel wij steeds uitgegaan zijn van een structurele ombuigingstaakstelling van ongeveer € 6 miljoen (verhoogd met € 1,4 miljoen als gevolg verwerking van sinds de begroting 2025 genomen besluiten) hebben we nog altijd te maken met een fors incidenteel negatief effect in 2026. Feitelijk moeten wij de ombuigingstaakstelling 2026 volledig invullen, en is er dus geen keuzeruimte in 2026. Dan nog resteert er hierdoor een negatief saldo in het begrotingsjaar 2026. De bovenstaande tabel laat verder zien dat, met het huidige pakket aan ombuigingsvoorstellen, er vanaf 2027 afwegingsruimte ontstaat. Deze ruimte kan gebruikt worden om, op basis van de opiniërende bespreking in uw raad, andere accenten te leggen in de ombuigingsvoorstellen die nu gedaan zijn. Niet alles wat op de lijst staat hoeft ook daadwerkelijk overgenomen te worden om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting. Op de laatste regel van de tabel is te zien dat deze afwegingsruimte in aanloop naar de Kadernota 2026 bestaat uit ruim € 2 miljoen structureel + PM-posten. Hierbij hoort zoals altijd de kanttekening dat het financieel beeld de komende periode nog zal wijzigen waardoor de hoogte van de afwegingsruimte tegen die tijd groter of kleiner kan zijn.
Pagina 14
Vervolg De uitkomsten van de opiniërende bespreking worden opgenomen in de Kadernota 2026. Hiervoor zijn de volgende momenten van belang: • • • • •
Participatiedag en -enquete onder inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners (8 maart a.s.) Opiniërende bespreking in de commissie AZ van 10 april a.s. Opstellen Kadernota in april en mei Commissiebehandelingen Kadernota 2026 in juni Raadsbehandeling Kadernota 2026 op 8 juli a.s. Bijlagen Als bijlagen zijn opgenomen: 1 - Geselecteerde ombuigingsvoorstellen 2026-2029 2 - Duidingsteksten ombuigingsvoorstellen Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden, de secretaris,
de burgemeester,
26/02/2025 15:24:08 CET {{signer1}}
26/02/2025 15:47:34 CET {{signer2}}
Signed By: j.de.jonge@vijfheerenlanden.nl
Signed By: s.frohlich@vijfheerenlanden.nl
ID: 84d2cc60-2af1-486f-a921-2cce8c29caeb
ID: 84d2cc60-2af1-486f-a921-2cce8c29caeb
Auth: Consent
Auth: Consent
W.J. (Judith) de Jonge
S. (Sjors) Fröhlich
Pagina 15