Nota uitgangspunten omgevingsplan, deelgebied woongebied Meerkerk
Tekst van het document
OMGEVINGSPLAN, DEELGEBIED MEERKERK Onderwerp: Nota uitgangspunten 18 oktober 2023
Inhoud Hoofdstuk 1 Inleiding ................................................................................ 2 Hoofdstuk 2 De gebiedsinventarisatie .......................................................... 3 Hoofdstuk 3 De regelinventarisatie .............................................................. 5 Hoofdstuk 4 De uitgangspunten .................................................................. 7 Hoofdstuk 5 De vervolgstappen................................................................... 8 5.1 Aankondiging ................................................................................... 8 5.2 Opstellen ontwerp omgevingsplan ....................................................... 9 5.3 Vooroverleg ..................................................................................... 9 5.4 Terinzagelegging en zienswijzen procedure ........................................... 9 5.5 Vaststellen omgevingsplan en beroepsprocedure ................................... 9 Bijlage 1: Plangebied deelomgevingsplan woongebied Meerkerk .................... 10 Bijlage 2: De kerndoelstelling en kerninstrumenten van de Omgevingswet ...... 11 Bijlage 3: De aanpak vanuit Vijfheerenlanden ............................................. 12
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
1
Hoofdstuk 1 Inleiding Deze nota uitgangspunten beschrijft de kaders voor het opstellen van het omgevingsplan ‘deelgebied woongebied Meerkerk’. Het plangebied treft u aan in bijlage 1. In deze nota staan in hoofdstuk 2 de gebiedsinventarisatie van het woongebied Meerkerk en in hoofdstuk 3 de regels die daarop van toepassing zijn centraal. Op basis van die inventarisaties worden in hoofdstuk 4 uitgangspunten voorgelegd om tot een basis te komen voor het omgevingsplan ‘deelgebied woongebied Meerkerk’. In hoofdstuk 5 worden de vervolgstappen daarna kort toegelicht zodat een goed overzicht kan worden gekregen van het volledige ‘planomzettingsproces’ voor het ‘deelgebied woongebied Meerkerk’. De Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking treedt stelt onder andere als doel om per gemeente te komen tot een gebied dekkend omgevingsplan. Om dat doel te bereiken heeft de gemeenteraad van Vijfheerenlanden een Plan van Aanpak planomzetting vastgesteld. Een nota uitgangspunten per deelgebied is daar onderdeel van. Een korte functionele herhaling van de kern van de Omgevingswet en de vastgestelde aanpak in Vijfheerenlanden is voorzien in respectievelijk de bijlagen 2 en 3. Eén van de kerninstrumenten van de Omgevingswet is het gemeentelijk omgevingsplan.
Het omgevingsplan geldt voor het gehele gemeentelijke grondgebied en de gemeenten hebben op basis van de invoeringswet tot 2032 de tijd om het omgevingsplan al dan niet in delen vast te laten stellen. In het Plan van Aanpak om tot zo’n gebiedsdekkend omgevingsplan te komen is afgesproken deze uitdaging in delen te verdelen en te beginnen met het ‘deelgebied woongebied Meerkerk’.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
2
Hoofdstuk 2 De gebiedsinventarisatie De eerste stap op weg naar een ontwerp omgevingsplan (in dit geval voor het deelgebied ‘woongebied Meerkerk’) is het verrichten van een gebiedsinventarisatie. Met behulp van luchtfoto’s en voor handen zijnde (archief) informatie is bekeken of datgene wat we aantreffen legaal is en als zodanig is opgenomen in de huidige planologie. Naast hetgeen daaruit kan worden opgenomen in het concept omgevingsplan, komen er ook harmonisatie-, beleids- en handhavingsvraagstukken naar voren die niet direct in het concept omgevingsplan kunnen worden opgenomen. Buiten de leidende principes uit het Plan van Aanpak vormen de vaste rechtspraak over precedentwerking, rechts(on)gelijkheid en rechts(on)zekerheid daar de grondslagen voor. De aangegeven vraagstukken zullen later aan het bevoegde orgaan voorgelegd worden (denk bij beleid aan de raad en bij handhaving aan het college) als zuivere vraagstukken om separaat op te lossen. Dat zal voor het eerst zijn na opstelling van de eerste twee deelgebieden, namelijk woongebied Meerkerk (deelgebied 1) en daarna de woongebieden Leerdam en Vianen (deelgebied 2) Voorbeelden die bij inventarisatie zijn aangetroffen maar die hier uit integriteitsoverwegingen op basis van niet gemeentelijke situaties worden geïllustreerd zijn: 1.
Gevallen met tweede en derdelijns bebouwing direct aangrenzend tussen verstedelijk gebied of aan het begin van de lintbebouwing
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
3
2. Illegale tuinbebouwing waarbij geadviseerd wordt dit niet te legaliseren
3. Vrij zicht binnen lintbebouwing waarbij gelet op precedentwerking bij dichtbouwen geadviseerd wordt dit niet te legaliseren
4. 4. Tenslotte wordt geadviseerd om gebieden met een agrarische bestemming te verplaatsen naar het deelplan buitengebied.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
4
Hoofdstuk 3 De regelinventarisatie In de regelinventarisatie zijn de verschillende bestemmingsplannen voor woongebieden met elkaar vergeleken. Ook daar zijn kleinere en grotere verschillen naar voren gekomen. Bekeken is of de verschillen zijn ontstaan door bewuste beleidskeuzes, door de oorsprong in drie verschillende gemeenten of om een bestaande situatie te beschrijven. Uit efficiëntie zijn in dit verband ook de regels van de woongebieden Leerdam en Vianen bij deze vergelijking betrokken. Dit maakt het mogelijk om een eerste harmonisatieslag te maken. In de loop van de tijd, als meer deelgebieden worden omgezet, wordt steeds de vergelijking gemaakt over de gebieden heen, zodat op den duur een (verder) geharmoniseerde set regels ontstaat. Alle verschillen zijn dus niet ‘zomaar’ opgeheven; wanneer we geen reden konden vinden voor een verschil, kan het vaak wel. In andere gevallen was die reden er (mogelijk) wel, en harmoniseren we niet. In die gevallen is vaak extra onderzoek of intensievere participatie noodzakelijk. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is het niet meer mogelijk om begrippen zoals ‘onevenredig’ te hanteren. Deze begrippen zijn aangepast aan actuele jurisprudentie die aangeeft dat een ‘voorwaarde’ rechtszekerheid moet bieden. Vanwege de overzichtelijkheid is er voor gekozen dit principe eerst voor het deelgebied Meerkerk toe te passen.
Deze toepassing kunnen we daarna over de andere deelgebieden uitrollen. Ter illustratie worden de volgende voorbeelden gegeven: 1. In de planregels vinden we regels terug die niet meer actueel zijn. Zie ter illustratie artikel 10.1 onder g uit het bestemmingsplan Herziening Kernen Zederik over ondergeschikte bedrijfsmatige exploitatie van bestaande garageboxen t.b.v. distributie van kranten en folders. Het voorstel is om dit soort regels om die reden te schrappen. 2. Ook vinden we regels terug die juridisch geen betekenis hebben. Zie het illustratieve voorbeeld artikel 23 uit bestemmingsplan Kom Vianen. Om deze reden stellen wij voor dit soort artikelen ook te schrappen. 3. We hebben nu de gelegenheid om met minder regels, meer effect en regie te creëren, zoals bijvoorbeeld voor de opslag van meer dan 10.000 kg consumentenvuurwerk. In plaats van dit X maal op alle locaties apart te verbieden, kan er worden gekozen voor een algemeen verbod (zonder ondergrens) met uitzondering van de locaties waar je het wil toestaan.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
5
4. We komen ook diverse artikelen tegen over bouwhoogte, zoals de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde. De bouwhoogten kunnen verschillen. De mogelijkheid om hier te uniformeren zonder grote juridische consequenties is aanwezig en dus kan daartoe worden overgegaan. Daarom wordt geadviseerd de regel uit dit illustratieve voorbeeld gelijk te trekken op 2,5m. Deze keuze behoeft in dit soort gevallen geen nader onderzoek. 5. Vervolgens komen we artikelen tegen over de te bebouwen oppervlakten, zoals ten behoeve van overkappingen. Men treft dan vaak de volgende bepaling aan: ‘Op deze gronden mogen overkappingen worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. overkappingen worden gebouwd zowel binnen als buiten het bouwvlak; b. de maximale bouwhoogte van een overkapping bedraagt 3 m, c. het maximale oppervlakte bedraagt ten hoogste 50% van het bestemmingsvlak met een maximum van 30 m² en de overkapping wordt niet voor de voorgevellijn wordt opgericht.’ Door deze regel standaard op te nemen, kan deze gelden voor het hele grondgebied. Ook in dit soort gevallen is geen nader onderzoek nodig. 6. Een andere oplossing bij het oppervlakte thema betreft de vloeroppervlakte ten behoeve van aan-huis-verbonden beroepen of een aan-huis-verbonden-bedrijf.
Ons voorstel is hiervoor het percentage als criterium te nemen en deze gelijk te trekken, waarbij we het maximum aantal vierkante meters niet harmoniseren. Het laatste zou namelijk een te grote onderzoeklast met zich meebrengen. 7. ‘De bouwhoogte van toegangspoorten mag maximaal 2 meter bedragen.’ Afwijken van deze regel behoeft een beleidsafweging, daarom stellen wij voor nu geen afwijkende maten op te nemen.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
6
Hoofdstuk 4 De uitgangspunten Buiten de reeds vastgestelde leidende principes uit het Plan van Aanpak Planomzetting en op basis van de gebieds- en regelinventarisatie worden de volgende 10 uitgangspunten gehanteerd: 1. Wij houden rekening met onze verplichtingen uit wetgeving en rechtspraak; 2. Wij houden rekening met de afspraken op gemeentelijk en provinciaal niveau; 3. Wij schrappen regels die niet meer actueel zijn; 4. Wij schrappen regels die juridisch niet meer houdbaar zijn of geen betekenis meer hebben; 5. We nemen waar mogelijk en verantwoord de kans om met minder regels, meer effect en regie te creëren; 6. Waar mogelijk en verantwoord vanwege juridische consequenties uniformeren wij; 7. Waar mogelijk en verantwoord nemen we artikelen standaard op, zodat deze gelden voor het gehele grondgebied; 8. Waar het juridisch kan en verantwoord is worden vergunningsregels vervangen door algemene toestemmingsregels; 9. Beleid wordt onderscheiden van normstelling. Normstelling wordt gebaseerd op (hogere) regels of op beleid. 10. Afspraken zonder beleidskeuzes laten wij eerst voordragen voor het maken van de beleid(skeuzes).
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
7
Hoofdstuk 5 De vervolgstappen De gebiedsinventarisatie uit hoofdstuk 2 en de regelinventarisatie uit hoofdstuk 3 hebben naast de uitgangspunten ook een handhavingslijst en een lijst betreffende harmonisatie & beleidsvraagstukken opgeleverd. Deze zullen per onderwerp en casus separaat worden voorgelegd; daar waar de bevoegdheid ligt bij het college, aan dit bestuursorgaan en daar waar het een raadsbevoegdheid betreft, uiteraard aan de raad. Een eerste grosselijst kan ter informatie vervolgens bij de behandeling van het deelgebied woongebieden Leerdam en Vianen worden aangeboden. In het proces met de andere deelomgevingsplannen kunnen deze lijsten nog worden aangevuld, zodat u geïnformeerd blijft. Voor het opstellen van het deelomgevingsplan voor het woongebied van Meerkerk worden in het kader van het project Planomzetting na de gebieds- en regelinventarisatie (stap 11) en de vaststelling van deze nota uitgangspunten (stap 2) nog de volgende stappen doorlopen: 3. Publicatie aankondiging planomzetting 4. Opstellen concept-ontwerp omgevingsplan 5. Vooroverleg over het concept-ontwerp. 6. Vaststelling ontwerp omgevingsplan door college 7. Terinzagelegging voor zienswijzen 8. Vaststellen definitief omgevingsplan (door de raad) en beroepsprocedures Deze volgende stappen zullen hieronder nog kort worden toegelicht.
5.1 Aankondiging Voor het vaststellen van het deelomgevingsplan woongebied Meerkerk zal de uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) (moeten) worden gevolgd. De eerste stap die hierbij hoort, is het via een kennisgeving bekend maken van het voornemen om een omgevingsplan te gaan opstellen. Eenieder, waaronder met name ook de inwoners en ondernemers van het desbetreffende deelgebied (om wie het tenslotte gaat) worden zo op de hoogte gesteld van het opstellen van een ontwerp omgevingsplan. In dit bericht wordt uitgelegd wat we gaan doen, wat de planning is en welke mogelijkheden er zijn om te reageren op het plan. Het
De weergegeven stappen wijken af van die in het PvA planomzetting omdat we de volgorde van een aantal stappen hebben veranderd. 1
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
8
communicatiemiddel ‘informatieavond’ zoals opgenomen in het Plan van Aanpak is daarvoor bij nader inzien minder geschikt. Dat communicatie instrument kan beter ingezet worden tijdens de ter inzage legging van het ontwerp omgevingsplan, omdat dat eenieder beter ondersteunt in de participatie die wij met z’n allen voorstaan.
5.2 Opstellen ontwerp omgevingsplan Tijdens deze stap wordt door een adviesbureau begonnen met het opstellen van het ontwerp omgevingsplan op basis van de aanwezige bestemmingsplannen, wijzigingsplannen etc., de gemeentelijke verordeningen, de gebiedsinventarisatie,de regelinventarisatie en de nota uitgangspunten.
5.3 Vooroverleg Voordat het ontwerp omgevingsplan ter inzage kan worden gelegd voor zienswijzen wordt het concept ontwerp eerst toegezonden aan de overheidspartners. Dit zijn bijvoorbeeld de provincie Utrecht, het waterschap en de veiligheidsregio. Hiermee kunnen deze instanties beoordelen of hetgeen is opgenomen in het omgevingsplan overeen komt, respectievelijk niet in strijd is met hun eigen beleid en regels.
5.4 Terinzagelegging en zienswijzen procedure Het ontwerp omgevingsplan wordt door het college vastgesteld en vervolgens gedurende 6 weken ter inzage gelegd voor eenieder om daarop zienswijzen in te dienen. Vanuit participatie oogpunt ligt hier een goed moment om de communicatie goed in te zetten en daarmee eenieder zo optimaal mogelijk mee te nemen in het doel, namelijk tot een gedragen omgevingsplan voor het woongebied van Meerkerk te komen. Daarna worden de zienswijzen beoordeeld en door de gemeente van een reactie voorzien.
5.5 Vaststellen omgevingsplan en beroepsprocedure Het omgevingsplan wordt uiteindelijk vastgesteld door de gemeenteraad waarna het bekend wordt gemaakt op officielebekendmakingen.nl en het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het omgevingsplan treedt in werking 4 weken na bekendmaking van het raadsbesluit ter vaststelling in werking. Tenslotte kan tegen het omgevingsplan beroep worden ingesteld bij de Raad van State.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
9
Bijlage 1: Plangebied deelomgevingsplan woongebied Meerkerk
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
10
Bijlage 2: De kerndoelstelling en kerninstrumenten van de Omgevingswet Het centrale doel van de Omgevingswet is te streven naar en het daarna behouden van een veilige en gezonde leefomgeving (waarin het goed wonen, werken en recreëren is met inachtneming van de daarvoor ook benodigde natuur en andere waarden). Om dat doel te bereiken worden in de Omgevingswet beleidsinstrumenten, normeringsinstrumenten en toestemmingsstelsels gerubriceerd. Ter illustratie en functionele herhaling hierbij de volgende opsomming: 1. De Omgevingsvisie: het kaderstellend document waarin alle kernbeleidskeuzen worden beschreven; 2. Omgevingsprogramma’s: documenten waarin gebiedsgericht en/of themagericht de in de omgevingsvisie beschreven beleidskeuzen worden uitgewerkt; 3. De decentrale regels (waaronder het omgevingsplan op lokaal niveau en de omgevingsverordening op provinciaal niveau): normeringsdocumenten waarin de afspraken volgend uit de omgevingsvisie en de omgevingsprogramma’s (zoals de gebiedsvisie Meerkerk ten aanzien van het woongebied) opgenomen worden; 4. De Rijksregels: De wetten en uitvoeringsregels van het Rijk; 5. De omgevingsvergunning: het resultaat van het toestemmingsstelsel voor een enkele ruimtelijke ontwikkeling of activiteit; 6. Het projectbesluit: het resultaat van het toestemmingsstelsel voor een aaneengesloten hoeveelheid aan ruimtelijke ontwikkelingen of activiteiten.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
11
Bijlage 3: De aanpak vanuit Vijfheerenlanden De gemeente Vijfheerenlanden heeft ervoor gekozen om het omgevingsplan voor de hele gemeente stap voor stap en per deelgebied tot stand te brengen. Met de inwerkingtredeing van de Omgevingswet krijgen wij een zgn. Tijdelijk Omgevingsplan (TOP), waarin de bestemmingsplannen, een aantal verordeningen en de gedecentraliseerde rijksregels zijn opgenomen. Het tijdelijk deel van het omgevingsplan wordt dus in delen omgezet naar het definitief omgevingsplan (DOP). Dat betekent dat de komende jaren voor 8 deelgebieden in de gemeente omgevingsplannen worden gemaakt. Deze omgevingsplannen vormen gezamenlijk het gemeentedekkend (nieuwe) omgevingsplan. Het eerste ‘deel’ omgevingsplan betreft het woongebied van Meerkerk, een gebied dat qua karakter tussen enerzijds de grotere kernen Vianen en Leerdam en anderzijds de kleine kernen in ligt. Daarbij beschikt Meerkerk over een centrumgebied, zodat een eerste basis kan worden gelegd voor de regels voor vergelijkbare gebieden elders in Vijfheerenlanden. Zie voor het plangebied bijlage 1. Het instrument omgevingsplan is voor iedereen nieuw. Aan de hand van het eerste ‘deel’ omgevingsplan wordt kennis en ervaring opgedaan die in de volgende deelgebieden kunnen worden toegepast.
Naast het eerste ‘deel’ omgevingsplan zullen ook de regels uit de verordeningen die overgaan naar het nieuwe omgevingsplan worden meegenomen. In tegenstelling tot de gebiedsgerichte aanpak, worden deze regels in een keer voor het gehele grondgebied omgezet. Dit omdat de regels uit verordeningen naar hun aard voor het gehele grondgebied gelden en een gebiedsgerichte aanpak in dit geval voor verwarring en dubbeling in werking van regels kan zorgen.
Omgevingsplan, deelgebied Meerkerk
12