MEMO asielopgave raadsvergadering d.d. 4 november 2021.docx
Tekst van het document
MEMO ASIELOPGAVE De asielzoekerscentra zitten overvol en moeten op (zeer) korte termijn worden ontlast. Onze gemeente is door zowel de provincie Utrecht als het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ZK gevraagd een bijdrage te leveren aan deze asielopgave. Opvangmogelijkheden Om de asielzoekerscentra op (zeer) korte termijn te ontlasten, zijn er drie opvangvormen: 1. Crisisnoodopvang asielzoekers De crisisnoodopvang wordt binnen enkele dagen georganiseerd op locaties die daarvoor niet bestemd zijn (bijvoorbeeld sporthallen, evenementenhallen), voor de duur van 4 weken. Het COA hanteert voor deze opvang tot op heden een ondergrens van 250 opvangplekken. Door de gemeenten Utrecht en Amersfoort is binnen de provincie Utrecht recent voorzien in crisisnoodopvang. Maar, nog dit jaar zal de vraag om crisisnoodopvang nog een keer op de gemeenten afkomen. Op landelijk niveau zijn naar verwachting zo’n 4.500 plekken te realiseren. Onze gemeente kan niet voorzien in grootschalige opvang. Wel kan onze gemeente kleinschalige crisisnoodopvang organiseren, van 50 tot 70 plaatsen. 2. Noodopvang asielzoekers De noodopvang wordt binnen enkele weken gerealiseerd en heeft een duur van 3 tot 6 maanden, met een uitloop tot 1 jaar. Door de gemeente Utrecht is recent voorzien in noodopvang. Mogelijk komen daar binnenkort nog twee locaties bij binnen de provincie Utrecht.
Daarmee lijkt de noodopvang in de provincie Utrecht dan voldoende voorzien. Onze gemeente kan niet voorzien in grootschalige opvang. Wel kan onze gemeente kleinschalige noodopvang organiseren, van 50 tot 70 plaatsen. 3. (tijdelijke) Opvang statushouders Met deze vorm van opvang worden statushouders (asielzoekers met een vergunning om 5 jaar in Nederland te verblijven) sneller uitgeplaatst naar gemeenten, waardoor er ruimte in de asielzoekerscentra wordt gecreëerd. Deze uitplaatsing kan op twee manieren: -
Uitplaatsing naar een permanente woning
-
Uitplaatsing naar een tijdelijke woonvoorziening (in bestaand vastgoed of flexwoningen), van waaruit statushouders op een later moment doorstromen naar een permanente woning in onze gemeente of de regio.
De (tijdelijke) opvang van statushouders heeft een duur van minimaal 5 jaar. Het ministerie van BZK heeft € 15 mln. subsidie beschikbaar voor gemeenten die in 2022 (tijdelijke) opvang van statushouders realiseren. De (tijdelijke) opvang van statushouders kan gecombineerd worden met de opvang van andere aandachtsgroepen (bijvoorbeeld starters, wonen met zorg e.d.).
Voorstel Het college wil langs twee sporen een aanbod doen aan de provincie/Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: -
(crisis)Noodopvang, onder de voorwaarde dat deze kleinschalig is (max 50- 70 personen) Met de (crisis)noodopvang kan de komende periode worden bijgedragen aan een humane opvang van asielzoekers en wordt bijgedragen aan het oplossen van de acute asielopvangcrisis.
-
(tijdelijke) Opvang statushouders, onder de voorwaarde dat hiervoor een subsidie van het Rijk wordt toegekend. Met de (tijdelijke) opvang van statushouders worden de asielzoekerscentra ontlast, waardoor situaties van (crisis)noodopvang in 2022 kunnen worden voorkomen.
Eén van deze twee opvangvormen kan door onze gemeente daadwerkelijk worden uitgevoerd. De realisatie van de asielopvang moet binnen een dusdanig korte periode worden vormgegeven, dat de uitvoering van beide opvangvormen organisatorisch niet haalbaar is Omdat het daadwerkelijk realiseren van opvangcapaciteit ingrijpende gevolgen kan hebben voor inwoners wil het college voorafgaand aan mogelijke besluitvorming de raad informeren en in de gelegenheid stellen wensen en of bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Financiële consequenties Voor de (crisis)noodopvang krijgt de gemeente een vergoeding per dag per asielzoeker. Mocht deze vergoeding niet toereikend zijn, dan voeren wij daarover het gesprek met het COA en de provincie. Uitgangspunt is namelijk dat de (crisis)noodopvang kostenneutraal moet zijn voor onze gemeente. Voor de (tijdelijke) opvang van statushouders is er een subsidieregeling van 50% van de aan de huisvesting gerelateerde kosten. Alle overige kosten komen voor rekening
van onze gemeente. Opgemerkt wordt daarbij wel dat de (tijdelijke) opvang van statushouders ook een inkomstenkant heeft, namelijk die uit huuropbrengsten. Voor het realiseren van opvang zal financiële ruimte nodig zijn om eventuele investeringen te kunnen doen en kosten te kunnen maken voor het beheer en de exploitatie van een (tijdelijke) opvang. Hoe het financiële plaatje er onder aan de streep uit komt te zien, is in deze fase nog niet bekend. Effect op ambtelijke capaciteit Asielopvang heeft met onmiddellijke ingang een groot effect op de capaciteit van onze organisatie, omdat binnen een (zeer) korte periode een opvanglocatie moet worden ingericht en beheerd. Dit vraagt om inzet van ambtelijke capaciteit. Een aantal taken kan hierdoor niet meer (volgens planning) worden uitgevoerd. Effect op capaciteit partners Asielopvang heeft effect op de capaciteit van onze partners VluchtelingenWerk en welzijnsorganisaties, in de vorm van begeleiding en inzet vrijwilligers.
Voor de (tijdelijke) opvang van statushouders gaat het capaciteitsbeslag bij onze partners verder, namelijk op het gebied van onder andere werk en inkomen (AVRES), uitvoering nieuwe Wet Inburgering (AVRES, VluchtelingenWerk, taalaanbieder), onderwijs (taalaanbod, basis- en middelbaar onderwijs, internationale schakelklas) en extra ondersteuning bij problematiek (Sociaal Team, Schuldhulpmaatje, Jeugdzorg, welkzijnsorganisaties). Inzet vanuit de samenleving Voor beide vormen van asielopvang geldt dat we dit alleen samen met onze inwoners kunnen doen.