Funderingsadvies (mei 2023)
Tekst van het document
Wiha Grondmechanica
Rapport:
FUNDERINGSADVIES Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk
Opdrachtgever:
Dhr. M. Sterk
Projectnummer:
2300835-XF
Rapportdatum:
11 mei 2023
Norm / richtlijn:
NEN 9997-1+C2:2017 nl
Auteur:
ir. E. Corovic
Vrijgave:
ir. E. Corovic
Versie: 1
12-5-2023
X Ondertekend door: E. Corovic
Wiha Grondmechanica Marconistraat 72 2809 PE Gouda
Tel. 0182-585 503 Website: www.silt.nl E-mail: info@wiha.nl
KvK. nr.: 52047202 IBAN: NL58 RABO 0118 5723 93 BTW: NL850.27.7243.B01
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Inhoudsopgave 1
Projectbeschrijving .........................................................................................................................1 1.1 Inleiding ....................................................................................................................................1 1.2 Locatiegegevens ......................................................................................................................1 1.3 Plangegevens ...........................................................................................................................1 1.3.1 Bouwplan ..........................................................................................................................1 1.3.2 Verstrekte plangegevens ..................................................................................................1 2 Onderzoeksprogramma ..................................................................................................................2 2.1 Veldonderzoek ..........................................................................................................................2 2.2 Archief-/dossieronderzoek ........................................................................................................2 2.3 Overleg / inventarisatie .............................................................................................................2 3
Bodem, water en omgeving ...........................................................................................................3 3.1 Hoogte maaiveld.......................................................................................................................3 3.2 Bodem ......................................................................................................................................3 3.2.1 Laagopbouw van de grond en de variaties daarvan op de planlocatie ............................3 3.2.2 Geologie van de planlocatie en omgeving .......................................................................3 3.3 Water ........................................................................................................................................3 3.3.1 Oppervlaktewater .............................................................................................................3 3.3.2 Grondwater .......................................................................................................................3 4 Funderingsadvies ...........................................................................................................................4 4.1 Funderingsontwerp ...................................................................................................................4 4.1.1 Funderingskeuze
..............................................................................................................4 4.1.2 Paalkeuze .........................................................................................................................5 4.1.3 Beschrijving paaltype: Houten paal ..................................................................................5 4.1.4 Beschrijving paaltype: Prefab betonpaal ..........................................................................6 4.1.5 Algemeen .........................................................................................................................6 4.2 Bekrachtiging funderingskeuze / toetsing grenstoestanden ....................................................7 5 Berekening fundering op palen .....................................................................................................8 5.1 Uitgangspunten berekening .....................................................................................................8 5.1.1 Rekenmethode .................................................................................................................8 5.1.2 Geometrische gegevens...................................................................................................8 5.1.3 Geotechnische gegevens
.................................................................................................8 5.1.4 Opgegeven belastingen en vervormingseisen .................................................................9 5.2 Rekenresultaten .......................................................................................................................9 5.2.1 Paaldiameter en paalpuntniveau ......................................................................................9 5.2.2 Maximumdraagkracht van de grond op druk ................................................................. 10 5.2.3 Zakking van de bovenkant van de paalfundering .......................................................... 10 6 Richtlijnen voor ontwerp, berekening en uitvoering ................................................................ 11 6.1 Algemeen .............................................................................................................................. 11 6.2 Richtlijnen uitvoering houten palen ....................................................................................... 11 6.3 Richtlijnen uitvoering prefab betonpalen ............................................................................... 11 6.4 Vloer ......................................................................................................................................
11 6.5 Richtlijnen nieuwbouw/uitbreiding/belending ........................................................................ 11 6.6 Slotopmerking(en) ................................................................................................................. 12
Bijlagen Bijlage 1: Berekeningsresultaten fundering op palen Bijlage 2: Algemene richtlijnen uitvoering en ontwerp
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
1 Projectbeschrijving 1.1
Inleiding
Door Wiha Grondmechanica is een grondonderzoek uitgevoerd voor het project “Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk”. In onderhavig rapport wordt een funderingsadvies uitgewerkt voor dit project. 1.2
Locatiegegevens
De locatiekenmerken zijn samengevat in de navolgende tabel. Locatie-eigenschap
Omschrijving / kenmerk (ten tijde van het onderzoek, tenzij anders vermeld)
Straat / huisnummer: Plaats (gemeente): Provincie: RD-coördinaten [km]: Bebouwing op de planlocatie: Bebouwing op de bouwplaats: Belendingen: Overige kenmerken:
1.3
Bezeldijk 78a Meerkerk (Vijfheerenlanden) Utrecht X: 127,944 / Y: 435,194 Aanwezig / Te slopen Aanwezig / Te slopen Aanwezig op enige afstand Bouwplan ligt aan een dijk
Plangegevens
1.3.1 Bouwplan De plankenmerken zijn samengevat in de navolgende tabel. Eigenschap
Omschrijving
Type bouwplan: Type bebouwing: Materiaal (dominant): Bouwlagen/dak: Kelder: Positionering:
Nieuwbouw Woonhuis met bijgebouw(en) Metselwerk, Beton, Hout 2 / Schilddak Geen kelder Vrijstaand
Kenmerken, bijzonderheden, dimensies, opmerkingen De bestaande bebouwing wordt gesloopt
Zie Figuur 1.1 Zie situatieschets rapportage grondonderzoek
Figuur 1.1 Doorsnedes (bron: opdrachtgever)
1.3.2 Verstrekte plangegevens Ten behoeve van het project zijn door of namens de opdrachtgever diverse schetsen/tekeningen ter beschikking gesteld.
1
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
2 Onderzoeksprogramma 2.1
Veldonderzoek
Voor het opstellen van onderhavig rapport is gebruik gemaakt van de onderzoeksresultaten uit de navolgende stukken1. Rapportnummer, -versie en -datum 2300835 v1 9-5-2023
2.2
Titel
Uitvoerende partij
Uitgevoerd onderzoek
Nieuwbouw, Bazeldijk 78a te Meerkerk
WIHA geo- en milieutechniek
5 x sondering, hoogtemeting tov NAP
Archief-/dossieronderzoek
Teneinde meer inzicht te krijgen in de geologische bodemopbouw van de bouwplaats en de omgeving zijn de (hydro-)geologische gegevens geraadpleegd van Dinoloket (TNO). Het betreft met name de gegevens van het Landelijk model Regis II v2.2 en/of GeoTOP 1.4. 2.3
Overleg / inventarisatie
Teneinde te komen tot een optimale funderingskeuze is telefonisch overleg gepleegd met de opdrachtgever.
1
Voor de onderzoeksresultaten wordt verwezen naar de betreffende rapportage(s) en/of documenten. De juistheid, conformiteit en volledigheid van de informatie is door de auteur(s) van onderhavig advies niet geverifieerd.
2
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
3 Bodem, water en omgeving 3.1
Hoogte maaiveld
De maaiveldhoogte ter plaatse van de onderzoekspunten varieert van 0,44 m - tot 0,94 m - NAP. 3.2
Bodem
3.2.1 Laagopbouw van de grond en de variaties daarvan op de planlocatie De lokale bodemopbouw kan tot de maximaal verkende diepte als volgt worden gekarakteriseerd. Diepte tot [m - NAP]
Dominante lithologie / samenstelling
Kenmerken / bijzonderheden
ca. 7 à 8
Klei en/of veen, slap
Tussenzandlaag(en)
ca. 26
Zand, matig vast tot (zeer) vast
Plaatselijke teruggangen in conusweerstand door zand met een hogere silt-/kleifractie en/of een lossere pakking
3.2.2 Geologie van de planlocatie en omgeving De op basis van de geraadpleegde bronnen verwachte ondiepe geologie op de locatie is weergegeven in de navolgende tabel. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het de geologische bodemopbouw betreft die door TNO is geïnterpoleerd op basis van onderzoek in de omgeving. De werkelijke laagopbouw en bodemsamenstelling kunnen hiervan afwijken. Diepte tot* [m - NAP]
Formatienaam*
Kenmerken
Dominante lithologie
ca. 8
Holocene afzettingen
jonge fluviatiele, mariene, lagunaire en strandafzettingen
klei, veen, zand
ca. 23
Kreftenheye
Fluviatiele afzettingen van de Rijn en de Zand en grind, met sporadisch fijne Eridanos uit het Holoceen en Laat-Pleistoceen. lagen siltige klei of kleiig veen. Afzetting vond onder andere plaats in geulen en riviervlaktes.
ca. 31
Urk
Pleistocene fluviatiele afzettingen van de Rijn, lokaal overgaand in estuariene getijdeafzettingen. Lokaal ook een ondiep marien karakter.
Zand, lokaal sterk grindig. Lokaal zandige en siltige kleilagen. Grind met rode zandsteen en witte kwarts.
ca. 50
Sterksel
Fluviatiele afzettingen van het Rijn-Maas systeem uit het Pleistoceen. Afzetting vond ook plaats in geulen en crevasses.
Grof zand en grind. Lokaal siltige en zandige klei.
*
Bron: Regis v.2.2 en/of GeoTOP 1.4, TNO; de werkelijke dieptes en samenstelling kunnen hiervan afwijken
3.3
Water
3.3.1 Oppervlaktewater Het niveau van het nabijgelegen open water is ingemeten op 0,84 m + tot 0,78 - NAP. 3.3.2 Grondwater De tijdens het onderzoek geregistreerde grondwaterniveaus zijn weergegeven in de navolgende tabel. Meetpunt Meetdiepte [nr.]
Meetmoment [datum]
[relatief]
Waterspiegel1) [m - mv] [m - NAP]
PB
april/mei 2023
Peilbuis derden
0,30
1)
-
0,78
Gemeten waterstanden zijn momentopnamen en dienen met de nodige voorzichtigheid te worden gehanteerd, omdat: o waterniveaus gemeten direct na de plaatsing van een sondering, boring of peilbuis, significant kunnen afwijken van de heersende grondwaterstand of stijghoogte. Het kan namelijk enige tijd duren voordat een representatieve waterspiegel is ingesteld (enkele seconden in grof zand tot soms enkele uren in slecht doorlatende klei). o de grondwaterstand onder invloed van seizoens-afhankelijke factoren met de tijd zal fluctueren. Deze fluctuatie varieert per regio/gebied; in polders meestal ca. 0,5 m, nabij grote rivieren soms 4 à 5 m en elders vaak 1,5 à 2 m. Een representatief beeld hiervan kan slechts worden gekregen door monitoring van de grondwaterstand gedurende langere tijd en/of door tijdreeksanalyse van gedurende langere tijd gemonitorde peilbuizen uit de omgeving.
3
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
4 Funderingsadvies 4.1
Funderingsontwerp
4.1.1 Funderingskeuze Er zijn 3 hoofdtypen funderingen, te weten: A. Fundering op staal; een ondiepe fundering op de vaste grond. Een fundering op staal is vaak goedkoper dan een fundering op palen, wanneer op een geringe diepte goede, draagkrachtige bodemlagen aanwezig zijn. Bij een samendrukbare bodem is het vaak niet goed mogelijk om een fundering op staal te realiseren, omdat de zettingen dan te groot worden. B. Diepfundering; een tussenvorm van palen en staal met elementen met een diepte tussen circa 3 en 5 × de breedte. Een diepfundering kan interessant zijn wanneer op een diepte van 2 tot 4 m een draagkrachtige bodemlaag aanwezig is en voor een normale fundering op staal te veel grondwerk zou zijn vereist. C. Fundering op palen; een fundering bestaande uit elementen met een diepte > 5 × de breedte/diameter. Een fundering op palen wordt doorgaans toegepast in gebieden met een slappe of heterogene bodem, of bij de uitbreiding van bestaande bebouwing (om zettingsverschillen te voorkomen) en/of bij zeer hoge funderingsbelastingen. Een schematisch overzicht van de hoofdtypen is weergegeven in Figuur 4.1.
Figuur 4.1 Soorten funderingen: (a) fundering op staal (stroken, poeren, plaatfundering), (b) diepfundering en (c) paalfundering
Ons oordeel over de (geotechnische) geschiktheid van de onderzochte bodem voor de 3 hoofdtypen funderingen is samengevat in de navolgende tabel. Aspect
Score* Fundering op staal Inspanning nodig om draagkrachtige laag te bereiken Inspanning nodig om trekkracht te kunnen opnemen 0 Risico op ontoelaatbare verticale verplaatsing (zetting) Risico op ontoelaatbare verschilzetting / rotatie Risico’s tav erosie-, oplos-, krimp- of zwelgevoelige lagen 0 Uitvoeringsrisico’s archeologie of verontreinigingen 0 Kosten (niet onderbouwde inschatting) geo-score (= som plussen en minnen) -4
Diepfundering 0 0 0 0 0 0 0 0
Fundering op palen 0 0 + + 0 0 +1
* toelichting score: + naar verhouding klein 0 neutraal / niet bekend / niet relevant naar verhouding groot
Rekening houdend met voorgaande is onzes inziens, vanuit geotechnisch oogpunt, een fundering op palen de preferente funderingskeuze. In overleg met de opdrachtgever wordt een fundering op palen nader uitgewerkt.
4
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Opmerking Het vrijblijvende keuzeadvies is gebaseerd op de voorhanden zijnde en verstrekte gegevens. Aanvullende milieukundige, archeologische, economische of bijvoorbeeld uitvoeringstechnische randvoorwaarden kunnen aanleiding geven tot een wijziging van het keuzeadvies. 4.1.2 Paalkeuze In dit rapport wordt in overleg met de opdrachtgever een fundering op prefab betonpalen (woning) en op houten palen (bijgebouw) nader uitgewerkt. Ten aanzien van de paalkeuze dient het volgende te worden opgemerkt: Bij de toepassing van geheide palen zullen heitrillingen in de bodem worden opgewekt, waarbij het risico bestaat voor schade aan bebouwing en constructies in de omgeving. Indien er twijfel bestaat over de toelaatbaarheid van de trillingen wordt geadviseerd een nadere risicoafweging te maken en zo nodig een rekenkundige trillings-predictie te laten opstellen. Bij heiwerkzaamheden ontstaat bouwlawaai. De toelaatbaarheid hiervan is cf. Bouwbesluit 2012 beperkt en is onder meer afhankelijk van het niveau en karakter van de geluidsbron, de afstand tot eventuele belendingen en het aantal dagen dat wordt geheid. Geadviseerd wordt na te gaan (op basis van richtwaarden, ervaring van de uitvoerende partij of bijvoorbeeld middels akoestisch onderzoek) of de heiwerkzaamheden binnen de geluidsvoorschriften uit het Bouwbesluit kunnen worden uitgevoerd, al dan niet met ontheffing.
De paalsysteemkeuze is gebaseerd op de voorhanden zijnde en verstrekte gegevens. Aanvullende milieukundige, archeologische, geohydrologische, gemeentelijke of overige randvoorwaarden kunnen aanleiding geven tot een wijziging van het paaltype. Er wordt op gewezen dat op het terrein mogelijk palen aanwezig zijn van gesloopte gebouwen. Wij adviseren deze palen niet te verwijderen indien dat niet nodig is om grondontspanning te voorkomen. Deze palen kunnen uiteraard ook niet zonder meer onderdeel vormen van de nieuwe fundering. De keuze voor alternatieve paalsystemen is niet uitgesloten.
De onderzoeks-locatie is (deels) gelegen binnen de beschermingszone van een regionale waterkering. Binnen deze zone gelden verbodsbepalingen en beleidsregels ten aanzien van de uit te voeren werken, waaronder bouw-, graaf- en funderingswerken. Nagegaan dient te worden welke bepalingen en regels gelden ten aanzien van onderhavig project. Mogelijk dient een ontheffing te worden aangevraagd voor de werkzaamheden, en dient men in het funderingsontwerp rekening te houden met aanvullende regels of dient de invloed van de nieuwbouw op de waterkering nader te worden onderbouwd. Een en ander is vooralsnog niet expliciet meegenomen in onderhavig advies.
4.1.3 Beschrijving paaltype: Houten paal Een houten paal is een funderingspaal van hout. De palen worden drukkend, trillend of heiend grondverdringend op diepte gebracht. De afmeting van de palen wordt door de puntdiameter gedefinieerd; er wordt uitgegaan van een paalschacht welke met gemiddeld 7,5 mm/m toeneemt.
5
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
De paal-kop dient tot tenminste 0,5 meter onder het laagste polderpeil c.q. de laagste grondwaterstand te worden weg-geheid. Zo nodig dienen de palen te worden voorzien van een betonnen oplanger.
4.1.4 Beschrijving paaltype: Prefab betonpaal Een prefab betonpaal is een gewapende betonpaal die conform opgegeven specificaties in de fabriek wordt gestort. Na voldoende verharding worden de palen naar de bouwplaats getransporteerd en gelost. De prefab paal wordt op het maaiveld geplaatst en grond-verdringend ingebracht door middel van heien bovenop de paal met een hydraulisch valblok of dieselblok. Bij het bereiken van het gewenste inheiniveau wordt het heiblok van de paal-kop verwijderd. Indien de paalwapening in de constructie opgenomen moet worden wordt de paal-kop hydraulisch gekraakt of handmatig gesneld.
N.B. Dit paalsysteem is niet trillings-vrij en niet geluidsarm. Trillinghinder kan mogelijk worden beperkt door het voorboren of loswoelen van de palen met een avegaar. Geluidsoverlast kan mogelijk worden verminderd door een uitvoering met hydraulische blokken met een geluiddemper. 4.1.5 Algemeen In verband met (een eventuele toekomstige dijkophoging) kunnen horizontale krachten ontstaan op de palen. Een beschouwing van eventuele horizontale krachten en de gevolgen daarvan voor de paalfundering vormt geen onderdeel van onderhavig rapport. Opgemerkt wordt dat het optreden van horizontale krachten mogelijk wel aanleiding kan geven tot wijzigingen in paalpuntniveau, paaldiameter of zelfs paaltype.
6
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
4.2
Bekrachtiging funderingskeuze / toetsing grenstoestanden
Om de keuze van funderingstype en –elementen te kunnen bekrachtigen, dient: te worden nagegaan of er sprake is van conflicterende uitvoeringsaspecten (zie onder meer hoofdstuk 6). cf. NEN 9997-1 een toetsing plaats te vinden van de weerstand en de vervorming bij constructieve en geotechnische grenstoestanden in blijvende en tijdelijke situaties: Bij de beschouwing van een grenstoestand door bezwijken of uitzonderlijke vervorming van een constructief element of van de ondergrond (STR en GEO) moet zijn getoetst dat: E d ≤ Rd. Bij de toetsing van bruikbaarheidsgrenstoestanden in de ondergrond of in een constructief onderdeel, element of constructieve verbinding is vereist dat: Ed ≤ Cd. Onderzocht moet worden of in de geotechnische constructie dusdanige vervormingen optreden dat een uiterste grenstoestand of bruikbaarheidsgrenstoestand in de bouwconstructie, die direct of indirect wordt beïnvloed door de geotechnische constructie, wordt overschreden (Sd ≤ sreq). De rekenresultaten zijn weergegeven in hoofdstuk 5. Door de opdrachtgever en/of ontwerper van de constructie dient, aan de hand van deze rekenresultaten, te worden vastgesteld: met welke paalpuntniveau(s), paaltype, en paalafmeting(en) de benodigde draagkracht kan worden behaald. of de zettingsverwachting acceptabel is 2.
Opmerking Zoals vermeld in NEN 9997-1 artikel 2.4.9 wordt voor woonfuncties en -gebouwen, en tenzij nader gedefinieerd ook voor overige gebouwen en bouwwerken, voor de bruikbaarheidsgrenstoestand (BGT) in het algemeen aangehouden dat de scheefstand ω en/of de relatieve rotatie βx niet de waarde 1:300 mag overschrijden. Als eis voor de uiterste grenstoestand (UGT) type B wordt vaak een relatieve rotatie β van 1:100 aangehouden. In de regel zal derhalve de bruikbaarheidsgrenstoestand bepalend zijn.
2
Conform NEN 9997-1 kan de toetsing aan de grenswaarden voor verplaatsing feitelijk niet door de geotechnische ontwerper worden gedaan, omdat de eisen met betrekking tot de zakking (voor zowel de uiterste grenstoestand als voor de bruikbaarheidsgrenstoestand) afhankelijk zijn van de specifieke kenmerken van de constructie.
7
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
5 Berekening fundering op palen 5.1
Uitgangspunten berekening
5.1.1
Rekenmethode
In dit rapport worden de draagkracht en de vervormingen bepaald van axiaal op druk belaste funderingselementen. De draagkracht en de vervorming van de grond is berekend volgens conform NEN 9997-1, uitgaande van ontwerpbenadering 3. In de berekeningen is gebruik gemaakt van de partiële weerstandsfactoren volgens de verzameling R3, bedoeld voor toetsing van de draagkracht en de vervorming in de uiterste grenstoestanden bij bezwijken of buitensporig vervormen van de constructie (STR) en de ondergrond (GEO), uitgaande van de berekening van de draagkracht op basis van sonderingen. Conform NEN 9997-1 A 3.3.2 is, voor zover van toepassing, aangehouden: o de partiële weerstandsfactor b, s en t voor op druk belaste palen = 1,2; o de partiële weerstandsfactor s;t voor op trek belaste palen = 1,35. De correlatiefactoren 3 en 4, voor berekening van de draagkracht op basis van grondproeven, zijn conform NEN 9997-1 A 3.3.3 vastgesteld op 1,39, uitgaande van een niet stijf bouwwerk en presentatie van de draagkracht per afzonderlijke sondering. Het project is ingedeeld in de geotechnische categorie 2 (GC2).
5.1.2
Geometrische gegevens
Op basis van de verstrekte plangegevens (zie § 1.3.2) en aanvullende informatie van de opdrachtgever zijn de navolgende peilen aangenomen: Woonhuis o Bouwpeil o Maaiveld o Paalkopniveau
Bijgebouw o Bouwpeil 0,4 m - NAP o Maaiveld 0,5 m - NAP o Paalkopniveau 1,2 m - NAP Het terrein zal ca. 0,1 à 0,5 meter worden opgehoogd. Voor de berekeningen is uitgegaan van een minimale grondwaterstand van 2,5 m - NAP.
5.1.3
0,2 m - NAP 0,3 m - NAP 1,0 m - NAP
Geotechnische gegevens
De bodemparameters zijn, voor zover niet rechtstreeks afkomstig van de sondeerdata, afgeleid van NEN 9997-1 tabel 2.b. De paalkarakteristieken die zijn gehanteerd, zijn in beginsel afkomstig van het SBR Handboek Funderingen en tabel 7.c. uit de NEN 9997-1+C2:2017 nl. Navolgend zijn de gehanteerde waarden en eventuele bijzonderheden samengevat: Paaltype:
p
s*
t*
L-Z diagr. 1 1
Bijzonderheden
* voor zand en zand/grind-houdende grond. Voor klei-, leem- of veenlagen wordt, cf. NEN 9997-1 art. 7.6.1.1, door ons bureau schachtwrijving buiten beschouwing gelaten.
Prefab betonpaal Houten paal taps
0,70 0,70
0,010 0,012
0,007 0,007
1,0 1,0
Conform NEN 9997-1 § 7.6 is, voor op druk belaste palen, de schachtwrijving berekend voor de grondlagen boven paalpuntniveau tot het niveau waarbij deze grondlagen overwegend bestaan uit zand-, klei- en leemlagen met conusweerstanden groter dan 2 MPa. Omdat de verwachte potentiele maaiveldzakking na het installeren van de palen meer dan 0,1 m bedraagt is de maximumwaarde van de negatieve kleef F nk beschouwd als een belasting op de palen. Hierbij is gerekend met een bodemprofiel met samendrukbare lagen tot een diepte van ca. 7,6 à 8 m - NAP. De berekening van de karakteristieke waarde van de negatieve kleef is uitgevoerd volgens NEN 9997-1 § 7.3.2.2(d) met een partiële belastingsfactor f;nk van 1,0. 8
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
5.1.4
Opgegeven belastingen en vervormingseisen
Op het moment van schrijven zijn er (nog) geen belastingen bekend bij ons bureau. Door de ontwerper van de constructie zijn geen gegevens verstrekt betreffende de maximaal toelaatbare verplaatsing (sreq).
Algemene opmerking Geadviseerd wordt de uitgangspunten te verifiëren, voordat met de resultaten verder wordt gewerkt. 5.2
Rekenresultaten
5.2.1 Paaldiameter en paalpuntniveau De draagkracht en vervormingen zijn bepaald voor: Prefab betonpalen met een schachtafmeting van 220, 250 en 290 mm Houten palen met een schachtdiameter van Ø 140, Ø 150 en Ø 160 mm. De paalpuntniveaus waarvoor de draagkracht is berekend, inclusief de vanuit geotechnisch oogpunt preferente paalpuntniveaus (indien aanwezig), zijn weergegeven in de navolgende tabel. De uiteindelijke keuze van paalpuntniveau(s), paaltype, en paalafmeting(en) dient door de opdrachtgever en/of constructeur te geschieden, op basis van deze tabel en de rekenresultaten (zie § 0 en 5.2.3). Woonhuis - prefab betonpalen Sondering [nr.] D1 D2
Maaiveldhoogte [m - NAP] 0,53 0,66
Paalpuntniveau [m - NAP] Berekend 9,0 t/m 15,0 9,0 t/m 15,0
Preferent -
Paalpuntniveau [m - NAP] Berekend 8,5 t/m 11,0 8,5 t/m 11,0 8,5 t/m 11,0
Preferent 9,0 t/m 10,0 8,5 t/m 10,0 9,0 t/m 10,0
Bijgebouw(en) - Houten palen Sondering [nr.] D3 D4 D5
Maaiveldhoogte [m - NAP] 0,44 0,94 0,76
Opmerkingen / toelichting Preferente paalpuntniveaus zijn niveaus die onzes inziens vanuit geotechnisch oogpunt de voorkeur hebben. Het zijn niveaus die bijvoorbeeld geen significante beperkingen kennen ivm de dikte van de draagkrachtige bodemlaag, de aanwezigheid van slechte / samendrukbare lagen, de uitwisselbaarheid van paalpuntniveaus en/of de diepte van de paal in het zandpakket. De preferente niveaus zijn niet bedoeld als een bindend advies. Indien er onzes inziens geen paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die een duidelijke voorkeur genieten boven de andere (in positieve dan wel negatieve zin), is dit aangegeven met “-“. De slankheid van de palen (de verhouding tussen diens lengte en dwarsafmeting) dient te worden getoetst aan de eisen gesteld door Bouwtoezicht. Geadviseerd wordt vooraf met de funderingsaannemer af te stemmen of de gekozen paalpuntniveaus met de bij hen beschikbare middelen haalbaar zijn. Voor kleine diameters palen (houten palen, prefab, stalen buispaal, etc.) geldt meestal dat de haalbare diepte beperkt is. Dit vanwege de beperkte capaciteit van het installatiematerieel, de beperkte sterkte van de palen zelf of bijvoorbeeld omdat groutinjectie niet kan worden toegepast om de inbrengweerstand te beperken.
9
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
5.2.2 Maximumdraagkracht van de grond op druk De rekenresultaten zijn, voor de geadviseerde paalpuntniveaus, per sondering weergegeven in de tabel(len) in Bijlage 1. Weergegeven zijn met name: qb;max : de berekende paalpuntweerstand Rs;cal;max : de schachtwrijving Rb;cal;max : de maximumdraagkracht van de paalpunt Rc;d : de rekenwaarde van de maximumdraagkracht Fs;nk;d : de eventuele belasting door negatieve kleef Rc;net;d : de rekenwaarde van de netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d). In Bijlage 1 is een rekenvoorbeeld weergegeven van: Een prefab betonpaal met een schachtafmeting van 220 mm op 14,0 m - NAP (D2); Een prefab betonpaal met een schachtafmeting van 250 mm op 13,5 m - NAP (D2); Een houten paal met een schachtdiameter van Ø 140 mm op 9,5 m - NAP (D3); Een houten paal met een schachtdiameter van Ø 150 mm op 9,0 m - NAP (D3); Opmerking Indien de palen een flexibele c.q. niet stijve constructie ondersteunen, moet cf. NEN 9997-1 ervan worden uitgegaan dat de weerstand op druk van de minst draagkrachtige paal maatgevend is voor het ontstaan van een uiterste grenstoestand. Het draagvermogen van een paal dient derhalve te zijn afgestemd op de laagste draagkracht op hetzelfde paalpuntniveau van de omliggende sonderingen. De vermelde draagkracht wordt ontleend aan de ondergrond.
Door de constructeur moeten de constructieve aspecten van de funderingspalen, waaronder de sterkte, worden beoordeeld. 5.2.3 Zakking van de bovenkant van de paalfundering De zakking van de paalpunt (sb) is cf. NEN 9997-1 bepaald, voor de als rekenvoorbeeld gekozen paal/palen en is weergegeven in Bijlage 1. De last-zakking is bepaald op basis van: de berekende maximumdraagkracht van de paalpunt (Rb;cal;max) de maximumwrijvingskracht over het deel van de schacht dat meedoet in de bepaling van de draagkracht (Rs;cal;max) de lastzakkingsdiagrammen uit de NEN 9997-1. de elastische verkorting van de paal (sel). de zakking door samendrukking van de onder het paalpuntniveau gelegen lagen (s2). Ter indicatie zijn tevens de rekenwaarden van de veercoëfficiënten weergegeven, voor verschillende belastingen. Opmerking De last-zakkingsdiagrammen zijn weergegeven voor de als rekenvoorbeeld gekozen paal/palen. Lastzakkingsdiagrammen voor andere sonderingen, palen, paalconfiguraties of belastingen kunnen desgewenst in een aanvullende opdracht worden uitgewerkt.
10
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
6 Richtlijnen voor ontwerp, berekening en uitvoering 6.1 6.2
Algemeen Voor richtlijnen en aandachtspunten qua uitvoering en ontwerp, wordt verwezen naar Bijlage 2. Richtlijnen uitvoering houten palen
Voor richtlijnen en aanwijzingen voor de uitvoering van houten palen wordt verwezen naar: NEN-EN-12699, “Uitvoering van bijzonder geotechnisch werk - Verdringingspalen”. Volgens het handboek funderingen dient de minimale hart-op-hart-afstand tussen de palen bij de uitvoering normaliter 2,5 dkop te zijn. Bij kleine hart-op-hart-afstanden kan door de verdichting van de zandlagen zwaar heiwerk ontstaan met het risico dat de palen niet op diepte komen. De minimale tussenafstand tot eventuele belendingen in verband met de uitvoering bedraagt circa 0,3 à 0,5 m. Indien de stelling een hoek moet maken met de gevellijn, moet rekening worden gehouden met een grotere afstand. Bij een kleine tussenafstand moet de mogelijke invloed van de uitvoering op de eventuele belendingen worden onderzocht. 6.3
Richtlijnen uitvoering prefab betonpalen
Voor algemene richtlijnen en aanwijzingen voor de uitvoering van geprefabriceerde betonnen heipalen wordt verwezen naar: NEN-EN-12699, “Uitvoering van bijzonder geotechnisch werk - Verdringingspalen” NEN-EN 12794: 'Vooraf vervaardigde betonproducten - Heipalen'. BRL 2352: beoordelingsrichtlijn voor het attest met productcertificaat 'Betonnen heipalen' BRL-2357: beoordelingsrichtlijn voor het KOMO-procescertificaat voor “Heien van geprefabriceerde betonpalen” handboek paalfunderingen, Geprefabriceerde betonnen heipalen in theorie en praktijk (Stichting PREPAL). Volgens het handboek funderingen dient de minimale hart-op-hart-afstand tussen de palen bij de uitvoering normaliter 2,25 à 2,5 dvoet te zijn. De heibaarheid moet hierbij wel nader worden onderzocht, mede gelet op de mogelijke heiverdichting bij paalgroepen. De minimale tussenafstand tot eventuele belendingen bedraagt normaliter 0,4 à 1,0 m in verband met de uitvoering. Indien de stelling een hoek moet maken met de gevellijn, moet rekening worden gehouden met een grotere afstand. Bij een kleine tussenafstand moet de mogelijke invloed van de uitvoering op de eventuele belendingen worden onderzocht.
Geadviseerd wordt op de overgang van een vaste (zand)laag naar onderliggende slappe lagen met een gereduceerd vermogen te heien (geringere valhoogte) om het risico van paalbreuk als gevolg van het doorschieten van de palen tot een minimum te beperken. De kwaliteit van de geïnstalleerde palen kan door middel van akoestisch doormeten worden gecontroleerd. Deze metingen kunnen desgewenst door ons bureau worden verzorgd. 6.4
Vloer
Geadviseerd wordt de vloeren vrijdragend (b.v. als systeemvloer) uit te voeren, omdat bij een vloer op zand te grote zettingsverschillen met de rest van het gebouw te verwachten zijn. 6.5
Richtlijnen nieuwbouw/uitbreiding/belending
De volgende richtlijnen dienen in acht te worden genomen met betrekking tot de belending: Er dient te worden nagegaan of de vereiste ontgravingen zonder risico voor de belending kan worden uitgevoerd. Bij het ontwerp van het palenplan dient er naar gestreefd te worden zo weinig mogelijk palen dicht bij een eventueel op staal gefundeerde belending te plaatsen en een zo groot mogelijke afstand van de palen tot de belending aan te houden.
11
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Reeds bij het uitwerken van het funderingsontwerp moet de belending bij de beschouwingen betrokken worden. Allereerst betekent dit het verzamelen van relevante gegevens over de belendende fundering, zoals paaltype, paallocatie, inheidiepte en belasting. Daarnaast houdt dit voor de nieuwe fundering een aantal uitgangspunten in die zoveel als praktisch mogelijk is aangehouden moeten worden: de nieuwe palen moeten worden aangebracht op maximale afstand van de bestaande palen. Bij een beperkte afstand tussen de bestaande en de nieuwe palen kan zich een aantal verschijnselen voordoen die leiden tot schade aan de bestaande fundering; bij het doorheien van onsamendrukbare lagen zoals kleilagen kunnen de bestaande palen onderhevig zijn aan opheien; bij het doorheien van zandige lagen kan een neerwaarts gerichte wrijving op de bestaande palen optreden; tijdens de ontwikkeling van de belasting op de nieuwe palen kan de afgifte van wrijving langs de omtrek van deze palen (vergroting van de) negatieve kleef bij de oude palen veroorzaken; bij voorkeur worden de nieuwe palen niet dieper gefundeerd dan de bestaande. Als dit wel zou gebeuren, zouden de heitrillingen kunnen leiden tot verdichting van het zandpakket onder de bestaande fundering en daarmee tot zettingen van die fundering.
Bovendien kunnen in zandige lagen met een relatief lage pakkingsdichtheid tijdens het heien wateroverspanningen geïntroduceerd worden, waardoor het draagvermogen van de bestaande palen tijdelijk gereduceerd wordt; ter beperking van de heitrillingen wordt bij voorkeur een paalontwerp uitgewerkt waarbij zwaar heiwerk vermeden wordt. Deze trillingen kunnen eveneens aanleiding zijn tot deformaties in de bestaande fundering. Indien de belending op palen is gefundeerd worden de volgende richtlijnen over het algemeen als veilig beschouwd (Generally Recognized As Safe): o Bij een paalpuntniveau, van de nieuwe palen, hoger of gelijk aan dat van de palen onder de belending dient er bij betonpalen onder de belending een h.o.h. paalafstand van 3 D eq. te worden aanhouden, bij houten palen onder de belending wordt een minimale h.o.h. afstand van 0,75 m + 0,5 Deq geadviseerd (Deq van de grootste paalafmeting). o Bij een paalpuntniveau, van de nieuwe palen, dieper dan dat van de palen onder de belending wordt bij zowel bij houten als betonpalen onder de belending een minimale h.o.h. paalafstand van 4 Deq geadviseerd met een minimum van 2 m. o Bij een paalpuntniveau, van de nieuwe palen, dieper dan 2 m onder dat van de palen van de belending wordt bij avegaarpalen een minimale h.o.h. paalafstand van 5 D eq geadviseerd met een minimum van 2 m.
Nadere gegevens met betrekking tot de (fundering van de) belending kunnen aanleiding geven tot een wijziging van het in dit rapport vermelde paalsysteem en/of paalpuntniveaus. 6.6
Slotopmerking(en)
In overweging wordt gegeven om aan de oostzijde van de woning (na de sloop van de bestaande bebouwing) aanvullend een sondering te laten uitvoeren om de betrouwbaarheid van het paalpuntniveau/draagkracht te verifiëren. Opgemerkt wordt dat eventueel aanvullend grondonderzoek aanleiding kan geven tot wijzigingen van paalpuntniveaus, draagkracht of zelfs paaltype.
12
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Bijlage 1 : Berekeningsresultaten fundering op palen
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina1 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Woning Rekenresultaten Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 220 / 220 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D1
D2
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,53 -9,00 4,8 -9,50 4,9 -10,00 4,9 -10,50 4,9 -11,00 4,9 -11,50 4,3 -12,00 4,3 -12,50 4,8 -13,00 4,8 -13,50 6,0 -14,00 8,2 -14,50 8,0 -15,00 8,4 -0,66 -9,00 5,8 -9,50 5,0 -10,00 4,7 -10,50 4,4 -11,00 4,7 -11,50 4,8 -12,00 4,5 -12,50 4,4 -13,00 4,8 -13,50 4,7 -14,00 5,9 -14,50 7,1 -15,00 6,3
Rb;cal;max [kN] 231 236 236 239 238 210 207 231 233 292 398 389 408 282 241 225 213 228 233 217 212 231 227 284 343 304
Rs;cal;max [kN] 72 120 172 211 246 284 317 347 387 424 475 528 581 111 161 213 250 281 315 351 385 415 452 490 540 592
Rc;d [kN] 182 214 245 270 290 296 314 347 372 430 524 550 593 236 242 263 278 305 329 341 358 388 407 465 529 538
Fsnkd [kN] 43 43 43 43 43 43 43 43 43 43 43 43 43 41 41 41 41 41 41 41 41 41 41 41 41 41
Rc;net;d [kN] 139 171 202 227 247 253 271 304 329 387 481 507 550 195 201 222 237 264 288 300 317 347 367 424 489 497
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 220 / 220 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00 -11,50 -12,00 -12,50 -13,00 -13,50 -14,00 -14,50 -15,00
D1
D2
139 171 202 227 247 253 271 304 329 387 481 507 550
195 201 222 237 264 288 300 317 347 367 424 489 497
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina2 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Rekenresultaten Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 250 / 250 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D1
D2
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,53 -9,00 4,6 -9,50 4,6 -10,00 4,7 -10,50 4,9 -11,00 4,6 -11,50 4,3 -12,00 4,3 -12,50 4,8 -13,00 4,8 -13,50 6,1 -14,00 7,8 -14,50 7,9 -15,00 8,3 -0,66 -9,00 5,3 -9,50 4,6 -10,00 4,6 -10,50 4,4 -11,00 4,7 -11,50 4,8 -12,00 4,5 -12,50 4,4 -13,00 4,8 -13,50 4,7 -14,00 5,9 -14,50 6,6 -15,00 6,2
Rb;cal;max [kN] 289 288 295 307 287 271 268 299 300 378 489 492 518 330 285 286 275 294 299 280 273 298 294 369 412 389
Rs;cal;max [kN] 82 137 195 239 280 323 360 394 440 482 540 600 660 127 183 242 284 319 357 399 437 472 514 557 613 673
Rc;d [kN] 223 255 294 328 340 356 377 416 444 516 617 655 706 274 281 316 336 368 394 407 426 462 484 555 615 637
Fsnkd [kN] 49 49 49 49 49 49 49 49 49 49 49 49 49 46 46 46 46 46 46 46 46 46 46 46 46 46
Rc;net;d [kN] 174 206 245 279 291 307 328 367 395 467 568 606 658 228 235 270 289 321 347 361 380 416 438 509 569 591
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 250 / 250 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00 -11,50 -12,00 -12,50 -13,00 -13,50 -14,00 -14,50 -15,00
D1
D2
174 206 245 279 291 307 328 367 395 467 568 606 658
228 235 270 289 321 347 361 380 416 438 509 569 591
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina3 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Rekenresultaten Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 290 / 290 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D1
D2
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,53 -9,00 4,4 -9,50 4,4 -10,00 4,4 -10,50 4,8 -11,00 4,6 -11,50 4,3 -12,00 4,3 -12,50 4,8 -13,00 4,8 -13,50 6,2 -14,00 7,7 -14,50 7,7 -15,00 8,2 -0,66 -9,00 4,7 -9,50 4,2 -10,00 4,3 -10,50 4,4 -11,00 4,7 -11,50 4,5 -12,00 4,5 -12,50 4,4 -13,00 4,8 -13,50 4,8 -14,00 6,0 -14,50 6,4 -15,00 6,1
Rb;cal;max [kN] 367 370 374 403 386 364 360 402 403 518 650 649 687 397 356 366 369 395 382 376 368 400 401 508 541 516
Rs;cal;max [kN] 95 159 226 278 324 375 418 457 510 559 626 696 765 147 213 280 330 370 415 463 507 548 596 646 711 781
Rc;d [kN] 278 317 360 409 426 443 466 516 548 646 766 807 871 326 341 387 419 459 478 503 525 569 598 692 751 778
Fsnkd [kN] 57 57 57 57 57 57 57 57 57 57 57 57 57 54 54 54 54 54 54 54 54 54 54 54 54 54
Rc;net;d [kN] 221 260 303 352 369 386 410 459 491 590 709 750 815 272 288 334 366 405 424 450 471 515 544 639 697 724
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype prefab betonpaal NEN9997-1:2017, afmeting 290 / 290 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00 -11,50 -12,00 -12,50 -13,00 -13,50 -14,00 -14,50 -15,00
D1
D2
221 260 303 352 369 386 410 459 491 590 709 750 815
272 288 334 366 405 424 450 471 515 544 639 697 724
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina4 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Bijgebouw Rekenresultaten Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 140 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D3
D4
D5
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,44 -8,50 5,3 -9,00 6,9 -9,50 8,3 -10,00 5,4 -10,50 4,8 -11,00 4,5 -0,94 -8,50 6,2 -9,00 6,8 -9,50 7,9 -10,00 6,4 -10,50 6,5 -11,00 4,5 -0,76 -8,50 5,1 -9,00 6,3 -9,50 6,2 -10,00 4,2 -10,50 3,1 -11,00 3,7
Rb;cal;max [kN] 81 107 128 83 74 70 96 104 121 99 99 70 79 96 96 64 47 56
Rs;cal;max [kN] 20 53 86 120 150 172 38 70 100 134 167 202 20 52 84 117 137 154
Rc;d [kN] 61 96 128 122 134 145 80 104 133 140 160 163 60 89 108 109 111 126
Fsnkd [kN] 39 39 40 40 41 41 26 27 27 27 28 28 32 32 33 33 34 34
Rc;net;d [kN] 22 56 89 82 93 104 54 78 106 113 132 135 27 57 75 75 77 92
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 140 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -8,50 -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00
D3
D4
D5
22 56 89 82 93 104
54 78 106 113 132 135
27 57 75 75 77 92
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina5 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Rekenresultaten Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 150 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D3
D4
D5
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,44 -8,50 5,2 -9,00 6,8 -9,50 8,1 -10,00 5,2 -10,50 4,8 -11,00 4,5 -0,94 -8,50 6,1 -9,00 6,7 -9,50 7,9 -10,00 6,4 -10,50 6,1 -11,00 4,5 -0,76 -8,50 5,1 -9,00 6,1 -9,50 6,2 -10,00 3,9 -10,50 3,1 -11,00 3,6
Rb;cal;max [kN] 92 119 143 92 85 80 108 118 140 114 108 80 89 108 109 69 54 64
Rs;cal;max [kN] 22 57 92 128 160 183 41 74 106 143 178 215 22 56 90 125 146 164
Rc;d [kN] 68 106 141 132 147 158 89 116 148 154 172 177 67 98 119 116 120 137
Fsnkd [kN] 41 42 42 42 43 43 28 28 29 29 29 29 34 34 35 35 35 36
Rc;net;d [kN] 27 64 99 90 104 115 61 87 119 126 143 148 33 64 85 81 85 101
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 150 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -8,50 -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00
D3
D4
D5
27 64 99 90 104 115
61 87 119 126 143 148
33 64 85 81 85 101
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Resultaten draagkrachtberekening volgens NEN-EN 9997-1, pagina6 van 6 voor axiaal belaste funderingspalen. PPN qb;max Rb;cal;max Rs;cal;max
paalpuntniveau paalpuntweerstand maximumdraagkracht van de paalpunt schachtwrijving
Rc;d Fs;nk;d Rc;net;d Rt;d
rekenwaarde maximumdraagkracht belasting door negatieve kleef rekenwaarde netto draagkracht (= Rc;d - Fs;nk;d) rekenwaarde draagkracht op trek
Rekenresultaten Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 160 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 Sondering D3
D4
D5
Maaiveld PPN qb;max [m tov NAP] [m tov NAP] [MPa] -0,44 -8,50 5,1 -9,00 6,6 -9,50 7,7 -10,00 5,1 -10,50 4,8 -11,00 4,5 -0,94 -8,50 6,0 -9,00 6,5 -9,50 8,0 -10,00 6,4 -10,50 6,0 -11,00 4,5 -0,76 -8,50 5,0 -9,00 6,0 -9,50 6,0 -10,00 3,8 -10,50 3,1 -11,00 3,7
Rb;cal;max [kN] 103 133 155 103 96 91 120 131 160 130 120 91 100 120 120 76 62 74
Rs;cal;max [kN] 23 60 97 136 170 194 43 79 113 152 190 228 23 60 96 133 156 174
Rc;d [kN] 76 116 151 144 159 171 98 126 164 169 186 192 74 108 129 125 130 149
Fsnkd [kN] 43 44 44 45 45 46 30 30 30 30 31 31 36 36 37 37 37 38
Rc;net;d [kN] 33 72 107 99 114 126 69 96 134 139 155 161 38 71 93 88 93 111
Netto Draagkracht in [kN] Paaltype houten paal taps NEN9997-1:2017, afmeting 160 mm, ξ3 = 1,39 en ξ4 = 1,39 PPN [m tov NAP] -8,50 -9,00 -9,50 -10,00 -10,50 -11,00
D3
D4
D5
33 72 107 99 114 126
69 96 134 139 155 161
38 71 93 88 93 111
Toelichting rekenresultaten
Indien er paalpuntniveaus te onderscheiden zijn die, vanuit geotechnisch oogpunt, al dan niet de voorkeur hebben (“preferente paalpuntniveaus”), is dat normaliter in de tabel in § 5.2.1 van de rapportage aangegeven.
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Voorbeeldberekening Berekening, volgens NEN 9997-1, van de draagkracht van de grond op druk en verticale verplaatsing van de paalfundering. Uitgangspunten Referentie niveau: Gehanteerde sondering: Paaltype: Paalpuntniveau: Schachtafmeting: Oorspronkelijke maaiveldhoogte: Toekomstige maaiveldhoogte: Aanlegniveau fundering: Gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG): Ophoging ten opzichte van maaiveld: Schachtwrijving startniveau: Schachtwrijving eindniveau:
NAP D2 prefab betonpaal NEN9997-1:2017 -14 meter 220 mm -0,66 meter -0,3 meter -1 meter -2,5 meter 0,36 meter -7,6 meter -14 meter
Rekenfactoren & resultaten qc;I;gem = qc;II;gem = qc;III,gem = ap = ß= s= pr;max;punt = as = qc;z;a = qs;max = Rs;cal;max = Apunt = 0s = ΔL = Rb;cal;max = Rc;cal;max = ξ3 en ξ4 = Rc;cal;max;k = γt = Rc;d = Rc;net;d =
9,9 9,8 6,9 0,7 1 1 5,88 0,01 8,7 0,087 490,148 0,048 0,88 6,4 284 775 1,39 558 1,2 465 424
MPa MPa MPa
Negatieve Kleef Negatieve kleef startniveau: Negatieve kleef eindniveau: Gebruikte waterstand: Fsnkd =
-0,3 -7,6 -2,5 41
meter meter meter kN
Tabel volumegewichten Diepte Grondsoort [m] -0,3 Zand Schoon Los -1,22 Veen Niet-Voorbelast Slap -3,14 Klei Schoon Slap -3,68 Veen Niet-Voorbelast Slap -4,68 Klei Schoon Slap -5,82 Zand Schoon Los -6,62 Zand Schoon Matig -7,26 Veen Matig-Voorbelast Matig
volumegewicht [kN/m³] 17 5 14 11 14 19 20 12
MPa MPa MPa kN m2 m m kN kN kN kN kN
γ-waarde 30 15 17,5 15 17,5 30 32,5 20
K0;rep * tan γ;rep 0,29 0,25 0,25 0,25 0,25 0,29 0,29 0,25
IV geo-LZD v3.0.8
Project: Meerkerk
0
Projectnr: 2300835-XF Dwarsdoorsnede bodemopbouw
Verticale verplaatsing van de paalfundering
0
De paalkopzakking is berekend conform NEN-9997-1 § 7.6.4. De zakking van de lagen onder paalpuntniveau is berekend cf. NEN-9997-1 § 6.6.2 NEN-Bjerrum.
-6 -5 -4 -3 -2
Grondparameters De representatieve waarden van de grondparameters van de verschillende bodemlagen zijn op basis van het grondonderzoek ingeschat aan de hand van tabel 2.b uit de NEN 9997, eventueel i.c.m. algemene/locale kennis en ervaring.
-5 paal -10
1 1 1 1
Bodemeigenschappen (aanname) Oorspronkelijke maaiveldhoogte Toekomstige maaiveldhoogte Hoge grondwaterstand Lage grondwaterstand Pre-overburden pressure (POP)
-15 1
-0,66 [m NAP] -0,66 [m NAP] -0,5 [m NAP] -2,5 [m NAP] 2,0 [kN/m²]
-20
Diepte [m - mv]
-1
Materiaalfactoren - Volumiek gewicht - Tangent hoek inwendige wrijving - Ongedraineerde schuifsterkte - Cohesie
maaiveld
-25
-30
Paaleigenschappen Paaltype E-modulus [Gpa} (kern )
Prefab_betonpaal 2,0E+01
Last-zakkingsdiagram Paalkopniveau Paalpuntniveau Startniveau schachtwrijving Aantal palen (X × Y)
Bovenaanzicht palenplan
0,0E+00
0,0E+00
1 -1,00 [m tov NAP] -14,00 [m tov NAP] -7,60 [m tov NAP] 1×2
Tabel: karakteristieke waarden van de gehanteerde grondparameters voor de oorspronkelijke bodemopbouw
onderzijde
g
gsat
f'
CR
Ca
[m NAP]
[kN/m³]
[kN/m³]
[o]
[-]
[-]
-6 -5 -4 -3 -2 -1 0
-6,0 -7,0 -7,6 -8,0 -10,0 -14,0 -14,0
10,5 17,0 12,0 17,0 17,5 17,0 17,5
11,0 19,0 14,0 19,0 19,5 19,0 19,5
15,0 30,0 17,5 30,0 31,0 30,0 31,0
0,460 0,011 0,329 0,011 0,009 0,011 0,0
0,023 0,000 0,013 0,000 0,000 0,000 0,000
1
-25,0
17,5
19,5
31,0
0,009
0,000
laag
Symbolen en eenheden g
volumieke gewicht van grond (natuurlijk)
kN/m³
Fc
Paalbelasting
kN
gsat
volumieke gewicht van verzadigde grond
kN/m³
Fnk
Negatieve kleef
kN
f'
effectieve hoek van inwendige wrijving
˚
Fc;netto
Netto paalbelasting (Fc-Fnk)
kN
CR
compression ration (Cc/1+e0))
-
Sb
Paalpuntzakking tgv bovenbelasting
mm
Ca
secundaire samendrukkingsindex
-
Sel
Elastische verkorting paal
mm
S1
Sb + Sel
mm
Rs
Schachtweerstand
kN
S2
Zakking tgv samendrukking lagen onder paal
mm
Rb
Puntweerstand
kN
Sd
Rekenwaarde paalkopzakking (= S1 + S2)
mm
Rc
weerstand van de grond op druk
kN
kv
statische veercoëfficient (Fc / Sd)
kN/mm
print: 12-05-23 / 4262
0
LZ-1
IV geo-LZD v3.0.8
Paalkopzakking en last-zakkingsdiagram
0
Project: Meerkerk Projectnr: 2300835-XF
0
Paaltype: Paalafmeting: Paalpuntniveau: Sondering:
Prefab_betonpaal 220 x 220 mm -14,00 m tov NAP D2
Palenplan
x-richting:
y-richting:
aantal
1
2
hoh-afstand [m]
nvt
2,0
Last / Zakking diagram : grenstoestand Geo en bruikbaarheidsgrenstoestand <--------Rs;i;d [kN] 300
400
200
100
0
Rb;i;d ----------> 200
100
300
0 10
<-------- sb [mm]
20 30 40 50 60 70 R;s;i;d (BGT)
R;s;i;d (GEO)
Rb;i;d (GEO)
Last / Zakking diagram
Last / zakking diagram
Paalweerstand vs. paalpuntzakking
0
100
Rc [kN]----------> 200 300 400
Rb;i;d (BGT)
Netto paalbelasting vs paalkopzakking
500
100
Fc;netto [kN] 200
Sb [mm] 3,7 2,6 2,2 1,9 1,5 1,0 0,6 0,4 0,2 0,1
Sel [mm] 5,6 4,9 4,6 4,2 3,8 3,2 2,6 2,3 2,0 1,4
600 0
0
300
400
0,0 10 2,0
<-------- sb [mm]
20
4,0 S [mm]
30 40 50
6,0
8,0
60 10,0 70 Rc;d (GEO)
laag ..
Rc;rep (BGT)
12,0
-
UGT Fc;d;nettoFnk;d Fc;d laag .. [kN] [kN] [kN] 424 423 422 420 418 415 411 408 257 27
-
41 41 41 41 41 41 41 41 41 41
-
-
465 464 463 461 459 456 452 449 298 68
print: 12-05-23 / 4262
Sb;d [mm] 26,1 24,9 23,6 22,4 21,1 19,9 18,6 17,4 3,1 0,1
Sel;d [mm] 7,0 7,0 7,0 6,9 6,9 6,9 6,8 6,8 4,8 1,6
S1;d [mm] 33,1 31,8 30,6 29,3 28,0 26,8 25,5 24,2 7,9 1,7
S2;d [mm] 2,0 2,0 2,0 2,0 2,0 1,9 1,9 1,9 1,0 0,0
S;d [mm] 35,1 33,8 32,6 31,3 30,0 28,7 27,4 26,1 8,9 1,7
laag ..
-
BGT Fc;netto Fnk Fc laag .. [kN] [kN] [kN] 343 289 266 238 206 155 110 86 59 31
-
41 41 41 41 41 41 41 41 41 41
-
-
384 330 307 279 247 196 151 127 100 72
S1 [mm] 9,3 7,5 6,8 6,1 5,3 4,2 3,2 2,7 2,2 1,5
S2 [mm] 1,3 1,3 1,3 1,3 1,2 1,2 1,2 1,2 0,5 0,0
S [mm] 10,6 8,8 8,1 7,4 6,6 5,4 4,5 3,9 2,7 1,5
kv;rep kv;d [kN/mm] [kN/mm] 36 28 38 29 38 29 38 29 38 29 36 28 34 26 32 25 37 28 48 37 LZ-2
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Voorbeeldberekening Berekening, volgens NEN 9997-1, van de draagkracht van de grond op druk en verticale verplaatsing van de paalfundering. Uitgangspunten Referentie niveau: Gehanteerde sondering: Paaltype: Paalpuntniveau: Schachtafmeting: Oorspronkelijke maaiveldhoogte: Toekomstige maaiveldhoogte: Aanlegniveau fundering: Gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG): Ophoging ten opzichte van maaiveld: Schachtwrijving startniveau: Schachtwrijving eindniveau:
NAP D2 prefab betonpaal NEN9997-1:2017 -13,5 meter 250 mm -0,66 meter -0,3 meter -1 meter -2,5 meter 0,36 meter -7,6 meter -13,5 meter
Rekenfactoren & resultaten qc;I;gem = qc;II;gem = qc;III,gem = ap = ß= s= pr;max;punt = as = qc;z;a = qs;max = Rs;cal;max = Apunt = 0s = ΔL = Rb;cal;max = Rc;cal;max = ξ3 en ξ4 = Rc;cal;max;k = γt = Rc;d = Rc;net;d =
7,2 7 6,3 0,7 1 1 4,7 0,01 8,7 0,087 513,586 0,062 1 5,9 294 807 1,39 581 1,2 484 438
MPa MPa MPa
Negatieve Kleef Negatieve kleef startniveau: Negatieve kleef eindniveau: Gebruikte waterstand: Fsnkd =
-0,3 -7,6 -2,5 46
meter meter meter kN
Tabel volumegewichten Diepte Grondsoort [m] -0,3 Zand Schoon Los -1,22 Veen Niet-Voorbelast Slap -3,14 Klei Schoon Slap -3,68 Veen Niet-Voorbelast Slap -4,68 Klei Schoon Slap -5,82 Zand Schoon Los -6,62 Zand Schoon Matig -7,26 Veen Matig-Voorbelast Matig
volumegewicht [kN/m³] 17 5 14 11 14 19 20 12
MPa MPa MPa kN m2 m m kN kN kN kN kN
γ-waarde
K0;rep * tan γ;rep
30 15 17,5 15 17,5 30 32,5 20
0,29 0,25 0,25 0,25 0,25 0,29 0,29 0,25
IV geo-LZD v3.0.8
Project: Meerkerk
0
Projectnr: 2300835-XF Dwarsdoorsnede bodemopbouw
Verticale verplaatsing van de paalfundering
0
De paalkopzakking is berekend conform NEN-9997-1 § 7.6.4. De zakking van de lagen onder paalpuntniveau is berekend cf. NEN-9997-1 § 6.6.2 NEN-Bjerrum.
-6 -5 paal
-1
-10
Materiaalfactoren 1 1 1 1
-15 1 -20
Bodemeigenschappen (aanname) Oorspronkelijke maaiveldhoogte Toekomstige maaiveldhoogte Hoge grondwaterstand Lage grondwaterstand Pre-overburden pressure (POP)
-0,66 [m NAP] -0,66 [m NAP] -0,5 [m NAP] -2,5 [m NAP] 2,0 [kN/m²]
Diepte [m - mv]
-5 -4 -3 -2
Grondparameters De representatieve waarden van de grondparameters van de verschillende bodemlagen zijn op basis van het grondonderzoek ingeschat aan de hand van tabel 2.b uit de NEN 9997, eventueel i.c.m. algemene/locale kennis en ervaring.
- Volumiek gewicht - Tangent hoek inwendige wrijving - Ongedraineerde schuifsterkte - Cohesie
maaiveld
-25
-30
Paaleigenschappen Paaltype E-modulus [Gpa} (kern )
Prefab_betonpaal 2,0E+01
Last-zakkingsdiagram Paalkopniveau Paalpuntniveau Startniveau schachtwrijving Aantal palen (X × Y)
Bovenaanzicht palenplan
0,0E+00
0,0E+00
1 -1,00 [m tov NAP] -13,50 [m tov NAP] -7,60 [m tov NAP] 1×2
Tabel: karakteristieke waarden van de gehanteerde grondparameters voor de oorspronkelijke bodemopbouw
onderzijde
g
gsat
f'
CR
Ca
[m NAP]
[kN/m³]
[kN/m³]
[o]
[-]
[-]
-6 -5 -4 -3 -2 -1 0
-6,0 -7,0 -7,6 -8,0 -10,0 -13,5 -13,5
10,5 17,0 12,0 17,0 17,5 17,0 17,5
11,0 19,0 14,0 19,0 19,5 19,0 19,5
15,0 30,0 17,5 30,0 31,0 30,0 31,0
0,460 0,011 0,329 0,011 0,009 0,011 0,0
0,023 0,000 0,013 0,000 0,000 0,000 0,000
1
-25,0
17,5
19,5
31,0
0,009
0,000
laag
Symbolen en eenheden g
volumieke gewicht van grond (natuurlijk)
kN/m³
Fc
Paalbelasting
kN
gsat
volumieke gewicht van verzadigde grond
kN/m³
Fnk
Negatieve kleef
kN
f'
effectieve hoek van inwendige wrijving
˚
Fc;netto
Netto paalbelasting (Fc-Fnk)
kN
CR
compression ration (Cc/1+e0))
-
Sb
Paalpuntzakking tgv bovenbelasting
mm
Ca
secundaire samendrukkingsindex
-
Sel
Elastische verkorting paal
mm
S1
Sb + Sel
mm
Rs
Schachtweerstand
kN
S2
Zakking tgv samendrukking lagen onder paal
mm
Rb
Puntweerstand
kN
Sd
Rekenwaarde paalkopzakking (= S1 + S2)
mm
Rc
weerstand van de grond op druk
kN
kv
statische veercoëfficient (Fc / Sd)
kN/mm
print: 12-05-23 / 4270
0
LZ-1
IV geo-LZD v3.0.8
Paalkopzakking en last-zakkingsdiagram
0
Project: Meerkerk Projectnr: 2300835-XF
0
Paaltype: Paalafmeting: Paalpuntniveau: Sondering:
Prefab_betonpaal 250 x 250 mm -13,50 m tov NAP D2
Palenplan
x-richting:
y-richting:
aantal
1
2
hoh-afstand [m]
nvt
2,0
Last / Zakking diagram : grenstoestand Geo en bruikbaarheidsgrenstoestand <--------Rs;i;d [kN] 300
400
200
100
0
Rb;i;d ----------> 200
100
300
0 10
<-------- sb [mm]
20 30 40
50 60
70 80 R;s;i;d (BGT)
R;s;i;d (GEO)
Rb;i;d (GEO)
Last / Zakking diagram
Last / zakking diagram
Paalweerstand vs. paalpuntzakking
0
200
Rc [kN]----------> 400
Rb;i;d (BGT)
Netto paalbelasting vs paalkopzakking
600
100
Fc;netto [kN] 200
Sb [mm] 3,9 2,8 2,4 2,0 1,6 1,1 0,7 0,5 0,3 0,1
Sel [mm] 4,3 3,9 3,6 3,3 3,0 2,6 2,1 1,9 1,6 1,1
800 0
0
300
400
0,0 10
1,0
20
<-------- sb [mm]
2,0 3,0
40
4,0
S [mm]
30
50
60
6,0 7,0
70
8,0
80
9,0 Rc;d (GEO)
laag ..
Rc;rep (BGT)
10,0
-
UGT Fc;d;nettoFnk;d Fc;d laag .. [kN] [kN] [kN] 438 437 436 434 432 429 425 422 274 26
5,0
-
46 46 46 46 46 46 46 46 46 46
-
-
484 483 482 480 478 475 471 468 320 72
print: 12-05-23 / 4270
Sb;d [mm] 29,7 28,3 26,8 25,4 24,0 22,6 21,2 19,8 3,5 0,1
Sel;d [mm] 5,4 5,4 5,4 5,4 5,3 5,3 5,3 5,3 3,8 1,2
S1;d [mm] 35,1 33,6 32,2 30,8 29,4 27,9 26,5 25,0 7,4 1,4
S2;d [mm] 1,8 1,8 1,8 1,8 1,8 1,8 1,7 1,7 0,9 0,0
S;d [mm] 36,8 35,4 34,0 32,6 31,1 29,7 28,2 26,7 8,3 1,4
laag ..
-
BGT Fc;netto Fnk Fc laag .. [kN] [kN] [kN] 353 304 279 248 212 170 120 92 62 30
-
46 46 46 46 46 46 46 46 46 46
-
-
399 350 325 294 258 216 166 138 108 76
S1 [mm] 8,2 6,7 6,0 5,3 4,5 3,7 2,8 2,4 1,9 1,2
S2 [mm] 1,1 1,1 1,1 1,1 1,1 1,1 1,1 1,1 0,4 0,0
S [mm] 9,3 7,8 7,1 6,4 5,6 4,8 3,9 3,4 2,3 1,2
kv;rep kv;d [kN/mm] [kN/mm] 43 33 45 34 45 35 46 35 46 35 45 35 43 33 41 31 47 36 63 49 LZ-2
Nieuwbouw woning, Bazeldijk 78a te Meerkerk Rapport: 2300835 versie 1, 11 mei 2023
Wiha Grondmechanica
Voorbeeldberekening Berekening, volgens NEN 9997-1, van de draagkracht van de grond op druk en verticale verplaatsing van de paalfundering. Uitgangspunten Referentie niveau: Gehanteerde sondering: Paaltype: Paalpuntniveau: Schachtafmeting: Oorspronkelijke maaiveldhoogte: Toekomstige maaiveldhoogte: Aanlegniveau fundering: Gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG): Ophoging ten opzichte van maaiveld: Schachtwrijving startniveau: Schachtwrijving eindniveau:
NAP D3 houten paal taps NEN9997-1:2017 -9,5 meter 140 mm -0,44 meter -0,4 meter -1,2 meter -2,5 meter 0,04 meter -8 meter -9,5 meter
Rekenfactoren & resultaten qc;I;gem = qc;II;gem = qc;III,gem = ap = ß= s= pr;max;punt = as = qc;z;a = qs;max = Rs;cal;max = Apunt = 0s = ΔL = Rb;cal;max = Rc;cal;max = ξ3 en ξ4 = Rc;cal;max;k = γt = Rc;d = Rc;net;d =