CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebesluit Leidraad Invordering.pdf

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 14 december 2021, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Belastingverordeningen 202233.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

COLLEGEBESLUIT

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden; Gelet op het de Invorderingswet 1990 en de artikelen 160, 231 en 249 tot en met 257 van de Gemeentewet; Besluit: Vast te stellen de Leidraad invordering gemeentelijke belastingen.

Leidraad invordering gemeentelijke belastingen 2022 Gemeente Vijfheerenlanden

Opzet van deze Leidraad invordering gemeentelijke belastingen Vijfheerenlanden. In deze Leidraad invordering gemeentelijke belastingen is voor de indeling zo veel mogelijk aangesloten bij Rijksleidraad en de daarvan afgeleide model-leidraad invordering gemeentelijke belastingen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het is echter geen kopie. Daar waar noodzakelijk zijn bepalingen verwijderd (vaak met een specifiek rijksbelastingkarakter), toegevoegd of aangepast aan de situatie van de gemeente Vijfheerenlanden. In de kop- en subteksten van de artikelen is ook het artikel- of paragraafnummer uit de Rijksleidraad opgenomen. Dit is gedaan om de wijzigingen van de Rijksleidraad eenvoudig te kunnen actualiseren in deze leidraad-op-maat. Als in de subteksten wordt verwezen naar een bepaling in deze leidraad, dan geldt hiervoor de nummering in de kop- c.q. subtekst (het artikelnummer uit de Rijksleidraad). Vanwege de leesbaarheid wordt in deze leidraad het wettelijk begrip ‘ontvanger’ in plaats van de benaming ‘gemeenteambtenaar belast met de invordering van gemeentelijke belastingen’ gebruikt. Om dezelfde reden wordt in deze leidraad het wettelijk begrip ‘inspecteur’ gebruikt in plaats van de benaming ‘gemeenteambtenaar belast met de heffing van gemeentelijke belastingen’.

In de andere gevallen is gekozen voor de directe vertaling van (Rijks)belastingfunctionarissen naar de lokale benamingen.

Inhoud 1.

Inleiding en toepassingsgebied (artikel 1)............................................................................11 1.1. Inleiding (1.1) ..................................................................................................................... 11 1.1.1. Lijst met gebruikte afkortingen (1.1.1) ................................................................................ 11 1.1.2. Definities (1.1.2) .............................................................................................................. 11 1.1.3. Aansprakelijkgestelden en andere derden (1.1.4) ................................................................. 12 1.1.4. Awb en algemene beginselen van behoorlijk bestuur (1.1.5) .................................................. 12 1.1.5. Keuze uit verschillende invorderingsmaatregelen (1.1.6) ....................................................... 14 1.1.6. Invorderingsmaatregelen tegen grote bedrijven (1.1.7) ........................................................ 14 1.1.7. Voor de invordering minder geschikte dagen (1.1.8) ............................................................. 14 1.1.8. Binnenkomst van bescheiden (1.1.9) .................................................................................. 15 1.1.9. Positie belastingdeurwaarder (1.1.10) .................................................................................

15 1.1.10. Bewaren invorderingsbescheiden (1.1.11) .......................................................................... 16 1.1.11. Verklaring inzake nakoming fiscale verplichtingen (1.1.12) ................................................... 16 1.1.12. Informatieplicht (1.1.13) .................................................................................................. 16 1.1.13. Diplomatieke status (1.1.14) ............................................................................................ 17 1.2. Toepassingsgebied (1.2) ....................................................................................................... 17 1.3. Begrip woonplaats (artikel 2) ................................................................................................. 17 2. Bevoegdheden ontvanger (artikel 3).....................................................................................18 2.1. Fiscale en civiele bevoegdheden (3.1) ..................................................................................... 18 2.2. Conservatoir beslag (3.2) ...................................................................................................... 18 2.2.1. Geen conservatoir beslag dan ook geen versnelde invordering (3.2.1) .................................... 18 2.2.2.

Ontbreken belastingaanslag en conservatoir beslag (3.2.2) ................................................... 19 2.3. Gerechtelijke procedures – toestemming (3.3) ......................................................................... 19 2.3.1. Juridische bijstand (3.3.1) ................................................................................................. 19 2.3.2. Toestemming (3.3.2) ........................................................................................................ 19 2.4. Faillissementsaanvraag (3.5) ................................................................................................. 19 3. Bevoegdheid belastingdeurwaarder (artikel 4) .....................................................................21 4. Rente en kosten in het kader van de reikwijdte van de wet (artikel 6) .................................22 5. Betaling en afboeking (artikel 7) ..........................................................................................23 5.1. Tijdstip betaling (7.1) ........................................................................................................... 23 5.2. De afboeking van de betaling (7.2) ......................................................................................... 23 5.3.

Teveelbetaling (7.3) ............................................................................................................. 24 5.4. Rente en kosten bij afboeking betalingen (7.4) ........................................................................ 24 5.5. Het toerekenen van kosten bij meerdere aanslagen (7.5) .......................................................... 24 5.6. Afboeking betaling bestuurlijke boete waarvoor uitstel van betaling is verleend (7.6) ................... 24 5.7. Afboeking van betalingen door aansprakelijkgestelden (7.7) ...................................................... 24 5.8. Betaling bij vergissing (7.8) ................................................................................................... 25 5.9. Geen mededeling aan belastingschuldige bij financiële mutaties (7.9) ......................................... 25 5.10. Betaling van kleine bedragen (7.10) ....................................................................................... 25 5.11. Ontvangen bedragen uit de wettelijke schuldsaneringsregeling en faillissement (7.11).................. 26 6. Uitbetaling van belastingbedragen (artikel 7a) .....................................................................27 7. Bekendmaking aanslag (artikel 8) ........................................................................................28 7.1.

Verzending of uitreiking van het aanslagbiljet in bijzondere situaties (8.1) .................................. 28 7.2. Bekendmaking als de rechtspersoon (vermoedelijk) is opgehouden te bestaan (8.2) .................... 28 7.3. Gehoudenheid tot betalen belastingaanslag en aanslagbiljet (8.3) .............................................. 29 7.4. Vooraf uitnodigen erfgenamen tot betalen belastingaanslag (8.4) ............................................... 29 8. Betalingstermijnen (artikel 9)...............................................................................................30 8.1. Dagtekening aanslagbiljet (9.4) ............................................................................................. 30 8.2. Begrippen bij betalingstermijnen (9.5) .................................................................................... 30 8.3. Verzuim ontvanger bij uitbetaling (9.6) ................................................................................... 30 8.4. Automatische incasso (betalingsincasso) ................................................................................. 31 9. Versnelde invordering (artikel 10) ........................................................................................33 9.1. Reikwijdte versnelde invordering (10.1) .................................................................................. 33 9.2.

Vrees voor verduistering en versnelde invordering (10.2) .......................................................... 34 9.3. Metterwoon verlaten van Nederland en versnelde invordering (10.3) .......................................... 34 9.4. Geen vaste woonplaats in Nederland en versnelde invordering (10.4) ......................................... 35

9.5. Beslag en versnelde invordering (10.5) ................................................................................... 35 9.6. Verkoop namens derden en versnelde invordering (10.6) .......................................................... 35 9.7. Vordering ex artikel 19 en versnelde invordering (10.7) ............................................................ 35 10. Aanmaning (artikel 11) .........................................................................................................36 10.1. De geadresseerde van de aanmaning (11.1) ............................................................................ 36 10.2. Aanmaning ten onrechte verzonden (11.2) .............................................................................. 36 10.3. Achterwege laten van tussentijdse vervolging en aanmaning (11.3) ........................................... 36 10.4. Gedeeltelijke voldoening aan de aanmaning (11.4) ................................................................... 37 10.5. Betalingsherinnering (11.5) ................................................................................................... 37 11. Dwangbevel (artikel 12) .......................................................................................................38 11.1.

Onderwerp van het dwangbevel (12.1) ................................................................................... 38 11.2. Tegen wie verleent de ontvanger een dwangbevel (12.2) .......................................................... 38 12. Betekening van het dwangbevel (artikel 13) ........................................................................39 12.1. Betekening dwangbevel per post (13.1) .................................................................................. 39 12.2. Adressering van per post betekende dwangbevelen (13.1.1) ..................................................... 39 12.3. Betekening dwangbevel door de belastingdeurwaarder (13.2) .................................................... 40 12.4. Bijzondere gevallen van betekening dwangbevel (13.3) ............................................................ 40 13. Tenuitvoerlegging van het dwangbevel (artikel 14) ..............................................................41 13.1.1. Houding van de belastingdeurwaarder tijdens tenuitvoerlegging (14.1.2) ............................ 41 13.1.2. Tenuitvoerlegging dwangbevel als de belastingschuldige is overleden (14.1.3) ..................... 41 13.1.3. Opheffing beslag na gedeeltelijke betaling of voldoening aan voorwaarden (14.1.7) .............. 42 13.1.4.

Opheffing beslag tegen betaling door een derde (14.1.8) ................................................... 42 13.1.5. Opschorten van de executie (14.1.9) .............................................................................. 42 13.1.6. Strafrechtelijk beslag (14.1.12) ...................................................................................... 43 13.1.7. Invordering en ontnemingswetgeving (14.1.13) ............................................................... 43 13.2. Beslag op roerende zaken die geen registergoederen zijn (14.2) ................................................ 43 13.2.1. Kennisgeving vooraf en beslag roerende zaken (14.2.1) .................................................... 43 13.2.2. Domiciliekeuze en beslag roerende zaken (14.2.2)............................................................ 43 13.2.3. Aanbod van betaling en beslag roerende zaken (14.2.3) .................................................... 44 13.2.4. Omvang van het beslag op roerende zaken (14.2.4) ......................................................... 44 13.2.5. Beroep of verzet door een derde tegen inbeslagneming roerende zaken (14.2.6) .................. 44 13.2.6. Voldoening zekerheidsschuld door ontvanger en beslag roerende zaken (14.2.7) .................. 44 13.2.7.

Beslag roerende zaken bij derden (14.2.8) ...................................................................... 45 13.2.8. Wegvoeren van beslagen zaken (14.2.9) ......................................................................... 45 13.2.9. Afsluiting en beslag roerende zaken (14.2.11) .................................................................. 46 13.2.10. Bewaarder en beslag roerende zaken (14.2.12) ................................................................ 46 13.2.11. Executoriale verkoop computerapparatuur (14.2.13) ......................................................... 47 13.2.12. Executoriale verkoop zilveren, gouden en platina werken (14.2.14) .................................... 47 13.2.13. Beslag op illegale zaken (14.2.15) .................................................................................. 48 13.2.14. Bieden voor rekening van de gemeente en beslag roerende zaken (14.2.16)........................ 48 13.2.15. Opheffing van het beslag op roerende zaken (14.2.17)...................................................... 48 13.2.16. Afboeking executieopbrengst verkoop roerende zaken (14.2.18) ........................................ 48 13.2.17. Proces-verbaal van verkoop roerende zaken (14.2.19) ...................................................... 49 13.2.18.

Gegevensverstrekking omtrent beslag roerende zaken (14.2.20) ........................................ 49 13.2.19. Relaas van onttrekking (14.2.21) ................................................................................... 49 13.2.20. Administratief beslag op motorrijtuigen en aanhangwagens (14.2a) .................................... 49 13.3. Beslag op onroerende zaken (14.3) ........................................................................................ 50 13.3.1. Bewaring van in beslag genomen roerende zaken bij beslag onroerende zaken (14.3.1) ........ 50 13.3.2. Nieuwe belastingschuld en beslag onroerende zaken (14.3.2) ............................................ 50 13.3.3. Verhuurde of verpachte onroerende zaken (14.3.3) .......................................................... 50 13.3.4. Voorwaarden van verkoop van onroerende zaken (14.3.4)................................................. 50 13.3.5. Opheffing van het beslag onroerende zaken (14.3.5) ........................................................ 51 13.4. Beslag onder derden (14.4) ................................................................................................... 51 13.4.1. Beslag op vordering van een derde (14.4.1) .................................................................... 51 13.4.2.

Geen beslag op coronabonus zorgprofessional (14.4.1a).................................................... 51 13.4.3. Derdenbeslag of vordering ex artikel 19 (14.4.2) .............................................................. 52 13.4.4. Roerende zaken bij derden (14.4.3) ................................................................................ 52 13.4.5. Plaats beslaglegging en derdenbeslag (14.4.4) ................................................................. 52

13.4.6. Derdenbeslag op een vordering waar geen beslagvrije voet voor geldt (14.4.5) .................... 52 13.4.7. Derdenbeslag en kosten van levensonderhoud (14.4.5a) ................................................... 53 13.4.8. Vrij te laten bedrag en beslag onder derden bij geen adres in Nederland (14.4.5b) ............... 53 13.4.9. Toepassing 5%-regeling (14.4.5c) .................................................................................. 53 13.4.10. Derdenbeslag op polis van levens- of spaarverzekering of lijfrente (14.4.9) ......................... 53 13.4.11. Retentierecht en derdenbeslag (14.4.10) ......................................................................... 54 13.4.12. Opheffing van het derdenbeslag (14.4.11) ....................................................................... 54 13.4.13. Onverschuldigde betaling en derdenbeslag (14.4.12) ........................................................ 54 13.4.14. Derdenbeslag onder de gemeente, de ontvanger of een openbaar lichaam en het doen van verklaring (14.4.13) ...................................................................................................................... 54 13.5. Beslag op schepen (14.5) ...................................................................................................... 55 13.5.1.

Beletten van het vertrek van het schip (14.5.1)................................................................ 55 13.5.2. De executie van schepen (14.5.2) .................................................................................. 55 13.5.3. Afgelasting van de verkoop van een schip (14.5.3) ........................................................... 56 13.5.4. Deskundige hulp en beslag op schepen (14.5.4) ............................................................... 56 13.5.5. Opheffing van het beslag op schepen (14.5.5).................................................................. 56 14. Verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (artikel 17) ......................................................57 14.1. Aanhouden tenuitvoerlegging bij verzet (17.1) ......................................................................... 57 14.2. Verzet tegen tenuitvoerlegging van dwangbevel bij onjuiste adressering (17.2) ........................... 57 15. Doen van een vordering (artikel 19) .....................................................................................58 15.1. Vordering algemeen (19.1) .................................................................................................... 58 15.1.1. Bekendmaking vordering (19.1.1) .................................................................................. 58 15.1.2.

Voldoen aan de vordering (19.1.2) ................................................................................. 58 15.1.3. Niet voldoen aan de vordering (19.1.3) ........................................................................... 58 15.1.4. Intrekken van een vordering (19.1.4) ............................................................................. 59 15.1.5. Vermindering of vernietiging van de belastingaanslag in relatie tot vordering (19.1.5) .......... 59 15.1.6. Doorbreken beslagverboden en vordering (19.1.6) ........................................................... 59 15.1.7. Toepassing 5%-regeling (19.1.6a) .................................................................................. 59 15.1.8. Geen vordering voor corona bonus zorgprofessional (19.1.6b) ........................................... 60 15.1.9. Notoire wanbetaler en vordering (19.1.7) ........................................................................ 60 15.1.10. Vordering ten laste van de echtgenoot (19.1.8) ................................................................ 60 15.2. De faillissementsvordering (19.2) ........................................................................................... 60 15.2.1. Aan te melden schulden in faillissement (19.2.1) .............................................................. 60 15.2.2.

Belastingschulden ontstaan gedurende een surseance zijn boedelschulden in faillissement (19.2.2)..................................................................................................................... 61 15.2.3. Opkomen in faillissement (19.2.3) .................................................................................. 61 15.3. Vorderingen met betrekking tot periodieke uitkeringen (19.3) ................................................... 62 15.3.1. Overwegen van vordering op periodieke uitkeringen (19.3.1) ............................................. 62 15.3.2. Vooraankondiging van vordering op periodieke uitkeringen (19.3.2) ................................... 62 15.3.3. Beslagvrije voet en vordering op periodieke uitkeringen (19.3.3) ........................................ 62 15.3.4. Beslagvrije voet voor belastingschuldige zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland (19.3.4) 63 15.3.5. Belastingschuldige woont in buitenland en beslagvrije voet (19.3.5) .................................. 63 15.3.6. Periodieke uitkeringen onder de bijstandsnorm (19.3.7) .................................................... 64 15.4. Beslagvrije voet en overheidsvordering (19.4) ......................................................................... 64 16. Derden die de eigendom pretenderen van inbeslaggenomen zaken (artikel 22) ...................65 16.1.

Algemeen ............................................................................................................................ 65 16.2. Overbetekening aan derde van het beslag (22.3) ..................................................................... 65 16.3. Verzet en beroep door derde tegen beslag ............................................................................... 66 17. Verrekening (artikel 24) .......................................................................................................68 17.1. Wanneer verrekening (24.1) .................................................................................................. 68 17.2. Betwiste schuld en verrekening (24.2) .................................................................................... 68 17.3. Reikwijdte van de verrekening (24.3) ..................................................................................... 68 17.4. Bekendmaking verrekening (24.4).......................................................................................... 69 17.5. Instemmingsregeling bij cessie en verpanding (24.6)................................................................ 69 17.5.1. Geen verrekening bij instemming cessie of verpanding (24.6.1) ......................................... 69 17.5.2.

Mogelijkheid van cessie of verpanding uit te betalen bedragen (24.6.2)............................... 69 17.5.3. Instemming of weigering met een cessie of verpanding (24.6.3) ........................................ 70

17.5.4. Beroepsprocedure weigeren instemming cessie of verpanding en Awb (24.6.4) .................... 70 17.5.5. Bekendmaking beschikking college bij cessie of verpanding (24.6.5) ................................... 70 17.5.6. Houding ontvanger bij procedure tegen weigeren instemming met cessie of verpanding (24.6.6) 71 18. Uitstel van betaling (artikel 25) ............................................................................................72 18.1. Algemene uitgangspunten uitstelbeleid (25.1) ......................................................................... 72 18.1.1. Houding van de ontvanger tijdens behandeling verzoek om uitstel (25.1.1) ......................... 72 18.1.2. Toewijzing van het verzoek om uitstel van betaling (25.1.2) .............................................. 72 18.1.3. Redenen afwijzing verzoek om uitstel (25.1.3) ................................................................. 72 18.1.4. Redenen beëindigen uitstel (25.1.4)................................................................................ 73 18.1.5. Beëindigen van een betalingsregeling met meer dan één termijn (25.1.5) ........................... 73 18.1.6. Van rechtswege vervallen van een verleend uitstel (25.1.6) ............................................... 74 18.1.7.

Geen invordering tijdens verleend uitstel (25.1.7) ............................................................ 74 18.1.8. Na (afwijzen) uitstel tien dagen wachttijd (25.1.8)............................................................ 74 18.1.9. Uitstel voor een ambtshalve belastingaanslag (25.1.9) ...................................................... 74 18.1.10. Uitstel voor een aanslag ter behoud van rechten (25.1.10) ................................................ 75 18.1.11. Uitstel voor een bestuurlijke boete (25.1.11) ................................................................... 75 18.1.12. Zekerheid bij uitstel (25.1.13) ........................................................................................ 75 18.1.13. Tijdstip indiening verzoek om uitstel (25.1.14) ................................................................. 76 18.1.14. Verzoekschriften aan andere instellingen (25.1.15) ........................................................... 76 18.2. Uitstel in verband met bezwaar tegen een belastingaanslag (25.2) ............................................. 76 18.2.1. Bezwaar tegen hoogte belastingaanslag (25.2.1) .............................................................. 76 18.2.2. Bezwaar- of beroepschrift geldt niet automatisch als verzoek om uitstel (25.2.2) ................. 77 18.2.3.

Nadere gegevens (25.2.2b) ........................................................................................... 77 18.2.4. De beslissing op het verzoek om uitstel van betaling (25.2.3) ............................................ 78 18.2.5. Zekerheid bij uitstel in verband met bezwaar (25.2.5) ....................................................... 78 18.2.6. Onherroepelijke invorderingsmaatregelen voor bestreden belastingschuld (25.2.6) ............... 78 18.2.7. Verrekening tijdens uitstel in verband met bezwaar (25.2.7) .............................................. 79 18.2.8. Nadere voorwaarden bij herbeoordeling verleend uitstel (25.2.7a) ...................................... 79 18.2.9. Geen uitstel voor het niet bestreden bedrag (25.2.8) ........................................................ 79 18.2.10. Ten onrechte uitstel voor het gehele bedrag van de belastingaanslag (25.2.9) ..................... 79 18.3. Uitstel in verband met een te verwachten uit te betalen bedrag (25.3)........................................ 80 18.3.1. Uitstel in verband met een belastingteruggaaf en andere uit te betalen bedragen (25.3.1) .... 80 18.3.2. Berekening van het uit te betalen bedrag bij uitstel (25.3.2) .............................................. 80 18.3.3. Beslissing op het verzoek om uitstel in verband met een uit te betalen bedrag (25.3.3) ........ 81 18.3.4.

Verrekening en uitstel in verband met een te verwachten uit te betalen bedrag (25.3.4) ....... 81 18.4. Uitstel in verband met betalingsproblemen (25.4) .................................................................... 81 18.4.1. Beslissing op een verzoek om uitstel in verband met betalingsproblemen (25.4.1) ................ 81 18.4.2. Verrekening tijdens een betalingsregeling (25.4.3) ........................................................... 82 18.4.3. Uitstel in verband met faillissement, WSNP en surseance (25.4.4) ...................................... 82 18.5. Betalingsregeling voor particulieren (25.5) .............................................................................. 82 18.5.1. Duur betalingsregeling particulieren (25.5.1) ................................................................... 82 18.5.2. Voorwaarden aan betalingsregeling particulieren (25.5.2) .................................................. 83 18.5.3. Kort uitstel particulieren (25.5.3).................................................................................... 83 18.5.4. Behandeling verzoek betalingsregeling particulieren (25.5.4) ............................................. 83 18.5.5. Vermogen en betalingsregeling particulieren (25.5.5)........................................................ 84 18.5.6.

Betalingscapaciteit en betalingsregeling particulieren (25.5.6) ............................................ 84 18.5.7. Berekening betalingscapaciteit: bijzondere uitgaven (25.5.7) ............................................. 85 18.5.8. Berekening betalingscapaciteit: aflossingsverplichtingen aan derden (25.5.8) ...................... 85 18.5.9. Berekening betalingscapaciteit: extra inkomsten (25.5.9) .................................................. 85 18.5.10. Belastingschuldige stelt zelf een betalingsregeling voor (25.5.10) ....................................... 85 18.5.11. Betalingsregeling langer dan twaalf maanden (25.5.11) .................................................... 85 18.6. Betalingsregeling voor ondernemers (25.6) ............................................................................. 86 18.6.1. Duur betalingsregeling ondernemers (25.6.1) .................................................................. 86 18.6.2. Voorwaarden betalingsregeling ondernemers (25.6.2) ....................................................... 86 18.6.3. Bijzondere omstandigheden betalingsregeling ondernemers (25.6.2a) ................................. 86 18.6.4. Verklaring derde deskundige (25.6.2b) ............................................................................ 87

18.6.5. Geen uitstel voor ondernemers in verband met betalingsproblemen als al kort uitstel is verleend (25.6.2c)......................................................................................................................... 87 18.6.6. Kort uitstel van betaling voor ondernemers (25.6.2d) ....................................................... 87 18.6.7. Uitstelbeleid particulieren geldt voor ex-ondernemers (25.6.3) ........................................... 87 18.6.8. Uitstel voor ondernemers en overheidssteun/subsidie (25.6.4) ........................................... 88 18.7. Administratief beroep (25.7) .................................................................................................. 88 18.7.1. Toetsing uitstelbeschikking door het college (25.7.1) ........................................................ 88 18.7.2. Beroepsfase uitstel (25.7.2) ........................................................................................... 88 18.7.3. Beslissing college op beroepschrift bij uitstel (25.7.3) ....................................................... 88 18.7.4. Niet tijdig beslissen op een verzoek om uitstel (25.7.4) ..................................................... 89 18.7.5. Beroep, bezwaar, of nieuw verzoek om uitstel van betaling bij de ontvanger (25.7.5) ........... 89 19.

Kwijtschelding van belastingen (artikel 26) ..........................................................................90 19.1. Algemene uitgangspunten kwijtscheldingsbeleid (26.1) ............................................................. 91 19.1.1. Kwijtschelding van betaalde belastingschulden (26.1.1) .................................................... 91 19.1.2. Het indienen van een verzoek om kwijtschelding (26.1.2) .................................................. 91 19.1.3. Niet ingevuld of onjuist ingevuld verzoekformulier om kwijtschelding (26.1.3) ..................... 91 19.1.4. Gegevens en normen ten tijde van indiening verzoek om kwijtschelding (26.1.4) ................. 92 19.1.5. Toewijzing van het verzoek om kwijtschelding onder voorwaarden (26.1.5) ......................... 92 19.1.6. Motivering afwijzing van het verzoek om kwijtschelding (26.1.6) ........................................ 92 19.1.7. Na afwijzen kwijtschelding tien dagen wachttijd bij voortzetting invordering (26.1.7) ............ 92 19.1.8. Mondeling meedelen afwijzen kwijtschelding (26.1.8) ....................................................... 93 19.1.9. Wanneer wordt geen kwijtschelding verleend (26.1.9) ...................................................... 93 19.1.10. Begrip 'ex-ondernemer' en kwijtschelding (26.1.10)..........................................................

95 19.1.11. Verzoekschriften aan andere instellingen (26.1.11) ........................................................... 95 19.2. Kwijtschelding van belastingen voor particulieren (26.2) ........................................................... 95 19.2.1. Vermogen en kwijtschelding particulieren (26.2.1)............................................................ 95 19.2.2. De inboedel en kwijtschelding particulieren (26.2.2) ......................................................... 96 19.2.3. De auto en kwijtschelding particulieren (26.2.3) ............................................................... 96 19.2.4. Saldo op bankrekening en kwijtschelding voor particulieren (26.2.4) ................................... 96 19.2.5. De eigen woning en kwijtschelding voor particulieren (26.2.5) ........................................... 96 19.2.6. Vermogen van kinderen en kwijtschelding voor particulieren (26.2.6) ................................. 97 19.2.7. Nalatenschappen en kwijtschelding voor particulieren (26.2.7) ........................................... 97 19.2.8. Betalingscapaciteit en kwijtschelding voor particulieren (26.2.10) ....................................... 97 19.2.9. Vakantiegeld en kwijtschelding voor particulieren (26.2.11) ............................................... 98 19.2.10.

Studiefinanciering en kwijtschelding voor particulieren (26.2.12) ........................................ 98 19.2.11. Bijzondere bijstand/ouderlijke bijdrage en kwijtschelding voor particulieren (26.2.13) ......... 100 19.2.12. Persoonsgebonden budget en kwijtschelding voor particulieren (26.2.13a) ........................ 100 19.2.13. Betalingen op belastingschulden en kwijtschelding voor particulieren (26.2.14) .................. 100 19.2.14. Woonlasten en kwijtschelding van belasting van voorhuwelijkse belastingschulden (26.2.15)100 19.2.15. Uitgaven in verband met onderhoudsverplichtingen en kwijtschelding voor particulieren (26.2.16) 101 19.2.16. Kwijtschelding tijdens WSNP (26.2.17) .......................................................................... 101 19.2.17. Normpremie ziektekostenverzekering begrepen in de bijstandsuitkering (26.2.19).............. 101 19.2.18. Onderhoud gezinsleden in het buitenland (26.2.20) ........................................................ 101 19.3. Kwijtschelding van belastingen voor ondernemers (26.3) ........................................................ 102 19.3.1. Kwijtschelding voor ondernemers bij een saneringsakkoord (26.3.1) ................................. 102 19.3.2. Aansprakelijkheid en kwijtschelding voor ondernemers (26.3.2) ....................................... 102 19.3.3.

Voorwaarden tot deelname aan een saneringsakkoord (26.3.3) ........................................ 103 19.3.4. Toepassingsbereik saneringsakkoord (26.3.4) ................................................................ 103 19.3.5. Bestuurlijke boeten en saneringsakkoord (26.3.6) .......................................................... 103 19.3.6. Rente en kosten en saneringsakkoord (26.3.7)............................................................... 103 19.3.7. Speciale crediteuren en saneringsakkoord (26.3.8) ......................................................... 104 19.3.8. Betaling bedrag saneringsakkoord (26.3.9) .................................................................... 104 19.4. Administratief beroep (26.4) ................................................................................................ 105 19.4.1. Administratief beroep tegen de afwijzing van een verzoek om kwijtschelding (26.4.1) ......... 105 19.4.2. Herhaald verzoek om kwijtschelding (26.4.2) ................................................................. 105 19.4.3. Beroepsfase kwijtschelding (26.4.3).............................................................................. 106 19.4.4. Gegevens en normen eerste verzoek om kwijtschelding (26.4.4) ...................................... 106

19.4.5. Beslissing college op beroep bij kwijtschelding (26.4.5) ................................................... 106 19.4.6. Invordering tijdens administratief beroep en herhaald verzoek om kwijtschelding en ambtshalve behandeling beroepschrift (26.4.6) ............................................................................... 106 19.4.7. Niet tijdig beslissen op een verzoek om kwijtschelding (26.4.7) ........................................ 107 19.5. Geen verdere invorderingsmaatregelen en afwijzing verzoek om kwijtschelding (26.6) ............... 107 19.6. Geautomatiseerde kwijtschelding ......................................................................................... 108 20. Verjaring (artikel 27) ..........................................................................................................109 20.1. Versnelde invordering en verjaring (27.1) ............................................................................. 109 20.2. Aansprakelijkgestelden en verjaring (27.2)............................................................................ 109 20.3. Stuiting van de verjaring (27.3) ........................................................................................... 109 20.4. Schorsing van de verjaring (27.4) ........................................................................................ 109 20.5.

Afstand van verjaring (27.5) ................................................................................................ 110 20.6. Rente en kosten en verjaring (27.6) ..................................................................................... 110 20.7. Verjaring van belastingteruggaven (artikel 27.8) .................................................................... 110 21. Invorderingsrente (artikel 28) ............................................................................................111 21.1. Berekening van invorderingsrente ........................................................................................ 111 21.2. Correctie berekende invorderingsrente (28.2) ........................................................................ 111 21.3. Vermindering terecht in rekening gebrachte invorderingsrente (28.3) ....................................... 112 21.4. Kwijtschelding invorderingsrente niet mogelijk (28.6) ............................................................. 112 21.5. Beschikking betalingskorting en invorderingsrente (artikel 30) ................................................. 112 22. Aansprakelijkheid. Samenloop fiscale en civiele aansprakelijkheidsbepalingen (artikel 32) 113 22.1. Keuze aansprakelijkheid (32.1) ............................................................................................ 113 22.2.

Gemeenschapsschulden (32.2) ............................................................................................ 113 23. Aansprakelijkheid van bestuurder, leider vaste inrichting, vaste vertegenwoordiger en vereffenaar voor alle belastingen (artikel 33) ................................................................................114 23.1. Leider vaste inrichting en vaste vertegenwoordiger bij aansprakelijkheid (33.1) ......................... 114 23.2. Feitelijke vestiging bij aansprakelijkheid (33.2) ...................................................................... 114 23.3. Lichaam dat is ontbonden bij aansprakelijkheid (33.3) ............................................................ 114 23.4. Vereffenaar bij aansprakelijkheid (33.4) ................................................................................ 115 23.5. Gewezen bestuurder bij aansprakelijkheid (33.6) ................................................................... 115 23.6. Disculpatie bestuurders, leiders en vaste vertegenwoordigers (33.7) ........................................ 115 24. Beperking aansprakelijkheid van erfgenamen (artikel 48) .................................................116 24.1. Beneficiaire aanvaarding (48.1) ........................................................................................... 116 24.2.

Invordering ten laste van een erfgenaam blijft achterwege (48.2) ............................................ 116 25. Formele bepalingen voor aansprakelijkstelling (artikel 49) ................................................117 25.1. Aansprakelijkstelling voor bestuurlijke boete (49.1) ................................................................ 117 25.2. Aansprakelijkstelling voor invorderingsrente (49.2) ................................................................ 117 25.3. De aansprakelijkstelling - in gebreke zijn (49.3)..................................................................... 117 25.3.1. Wanneer in gebreke (49.3.1) ....................................................................................... 117 25.3.2. In gebreke zijn en versnelde invordering (49.3.2) ........................................................... 118 25.3.3. In gebreke zijn en een beschikking ‘geen verdere invorderingsmaatregelen’ (49.3.3) .......... 118 25.4. Informatieverstrekking aan aansprakelijkgestelden (49.5) ....................................................... 118 25.5. Aansprakelijkheid: eerst uitwinning belastingschuldige (49.6) .................................................. 119 25.6. Volgorde van aansprakelijk stellen (49.7) .............................................................................. 119 25.7.

Bezwaar, beroep, hoger beroep en beroep in cassatie tegen de beschikking aansprakelijkstelling (49.8) 119 25.7.1. Uitstel in verband met bezwaar tegen een beschikking aansprakelijkstelling....................... 119 26. Conservatoir beslag bij aansprakelijkheid (artikel 51) ........................................................120 26.1. Conservatoir beslag en uitstel in verband met bezwaar (51.1) ................................................. 120 27. Betalingstermijn beschikking aansprakelijkstelling (artikel 52) .........................................121 27.1. Vermindering van de belastingaanslag en aansprakelijkstelling (52.1) ...................................... 121 28. Aansprakelijkheid: verhaalsrechten en kwijtschelding (artikel 53).....................................122 28.1. Geen zelfstandige verjaring van de aansprakelijkheidsschuld (53.1) ......................................... 122 28.2. Ontslag van betalingsverplichting aansprakelijk gestelde bestuurder en verwijtbaarheid (53.2) .... 122 29. Mededeling aan de aansprakelijkgestelde (artikel 54) ........................................................123 29.1. Betaling teruggaaf aanhouden bij aansprakelijkstelling (54.1) .................................................. 123

30.

Informatieverplichtingen van de belastingschuldige of de aansprakelijkgestelde (artikel 58) 124 30.1. Geen invorderingsonderzoek tijdens een gerechtelijke procedure (58.1) ................................... 124 30.2. Gegevens voor invordering van ‘eigen’ belastingschulden (58.2) .............................................. 124 31. Formele bepalingen voor de informatieverplichtingen (artikel 60) .....................................125 31.1. Redelijke termijn voor verstrekken van informatie (60.1) ........................................................ 125 31.2. Kwaliteit van de gegevens en wijze van verstrekking of beschikbaar stellen (60.2) ..................... 125 32. Geen geheimhoudingsplicht bij de informatieverplichtingen (artikel 61) ............................126 32.1. Niet van de administratie gescheiden (beroeps-) vertrouwelijke gegevens (61.1) ....................... 126 33. Geheimhoudingsplicht (artikel 67)......................................................................................127 33.1. Bekendmaking aan de belastingschuldige (67.1) .................................................................... 127 33.2. Bekendmaking aan derden in het belang van de invordering (67.2) .......................................... 127 34.

Insolventieprocedures (artikel 73) .....................................................................................128 34.1. Algemene uitgangspunten insolventieprocedures (73.1) .......................................................... 128 34.1.1. Aanmelden belastingschulden in WSNP of faillissement (73.1.1) ....................................... 128 34.1.2. Invorderingsmaatregelen tijdens de toepassing van WSNP of faillissement (73.1.2) ............ 128 34.1.3. Boedelschulden (73.1.3) .............................................................................................. 128 34.1.4. Proceskostengarantie (73.1.4) ..................................................................................... 129 34.1.5. Uitstel in relatie tot faillissement en WSNP (73.1.8) ........................................................ 129 34.1.6. Kwijtschelding in relatie tot faillissement en WSNP (73.1.9) ............................................. 129 34.2. Insolventieprocedure en Wettelijke schuldsanering (73.2) ....................................................... 130 34.2.1. Kwijtschelding tijdens WSNP (73.2.1)............................................................................ 130 34.2.2. De WSNP is beëindigd met een schone lei (73.2.2) ......................................................... 130 34.2.3.

De WSNP is beëindigd zonder schone lei of de schone lei is ingetrokken (73.2.3) ................ 131 34.2.4. De WSNP is tussentijds beëindigd (73.2.4) .................................................................... 131 34.3. Insolventieprocedure en surseance (73.3) ............................................................................. 131 34.3.1. WHOA-akkoord (73.3a) ............................................................................................... 131 34.3.2. Geldend beleid bij aangeboden WHOA-akkoord (73.3a.1) ................................................ 131 34.3.3. Voorwaarden WHOA-akkoord (73.3a.2) ......................................................................... 131 34.3.4. Gevolgen toetreding WHOA-akkoord (73.3a.3) ............................................................... 132 34.3.5. Gevolgen homologatie WHOA-akkoord (73.3a.4) ............................................................ 132 34.4. Insolventieprocedure en faillissement (73.4).......................................................................... 133 34.4.1. Faillissementsaanvraag: algemeen (73.4.1) ................................................................... 133 34.4.2. Ontbinding van rechtspersonen in plaats van faillissementsaanvraag (73.4.2) .................... 133 34.4.3.

Particulieren en faillissement (73.4.3) ........................................................................... 133 34.4.4. Saneringsaanbod en faillissementsaanvraag (73.4.4) ...................................................... 133 34.4.5. Verzoek om uitstel van betaling vóór behandeling faillissementsaanvraag door rechter (73.4.5) 134 34.4.6. Toestemming voor faillissementsaanvraag (73.4.6) ........................................................ 134 34.4.7. Steunvordering derden voor faillissementsaanvraag (73.4.7) ........................................... 134 34.4.8. Verlenen van steunvordering en faillissementsaanvraag (73.4.8) ...................................... 134 34.4.9. Verzet tegen faillietverklaring (73.4.9) .......................................................................... 135 34.4.10. Verzending of uitreiking aanslagbiljet bij faillissement (73.4.11) ....................................... 135 34.4.11. Opkomen in faillissement (73.4.12) .............................................................................. 135 34.4.12. Na de toepassing van het faillissement (73.4.14) ............................................................ 135 34.4.13. Opening nationale (secundaire) insolventieprocedure (73.4.15) ........................................ 136 34.4.14.

Omzetting faillissement in WSNP (73.4.16) .................................................................... 136 34.5. Insolventieprocedure - minnelijke schuldsanering door leden van de NVVK of gemeenten (73.5) .. 136 34.5.1. Voorwaarden voor MSNP (73.5.1) ................................................................................. 136 34.5.2. Gevolgen uitstel MSNP voor invorderingsmaatregelen (73.5.3) ......................................... 138 34.5.3. Houding ontvanger tijdens uitstel MSNP (73.5.4) ............................................................ 138 34.5.4. Intrekken uitstel gedurende MSNP (73.5.5) ................................................................... 139 34.5.5. De schuldenaar voldoet aan zijn verplichtingen MSNP (73.5.6) ......................................... 139 34.5.6. Na de toepassing van de MSNP (73.5.7) ........................................................................ 140 34.6. Insolventieprocedure - minnelijke schuldsanering door anderen dan leden van de NVVK of gemeenten (artikel 73.5a) ............................................................................................................... 140 34.7. Insolventieprocedures en akkoorden (73.6) ........................................................................... 141 34.7.1.

Buitengerechtelijk akkoord (73.6.1) .............................................................................. 141

34.7.2. Betaling bedrag saneringsakkoord (73.6.2a) .................................................................. 141 34.7.3. Gevolgen buitengerechtelijk akkoord (73.6.3) ................................................................ 142 34.7.4. Voorwaarden voor toetreding tot een gerechtelijk akkoord (73.6.4) .................................. 142 34.7.5. Gevolgen toetreden tot gerechtelijk akkoord (73.6.5) ..................................................... 143 34.7.6. Begrip belastingschuld en (buiten)gerechtelijk akkoord (73.6.6) ....................................... 143 34.7.7. Gevolgen dwangakkoord (73.6.8) ................................................................................. 143 34.7.8. Kwijtschelding voor ondernemers bij een saneringsakkoord (73.6.9) ................................. 143 34.8. Wettelijk breed moratorium (73.7) ....................................................................................... 143 35. Kosten van vervolging (artikel 75) ......................................................................................145 35.1. Gevorderde som bevat geen vervolgingskosten (75.1) ............................................................ 145 35.2. Aan derden toekomende bedragen (75.2) ............................................................................. 145 35.3.

Rechtsmiddelen en vervolgingskosten (75.3) ......................................................................... 146 35.4. Verzoek om vermindering vervolgingskosten aanmerken als bezwaar (75.4) ............................. 146 35.5. Niet in rekening brengen van vervolgingskosten (75.5) ........................................................... 146 35.6. Onverschuldigdheid van vervolgingskosten (75.6) .................................................................. 147 35.7. Niet-verwijtbaarheid en vervolgingskosten (75.7)................................................................... 148 35.8. Versnelde invordering en vervolgingskosten (75.8)................................................................. 148 35.9. Aansprakelijkgestelden en vervolgingskosten (75.9) ............................................................... 148 35.10. Geen kwijtschelding van vervolgingskosten (75.10) ................................................................ 148 35.11. Limitering betekeningskosten dwangbevel (75.11) ................................................................. 148 36. Inwerkingtreding en citeertitel ...........................................................................................149

1. Inleiding en toepassingsgebied (artikel 1) Dit artikel bevat de inleiding van de Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen en het beleid over het toepassingsgebied zoals opgenomen in artikel 1 van de Invorderingswet 1990.

1.1. Inleiding (1.1) Net als de Leidraad Invordering 2008 van het Rijk (hierna: Rijksleidraad) bevat de Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen enkel beleidsregels. Werkinstructies zijn niet opgenomen. Bij de opmaak van de gemeentelijke leidraad is aansluiting gezocht bij de Rijksleidraad. Het is echter geen kopie. Daar waar noodzakelijk zijn bepalingen toegevoegd of aangepast aan de gemeentelijke situatie. 1.1.1. Lijst met gebruikte afkortingen (1.1.1) Afkorting Omschrijving Awb Algemene wet bestuursrecht Awir Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen AWR Algemene wet inzake rijksbelastingen BW Burgerlijk Wetboek FW Faillissementswet MSNP minnelijke schuldsanering natuurlijke personen Pw Participatiewet Rv Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering Sr Wetboek van Strafrecht Sv Wetboek van Strafvordering WSF Wet Studiefinanciering 2000 WSNP wettelijke schuldsanering natuurlijke personen 1.1.2. Definities (1.1.2) -

belasting(en): belastingdeurwaarder:

belastingen die door de gemeente worden geheven; de daartoe door het college aangewezen

gemeenteambtenaar bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel e, van de Gemeentewet; -

besluit (het): college:

-

echtgenoot: hoger beroep:

-

inspecteur:

het Uitvoeringsbesluit Invorderingsweg 1990; het college van burgemeester en wethouders van de gemeente; de echtgenoot, bedoeld in artikel 3 Pw; hoger beroep bij een gerechtshof dan wel, als beroep in

cassatie bij de Hoge Raad is ingesteld, cassatieberoep; de gemeenteambtenaar bedoeld in artikel 231, tweede

-

ondernemer:

-

ontvanger:

-

particulier:

-

regeling (de): wet (de):

lid, onderdeel b, van de Gemeentewet, met inbegrip van de ambtenaren aan wie ter zake mandaat is verleend door de inspecteur; de belastingschuldige die een onderneming drijft of

zelfstandig een beroep uitoefent; de gemeenteambtenaar bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel c, van de Gemeentewet, met inbegrip van de ambtenaren aan wie ter zake mandaat is verleend door de ontvanger; de belastingschuldige die niet als ondernemer wordt aangemerkt; de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990; de wet van 30 mei 1990 op de invordering van rijksbelastingen (Invorderingswet 1990).

Onder de overige in deze leidraad gebruikte begrippen wordt hetzelfde verstaan als de wet daaronder verstaat. 1.1.3. Aansprakelijkgestelden en andere derden (1.1.4) De invordering met betrekking tot aansprakelijkgestelden en andere derden vindt voor een groot deel op overeenkomstige wijze plaats als de invordering met betrekking tot belastingschuldigen. Omwille van de leesbaarheid is vermeden steeds de aansprakelijkgestelden en andere derden te noemen, zonder dat hiermee wordt beoogd de toepasselijkheid van die voorschriften te beperken. 1.1.4. Awb en algemene beginselen van behoorlijk bestuur (1.1.5) In de invordering wordt zoveel mogelijk gehandeld in overeenstemming met de Awb, ondanks het feit dat artikel 3:40, titels 4.1 tot en met 4.3, artikel 4:125, titel 5.2, de hoofdstukken 6 en 7 en afdeling 10.2.1 Awb niet van toepassing zijn op de wet. Dit betekent onder meer dat de beslistermijnen uit de Awb inclusief de mogelijkheden tot verlenging van toepassing zijn, tenzij de wet 4, de regeling of deze leidraad anders bepaalt. Voor beschikkingen op aanvraag geldt daarom een termijn van acht weken met de mogelijkheid hiervan af te wijken door een redelijke termijn te noemen (zie artikel 4:13, 4:14 en 4:15 Awb).

Voor het beslissen op bezwaarschriften geldt een verdagingstermijn van maximaal zes weken en de mogelijkheid tot verder uitstel in gezamenlijk overleg (artikel 7:10 Awb). Voor het beslissen op beroepschriften bij administratief beroep geldt een verdagingstermijn van maximaal zes weken en de mogelijkheid tot verder uitstel in gezamenlijk overleg (artikel 7:24 Awb). Het uitgangspunt met betrekking tot de Awb-conforme werkwijze geldt niet voor de

regeling inzake de dwangsom bij niet tijdig beslissen (artikel 4:17 Awb). Het laatste betekent dat bij de uitvoering van de wet de dwangsom uitsluitend van toepassing is op de volgende gevallen: -

bezwaarschriften tegen beschikkingen invorderingsrente als bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de wet; bezwaarschriften tegen beschikkingen aansprakelijkstelling als bedoeld in artikel 49, eerste lid, van de wet; bezwaar- en beroepschriften als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Kostenwet invordering rijksbelastingen. bezwaarschriften tegen beschikkingen kostenvergoeding bij een onrechtmatig opgelegde verplichting als bedoeld in artikel 62a, eerste lid, van de wet; bezwaarschriften tegen beschikkingen bestuurlijke boete als bedoel in artikel 63b van de wet.

Daarnaast geldt het uitgangspunt met betrekking tot de Awb-conforme werkwijze niet voor de regeling waarbij de kosten, die de belanghebbende in verband met de behandeling van een administratief beroep redelijkerwijs heeft moeten maken, uitsluitend vergoed worden door het bestuursorgaan op verzoek van de belanghebbende voor zover het bestreden besluit wordt herroepen wegens aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. Derhalve geen Awb-conforme werkwijze voor de kosten als bedoeld in artikel 8:75 onderscheidenlijk een vergoeding van de kosten als bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, of 7:28, tweede lid, van de Awb. Een andere bepaling uit de Awb die van overeenkomstige toepassing is bij invordering is artikel 4.84 Awb. Op grond van die bepaling is het mogelijk af te wijken van de beleidsregels zoals die zijn opgenomen in deze leidraad. Dit is gerechtvaardigd als toepassing van die regels voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die vanwege bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de doelen die de leidraad dient. Dit laatste zal slechts bij hoge uitzondering aan de orde zijn. Het afwijken van beleidsregels leidt in de regel immers tot schending van het gelijkheidsbeginsel.

Er moet dus sprake zijn van daadwerkelijk bijzondere omstandigheden op grond waarvan onverkorte toepassing van de leidraad onevenredig nadeel voor de betrokkene zou opleveren. Dit criterium gaat aanzienlijk verder dan een belangenafweging als bedoeld in artikel 3:4 Awb. Naast het zoveel mogelijk handelen in overeenstemming met de Awb moet de ontvanger bij zijn handelen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht te nemen, ook als sprake is van privaatrechtelijke handelingen (beslag, executoriale verkoop en dergelijke). Dit betekent onder meer dat als de belastingschuldige in een verzoek aan de gemeente aannemelijk heeft gemaakt dat er gegronde twijfels zijn bij de verschuldigdheid van een onherroepelijk geworden belastingaanslag, de ontvanger de belastingaanslag marginaal toetst. Onder een onherroepelijk vaststaande belastingaanslag wordt in dit verband verstaan een belastingaanslag waartegen geen bezwaar of beroep meer open staat en waarvoor evenmin een ambtshalve beoordeling mogelijk is in verband met termijnoverschrijding. Wanneer bij de marginale toetsing blijkt dat een belastingaanslag in materiële zin niet verschuldigd kan worden geacht,

neemt de ontvanger voor een dergelijke aanslag geen invorderingsmaatregelen. Onder invorderingsmaatregelen worden niet alleen dwangmaatregelen zoals de tenuitvoerlegging van een dwangbevel, maar ook de verrekening van een belastingaanslag met belastingteruggaven begrepen. Uitgangspunt hierbij is dat de marginale toetsing zich beperkt tot feiten die de ontvanger bekend zijn op het moment dat hij tot invordering overgaat. De verrekening van een belastingaanslag waarvan is gebleken dat die in materiële zin niet verschuldigd is met een belastingteruggave wordt niet ongedaan gemaakt, tenzij het verzoek daartoe heeft plaatsgevonden binnen één maand nadat de verrekening is bekendgemaakt. 1.1.5. Keuze uit verschillende invorderingsmaatregelen (1.1.6) Als de invordering op verschillende manieren kan plaatsvinden, heeft de eenvoudigste, snelste en minst kostbare wijze voor de gemeente de voorkeur. 1.1.6. Invorderingsmaatregelen tegen grote bedrijven (1.1.7) Als de ontvanger invorderingsmaatregelen wil treffen die het voortbestaan kunnen bedreigen van een bedrijf met meer dan 25 werknemers, dan vraagt hij daartoe toestemming van het college. Onder een bedrijf wordt in dit verband ook verstaan een geheel van bij elkaar behorende bedrijven of een zelfstandig uitgeoefend beroep.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=29d9089d-2345-4294-a514-211e191f18ae