Bijlage evaluatie 1.1 Lysias Advies uittreding VHL uit Avres of WIL d d 13-09-2018 (2).pdf
Tekst van het document
Advies uittreden Vijfheerenlanden uit Avres of WIL Inzicht in bestuurlijke en financiële argumenten
Opdrachtgever:
Directeur Vijfheerenlanden i.o.
Samensteller:
Drs. Gerard Reezigt
Datum:
13 september 2018
Inhoud 1.
2.
3.
4.
Lysias Advies
T: 033 464 70 70
IBAN: NL18 ABNA 0574 2170 53
Soesterweg 310d
E: info@lysiasadvies.nl
KvK: 30166304
3812 BH Amersfoort
www.lysiasadvies.nl
BTW: NL809282471B01
Opdracht
1
1.1.
Aanleiding
1
1.2.
Opdracht en aanpak
1
1.3.
Leeswijzer
2
Bestuurlijke keuze
3
2.1.
Uitgangspunten
3
2.2.
Algemene informatie
3
2.3.
Koersdocument Sociaal Domein
4
2.4.
Samenwerking arbeidsmarktregio
5
2.5.
Impact uittreding op WIL, AVRES en VHL i.o.
5
Financiële keuze
7
3.1.
Soort kosten
7
3.2.
Omvang organisatie
8
3.3.
Personeel
8
3.4.
Huisvesting
10
3.5.
Solvabiliteit
11
Conclusie en advies
12
4.1.
Conclusie
12
4.2.
Advies
14
1. Opdracht
krachtenveld eruit? De beantwoording op deze vragen zorgt mogelijk al voor een (duidelijke) richting in de keuze voor WIL of AVRES.
1.1. Aanleiding
Daarna komt pas de financiële keuze aan bod. En hierbij gaat het wat
De gemeente Vijfheerenlanden in oprichting (VHL i.o.) staat - als
liquidatie) of het maken van een goed onderbouwde inschatting van
gevolg van de fusie van de gemeenten Leerdam, Vianen en Zederik
die kosten. Zolang niet met de onderhandelingen met de betrokken
- voor de keuze met welke gemeenschappelijke regeling (GR) zij op
besturen is gestart, is dit namelijk voor een groot gedeelte ‘koffiedik’
het gebied van Werk & Inkomen en de Participatiewet gaat
kijken. De daadwerkelijke kosten hangen namelijk grotendeels af van
samenwerken. Vianen werkt momenteel samen met Werk en
de keuzes die in de onderhandelingen worden gemaakt. Het
Inkomen Lekstroom (WIL), Zederik en Leerdam doen dat met AVRES.
berekenen van de kosten of het maken van een goed onderbouwde
1.2. Opdracht en aanpak
ons betreft niet om het berekenen van de kosten bij uittreding (of
inschatting kan daarom op dit moment in het proces feitelijk niet. Wel kunnen we een aantal indicatoren, die bepalend zijn voor de
De directeur van VHL i.o. heeft Lysias gevraagd een advies uit te
uiteindelijke kosten, bij beide GR-en in beeld brengen. Op basis van
brengen ten behoeve van de bestuurlijke besluitvorming over de
die objectieve vergelijking kunnen we inschatten of een uittreding bij
keuze voor WIL of AVRES. In eerste instantie was het verzoek een
WIL of AVRES - in principe (zonder rekening te houden met de
goed onderbouwde inschatting te maken van de kosten van liquidatie
uitkomst van de onderhandelingen)
van AVRES en de kosten van uittreding van WIL. Liquidatie van
Overigens zijn wij van mening dat beide organisaties - WIL en AVRES
AVRES omdat de kans reëel is dat AVRES moet worden ontmanteld
- wel goed met elkaar te vergelijken zijn. In beide gevallen voeren zij
als VHL i.o. voor WIL kiest. Logischerwijs is het liquideren van een
voor de huidige gemeenten zowel de Participatiewet als de (oude)
volledige GR altijd duurder dan het uittreden van - in dit geval één -
Wet sociale werkvoorziening (Wsw) uit.
gemeente (Vianen uit WIL). Een dergelijke berekening is daarom ‘appels met peren’ vergelijken.
- duurder zal uitpakken.
Op basis van de bestudering van diverse documenten (het herindelingsontwerp, koersdocument sociaal domein en jaarverslag,
Behalve dat we graag willen adviseren over een ‘gelijk speelveld’ zijn
jaarrekening, begroting en gemeenschappelijke regeling AVRES en
wij daarnaast van mening dat de keuze voor WIL of AVRES een
WIL) zijn de bestuurlijke en financiële argumenten geïnventariseerd.
combinatie is van bestuurlijke en financiële argumenten . Wat wil de
Vervolgens is aangegeven welke keuze is aan te bevelen. De cijfers
gemeente VHL i.o. binnen het sociale domein, hoe ziet de uitvoering
zijn
eruit als gekozen wordt voor WIL of AVRES en wat betekent dit voor
jaarrekening) en 2018.
afkomstig
uit
2017
(de
vastgestelde
en
goedgekeurde
de samenwerking met partners? En hoe ziet het bestuurlijke
|1
Dit advies is onder een aanzienlijke tijdsdruk opgesteld met inzicht in
In hoofdstuk vier trekken we tenslotte op basis van de twee
een aantal door de opdrachtgever beschikbaar gestelde documenten.
beschrijvende hoofdstukken een aantal conclusies en komen we tot
Op basis hiervan hebben wij dit advies opgesteld. Wij hebben g een
een advies.
aanleiding te veronderstellen dat een uitgebreider onderzoek andere inzichten zou hebben opgeleverd, maar we kunnen dit ook niet volledig uitsluiten. Daarnaast willen wij vermelden dat sprake is van een beschrijving van een aantal financiële indicatoren, niet van een (uitputtende) financiële analyse door bijvoorbeeld een accountant. Met de opdrachtgever is afgesproken dat dit advies door VHL i.o. wordt gebruikt voor het opstellen van het eigen bestuurlijke advies.
1.3. Leeswijzer In hoofdstuk twee wordt ingegaan op de bestuurlijke keuze. Hierin geven we eerst inzicht in algemene informatie over beide GR -en en is kort aandacht voor wat de gemeente VHL i.o. wil. Vervolgens kijken we naar de samenwerking binnen de arbeidsmarktregio, een belangrijk platform in de uitvoering van de Participatiewet , en het economische domein. Ten slotte staan we stil bij de impact van uittreden van VHL voor de andere, achterblijvende, gemeenten in beide GR-en. In hoofdstuk drie staan we stil bij de financiële keuze. Hierin geven we dus geen berekening van de kosten voor uittreding. Wel geven we voor beide GR-en inzicht in indicatoren die van invloed zijn op de (in onderhandeling) te bepalen kosten bij uittreding. Op basis van deze vergelijking kunnen we aangeven of het te verwachten is dat het uittreden uit één van beide GR-en duurder uitvalt.
|2
2. Bestuurlijke keuze
•
voldoen aan wettelijke vereisten (mandatering bevoegdheden op aantal wettelijke taken bij één partner onderbrengen in een
In dit hoofdstuk gaan we in op wat de gemeente VHL i.o. wil, en wat een keuze voor WIL of AVRES betekent voor de samenwerking
gemeente).
binnen de arbeidsmarktregio en het economisch domein. Daarnaast
2.2. Algemene informatie
geven we aan wat uittreding betekent voor de achterblijvende
In het kader van de opgave van de Participatiewet en het te
gemeenten in WIL of AVRES én welke impact toetreding van het
verstrekken advies over uittreding uit WIL of AVRES zijn de volgende
betreffende deel van VHL i.o. heeft op WIL of AVRES.
drie algemene aspecten relevant:
2.1. Uitgangspunten De keuze voor één van beide GR-en is vanuit bestuurlijk oogpunt nodig om invulling te kunnen geven aan: •
dienstverlening in de nieuwe gemeente die kwalitatief en kwantitatief gelijkwaardig is naar alle inwoners;
•
dienstverlening die lokaal en integraal is en aansluit bij het
Indicator Deelnamepercentage VHL i.o. in GR Aantal uitkeringsgerechtigden • Totaal • Vianen • Leerdam en Zederik
WIL
AVRES
110,2%
27,3%
2.780 265
2.165 563
koersdocument sociaal domein VHL; •
de positie van VHL in een arbeidsmarktregio (daarbij ook invulling geven aan de motie van Tweede Kamer);
•
het zo veel mogelijk beperken of voorkomen van eventuele
Aantal sw-medewerkers • Totaal • Vianen • Leerdam en Zederik
436 30 n.v.t.
497 n.v.t. 112
frictiekosten voor VHL en de GR-en; Op basis van deze tabel is ten eerste duidelijk dat de impact van uittreding van Vianen uit WIL voor WIL in verhouding duidelijk kleiner is dan de impact van uittreding van Leerdam en Zederik uit AVRES 1
Dit percentage heeft alleen betrekking op de uitvoering van de Participatiewet. De uitvoering van de Wsw vindt pas per 1-1-2019 plaats binnen WIL. Op basis van de businesscase ‘Uitvoering sw-taken door WIL’ is het deelnamepercentage voor de Wsw 9,41%. Aangezien de uitvoering van de Wsw voor WIL verhoudingsgewijs veel kleiner is dan de uitvoering van de Participatiewet (2.780 uitkeringen vs 436 swmedewerkers), zal dit nauwelijks impact hebben op het totale deelnamepercentage van Vianen in de GR Wil.
|3
voor AVRES. Het huidige deelnamepercentage van Vianen in WIL is
1.
Versterken van preventie en (vroeg)signalering
10,2% en van Leerdam en Zederik 27,3% in AVRES.
2.
(Sociale) infrastructuur is voldoende toegerust
3.
Integrale toegang (1 huishouden, 1 plan, 1 regisseur)
4.
Passend aanbod van groeps- en individuele voorzieningen
en op dit moment bedienen. Dit aantal ligt bij AVRES duidelijk hoger
Om
mee
dan bij WIL. Dit is, gelet op het feit dat AVRES twee gemeenten
basisbehoeften in orde zijn. Ten aanzien van deze basisbehoeften
bedient en WIL maar één, niet verrassend. Conclusie is dat AVRES
heeft
en WIL samen 828 uitkeringsgerechtigden van VHL i.o. bedienen en
arbeidsmarkt en zorg. WIL en AVRES vallen met hun dienstverlening
142 sw-medewerkers. Kijken we naar de nieuwe gemeente VHL i.o.
voornamelijk onder de pijler arbeidsmarkt. Bij de arbeidsmarkt zien
dan wordt 68% van de uitkeringsgerechtigden door AVRES bedient
we, onder invloed van de instroom van statushouders en inwoners
(32% door WIL) en 79% van de sw-medewerkers (21% door WIL).
die aan het einde van hun WW -periode zijn gekomen, de laatste jaren
Dit
beeld
zien
we
(logischerwijs)
ook
bij
het
aantal
uitkeringsgerechtigden en het aantal sw-medewerkers die beide GR-
VHL
te
kunnen
i.o.
vier
doen pijlers
in
de
samenleving
benoemd:
moeten
de
samenleving, educatie,
een toename van het aantal bijstandsgerechtigden. De meerderheid
2.3. Koersdocument Sociaal Domein De gemeente VHL i.o. heeft ruim 50.000 inwoners woonachtig in 15 woonkernenwoonkernen. De meeste inwoners kunnen zelfstandig meedraaien in de samenleving maar dat geldt niet voor iedereen. VHL streeft naar vitaliteit in de samenleving en wil inwoners die dat nodig hebben ondersteunen om naar vermogen te late meedo en. De gemeente draagt er mede zorg voor dat de basisvoorzieningen beschikbaar zijn. samen met de gemeenschap verzorgt de gemeente het vangnet voor hen die dat om welke reden ook (tijdelijk) nodig hebben. Daarbij hanteert VHL i.o. een aantal uitgangspunten: inwoners uitdagen om mee te doen, zelfredzaamheid bevorderen, van buiten naar binnen, verbindend regisseren , dichtbij en maatwerk. Deze uitgangspunten vormen in VHL i.o. de norm voor de manier van werken en zijn onmisbaar om te komen tot resultaten op de
van de bijstandsgerechtigden heeft een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Vanwege de sluiting van de instroom in de sociale werkvoorziening en vermindering van de instroom mogelijkheden in de Wajong, zal de groep die valt onder de Participatiewet en instroomt in de bijstand in toenemende mate ondersteuning nodig hebben om de stap naar de reguliere arbeidsmarkt te kunnen zetten. Lokaal maatwerk zal hierbij belangrijk zijn, enerzijds om de juiste ondersteuning te bieden en anderzijds om gebruik te kunnen maken van de lokale sociale infrastructuur. Op basis van de algemene opinie van ambtelijke en bestuurlijke betrokkenen over WIL en AVRES binnen VHL i.o. is er geen sprake van een substantieel verschil in de kwaliteit van de dienstverlening tussen beide organisaties. Zowel WIL als AVRES kunnen de dienstverlening die VHL voor ogen heeft leveren. Beide GR -en
doelstellingen. VHL i.o. heeft vier hoofddoelstellingen geformuleerd:
|4
hebben in hun visies vergelijkbare ontwikkellijnen die voldoende
herindelingsadvies van VHL i.o. in de Tweede Kamer. De strekking
aansluiten bij het koersdocument Sociaal Domein VHL.
daarvan is het behoud van de centrumfunctie van Gorinchem en behoud van evenwichtige verhoudingen in de regio. De oproep van
2.4. Samenwerking arbeidsmarktregio
de
In de uitvoering van de Participatiewet neemt de arbeidsmarktregio een
belangrijke
rol
in,
werkgeversdienstverlening.
met
name
Waar
de
als
het
gaat
om
de
dienstverlening
aan
de
logischerwijs niet aan gemeentegrenzen en afstemming tussen gemeenten op dit gebied is dan ook gewenst. Het ligt voor de hand dat VHL i.o. zich aansluit bij de arbeidsmarktregio die zoveel mogelijk
Kamer
aan
de
minister
is
om
daar
met
een
oplossingsvoorstel voor te komen voor 1 januari 2019. Samenvattend: •
inwoners vooral lokaal maatwerk is, is de dienstverlening aan werkgevers veel meer regionaal gericht. Werkgevers houden zich
Tweede
Er is sprake van een relatie tussen de arbeidsmarktregio en de werkzaamheden van de regionale GR.
•
Het advies is om de relatie in stand te houden bij de keuze van dienstverlener. Het is belangrijk dat er duidelijkheid komt over een oplossing voor de positie van Gorinchem en behoud evenwichtige verhoudingen in de regio AV voor 1 januari 2019.
samenvalt met het werkgebied van de GR waar de keuze op valt, om zo goed gebruik te kunnen maken van het netwerk.
Economisch domein In het verlengde van de samenwerking binnen de arbeidsmarktregio
WIL WIL is onderdeel van de arbeidsmarktregio Mid den-Utrecht. Deze arbeidsmarktregio is groot en biedt economisch gezien veel kansen (werkgelegenheid, groeiregio). Het mogelijk uittreden van Vianen uit deze regio zal het voortbestaan of functioneren van die regio niet substantieel doen wijzigen. AVRES AVRES is onderdeel van de arbeidsmarktregio Gorinchem. Deze regio is veel kleiner dan Midden-Utrecht en ook minder economisch
is de samenwerking binnen het economisch domein relevant. De directe koppeling ligt uiteraard in het realiseren van werkgelegenheid voor de inwoners van VHL i.o.. De regio Utrecht is in die zin een belangrijke
regio
gelet
op
de
verwachte
groei
van
de
werkgelegenheid. Bij een keuze voor AVRES zal dit, vanwege aansluiting bij de regio Gorinchem, van VHL i.o. een extra inspanning vragen.
2.5. Impact uittreding op WIL, AVRES en VHL i.o.
krachtig. Indien Leerdam en Zederik uittreden zal, mede door ook het
Bij de voorliggende keuze gaat het feitelijk niet alleen om uittreding
vertrek van de gemeente Lingewaal, de arbeidsmarktregio mogelijk
maar ook om toetreding. Immers, als Vianen uittreedt uit WIL treedt
te klein worden om voort te kunnen bestaan. Vanwege die zorg is de
het, als onderdeel van VHL i.o., toe tot AVRES. En als Leerdam en
motie ‘Van der Molen’ ingebracht tijdens de behandeling van het
Zederik uittreden uit AVRES treden ze toe tot WIL. Met beide
|5
varianten dient door VHL i.o. rekening te worden gehouden
Naast de impact qua krimp en groei voor de betrokken GR-en
aangezien zij via de drie ‘oude’ gemeenten mede -eigenaar zijn van
wachten de deelnemende gemeenten in de GR-en uiteraard ook op
beide GR-en.
een keuze van VHL i.o. over de samenwerking. Vooral vanuit de gemeenten uit de regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden (AV) is die
In onderstaande tabel is aangegeven wat er qua omvang met de GR
behoefte urgent. Reden hiervoor zijn het recente uittreden van
gebeurt in krimp (uittreden) en groei (toetreden). Het percentage
Hardinxveld-Giessendam (2017) en het uittreden per 1 januari 2019
‘krimp’ voor de GR is gebaseerd op het huidige deelnamepercentage
van Lingewaal (herindeling naar gemeente West Betuwe).
van de gemeenten (zie ook 2.1). Het percentage ‘groei’ betreft een
hierna ook nog de gemeenten Leerdam en Leerdam uittreden, dan is
indicatie en is berekend op basis van de toename van het aantal
de kans op liquidatie van AVRES een niet uit te sluiten scenario.
uitkeringen (uitkeringsgerechtigden, zie 2.1) voor WIL en AVRES
Aangezien op dat moment de liquidatie kan worden ‘gekoppeld’ aan
door de toetreding van de gemeente(n) ten opzichte van het huidige
het verzoek tot uittreden door VHL i.o., kan dit betekenen dat ‘de
aantal uitkeringsgerechtigden. Dit geeft het volgende beeld:
rekening’ ook voor een aanzienlijk deel aan VHL i.o. wordt
Indien
toegeschreven. Voorgaande betreft een inschatting van / aanname Krimp
Groei
over de verwachte situatie, maar is een voorstelbaar risico waarmee
WIL
10,2%
20,3%
AVRES
27,3%
12,2%
rekening dient te worden gehouden.
In paragraaf 2.1 hebben we op basis van het huidige deelnamepercentage al geconcludeerd dat de impact van het uittreden van Vianen uit WIL duidelijk minder groot is dan de uittreding van Leerdam en Zederik uit AVRES. Daarnaast is op basis van het aantal uitkeringsgerechtigden van enerzijds de gemeente(n) en anderzijds de ontvangende organisatie eveneens duidelijk dat het ‘invlechten’ van Vianen in AVRES een toename betekent van 12,2% terwijl het aansluiten van Leerdam en Zederik bij WIL voor die organisatie een groei betekent van 20,3%.
|6
3. Financiële keuze
op dit moment in het proces een goed onderbouwde inschatting van de kosten van uittreding nog niet mogelijk is. Pas het op te stellen
In dit hoofdstuk geven we inzicht in een aantal indicatoren die het
uittredingsplan bepaalt namelijk de systematiek voor berekening van
meeste invloed hebben op de uiteindelijke kosten van uittreding uit
de financiële gevolgen van de uittreding
Wil of AVRES. Door de indicatoren voor beide GR-en met elkaar te
berekening van de financiële gevolgen hiervan.
vergelijken kan worden bepaald of de uittreding uit WIL of AVRES in financiële zin verschil in kosten (‘duurder of goedkoper’) met zich mee zal brengen. We beginnen met een korte toelichting op de soort kosten die van toepassing zijn bij uittreding.
en een voorlopige
De uittredingsregeling van AVRES benoemt in artikel 3 de te vergoeden kosten. Ons inziens geeft deze indeling duidelijkheid over de soort kosten van uittreding: •
De voorlopige respectievelijk definitieve uittreedsom bestaat uitsluitend uit een vergoeding ter compensatie van frictiekosten
3.1. Soort kosten
en desintegratiekosten, onder aftrek van eventuele baten ;
In de tekst van de gemeenschappelijke regeling wordt al in enige
•
de frictiekosten en desintegratiekosten worden berekend op
mate aandacht besteed aan de financiële voorwaarden voor
basis van de principes van goed koopmanschap en de principes
uittreding.
van accounting; •
WIL
maken door het openbaar lichaam die het directe gevolg is van
Deze GR spreekt van ‘financiële schade’ die door de uittreding aan de dienst (lees: de GR WIL) is toegebracht en dat die schade, inclusief
de
hierdoor
ontstane
wachtgeldregelingen ,
aan
de
uittredende gemeente in rekening wordt gebracht (artikel 39 lid 4). Tevens wordt gesteld (lid 5) dat de dienst en de uittredende gemeente gezamenlijk advies vragen aan een onafhankelijke externe deskundige voor het vaststellen van die schade.
•
onder desintegratiekosten wordt verstaan alle kosten direct dan wel toekomstig te maken dan wel te dragen door het openbaar lichaam die samenhangen met de afbouw van overcapaciteit in personele en materiële sfeer en andere verplichtingen, de afbouw van risico’s daarbij inbegrepen, ontstaan als direct
Voor wat betreft de frictiekosten (incidentele kosten; bijvoorbeeld
Op grond van artikel
40
lid 3
heeft
de
GR AVRES een
uittredingsregeling vastgesteld. Hierin is onder meer bepaald dat er uittredingsplan
de beslissing tot uittreding van een deelnemer ;
gevolg van de uittreding.
AVRES
een
onder frictiekosten wordt verstaan alle incidentele kosten te
wordt
opgesteld
(artikel
2)
door
een
organisatiekosten, extern advies, juridische zaken) zal er voor VHL i.o. ons inziens geen groot verschil zijn tussen uittreding uit WIL of AVRES. In beide gevallen heeft VHL i.o. hiermee te maken en dienen
onafhankelijke deskundige. Artikel 2 lid 2 bevestigt onze insteek dat
|7
soortgelijke adviezen te worden gevraagd en werkzaamheden te
€ 314.247. Aan de passiva zijde zien we dat WIL duidelijk minder
worden verricht.
lang- en kortlopende schulden heeft maar daarentegen ook niet over een eigen vermogen beschikt. De schuldpositie van AVRES is
3.2. Omvang organisatie
omvangrijker (voor wat betreft de langlopende schulden afgerond €
Een eerste algemene (‘overall’) indicator waarnaar gekeken kan worden is de omvang van de organisatie waarbij dit gekoppeld kan worden aan de impact van de uittreding (en toetreding). Hierna is de totale omvang van de organisatie weergegeven in omvang van de totale lasten, uitvoeringskosten en balans:
1,8 miljoen om € 280.000) maar AVRES heeft een eigen vermogen van afgerond € 4,1 miljoen (waarvan afgerond € 2,8 miljoen algemene reserve) terwijl WIL geen eigen vermogen heeft.
3.3. Personeel Bij uittreding is de mogelijke boventalligheid van personeel vaak de
2017 (*1.000)
WIL
AVRES
grootste kostenpost. De GR heeft immers personeel in dienst op basis van de uitvoering inclusief de uittredende gemeente(n) en moet
Totale omvang lasten
61.453
60.225
Totale uitvoeringskosten 2
315.445
15.607
6.685
14.944
na uittreding verder met dit deel van het personeel zonder de bijbehorende taak van de uittredende gemeente. Welke omvang deze kostenpost uiteindelijk heeft hangt af van de te maken afspraken.
Totale omvang balans
In de uitvoering ontlopen beide GR-en elkaar niet veel. De omvang van de totale lasten ligt bij WIL iets hoger dan bij AVRES en de uitvoeringskosten zijn nagenoeg gelijk.
Blijft bijvoorbeeld een deel van de dienstverlening achter (en daarmee werk voor het betreffende personeel) of kan personeel door de uittredende gemeente worden meegenomen naar de andere GR? In algemene zin kan gekeken worden naar de omvang van het personeelsbestand en de salariskosten. Hierbij wordt niet gekeken
De omvang van de balans verschilt wel duidelijk van elkaar. Aan de
naar het sw-personeelsbestand. De huidige gemeenten blijven in
activa zijde wordt dit vooral veroorzaakt door het verschil in materiële
VHL i.o. uiteraard verantwoordelijk voor de sw-medewerkers. En
vaste activa. Die bedragen bij AVRES € 5.825.000 en bij WIL slechts
aangezien de sw-medewerkers een baan- en loongarantie hebben en
2
Figuur 6.1 pagina 41 - Uitvoeringskosten (WIL) en pagina 26 - Programma 3 Bedrijfsvoering (AVRES). 3 Voor een goede vergelijking (Participatiewet inclusief uitvoering Wsw) zijn d eze kosten, op basis van de businesscase ‘uitvoering sw-taken door WIL’, inclusief € 1.151.000 (basisuitvoering) + € 847.500 (uitvoering stichtingen beschut en schoonmaak), zijnde de verwachte kosten per 1-1-2019 voor de uitvoering van de Wsw door WIL.
|8
de sw-subsidie ook vastligt (wordt bepaald door de rijksoverheid), is
Indicator
WIL
de omvang van het sw-bestand geen indicator die meegenomen moet Aantal fte
worden bij de keuze voor WIL of AVRES (de operationele kant van de uitvoering van de Wsw wordt op hoofdlijnen wel meegenomen en
4185,0 fte
Totale salariskosten
5€ 12.546.500
Geschatte krimp fte
15,8 fte
komt bijvoorbeeld terug in de uitvoeringskosten en ook in het reguliere / ambtelijke personeelsbestand van de ondersteuning). het
De ondersteunende organisatie van WIL beslaat 185,0 fte, inclusief
personeelsbestand inzichtelijk gemaakt, in fte en salarislasten.
inhuur. Op basis van het aantal uitkeringsgerechtigden bedraagt de
Vervolgens is inzichtelijk gemaakt hoeveel dit bestand krimpt op
daling bij uittreding van Vianen afgerond 10%. Bij een gelijke krimp
basis van de daling van het aantal uitkeringsgerechtigden. Ook hier
van het personeelsbestand betekent dit een daling van 18,5 fte.
is weer geen rekening gehouden met de daling van het aantal sw-
Uitgaande van de gemiddelde salariskosten van afgerond € 67.800
medewerkers. We gaan ervan uit dat het sociale aspect van de sw -
betekent dit dat bij uittreding van Vianen de GR WIL voor € 1,25
medewerkers in principe als vertrekpunt wordt genomen en in dat
miljoen aan jaarlijkse salariskosten geen dekking meer heeft.
Voor
beide
organisaties
is
hierna
de
omvang
van
geval is de uitkomst dat de dienstverlening rond de sw-medewerkers bij de betreffende GR in tact blijft (inkoopmodel, zie ook advies). Dit is niet alleen aan te bevelen voor de sw-doelgroep (die houden hun
AVRES De omvang van het personeelsbestand bij AVRES is als volgt uit:
werkplek) maar ook voor het beperken van de desintegratiekosten aangezien de betreffende GR in dat geval de dienstverlening in het
Indicator
AVRES
kader van de Wsw blijft uitvoeren.
Aantal fte
WIL
Totale salariskosten
€ 10.074.000
De omvang van het personeelsbestand bij WIL ziet er als volgt uit:
Geschatte krimp fte
42,7 fte
164,4 fte
De ondersteunende organisatie van AVRES beslaat 164,4 fte, inclusief inhuur. Op basis van het aantal uitkeringsgerechtigden
4
Inclusief 13,4 fte (basis uitvoering) + 13,7 fte (uitvoering stichtingen beschut en schoonmaak). Bron: businesscase ‘uitvoering sw-taken door WIL’, p.10.
Inclusief € 961.000 (basis uitvoering) + € 798.500 (uitvoering stichtingen beschut en schoonmaak). Bron: businesscase ‘uitvoering sw-taken door WIL’, p.60. 5
|9
bedraagt de daling bij uittreding van Leerdam en Zederik 26%. Bij
daling van het personeelsbestand met 42,7 fte betekent dit dat
een gelijke krimp van het personeelsbestand betekent dit een daling
uittreding van Leerdam en Zederik uit AVRES zorgt voor € 417.000
van 42,7 fte. Uitgaande van de gemiddelde salariskosten van
aan niet gedekte huisvestingslasten.
afgerond € 61.000 betekent dit dat bij uittreding van Leerdam en Zederik de GR AVRES voor € 2,6 miljoen aan jaarlijkse salariskosten
Naast het wegvallen van dekking voor de huisvestingslasten is de
geen dekking meer heeft.
‘waarde’ van de vastgoedportefeuille vaak een element waar bij uittreding naar wordt gekeken (mogelijke bate). Het gaat dan om de
3.4. Huisvesting
potentiële waarde aangezien veelal geen vastgoed hoeft te worden verkocht. De ‘waarde’ kan worden bepaald door te kijken naar
De personeelskosten zijn normaal gesproken de grootste kostenpost (desintegratie) bij een uittreding. In het verlengde hiervan kan uittreding ook de nodige impact hebben op ( de dekking van) de
enerzijds de boekwaarde en anderzijds de taxatiewaarde (de verwachte verkoopwaarde). Voor WIL en AVRES geeft dit het volgende beeld (bedragen zijn afgerond):
huisvestingskosten. Interessant is daarom om te kijken naar de huidige huisvestingslasten van beide organisaties en dit af te zetten
WIL
tegen de (geschatte) afname van het personeelsbestand. WIL De totale huisvestingslasten van WIL bedragen afgerond € 635.000 6. Per fte is dit € 3.432. Deze huisvestingslasten zijn gebaseerd op het
AVRES
Boekwaarde panden
n.v.t.
€ 2.529.000
Taxatiewaarde panden
n.v.t.
€ 7.985.000
Potentiële waarde
n.v.t.
€ 5.456.000
huidige personeelsbestand. Uitgaande van een daling van het personeelsbestand met 18,5 fte betekent dit dat uittreding van Vianen
WIL beschikt niet over panden in eigendom. Dit is waarschijnlijk ook
uit WIL zorgt voor € 63.492 aan niet gedekte huisvestingslasten.
de voornaamste reden dat de huisvestingslasten bij WIL beduidend lager liggen (eigendom zorgt ook voor kosten in onderhoud e.d.). De
AVRES
waarde van de panden van AVRES is beduidend hoger dan waarvoor
De totale huisvestingslasten van AVRES bedragen afgerond € 1,6
de panden op de balans staan. Bij een eventuele verkoop tegen
miljoen. Per fte is dit afgerond € 9.800. Deze huisvestingslasten zijn
taxatiewaarde
betekent dit een
potentiële
‘boekwinst’
van €
gebaseerd op het huidige personeelsbestand. Uitgaande van een Dit is inclusief € 32.000 vanwege uitvoering Wsw per 1-1-2019 (exclusief uitvoering stichtingen beschut en schoonmaak). Bron: businesscase ‘uitvoering sw-taken door WIL’, p.62. 6
| 10
5.456.000. Bij uittreding uit AVRES dient dit te worden meegenomen in het bepalen van de totale lasten en baten.
3.5. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan of een organisatie in staat is om op korte en lange termijn aan haar betalings- en aflossingsverplichtingen te voldoen. De solvabiliteit wordt vaak berekend om in te kunnen schatten of een organisatie in staat is om bij opheffing (liquidatie) al haar schulden te betalen. Er zijn verschillende manieren om de solvabiliteitsratio te berekenen. Wij kiezen voor de formule eigen vermogen / totale activa * 100. WIL WIL heeft geen eigen vermogen. De totale activa bedragen € 4.833.822. Vanwege het ontbreken van een eigen vermogen bedraagt de solvabiliteitsratio 0%. AVRES Het eigen vermogen van AVRES bedraagt € 4.176.000. De totale activa bedragen € 14.944.000. Dit geeft een solvabiliteitsratio van 27,9%. Met andere woorden: 27,9% van het vermogen is eigen vermogen.
| 11
4. Conclusie en advies
•
Door te kiezen voor AVRES blijft de dienstverlening voor verreweg de meeste inwoners van VHL ongewijzigd.
4.1. Conclusie
Een ander bestuurlijk argument betreft de samenwerking met
De keuze voor het uittreden uit WIL of AVRES kan niet worden
partners. Het gaat dan in eerste instantie om de samenwerkende
gemaakt door het oplossen van een rekensom. Het gaat om het
gemeenten in de beide GR-en. Die samenwerking is in beide GR-en
wegen van verschillende bestuurlijke en financiële argumenten.
naar behoren. Wel is er een duidelijk verschil in de mate waarin de VHL i.o. bijdraagt in WIL en AVRES. Uittreden uit WIL betekent een
Bestuurlijk gezien behoren de inwoners het vertrekpunt te zijn voor
krimp van 10,2% van deze GR en uittreden uit AVRES staat gelijk
het maken van een keuze. Als gemeente ben je er immers voor de
aan een krimp van 27,3% voor deze GR. Daarnaast is het ‘invlechten’
inwoners. Zeker de inwoners die vallen onder de Participatiewet. Zij
van Vianen in AVRES verhoudingsgewijs een ‘kleinere’ opgave voor
hebben vaak net een steuntje in de rug van de gemeente nodig om
AVRES dan het ‘invlechten’ van Leerdam en Zederik in WIL (12,2%
een volgende stap te kunnen zetten in meer zelfstandigheid.
om 20,3% groei).
De eerste vraag die dan gesteld moet worden is of er tussen WIL en
Bijkomend risico bij uittreden uit AVRES is het mogelijk liquideren
AVRES een verschil is in de kwaliteit van dienstverlening. Dit is lastig
van de GR AVRES. Recent is namelijk al Hardinxveld-Giessendam
‘in cijfers’ te vervatten, de algemene opinie bij de huidige gemeenten
uitgetreden en binnenkort volgt ook Lingewaal vanwege een
is dat er geen substantieel verschil in kwaliteit is. Daarbij kunnen
gemeentelijke herindeling. Bij een vertrek van Leerdam en Zederik is
zowel WIL als AVRES de dienstverlening die VHL i.o. voor ogen heeft
de kans reëel dat dit tot liquidatie van de GR leidt. Liquidatie is
leveren.
vergelijkbare
logischerwijs altijd duurder dan uittreden. En doordat het eventueel
ontwikkellijnen die voldoende aansluiten bij het koersdocument
uittreden van Leerdam en Zederik op dat moment de directe
Sociaal Domein VHL.
aanleiding vormt om tot liquidatie over te gaan, zal dit de ‘rekening’
Beide
GR-en
hebben
in
hun
visies
die VHL i.o. dan krijgt niet positief beïnvloeden. Naast de grotere Kwantitatief kunnen we wel kijken naar het aantal inwoners dat wordt bediend door enerzijds WIL en AVRES. De conclusie is dat de meeste inwoners van de nieuwe gemeente VHL worden bediend door AVRES. Het verschil is daarbij duidelijk: 563 uitkeringsgerechtigden
financiële risico’s die gepaard gaan met liquidatie is de impact op de inwoners maar vooral de betrokken medewerkers - zowel het ondersteunende personeel als de sw-medewerkers - uiteraard ook groot.
en 112 sw-medewerkers bij AVRES en 265 uitkeringsgerechtigden en 30 sw-medewerkers bij WIL.
•
De impact van uittreden van Vianen op WIL is beduidend kleiner dan de impact van uittreden van Leerdam en Zederik op AVRES. | 12
•
Niet kan worden uitgesloten dat uittreden van Leerdam en
in beeld gebracht. Op basis van deze beschrijving is de conclusie dat
Zederik de aanleiding vormt voor de achterblijvende gemeenten
er - op voorhand - geen groot verschil zit tussen de huidige financiële
AVRES op te heffen. Dit geeft grote financiële risico’s en een
situatie van enerzijds WIL en anderzijds AVRES. AVRES is op basis
liquidatie zal veel impact hebben op met name betrokken
van de balans in omvang een grotere organisatie en beschikt, in
ondersteunend personeel en sw-medewerkers.
tegenstelling tot WIL, over eigen panden (met een potentiële boekwinst) en een eigen vermogen. Qua personeel zijn er geen grote
Bij de keuze voor AVRES zal aansluiting worden gezocht bij de
verschillen, de huisvesting bij WIL is goedkoper.
arbeidsmarktregio Gorinchem, terwijl de nieuwe gemeente VHL in economische zin ook graag de vruchten plukt van de ontwikkeling
Als we in algemene zin de financiële situatie bekijken dan zal met
van en in de regio Utrecht. Vooral qua werkgelegenheid is dit een
name de mate van impact van het uittreden van de gemeente op de
belangrijke regio en blijven ook de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht
GR bepalend zijn voor de hoogte van de uittredingsrekening. En die
en de hierin deelnemende gemeenten een belangrijke partner. De
impact is bij het uittreden van Leerdam en Zederik uit AVRES
gemeente VHL i.o. zal, bij een formele positie in de arbeidsmarktregio
duidelijk groter dan bij het uittreden van Vianen uit WIL. Uittreden
Gorinchem, zelf het initiatief moeten nemen in het tot stand brengen
van Leerdam en Zederik bij AVRES zorgt voor een krimp van 27,3%,
van een goede samenwerking.
terwijl uittreden van Vianen uit WIL een daling van 10,2% voor WIL betekent. Tevens is de ‘invlechting’ bij WIL een grotere opgave indien
•
Bij de keuze voor AVRES, en daarmee voor de arbeidsmarktregio
wordt uitgetreden bij AVRES (WIL ‘groeit’ dan 20,3%, AVRES ‘groeit’
Gorinchem, zal VHL i.o. een extra inspanning moeten doen om
met 12,2%). Hiermee kan worden geconcludeerd dat uittreden uit
de samenwerking in de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht goed
AVRES naar verwachting duurder zal uitpakken dan uittreden uit WIL.
tot stand te brengen. •
Het uittreden van Vianen uit WIL zal naar verwachting minder
Naast bestuurlijke argumenten kunnen er financiële argumenten zijn
kosten met zich mee brengen dan het uittreden van Leerdam en
om te kiezen voor één van beide GR-en. Zoals aan het begin van
Zederik uit AVRES.
deze notitie al aangegeven, is het op dit moment van het proces niet mogelijk de kosten bij uittreding (of liquidatie) te berekenen of goed
Voorgaande conclusie richt zich op het scenario van uittreden. Zoals
onderbouwd in te schatten. De daadwerkelijke kosten hangen
hiervoor aangegeven dient in het geval van uittreden bij AVRES
namelijk grotendeels af van de keuzes die in de onderhandelingen
rekening te worden gehouden met het scenario van liquidatie. Een
tussen de betrokken partijen (bestuur GR en uittredende gemeente)
liquidatie brengt logischerwijs veel meer kosten met zich mee
worden gemaakt. Daarom hebben we een aantal indicatoren, die
aangezien sprake is van volledige afbouw en daarnaast is iedere
grotendeels bepalend zijn voor de uiteindelijke kosten, bij beide GR -
partij - en niet alleen de uittredende partij - ook individueel betrokken | 13
aangezien de uitvoering opnieuw dient te worden ingericht. Dit heeft voor alle betrokkenen een stuwend effect op de frictie- en
Op grond van deze conclusie is het advies aan VHL i.o. om de
desintegratiekosten. Uiteraard betreft het liquidatie-scenario van
gemeente Vianen uit te laten treden uit WIL en als gemeente
AVRES een inschatting, maar is dit wel een voorstelbaar risico.
VHL samen te gaan werken met AVRES.
4.2. Advies Vooruitlopend op deze beslissing is ons advies daarnaast om de In paragraaf 4.1 zijn de volgende conclusies getrokken: •
door te kiezen voor AVRES blijft de dienstverlening voor verreweg de meeste inwoners van VHL i.o. ongewijzigd;
•
de impact van uittreden van Vianen op WIL is beduidend kleiner dan de impact van uittreden van Leerdam en Zederik op AVRES;
•
niet kan worden uitgesloten dat uittreden van Leerdam en Zederik de aanleiding vormt voor de achterblijvende gemeenten om AVRES op te heffen; dit geeft grote financiële risico’s en liquidatie
uittreding van Vianen uit WIL geen gevolgen te laten hebben voor de betrokken sw-medewerkers. Vanuit sociaal oogpunt is het aan te bevelen dat de sw-medewerkers hun werkplek kunnen behouden. Dit betekent dat VHL een dienstverleningsovereenkomst met WIL dient te sluiten. Indien hiervoor wordt gekozen, vermind ert dit eveneens de impact van de uittreding voor WIL. Immers, de dienstverlening aan de sw-medewerkers blijft dan voor WIL ongewijzigd waardoor op dat punt geen of nauwelijks sprake is van desintegratiekosten.
zal veel impact hebben op met name betrokken ondersteunend •
•
personeel en sw-medewerkers;
Tenslotte adviseren wij de recente ervaringen rond de uittreding van
bij de keuze voor AVRES, en daarmee voor de arbeidsmarktregio
Hardinxveld-Giessendam uit AVRES te betrekken bij het inrichten
Gorinchem, zal VHL i.o. een extra inspanning moeten doen om
van het proces tussen VHL en WIL over de voorgenomen uittreding
de samenwerking in de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht goed
van Vianen. De in dit afgeronde traject toegepaste uitgangspunten,
tot stand te brengen;
waarbij ook de provincie een rol heeft gespeeld (beslissing op
het uittreden van Vianen uit WIL zal naar verwachting minder
beroep), kunnen het vertrekpunt vormen voor de te voeren
kosten met zich mee brengen dan het uittreden van Leerdam en
onderhandelen.
Zederik uit AVRES.
| 14