Bijlage 7 Quickscan flora en fauna
Tekst van het document
Quickscan Wet natuurbescherming Broekseweg 6 te Meerkerk Gemeente Vijfheerenlanden
Wet natuurbescherming Interim Omgevingsverordening – Provincie Utrecht
Veldbiologische Werken Ecologisch onderzoek en advies VBW t 2023-51 r
Colofon Opdrachtgever
Hartog Bouwservice BV T.a.v. de heer Sander de Jong Zouvendijk 107 4231 CC MEERKERK
Locatieonderzoek
N. Roozen
Datum uitvoering veldonderzoek
14 september 2023
Rapportage
J.C. Knotters
Status rapportage
Versie 0.0
Datum rapportage
22 september 2023
Rapportnummer
VBW t 2023-51 r
Aantal pagina’s
44 (inclusief bijlagen)
Foto’s/Afbeeldingen
N. Roozen
2de Lezing
M. Knotters
Rapportage citeren
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING INTERIM OMGEVINGSVERORDENING – PROVINCIE UTRECHT BROEKSEWEG 6 TE MEERKERK RAPPORT VBW T 2023-51 R - VELDBIOLOGISCHE WERKEN VOF
Administratieve bedrijfsinformatie Veldbiologische Werken vof Contactpersoon Adres Mobiel: Email: http:
Coen Knotters (ing. J.C. Knotters) Nieuwe Markt 65c, 4701 AD Roosendaal 06-20431422 info@veldbiologischewerken.eu www.veldbiologischewerken.eu
BTW-nummer: KVK-nummer:
NL84188812 NL863126182B01
Veldbiologische Werken vof is een ecologisch onderzoeks- en adviesbureau dat werkt conform de werkwijzen welke voorgeschreven worden in Kennisdocumenten, Soortenprotocollen en onderzoeksrichtlijnen Netwerk Groene Bureaus. Veldbiologische Werken vof werkt objectief en consequent, is natuurlijk praktisch en pragmatisch met oog voor communicatie en educatie ten behoeve van bescherming, behoud, beheer en ontwikkeling van onze levende natuur. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee dit rapport is samengesteld, zijn Veldbiologische Werken vof. en de auteurs niet aansprakelijk voor eventuele fouten of onvolkomenheden en eventueel daaruit voortvloeiende schade.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
2 van 44
Inhoudsopgave 1
2
Inleiding
4
1.1 1.2 1.3
4 4 5
Aanleiding Quickscan Wet natuurbescherming Voorgenomen ingreep plangebied Doel Quickscan Wet natuurbescherming
Wettelijk kader 2.1 2.2 2.3
6
Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht Natuurnetwerk Soortenbescherming
6 6 6
3
Methoden van onderzoek / Werkwijze
8
4
Omschrijving plangebied
9
5
Resultaten Quickscan / Toetsing aan wet en regelgeving
17
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9
Vaatplanten Zoogdieren Vogels Reptielen Vissen en Amfibieën Libellen en dagvlinders Overige ongewervelden Gebiedsbescherming Houtopstanden
18 19 24 26 26 28 28 29 30
6
Conclusies en aanbevelingen
31
7
Literatuur en bronnen
33
7.1 7.2
Literatuur Bronnen
33 34
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5
– Wettelijk kader Weerrapport – NDFF-gegevens beschermde soorten plangebied – Lijst van nationaal beschermde soorten – Lijst van soorten die op bijlage IV van de habitatrichtlijn, bijlage II van Bern en/of bijlage I van Bonn staan Bijlage 6 – Overzicht soorten vogelrichtlijn
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
3 van 44
1
Inleiding
Deze Quickscan is uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. 1.1
Aanleiding Quickscan Wet natuurbescherming
Op 12 september 2023 heeft Veldbiologische Werken VOF opdracht ontvangen van de heer Sander de Jong, Hartog Bouwservice BV voor het uitvoeren van een Quickscan Wet natuurbescherming ten behoeve van de planlocatie Broekseweg 6 te Meerkerk oftewel perceel MKK00-D-574 en 575 twee percelen met containers. De initiatiefnemer is voornemens tot woningbouw over te gaan. Binnen de percelen worden twee woningen ontwikkeld. Door middel van deze Quickscan wordt inzichtelijk gemaakt of beschermde soorten gebruik maken van het plangebied en of de geplande ingrepen wet overtredend zijn ten aanzien van de Wet natuurbescherming. Met deze Quickscan wordt ook een advies gegeven ten aanzien van ecologisch waardevolle componenten in het plangebied en mogelijkheden om deze te consolideren en te versterken.
Kaart 1: Plangebied (vernieuwde situatie). Bron: Buro Kouls.
1.2
Voorgenomen ingrepen plangebied
Slopen van de schuur, verwijderen zeecontainers, dempen sloot, bouwrijp maken van de grond, aanleggen nieuwe sloot en ontwikkelen van 2 vrijstaande woningen. De voorgenomen ingrepen in het plangebied betreffen puntsgewijs de volgende: 1. 2. 3.
Containers verwijderen, Slopen schuurtje, Knotwilg kappen,
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
4 van 44
4. 5. 6. 7. 8. 9. 1.3
Bouwrijp maken vrijgekomen ruimte (o.a. aanleg ondergrondse infrastructuur van kabels en leidingen), De achter het plangebied aanwezige sloot dempen En aanleggen nieuwe sloot, Twee woningen ontwikkelen, Realiseren nieuwe woningen, Afwerking terrein met aanleg nieuwe groenbeplanting, verharding en verlichting. Doel Quickscan Wet Natuurbescherming
Voor activiteiten, zoals de initiatiefnemers van het plangebied voornemens zijn, dient conform Nationale en Europese wet- en regelgeving eerst onderzoek gedaan te worden naar (potentiële) aanwezigheid van beschermde plant- en diersoorten of beschermde gebieden die mogelijk negatief beïnvloed worden door de voorgenomen plannen. Deze Quickscan Wet natuurbescherming geeft hier uitsluitsel over. De Quickscan bestaat uit een bronneninventarisatie en locatieonderzoek naar aanwezigheid of potentiële aanwezigheid van beschermde plant- en diersoorten. Voor de volledigheid wordt de Interim Omgevingsverordening Utrecht getoetst. Indien beschermde plant- en diersoorten aanwezig zijn, of in potentie aanwezig kan zijn, is nader onderzoek nodig naar mogelijk negatieve effecten van de voorgenomen activiteiten op deze soorten (verstorings-/verslechteringstoets). Tevens wordt dan onderzocht of de voorgenomen activiteiten mogelijke overtreding van de Wet natuurbescherming en/of Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht inhouden. Ook wordt onderzocht welke mitigerende en/of compenserende maatregelen nodig zijn om conform wet en regelgeven het project doorgang te laten vinden. De Quickscan kan tevens aanleiding zijn voor aanvullend onderzoek naar (functioneel gebruik door) beschermde soorten.
Ook wordt nagegaan of er negatieve effecten op nabijgelegen beschermde gebieden zijn dan wel dat nadere toetsing in dit kader nodig is.
Kaart 2: Kadastrale kaart. Plangebied (Blauw gearceerd). Percelen: MKK00D-574, MKK00-D-575.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
5 van 44
2
Wettelijk kader
2.1
Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht
Rolverdeling Provincies en Rijk: Sinds 1 januari 2017 bepalen de Provincies voor hun gebied wat wel en niet mag in de natuur. Hiernaast zorgen Provincies ook voor de vergunningen en ontheffingen. De Rijksoverheid blijft verantwoordelijk voor het beleid van grote wateren en internationaal beleid. Provincie Utrecht kent (evenals andere provincies) gedelegeerde taken en bevoegdheden op het gebied van natuurbescherming. Op grond van de Wet natuurbescherming zijn taken en bevoegdheden gedecentraliseerd aan provincies. In de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht staan alle regels voor natuurbescherming in Provincie Utrecht. Deze regels gelden zowel voor Natura 2000-gebieden als voor in het wild levende dieren (beschermde soorten) en bossen of andere houtopstanden. 2.2
Natuurnetwerk
Voor de Provincie Utrecht geldt de Groene Contour en is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Hierdoor kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen tussen verschillende natuurgebieden. Zo wordt de biodiversiteit (het totaal aan planten en dieren) bevorderd. Ter realisatie van ecologische verbindingen zijn planologisch beschermde gebieden aangewezen en vervat in het Natuurnetwerk Nederland – NNN (voorheen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Dit Natuurnetwerk Nederland bestaat uit een netwerk van natuurgebieden en met ecologische verbindingszones. Dit netwerk van verbindingszones mag niet door een ingreep worden aangetast. Effecten van een geplande ingreep of activiteit binnen het Natuurnetwerk Nederland moeten worden getoetst. Ten aanzien van invulling van het Natuurnetwerk Nederland is de Provincie Utrecht waarin het plangebied valt het bevoegd gezag. 2.3
Soortenbescherming
In de Wet natuurbescherming staan verbodsbepalingen. Zo zijn activiteiten die schadelijk zijn voor beschermde dier- en plantsoorten verboden. Ten opzichte van de voormalige Flora- en faunawet is dus nauwelijks sprake van een wijziging in verboden activiteiten. Wel zijn enkele definities uit de Flora- en faunawet aangepast. Zo is ‘onopzettelijk verstoren’ niet meer strafbaar en is ‘opzettelijk verstoren van vogels’ in bepaalde situaties toegestaan. Op provinciaal niveau zijn een aantal soorten vrijgesteld van de wettelijke bepalingen. In onderstaande tabel staan deze vrijgestelde soorten aangegeven. Let wel! Verstoren zonder voorafgaand goed onderzoek naar beschermde soorten, blijft strafbaar!
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
6 van 44
In bijlage 1 vindt u een uitgebreide uitleg over de Wet natuurbescherming.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
7 van 44
3
Methoden van onderzoek / Werkwijze
Op 14 september 2023 jl. is het plangebied door de heer N. Roozen van Veldbiologische Werken VOF onderzocht. Weercondities waren gunstig (weerrapport zie Bijlage 2). Op deze data is het plangebied en het omliggende terrein te voet onderzocht in het kader van deze Quickscan. De volgende materialen (standaard aanwezig bij uitvoeren veldonderzoek Quickscan Wet natuurbescherming / te gebruiken indien wenselijk) en methoden van onderzoek/werkwijzen zijn gebruikt: -
-
-
-
Inventarisatie te velde van de in het plangebied voorkomende ruimtelijke structuren en ecotopen met behulp van: o verrekijker; o zaklamp; o endoscoop/holtecamera; o spiegelstok (voor zicht in/achter holtes); o fotocamera; o verzamelpotjes (voor samples ter nadere determinatie van faeces o.a. muizen/vleermuizen); o bat-detector (Petterson D400 hetrodyne met time expansion). Samples/laboratorium determinaties: o Determinaties faeces (o.a. muizen/vleermuizen) uit samples m.b.v. Euromex binoculair. Literatuuronderzoek/bronnenonderzoek: o Check van (recente) waarnemingen van beschermde flora en fauna in de omgeving van het plangebied; o Check van (recente) waarnemingen vermeld in verspreidingsatlassen; o Check van (recente) waarnemingen op websites. Onderzoek ligging plangebied ten opzichte van nabijgelegen beschermde gebieden, zoals Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur). Het plangebied is getoetst aan de Interim Omgevingsverordening van de Provincie Utrecht. Naar aanleiding van de inventarisatie te velde en het literatuur/bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van het (mogelijke) voorkomen van beschermde flora en fauna en de (mogelijke) functies voor deze in het plangebied.
Op basis van deze voorgenomen ingreep is een inschatting gemaakt van de (redelijkerwijs) te verwachten negatieve effecten op de (potentieel) aanwezige beschermde soorten en functies. Mogelijke negatieve effecten zijn getoetst aan de Wet natuurbescherming. Vaststellen leemtes/onduidelijkheden. Hiermee is bepaald of negatieve effecten op beschermde gebieden op voorhand zijn uit te sluiten of dat nog een aanvullende toetsing noodzakelijk is.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
8 van 44
4
Omschrijving plangebied
Omschrijving plangebied Broekseweg 6 te Meerkerk Kaart 2 toont een globaal overzicht van de Gemeente Vijfheerenlanden en de ligging van het plangebied Broekseweg 6. De Gemeente Vijfheerenlanden behoort sinds 1 januari 2019 bij de Provincie Utrecht. Kaart 3 toont een meer gedetailleerd beeld van de ligging en opbouw van het
Locatie plangebied
Kaart 2: Locatie plangebied Broekseweg 6 te Meerkerk in het streekgebied.
Kaart 3: Ligging en opbouw plangebied Broekseweg 6 te Meerkerk.
plangebied Broekseweg 6 te Meerkerk. Kenmerken Kaart 2 toont de ligging van het plangebied binnen de Gemeente Vijfheerenlanden. De Vijfheerenlanden zijn onderdeel van de regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden en maken onderdeel uit van de Hollandse veenweidegebieden met duidelijke kenmerken van rivierenland. Het gebiedsprofiel opgesteld door de Provincie Utrecht deelt de regio in driedelen Alblasserwaard in het Westen, Vijfheerenlanden in het oosten en de stedenband in het zuiden. Ten noorden van de stedenband ligt met de Rijksweg A15 en de Betuwelijn een harde grens die maar op een paar plaatsen de passeren is. Zo ook nabij het plangebied dat maar op een paar plaatsen verbonden is met de plaats Meerkerk. Meerkerk ligt aan de oostzijde van de Rijksweg A27 en het plangebied ligt aan de westzijde van de A27. Op enkele plaatsen is de A27 passeerbaar door fauna, bijvoorbeeld door een fietstunnel of een viaduct en vormt een verbinding Broeksweg richting Meerkerk. Een van de belangrijkste ambities voor het gebiedsprofiel welke van toepassing is op de gebieden rond het plangebied en plangebied is het zoveel als mogelijk veiligstellen en waar mogelijk versterken van het lommerrijke karakter van de Vijfheerenlanden als contrast met de Alblasserwaard. Nabij aanwezige Natura-2000 gebied en Natuurnetwerk Nederland ligt ten oosten van de A27.
Op een geschatte afstand van het plangebied van ong. 1.000 meter ligt er een verbinding met het gebied ten westen van de A27 door een tunnel. Er liggen tussen de oost- en westzijde van de A27 ter hoogte van het plangebied geen faunapassages. Het plangebied (Kaart 3 rood omlijnd en rood gearceerd) ligt omringd door woningen in voornamelijk agrarisch grasland doortrokken met ondiepe sloten. Het plangebied wordt aan de noordoostzijde begrensd door een en ondiepe, troebele sloot. Het plangebied bestaat uit braakliggende landbouwgrond met een kleine schuur welke rondom is ingebouwd door zeecontainers. Weergegeven in verhoudingen is het perceel voor ongeveer 60% bebouwd (schuur 20% + zeecontainers 40%), voor 25% uit grasland/groen/hagen en 15% bestaat uit sloot + oever. De oude schuur wordt
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
9 van 44
verhuurd aan een aannemer. In de schuur staan bouwmaterialen en gereedschappen opgeslagen. Buiten liggen allerlei materialen zoals dakpannen, hout en stenen (foto’s 37 en 43) in opslag. De kavel van het plangebied is 35m lang en 15m breed. Het perceel bestaat in de huidige staat al geruime tijd, alles is verouderd. Voorheen vond er ijzerindustrie plaats in de schuur, de bodem is mogelijk daarom vervuild. Onderstaande foto’s geven een impressie van het plangebied.
Foto 1
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Foto 2
Foto 3
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
10 van 44
©
Foto 4
Foto 5
Foto 6
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Foto 11
Foto 12
Foto 13
Foto 14
Foto 15
Foto 16
Foto 17
Foto 18
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
11 van 44
©
Foto 19
Foto 20
Foto 21
Foto 22
Foto 23
Foto 24
Foto 25
Foto 26
Foto 27
Foto 28
Foto 29
Foto 30
Foto 31
Foto 32
Foto 33
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
12 van 44
©
Foto 34
Foto 35
Foto 36
Foto 37
Foto 38
Foto 39
Foto 40
Foto 41
Foto 42
Foto 43
Foto 44
Foto 45
Foto 46
Foto 47
Foto 48
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
13 van 44
©
Foto 49
Foto 50
Foto 51
Foto 52
Foto 53
Foto 54
Foto 55
Foto 56
Foto 57
Foto 58
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
14 van 44
Beschermde natuur omgeving plangebied Natura 2000-gebieden zijn in de nabije omgeving van het plangebied aanwezig. De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn: • • • •
Zouweboezem (afstand ca. 560 m. ten oosten plangebied) Uiterwaarden Lek (afstand ca. 3,9 km. ten noorden plangebied) Lingegebied & Diefdijk-Zuid (afstand ca. 7,2 km. ten zuiden plangebied) Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (afstand ca. 11,7 km. ten zuiden plangebied)
3,9 km
Plangebied 560 m
7,2 km
11,7 km
Kaart 4: Ligging Natura 2000-gebieden ten opzichte van het plangebied (nabij aanwezig).
Op onderstaande kaart (Kaart 5) staat het plangebied aangegeven in relatie tot gebieden die zijn aangewezen als Natuur Netwerk Nederland. Het plangebied ligt nabij gebieden die zijn aangewezen als Groene Contour, , of anderszins aangewezen beschermde natuurgebieden in de Provincie Utrecht. Het plangebied ligt op ca. 335 m. ten westen van Natuur Netwerk Nederland.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
15 van 44
A27
Plangebied
Kaart 5: Ligging plangebied ( ) in relatie tot gebieden die zijn aangewezen als Natuur Netwerk Nederland. (ca. 335 m nabij aanwezig met als harde scheiding de A27).
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
16 van 44
5
Resultaten Quickscan / Toetsing aan wet en regelgeving
Aangezien de voorgenomen ingreep valt onder de categorie ruimtelijke ordening wordt hier voor beschermde soorten uit Wet Natuurbescherming een nadere beoordeling gemaakt. Op basis van de aanwezige ecotopen, het onderzoek te velde en het literatuur- en bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van (mogelijk) in het plangebied voorkomende beschermde soorten. Uitgaande van de bevindingen van het veldonderzoek, het literatuur- en bronnenonderzoek en de te verwachten effecten van de ingreep is een toetsing aan de Wet natuurbescherming en de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht uitgevoerd. Deze toetsing geeft aan welke (mogelijke) negatieve effecten te verwachten zijn voor beschermde soorten. De toetsing geeft ook aan of aanvullende onderzoeken wenselijk zijn. Tevens geeft de toetsing aan of een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming dan wel Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht vereist is. De toetsing richt zich ook op het uitsluiten van negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden (Wet natuurbescherming). Of, indien negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden niet zijn uit te sluiten, het wenselijk is hiernaar nader onderzoek te doen.
Kaart 6a: Fauna aandachtsoorten totaal. (bron: Atlas Provincie Utrecht)
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
17 van 44
5.1
Vaatplanten
Brononderzoek Uit verspreidings-gegevens (verspreidingsatlassen) en andere externe bronnen zijn geen aanwijzingen dat ‘beschermde’ vaatplanten in de nabijheid van het plangebied voorkomt. Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat op een afstand van 0-1 km van het plangebied is Dreps (Bromus secalinus) waargenomen. Op grotere afstand (1-5 km) is Klein glaskruid waargenomen, deze soort is sterk gebonden aan oude (stads)muren of kademuren.
Kaart 6b: Vaatplanten (RL) aandachtsoorten totaal. Vaatplanten (AS) geen waarnemingen. (bron: Atlas Provincie Utrecht)
Veldonderzoek Er zijn binnen en nabij het plangebied géén beschermde vaatplanten aangetroffen. Evenmin zijn er soorten aangetroffen die een Rode Lijst status hebben of die onder de voormalige Flora- en Faunawet een beschermde status hadden (nu Zorgplicht). Het plangebied biedt geen kenmerkende groeiplaatsen voor deze soorten. De inrichting van het plangebied en het (recente) gebruik geven aan dat er redelijkerwijs geen beschermde vaatplanten verwacht kunnen worden. Exoten Binnen het plangebied is wel Aziatische duizendknoop waargenomen (Foto 2). Deze soort staat vermeld op de Unielijst en is op advies van het Platform Invasieve Exoten opgenomen in het Uitvoeringsprogramma Invasieve Exoten, Utrecht, 2022-2026. Handhaving Aziatische duizendknopen De Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Utrecht handhaaft op de bepalingen in de Interim omgevingsverordening provincie Utrecht; zijnde het verbod om planten of delen van planten die behoren tot Aziatische duizendknoopsoorten, door maaien, grondverzet of anderszins te verspreiden en daarbij de zorgplicht om dit te voorkomen. Bron: Uitvoeringsprogramma Invasieve Exoten, Utrecht, 2022-2026.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
18 van 44
Plangebied
Beschermde vaatplanten Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht voor vaatplanten veroorzaken. Wel dient ten aanzien van Aziatische duizendknoop de Zorgplicht te worden toegepast (zie kader pagina 18).
•
5.2
Zoogdieren
(Spits)Muizen Brononderzoek Uit literatuur- en bronnenonderzoek is gebleken dat er in een straal van 0-1 km van het plangebied: geen (Spits)Muizen zijn waargenomen. Binnen een afstand van 1-5 km van het plangebied zijn waarnemingen van Bosmuis, Dwergmuis, Veldmuis en Woelrat. Dit zijn vrijgestelde soorten binnen de Provincie Utrecht voor projecten Ruimtelijke Ordening en bestendig beheer en onderhoud. Waarbij voor Bosmuis, Huisspitsmuis en Veldmuis ook vrijstelling geldt bij aanwezigheid op erven. Waterspitsmuis heeft leefgebied in Natura2000 gebied Zouweboezem, dit leefgebied ligt op een geschatte afstand van 1 km van het plangebied. [CITAAT] De waterspitsmuis komt voor in en langs schoon, niet te voedselrijk, vrij snel stromend tot stilstaand water met een behoorlijk ontwikkelde watervegetatie en ruig begroeide oevers. Hij komt voor bij beken, rivieren, sloten, plassen en daar waar grondwater opwelt. Ook wordt hij veelvuldig aangetroffen langs de binnenduinrand, natuurlijke duinmeren en kunstmatige infiltratiegebieden. De waterspitsmuis komt alleen daar voor waar bodembedekkende vegetatie aanwezig en waar binnen een straal van 500 meter water is te vinden. Bovendien moet er in de oevers voldoende schuilmogelijkheid zijn waar de waterspitsmuis zich kan terugtrekken om zijn prooien op te eten. Bron: Zoogdiervereniging.nl
Veldonderzoek Het plangebied heeft geen kenmerkende biotopen voor geschikt leefgebied van in Nederland voorkomende beschermde muizen of spitsmuizen. Om deze reden is de eventuele aanwezigheid van (Spits)Muizen binnen het plangebied uit te sluiten. Plangebied
Beschermde muizen en spitsmuizen Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht voor (spits)muizen veroorzaken.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
19 van 44
(Kleine) Marterachtigen Brononderzoek Uit literatuur- en bronnenonderzoek blijkt dat op een afstand van 0-1 km van het plangebied: Bunzing voorkomt. Boommarter, Hermelijn, Steenmarter en Wezel komt voor op een afstand van 1-5 km. Bunzing, Hermelijn en Wezel zijn binnen de Provincie Utrecht vrijgestelde soorten voor de ruimtelijke ordening en bestendig beheer en onderhoud. Steenmarter is geen vrijgesteld soort binnen de Provincie Utrecht. Veldonderzoek Het plangebied is onderzocht op sporen van (kleine)marterachtigen, deze zijn niet aangetroffen. Verblijfplaatsen voor Bunzing zoals bijvoorbeeld Muizenholletjes, Konijnenholen zijn niet aangetroffen. Houtstapels, greppels, rommelschuurtje en overhangende vegetatie zijn aanwezig. In de schuur zijn geen verblijfplaats(en) van marters aangetroffen. Voor Wezel lijkt het plangebied te nat, bovendien zijn er geen sporen of waarnemingen gedaan van Woelmuizen welke prooidier zijn voor Wezel. Hermelijn kan voorkomen binnen het plangebied, naast Vogels, Woelmuizen en Konijn is Rat geschikt prooidier voor Hermelijn. Van Rat zijn sporen aangetroffen (foto 54) binnen het plangebied. Steenmarter heeft een voorkeur voor steenachtige biotopen zoals bijvoorbeeld gebouwen, deze ontbreken grotendeels binnen het plangebied.
Het is niet uit te sluiten dat Hermelijn het plangebied benut als leefgebied, het is mogelijk dat incidenteel het plangebied wordt bezocht door Bunzing en Steenmarter. Aanwezigheid van Boommarter wordt niet verwacht door het ontbreken van sporen in de binnen het plangebied aanwezige oude Knotwilg. Plangebied
Beschermde marterachtigen Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten Steenmarter
Aanvullend onderzoek Ja
Met de voorgenomen planvoornemens, is aantasting van het leefgebied van deze soorten redelijkerwijs uit te sluiten. De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht wordt ten aanzien van marterachtigen in dit plangebied niet overtreden.
Bever Brononderzoek Er zijn waarnemingen van Bever bekend op een afstand van 0-1 km van het plangebied. Uit literatuuren brononderzoek blijkt dat Bever voorkomt in Natura-2000 gebied Zouweboezem. Veldonderzoek Het plangebied bezit geen kenmerken van (geschikt) biotoop voor Bever. Het plangebied sluit niet aan op gebieden waar Bever in de nabijheid is waargenomen. Groot water, bomen en schuilgelegenheid (=leefgebied) ontbreekt. Hierdoor is de aanwezigheid van Bever binnen het plangebied redelijkerwijs uit te sluiten. Plangebied
Bever Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht wordt ten aanzien van Bever wordt niet overtreden.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
20 van 44
Otter Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt Otter binnen 0-1 km van het plangebied voor te komen in Natura-2000 gebied Zouweboezem. Er zijn geen waarnemingen van Otter bekend binnen of nabij het plangebied. [CITAAT] De otter leeft in oeverzones met voldoende dekking en rust van allerlei soorten stromende wateren, zoals meren, plassen, rivieren, kanalen, beken en moerassen. Ze leven in schoon en zoet water, waar voldoende voedsel, dekking en rust is. Bron: Zoogdiervereniging.nl
Veldonderzoek Het plangebied bezit geen kenmerken van (geschikt) biotoop voor Otter. Het plangebied sluit niet aan op gebieden waar Otter in de nabijheid is waargenomen. Het leefgebied in de vorm van ruimte en rust, schoonstromend water ontbreekt binnen en nabij het plangebied. Hierdoor is de aanwezigheid van Otter binnen het plangebied redelijkerwijs uit te sluiten. Plangebied
Otter Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht wordt ten zien van Otter niet overtreden.
Vleermuizen Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat in de omgeving (binnen een straal van 0-5 km) waarnemingen bekend zijn van een aantal vleermuissoorten, weergegeven in onderstaande tabel.
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Afstand
Gewone dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
0-1 km
Rosse vleermuis
Nyctalus noctula
0-1 km
Ruige dwergvleermuis
Pipistrellus nathusii
0-1 km
Laatvlieger
Eptesicus serotinus
1-5 km
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
21 van 44
Veldonderzoek Vooronderzoek Op verzoek van de initiatiefnemer en in opdracht van het bevoegd gezag dient er een controle plaats te vinden op mogelijke aanwezigheid van vleermuizen. Hiervoor is een batlogger van wildlife acoustics binnen het plangebied geplaatst. Deze heeft op de volgende nachten opnamen van vleermuisgeluid geregistreerd: 14, 15, 16, 17 en 18 september 2023. Waarnemingen zijn: Gewone dwergvleermuis, Gewone grootoorvleermuis, Grijze grootoorvleermuis, Laatvlieger, Meervleermuis, Rosse vleermuis en Ruige dwergvleermuis.
Foto 59: Oude Knotwilg
Vaste rust- en verblijfplaatsen Binnen het plangebied is gekeken naar mogelijke vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen. Hierbij kan een onderscheid worden gemaakt tussen soorten die gebouwbewonend zijn (als Gewone dwergvleermuis en Laatvlieger) en boombewonende (als Rosse vleermuis en Watervleermuis). Het plangebied heeft één oude knotwilg (zie foto, deze boom zal voor de nieuwbouwplannen worden gekapt. Hiermee is er binnen het plangebied een voor vleermuizen geschikte boom aanwezig en kunnen soorten als bijvoorbeeld Rosse vleermuis binnen het plangebied niet worden uitgesloten. Ten aanzien van gebouwbewonende soorten: de schuur heeft kieren met daar tussen hout, de openingen zitten zichtbaar vol met spinnenwebben of zijn te smal of te ondiep. Vleermuis is niet aangetroffen in de schuur, maar de schuur was aan de buitenzijde niet geheel te overzien en redelijkerwijs is daarmee dan ook niet uit te sluiten dat gebouwbewonende soorten als Gewone dwergvleermuis, Gewone grootoorvleermuis, Grijze grootoorvleermuis of Laatvlieger binnen het plangebied aanwezig zijn. Foerageergebieden Het is aannemelijk dat het plangebied wordt gebruikt als foerageergebied.
Echter gezien de grootte van het plangebied, de voldoende alternatieven in de directe omgeving (tuinen, open land met afwisselende bebouwing) en het eindbeeld dat na realisatie van de projecten aanwezig is, is significante invloed op foerageergebied niet te verwachten. Vliegroutes Vliegroutes zijn te verwachten in de wijde omgeving van het plangebied. Als vliegroute kan worden benut een lijnvormig landschapselement zoals: sloten, greppels, bomenlanen, gevels, opgaand struweel etc. Aantasting van eventueel aanwezige vliegroutes langs lijnvormige landschapselementen valt redelijkerwijs uit te sluiten. De nieuw te bouwen woningen zullen in lijn komen te staan van de reeds aanwezige omliggende bebouwing. De te verleggen sloot zal tot aanzienlijke verbetering leiden voor de doorvliegmogelijkheden in aansluiting tot het slotenstelsel ten zuiden van de Broekseweg. Ook op vliegroutes is significante nadelige effecten niet te verwachten.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
22 van 44
Migratie Migratie van Meervleermuis en Ruige dwergvleermuis vindt plaats in maart-april en augustusseptember. De aanwezigheid van Meervleermuis-geluid op de batlogger en het tijdstip waarop deze geluidsopnamen zijn getriggerd (ruim na middernacht) doet vermoeden dat deze dieren bezig zijn aan de migratie. Voor de opnamen van Ruige dwergvleermuis is dit maar deels met zekerheid vast te stellen, namelijk er zijn opnamen die starten rond 21.30 uur en eindigen rond 06.00 uur. Voldoende opnamen van Ruige dwergvleermuis zijn ruim na middernacht opgenomen, het is met behulp van de batlogger niet vast te stellen of Ruige dwergvleermuis binnen of nabij het plangebied verblijft, of dat Ruige dwergvleermuis op migratieroute is. •
Het is niet uit te sluiten dat essentieel verblijf van vleermuizen wordt aangetast door de planontwikkeling. Nader onderzoek dient hier uitsluitsel over te verschaffen. Het is redelijkerwijs aannemelijk dat verblijfsplaatsen van vleermuizen nabij het plangebied aanwezig zijn. Schade en verstoring aan vleermuisverblijven in de omgeving bij sloop en nieuwbouwwerkzaamheden kan worden voorkomen door bouwverlichting niet op (nabij) aanwezig muren en bomen te richten of door gespecialiseerde armatuur of door vleermuisvriendelijke led lamp te gebruiken. Plaats geen materieel nabij gebouwen met mogelijke uitvliegopeningen ( bijvoorbeeld onder nokbetimmering van hout). Verstoring van vleermuizen kan ook worden voorkomen door buiten de actieve periode van Vleermuizen te werken, de actieve periode van vleermuizen ligt tussen 15 april – 15 oktober. Verstoring van vleermuizen in de actieve periode kan worden voorkomen door te werken bij daglicht en geen bouwverlichting of beveiligingslamp binnen het plangebied aan te laten staan na zonsondergang of voor zonsopgang, tenzij een vleermuisvriendelijke lamp/armatuur wordt gebruikt. Het is redelijkerwijs niet aannemelijk dat essentieel vlieg- en foerageergebied van vleermuizen wordt aangetast door de planontwikkeling.
•
• • •
•
Plangebied
Beschermde vleermuizen Aangetroffen
Broekseweg 6
Nee
Uit te sluiten Nee
Niet uit te sluiten
Opmerking
Aanvullend onderzoek Ja
Overige zoogdieren Tijdens het veldonderzoek zijn geen beschermde zoogdieren waargenomen in het plangebied. Uit brononderzoek blijkt dat binnen een straal van 0-1 km. Egel, Haas, Konijn en Ree voorkomen. Binnen een afstand van 1-5 km komt Vos voor. Binnen het plangebied zijn geen sporen aangetroffen van deze overige zoogdieren. Ree, Egel, Haas, Konijn en Vos zijn binnen de Provincie Utrecht vrijgestelde soorten bij projecten ruimtelijke ordening en bestendig beheer en onderhoud. Deze soorten kunnen (incidenteel) aanwezig zijn binnen het plangebied of het plangebied gebruiken als corridor naar foerageerplaatsen (hiervoor zijn echter geen aanwijzingen). • • •
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel overtreding Utrechtse Omgevingsverordening voor overige zoogdieren veroorzaken. Zorgplicht. Houdt rekening met de mogelijke aanwezigheid van Egel, Haas, Konijn, Ree en Vos. Voorkom opslag van materialen waaronder dieren kunnen gaan verblijven. Het doden of verwonden van Egel, Haas, Konijn, Ree en Vos is verboden in de Wet natuurbescherming. Als Egel, Haas, Konijn, Ree en Vos wordt waargenomen voorafgaand of tijdens werkzaamheden dienen deze dieren zichzelf in veiligheid te kunnen brengen. Voorkom afgesloten terreindelen en voorkom opjagen richting weg of waterpartij.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
23 van 44
•
5.3
Voor aanvang van de werkzaamheden dient u het plangebied op aanwezigheid van Egel, Haas, Konijn, Ree en Vos te controleren. Vogels
Het plangebied is tijdens het veldonderzoek geïnspecteerd op mogelijke aanwezigheid van vogels waarvan de vaste rust- en verblijfplaatsen (nesten) jaarrond beschermd zijn. Tevens is er gekeken naar vogelsoorten die (mogelijk) in het plangebied kunnen broeden of het plangebied kunnen gebruiken als essentieel foerageergebied, rust-, schuil- en/of pleisterplaats. Huismus/Ringmus Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat Huismus is waargenomen binnen een straal van 0-1 km rondom het plangebied. Veldonderzoek Er zijn tijdens het veldonderzoek geen Huismussen/Ringmussen waargenomen en/of gehoord in de directe omgeving van het plangebied. Er is alternatief leefgebied aanwezig in de omgeving van het plangebied. Er zijn heggen binnen het plangebied waar Huismussen gebruik van kunnen maken als bijvoorbeeld slaapstruik. Er zijn in de omgeving van het plangebied voldoende alternatieven voorhanden. Het plangebied kent geen specifieke kenmerken voor zandbaden of foerageerplek voor Huismussen. Voor Huismus biedt het plangebied geen optimaal leefgebied. Incidentele aanwezigheid van Huismus binnen het plangebied kan voorkomen. Nader onderzoek hoeft niet plaats te vinden om de functionaliteit van het plangebied voor Huismus te verduidelijken. Plangebied
Huismus/Ringmus Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht wordt ten aanzien van Huismus/Ringmus niet overtreden.
Gierzwaluw Het plangebied biedt geen geschikte nestgelegenheid voor Gierzwaluwen. Er zijn geen plekken binnen het plangebied die mogelijkheden bieden voor nestverblijf van Gierzwaluw. De kieren tussen het hout zitten vol met spinnenwebben of zijn te smal of te ondiep, hierdoor kunnen Gierzwaluwen zich er niet nestelen. Gierzwaluw kan echter gebruik maken van de omliggende gebouwen om te nestelen, maar doen dit niet aantoonbaar (geen recente gegevens omtrent nesten nabij het plangebied in de NDFFecogrid, laatste vijf jaar). Plangebied
Gierzwaluw Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht wordt ten aanzien van Gierzwaluw niet overtreden.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
24 van 44
Grote Gele Kwikstaart Brononderzoek Uit literatuur en brononderzoek blijkt dat binnen een straal van 1-5 km van het plangebied waarnemingen bekend zijn van Grote gele kwikstaart. [CITAAT] De grote gele kwikstaart broedt en foerageert vrijwel uitsluitend aan de oevers van beken en rivieren, liefst met loofbos of loofbomen omzoomd. Bij voorkeur zijn die beken en rivieren snelstromend, maar hij broedt ook aan zwak of zelfs nauwelijks stromend water, zoals in Nederland. In de laatste decennia zijn grote gele kwikstaarten ook in steden buiten het reguliere broedgebied vastgesteld, zoals in Groningen en Breda. Een westelijke buitenpost is Utrecht, waar de grote gele kwikstaart langs de singels in het centrum van de stad heeft gebroed. Bron: Vogelbescherming.nl Veldonderzoek Het plangebied heeft deels kenmerken van geschikt broedbiotoop voor deze soort. Grote Gele Kwikstaart leeft bij voorkeur in biotoop nabij stromend water. Maar wordt ook aangetroffen naast water dat zwak tot nauwelijks stroomt. Door de dicht op de oevers aanwezige bebouwing valt het redelijkerwijs uit te sluiten dat de voorgenomen plannen van invloed kunnen zijn op (broed)biotoop van Grote gele kwikstaart. Plangebied
Grote gele kwikstaart Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De Wet natuurbescherming / Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht wordt ten aanzien van Grote gele kwikstaart niet overtreden.
Roofvogels e.a. Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat binnen een straal van 0-1 km waarnemingen zijn gedaan van de volgende beschermde Roofvogels: Boomvalk, Bosuil, Buizerd, Havik, Kerkuil, Ooievaar, Roek, Sperwer, Steenuil, Torenvalk, Zeearend en Zwarte kraai. Veldonderzoek Vaste roestplaatsen, nesten of nestgelegenheden van jaarrond beschermde roofvogels e.a. zijn tijdens het veldonderzoek voor deze quickscan binnen het plangebied niet aangetroffen. Er zijn geen oude krijtsporen (sporen uitwerpselen) van uilen aangetroffen, ook zijn er geen braakballen of prooiresten gevonden. In en rondom dit plangebied zijn geen voor nestlocatie geschikte bomen, bomenrijen en bosopstanden aanwezig. Vaste nest-, rust- of verblijfsplaatsen van roofvogels (m.n. Buizerd) binnen en direct nabij het plangebied zijn niet aanwezig. Ook in de Oude knotwilg binnen het plangebied zijn geen sporen aangetroffen die duiden opgebruik door Uil van de knotwilg. Plangebied
Beschermde roofvogels e.a. Aangetroffen
Broekseweg 6
•
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Opmerking
Aanvullend onderzoek Nee
Het is redelijkerwijs niet aannemelijk dat vaste nest-, rust- en/of verblijfplaatsen van Roofvogels en/of uilen in en nabij het plangebied aanwezig zijn.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
25 van 44
Overige vogels De begroeiing binnen en rondom het plangebied biedt in meer of mindere mate geschikt broedbiotoop voor een aantal algemene vogelsoorten. Nesten en eieren van deze vogelsoorten zijn beschermd volgens de Wet natuurbescherming als deze in gebruik zijn of tijdens het broeden. Voorkom verstoring bij werkzaamheden van aan- en afvoer van materieel. Plaats geen materiaal tegen beplanting of voorkom broedgevallen. Het voorkomen van broedgevallen kan met algemene soorten, dit zijn niet Gierzwaluw, Huismus, Grote gele kwikstaart, Roofvogels met jaarrond vaste nesten of anderen met jaarrond vaste nestplaatsen of soorten met een ongunstige staat van instandhouding. Tijdens het veldonderzoek zijn geen broedende vogels of oude nesten waargenomen. •
In algemene zin dient de Zorgplicht in acht te worden genomen ten aanzien van broedgevallen van alle vogelsoorten. Aangezien alle vogels tijdens het broeden beschermd zijn, kunnen werkzaamheden tijdens het broedseizoen leiden tot een overtreding van de Wet natuurbescherming. De Wet biedt de mogelijkheid om broedgevallen van algemene soorten te voorkomen, dit betreft uitdrukkelijk niet de soorten die jaarrond beschermd zijn, o.a. zijnde Roofvogels, Gierzwaluw en Huismus. Voer de werkzaamheden bij voorkeur uit buiten het vogelbroedseizoen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat voor het broedseizoen géén vaste periode geldt. Controle op mogelijke aanwezige broedende vogels dient plaats te vinden vóór aanvang van en tijdens de werkzaamheden.
5.4
Reptielen
Brononderzoek Uit literatuur en brononderzoek blijkt dat er binnen een straal van 0-1 km geen Reptielen voorkomen. Binnen een afstand van 1-5 km komen voor: Ringslang. Van deze soorten zijn geen waarnemingen bekend binnen het plangebied. Veldonderzoek Er zijn geen reptielen waargenomen tijdens het veldonderzoek. Gezien de aard en ligging van het plangebied met de daarin voorkomende ecotopen zijn reptielen in het plangebied redelijkerwijs niet te verwachten en is aantasting van het leefgebied door de voorgenomen ingreep redelijkerwijs uit te sluiten. Er is te veel water aanwezig en er zijn geen hopen organisch materiaal aangetroffen waar Ringslang graag in verblijft. Plangebied
Beschermde reptielen Aangetroffen
Broekseweg 6
•
5.5
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht voor reptielen veroorzaken. Vissen en Amfibieën
Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat binnen en straal van 1-5 km van het plangebied Grote modderkruiper voorkomt. Grote modderkruiper is een vis die graag verblijft in ondiepe sloten met een dikke sliblaag en veel waterplanten. Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat binnen een straal van 0-1 km de volgende amfibieën aangetroffen, namelijk: Bastaardkikker, Bruine kikker, Gewone pad, Groene kikker (Bastaardkikker), Heikikker en Rugstreeppad. Binnen een straal van 1-5 km komen voor: Kamsalamander, Kleine watersalamander, Meerkikker en Poelkikker. Amfibieën hebben twee fasen in het seizoen, namelijk overwinteringsfase op het
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
26 van 44
land en een voortplantingsfase in het water. Bastaardkikker, Gewone pad, Bastaardkikker, Kleine watersalamander zijn binnen de Provincie Utrecht vrijgestelde soorten bij ruimtelijke ordeningsprojecten en bestendig beheer en onderhoud. Heikikker en Rugstreeppad zijn een strikt beschermde soorten. Rugstreeppad heeft een voorkeur voor ondiepe voortplantingswateren zonder roofvis. Deze soort kan opzoek gaan naar overwinteringsplaats en daarbij soms wel 3 km afleggen. Op een geschatte afstand van 450-550 meter is Rugstreeppad waargenomen (mei 2022, waarneming.nl). Heikikker heeft bekende populaties uit de Kromme Rijngebied en de Vijfheerenlanden, Heikikker overwintert op het land vanaf oktober t/m maart, zelden tot nooit in het water (Bruine kikker doet dit wel). Veldonderzoek Vissen Aquatisch biotoop is aanwezig binnen het plangebied. Binnen het plangebied zal een sloot worden gedempt en worden verlegd. Er zijn tijdens het veldwerk is met een Ravon-schepnet de te dempen sloot bemonsterd. Er zijn geen waarnemingen gedaan van beschermde vissoorten. Grote modderkruiper wordt niet nabij het plangebied verwacht aanwezig te zijn in verband met het ontbreken van geschikte watervegetaties. Amfibieën Tijdens de veldonderzoeken voor deze quickscan zijn geen amfibieën waargenomen binnen het plangebied.
Binnen het plangebied bevinden zich containers waaronder overwinterende amfibieën kunnen plaatsnemen. Binnen het plangebied bevindt zich een ondiepe sloot. Het is niet uit te sluiten dat algemene amfibieën als Bastaardkikker, Bruine kikker, Gewone pad, Kleine watersalamander, het plangebied aandoen opzoek naar overwinteringsplek. Het is redelijkerwijs niet uit te sluiten dat beschermde amfibieën als Heikikker en Rugstreeppad binnen het plangebied overwinteringsplek vinden. Echter heeft de initiatiefnemer laten weten dat er reeds een onderzoek naar beschermde amfibieën heeft plaatsgevonden en dat deze niet zijn aangetroffen. Plangebied
Beschermde vissen en amfibieën Aangetroffen
Broekseweg 6
•
•
5.6
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Soorten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht voor vissen en/of amfibieën veroorzaken. Rekening dient te worden gehouden met de algemene zorgplicht. Voorkom plasvorming of ander stagnerend water binnen het plangebied. Creëer geen schuilplaatsen bij opslag van materialen. Libellen en vlinders
Brononderzoek Binnen een straal van 0-1 km. rond het plangebied zijn geen beschermde Libellen waargenomen. Binnen een straal van 15 km is Grote vos waargenomen, een dagvlinder met een voorkeur voor de volgende waardplanten: Iep, Zoete kers, Populier en sommige Wilgensoorten.
Foto 60: Argusvlinger. Bron: N. Roozen
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
27 van 44
Veldonderzoek Binnen het plangebied is tijdens de opname voor deze Quickscan de Argusvlinder waargenomen. De Argusvlinder is een mobiele soort die veel zwerft. Het plangebied biedt mogelijk geschikt biotoop voor deze vlinder. Waardplanten als Kropaar, Ruwe smele, Rood zwenkgras, Kweek Beemdgras en Struisgras zijn aanwezig. De Argusvlinder wordt veel waargenomen in het Natura-2000 gebied Zouweboezem op ong. 1 km afstand van het plangebied. Er zijn binnen het plangebied verder geen poppen of rupsen waargenomen van Argusvlinder, waardoor het mogelijk is dat dit een incidentele waarneming betreft. Plangebied
Beschermde libellen en vlinders Aangetroffen
Broekseweg 6
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Soorten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening – Provincie Utrecht voor libellen en vlinders veroorzaken. 5.7
Overige ongewervelden
Brononderzoek Binnen een straal van 1-5 km. van het plangebied is Platte schijfhoren waargenomen. [CITAAT] Zoete, heldere en schone wateren met een rijke begroeiing. Vaak in draadalgvegetaties. Ook in andere vegetaties, zoals in wateren met krabbescheer. Daarnaast soms op de wortels van o.a. Lisdodde en vergelijkbare oevergebonden planten. De soort leeft niet in verontreinigd of brak water. Bron: Stichting Anemoon Veldonderzoek Binnen het plangebied ontbreekt soortspecifiek biotoop voor Platte schijfhoren. Aanwezigheid of mogelijke aanwezigheid van Platte schijfhoren en overige beschermde ongewervelden is redelijkerwijs uit te sluiten door de mogelijke vervuiling binnen het plangebied. Plangebied
Beschermde overige ongewervelden Aangetroffen
Broekseweg 6
•
5.8
Nee
Uit te sluiten Ja
Niet uit te sluiten
Soorten
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening - Provincie Utrecht voor overige ongewervelden veroorzaken. Gebiedsbescherming
In de nabijheid van het plangebied is geen Natura 2000-gebied aanwezig. De meest dichtbijgelegen Natura 2000-gebieden zijn aanwezig op een afstand van 560 m tot 11,7 km. van het plangebied. In de nabijheid van het plangebied is geen Natura 2000-gebied aanwezig. Aantasting van Natura 2000gebied kan gezien aard en omvang van de voorgenomen ingreep alsmede uiteindelijke bestemming, redelijkerwijs pas worden uitgesloten als er een stikstofberekening is uitgevoerd van sloopwerk-, nieuwbouw en van de gebruiksfase. Ook ligt het plangebied buiten het Natuur Netwerk Nederland en door Provincie vastgestelde beschermde natuurgebieden. Gezien de aard van de werkzaamheden, de ligging van het plangebied (landelijk gebied) en toekomstige bestemming is het redelijkerwijze uit te sluiten dat deze effect
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
28 van 44
hebben op de kernkwaliteiten van het Natuurnetwerk Nederland. Het plangebied heeft geen kenmerken die de kernkwaliteiten van het Natuurnetwerk Nederland ondersteunen. Samenvattend: Het plangebied valt niet binnen of grenst niet aan gebieden: ✓
✓ ✓ ✓ ✓
Agrarische Natuur en Landschapsbeheer: - uitgevoerd beheer open grasland - werkgebied agrarische collectieven - uitgevoerd beheer water - uitgevoerd beheer natte dooradering - uitgevoerd beheer droge dooradering Waterparels Natuurnetwerk Nederland Natura-2000 gebied Groene contour
Het plangebied valt wel binnen (beheerplannen 2023) gebieden: - Aandachtsgebied Stiltegebieden (Interim omgevingsverordening) - Natuurbeheerplan (kaart 10): Klimaat - Natuurbeheerplan Categorie Water: natuurvriendelijk beheren, duurzaambeheer, waterberging - Natuurbeheerplan (kaart 8) Categorie Leefgebiedbenadering dooradering: Purperreiger - Natuurbeheerplan (kaart 8) Categorie Leefgebiedbenadering dooradering: landschap: weidevogelkerngebied: aanvalsplan Grutto Het plangebied valt wel binnen (beheerplannen 2024): - Natuurbeheerplan (kaart 8), Leefgebied dooradering: Landschap - Natuurbeheerplan (kaart 7), Open grasland: Weidevogelkerngebied: Aanvalsplan Grutto - Transitiegebied naar duurzame landbouw (Omgevingsvisie) Het Natuurbeheerplan (NBP) is een beleidskader voor het provinciale natuurbeleid. In het NBP begrenzen en beschrijven provincies de gebieden waar beheerders subsidie kunnen krijgen voor het beheer en de ontwikkeling van natuur, agrarische natuur en landschapselementen. Bron: BIJ12.nl Van bovenstaande overzichten kunnen de volgende (deel)toetsingen mogelijk van invloed zijn op de toekenning van de omgevingsvergunning: Natuurbeheer (kaart 10): Klimaat: Tabel 7 Beheerfuncties van de categorie Klimaat. • Vastlegging CO2 (bodem, landschap) • Reducering uitstoot broeikasgassen • Vernatting • Opvangen waterpieken en droogte • Omgaan met verzilting.
Natuurbeheerplan Categorie Water: Toetsing Tabel 6 Beheerfuncties van de categorie Water. • Waterberging • Verbeteren chemische waterkwaliteit • Verbeteren ecologische waterkwaliteit • Vernatting • Water vasthouden. Bron: Natuurbeheerplan 2023 Provincie Utrecht
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
29 van 44
5.9
Houtopstand
Binnen het plangebied staat één boom (Knotwilg), met een stammaat ≥ 50 cm doorsnede. De boom zal worden verwijderd om plaats te maken voor de nieuwbouwplannen. Omdat Meerkerk voorheen tot de Gemeente Zederik behoorde geldt het volgende omtrent houtopstanden: Omgevingsloket: Voor voormalig Zederik: 1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstanden te vellen of te doen vellen.
U dient voor de kap van de Knotwilg een omgevingsvergunning voor kap aan te vragen.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
30 van 44
6
Conclusies en aanbevelingen
Gebiedsbescherming De voorgenomen plannen leiden – los van het aspect stikstofdepositie – niet tot een overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming ten aanzien van Natura 2000-gebieden en/of Natuurnetwerk Nederland. Nadere toetsing in de vorm van een passende beoordeling of het aanvragen van een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde. Soortbescherming Uit de bevindingen van het veldonderzoek, het literatuur- en bronnenonderzoek en toetsing van de resultaten van dit onderzoek aan de Wet natuurbescherming en de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht, blijkt dat de uitvoering van de voorgenomen werkzaamheden niet wetsovertredend zijn ten aanzien van beschermde soortgroepen Wet natuurbescherming: - Vleermuizen: verblijven - Heikikker en Rugstreeppad (reeds uitgevoerd -> initiatiefnemer) Voor andere soortgroepen valt het redelijkerwijs uit te sluiten dat de geplande ingrepen een overtreding vormen t.a.v. de Wet natuurbescherming dan wel de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht, mits wordt voldaan aan de in de rapportage beschreven voorwaarden. Er zijn geen strikte tegenstrijdigheden geconstateerd tussen realisatie van de voorgenomen activiteiten binnen het plangebied en de Interim Omgevingsverordening (natuur) - Provincie Utrecht of de Wet natuurbescherming.
In algemene zin moet ook de Zorgplicht in acht worden genomen. Deze Zorgplicht geldt met name ten aanzien van broedgevallen van alle vogelsoorten. Aangezien alle vogels tijdens het broeden zijn beschermd, kunnen werkzaamheden tijdens het broedseizoen leiden tot een overtreding van de Wet natuurbescherming. Waarbij wordt opgemerkt dat er geen vaste periode in het jaar voor het broedseizoen kan worden aangegeven. •
• • •
• • •
Voor aanvang van de werkzaamheden dient het plangebied uit het oogpunt van Zorgplicht gecontroleerd te worden op aanwezigheid van broedende vogels, algemene amfibieën, Egel, Haas, Konijn, Ree, algemene (spits)muizen, Vos. Ook tijdens de werkzaamheden dient regelmatige controle op aanwezigheid van deze soorten plaats te vinden. Voorkom verstoring van nesten bij aan- en afvoer van materieel. Plaats geen materiaal tegen beplanting of objecten met mogelijke broedgevallen. Voorkom opslag van materialen waaronder dieren kunnen gaan verblijven. Als deze soorten worden waargenomen dienen zij zichzelf in veiligheid te kunnen brengen. Voorkom plasvorming binnen het plangebied, zodat Amfibieën deze niet in gebruik nemen ten behoeve van voortplanting. Schade en verstoring aan vleermuisverblijven in de omgeving bij sloop en nieuwbouwwerkzaamheden kan worden voorkomen door bouwverlichting niet op (nabij) aanwezig muren en bomen te richten of door gespecialiseerde armatuur (gebundeld licht) of door vleermuisvriendelijke led-lampen te gebruiken. Plaats geen materieel nabij gebouwen met mogelijke uitvliegopeningen (bijvoorbeeld onder nokbetimmering van hout). Verstoring van vleermuizen kan ook worden voorkomen door buiten de actieve periode van Vleermuizen te werken; de actieve periode van vleermuizen ligt tussen 15 april – 15 oktober.
Verstoring van vleermuizen in de actieve periode kan worden voorkomen door te werken bij daglicht en geen bouwverlichting of beveiligingslamp binnen het plangebied aan te laten staan na zonsondergang of voor zonsopgang, tenzij een vleermuisvriendelijke lamp/armatuur wordt gebruikt.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
31 van 44
•
Zorgplicht dient te worden toegepast op het verwijderen van de Aziatische duizendknoop.
Voor het kappen van de Knotwilg dient u een vergunning omgevingsverordening ‘kap’ aan te vragen. Indien een soort die niet in deze rapportage wordt genoemd in het terrein wordt geconstateerd bij aanvang van de werkzaamheden, dient hier passend op te worden gereageerd. Het kan hierbij nodig zijn om contact op te nemen met een ter zake deskundige en een maatregel toe te passen zodat de wet niet wordt overtreden.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
32 van 44
7
Literatuur en bronnen
7.1
Literatuur Bos, F., et al., Veldgids Libellen, KNNV Uitgeverij, Utrecht, 1997 Broekhuizen, S., et al., Atlas van de Nederlandse Zoogdieren, KNNV, Utrecht, 1992. Creemers, C.M. & J.C.W. van Delft, 2009. De amfibieën en reptielen van Nederland. KNNV Uitgeverij, Utrecht. Diepenbeek, A. van, Veldgids diersporen, KNNV, Utrecht, 1999. Diepenbeek, A. van & J. van Delft, Het waarnemen van amfibieën en reptielen, RAVON, Nijmegen, 2006. Diepenbeek, A. van & R. Creemers, Herkenning amfibieën en reptielen, RAVON, Nijmegen, 2006. Dietz, C., O. von Helversen & D. Nill, 2011. Vleermuizen. Alle soorten van Europa en Noord-West Afrika. Tirion Natuur. Dijkstra, K.D., et al. De Nederlandse libellen. Odonata. NNMN, KKN, EIS. 2001 Harde, K.W., et al. Kevers. Thieme Uitgeverij. 1983. Floron, 2011. Nieuwe Atlas van de Nederlandse Flora. KNNV Uitgeverij, Zeist. Geijskes, D.C., et al. De libellen van Nederland. Odonata. KNNV. Hoogwoud. 1983. Gittenberger, E., et al. De Nederlandse zoetwatermolusken. NNMN, KKN, EIS. 1998. Heusden, W.R.M. & S.J. Vreugdenhil, 2006. Handreiking Flora- en faunawet. Voor werkzaamheden en activiteiten in het kader van bestendig gebruik, bestendig beheer en onderhoud en ruimtelijke inrichting en ontwikkeling. Rapport, Dienst Landelijk Gebied, Utrecht. Janssen, R. en J. Buys, Inventarisatie van vleermuizen op kerkzolders, een handleiding, 2001.
Kapteyn, K., Vleermuizen in het landschap, Schuyt & Co, 1995. Lenders, H.J.R. en C.C.H. Marijnissen, Waarnemen en herkennen van amfibieën en reptielen in het veld, Stichting RAVON, Nijmegen, 1993. Limpens, H., et al., Atlas van de Nederlandse vleermuizen, KNNV, Utrecht, 1997. Limpens, H., et al., Vleermuizen en Planologie, 2010. Mebs, T. et al., Uilen van Europa, Tirion, Baarn, 2004. Meijden, R. van der, Heukels' Flora van Nederland, Wolters-Noordhoff, 1996. Ministerie van LNV, Toelichting tabellen soorten Flora- en faunawet, maart 2005. Ministerie van LNV, Dienst Regelingen, Aangepaste beoordeling ontheffing ruimtelijke ingrepen Flora- en faunawet, augustus 2009. Provincie Limburg, Natuurvisie Limburg 2016 SOVON Vogelonderzoek Nederland, Atlas van de Nederlandse broedvogels; verspreiding, aantallen, verandering - Nederlandse Fauna 5. Naturalis, KNNV Uitgeverij & EIS-Nederland, Leiden, 2002. Stumpel, T en H. Strijbosch, Veldgids Amfibieën en reptielen, KNNV, Utrecht, 2006. Twisk, P., et al., Zoogdieren van de Benelux. Herkenning en onderzoek. ERLA. Amsterdam, 1986 Twisk, P., et al., Zoogdieren van West-Europa, KNNV, Utrecht, 1994. Twisk, P., Limpkens, H., Beschermingsplan voor vleermuizen in Zeeland, 2006 Weeda, E.J. et al., Nederlandse Oecologische Flora, KNNV, Leiden, 1999. Wynhoff, I., et al., Veldgids Dagvlinders. KNNV Uitgeverij, Utrecht, 1999.
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
33 van 44
7.2
Bronnen
anemoon.org BIJ12.nl (Natuurbeheerplannen) BIJ12.nl (Kennisdocumenten) natura2000.eea.europa.eu/ nederlandsesoorten.nl omgevingsloket quickscanhulp.nl ravon.nl rijksoverheid.nl provincie-utrecht.nl ruimtelijkeplannen.nl webkaart.provincie-utrecht atlas provincie-utrecht sovon.nl desteenmarter.nl spirula.nl steenuil.nl telmee.nl (ndff) vijfheerenlanden.nl vlinderstichting.nl vleermuisprotocol.nl vogelbescherming.nl waarneming.nl waterschap rivierenland.nl zoogdiervereniging.nl
Veldbiologische Werken / rapport VBW t 2023-51 r
Quikscan Wet natuurbescherming; Broekseweg 6 te Meerkerk
34 van 44
Bijlage 1 Wet natuurbescherming Algemeen De Wet natuurbescherming beschermt Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. De wet geldt sinds 1 januari 2017 en is een kapstokwet waarin soortbescherming, gebiedsbescherming en bescherming van houtopstanden onder is gebracht. Bescherming van dieren en planten: Het is belangrijk voor de natuur dat er veel verschillende planten- en diersoorten zijn. Sommige soorten zijn kwetsbaar, zoals Vleermuizen en Huis- en Ringmussen. Een goede natuurbescherming is belangrijk. Wanneer het met de natuur goed gaat, is er ook meer ruimte voor economische en andere maatschappelijke activiteiten. Vergunningen en ontheffingen aanvragen: Voor burgers en bedrijven is het belangrijk dat zij makkelijk en snel weten of een activiteit met mogelijke schade voor de natuur is toegestaan. En onder welke voorwaarden een aanvraag voor een interim-omgevingsvergunning bij de Gemeente wordt getoetst aan de Wet natuurbescherming. Het is ook mogelijk om rechtstreeks bij de Provincie een vergunning of ontheffing wet natuurbescherming aan te vragen. Beschermde gebieden Beschermde gebieden vallend onder de Wet natuurbescherming hebben de status Natura 2000. Deze in heel Europa aangestelde natuurgebieden genieten overal dezelfde wetgeving. Directe, maar ook externe significante negatieve invloed is verboden.
De provincies zijn ook verantwoordelijk voor de NatuurNetwerk Nederland-gebieden. De bescherming van deze gebieden is ondergebracht in het Besluit algemene regelgeving ruimtelijke ordening (Barro) . Voor de Provincie Utrecht geldt het Natuurnetwerk Utrecht (NNN). Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Soortbescherming Beschermde soorten van de Wet natuurbescherming zijn onder te verdelen in twee groepen: 1. Strikt beschermde soorten met onder andere soorten uit de Vogel- en Habitatrichtlijn. 2. Nationaal beschermde soorten vallende onder de Andere soorten. Indien er voor een bepaalde activiteit een ontheffing wordt aangevraagd, dan zal deze ontheffingsaanvraag worden getoetst aan drie criteria: 1. Is er sprake van bepaalde, in de wet genoemde belangen? 2. Is er een ‘andere bevredigende oplossing’ mogelijk? 3. Doet de ontheffing afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort?