CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE 5 Samenvatting en Context IRP 20211018.pdf

Commissie Ruimte, Verkeer en Economie 7 december 2021, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Instemming Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP)2.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 5; SAMENVATTING EN CONTEXT IRP Samenvatting De inwoners van de regio Utrecht leven in een prachtige omgeving en in een gemeente en regio die blijft ontwikkelen. Om dit ook voor de toekomst te borgen zijn gezamenlijke keuzes nodig, maken we samen met 16 gemeenten afspraken hoe de regio er uitziet in 2040 en hoe wij samenwerken om dat te bereiken. Het Integraal Ruimtelijk Perspectief 2021-2040 voorziet daarin. U wordt gevraagd in te stemmen met het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). De zienswijzen van de 16 raden vormden de basis voor dit definitief IRP. Een belangrijk moment waarin de stappen worden gezet tot een gezamenlijk perspectief op de toekomst. Het is ons eigen, gezamenlijk toekomstperspectief van 16 gemeenten, met als doel om nu en in de toekomst de groei van de regio op een gezonde en duurzame wijze op te vangen. Wat in het IRP staat is de uitkomst van een intensief en gezamenlijk proces van de 16 gemeenten. Lokaal beleid en ambities fungeren als basis, samen met regionale keuzes leidt het tot een optimale ontwikkeling van de regio. Met de instemming van de 16 gemeenteraden ontstaat er lokaal commitment op de integrale regionale ontwikkelrichting tot 2040. Het IRP is dan op haar beurt een gezamenlijke basis voor gemeentelijke omgevingsvisies en uitwerkingen voor de komende jaren.

Het IRP heeft een adaptief karakter en wordt geactualiseerd als ontwikkelingen daar om vragen. Hiermee is het een belangrijke schakel richting de uitvoering. Context Aanleiding Integraal Ruimtelijk Perspectief regio Utrecht De inwoners van de regio Utrecht leven in een prachtige omgeving en in een regio die groeit. Het is voor elke huidige en toekomstige bewoner belangrijk dat men woont op een prettige en gezonde plek, in een passende woning, nabij voorzieningen en recreatiemogelijkheden, een baan of opleiding heeft en dat men comfortabel kan reizen tussen al deze bestemmingen. De regio Utrecht is een populaire plek, vanwege de centrale ligging, de bloeiende economie en het goede leefklimaat. Deze populariteit vertaalt zich in een enorme vraag naar woningen én naar ruimte voor nieuwe bedrijvigheid. Dit zet de groene ruimte en de bereikbaarheid binnen de regio onder druk, wat de komende jaren verder zal toenemen. Om de leefkwaliteit ook voor de toekomst te garanderen zijn keuzes nodig. De regio moet een fijne plek blijven om te wonen, werken, recreëren en waar ruimte is voor groene en duurzame initiatieven. Daarom maken we afspraken hoe de regio er in de toekomst uit ziet en leggen wij vast wat wij daarin belangrijk vinden. De ontwikkelrichting is vastgelegd in het IRP.

Dit is een integraal ruimtelijke visie voor de Metropoolregio Utrecht op het gebied van groen en landschap, wonen, werken, mobiliteit en energie. Niet alles kan zomaar, want de optelsom van de wensen is op veel plekken groter dan de ruimte die er is. Er zijn daarom gezamenlijk keuzes gemaakt die bijdragen aan het beter maken van het geheel en dat kan in de fase van het programmeren worden geconcretiseerd. Door goed met elkaar af te stemmen wat de behoeftes zijn in de gemeenten, kunnen we een slimme verdeling maken van de ruimte. We vormen hierin een eenheid als regio, maar altijd met oog voor de identiteit van de verschillende gemeenten om de diversiteit te behouden. We vertellen een éénsgezind en duidelijk verhaal waarmee we laten zien waar we voor staan en waar we samen naartoe werken. Zienswijzeprocedure U10 16 raden (bijlage 2) De afgelopen periode is in de U10 de stap gemaakt vanuit de Ruimtelijk- Economische Koers uit 2017, via een gezamenlijk uitgangspuntennotitie en beoordelingskader, de Contour, het concept IRP naar nu; een IRP voor de 16 gemeenten in de U10. In het proces naar het product IRP zijn de raden meegenomen. Het concept IRP was in het voorjaar 2021 gereed. Op dat moment zijn de raden in de gelegenheid gesteld om invloed uit te oefenen

door een zienswijze in te dienen op het concept IRP. Alle raden hebben hiervan gebruik gemaakt. De zienswijzen hebben het denken versterkt en het IRP verder verrijkt. Met deze zienswijzen is door de raden richting gegeven aan de inhoud van het IRP en aan vraagstukken die nog geadresseerd moeten worden en ontstaat er ook politiek draagvlak voor de besluitvorming van een gezamenlijk toekomstperspectief voor onze regio. Uit de zienswijze blijkt de waardering van de raden voor het werk dat er ligt: -

“Het concept IRP is een indrukwekkend en mooi document, zowel in tekst als in beeld”; “Evenwichtig ontwikkelperspectief, zeer compleet, nog nooit zo ver geweest als regio”; “Het is gelukt om de grote ruimtelijke opgaven voor de komende jaren samenhangend in beeld te brengen”; “Waardering voor het proces van de totstandkoming van het IRP”; “De ruimte die individuele gemeenten hebben gehad om vanuit eigen identiteit, ambities en kansen bij te dragen aan oplossingen voor gezamenlijke maatschappelijke opgaven.”

Deze laten zien dat er veel waardering is. Daarnaast zijn in de zienswijzen dilemma’s en kanttekeningen gemaakt op inhoud en proces. Er is recht gedaan aan de inbreng van de raden door aanpassingen in het concept IRP als antwoord op hun zienswijzen. In bijlage 2 (Overzicht zienswijzen raden op concept IRP – verwerking en verantwoording) is inzichtelijk gemaakt hoe deze zienswijzen op hoofdlijnen zijn verwerkt en hoe per gemeente de zienswijzen zijn opgenomen in het definitief IRP of worden meegenomen in de volgende fase. Hieronder wordt nader ingegaan op de meest gemaakte opmerkingen in de zienswijzen en de wijze waarop deze zijn verwerk in het IRP. Integratie RES en IRP De Regionale Energie Strategie 1.0 (RES) is opgesteld door de U10-regiogemeenten met de provincie Utrecht en Waterschappen. Dit is een verplichting vanuit het Nationale Klimaatakkoord. In deze strategie staat hoe en waar de regio (grootschalig) duurzame energie gaat opwekken en welke duurzame warmtebronnen in beeld zijn. Een groot aantal raden vraagt in hun zienswijze aandacht voor het ontbreken van het thema energie in de integrale afwegingen. Een aantal raden geeft aan dat vaststelling van een integraal ruimtelijk perspectief zonder een afweging over de ruimtelijke gevolgen van de energieopgave niet denkbaar is.

Om recht te doen aan de zienswijzen en om het IRP inhoudelijk sterker te maken is de RES 1.0, inclusief de zoekgebieden, opgenomen in het IRP. Daarbij is in het IRP gekozen om volledig aan te sluiten bij de RES 1.0. Dit is gedaan door: - Het opnemen van de kaart met zoekgebieden; - Het illustreren van de orde van grootte van de ruimte die binnen de zoekgebieden nodig is; - Het aanpassen van teksten in de redeneerlijn en thematische uitwerking over energie. In de analyse van de zoekgebieden in de RES blijkt dat er geen harde botsingen plaats vinden tussen de zoekgebieden en andere thema’s in het IRP. Wel ligt er een grote opgave voor het samen laten oplopen van energieopwekking en de ontwikkeling van groen en landschap. Het maatschappelijk draagvlak voor energieopwekking is een specifiek aandachtspunt.

Besluitvorming RES 1.0 en besluitvorming IRP De RES is in september aan de raden voorgelegd. Dat is dus nog voordat besluitvorming over het definitieve IRP in de raden plaatsvindt. Met de besluitvorming op het IRP consolideren we de RES 1.0 in het perspectief en de integrale uitwerkingen voor de toekomst. Actualisaties op de RES 1.0. worden meegenomen in de volgende fase 4 van het IRP. Onafhankelijke kwalitatieve beoordeling IRP (bijlage 3) Het IRP wordt voor een kwalitatieve beoordeling gelegd langs het Beoordelingskader dat eerder door raden is vastgesteld. In bijlage 3 (Toetsing IRP aan aangepast beoordelingskader REP) bij dit raadsvoorstel treft u dit onafhankelijk oordeel aan. Het doel van deze beoordeling is om inzicht te krijgen in hoeverre het perspectief voldoet aan de kwaliteiten die de samenwerkende gemeenten in de regio Utrecht voorstaan. Het beoordelingskader kan niet worden gezien als een meetlat waarlangs het IRP en nadere uitwerking simpelweg gelegd kan worden om tot een afgewogen oordeel te komen. Het is een instrument dat helpt om inzichten te verschaffen. Hiermee ondersteunt dit het gesprek bij de besluitvorming en geeft het aanknopingspunten en aanbevelingen voor uitwerkingen in de volgende fase, het integraal programmeren.

De toets op het concept IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien en vraagt op onderdelen om nadere uitwerking en concretisering. In fase 4 worden deze onderdelen meegenomen bij een uitwerking op programma-, gebieds- en projectniveau. Status IRP Het integraal ruimtelijk perspectief heeft op zichzelf geen wettelijke juridische status (zoals een gemeentelijk of een provinciaal omgevingsplan). De planologische verantwoordelijkheid ligt bij de gemeenten in de omgevingsvisies en omgevingsplannen. Het IRP vormt wel de gezamenlijke ontwikkelrichting van de 16 samenwerkende gemeenten die tot stand is gekomen op basis van lokaal beleid en ambities en met regionale keuzes en integrale afwegingen. Het IRP is daarmee op haar beurt weer een belangrijke basis voor de gemeentelijke omgevingsvisies. Het IRP is geen vrijblijvende afspraak. Het IRP is een regionale visie die richting geeft, maar waarin nog een aantal onzekerheden is voor uitwerking en realisatie. Het IRP moet daarom ook worden gezien als onze gezamenlijke regionale basis voor de samenwerking op inhoud en proces, waarmee we als U10 de regie kunnen houden over de samenwerking met elkaar en met rijk, provincie en andere partners. Het is ook de regionale basis om de hoofdkeuzes scherper te maken en om de benodigde investeringen voor de uitvoering te krijgen.

Wanneer de raden met het IRP instemmen, ontstaat er lokaal betrokkenheid op de integrale regionale ruimtelijk opgave. We spreken met elkaar af dat de gemeentelijke omgevingsvisies en beleid en programma’s zullen passen binnen dit integrale perspectief voor de regio en andersom. En dat de gemeenten de ambities en doelen van het IRP helpen realiseren en elkaar daarop aanspreken. IRP als adaptief perspectief Het perspectief is adaptief, dus de inhoud wordt in de toekomst geconcretiseerd, waar nodig aangepast aan de (lokale) omstandigheden en periodiek geactualiseerd. Het IRP is immers geen eindbeeld, het geeft de gedragen ontwikkelrichting weer voor de komende 20 jaar. Gemeenten en allianties werken op gebieds-, programma- en projectniveau de opgaven uit. Op regionale schaal werken we samen om de regionale keuzen verder aan te

scherpen en randvoorwaarden voor elkaar te krijgen. De insteek is dan ook om het IRP periodiek te actualiseren en dit vast te leggen via besluitvorming in de gemeenteraden. De eerste actualisatie is voorzien na een periode van twee jaar, er wordt onderzocht wat een passende termijn voor actualisatie (‘ritmiek’) is voor de periode daarna.

Participatie (bijlage 4) In het vervolg, bij de verdere uitwerking en programmering van het IRP wordt de samenleving betrokken in de planvorming. Hierbij worden zowel lokale als regionale belanghebbenden benaderd. U10 organiseert de participatie met relevante regionale organisaties. De eerste twee sessies zijn reeds georganiseerd met regionale belanghebbenden om te kijken naar draagvlak voor de ontwikkelrichting en mogelijkheden voor uitvoering in de toekomst (zie bijlage 4: Participatie Integraal Ruimtelijk Perspectief). Participatie met inwoners en lokale partijen (zoals ondernemers, agrariërs etc.) vindt plaats via gemeenten. Voor diverse gemeenten geldt dat de keuzes in het IRP parallel lopen met lokale participatie, in veel gevallen onderdeel van de processen rond de omgevingsvisies. Voor andere gemeenten geldt dat participatie nog moet plaatsvinden. Door de participatie met inwoners ook te verbinden aan de vervolgfase (Integrale Programmering) kunnen gemeenten hun eigen planning hiervoor bepalen en ook voldoende concreet worden in het gesprek met inwoners. In gemeente Vijfheerenlanden, zitten wij momenteel midden in het participatieproces met onze inwoners en belanghebbenden ten behoeve van de omgevingsvisie. Voor de lokale input Vijfheerenlanden in het IRP, heeft ook participatie plaatsgevonden tijdens het opstellen van de recent vastgestelde visies, zoals o.a.

de woonvisie. Volgende fase 4 IRP Met de besluitvorming van het IRP eindigt fase 3. Eventuele moties en amendementen op het definitief IRP worden in Fase 4 ‘Integrale Programmering’ opgepakt en meegenomen bij een nadere uitwerking op programma, gebieds- en projectniveau en worden ook nieuwe ontwikkelingen en afwegingen onderdeel van het perspectief. Met het IRP ligt er een goed en samenhangend ruimtelijk perspectief op de toekomst van de regio Utrecht. Tegelijk is het goed te beseffen dat dit een perspectief is voor de lange termijn en geen concreet plan. Bekend is wat de wensen zijn. In de volgende fase (fase 4) wordt uitgewerkt hoe dit kan worden gerealiseerd en wie welke rol hierin heeft. Helder is dat de opgaven en keuzes in de pijlers van het IRP op zichzelf al een schaalsprong vergen en dat er onzekerheden zijn bij de uitvoering. Het slim combineren is nodig om tot uitvoering te komen. Dit vergt een vooruitstrevende omgang met ruimtelijke planning, (ontbrekende) investeringen en samenwerking met publiek-private partners: integraal, adaptief en door de schaalniveaus heen. Daarnaast vraagt dit overeenstemming ook financieel om de opgaven tot uitvoering te brengen. Deze strategie en aanpak op de uitvoering of realisatie is de kern van wat onze regio de komende jaren te doen staat.

Dit vergt enerzijds het werken in allianties aan de uitvoering en realisatie van integrale ruimtelijke opgaven voor de regio U10 en anderzijds een integraal regionaal programma om de regionale keuzes aan te scherpen, de randvoorwaarden op orde te brengen en de samenhang en integraliteit te bewaren in de uitvoering. Dat is nieuw voor de regio. De gemeenten zijn leidend bij de uitwerking en daarna de uitvoering van de onderdelen van het IRP. Dit geldt voor projecten en programma’s binnen gemeenten en op complexere en/of gemeentegrens overstijgende ontwikkelingen in allianties.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=7cc06a0a-9387-4f1f-bda1-52fe5eb5d344