Bijlage 2 Gebiedsvisie Leerdam en omgeving
Tekst van het document
Deze ligging maakt Leerdam gevoelig voor bereikbaarheidsdruk, zowel regionaal als binnen de stad. Bewoners ervaren knelpunten op de N-wegen, bij spoorwegovergangen en op drukke routes tussen wijken en het centrum. Met de groei van de stad neemt de urgentie toe om het mobiliteitsnetwerk slimmer, veiliger en inclusiever in te richten. De gemeente kiest daarom voor een duidelijke prioritering volgens het STOMP-principe: eerst stappen en trappen, vervolgens openbaar vervoer, daarna mobiliteit als service en pas als laatste de privéauto. Door in te zetten op veilige en aantrekkelijke fiets- en wandelroutes, een sterker OV-netwerk en effectief verkeersmanagement blijft de stad goed verbonden, terwijl de luwe, groene kwaliteit van Leerdam behouden blijft.
‘Zorg voor veilige routes naar ontmoetings- en speelplekken.’
2. We versterken de nabijheid, toegankelijkheid en kwaliteit van dagelijkse voorzieningen en ontmoetingsplekken. 4. We zetten in op comfortabele en aantrekkelijke verbindingen tussen wonen, werken, recreëren, leren en sporten.
Uitgangspunten
Geeft antwoord op:
5. Realiseren van veilige en toereikende verkeersafwikkeling in en rond de stad Leerdam 6. We versterken voor alle modaliteiten de bereikbaarheid van de regio voor Leerdam. 11. Realiseren van een veilige woon- en leefomgeving in Leerdam.
32
‘Maak de fiets het belangrijkste vervoersmiddel.’
33
grote steden, zoals Utrecht, Rotterdam en ’s-Hertogenbosch, waarbij belangrijke forensenstromen prioriteit verdienen. 3. Voldoende fietsparkeerplekken en fietsverhuur voor bezoekers in het stationsgebied bevorderen een snelle en comfortabele overstap. 4. Er liggen kleinschalige verdichtingskansen rondom het station. Met name op de P+R-locatie en aangrenzende parkeervelden. Er wordt onderzocht of hier op termijn extra woningen en/of kantoren kunnen worden gerealiseerd voor doelgroepen die relatief vaker gebruik maken van het OV, zoals jongeren of ouderen.
1. De herinrichting van het fietsnetwerk op diverse knelpunten aan belangrijke hoofdontsluitingswegen van de stad, waaronder de Zuid-Hollandweg, Recht van ter Leede, de Parallelweg, de Schaikseweg en de Tiendweg. De rotondes, grenzend aan het spoor, en diverse oversteken zorgen voor onveilige situaties. Met name tijdens de spits als er veel auto’s rijden. De herinrichting van deze kruispunten dient de verkeersveiligheid voor fietsers te verbeteren. Extra aandacht gaat hierbij uit naar de oversteken nabij stedelijke voorzieningen, zoals het sportcentrum Het Dak en de middelbare scholen, de fietsstroken van de Tiendweg en de Lingebrug. 2. Opwaarderen stedelijk fietsnetwerk, dat de wijken verbindt met belangrijke stedelijke voorzieningen, zoals het wijkwinkelcentrum, het station, de middelbare scholen en de sportparken. Een nieuwe verkeerstunnel onder het spoor levert hier een belangrijke bijdrage aan. 3. Ontwikkelen fijnmazig wandelnetwerk dat de wijken met het buitengebied verbindt. Om het landschap beter beleefbaar te maken en dagelijkse ommetjes te faciliteren. 4. Een nieuwe regionale wandel- en fietsroute langs de Linge en de Diefdijk, als onderdeel van het Landschapspark, die het gebied van de Linge en de Hollandse Waterlinies met elkaar verbindt. In hoeverre deze route op de Lingedijk en Diefdijk kan lopen dient verder te worden onderzocht. 5.
Voldoende fietsparkeerplekken bij belangrijke stedelijke voorzieningen, zoals het station, het wijkwinkelcentrum en in de binnenstad. 6. Herinrichting van sociaal onveilige routes naar dagelijkse of wekelijkse voorzieningen, zoals de Industrieweg. Hierbij dient onder andere aandacht uit te gaan naar een veilig en overzichtelijk wandel- en fietspad met goede verlichting.
De positie van het station in het regionale netwerk maakt deze locatie tevens geschikt om als buitenpoort te functioneren. Door het stationsgebied te vergroenen en de route naar de binnenstad aantrekkelijker in te richten, worden bezoekers en toeristen op een prettige manier welkom geheten in de stad. Hierdoor kunnen zij vanaf de historische binnenstad en het aangrenzende landschap verkennen.
3. Effectief verkeersmanagement autonetwerk De huidige positie van Leerdam in het regionale mobiliteitsnetwerk maakt dat Leerdam een sterk auto georiënteerde stad is. Dit komt onder andere omdat de belangrijkste hoofdontsluitingswegen (Zuid-Hollandweg, Kon. Emmalaan en Schaikseweg) dwars door de stad lopen en grenzen aan belangrijke locaties met een regionale aantrekkingskracht, waaronder sportcentrum ‘Het Dak’, de binnenstad en de Glasfabriek. Hierdoor zijn dit relatief drukke routes waar met name bestemmingsverkeer gebruik van maakt. Incidentele files op de snelwegen en de verkeerslichten in combinatie met dichte spoorwegovergangen zorgen regelmatig voor filevorming in Leerdam. Om de autobereikbaarheid te verbeteren zet Leerdam zich allereerst in op het verbeteren van het OV- en fietsnetwerk. Een deel van de autoritten kan in potentie worden vervangen door het gebruik van de fiets en het OV, met name voor dagelijkse ritten binnen de stad. Dit vraagt om een verbeterslag van deze netwerken, zoals in de vorige paragrafen beschreven. Grootschalige uitbreiding van het autonetwerk in en rondom de stad zou op termijn extra autoverkeer stimuleren, wat de doorstroming niet bevordert en bovendien moeilijk ruimtelijk is in te passen in de bestaande stad.
2. Opwaarderen van het regionaal OV-netwerk Leerdam heeft een treinstation, maar de potentie hiervan is onderbenut. Mede door ongunstige overstaptijden op nabijgelegen stations en een beperkt aantal treinen. Leerdam wil de groei van de stad daarom benutten om het regionale OV-netwerk te versterken. Zodoende kan het OV-gebruik worden gestimuleerd, wat een duurzaam alternatief biedt voor regionale verplaatsingen van bewoners. Leerdam zet daarom in op de volgende onderdelen: 1. In samenwerking met regionale vervoerspartijen wordt gekeken of de dienstregeling van de MerwedeLingelijn kan worden verbeterd zodat de overstap op andere stations beter aansluit op de dienstregeling. 2. 2. Er wordt onderzocht of er op termijn meer treinen en bussen kunnen rijden tussen Leerdam en nabijgelegen 34
Om het bestaande autonetwerk beter te laten functioneren zet Leerdam in op het stimuleren van effectief verkeersmanagement. Daarbij wordt gekeken naar een slimmere en meer adaptieve aansturing van verkeerslichten, herinrichtingsmogelijkheden van kruispunten en het verbeteren van de verkeersafwikkeling van sluip- en bestemmingsverkeer. Kleinschalige ingrepen kunnen een grote impact hebben op een betere doorstroming en verkeersveiligheid.
duidelijke aansluiting stationsplein en perron ontwikkelkansen met fietsenstalling
eenvoudige route vanaf station naar de binnenstad fietsverhuur en startpunt Lingepark
ontwikkelkansen woningbouw
woonkamer stad in gemeentehuis
‘Het OV-netwerk uitbreiden voor de wijken, sport en het aantrekken van nieuwe banen.’
Deelgebied stationsgebied Leerdam (schetsontwerp dient ter inspiratie)
35
5. LEERDAM EN OMGEVING IN 2040 In 2040 is Leerdam een compacte, groene en vitale stad in de luwte van de Randstad. De historische binnenstad, de ligging aan de Linge, de ambachten en het omliggende landschap vormen nog steeds het fundament van de identiteit van de stad. Leerdam en Oosterwijk zijn stevig verankerd in hun omgeving en bouwen voort op de bestaande kwaliteiten, met oog voor landschap, cultuurhistorie en de dagelijkse leefwereld van bewoners. Op deze manier werkt de stad stapsgewijs aan de uitgangspunten die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. De vier verhaallijnen uit deze gebiedsvisie komen in 2040 samen in één samenhangend toekomstbeeld. Het Landschapspark vormt het groene raamwerk rond de stad, de werken ambachtsfunctie is vernieuwd en verbreed, de woonstad is inclusiever en socialer geworden en de stad is beter verbonden met de regio, met duidelijke prioriteit voor lopen, fietsen en openbaar vervoer.
36
37
LEERDAM EN OMGEVING IN 2040
38
39