Bijlage 1 Doorlichting en Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam.pdf
Tekst van het document
Doorlichting en ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Rapport Raad van Toezicht Nationaal Glasmuseum Leerdam
BMC December 2020 drs. A.H.M.van Helden drs. C.J. Kievit drs. M.M. van Vulpen Projectnummer: PO015791 Classificatie: Openbaar Status: Definitief
BMC Advies B.V. P.O. box 490 3800 AL Amersfoort
Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort
T +31 (0)33 496 52 00 www.bmc.nl
KVK 32078667 IBAN NL91ABNA0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01
Inhoud Hoofdstuk 1 Opdracht 1.1 Aanleiding en opdracht
4 4
1.2
Werkwijze en onderzochte periode
4
1.3
Beoordelingsmodel huidig functioneren
5
Hoofdstuk 2 NGM 2.1 Typering NGM op hoofdlijnen 2.2
Economische betekenis voor Leerdam en Vianen
Hoofdstuk 3 Publiekskracht 3.1 Programmering
8 8 9 10 11
3.2
Ontsluiting geschiedenis en betekenis van glas en de glascollectie
13
3.3
Activiteiten ondersteunend aan programmering
13
3.4
Public Relations & Marketing
15
Hoofdstuk 4 Onderhoudskracht 4.1 Collectie
17 17
4.2
Vastgoed en depotruimte
19
Hoofdstuk 5 Bestuurskracht 5.1 Governance
23 23
5.2
Relatie met externe zeggenschap
27
5.3
Interne besturing
30
5.4
Gastheerkracht
32
5.5
Ondernemende en innoverende kracht
34
Hoofdstuk 6 Bedrijfsvoeringskracht 6.1 De feiten over vermogen, exploitatierekening en personeel
35 35
6.2
Vermogen
36
6.3
Exploitatierekening
38
6.4
Personeel en organisatie
41
6.5
Administratie en ICT
44
Hoofdstuk 7
Conclusies
Hoofdstuk 8 Ontwikkelperspectief 8.1 Korte termijn 8.2 8.3
Lange termijn Middellange termijn
2/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
46 50 50 52 54
Hoofdstuk 9 Profiel directeursfunctie 9.1 Functieomschrijving 9.2
Functie-eisen
56 56 56
Bijlage 1
Opdracht
58
Bijlage 2
Geïnterviewde personen
61
Bijlage 3
Geschiedenis museum
62
Bijlage 4
Administratieve organisatie, registratie en interne controle
67
Bijlage 5
Financiële ontwikkelingen 2017 - 2020, feiten en analyse
70
Bijlage 6
Subsidieregime Rijk vanaf 2021
97
Bijlage 7
Uitvoeringsovereenkomst 2019
99
Dit document is opgesteld door BMC en de (auteurs)rechten met betrekking tot de inhoud en het format van dit document berusten bij BMC. Dit document is uitsluitend bedoeld voor gebruik door de opdrachtgever en mag niet worden gepubliceerd of aan anderen ter beschikking worden gesteld zonder uitdrukkelijke voorafgaande toestemming van BMC.
3/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Hoofdstuk 1
Opdracht
1.1 Aanleiding en opdracht De stichting Nationaal Glasmuseum Leerdam (NGM) kent een bestuursmodel met een directeur en een Raad van Toezicht (RvT). Er zijn de afgelopen jaren verschillende wisselingen geweest in de invulling van de directeursfunctie en ook in die van de RvT. Sinds het voorjaar van 2020 nemen twee leden van de RvT samen de directiefunctie waar. Medewerkers, de voormalig directeur en de RvT hebben de afgelopen jaren verschillende vraagstukken en tekortkomingen gesignaleerd binnen de gehele breedte van het museumbedrijf. De RvT is de afgelopen maanden vooral bezig geweest om de relatie te normaliseren met de twee verstrekkers van structurele subsidies: het Rijk (het Mnisterie van OCW) en de gemeente Vijfheerenlanden. De RvT is daarnaast op zoek naar inzicht in het huidige functioneren van het museum en op basis daarvan voorstellen voor een ontwikkelperspectief en tevens een profielschets voor een nieuwe directeur. De RvT heeft BMC opdracht verleend dit inzicht, dit perspectief en deze profielschets te leveren. Dit rapport bevat de resultaten van deze opdracht. Bijlage 1 bevat de volledige doel- en vraagstelling van de opdracht. 1.2
Werkwijze en onderzochte periode
Werkwijze Wij hebben voor deze opdracht veel gegevens en documenten bestudeerd, interviews gehouden met functionarissen van het Ministerie van OCW, de gemeente Vijfheerenlanden en het NGM zelf. Bijlage 2 bevat de lijst met geïnterviewden. Tussentijds hebben wij, in eerste instantie, voorlopige bevindingen gepresenteerd aan het personeel van het NGM en de directievoerende leden van de RvT. In tweede instantie hebben wij een conceptrapport besproken met de RvT. De RvT heeft de gelegenheid gegeven aan de medewerkers en de vrijwilligers, de gemeente en het ministerie om te reageren op het bijgestelde conceptrapport (versie 26 oktober 2020). In het voorliggende eindrapport hebben wij rekening gehouden met de reacties die de RvT heeft ontvangen. Onderzochte periode Wij hebben de ontwikkelingen onderzocht die hebben plaatsgevonden in de periode van 2017 tot het voorjaar van 2020 (de uitbraak van de coronapandemie).
4/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Vanwege het belang voor het NGM besteden wij daarnaast enige aandacht aan de Erfgoedwet die per 2016 in werking is getreden. Ook gaan we globaal in op de geschiedenis van het NGM. 1.3
Beoordelingsmodel huidig functioneren
De bril waardoor we kijken: het waardenmodel Van belang is te expliciteren door welke bril wij het huidige functioneren van het NGM beoordelen. Wij gebruiken daarvoor een waardenmodel dat bestaat uit vier krachten en dat per kracht is onderverdeeld naar deelkrachten en succesbepalende factoren per deelkracht. De effectieve kracht van het museum wordt bepaald door de zwakste schakels. De vier krachten zijn: 1. Publiekskracht 2. Onderhoudskracht 3. Bestuurskracht 4. Bedrijfsvoeringskracht In de hoofdstukken 3 tot en met 6 benoemen wij per kracht de deelkrachten en succesbepalende factoren per deelkracht en waarderen wij aan de hand daarvan het functioneren van het NGM. Het model is bedoeld om kansen te identificeren en te prioriteren Bij de toepassing van het model staat de vraag centraal hoe de krachten en succesbepalende factoren per kracht in de praktijk worden benut en waar de belangrijkste kansen liggen om de totale culturele en zakelijke kracht van het museum te versterken.
Het antwoord op deze vraag wordt beantwoord aan de hand van een beoordeling van de resultaten, de ontwikkeling in de tijd van die resultaten per afzonderlijke kracht, de sterkte van verbinding tussen die krachten, de mate waarin het museum in staat moet worden geacht behaalde resultaten vast te houden en verder te ontwikkelen, en vooral ook de identificatie van de factoren waaraan het museum het beste kan werken, in welke volgorde, teneinde zijn kracht te versterken. Het waardenmodel bepaalt de indeling van de doorlichtingsresultaten Het doorlichtingsdeel van dit rapport kent de volgende indeling. In de komende vier hoofdstukken gaan we achtereenvolgens in op elk van de vier onderscheiden krachten. Per hoofdstuk/kracht benoemen we: ● Relevante feiten ● Wat gaat goed? ● Wat gaat niet goed genoeg?
5/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
● Waar liggen kansen (intern en extern)? ● Waar liggen bedreigingen (intern en extern)? In feite gaat het hierbij om een vorm van sterkte-zwakteanalyse per kracht. Voor zover onze waardering is gebaseerd op een feitencomplex dat afzonderlijke vermelding verdient, verwijzen wij daarvoor naar een specifieke bijlage bij dit rapport. Vergelijking met andere musea We hebben het NGM voor onze waardering ook vergeleken met andere rijksmusea. Wij hebben daartoe gebruikgemaakt van de databank Museana van de Museumvereniging en de gegevens die deze bevat over het jaar 2018. Cijfers voor de rijksmusea over 2019 kunnen we helaas op dit moment niet ontlenen aan Museana. Dit heeft geleid tot de volgende selectie van musea: 1. Allard Pierson Museum 2. Het Nieuwe Instituut 3. Keramiekmuseum Princessehof 4. Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum 5. Museum Catharijneconvent 6. Museum Gevangenpoort 7. Nationaal Onderwijsmuseum 8. Naturalis Biodiversity Center 9. Rijksmuseum Boerhaave 10. Rijksmuseum Twenthe Dit zijn de rijksmusea waarvan de gegevens over 2018 zijn opgenomen in Museana, met publieksinkomsten (entreegelden) die in 2018 liggen tussen € 136.900 en € 634.900. De publieksinkomsten van het NGM in 2018 bedragen € 321.000 (volgens Museana). Het gaat bij de publieksinkomsten van deze musea dus om een bandbreedte tussen 43 en 198% van de vergelijkbare inkomsten van het NGM.
Gemiddeld zijn de musea uit de referentiegroep iets groter dan het NGM:
Gegevens 2018
Totaal aantal bezoeken Publieksinkomsten
6/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Nationaal Glasmuseum
Gemiddelde vergelijkbare rijksmusea
55.134
88.442
€ 321.000
€ 453.000
Dit gemiddelde verschil in grootte vormt overigens geen probleem in onze vergelijkingen omdat we geen absolute grootheden vergelijken, maar alleen relatieve (vooral grootheden uitgedrukt per bezoek en daarnaast percentages van totale uitgaven per museum). Voor onderwerpen waarbij er sprake is van een waarde bij één museum uit de referentiegroep die uitzonderlijk hoog is ten opzichte van die van de andere musea, laten we dat museum buiten beschouwing bij dat specifieke onderwerp. De uitkomsten van deze vergelijking betrekken we in dit rapport bij onze waardering per kracht. Ontwikkelperspectief en profielschets directeur zijn gebaseerd op de doorlichting Op basis van de resultaten van de doorlichting formuleren wij organisatiebrede conclusies (hoofdstuk 7 Conclusies) organisatiebrede adviezen (hoofdstuk 8 Ontwikkelperspectief) en een advies over de invulling van de directeursfunctie (hoofdstuk 9 Profiel directeursfunctie).
7/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Hoofdstuk 2
NGM
In dit hoofdstuk geven wij een bondige karakterisering van het NGM Leerdam. Verderop in het rapport komen wij uitvoeriger op deze onderwerpen terug. Ook gaan wij in dit hoofdstuk kort in op de economische waarde van het museum voor de lokale samenleving. Bijlage 3 bevat een korte uiteenzetting van de geschiedenis van dit museum. Tijdens de loop van ons onderzoek is bij het museum de wens ontstaan om de historie uitvoerig te beschrijven. Deze beschrijving door het NGM zelf verschijnt binnenkort. 2.1
Typering NGM op hoofdlijnen
Rechtsvorm Het Nationaal Glasmuseum is een stichting met de naam Nationaal Glasmuseum Leerdam. Combi museum en glasblazerij Het NGM maakt gebruik van twee gebouwen die zich op ruime loopafstand van elkaar bevinden: het museumgebouw voor permanente en tijdelijke tentoonstellingen en de glasblazerij waarin professionals en leerlingen glas kunnen blazen en bewerken, bij wijze van presentatie aan het publiek en ook voor productie- en opleidingsdoelstellingen. Bezoekers kunnen kiezen voor toegangsbewijs voor één of voor beide gebouwen. Wij gebruiken in dit rapport de term ‘museum’ als alternatief voor ‘NGM’, maar regelmatig ook als aanduiding van de locatie ‘museum’. Collectie Het grootste deel van de collectie die het NGM beheert is eigendom van de Stichting NGM. Dit deel omvat iets meer dan de helft van de totale glascollectie. Ongeveer 40% van de gehele collectie van glasvoorwerpen die zich in het NGM bevindt is rijkseigendom. Het betreft hier de toenmalige fabriekscollectie die in 2002 werd aangekocht door het Ministerie van OC&W, met steun van de Vereniging Rembrandt. Dit deel is in administratief beheer bij de Rijksdienst Cultureel Erfgoed.
De oorspronkelijke fabriekscollectie (nu rijkscollectie) en de Stichtingscollectie zijn van meet af aan in elkaar verweven omdat de stichting vanaf het begin aanvullend aan de fabriekscollectie verzamelde en de conservatoren van het NGM van meet af aan een belangrijke stem hadden in het verzamelbeleid van de Glasfabriek Leerdam.
8/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Naast de toenmalige fabriekscollectie beheert het NGM ook een langdurige bruikleen van het Rijk en bruiklenen van particulieren. Deze bruiklenen zijn gedocumenteerd en vastgelegd. Culturele activiteiten Tot de culturele activiteiten behoren glastentoonstellingen, educatie-activiteiten voor jeugdigen en volwassenen, presentaties van blazen en slijpen van glas en workshops. Zakelijke activiteiten Tot de zakelijke activiteiten behoren de horeca- en winkelactiviteiten in beide locaties en de verhuur van stoelen aan zelfstandige glasblazers en glasblazers in opleiding. Aantal bezoeken en personeel In de periode 2017-2019 trok het NGM 57.000 bezoekers, waarvan 25.000 in het museum en 32.000 in de glasblazerij. In dezelfde periode werkte het NGM met gemiddeld 16,2 fte personeel, waarvan 3,5 fte werd ingehuurd, en rond de 125 vrijwilligers die samen 7,3 fte aan inzet leverden. 2.2 Economische betekenis voor Leerdam en Vianen Het NGM vormt een belangrijke aanleiding voor toeristen om een dagje of een aantal dagen naar Leerdam te komen. Het museum zelf trekt jaarlijks een kleine 60.000 bezoekers. We weten dat een museumbezoeker naast de uitgaven in het museum (entreekaartje, café, winkel) ook andere uitgaven in de omgeving van het museum doet aan onder meer horeca- en winkelbezoek. Voor dagjesmensen liggen die extra uitgaven in de lokale middenstand op ruim € 50.
Bezoekers die ook overnachten geven gemiddeld zo’n € 150 per dag uit. Uit onderzoek is ook bekend dat aantrekkelijke culturele voorzieningen, zoals musea, ook bijdragen aan het vestigingsklimaat voor nieuwe, vaak hoger opgeleide inwoners en van bedrijven. Het NGM heeft natuurlijk ook een belangrijke waarde in het kader van Leerdam Glasstad als marketingconcept van de gemeente Vijfheerenlanden. Het trekt liefhebbers van glasobjecten naar de stad. Een deel daarvan komt ook bij de glasgalerieën in Leerdam over de vloer. Het ligt daarom in de rede te veronderstellen dat het bedrag dat een bezoeker die niet overnacht in Leerdam meer uitgeeft dan de bovengenoemde € 50 per dag. Een deel van de bezoekers zal ook het Stedelijk Museum Vianen bezoeken en daar de lokale horeca en winkels bezoeken.
9/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Hoofdstuk 3
Publiekskracht
In dit hoofdstuk geven wij een waardering van de publiekskracht van het NGM. Wij doen dat aan de hand van de volgende invalshoeken: Deelkracht
Succesbepalende factor
Programmering
Presentatie Educatie Mate van dekking van de schakels interesseren, leren, participeren, produceren, presenteren Publieksbereik en publieksontwikkeling Verbinding met en uitstraling naar de regio Verbinding met andere lokale en regionale maatschappelijke manifestaties en activiteiten
Ontsluiting geschiedenis en betekenis van glas en de glascollectie
Eigen onderzoek
Activiteiten ondersteunend aan programmering
Bijdrage van horeca, winkel/kunstuitleen en ruimteverhuur, specifieke activiteiten glasblazerij
Public Relations & Marketing
Reclame- en promotieactiviteiten
Verbinding met andere onderzoekscentra en musea Presentatie onderzoeksresultaten
Arrangementen, verbinding met regio en complementaire presentaties elders Naamsbekendheid en imago
10/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
3.1
Programmering
Feiten ● De glasblazerij trekt jaarlijks meer bezoekers dan het museum. De glasblazerij ligt dan ook op een fraaie locatie. Het ligt naast de jachthaven waar het van eind maart tot en met eind september een komen en gaan is van pleziervaartuigen met veelal vermogende senioren aan boord. En het is gelegen aan de Zuidwal, het mooiste stukje Leerdam. ● Het NGM organiseert per jaar gemiddeld vijf tentoonstellingen, thematisch of met werk van één of meer kunstenaars. Er is een open-depot-opstelling op de loopbruggen tussen beide museumgebouwen, met zicht op de collectie van het museum. ● Het NGM beschikt binnen zijn exploitatie niet over een apart budget voor het organiseren van tentoonstellingen. Dit betekent dat per tentoonstelling er fondsen en subsidies aangevraagd worden, waarbij lang onzeker blijft of en welk budget er beschikbaar is om de tentoonstelling tot stand te brengen. ● Er is geen meerjarententoonstellingsplanning, er wordt ongeveer een jaar vooruit gewerkt. ● Er is een educatief programma voor basisscholen en voortgezet onderwijs uit heel Nederland ‘Glas!’, met bezoek aan museum, glasblazerij en/of inzet van leskisten, het programma Culturele Ankers voor basisscholen in Leerdam en cultuurprogramma Spoorzoekers voor de regio vanuit de landelijke regeling Cultuureducatie met Kwaliteit.
● Er zijn rondleidingen voor groepen museumbezoekers, taxatiedagen, workshops in de glasblazerij en activiteiten voor (klein)kinderen. Wat gaat goed? ● Het museum heeft een kwalitatief sterk en breed educatie-aanbod met aandacht voor het ambacht, Leerdam als glasstad en vormgeving. Voor scholen uit Leerdam en omgeving is het aanbod van het museum onderdeel van een structureel cultuurprogramma. ● Zonder vast tentoonstellingsbudget weet het NGM toch elk jaar verrassende tentoonstellingen te maken voor verschillende publieksgroepen. ● Er wordt zorgvuldig gekozen welke fondsen en subsidies er per tentoonstelling worden aangeschreven, zodat deze niet worden overvraagd. Wat gaat niet goed genoeg? ● Het kost de organisatie veel energie om per tentoonstelling budget bij elkaar te brengen. Het is lastig om een goede tentoonstellingsprojectplanning te maken wanneer het budget tot het laatst niet duidelijk is. ● Afwezigheid van een eigen tentoonstellingsbudget leidt tot beperkingen in de kwaliteit van tentoonstellingen en de mogelijkheden voor pr en marketing.
11/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
Om nieuwe bezoekers te trekken en herhalingsbezoek te creëren, zijn tentoonstellingen nodig die herkenbaar zijn voor verschillende doelgroepen en die op tijd kenbaar worden gemaakt. De programmering in de glasblazerij is regelmatig niet voldoende publieksgericht.
Waar liggen kansen? ● Het NGM zou een duidelijker profiel kunnen kiezen. Wil het een historisch museum zijn, een museum dat is georiënteerd op Leerdam-glas of op hedendaags-glas? Gaat het om glasambacht, glaskunst en/of glastoepassingen in brede zin? Wat onderscheidt het NGM van andere musea in Nederland met een glascollectie? ● Er zou financiële ruimte moeten zijn binnen de jaarlijkse exploitatie om te kunnen inzetten als eigen bijdrage (een tentoonstellingsbudget, zodat er een basistentoonstelling is te maken). Het museum kan zich dit echter binnen de huidige financiële omstandigheden niet permitteren. ● Door een meerjarententoonstellingsplanning op te zetten, kan er verder vooruit worden gewerkt, is er meer ruimte om fondsen te werven, bruiklenen te regelen, samen te werken met andere instellingen en kunnen pr en marketingactiviteiten eerder worden gestart. ● Een planning van de programmering, gericht op duidelijke doelgroepen, zou ondersteunend zijn aan gestructureerd bouwen aan een effectief aanbod. Daarin zou het bijvoorbeeld passen om onderscheid te maken tussen toeristenseizoen (breed toegankelijk, gericht op artistieke aspecten), winterseizoen (gericht op geschiedenis, binding met lokale bevolking) en een tentoonstelling gekoppeld aan glasblazerij/gastblazers/(inter)nationale trends in glaskunst en actuele thema’s verbeeld in glas (kunstopleidingen).
● Denk daarbij ook aan tentoonstellingsthema’s, waarbij er jaarlijks een ander aspect wordt belicht en waarbij er een meerjarensubsidie kan worden aangevraagd. ● In de glasblazerij zou in elk geval tijdens weekenden en schoolvakanties minimaal één stoel in gebruik moeten zijn voor demonstraties. Waar liggen bedreigingen? ● Op dit moment biedt de financiële exploitatie geen of nauwelijks ruimte voor de inzet extra mensuren, extra materiële budgetten en voor investeringen. ● Fondsen en sponsors vragen om cofinanciering - wanneer de bijdrage van het museum alleen in arbeidsuren is, of het museum geen eigen vermogen heeft, haken sommige potentiële financierders af. ● Wanneer het museum te vaak dezelfde fondsen aanschrijft, bestaat de kans dat deze gaan afwijzen. ● Bezoekers die niet positief zijn verrast raden anderen geen bezoek aan.
12/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
3.2
Een ambitieuze tentoonstellingsplan met onzekere financieringsbasis maakt het lastig om als betrouwbare partner nieuwe contacten op te doen en te houden. Ontsluiting geschiedenis en betekenis van glas en de glascollectie
Feiten ● In het museum is op een beperkt aantal plekken aandacht voor die geschiedenis: over het museumgebouw, door een deel van de inrichting en de communicatie over het museum. In de glasblazerij wordt tijdens het glasblazen uitleg gegeven over het ambacht glasblazen en de artistieke mogelijkheden. Wat gaat goed? ● Liefhebbers van glas en geïnteresseerden in de geschiedenis van het ambacht en Leerdam als glasstad worden op verschillende manieren aangesproken in het museum en de glasblazerij. ● Het museum heeft een kwalitatief sterk educatief aanbod voor het onderwijs met aandacht voor de geschiedenis, de betekenis van glas en de glascollectie. Wat gaat niet goed genoeg? ● De informatie over de geschiedenis en betekenis van de collectie is voor toeristen te versnipperd. ● De huidige tentoonstellingen zorgen voor weinig binding met de lokale bevolking. ● De collectiepresentatie zou meer verhalen en verbeelding mogen bieden. Waar liggen kansen? ● Een herkenbare informatielijn in beide gebouwen met basisinformatie over de Leerdamse glasgeschiedenis zou een belangrijke toegevoegde waarde hebben. ● Ook zou meer informatie over produceren en gebruik van glas een waardevolle toevoeging kunnen zijn. Waar liggen bedreigingen? ● De huidige financiële exploitatie vormt een sterke beperking voor het verhogen van lasten. 3.3
Activiteiten ondersteunend aan programmering
Feiten ● In zowel de museumwinkel als de winkel in de glasblazerij staan objecten die geblazen zijn in de glasblazerij, in verschillende prijsklassen en kwaliteiten van klein souvenir tot kunstobject.
13/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
Het museumrestaurant Cochius’ Keuken is sinds dit jaar gesloten door de coronapandemie. Op dit moment wordt gratis koffie en thee verzorgd door medewerkers van het museum. Dit wordt gewaardeerd door bezoekers maar kost wel tijd, net als de inkoop en het schoonmaken. Er is een koffie/thee-automaat besteld zodat bezoekers dit zelf kunnen regelen
Wat gaat goed? ● Het NGM biedt verschillende arrangementen en workshops aan die aansluiten bij de uitstraling van het museum en Leerdam als glasstad. ● Sinds 2020 is er in de glasblazerij een nieuwe huurder van restaurant ‘De Houtloods’. De sfeer en levendigheid in het restaurant stralen af op de glasblazerij. Wat gaat niet goed genoeg? ● Er is weinig oog voor de informatiebehoefte van de verschillende doelgroepen. ● De glasblazerij heeft een tweeledige functie: attractieve waarde voor betalende bezoekers en een artistieke waarde voor kunstenaars, opdrachtgevers en cursisten. Beide functies staan soms op gespannen voet. ● Betalend publiek verwacht een attractieve demonstratie, maar soms voldoet de actie op de werkvloer niet aan de verwachting. Gasten en groepen met een arrangement zijn gebonden aan tijd en zijn soms teleurgesteld. ● De informatie van de voorlichters is afhankelijk van wat op werkvloer gebeurt en wisselend van kwaliteit. ● De winkelinrichting die door Piet Hein Eek is ontworpen, is deels vervangen door andere winkelmeubels waardoor het winkelgedeelte rommelig oogt. ● Er zijn glasobjecten van verschillende kwaliteit voor verschillende doelgroepen. Dit is niet goed zichtbaar in de winkelpresentaties. ● De eigen (meester)glasblazers worden niet voldoende gepresenteerd.
Waar liggen kansen? ● Heropenen eenvoudig museumcafé, voor een optimaal museumbezoek en om arrangementen te organiseren. ● Meer programma’s ontwikkelen voor specifieke doelgroepen. ● Ontwikkelen van betere verwijzing naar, en afstemming van, programma’s; ontwikkelen van een communicatiestijl in beide locaties. ● Om de bezoekers in de glasblazerij van basisinformatie te voorzien zouden beeldschermen kunnen worden geplaatst, in de gang van de glasblazerij en in glasblazerij, met algemene beelden en met inzoommogelijkheid op het precisiewerk van een glasblazer. Zo heeft de voorlichter de mogelijkheid om op verschillende manieren informatie te geven. Dit brengt overigens kosten met zich mee die het NGM zich bij de huidige exploitatie niet zomaar kan veroorloven.
14/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
● ●
●
●
●
De kwaliteit van de voorlichting in de glasblazerij zou kunnen worden verhoogd door gebruik te maken van inhoudelijke begeleiding door de glasblazers. In beide winkels een consistente museale winkelinrichting, waarbij er meer rekening gehouden wordt met de verschillende doelgroepen: ○ een deel goedkopere objecten voor toeristen; ○ per meesterglasblazer een eigen presentatie met een korte biografie, mogelijk ook een eigen herkenbare designlijn; ○ daarnaast een deel met Dutch Design van het eigen label By Nationaal Glasmuseum, zoals nu al te koop is. Duidelijk onderscheid is wenselijk in kwaliteit en prijzen, hetgeen ook positief kan bijdragen aan de inkomsten voor het museum en wellicht ook voor glasblazers van exclusieve objecten. Ook kunnen activiteiten worden ontwikkeld buiten de eigen locaties. Denk hierbij aan glaskunst op de routes tussen de locaties onderling en tussen de locaties en de galeries in Leerdam. Maar denk ook aan lezingen en programma’s in bijvoorbeeld verpleeghuizen en scholen. Er bestaan mogelijkheden een beroep te doen op fondsen voor talentontwikkeling en stimulering ambacht.
Waar liggen bedreigingen? ● De huidige financiële exploitatie vormt een sterke beperking voor het verhogen van lasten. 3.4
Public Relations & Marketing
Feiten ● Door de wisselingen van directeuren en medewerkers communicatie en marketing is er in de afgelopen jaren een wisselend communicatie- en marketingbeleid gevoerd. ● Het museum heeft sinds 1 april 2020 een nieuwe marketeer die verantwoordelijk is voor communicatie en marketing. Deze is als glaskenner en auteur van boeken over Leerdams glas al lange tijd verbonden met het museum. ● Er is voor communicatie en marketing binnen de museale exploitatie een eigen budget. ● Er is binnen de Museumvereniging een kring van rijksmusea (feitelijk een landelijk netwerk). Het NGM neemt hieraan niet deel. ● Het museum besteedt 2% van zijn omzet 2018 aan pr en marketing. De Museumvereniging en de Raad voor Cultuur raden middelgrote musea aan om jaarlijks 10% van hun omzet hieraan te besteden. De kosten van marketing en communicatiekosten per bezoeker komen wel redelijk overeen met het gemiddelde van vergelijkbare rijksmusea.
15/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Wat gaat goed? ● Met de komst van de nieuwe marketeer wordt ingezet op langere planningslijnen voor tentoonstellingen en bijbehorende communicatie en marketingacties. Wat gaat niet goed genoeg? ● Het museum heeft in het verleden gewerkt met een systeem voor consumer relations management (CRM) dat door een vorige directeur is stopgezet en vervangen door een ander systeem. Hierdoor zijn gegevens verloren gegaan of niet meer actueel, waardoor belangrijke doelgroepen zoals bruikleengevers, schenkers, liefhebbers niet (gemakkelijk) meer te vinden zijn. Op dit moment wordt ingezet op het vernieuwen en borgen van de gegevens van relaties. ● Door niet deel te nemen aan de kring Rijksmusea onthoudt het museum zich van nuttige informatie-uitwisseling en relevante contacten. Waar liggen kansen? ● Het is wenselijk het CRM-systeem te vernieuwen of te updaten, om het contact met verschillende doelgroepen te borgen. ● Het museum zou meer mogen meeliften met, en bijdragen aan, de regionale branding van Leerdam als glasstad. ● Toeristische bewegwijzering op de snelwegen A2 en A15 en bewegwijzering op de routes tussen die snelwegen en beide museumlocaties kunnen een belangrijke toegevoegde waarde hebben. ● Extern beter zichtbaar maken dat een glasobject is vervaardigd bij het NGM; ook bij bruiklenen aan andere musea.
Waar liggen bedreigingen? ● Verlies van specifieke doelgroepen (verzamelaars, vrienden, bedrijfsleven) dreigt omdat deze niet meer benaderd worden of zich niet meer aangesproken voelen. ● De huidige financiële exploitatie vormt een sterke beperking voor het verhogen van lasten.
16/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Hoofdstuk 4
Onderhoudskracht
In dit hoofdstuk geven wij een waardering van de onderhoudskracht van het NGM. Wij doen dat aan de hand van de volgende invalshoeken: Deelkracht
Succesbepalende factor
Collectie
Eigendoms- en gebruikersverhouding Registratie Onderhoudsplannen en -realisatie in relatie tot exploitatie en balans Toegankelijkheid en digitale beschikbaarheid
Vastgoed en depotruimte
Eigendoms- en gebruikersverhouding gebouwen, terreinen, installaties, inventaris Klimaatplannen en -regulering Onderhoudsplannen en -realisatie in relatie tot exploitatie en balans Toegankelijkheid
4.1
Collectie
Feiten ● In 2016 en 2017 is door de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed geconstateerd dat de registratie niet op orde is. Het NGM heeft naar aanleiding daarvan een verbeterplan gemaakt met een planning tot 2022, onder andere voor de volgende onderwerpen van collectiebeheer. Collectieregistratie ● Wordt planmatig aangepakt en versneld: er is extra menskracht betrokken, loopbruggen zijn dicht geweest, gemeente heeft pand beschikbaar gesteld als depot waar conservator deel van de tijd werkt, extra fotograaf aangetrokken om objecten te fotograferen.
17/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Glasziekte ● In 2016 is er onderzoek gedaan naar glasziekte bij een deel van de collectie. Dit kan bij sommige glassoorten ontstaan bij schommelingen in luchtvochtigheid en heeft te maken met de kwaliteit en het maakproces van glas. ● Binnen de collectie is een deel mogelijk gevoelig voor glasziekte. De vitrines in het museum zijn niet geklimatiseerd en de loopbruggen niet geïsoleerd, wat bij een specifiek deel van de collectie mogelijk zou kunnen bijdragen aan het ontstaan van glasziekte. ● In september en oktober 2016 zijn dataloggers geplaatst om de klimatologische omstandigheden te registreren. Hieruit blijkt dat er vooral schommelingen in temperatuur te zijn en minder in luchtvochtigheid; de situatie is minder ernstig dan eerder werd gedacht. Communicatie met stakeholder over erfgoedcollectie ● De klankbordgroep heeft afgesproken dat er gedurende 2021 gaat worden gemonitord om daarna goede keuzes te kunnen maken. 100 glasobjecten worden getest en gevolgd, ook worden er dataloggers aangeschaft voor alle zalen en gangen. ● Samen met gemeente wordt nieuwe huisvestings- en depotmogelijkheden onderzocht. Inmiddels heeft de gemeente een leegstaand gebouw aangeboden om te gebruiken als depotruimte (om niet).
● De toezichthouder vanuit het kernministerie van OCW heeft inmiddels aangegeven in dezen te vertrouwen op de bevindingen van de Inspectie van Overheidsinformatie en Erfgoed (zie paragraaf 5.2 over de twee soorten toezicht vanuit OCW). Wat gaat goed? ● De punten uit het verbeterplan worden opgepakt en uitgevoerd. ● Er is extra menskracht ingeschakeld om de collectie te registreren. ● De gemeente heeft tijdelijke depotruimte beschikbaar gesteld. ● Door onderzoek is duidelijk geworden dat een klein deel van de collectie glasziekte heeft of kan krijgen. Met de plaatsing van dataloggers is duidelijk geworden dat de loopbruggen vooral schommelingen in temperatuur kennen en minder in luchtvochtigheid. De komende periode wordt een aantal objecten gemonitord om te kunnen bepalen wat de vervolgstappen zijn. Wat gaat niet goed genoeg? ● Het NGM kent achterstanden op het gebied van collectieregistratie.
18/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Waar liggen kansen? ● Wanneer de verbeterpunten voortvarend en binnen de gestelde deadlines worden opgelost, kan de beeldvorming van OCW over het GM positief worden bijgesteld. Waar liggen bedreigingen? ● Op dit moment is er een verbeterplan met een looptijd tot 2022. Het is belangrijk dat er in deze periode niet alleen aandacht is voor het realiseren van een inhaalslag en ‘achterstallig onderhoud’, maar ook nu al collectiebeleidsplannen worden gemaakt voor ná 2022, anders ontstaat er al snel weer achterstand. 4.2
Vastgoed en depotruimte
Feiten ● Het NGM maakt gebruik van het volgende vastgoed: ○ Lingedijk 28-30 Leerdam: in gebruik als museum, is in eigendom van het Nationaal Glasmuseum. ○ Loods Holland, Sundsvall 2 Leerdam: in gebruik als glasblazerij, is in eigendom van de gemeente die het in gebruik geeft aan het NGM zonder daarvoor huurkosten in rekening te brengen. ○ Meent 40-42 Leerdam: het voormalige ABN AMRO-gebouw, is sinds maart 2020 in gebruik als depot; het is in eigendom van de gemeente die het in gebruik geeft aan het NGM zonder daarvoor huurkosten in rekening te brengen. ● Lingedijk 28-30 heeft een historie die belangrijk is voor het museum. Het omvat het woonhuis van de heer Cochius, de bevlogen directeur van de Glasfabriek. Het omvat ook de aangrenzende villa, waar destijds mededirecteur de heer Bunge woonde. Beide villa’s zijn sinds 2010 door middel van loopbruggen aan elkaar verbonden. In deze villa’s aan de Linge wordt de gehele collectie van het NGM getoond. ● Het vastgoed aan de Lingedijk kent een boekwaarde die hoger is dan de marktwaarde. Dit is het gevolg van investeringen voor de realisatie van museale voorzieningen (zoals depotruimten), die vanuit museaal oogpunt noodzakelijk waren, maar die geen corresponderende waarde hebben in het economisch verkeer.
Dit gegeven beperkt de mogelijkheden tot een eventuele verkoop van dit pand en dus ook van een eventuele herhuisvesting van het museum. ● De oorspronkelijke boekwaarde van Lingedijk 28 - 30, na investeringen en jaarlijkse afschrijvingen, bedroeg € 3,3 miljoen. Jaarlijks wordt 2,78% afgeschreven (in 2019 € 75.350). ● De bruto boekwaarde van Lingedijk 28 - 30 bedraagt ultimo 2019 € 2.568.149. In het verleden is een investeringssubsidie ontvangen.
19/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
● ●
●
●
●
●
Deze investeringssubsidie wordt op de balans (passiefzijde) verantwoord en valt jaarlijks voor een deel vrij ter egalisatie (dekking) van de jaarlijkse afschrijvingslasten. De investeringssubsidie bedraagt ultimo 2019 € 515.032. De netto-boekwaarde van het museum bedraagt ultimo 2019 derhalve € 2.053.117. De marktwaarde bedroeg in 2018 - op basis van een taxatie slechts € 1.457.000 (kosten koper), ofwel € 596.117 minder dan de netto-boekwaarde. Sundsvall 2 is eigendom van de gemeente Vijfheerenlanden. Het NGM is gebruiker om niet van dit gebouw. Op de inventaris van Lingedijk 28 - 30 en Sundsvall 2 wordt afgeschreven, afhankelijk van het soort inventaris met 10 of 20% per jaar. De boekwaarde per einde 2019 is € 17.402. De oorspronkelijke aanschafwaarde bedroeg € 303.758 (inclusief latere investeringen, waarvan in 2018 € 13.635 en in 2019 € 6.913). Het NGM is voor het onderhoud van Lingedijk 28 - 30 verantwoordelijk als eigenaar en als gebruiker. Het museum beschikt niet over een meerjarenonderhoudsplan in de zin van een plan (opgesteld of getoetst door een externe expert) waarin alle onderhoudsactiviteiten worden geraamd, voorzien van kosten, die de komende periode van 20 à 40 jaar nodig zijn om de kwaliteit van het gebouw en de bijbehorende terreinen en installaties op het niveau te houden dat het na de laatste grote verbouwing in 2010 had.
Wel bestaat er een plan voor alleen het buitenschilderwerk Lingedijk. Het betreft een offerte van een schildersbedrijf voor werkzaamheden over een periode van 16 jaar vanaf 2019. Het onderhoud van Lingedijk 28 - 30 is zichtbaar slecht, het museum is niet goed toegankelijk en duidelijk te klein. Het museum raakt steeds verder in verval, duidelijk zichtbaar voor de gasten (afwerking aan gevels niet af, afbladderend schilderwerk, loszittende deurklinken, lekkage in expositiezaal bij hevige regen en her en der zijn waarschuwingsteksten opgehangen; toilet buiten gebruik, lekkage bij afvoer, lekkende kraan, betreden tuin op eigen risico). Het NGM is voor Sundsvall 2 alleen verantwoordelijk voor het gebruikersonderhoud. Afspraken over gebruik en onderhoud tussen de gemeente en het zijn mondeling gemaakt. Deze afspraken houden op het gebied van onderhoud in dat de gemeente verantwoordelijk is voor alle eigenaarsonderhoud, inclusief blusmiddelen en het NGM voor alle gebruikersonderhoud. Het NGM beschikt over een bestemmingsreserve Groot onderhoud van € 10.353 per einde 2019. Deze reserve was gevormd voor het groot onderhoud van Lingedijk 28 - 30 dat is gestart in 2018 en doorliep in 2019.
20/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
Het NGM beschikt niet over een meerjarenonderhoudsplan voor het gebruikersonderhoud van de glasblazerij en ook niet voor reserve of een voorziening op de balans hiervoor. Er zijn nog geen plannen voor verduurzaming.
Meer feiten en waardering van de situatie Voor de feiten over de financiering van Lingedijk 28 - 30 en voor wat goed gaat en wat niet goed gaat verwijzen wij naar hoofdstuk 6 (Bedrijfsvoeringskracht, onder Vermogen en Financiële exploitatie). Waar liggen kansen voor huidige vastgoed en depotruimte? ● Wij zien goede reden en mogelijkheden voor het museum om met de gemeente af te spreken dat zij voortaan huur in rekening brengt voor de glasblazerij (in de orde van grootte van € 60.000) en gelijktijdig haar jaarlijkse subsidie aan het museum met hetzelfde bedrag verhoogt. ● De tuin kan een aantrekkelijke waarde toevoegen voor bezoekers, maar die moet dan beter zichtbaar en toegankelijk worden gemaakt. ● Ter verduurzaming kan worden gedacht aan zonnepanelen op het dak van de glasblazerij en aan het benutten van de warmte van de ovens voor vloerverwarming winkel en horeca. Dit kan mogelijk gebeuren met rijkssubsidie. Waar liggen bedreigingen voor huidige vastgoed en depotruimte? ● Het NGM betaalt de gemeente nu geen huur voor de glasblazerij. Dat is gunstig voor zijn exploitatie, maar het heeft twee negatieve kanten. De eerste is dat de exploitatierekening nu geen goed beeld geeft van de economische lasten van zijn huisvesting. De tweede is dat het Rijk vanaf 2016 geen huisvestingssubsidie verstrekt die is gebaseerd op de economische lasten van het museale vastgoed.
● Het achterstallig onderhoud aan het pand Lingedijk 28 - 30 is nadelig voor de aantrekkelijkheid voor het publiek en voor de toekomstige exploitatierekeningen, nog afgezien van het ongemak voor het personeel. ● De afwezigheid van goed zicht op het (gehele) noodzakelijke onderhoud over de gehele levenscyclus van het Lingedijk 28 - 30 (eigenaars- en gebruikersonderhoud), Sundsvall 2 (gebruikersonderhoud) en de vervangingskosten van de inventaris in beide locaties is nadelig voor het meerjarig inzicht in onvermijdbare lasten en is strijdig met de wettelijke eis die vanaf 2020 geldt voor het verkrijgen van huisvestingssubsidie van het Rijk (zie bijlage 6). ● De lasten van afschrijving en rente van het museumgebouw lopen jaarlijks af, vanwege de afschrijvingsmethode die wordt gebruikt voor het gebouw (lineaire afschrijving) en vanwege de verplichtingen over de renteafdracht aan de gemeente.
21/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
●
Dit bemoeilijkt het meerjarige inzicht in en de sturing op de exploitatie. Een jaarlijks gelijk bedrag (een annuïteit) zou wat dat betreft de voorkeur verdienen. Afstoten van de locatie Lingedijk 28 - 30, om wat voor reden dan ook, zou naar verwachting leiden tot een kapitaalverlies van afgerond € 600.000, indien overigens al een koper zou kunnen worden gevonden. Inhalen van achterstand in onderhoud van het pand Lingedijk 28 - 30 is bij huidige financiële exploitatie niet haalbaar (raming 2020: € 30.640 (zie bijlage 5). De onderdelen van de exploitatie nader bezien, huisvestingslasten museum + glasblazerij). De achterstand in onderhoud kan in toenemende mate gevolgen hebben voor de beleving van bezoekers en leiden tot afnemende aantallen bezoeken.
22/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Hoofdstuk 5
Bestuurskracht
In dit hoofdstuk geven wij een waardering van de bestuurskracht van het NGM. Wij doen dat aan de hand van de volgende invalshoeken: Deelkracht
Succesbepalende factor
Governance
Opzet governance en werking intern toezicht en overige checks and balances
Relatie met externe zeggenschap
Sturing en beheersing van de relatie met eigenaren collecties en vastgoed, opdrachtgevers/ subsidieverleners
Interne besturing
Doelen, vertaald naar activiteiten (met verantwoordelijkheden) en baten en lasten per groep van activiteiten Aanwezigheid, actualiteit en gebruik basisinformatie, dashboard, koppeling tussen administraties, tussen informatie en dashboard, tussen informatie/dashboard en doelen Monitoren, bijsturen en evalueren
Gastheerkracht
Mate van kennen van tevredenheid gasten, sponsoren, subsidiegevers, leveranciers en de buurt en mate van omzetten daarvan naar acties
Ondernemende en innoverende kracht
Mate waarin voortdurend kansen en risico’s worden onderkend, kansen worden gepakt, risico’s worden beheerst en veerkracht wordt getoond bij tegenvallers
5.1
Governance
Feiten ● De Governance Code Cultuur 2019 hanteert het RvT-model als uitgangspunt. Het argument daarvoor is dat dit model de mogelijkheid biedt om bestuur en toezicht in de code apart te behandelen. De code geeft aan dat in de cultuursector ook geregeld het bestuursmodel voorkomt. Bij het bestuursmodel liggen alle taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden bij het bestuur.
23/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
● ●
●
●
●
●
●
●
Wanneer in dit model een directie is ingesteld blijft de verantwoordelijkheid voor de gang van zaken en de resultaten van de organisatie bij het bestuur liggen. De code geeft geen principiële voorkeur aan voor een RvT-model dan wel een bestuursmodel. Uitgangspunt van de code is dat het samenhangt met de specifieke situatie hoe de organisatie de aanbevelingen uit de code precies toepast. Het NGM is een stichting met een bestuur (directie) en een RvT. Het bestuur bestaat statutair uit maximaal drie leden. De RvT benoemt de bestuurders (en kan die tevens schorsen en ontslaan). Het bestuur heeft statutair voor diverse soorten besluiten de voorafgaande goedkeuring nodig van de RvT. De RvT houdt, wettelijk en statutair, toezicht op het beleid dat het bestuur voert, de algemene gang van zaken in de stichting en de uitvoering door het bestuur van zijn taken. Wettelijk staat de RvT het bestuur ook met raad terzijde. De statutaire verdeling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen het bestuur en de RvT wijken niet af van wat te doen gebruikelijk is in Nederlandse musea met de rechtsvorm van een stichting met een RvT-model. De afgelopen jaren heeft het bestuur van de stichting feitelijk bestaan uit één bestuurder (de directeur). Deze functie is op dit moment vacant en wordt tijdelijk waargenomen door door een tweetal leden van de RvT.
Het NGM is (bijna) een middelgroot museum met een bijbehorende beperkte organisatie, die zoals te doen gebruikelijk in deze museale wereld bestaat uit enkele professionals voor collectiebeheer en presentatie, enkele professionals voor overheaddiensten als directievoering, financieel beheer, public relations en coördinatie van vrijwilligers, en daarnaast veel vrijwilligers. Een dergelijke kleine organisatie heeft sterke behoefte aan aanvullende kennis en ervaring van en actieve inzet van leden van een RvT (dan wel van een bestuur indien sprake is van een stichting met een bestuursmodel). De afgelopen jaren zijn er veel wisselingen geweest in de bezetting van de RvT en in de directeursfunctie. Dat heeft geleid tot onhelderheid in de strategie en het beleid, voor de medewerkers en vrijwilligers en voor de externe stakeholders (ministerie, gemeente, fondsen, sponsoren en donateurs). De gemeente heeft in 2009 en 2017 leningen verstrekt aan het NGM ter borging van zijn continuïteit en heeft gekoppeld daaraan de rol op zich genomen van actief extern toezichthouder. In die rol behartigt zij haar eigen financieel belang in het museum, maar is zij ook min of meer het vacuüm gaan opvullen dat is ontstaan door het functioneren van de bestuursorganen van het museum.
24/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Wat gaat goed? ● De gemeente heeft de afgelopen jaren een actieve rol gespeeld in het bijstaan van het bestuur en toezicht van het NGM, ter opvulling van tekortkomingen die het bestuur en de RvT hebben laten ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn dat de gemeente met het museum heeft samengewerkt aan de totstandkoming van het verbeterplan dat het ministerie van het NGM wilde ontvangen (zie paragrafen 4.1 en 5.2) en dat de gemeente contact heeft opgenomen met het ministerie om samen een oplossing te vinden voor de pensioenkosten van het museum die voortvloeien uit de Museum-cao (zie bijlage 5, onder Personeelslasten en personeelsbezetting museum + glasblazerij). ● De RvT is zijn rol met name het laatste jaar steeds actiever gaan oppakken en ziet in dat deze meer actieve rol structureel zal moeten zijn. ● De tijdelijke directie is actief op zoek gegaan naar het versterken van de relaties met het ministerie van OCW en de gemeente. Zij werkt inmiddels ook actief mee met de gemeente in het kader van de gemeentelijke ambities rond Leerdam Glasstad. OCW en gemeente geven ons te kennen die inzet te herkennen en te waarderen. ● De tijdelijke directie ziet er, in overleg met de RvT, stevig op toe dat de dagelijkse besturing naar behoren wordt opgepakt door het zittende personeel, dat hiertoe wordt gecoördineerd door een kerngroep.
Zij vult daarbij ook actief competenties toe die de organisatie nu mist (strategische en tactische kwaliteiten). ● De tijdelijke directie heeft BMC de opdracht gegeven tot het uitvoeren van een brede doorlichting en het ontwikkelen van een toekomstperspectief en een profiel voor de directeursfunctie. Wat gaat niet goed genoeg? ● De RvT heeft te lang op te grote afstand gestaan van het beleid en ook van de algemene gang van zaken, ten tijde dat de directeursfunctie was bezet. Dit is niet zozeer een gevolg van het bestuursmodel, als wel de toepassing ervan. Die afstand bestond uit de aspecten ‘advies’ (een te geringe actieve inzet ter begeleiding van de directeur en haar professionals) en ‘toezicht’ (te weinig aandacht voor het gevoerde beleid en de algemene gang van zaken intern en extern). Zoals aangegeven, vult de RvT zijn rol inmiddels actief in. Ook de gemeente en het ministerie herkennen dit beeld. Waar liggen kansen? ● Op grond van de omvang van het museum en daarmee zijn institutionele beperkingen in de kwantiteit van het personeel in eigen dienst zou een bestuursmodel met een bestuur en een directeur wellicht meer voor de hand liggen dan een model met een RvT en een directeur-bestuurder. Niettemin staat niets de huidige RvT in de weg om zijn rol zo in te vullen als ware het een bestuur, of liever gezegd: zoals het nu acteert.
25/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
● ●
●
●
●
Ook een RvT heeft immers de verantwoordelijkheid om actief toezicht te houden op de koers en de activiteiten van de directeur-bestuurder, op de algemene gang van zaken in de werkorganisatie en om de directeur-bestuurder terzijde te staan. Voordeel van behoud van het RvT-model is overigens dat het van nature meer mogelijkheden biedt voor het borgen van checks and balances. Wij zien de weg naar behoud van de huidige invulling van het bestaande RvT-model en verdere versterking daarvan in de zin van feitelijke gedragingen als aanmerkelijker kansrijker dan een eventuele overgang op een bestuursmodel. Een structuurwijziging is immers in deze situatie niet nodig en brengt vrijwel onvermijdelijk met zich mee dat de aandacht de eerste jaren meer uitgaat naar de gevolgen van de formele wijzigingen dan naar de feitelijke invulling van het gewenste gedrag. De weg naar behoud van de huidige invulling van het bestaande RvT-model en verdere versterking daarvan geeft de gemeente de mogelijkheid en ook de plicht zich te beperken tot de zuiver toezichthoudende rol die voortvloeit uit het verstrekken van subsidies en leningen.
Deze vorm van extern toezicht is gericht op het bereiken van de doelen waarvoor de subsidies en leningen worden verstrekt, het realiseren van de randvoorwaarden die zij heeft gekoppeld aan die subsidies en leningen, en het beschermen van het gemeentelijk financieel belang in het NGM, in de vorm van de leningen die zij heeft verstrekt. Voor het bestuur en de RvT en voor de gemeente is het hoe dan ook van belang om nadere concrete spelregels af te spreken over de invulling van de onderlinge relatie op het gebied van: ○ de interne museale governance, inclusief het onderhouden van de relatie met OCW als subsidieverstrekker/opdrachtgever en als extern toezichthouder op het beheer van de collectie; ○ het externe toezicht door de gemeente op grond van de gemeentelijke belangen als subsidieverstrekker/opdrachtgever en vermogensverstrekker (externe governance); ○ de samenwerking op maatschappelijke thema’s die niet onmiddellijk is verbonden aan de subsidiëring (die is gebaseerd op gelijkwaardigheid van partijen en formeel niet behoort tot de governance). Bij de werving en selectie van een nieuwe directeur kan worden gezocht naar een persoon die enerzijds kan functioneren als enige stuurman (m/v) en anderzijds actief kan worden gefaciliteerd door de RvT in de vorm van het aanvullen van competenties, inwerken en incidenteel aanvullen van capaciteit (kwantiteit van inzet).
26/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Waar liggen bedreigingen? ● Een overgang naar een bestuursmodel is een structuurwijziging die naar onze mening meer energie kost dan het oplevert en de aandacht afleidt van wat werkelijk nodig is. ● De RvT heeft een toezichts- en een adviesfunctie. Dat levert per definitie een spanning op tussen afstand houden - ofwel onafhankelijk opereren van directie en werkorganisatie - en betrokken zijn - dus meedenken en soms ook meewerken met de directie. Een groot deel van die spanning valt op te lossen door de adviesfunctie vooral toe te delen aan individuele leden van de RvT (portefeuillehouders) en de toezichtfunctie toe te delen aan de raad als college van toezichthouders. ● Patronen die in het verleden zijn ontstaan in het uitoefenen van het interne en het externe toezicht kunnen hardnekkig zijn. Daarom zullen goede voornemens beter gepaard kunnen gaan met nieuwe schriftelijke afspraken en periodieke toetsing van die afspraken (spelregels). 5.2
Relatie met externe zeggenschap
Feiten inzake de relatie met het Rijk ● Het NGM beheert een rijkscollectie en een eigen collectie. ● De eigen collectie is door het Rijk aangewezen als zijnde van nationaal belang. ● Het NGM is vanaf 2016 een instelling met een wettelijke taak, namelijk belast met de zorg voor het beheer van van zijn gehele collectie (krachtens een besluit van de minister van OCW dat is gebaseerd op de Erfgoedwet, artikel 2.8). ● Op grond van de Erfgoedwet, de Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen en het handboek Cultuursubsidies heeft het NGM te maken met toezicht door OCW: ○ de Erfgoedinspectie over de staat van de collectie en het collectiebeheer; ○ het kernministerie over de prestaties, de financiën, de activiteiten en de subsidie-aanwending gericht op het behalen van de bestedingsdoelen/prestaties. ● Vanaf 2017 ontvangt het NGM jaarlijks een rijkssubsidie (vast bedrag met indexatie indien de begroting van OCW dat toelaat) voor collectiebeheer die is gebaseerd op een aanvraag daartoe in het najaar van 2015. ● Vanaf 2017 ontvangt het NGM een rijkssubsidie (vast bedrag met indexatie indien de begroting van OCW dat toelaat) voor huisvestingslasten die is gebaseerd op een aanvraag daartoe eind januari 2015.
● Vanaf 2013 ontvangt het NGM voor vier jaar een jaarlijkse rijkssubsidie (vast bedrag met indexatie) voor publieksactiviteiten die is gebaseerd op een aanvraag met een activiteitenplan die is beoordeeld door de Raad voor Cultuur.
27/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
Vanaf 2021 wordt deze een-op-een omgezet in een vaste jaarlijkse subsidie (met indexatie) waarvoor geen advies van de raad meer nodig. Vanaf de invoering van de Erfgoedwet geldt als aanvullende subsidievoorwaarde dat elke vier jaar een actueel onafhankelijk bouwkundig inspectierapport van de gebouwen beschikbaar is. Vanaf 2021 bestaat onder meer de verplichting dat rijksmusea zich houden aan de Fair Practice Code en daarmee dat cao’s en honorariumrichtlijnen zoveel mogelijk worden aangehouden en er meer in het algemeen sprake is van een eerlijke vergoeding voor werk.
Feiten inzake de relatie met gemeente Vijfheerenlanden ● De gemeente hecht veel belang aan het voortbestaan van het NGM en aan zijn bijdrage aan het concept van Leerdam Glasstad. ● De gemeente verstrekt jaarlijks een vaste exploitatiesubsidie (na 2017 niet geïndexeerd) en jaarlijks een of meer incidentele subsidies. ● Het totaal aan gemeentelijke subsidies in 2016-2019 komt neer op 18% van het totaal aan rijkssubsidies. ● Daarnaast biedt de gemeente diensten in natura, zoals de huisvesting en het eigenaarsonderhoud voor de glasblazerij en de huisvesting van het depot vanaf 2020. ● Ook verstrekt de gemeente een tweetal leningen aan het NGM. ● Gekoppeld aan die leningen: ○ heeft de gemeente instemmingsrecht op de begroting van het NGM en op investeringen en projecten groter dan € 50.000 (totdat de solvabiliteit minimaal 25% is); ○ is het museum verplicht tot overleg met de gemeente (viermaal per jaar, door directeur en voorzitter RvT) met de gemeente (totdat de waarde van het onderpand minimaal gelijk is aan de uitstaande gemeentelijke leningen). ● Het Rijk overlegt in beginsel niet met de gemeente over de onderlinge aanpak en werkwijze. Feiten inzake de relatie met provinciale en regionale overheden ● Het NGM ontvangt jaarlijks subsidie voor educatie-activiteiten van een samenwerkingsverband tussen tussen gemeenten in de regio en de provincie.
● Het museum voert voor die regionale activiteiten het projectleiderschap uit, tot 2021. ● Het heeft voor de jaren 2017 en 2018 een incidentele subsidie ontvangen van de gemeentelijke (sub)regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden in het kader van de versterking van de toeristische infrastructuur (van in totaal € 50.000). Het heeft deze bedragen besteed aan onderhoud aan het museumgebouw. Dit is gebeurd door tussenkomst van de gemeente Vijfheerenlanden.
28/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
Het museum ontvangt af een toe een kleine incidentele subsidie van afzonderlijke regiogemeenten als bijdrage in de kosten van een tentoonstelling.
Wat gaat goed? ● Het NGM ontvangt subsidies van het Rijk, de gemeente en van regionale overheden. Rijk en gemeente vertrekken beide structurele subsidies. ● Het museum hoeft vanaf nu voor geen van de rijkssubsidies meer een aanvraag in te dienen ter beoordeling door de Raad voor Cultuur. Ook de subsidie voor publieksactiviteiten wordt voortaan ambtshalve verstrekt door het Ministerie van OCW. ● De gemeente is zeer betrokken bij het NGM. Zij verstrekt naast een structurele subsidie ook verschillende incidentele subsidies, twee langlopende leningen en aanzienlijke middelen in natura, waaronder het vastgoed voor de glasblazerij. ● Het Ministerie van OCW en de gemeente Vijfheerenlanden zijn sinds dit jaar van mening dat het NGM voor het eerst sinds een aantal jaren weer een positieve ontwikkeling aan het doormaken is. Wat gaat niet goed genoeg? ● De feitelijke huisvestingslasten liggen ruim 3,5 maal zo hoog als het bedrag dat het museum voor huisvesting ontvangt van het Rijk. Daar komt nog bij dat de feitelijke huisvestingslasten kunstmatig laag zijn omdat een aanzienlijk deel daarvan wordt betaald door de gemeente (huurkosten voor de glasblazerij en vanaf 2020 ook voor het externe depot). ● Afspraken met subsidiegevers werden in het verleden niet altijd nagekomen. De huidige directie van het NGM is inmiddels actief bezig de afspraken te monitoren.
Waar liggen kansen? ● Nu het Ministerie van OCW weer vertrouwen begint te krijgen in de koers van het museum, ontstaat een goed moment om te komen tot een nieuwe subsidierelatie waarin onredelijkheden en onbillijkheden die in het verleden zijn ontstaan bij het vaststellen van het bedrag van de huisvestingssubsidie kunnen worden hersteld. ● Verder versterken en behouden van goede externe relaties is voor het NGM een cruciale factor in zijn functioneren. ● Dat geldt ook voor het versterken van de (culturele, toeristische en economische) verbinding met de gemeente Vijfheerenlanden en in het bijzonder de kern Leerdam. ● Een nieuwe directeur zal de ruimte moeten krijgen om te functioneren als enige stuurman (m/v). De RvT zal de ruimte moeten krijgen om zijn rollen van adviseur en toezichthouder actief in te vullen en zijn verantwoordelijkheden ook in relatie met de externe stakeholders te kunnen waarmaken.
29/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Waar liggen bedreigingen? ● Verhogen van de huisvestingssubsidie is voor het Ministerie van OCW in beginsel voor geen museum en voor geen verandering in een museale huisvestingssituatie aan de orde. De kans bestaat dat het ministerie niet kan worden overtuigd van de onredelijkheid en onbillijkheid die is ontstaan bij de inwerkingtreding van de Erfgoedwet, in de toenmalige situatie dat het beheer van de collectie en het eigendom en beheer van vastgoed nog functies waren die formeel werden uitgevoerd door twee verschillende stichtingen, die geen bezwaar hebben aangetekend tegen de beslissing over de hoogte van de subsidie. 5.3
Interne besturing
Feiten ● Er is jaarlijks een begroting en een jaarrekening. ● Normaliter wordt er ieder kwartaal een tussentijdse rapportage gemaakt. Deze wordt besproken in de RvT. Vanwege een tijdelijk beperkte inzetbaarheid van het hoofd Bedrijfsvoering is dit in 2019 achterwege gebleven. ● De financiële documenten worden opgesteld door het hoofd Bedrijfsvoering. ● Sinds de directeursfunctie wordt waargenomen door twee leden van de RvT functioneert er voor de dagelijkse interne sturing een kerngroep, die voor belangrijke besluiten ruggespraak voert met de waarnemende directie. ● Toen de directeursfunctie nog was ingevuld bestond het managementteam uit zes personen: directeur, conservator, marketeer, hoofd bedrijfsvoering en twee coördinatoren (glasblazerij en vrijwilligers). ● Het huidige kernteam bestaat uit de leden van het voormalige managementteam, maar aangevuld met een floormanager en uiteraard zonder directeur. ● Het kernteam vertegenwoordigt verschillende disciplines. Omdat het een kleine organisatie is met een beperkt budget voelt iedereen zich verantwoordelijk om de organisatie draaiende te houden. Hierdoor ontstaat vermenging van taken en rollen. ● Naar aanleiding van zorgen bij het Ministerie van OCW heeft het NGM in het najaar van 2019 een eerste conceptverbeterplan opgesteld.
In maart 2020 is, in afstemming met (en door) de gemeente Vijfheerenlanden, een versie van verbeterplan is opgesteld waarmee het ministerie heeft ingestemd en dat wordt gemonitord en periodiek besproken met het ministerie. ● De zorgen van OCW hebben voornamelijk betrekking op de financiële situatie van het museum, de registratie van de collectie en de oordeelsonthouding van de accountant. Het verbeterplan bevat de volgende aandachtsgebieden (die elk zijn uitgewerkt naar maatregelen): 1. De balans 2. De collectieregistratie
30/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
3. Glasziekte 4. De Fair Practice Code 5. Administratieve processen 6. Beprijzing glasobjecten 7. Opzetten eigen productielijn 8. Monitoring uitvoering maatregelen. Wat gaat goed? ● De bezoekaantallen zijn in de periode 2017-2020 redelijk stabiel. ● In de periode vanaf 2017 is jaarlijks sprake van (geringe) positieve exploitatiesaldi. In de periode van 2012-2016 was sprake van (forse) negatieve exploitatiesaldi. ● Veel van de dagelijkse werkprocessen lopen gewoon goed. Wat gaat niet goed genoeg? ● Het museum beschikt niet over een meerjarige strategie en ook niet over een meerjarenraming van baten, lasten en vermogen. ● Er ontbreekt daarnaast ook een visie op de koppeling tussen doelgroepen, collectie, imago, winkelinrichting en promotie van het werk van meesterglasblazers. ● De werkorganisatie van het NGM beschikt niet of te weinig over strategische en tactische kwaliteiten (en tevens de bijbehorende ‘helicopterview’ en redactionele kwaliteiten) die nodig zijn voor de interne sturing. Voor zover ze wel aanwezig zijn worden ze in elk geval onvoldoende benut. ● De werkorganisatie is tamelijk passief in ondernemen, in de zin van oppakken van kansen, al is hierin inmiddels wel sprake van verbetering.