Bijlage 01A. 20221024 Eindrapport PWE Windenergie in Vijfheerenlanden_PDF.pdf
Tekst van het document
Een Participatieve Waarde Evaluatie over Windenergie in Vijfheerenlanden
Dit onderzoek is uitgevoerd door Populytics in opdracht van gemeente Vijfheerenlanden.
Martijn de Vries Shannon Spruit Niek Mouter Sjoerd Jenninga Charlotte Tuit
Contact: martijn@populytics.nl
populytics.nl
2|
1. Inhoudsopgave Samenvatting .............................................................................................................................................................................................4 Achtergrond ..........................................................................................................................................................................................4 Hoofdresultaten...................................................................................................................................................................................4 2. Introductie ........................................................................................................................................................................................... 17 3. Methode ............................................................................................................................................................................................... 18 Waarom een PWE-raadpleging? ................................................................................................................................................... 18 Opzet van de raadpleging ..............................................................................................................................................................
19 Dataverzameling ............................................................................................................................................................................... 23 4. Hoofdresultaten ................................................................................................................................................................................. 28 5. Motivaties en zorgen over windenergie(beleid) .......................................................................................................................... 36 6. Overige resultaten ............................................................................................................................................................................. 58 Hoe hebben deelnemers het onderzoek ervaren? ................................................................................................................... 63 Wat vonden deelnemers goed aan de raadpleging en wat kon er beter? ........................................................................... 65 7. Referenties ........................................................................................................................................................................................... 68
3
Samenvatting Achtergrond Om klimaatverandering tegen te gaan heeft de Nederlandse overheid doelen gesteld om steeds meer duurzame elektrische energie op te wekken. Dit gebeurt grotendeels op zee via windturbines, maar dat alleen is niet genoeg. Er moet dus ook op land duurzame energie worden opgewekt. De plaatsing van windturbines en zonnepanelen veranderen het landschap en de leefomgeving van inwoners. Daarom wordt het lokale duurzame energiebeleid niet bepaald vanuit de nationale overheid, maar in de afzonderlijke gemeenten die samenwerken in 30 energieregio’s, ieder met een eigen Regionale Energiestrategie (RES). De gemeente Vijfheerenlanden heeft als onderdeel van de RES-regio U16 de ambitie om circa 25% (0,072 terawattuur, TWh) van de elektrische energie die binnen de gemeente gebruikt wordt in 2030 duurzaam op te wekken. Duurzame energiebronnen die binnen het RES-kader kunnen bijdragen aan de duurzame energiedoelstelling zijn zonne-energie en windenergie. Voor zonne-energie heeft de gemeente grootschalige opwek via zon-op-land uitgesloten omdat men vindt dat agrarische grond niet onttrokken mag worden aan het potentieel voor land- en tuinbouwdoeleinden. De gemeente gaat uit van autonome groei van grootschalige zon-op-dak projecten, maar heeft aanvullend een versnellingsprogramma zon-op-dak op laten stellen.
De kans is echter groot dat met enkel grootschalige zon-op-dak installaties (naast de huidige 3 windturbines van Windpark Autena nabij Vianen) de doelstelling niet behaald zal worden. Daarom denkt de gemeente na over het plaatsen van extra windturbines, met een gezamenlijke opwek van 0,02 tot 0,04 TWh per jaar. De gemeente wil alvorens een besluit te nemen over de komst van extra windturbines de meningen en zorgen van inwoners goed in kaart brengen. Dit geeft de gemeente de mogelijkheid om haar keuzes – zo mogelijk - goed aan te laten sluiten op meningen en zorgen van inwoners. Daarom wordt er participatieonderzoek uitgevoerd, waarvan deze raadpleging onderdeel uitmaakt. In deze raadpleging is gebruik gemaakt van de Participatieve Waarde Evaluatie (PWE) methodiek. Het doel van een PWE-raadpleging is om de overwegingen, waarden en bezwaren van inwoners met betrekking tot een beleidsvraagstuk zo goed mogelijk in kaart te brengen. Deze PWE-raadpleging is zo ontwikkeld dat inwoners een genuanceerd advies konden uitbrengen aan de gemeente over windenergie(beleid). Dat deden deelnemers door punten te verdelen (30 totaal) over 9 (bovenwettelijke) eisen die de gemeente kan stellen aan de bouw van windturbines. In september 2022 gaven 1.176 inwoners hierover advies.
Door de keuzes en de motivaties van deze deelnemers te analyseren leren we wat inwoners van Vijfheerenlanden meer en minder belangrijke afwegingen vinden bij regionaal energiebeleid.
Hoofdresultaten Van de deelnemers maakt 41% zich zorgen om klimaatverandering. Dat is lager dan we in andere klimaatraadplegingen in Nederland zien. In een recent onderzoek naar klimaatbeleid in Gelderland gaf bijvoorbeeld 70% van de deelnemers aan zich zorgen te maken om klimaatverandering (Van Linden, 2021) en op nationaal niveau zien we dat 76% van de deelnemers zich in enige mate zorgen maakt over het klimaat (De Kluizenaar, 2021).
4
Het valt ook op dat inwoners van Vijfheerenlanden minder ambitieus zijn over het realiseren van duurzaam energiebeleid dan andere onderzoeken uitwijzen. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat de meeste Nederlanders het belang van energiebesparing (77%) en de energietransitie (76%) zien. In deze raadpleging vindt echter 41% van de deelnemers vindt dat de gemeente de doelstelling om 25% van de elektriciteit duurzaam op te wekken in 2030 niet hoeft te halen en 45% is het niet eens met de stelling “vindt u dat er extra windturbines in Vijfheerenlanden moeten komen?” Ter vergelijking; in een raadpleging die wij uitvoerden over windenergie(beleid) in Amsterdam vond 80% van de deelnemers dat de gemeente zoveel mogelijk moet doen om duurzame energie op te wekken en was slechts 20% tegen extra windturbines. Deze meningen over windenergie(beleid) geven duidelijk het signaal af dat inwoners zorgen hebben bij de komst van extra windturbines in Vijfheerenlanden. Het is belangrijk dat deze zorgen serieus worden genomen. Hieronder diepen we de overwegingen, waarden en zorgen die deelnemers aan deze raadpleging hebben bij windenergie(beleid) in Vijfheerenlanden verder uit.
Hoofdconclusie 1: Inwoners van Vijfheerenlanden hebben een grote behoefte om betrokken te worden in de besluitvorming over windenergie(beleid). Dat vergt maatwerk, want inwoners verschillen in hun behoefte om betrokken te worden bij de besluitvorming. Een opvallend resultaat van deze PWE-raadpleging is dat deelnemers de meeste waarde toekennen aan de mogelijkheid om mee te kunnen beslissen over windenergie(beleid) in Vijfheerenlanden. Dit vinden deelnemers gemiddeld genomen belangrijker dan andere afwegingen die de gemeente kan maken rondom windenergie, zoals strengere eisen stellen aan het geluid van windturbines of het culturele landschap in Vijfheerenlanden zo veel mogelijk beschermen. Dat deze eis gemiddeld het hoogste scoort zou kunnen komen doordat bepaalde groepen inwoners deze eis heel belangrijk vinden, terwijl andere groepen inwoners dit niet belangrijk vinden. Maar we zien dat over de gehele linie inwoners veel waarde toekennen aan de eis om betrokken te worden bij besluitvorming over windenergie(beleid). Dit zien we ook terug als we kijken naar de voorkeuren van groepen deelnemers. Met een LKCA methode clusteren we deelnemers die voornamelijk dezelfde antwoorden geven in de PWE. De deelnemers aan de PWE bleken onder te verdelen in vier groepen (clusters).
Deze vier groepen deelnemers verschillen van elkaar wat betreft het advies dat ze geven aan de gemeente in de PWE. Deelnemers in een groep maken gelijksoortige keuzes in de PWE (zie tabel hieronder), maar verschillen van elkaar op bepaalde andere kenmerken (zie tabel 3-2). Wanneer we kijken naar de voorkeuren van de verschillende groepen blijkt dat de mogelijkheid voor omwonenden om mee te kunnen beslissen over de bouw van windturbines bij alle vier de groepen het hoogste scoort van alle afwegingen die de gemeente kan maken rondom windenergie(beleid). Er zijn echter ook duidelijke verschillen te herkennen in de participatiebehoeften van de vier groepen.
5
Tabel: Uitkomsten van de Latente Klassen Cluster Analyse van het advies van de deelnemers in de PWE-keuzetaak. Deelnemers verdeelden 30 punten over 9 (bovenwettelijke) eisen die de gemeente kan stellen aan de bouw van windturbines. De kleurencodes staan voor (afgerond): zeer onbelangrijk (donkerrood, maximaal 1 punt), onbelangrijk (rood, 2 punten), enigszins belangrijk (geel, 3 punten), belangrijk (lichtgroen, 4 punten), zeer belangrijk (donkergroen, 5+ punten).
Zorg dat omwonenden kunnen meebeslissen over de bouw van windturbines Verplicht beheerders van windturbines een groter deel van de inkomsten te gebruiken voor de natuur Bescherm het culturele landschap in Vijfheerenlanden zo veel mogelijk Zorg dat direct omwonenden van windturbines financieel voordeel hebben van de energie De windturbines moeten het bouwen van woningen zo min mogelijk in de weg zitten Bouw windturbines verder weg van natuurgebieden in Vijfheerenlanden Stel strengere regels aan de slagschaduw van windturbines Beheerders moeten verplicht een manier aanbieden waarmee omwonenden klachten kunnen doorgeven Stel strengere eisen aan het geluid van de windturbines
Groep 1 (51%)
Groep 2 (15%)
Groep 3 (18%)
Groep 4 (17%)
4.4
6.9
5.0
9.3
3.0
4.8
2.4
0.0
3.5
5.3
2.9
5.7
2.9
4.4
5.3
2.1
3.1
3.3
4.2
0.0
3.9
3.6
0.0
4.4
2.9
0.2
3.3
3.2
2.3
1.1
2.7
0.0
3.8
0.3
4.2
5.2
Het merendeel van de inwoners (groep 1, 51%) vindt alle eisen (enigszins) belangrijk en geen enkele eis zeer belangrijk (afgerond 5 punten over meer) of zeer onbelangrijk (afgerond maximaal 1 punt). De puntenverdeling van deze groep komt sterk overeen met de gemiddelde puntenverdeling van alle deelnemers (figuur 3-3). Deze groep vindt procedurele participatie (kunnen meebeslissen) de belangrijkste afweging rondom windenergiebeleid. Ook het beschermen van het culturele landschap en de natuur en strengere eisen aan het geluid van windturbines vindt deze groep belangrijk. Het merendeel van de deelnemers in deze groep vindt dat de gemeente de RES-doelstelling moet halen (55%), maar de groep is verdeeld over extra windturbines in de gemeente (31% voor, 37% tegen). Verder komen deelnemers uit deze groep relatief vaak uit West-Vijfheerenlanden (36%) vergeleken met deelnemers uit de andere groepen. Groepen 2 (15% van de deelnemers) en 3 (18% van de deelnemers) vinden procedurele participatie (meebeslissen) en financiële participatie belangrijk. Bovendien zijn groep 2 en 3 de grootste voorstanders van de RES-doelstelling van de gemeente. Van beide groepen vindt 61% van de deelnemers dat de gemeente deze doelstelling tenminste moet halen. Verder zijn er een aantal significante verschillen tussen beide groepen te herkennen.
Groep 2 vindt participatie belangrijk in combinatie met het beschermen van het culturele landschap en de natuur in Vijfheerenlanden. Groep 3 vindt dit minder belangrijk en hecht meer waarde aan het voorkomen dat windturbines toekomstige woningbouw in de weg zit en geluidshinder veroorzaakt. Het voorkomen van hinder vindt groep 2 niet belangrijk. Groep 2 maakt zich vaker zorgen om klimaatverandering (59%) dan groep 3 (41%) en is het vaker eens met extra windturbines in Vijfheerenlanden (43%) dan groep 3 (21% eens, 71% oneens). Ook valt op dat groep 2 vaker een vmbo, havo/vwo-
6
onderbouw of mbo1 opleiding heeft afgerond (37%) dan groep 3 (16%) en minder vaak een hbo of wo opleiding heeft afgerond (26%) dan groep 3 (47%). Groep 4 (17% van de deelnemers) vindt procedurele participatie met afstand de belangrijkste afweging rondom windenergiebeleid en kent van alle groepen de minste punten toe aan financiële participatie. Deze groep vindt verder het voorkomen van geluidshinder, het beschermen van het culturele landschap en natuurgebieden in Vijfheerenlanden belangrijk. Groep 4 is het meest uitgesproken tegen de RES doelstelling van de gemeente, slechts 26% vindt dat de gemeente deze doelstelling moet halen. Deze groep maakt zich duidelijk de meeste zorgen om de impact van windturbines op de leefomgeving. Van deze groep is 73% van de deelnemers het oneens met de stelling ‘met windturbines schone energie opwekken vind ik belangrijker dan dat ze misschien niet goed zijn voor dieren en planten’. In de andere groepen ligt dit percentage tussen de 40-50%. Deelnemers uit groep 4 zijn relatief vaak hbo of wo opgeleid (50%) en komen relatief vaak uit Oost-Vijfheerenlanden (23%).
Wat zit er achter de grote behoefte aan participatie onder de inwoners van Vijfheerenlanden? Hebben ze het gevoel dat ze nu of straks bij het realiseren van een windturbine onvoldoende worden betrokken? Zijn de mogelijkheden er wel, maar weten ze die niet te vinden? Wat verstaan ze onder ‘meebeslissen over windenergie’ en ‘financieel voordeel van windenergie’? En waarover willen de verschillende groepen meebeslissen? Voor een antwoord op deze vragenkijken we naar de motivaties, zorgen en bezwaren die deelnemers konden uiten in de raadpleging.
Wat zit er achter de behoefte aan participatie? In de planfase hechten inwoners veel waarde aan een rechtvaardige procedure waarbij de zorgen van bewoners zorgvuldig worden meegewogen in het afwegingskader Deelnemers die veel punten toekennen aan procedurele participatie (kunnen meebeslissen) geven daarvoor verschillende redenen. Allereerst zijn er zorgen dat windturbines een grote invloed hebben op het culturele landschap en de natuur en dat ze overlast bij omwonenden veroorzaken. Deelnemers geven aan dat als windturbines ingrijpende gevolgen hebben op de leefomgeving, het logisch is om omwonenden en inwoners die gevolgen ondervinden te betrekken in besluitvorming. Dit wordt ook wel de normatieve reden voor burgerparticipatie genoemd (Fiorino, 1990; Stirling, 2006). Deze reden zien we terug in onderstaande quotes: “Dat is evident, het is hun leefomgeving” “Om protesten en rechtszaken tegen te gaan en omdat het in het algemeen goed is dat bewoners inspraak hebben in iets ingrijpends.” “Niemand wil die dingen. Het getuigt van slecht bestuur om ze dan toch ergens te plaatsen, zonder instemming van de omwonenden”.
Uit de literatuur over de acceptatie van windenergie blijkt dat dergelijke normatieve afwegingen vooral een grote rol spelen in de planfase van windenergiebeleid (Wolsink, 2007). Wanneer de plannen voor windturbines in een bepaalde omgeving worden aangekondigd leidt dit tot zorgen over negatieve effecten op de leefomgeving. Dit kan ertoe leiden dat inwoners het gevoel krijgen dat ze moeten opkomen voor hun belangen voordat het beleid gerealiseerd is. Zo zegt
7
een deelnemer in een veelzeggende quote hierover: “[…] Staan de windturbines er eenmaal, dan heeft klagen over allerlei zaken geen nut meer, maar dient het alleen maar als klankbord waar geen aktie meer op kan volgen.” Als inwoners het gevoel hebben dat hun zorgen niet gehoord of serieus genomen worden, dan kan dit uitmonden in stevige weerstand tegen windenergieplannen. In tegenstelling tot wat soms wordt verondersteld, komt deze weerstand meestal niet voort uit de egoïstische afweging dat de windturbines beter in iemand anders zijn of haar achtertuin kan worden gezet; het zogenoemde ‘not in my backyard’ fenomeen (NIMBY). Weerstand tegen windenergieplannen komt vooral voort uit het gevoel dat anderen (bijvoorbeeld beleidsmakers) de lasten van windturbines afschuiven op inwoners (Wolsink, 2007). Zie bijvoorbeeld de volgende quote van een deelnemer: “de woke gemeenschap wil overal windturbines behalve in eigen tuin”. Om een oneerlijke verdeling van de lusten (opbrengsten) en lasten (overlast, impact leefomgeving) van windturbines te voorkomen, hechten bewoners dan ook veel waarde aan een eerlijke procedure met ruimte voor inspraak van bewoners in de planfase van windenergieprojecten (Gross, 2007).
Omdat percepties over een oneerlijke verdeling van de lusten en lasten tot weerstand kunnen leiden, is er de afgelopen jaren aandacht voor financiële participatie en lokaal eigendom bij windenergieprojecten geweest (Cowell et al., 2011). In het klimaatakkoord staat de ambitie voor 50% lokaal eigendom beschreven. Omwonenden kunnen bijvoorbeeld gedeeld eigenaar worden of op een andere manier financieel voordeel ervaren van windturbines, maar ook zeggenschap hebben zonder financieel deel te nemen. Het belang van financiële participatie wordt door veel deelnemers onderschreven, met name door de deelnemers uit groepen 2 en 3. Hier zien we nadrukkelijk de instrumentele reden voor meer burgerparticipatie terug in de motivaties van deelnemers. Dit houdt in dat deelnemers meer financiële participatie belangrijk vinden omdat dit leed verzacht en kan leiden tot acceptatie. “Omwonenden hebben de meeste last van windturbines en daar kan best wat tegenover staan.” “Hun leefomgeving ondergaat een verandering qua aanzicht en geluid maar zij hebben er geen voordeel van.” “Mocht er overgegaan worden tot windturbines lijkt het me niet meer dan normaal dat de omwonenden gecompenseerd worden.
Het financiële gemis ( waardevermindering woning) moet gecompenseerd worden!” “Enige compensatie voor ongemak is wel zo eerlijk.” “Het is wel zo eerlijk dat er ook voordelen zijn aan een windturbine in je buurt. Alleen de nadelen zou enorm slecht zijn in het accepteren!” “Betrek bewoners, maak ze zelf mede eigenaar. Dit verandert de opstelling en vergroot draagvlak.”
Hoe willen inwoners van Vijfheerenlanden meebeslissen over windenergie(beleid)? Inwoners van Vijfheerenlanden verschillen in hun participatiebehoefte, maar de raadpleging biedt ook inzichten in wat inwoners nodig hebben om het vervolgtraject van het windenergiebeleid in de gemeente als procedureel rechtvaardig te beschouwen. We hebben de deelnemers nadat ze hun advies gaven aan de gemeente, gevraagd in hoeverre en op welke wijze ze zelf zouden willen meebeslissen over windenergie(beleid). Meer dan 50% van de deelnemers geeft aan hier zelf geen interesse in te hebben. Dit zijn vaak deelnemers uit groep 1, die procedurele participatie wel belangrijk vinden, maar
8
niet zeer belangrijk en ook niet veel belangrijker dan andere afwegingen. Het valt op dat veel deelnemers die punten hebben toegekend aan procedurele participatie dit doen omdat ze het belangrijk vinden dat omwonenden van windturbines hun overwegingen, zorgen en bezwaren kunnen uiten. Wanneer zij zelf geen omwonenden zijn hoeven ze dus niet zozeer hun mening te delen over windenergie(beleid). Behalve de normatieve reden voor procedurele participatie (zoals hierboven beschreven) komt hier ook de instrumentele reden vaak voor, die we tevens bij de motivaties voor financiële participatie zagen: “Dit soort zware beslissingen kunnen alleen maar genomen worden met voldoende draagvlak in de samenleving.” “Zij zijn direct betrokken en kunnen hinder ondervinden. Beter medestanders verwerven dan tegenstanders.” “Met consensus hebben mensen meer vertrouwen in de politiek en kost de klagende burger ook geen geld.” “Als er vanuit de omwonenden geen steun is, belanden we in diverse juridische situaties, waar niemand op zit te wachten.” “Betere acceptatie als omwonenden hun ideeën kunnen aangeven”.
Ongeveer 15% van de deelnemers geeft aan mee te willen denken over de plek of het ontwerp van toekomstige windturbines (procedurele participatie). Ook geeft ongeveer 15% van de deelnemers aan mede-eigenaar te willen worden. En ongeveer 15% van de deelnemers geeft aan de schone energie van windturbines te willen kopen. Deelnemers konden meerdere antwoorden aanvinken voor deze stelling, dus dit betekent niet dat 45% van de inwoners procedureel of financieel wil participeren (sommige deelnemers willen op een aantal manieren participeren). De deelnemers die deze antwoorden geven zitten vaker in groepen 2, 3 en 4. De verschillende participatiebehoeften tussen deze groepen hebben we in de vorige sectie uitgelicht. In de onderstaande aanbeveling gaan we dieper in op de wijze waarop verschillende groepen inwoners willen participeren. Aanbeveling 1: Voer met omwonenden het gesprek over hoe zij willen meebeslissen over het specifieke windenergiebeleid in Vijfheerenlanden en stem de besluitvormingsprocedure hierop af Deelnemers aan deze raadpleging vinden de belangrijkste afweging bij windenergiebeleid, dat inwoners hierover kunnen meebeslissen. Het merendeel van de deelnemers hoeft echter niet zelf mee te beslissen en vindt het vooral belangrijk dat omwonenden invloed hebben op beslissingen over windenergie.
Hoe inwoners willen dat toekomstige participatie over windenergiebeleid in Vijfheerenlanden eruit komt te zien, was niet het hoofdonderwerp van deze raadpleging. Daarom raden we de gemeente aan om dit verder te onderzoeken. Op basis van de keuzes en antwoorden die de deelnemers in deze raadpleging geven, kunnen we wel op hoofdlijnen verschillende voorkeuren onderscheiden over hoe inwoners willen meebeslissen over windenergiebeleid in Vijfheerenlanden. Ongeveer 30% van de deelnemers (groepen 2 en 3) vindt zowel procedurele als financiële participatie erg belangrijk. Wij raden de gemeente aan om met deze groepen het gesprek te voeren over hoe procedurele en financiële participatie samen ingebed kan worden in de volgende stappen van het besluitvormingstraject over windenergie in Vijfheerenlanden. Dit kan door omwonenden mee te laten beslissen over verschillende vormen van (financiële) participatie, zoals de mogelijkheid om mede-eigenaar te worden, de mogelijkheid om tegen een korting de energie
9
van de windturbines in te kopen, of een (groter) deel van de opbrengsten te gebruiken voor lokale gebiedsontwikkeling of natuurbeheer (voor een overzicht van mogelijkheden, zie bijvoorbeeld Ferraro & Ellis, 2017). Maar alleen vastleggen dat indien er meer windturbines in Vijfheerenlanden worden gebouwd, deze voor een deel financieel voordeel opleveren voor omwonenden, is dus niet voldoende. De groepen deelnemers die het meest tegen windenergie in Vijfheerenlanden zijn (groep 3 en 4) vinden het immers belangrijker dat omwonenden kunnen meebeslissen over de verdere besluitvorming dan dat ze financieel voordeel van windturbines kunnen ervaren. Vandaar de aanbeveling om het besluit over (financiële) participatie in te bedden in een procedurele vervolgstap over hoe omwonenden kunnen meebeslissen over windenergie. Deze aanbeveling wordt behalve door de data uit deze raadpleging ook ondersteunt door de literatuur over participatie bij windenergiebeleid. Hoewel financiële participatie kan bijdragen aan de acceptatie van windturbines blijkt uit een review studie naar windprojecten waarbij dit is georganiseerd, dat inwoners hier verschillende voorkeuren voor hebben (Cowell et al., 2011). Er kan niet verwacht worden dat alle weerstand voor windenergie kan worden weggenomen met financiële compensatie voor omwonenden. Daar zijn verschillende redenen voor.
Allereerst is het vaak niet mogelijk om alle lusten en lasten eerlijk te verdelen. Verschillende windzoekgebieden hebben verschillende voor- en nadelen voor verschillende inwoners en daar moet uiteindelijk een beslissing over worden genomen. Uiteindelijk ervaren sommige mensen meer nadelen van windprojecten dan anderen en is het vaak niet mogelijk om alle lasten (volledig) te compenseren. Omdat het onwaarschijnlijk dat inwoners consensus zullen bereiken over de inrichting van financiële participatie wordt in de literatuur over de maatschappelijke acceptatie van windenergie(beleid) aangeraden om een dergelijk traject breder in te steken en te focussen op het samen met bewoners formuleren van voorwaarden voor een rechtvaardige besluitvormingsprocedure (Cowell et al., 2011; Barry & Ellis, 2010). Wanneer de procedure als rechtvaardig wordt ervaren zijn inwoners namelijk eerder geneigd om het uiteindelijke besluit te accepteren. Andersom zien we ook dat ervaren overlast sterk samenhangt met ervaren rechtvaardigheid van procedures (Peuchen, 2022). Door samen met inwoners van Vijfheerenlanden het gesprek te voeren, kan de gemeente maatwerk leveren bij het vormgeven van de voorwaarden voor een eerlijke verdeling van lusten en lasten over verschillende waarden. Dit draagt niet alleen bij aan een beter besluit (inhoudelijke basis voor participatie) over de lusten en lastenverdeling.
Het draagt ook bij aan de ervaren procedurele rechtvaardigheid van de besluitvorming.
Hoofdconclusie 2: Landschap en gezondheid zijn belangrijke waarden in Vijfheerenlanden en moeten geborgd worden Landschap Inwoners uit Vijfheerenlanden (behalve groep 2) kennen veel waarde toe aan het beschermen van het culturele landschap en de natuur in Vijfheerenlanden. Gemiddeld genomen vinden de deelnemers het beschermen van het culturele landschap zelfs belangrijker dan het stellen van strengere geluidsnormen om hinder voor omwonenden tegen te gaan. Uit de geschreven antwoorden blijkt dat voor sommige deelnemers het landschap vooral van culturele waarde is, bijvoorbeeld doordat het bijdraagt bij aan de identiteit van de gemeente. Voor andere inwoners is vooral de natuurwaarde van het landschap belangrijk.
10
“Vijfheerenlanden heeft veel uniek cultureel landschap. Daar moeten we zuinig op zijn. Het hoeft elkaar niet in de weg te zitten. Maar ga er zorgvuldig mee om.” “Het landschap van vhl is een groot deel van onze identiteit en voor een heel groot deel cultuurhistorisch waardevol. Het is goed hier voorzichtig mee om te gaan.” “De natuur is heilig en in die zin dus geen windturbines in de buurt van natuurgebieden.” “We hebben al niet zoveel natuur, bescherm het dan goed.” “We hebben hier een mooi natuurgebied en dat willen we zo houden.”
De gemeenteraad heeft in het verleden reeds rekening gehouden met de waarde van het landschap bij keuzes in het RES-beleid. Zo heeft de gemeenteraad, in lijn met land- en tuinbouworganisaties, zich uitgesproken om geen zon-opland in de gemeente te realiseren als daarbij agrarische grond aan het agrarisch potentieel wordt onttrokken. Windenergie zou een alternatief kunnen zijn voor zon-op-land omdat het veel minder land gebruikt. Maar windturbines gaan wel weer de lucht in en hierover uit men ook zorgen: “Een rij windturbines tast het zicht de mooiste vestingstad Gorinchem aan. Er staan een paar oude molens en kerken maar die vallen in het niet bij die grote windturbines. Het beeld van de stad verandert helemaal. De oude stad zoveel mogelijk beschermen.” “Het is toch geen gezicht om zo'n grote windturbine in ons fraaie landschap te plaatsen. Ben hier geen voorstander van. Zet ze dan op een industriegebied.” “Ons landschapsaanzicht is belangrijk en “vervuiling” door windmolens past daarin niet.”
Een ander bruikbaar resultaat is dat het merendeel van de inwoners extra windturbines in de gemeente liever in één gebied laat plaatsen, dan op meerdere plekken in de gemeente. Een motivatie die hierachter zit is dat dit de impact op het landschap minimaliseert. Ook in een eerdere enquête van de gemeente Vijfheerenlanden onder inwoners, kwam een sterke voorkeur naar clustering naar voren. Bij het beoordelen van specifieke projectvoorstellen kan het betrekken van omwonenden tot gedragen en inhoudelijk betere besluiten leiden. De inhoudelijke reden voor burgerparticipatie houdt in dat de kwaliteit van besluiten beter wordt doordat inwoners lokale kennis inbrengen. Hiervoor is het belangrijk dat een participatietraject – bijvoorbeeld over waar in een windzoekgebied een windturbine de minste schade aan het natuur en cultuurlandschap toebrengt – niet te erg gebaseerd is op technische expert kennis over milieueffecten. Uit eerdere participatietrajecten blijkt dat veel inwoners het moeilijk vinden om over dit soort ‘calculerende redeneringen’ mee te praten (Aitken et al., 2008; Larsson & Emmelin, 2015). Inwoners zijn goed in staat om mee te praten over lokale en persoonsgebonden waarden, zoals waar een windturbine wel of niet ingepast kan worden. “Het is van belang om natuurgebieden te beschermen in de Vijfheerenlanden. Plaats daarom windmolens op bijvoorbeeld landbouwgrond.
Daar is namelijk genoeg van in onze gemeente.”
11
“In de natuur gebieden moet je kunnen genieten van de natuur, maar dat gaat dan wel om de specifieke gebieden als de Zouweboezem, de schaapskooi etc. Niet alle weilanden.” “Er gaat al veel verloren door steeds meer uitbreiding van de kernen, en wat verloren is komt niet meer terug.” “We offeren in Nederland steeds meer landschap op aan de welvaart (verkeer, industrie, woningbouw etc) Het is zaak dat wat we nog hebben zoveel mogelijk te behouden.”
Een perfecte inpassing is wellicht niet altijd mogelijk. Dan is het belangrijk na te denken over compensatie. Zo vinden alle deelnemers, behalve groep 3, het (ook) belangrijk dat de impact van windturbines op de natuur gecompenseerd wordt. Hierover zeggen inwoners bijvoorbeeld: “Het mag niet ten koste gaan van de natuur. En dat gaat hoe dan ook gebeuren. Door de inkomsten dan te gebruiken voor de natuur, kan de schade misschien wat gecompenseerd worden”. “Windturbines tasten de natuur aan dus is compensatie geboden.” “Door meer natuur in die omgeving toe te voegen wordt de impact mogelijk wat verzacht. Een andere financieringsbron voor natuur is er bijna niet.” “Dat is de pleister op de wond. Een windturbine is een aanslag op het landschap, laat het dan ook positieve gevolgen hebben voor de natuur.”
Gezondheid Behalve groep 2, kennen alle deelnemers veel waarde toe aan het voorkomen van overlast en daarmee het waarborgen van de gezondheid van omwonenden. Uit de keuzes van de deelnemers in de PWE-keuzetaak blijkt dat gezondheidsoverwegingen, samen met culturele overwegen, voor inwoners van Vijfheerenlanden de belangrijkste omgevingsfactoren zijn om rekening mee te houden. We hebben deelnemers ook gevraagd of ze windturbines liever dichtbij de gebouwde omgeving zouden zetten als dat helpt om planten en dieren te beschermen en het merendeel van de bewoners is hier op tegen. Deelnemers willen de windturbines dus liever op grotere afstand van de bebouwde omgeving. Uit de motivaties van deelnemers valt duidelijk op te maken dat inwoners van Vijfheerenlanden er veel waarde aan hechten dat er voldoende rekening wordt gehouden met gezondheidszorgen van omwonenden. Hiervoor worden verschillende redenen genoemd (zie voor een uitgebreide lijst hoofdstuk 4). De voornaamste zorgen die bij deze eis worden geuit lijken voort de komen uit de behoefte aan duidelijkheid over het (voorkomen van) omgevingseffecten en/of de behoefte dat klachten of zorgen van omwonenden serieus genomen worden. Dit blijkt bijvoorbeeld uit onderstaande quotes:
Behoefte aan duidelijkheid over omgevingseffecten “Omwonenden moeten wel gewoon in hun huis kunnen wonen. Dus geen reële nadelen voor hen.”
12
“Windturbines mogen nooit geluidsoverlast geven. Is niet acceptabel, en je zou er zelf ook niet naast willen wonen.” “De overlast van windturbines voor omwonenden moet minimaal gehouden worden, door deze te plaatsen zo ver mogelijk van woningen en waar dit niet mogelijk is, aangepast installeren om overlast te minimaliseren.” “Dit is eveneens een enorm storende 'bijwerking' van windmolens en moet niet te lichtzinnig over worden gedacht. Dus normen moeten uiterst streng zijn om overlast tot het minimale te beperken.”
Behoefte aan erkenning en vertrouwen in autoriteiten (uitvoerders en besluitvormers) “Er wordt onvoldoende rekening gehouden met de medische gevolgen voor omwonenden .” “Hier wordt meestal te makkelijk over gedaan door de beheerders: de situatie wordt positiever uitgelegd dan wat de daadwerkelijke realiteit na oplevering van de turbines zijn. Strenge regelgeving voorkomt dat de beheerders via een omweg alsnog hun zin/voordeel erdoorheen kunnen drukken als fait accompli.” “Eerste punt waar zeer streng naar gekeken moet worden. Het kan niet zo zijn dat er omwonenden zijn die er dagelijks last van ondervinden. Het probleem is altijd, dat degene die de plaatsing regelt er zelf totaal niet bij in de buurt woont. Als er dan inwoners klagen, weten zij absoluut niet waar de inwoners het over hebben, want zij horen dat niet in hun woning.” “Gezondheidsrisico’s en klachten van omwonenden worden niet onderzocht of serieus genomen. Beschikbare onderzoeksresultaten worden genegeerd (of zijn zelfs onbekend).”
Uit de literatuur over procedurele rechtvaardigheid weten we dat inwoners behoefte hebben aan heldere procedures wanneer er onzekerheid is over de negatieve effecten op hun leefomgeving (Van den Bos et al., 1997) en wanneer ze niet weten of de autoriteiten hun belangen voldoende vertegenwoordigen (Lind & Tyler, 1988). Dat er onzekerheid bestaat over de besluitvormingsprocedure rondom windenergie in Vijfheerenlanden blijkt duidelijk uit de bovenstaande motivaties van deelnemers voor strengere normen om overlast tegen te gaan. Deze onzekerheid wordt niet alleen gevoed door wet- en regelgeving die ter discussie staat maar ook door zorgen over of het belang van inwoners voldoende geborgd is in de huidige processen. Om een rechtvaardige besluitvormingsprocedure te waarborgen is het belangrijk dat bovenstaande zorgen van inwoners serieus genomen worden. Dat hier behoefte aan is in Vijfheerenlanden komt ook expliciet naar voren in deze raadpleging. We hebben deelnemers namelijk gevraagd welk advies zij het belangrijkste vinden voor de besluitvorming rondom windenergie, dat van inwoners of experts. Hierop antwoord 35,6% dat het advies van inwoners belangrijker is dan dat van experts. En 44,3% vindt het advies van inwoners even belangrijk als het advies van experts.
Aanbeveling 2: Neem de zorgen van inwoners over negatieve effecten op het landschap en gezondheid serieus Uit de bovenstaande bevindingen komt duidelijk naar voren dat omwonenden het belangrijk vinden dat hun zorgen over het landschap en gezondheid serieus genomen worden. Dat kan bijvoorbeeld door duidelijke grenzen te stellen
13
over de impact die windturbines op het culturele landschap en de natuur in Vijfheerenlanden mogen hebben. Het serieus nemen van de zorgen over het culturele landschap en de natuur in Vijfheerenlanden kan bovendien bijdragen aan betere besluiten over windenergiebeleid. Inwoners bezitten immers lokale kennis over waar windturbines de meeste/minste impact op het landschap hebben. Bij zorgen over gezondheid is het vooral belangrijk dat inwoners het gevoel krijgen dat de gehanteerde wet- en regelgeving (plus eventuele bovenwettelijke eisen) hen voldoende beschermen, of dat eventuele klachten in de toekomst goed afgehandeld zullen worden (zie onderstaande quotes). Hiervoor is het belangrijk om een vertrouwensband op te bouwen. Het helpt hierbij niet als zorgen over de leefwereld worden beantwoord met technische redeneringen over hoe wet- en regelgeving werkt, want dit sluit niet aan bij de beleefwereld van inwoners. “Mensen binnen een straal van 200 meter op de plek van de windturbine kunnen dit verbieden.” “Noodzakelijk ter bescherming van de omwonende als klein duimpje tegenover een machtige energiereus.” “Zo weten ze hoe de inwoners zich voelen.” “Er moet ook aannemelijk gemaakt worden dat deze manier effectief is en klachten moeten ook opgevolgd (kunnen) worden.” “Dit zijn we met z'n allen aan de omwonenden verplicht.
En niet alleen doorgeven maar ook met van tevoren afgesproken reactie en actie (bijvoorbeeld tijdelijk stilzetten).”
Hoofdconclusie 3: Inwoners willen zicht op een integrale visie over de rol van windturbines Deelnemers die energiebeleid van de gemeente niet of minder steunen doen dat niet altijd omdat ze tegen een duurzaam energiebeleid in brede zin zijn. Al is er wel een kleine groep deelnemers die tegen iedere vorm van een duurzaam energiebeleid is. De meeste deelnemers die het duurzaam energiebeleid van de gemeente niet of minder steunen, doen dit echter omdat ze andere oplossingen beter vinden. Hiervoor worden verschillende redenen genoemd, waarvan we de belangrijkste hieronder uitlichten. Er zijn deelnemers die vinden dat de verantwoordelijkheid om de klimaatdoelen te halen (deels) niet bij de gemeente zou moeten liggen en dragen oplossingen buiten de gemeente aan. Sommige deelnemers verwachten dat klimaatbeleid van de gemeente aansluit bij klimaatbeleid van buurgemeenten en nationale overheden en ervaren windbeleid nu niet als zodanig. Hiermee mist het volgens hen effectiviteit. Andere deelnemers vinden dat windturbines niet op land thuishoren, maar bijvoorbeeld alleen op zee. “Klimaatverandering is een feit. Of dit op gemeentelijk niveau opgelost moet worden betwijfel ik.
Ik zou liever een integrale aanpak door de rijksoverheid zien (zoals de windmolens op zee).” “Een dergelijke groot dilemma vraagt een nationaal georganiseerde aanpak en geen snipper visie van meer dan 300 verschillende Gemeenten.” “Windturbines horen thuis op zee.”
14
Er zijn ook inwoners die vinden dat andere energietechnieken, zoals kernenergie of meer zon-op-dak, de oplossing voor het klimaatprobleem zijn. Indien de gemeente deze inwoners mee wil nemen in het energiebeleid kan de gemeente de volgende overwegingen in beschouwing nemen. “Ik zie liever dat eerst alle bedrijfs daken vol gelegd worden met zonnepanelen. Daar is nog heel veel mogelijk!” “Voor zon energie zijn er nog genoeg daken op het industrie terrein om daar zonnepanelen neer te leggen.” “Ga a.u.b. werk maken van kernenergie. Schoon en veilig tegenwoordig!” “Ik vraag me dan ook af of een windmolen op het land een structurele oplossing is, ik denk dat de oplossing buiten de verantwoording van de gemeente valt en denk hierbij aan grote windparken op zee en/of een kernfusiecentrale.”
Sommige inwoners hebben het gevoel, dat er meer windturbines geplaatst moeten worden omdat lokaal opgewekte energie, ‘hun stroom’, elders gebruikt wordt. Op die manier lijkt de regio volgens hen de dupe van ontwikkelingen elders. Dit blijkt bijvoorbeeld uit onderstaande quotes: “Er staan al windturbines in de gemeente die stroom opwekken ten gunste van een ander bedrijf (Windpark Autena voor Schiphol Group). Zolang de grond op die manier wordt gebruikt vind ik niet dat we onze grond verder moeten opofferen om aan opgelegde doelstellingen te voldoen.” “Er staan al grote turbines. Laat deze stroom voor Vijfheerenlanden zijn en niet voor Schiphol.” “Bovendien moet er de garantie komen dat lokaal duurzaam opgewekte energie primair voor lokaal gebruik is (tenzij voor balancering anders behoeft).”
Uit de geschreven antwoorden blijkt ook dat deelnemers bedenkingen hebben bij de bouw van extra windturbines omdat de leefomgeving al enorm onder druk staat door allerlei uitdagingen (woningbouw, veranderingen in de landbouw, distributiecentra, waterberging e.d.) die allemaal iets vergen van het landschap. Als die onderwerpen individueel worden bezien dan zijn ze allemaal wellicht onaantrekkelijk, maar in relatie tot elkaar is de ene ruimtelijke ontwikkeling gewenster dan de ander. Dat kan voelen als 'kiezen tussen twee kwaden’, maar het staat dichtbij afwegingen die deelnemers maken waarin ze verschillende ontwikkelingen aan elkaar relateren. Inwoners zijn goed in staat om een integrale afweging van dit omgevingsvraagstuk te maken. Zo ervaren ze hun omgeving immers zelf al in het dagelijks leven. Dat blijkt bijvoorbeeld uit onderstaande quotes: “We kunnen niet onze hele landje maar volzetten met wat we nodig hebben . De verstedelijking rukt al erg op. Ook voor vogels en dieren moet er een rustige plek over blijven.” “Als het ene probleem het andere gaat blokkeren gaan we er niet komen.” “Ook de woningnood is een issue. Zoek de balans.”
15
Aanbeveling 3: Geef in toekomstige communicatie en participatietrajecten over windenergie aandacht aan het overkoepelende verhaal over de nut en noodzaak. En geef duidelijk aan dat windturbines niet als losstaand onderwerp, maar in relatie tot andere keuzes bekeken moeten worden. Uit bovenstaande bevindingen blijkt dat er bij inwoners van de gemeente behoefte is aan een overkoepelend verhaal over het nut en de noodzaak van windenergie in de gemeente, los van een duidelijk afwegingskader over hoe windmolens goed in te passen zijn. Dit lijkt met name het geval te zijn voor deelnemers die bezwaren hebben bij het huidige (wind)energiebeleid. Het kan helpen om aan deze inwoners duidelijk te maken dat extra windturbines in de gemeente niet worden overwogen omdat andere gemeenten geen bijdrage leveren aan de energietransitie of doordat bestaande duurzame energie voor andere doeleinden (buiten de gemeente) wordt gebruikt. Hierbij is het tevens goed om te benoemen dat andere energiebronnen ook worden overwogen, maar dat die ook ruimtelijke consequenties hebben, waardoor bijvoorbeeld grootschalige zonneparken reeds zijn uitgesloten door de gemeente. Dit brengt ons tot het tweede deel van deze aanbeveling, namelijk dat het is aan te raden om de discussie over windturbines te voeren in relatie tot andere ontwikkelingen die op een locatie kunnen.
Uit de antwoorden van de deelnemers komt namelijk naar voren dat zij zelf al een integrale afweging maken over het ruimtelijke ontwikkelingsvraagstuk waar de gemeente met de inpassing van extra windturbines voor staat. Het hebben van een debat over de wenselijkheid van windturbines op zichzelf is in de praktijk namelijk vaak een vals dilemma. Het suggereert dat er ergens of windturbines komen, of alles bij het oude blijft. Dat is echter vaak niet het geval. Er zijn andere vraagstukken waar de ruimte dan voor in aanmerking kan komen. Een eerlijke afweging over de wenselijkheid van windturbines neemt de alternatieve ruimtegebruiken daarom mee in de afweging. In plaats van aan inwoners te vragen of windenergie op een bepaalde locatie wenselijk is, kan er beter gevraagd worden welke ruimtelijke ontwikkeling inwoners het liefste zien op een bepaalde locatie: duurzame energie (windturbines/zonneparken), waterberging, landbouw, woningbouw etc.
16
2. Introductie Het klimaat verandert met alle (lange termijn)gevolgen voor de leefomgeving van dien. Het gebruik van meer schone energie kan helpen tegen al te grote wisselingen en schommelingen in het klimaat. De gemeente Vijfheerenlanden heeft daarom de ambitie om circa 25% (0,072 TWh) van de elektrische energie die binnen de gemeente gebruikt wordt in 2030 duurzaam op te wekken. Dit gebeurt binnen het kader van de Regionale Energie Strategie (RES). De RES komt voort uit afspraken die gemaakt zijn in het landelijk Klimaatakkoord, die weer voorvloeien uit ondertekening van het klimaatakkoord van Parijs in 2015. Duurzame energiebronnen die binnen het RES-kader kunnen bijdragen aan de duurzame energiedoelstelling zijn grootschalige zonne-energie en windenergie. De gemeente heeft grootschalige grondgebonden zonne-parken uitgesloten en met enkel grootschalige installatie van zonnepanelen op daken (zonop-dak) – naast de huidige 3 windturbines bij Vianen – kan de doelstelling waarschijnlijk niet behaald worden. Daarom denkt de gemeente na over het plaatsen van extra windturbines, met een gezamenlijk opwek van 0,02 tot 0,04 TWh per jaar en/of het versnellen van het zon-op-dak potentieel. De gemeente wil alvorens een besluit te nemen over de komst van extra windturbines de meningen en zorgen van inwoners goed in kaart brengen.
Daarom is er participatieonderzoek uitgevoerd, naast rapportages zoals de plan milieu effect rapportage (plan m.e.r.). Deze raadpleging maakt onderdeel uit van dit participatieonderzoek. Er zijn inwoners die tevreden zijn met de duurzame energieambitie van de gemeente. Aan de andere kant zijn er inwoners die bezwaren hebben tegen windturbines. Daarom wil de gemeente graag meer inzicht krijgen in de afwegingen die inwoners maken rond dit onderwerp. Populytics is gevraagd om een raadpleging uit te voeren waarin inwoners van Vijfheerenlanden hun voorkeuren en visies kunnen uiten over de wenselijkheid van verschillende dimensies van de mogelijke opgave voor de RES via windenergie. Het hoofddoel van deze raadpleging is dan ook het leveren van gedetailleerde inzichten over de voorkeuren van inwoners met betrekking tot het windenergiebeleid van de gemeente. In deze raadpleging is gebruik gemaakt van de Participatieve Waarde Evaluatie (PWE)-methodiek. Een PWE-raadpleging is geen draagvlakonderzoek. Het doel is niet om in kaart te brengen hoeveel mensen er voor of tegen het bouwen van windturbines in Vijfheerenlanden zijn. We onderzoeken wel welke overwegingen, waarden en zorgen inwoners belangrijk vinden in de besluitvorming rond windenergie en hoe zij bepaalde waarden tegen elkaar afwegen.
PWE is een nuttig hulpmiddel om te ontdekken in welke mate inwoners verschillend of juist hetzelfde denken over verschillende dimensies die relevant zijn in de besluitvorming rond windenergie. Wanneer we verschillende perspectieven ontdekken, dan kunnen we ook achterhalen wat de kenmerken zijn van inwoners die vanuit een bepaald perspectief naar het onderwerp kijken. We kijken ook naar welke waarden er volgens inwoners belangrijk zijn in de besluitvorming over windenergie en welke waarden er achter bepaalde bezwaren zitten. Idealiter proberen we ook gemeenschappelijke waarden vast te stellen en doen we voorstellen hoe deze waarden kunnen worden vertaald in beslissingen van de gemeente.
17
3. Methode Waarom een PWE-raadpleging? Populytics gebruikt de PWE-methode om inwonersparticipatie te faciliteren. Wij hebben deze methode onder andere ingezet in RES Regio Foodvalley, in de Gemeenten Súdwest-Fryslân en Amsterdam en bij de Nationale klimaatraadpleging. Deze voorbeeldprojecten zijn te vinden op onze website. De essentie van een PWE is dat inwoners een advies kunnen geven over een keuzevraagstuk van de overheid. Inwoners worden als het ware op de stoel van de overheid gezet en gevraagd advies te geven over te maken keuzes. Het keuzevraagstuk van een overheid wordt nagebootst in een online omgeving. Inwoners worden zich bewust van het dilemma waar de overheid voor staat. Ze krijgen een overzicht van de voor- en nadelen van de opties waartussen de overheid kan kiezen en de beperkingen die er zijn (bijvoorbeeld: ‘er is beperkt publiek budget’). Vervolgens wordt aan de deelnemende inwoners gevraagd wat zij hun overheid zouden adviseren. Ten slotte lichten inwoners hun keuzes toe, wat een scherp beeld oplevert van hun waarden, bezwaren en de kansen die zij zien. Omdat de drempel om te participeren relatief laag is – deelname aan een PWE kost gemiddeld zo’n 20 minuten en je kunt participeren waar en wanneer je maar wilt – faciliteert de methode participatie van een grote en diverse groep inwoners.
PWE is een vorm van inwonersparticipatie die het midden houdt tussen simplistische methoden als een referendum of een opiniepeiling aan de ene kant en intensieve participatievormen zoals een burgerforum of een bewonersavond aan de andere kant. Inwoners kunnen in een PWE laagdrempelig, maar toch inhoudelijk participeren. Een belangrijke reden waarom PWE-raadplegingen regelmatig worden toegepast in Nederland en in het buitenland, is dat een grote groep inwoners behoefte heeft aan deze vorm van participatie. Je kan het vergelijken met de keuze die je hebt tussen verschillende wandelroutes in een natuurgebied. Sommige wandelaars willen een kort rondje lopen om snel de highlights mee te pikken, maar er zijn ook diehards die graag de langste route lopen om alle details van het wandelgebied te ervaren. Daarnaast is er een derde groep die het liefst de tussenroute neemt. Deze mensen willen graag de belangrijkste facetten van het wandelgebied ervaren, maar ze nemen niet de langste route omdat ze op hun vakantie ook nog allerlei andere dingen willen doen. Met inwonersparticipatie is het net zo. Sommige inwoners willen graag meedoen aan een referendum of een opiniepeiling waarin een complex vraagstuk wordt platgeslagen in een “Ja/Nee keuze” en ze binnen een minuut klaar zijn.
Ook zijn er inwoners die graag dagen achter elkaar met elkaar en met ambtenaren en experts in gesprek willen gaan. Maar er is ook een grote middengroep die graag op een genuanceerde manier zijn voorkeur wil uiten op basis van een totaalplaatje van keuzeopties en effecten. PWE voorziet in de participatiebehoefte van de middengroep.
18
Figuur 2-1: PWE sluit aan bij de participatiebehoefte van de middengroep.
Opzet van de raadpleging Deze PWE-raadpleging gaat over windenergiebeleid in Vijfheerenlanden. De gemeenteraad overweegt om extra windturbines in de gemeente te plaatsen om de duurzame energieambitie te behalen. Voordat hierover een beslissing wordt genomen wil de gemeenteraad gedetailleerde inzichten ophalen over de waarden, meningen en zorgen van inwoners met betrekking tot windenergie in Vijfheerenlanden. Het doel bij het ontwerpen van een PWE is om een keuzevraagstuk van de beleidsmaker zo goed mogelijk na te bootsen. In dit ontwerpproces proberen we ervoor te zorgen dat het vraagstuk zo wordt nagebootst dat verschillende groepen inwoners op een goede manier hun waarden, voorkeuren en zorgen kunnen doorgeven aan beleidsmakers en dat de kans tegelijkertijd zo groot mogelijk is dat de uitkomsten van de raadpleging handelingsperspectieven opleveren voor beleidsmakers. Bij het ontwerpen van een PWE moeten er soms oplossingen worden gezocht om deze doelen allebei te behalen. Het beleidsvraagstuk waar beleidsmakers in Vijfheerenlanden voor staan is dat er (naast de bestaande wet- en regelgeving) allerlei overwegingen zijn bij de plaatsing van extra windturbines.
Moet de gemeente bijvoorbeeld geluidshinder zoveel mogelijk voorkomen? Of is het belangrijker dat negatieve effecten op de natuur in Vijfheerenlanden worden geminimaliseerd? En hoe moeten de opbrengsten van de windturbines worden verdeeld? In de PWE kunnen inwoners de gemeente hierover adviseren. De vraagstelling die centraal staat is: ‘Welke eisen moet de gemeente Vijfheerenlanden stellen aan de bouw van extra windturbines?’
19
Figuur 2-2: Startscherm van de PWE-raadpleging
Voor groepen inwoners die twijfelen over de ernst van klimaatverandering en de wenselijkheid van duurzaam energiebeleid geldt waarschijnlijk dat zij dit uitgangspunt niet zullen steunen. We willen ook deze groep inwoners in staat stellen om hun waarden, voorkeuren en zorgen door te geven. Om aan beide doelen tegemoet te komen hebben we op basis van feedback van bewoners op een eerste ontwerp van de raadpleging (zie onder) besloten om de raadpleging te starten met een aantal algemene vragen over meningen van deelnemers over het duurzame energiebeleid van de gemeente. •
Bent u het eens met deze stelling: ik maak me zorgen om klimaatverandering?
•
Wat vindt u van het doel om 25% van de elektriciteit in Vijfheerenlanden duurzaam op te wekken?
•
Bent u het ermee eens dat er extra windturbines komen in Vijfheerenlanden?
Deelnemers kregen tevens de mogelijkheid om hun keuzes te onderbouwen, waardoor ook tegenstanders van het duurzame energiebeleid van de gemeente in staat werden gesteld om hun waarden, voorkeuren en zorgen door te geven. Hierna begonnen deelnemers aan de PWE-keuzetaak.
Het ontwerpproces van de PWE-keuzetaak Het ontwerpproces van de PWE-keuzetaak bestond uit drie fases. 1.
Eerst hebben we een concept gemaakt op basis van eerdere onderzoeken en literatuurstudie.
2.
Vervolgens hebben we in een aantal feedbackrondes met de gemeente aanpassingen gedaan en meer informatie toegevoegd.
20
3.
Als laatste konden inwoners feedback geven op het ontwerp. Hiervoor is er op 30 augustus 2022 een bewonersavond in Vianen georganiseerd. Bovendien hebben we op 29 augustus feedback van scholieren opgehaald tijdens een les maatschappijleer op het Heerenlanden College in Leerdam.
Fases 1 & 2 – Concept ontwerp en feedback van de gemeente Om tot een lijst aan relevante (bovenwettelijke) eisen te komen die de gemeente kan stellen aan de bouw van windturbines hebben we een literatuurstudie uitgevoerd. In milieueffectrapportages voor windturbines worden bijvoorbeeld mogelijke eisen voor het tegengaan van overlast op mens en natuur beschreven. We hebben ook gebruik gemaakt van onze eerdere onderzoeken over dit onderwerp, bijvoorbeeld in Amsterdam en Súdwest-Fryslân (zie populytics.nl/cases). Uit deze onderzoeken weten we bijvoorbeeld dat culturele en maatschappelijke waarden ook een belangrijke rol spelen bij de beslissing over windturbines. Zo kwamen we tot de eerste lijst aan eisen: •
Verplicht beheerders van windturbines een groter deel van de inkomsten te gebruiken voor de natuur
•
Bouw windturbines verder weg van natuurgebieden in Vijfheerenlanden
•
Stel strengere eisen aan het geluid van de windturbines
•
Beheerders moeten verplicht een app aanbieden waarmee omwonenden klachten kunnen doorgeven
•
Bescherm het culturele landschap in Vijfheerenlanden zo veel mogelijk
•
Zorg dat direct omwonenden van windturbines financieel voordeel hebben van de energie
•
De windturbines moeten het bouwen van woningen zo min mogelijk in de weg zitten
Deze eisen hebben we van achtergrondinformatie voorzien. Door op het informatie-icoon bij een keuze-optie te klikken konden deelnemers meer informatie over de bestaande regelgeving met betrekking tot de eis te zien (zie figuur 2-4). Hier werd ook toegelicht wat de deelnemer de gemeente concreet adviseert door voor een eis te kiezen. Het concept ontwerp van de PWE-keuzetaak hebben we vervolgens voorgelegd aan beleidsadviseurs van de gemeente. In een aantal feedbackrondes hebben zij aanpassingen gemaakt en de beschrijving van de keuze-opties van lokale context voorzien. Ook zijn er nog twee relevante eisen bij gekomen, om tot de volledige set aan maatregelen te komen (zie figuur 2-3): •
Zorg dat omwonenden kunnen meebeslissen over de bouw van windturbines
•
Stel strengere regels aan de slagschaduw van windturbines
21
Figuur 2-3 Schermafbeelding van de PWE-keuzetaak.
Figuur 2-4 Schermafbeelding van informatie over een keuze-optie.
22
Fase 3 – Feedback van bewoners In de laatste fase van het ontwerptraject hebben we feedback van bewoners opgehaald. Dit is een belangrijke stap om te valideren of het keuzevraagstuk aansluit bij de ervaring van inwoners, zodat zij goed in staat worden gesteld om hun waarden, voorkeuren en zorgen te uiten. In samenwerking met TwynstraGudde zijn er twee focusgroepen georganiseerd. De eerste focusgroep vond plaats op het Vijfheerenlanden College in Leerdam op 29 augustus 2022. Tijdens een les maatschappijleer werden ongeveer 25 middelbare scholieren uit verschillende klassen op een interactieve manier stellingen voorgelegd over (wind)energiebeleid in de gemeente. De deelnemers gaven via een dilemma-oefening aan of ze het eens of oneens waren met een stelling door links of rechts in het lokaal te gaan staan. De moderatoren vroegen vervolgens naar de motivaties van de deelnemers. Deze motivaties zijn in beschouwing genomen bij het ontwerpen van de raadpleging. De tweede focusgroep vond plaats tijdens een bewonersavond in Vianen, op 30 augustus 2022. Deze focusgroep werd georganiseerd volgens het ‘World Café’ format. In groepen van 6-10 personen konden deelnemers onder begeleiding van een moderator feedback geven op de introductie van de raadpleging (figuur 2-2) en de inhoud van de PWEkeuzetaak (figuur 2-3).
De geschreven feedback is vervolgens meegenomen bij het finale ontwerp van de raadpleging.
Dataverzameling De raadpleging heeft online gestaan van vrijdag 9 september (12:00 uur) tot maandag 3 oktober (12:00 uur). Inwoners van Vijfheerenlanden zijn benaderd via verschillende kanalen: de gemeentepagina in het Kontakt, social media, website, via artikelen in de media naar aanleiding van het persgesprek, een mailing en via A0-borden langs de weg en Abri's. Ook is het Inwonerspanel gevraagd om de PWE in te vullen. Met deze wervingsmethoden werd niet uitvoerig aangestuurd op het verkrijgen van een steekproef die representatief is voor de populatie in Vijfheerenlanden. Het is dan ook geen verassing dat de verkregen steekproef niet representatief is voor de kenmerken geslacht, leeftijd en opleidingsniveau (zie tabel 2-1).
Representativiteit Er hebben relatief meer mannen dan vrouwen meegedaan aan de raadpleging. Verder is de leeftijdsgroep 35 tot 65 jaar ondervertegenwoordigd en hebben er relatief weinig laagopgeleiden meegedaan aan de raadpleging. Halverwege de dataverzameling viel op dat er weinig geen jonge (tot 35 jaar) inwoners meededen met maximaal mbo1, havo- of vwo-onderbouw als opleidingsniveau. Daarom heeft de gemeente extra bijgestuurd op het werven van scholieren voor de raadpleging. Dit heeft ertoe geleid dat de jongste leeftijdsgroep (tot 35 jaar) niet meer ondervertegenwoordigd is. De groep deelnemers met maximaal mbo1, havo- of vwo-onderbouw als opleidingsniveau is nog wel ondervertegenwoordigd in de steekproef.
23
Tabel 2-1: Demografische kenmerken van de deelnemers
Aantallen steekproef
in
de
Percentage van bevolking Vijfheerenlanden
de in
(Allecijfers, 2022)
Alle respondenten* Totaal
1.176
Geslacht** Man
60,0% (703)
49,6%
Vrouw
33,1% (389)
50,4%
Jonger dan 35 jaar
36,2% (426)
29,1%
35 tot 65 jaar
38,1% (448)
50,6%
65 jaar of ouder
22,1% (260)
20,3%
Basisonderwijs, vmbo, havo onderbouw, vwo-onderbouw, mbo1
8,1% (95)
23,4%
Havo, vwo, mbo 2-4
27,7% (326)
32.7%
Hbo, universiteit
58,2% (684)
16,5%
Leeftijd**
Hoogst genoten opleiding**
* Het totaal aantal deelnemers betreft het aantal deelnemers dat de raadpleging volledig heeft ingevuld. Dit aantal is hoger dan de som van de aantallen die bij de verschillende achtergrondkenmerken wordt weergegeven. Dat komt omdat niet iedereen die vragen heeft ingevuld. ** Een deel van de respondenten heeft op deze vragen “zeg ik liever niet” geantwoord. Bij geslacht konden deelnemers “anders of wil ik niet zeggen” antwoorden. De percentages in de tabel tellen om deze rede niet op tot 100%. De overige antwoorden zijn wel meegenomen in het rapport.
Om de representativiteit van deze raadpleging te bevorderen hebben we een herweging uitgevoerd. De antwoorden van deelnemers uit de ondervertegenwoordigde groepen krijgen dan een hogere wegingsfactor toegekend dan de antwoorden van deelnemers uit oververtegenwoordigde groepen. Om een herweging uit te kunnen voeren op de kenmerken geslacht, leeftijd en opleidingsniveau, is de vuistregel dat er tenminste 30 respondenten nodig zijn voor elke samengestelde categorie. Een samengestelde categorie is bijvoorbeeld: man, jonger dan 35 jaar, hbo of universiteit. Als er minder dan 30 respondenten voor samengestelde categorieën zijn dan neemt de standaardafwijking van de herweging snel toe. Er kan dan met weinig zekerheid uitspraken worden gedaan over de representativiteit van de steekproef. Er waren niet genoeg respondenten voor alle samengestelde categorieën om een herweging uit te voeren op alle drie de kenmerken. We hebben daarom alleen een herweging toegepast op de kenmerken leeftijd en opleidingsniveau. Hiervoor is gekozen omdat de mannelijke en vrouwelijk deelnemers aan de raadpleging geen significant verschillende 24
antwoorden geven op de PWE-keuzetaak (zie figuur 3-3b). De herwogen steekproef is dus volledig representatief voor de populatie (inwoners van Vijfheerenlanden) voor de kenmerken leeftijd en opleidingsniveau gekruist, maar niet voor geslacht. Maar zoals gezegd zien we geen significante verschillen tussen de antwoorden die mannen en vrouwen gaven in de raadpleging. De herweging is toegepast op de resultaten die we presenteren in hoofdstuk 3 en 5. Tabel 2-2 geeft een overzicht van de wegingsfactoren.