CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijke nota, inclusief bestuurlijke reactie van het college en de Nota van Bevindingen 'Werken aan het wachten'

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 12 februari 2024, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Rekenkameronderzoek wachttijden MO en Jeugdhulp7.536 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

R

WERKEN AAN HET WACHTEN Rekenkameronderzoek naar problematische wachttijden in de maatschappelijke ondersteuning en de jeugdhulp

Definitieve versie na bestuurlijk wederhoor Rekenkamer Vijfheerenlanden, december 2023

0

xsfdvb

1

Inhoudsopgave Bestuurlijke nota .................................................................................... 0 Kernboodschap .......................................................................................... 0 Conclusies ................................................................................................ 1 Aanbevelingen........................................................................................... 2 Aan het college en /of de organisatie ............................................................ 2 Aan de raad .............................................................................................. 3 Bestuurlijke reactie .................................................................................... 4 Nota van bevindingen ............................................................................. 9 1. Aanleiding en onderzoeksaanpak ............................................................ 10 1.1. Aanleiding ........................................................................................ 10 1.2. Onderzoeksdoel en afbakening ............................................................ 10 1.3. Onderzoeksvraag en deelvragen .......................................................... 12 1.4. Opbouw van de nota van bevindingen .................................................. 14 2.

Wachttijden: problematiek en definities .................................................. 16 2.1. Inleiding .......................................................................................... 16 2.2. Het begrip wachttijd en normen .......................................................... 16 2.3. Wachttijden: een taai probleem .......................................................... 18 2.4. Normenkader en oplossingsrichtingen .................................................. 22 3. Wachttijden in de gemeente Vijfheerenlanden .......................................... 25 3.1. Inleiding .......................................................................................... 25 3.2. Gebruik van Wmo en jeugdhulp .......................................................... 25 3.3. De aanpak van wachttijden in Vijfheerenlanden ..................................... 26 Bijlage 1 Geraadpleegde literatuur, documenten en websites ......................... 31 Bijlage 2 Lijst van respondenten ................................................................ 33 Bijlage 3 Normenkader ............................................................................. 34

2

Colofon Rekenkamer Vijfheerenlanden Dit onderzoek is uitgevoerd door: Rob Paulussen Jolanda Versteegh

Tegenlezer: Collin Hoogeveen

De Rekenkamer Vijfheerenlanden bestaat uit: Rob Paulussen (voorzitter) Lies van Aelst (lid) Collin Hoogeveen (lid) Jolanda Versteegh (lid)

Bestuurlijke nota

Kernboodschap Cliënten die voor hulp of ondersteuning afhankelijk zijn van voorzieningen vanuit de Jeugdzorg of Wmo hebben in Nederland al vele jaren te maken met wachttijden. De algemene trend is dat door de jaren heen de zorgvraag is gegroeid en de wachttijden zijn toegenomen. De Rekenkamer deed onderzoek naar de inspanningen van de gemeente Vijfheerenlanden om de wachttijdenproblematiek het hoofd te bieden. Omdat de wachttijdenproblematiek zich zo makkelijk lijkt uit te drukken in cijfers (aantal weken) lijkt het ook een overzichtelijk en makkelijk te temmen probleem. Wie zich in de het vraagstuk verdiept ontdekt al snel dat dit niet het geval is. Wachttijden zijn een symptoom van een dieperliggend en ingewikkeld probleem: een systeem dat de vraag niet aankan. Ten tijde van dit onderzoek bestaat er geen maatregel waarvan bekend is dat ze onder alle omstandigheden werkt. Gemeenten die iets aan de wachttijdenproblematiek willen doen zullen voor een duurzame aanpak moeten experimenteren met een mix van maatregelen en al werkende weg moeten ontdekken wat werkt en wat niet. Dit vraagt om een beleidsmatige aanpak waarin grondige evaluatie en monitoring van de effecten van maatregelen centraal staan. Uit dit rekenkameronderzoek van de Rekenkamer blijkt dat gemeente Vijfheerenlanden zich op de werkvloer stevig inspant om wachttijden tegen te gaan.

De maatregelen richten zich echter op slechts een beperkt deel van de keten waar een client mee te maken krijgt: het moment van aanmelden bij de gemeente tot het toebedelen van een client aan een medewerker van het sociaal team. Van een ketenbrede en beleidsmatige aanpak is in Vijfheerenlanden geen sprake. Met het oog op een toekomst waarin ook in Vijfheerenlanden de druk op jeugdhulp en Wmo naar alle waarschijnlijkheid niet zal afnemen, beveelt de Rekenkamer de gemeente aan om op korte termijn en in samenspraak met de regio en andere stakeholders een dergelijke aanpak alsnog te ontwikkelen en te implementeren.

0

Conclusies

1. De gemeenteraad wordt betrokken bij het vraagstuk van wachttijden. Deze betrokkenheid is sterk gericht op een kwantitatieve benadering van het probleem (termijnen). De gemeenteraad wordt door het college actief op de hoogte gehouden over ontwikkelingen in de wachttijdenproblematiek en ook de gemeenteraad neemt hierin een actieve houding aan richting college. In de vragen en een motie van de raad en de informatievoorziening door het college gaat de aandacht nadrukkelijk uit naar het terugdringen van de wachttijd tot het niveau van de (wettelijke) termijnen en de wachttijden die binnen de eigen organisatie (sociaal team) bestaan. 2. Er bestaat in Vijfheerenlanden een gefragmenteerd en onvolledig zicht op de (problematische) wachttijden waar cliënten mee te maken hebben. De gemeente heeft zicht op de wachttijd die bestaat tot een van de eerste processtappen: de toebedeling van een cliënt aan een medewerker van het sociaal team. De gemeente heeft geen integraal inzicht in wachttijden: dat wil zeggen inzicht in de tijd die verstrijkt tussen de melding en de feitelijke hulp die door zorgaanbieders geboden wordt. 3. Er is geen beleidsmatige aanpak van problematische wachttijden. Er is in Vijfheerenlanden of in de regio geen sprake van een overkoepelend plan of beleidsmatige aanpak van wachttijden. Er zijn geen doelen en/of evaluatiekader geformuleerd,

er

bestaat

geen

aparte

problematische

wachttijden

wordt

in

(project)organisatie.

Vijfheerenlanden

Het

vooral

bestaan

gezien

als

van een

uitvoeringsprobleem waar geen beleidsmatige aandacht voor nodig is. 4. Op operationeel niveau heeft de gemeente diverse maatregelen getroffen. Deze maatregelen zijn gericht op het tegengaan van wachttijden binnen de interne organisatie en niet op wachttijden bij zorgaanbieders. Bij het ontwikkelen en implementeren van maatregelen door de gemeente is er uitsluitend aandacht voor de eigen interne processen (van melding tot plan van aanpak en beschikking). Er zijn geen maatregelen gericht op het terugdringen van wachttijden bij en tussen zorgaanbieders.

1

5. De gemeente heeft geen (onderbouwd) inzicht in de effecten van de genomen maatregelen: ze worden niet grondig, stelselmatig en in samenhang geëvalueerd. De beschreven maatregelen zijn weliswaar onderwerp van gesprek tussen betrokkenen (consulenten, beleidsmedewerkers, netwerkmanagers) maar geen onderwerp van een grondige evaluatie aan de hand van doelen, criteria en resultaten.

Aanbevelingen Aan het college en /of de organisatie 1. Zie erop toe dat een beleidsmatige aanpak van de wachttijdenproblematiek wordt ontwikkeld. De Rekenkamer beveelt aan een aanpak te ontwikkelen waarmee de gemeente en de regio zich richten op het verkorten van de tijd waarop een cliënt moet wachten op de juiste behandeling of ondersteuning. Een dergelijke aanpak omvat: -

Een brede benadering, gericht op de gehele keten in plaats van een klein deel (de eigen interne organisatie) zoals nu het geval is. Betrek daarin ook de huisartsen.

-

Een benadering waarin het experimenteren met maatregelen centraal staat en de genomen maatregelen zorgvuldig worden gemonitord en geëvalueerd.

Gelet op de problematiek ligt het voor de hand een dergelijke aanpak samen met de andere gemeenten in de regio op te stellen. Maak daarbij gebruik van de ervaringen die elders in het land bestaan, onder andere beschreven door het landelijk Team Aanpak Wachttijden.1

2. Breng de omvang van het vraagstuk beter in kaart Ontwikkel inzicht in de tijd die verstrijkt tussen de melding en de feitelijke hulp die door zorgaanbieders geboden wordt. Benut daartoe ook de data die reeds bestaat. De beschikbaarheidswijzer levert inzicht in de wachttijd bij individuele zorgaanbieders. De gemeente maakt echter nog geen gebruik van de mogelijkheden die deze applicatie biedt tot beleidsrelevante, geaggregeerde informatie.

1

Stoevelaar, J. en F. Pries, 2023.

2

Aan de raad 3. Vestig de aandacht meer op de (keten)brede wachttijden problematiek Leg minder de nadruk op het halen van wettelijke termijnen en meer op een kwalitatieve benadering van het probleem zoals dat zich voordoet binnen de gehele keten. Kies bij het bespreken van het vraagstuk meer voor het clientperspectief en minder het (interne) organisatieperspectief en vraag de organisatie om de informatievoorziening hierop af te stemmen.

Figuur 1 Wachttijd vanuit verschillende perspectieven

3

Bestuurlijke reactie

4

5

6

7

8

Nota van bevindingen

9

1.

1.1.

Aanleiding en onderzoeksaanpak

Aanleiding

Cliënten die voor hulp of ondersteuning afhankelijk zijn van voorzieningen vanuit de Jeugdzorg of Wmo hebben in Nederland al vele jaren te maken met wachttijden. De algemene trend is dat door de jaren heen de zorgvraag is gegroeid en de wachttijden zijn toegenomen.

Maar

een

eenduidig

overzicht

en

diepgaander

inzicht

in

de

wachttijdenproblematiek ontbreekt omdat de uitvoering van de Wmo en jeugdzorg gemeentelijke taken zijn. Gemeenten maken vaak verschillend gebruik van definities, productcodes en het administratieve proces tussen zorgaanbieder en gemeente. Vooral de wachttijdenproblematiek in de jeugdzorg heeft de aandacht van de landelijke politiek. Op vragen vanuit de Tweede Kamer benadrukte de Staatssecretaris onlangs dat het creëren van inzicht in wachttijden in de Jeugdzorg en de aanpak ervan voor een belangrijk deel begint bij een regionale aanpak. 2 Het Rijk is sinds 2021 gestart met een ‘Aanpak Wachttijden’ waarin de inkoopregio’s concreet aan de slag kunnen gaan om wachttijden bij jeugdzorg in kaart te brengen en aan te pakken en er landelijk een ‘leernetwerk’ wordt opgezet om te stimuleren dat regio’s van elkaar leren, kennis wordt geborgd en uitgewisseld. De Rekenkamer heeft besloten tot een onderzoek naar wachttijden nadat vanuit de gemeenteraad van Vijfheerenlanden was aangegeven dat hieraan behoefte is.

1.2.

Onderzoeksdoel en afbakening

Het onderzoek is gericht op het inzichtelijk maken van de aard, omvang en de ontwikkelingen van wachttijden in de jeugdhulp, de maatschappelijke ondersteuning en de toegang hiertoe via de sociaal teams. Door het onderzoek in te perken tot jeugdhulp in plaats

van

jeugdzorg

kiest

de

Rekenkamer

ervoor

de

Jeugdbescherming

en

Jeugdreclassering niet in het onderzoek te betrekken (zie tabel 1). De Rekenkamer vindt het belangrijk haar onderzoeksgelden doelmatig te besteden en wil aanbevelingen richten

VWS, 23 januari 2023, p. 2. We zien dit ook terug in de concept Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028, o.a. p. 21.

2

10

op die terreinen waar sprake is van een zekere beleidsruimte. Deze beleidsruimte is bij Jeugdbescherming en Jeugdreclassering zeer gering.3 Jeugdzorg vanaf 2015

Jeugdhulp: Hulp bij psychische problemen, verstandelijke beperking, opvoedproblemen. Jeugdhulp zonder verblijf: •

Wijk of buurtteam

•

Ambulante hulp op locatie aanbieder

•

Daghulp op locatie aanbieder

•

Hulp in netwerk (thuis, op school)

Jeugdhulp met verblijf: •

Pleeggezin

•

Gezinsgerichte opvang (logeerhuizen of zorgboerderijen)

•

Gesloten plaatsing in instelling

•

Overige jeugdhulp met verblijf

Uitgevoerd door jeugdhulpaanbieders.

Jeugdbescherming •

Ondertoezichtstelling (OTS)

•

Voogdij

Uitgevoerd door gecertificeerde instellingen.

Jeugdreclassering Toezicht en begeleiding gedwongen • Toezicht en begeleiding vrijwillig • Individuele trajectbegeleiding Uitgevoerd door gecertificeerde instellingen. Tabel 1 De begrippen Jeugdzorg, Jeugdhulp, Jeugdbescherming en Jeugdreclassering.4

3 4

Zie onder meer Koster, Y. 2013. Zie Nederlands Jeugdinstituut, website geraadpleegd 14 maart 2023

11

Met dit onderzoek heeft de Rekenkamer inzichtelijk gemaakt wat de gemeente Vijfheerenlanden ondernomen heeft om wachttijden te verkorten en welke verbeteringen in de aanpak of maatregelen nog denkbaar zijn. Daarbij besteedt de Rekenkamer ook aandacht aan de inspanningen die in de regio zijn gepleegd. Waar het gaat om aanbevelingen is de Rekenkamer tot slot nagegaan welke politiek-bestuurlijke afwegingen met een aanpak gepaard gaan en welke rol de raad daarin kan vervullen.

1.3.

Onderzoeksvraag en deelvragen

In het verlengde van de doelstelling hanteren we de volgende vraagstelling in het onderzoek.

Wat houdt de wachttijdenproblematiek binnen maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp in de gemeente Vijfheerenlanden in? Welke aanpak volgt de gemeente om wachttijden te bekorten, wat zijn daarvan de eerste resultaten en welke mogelijkheden tot verbetering zijn er? Welke rol kan de gemeenteraad vervullen gericht op het tegengaan van problematische wachttijden?

We lichten toe. De centrale onderzoeksvraag is uitgewerkt in vijf deelvragen. 1

Wat houdt het landelijke probleem van wachttijden in de jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning in? Wat is (bekend over) de aard van de problematiek hoe ontwikkelt deze zich?

2

Welke inzichten zijn er over een effectieve aanpak van problematische wachttijden en welke normen kunnen daaruit afgeleid worden?

3

Wat is bekend over de aard, omvang en de ontwikkelingen in de wachttijdenproblematiek in de jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning voor de inwoners van Vijfheerenlanden?

12

4

Welke aanpak en/of maatregelen wordt of worden al voor inwoners in Vijfheerenlanden toegepast en wat zijn de (eerste) resultaten?

5

Welke aanbevelingen kan de Rekenkamer doen om de wachttijden voor cliënten in Vijfheerenlanden (verder) te bekorten? Welke rol kan de raad hierin vervullen?

Toelichting belangrijke begrippen Cliënt Een persoon binnen de doelgroep van de jeugdhulp wordt doorgaans aangeduid als ‘jeugdige’ of ‘jongere’, soms ‘kind’. Omdat dit rekenkameronderzoek gaat over zowel de wachttijden binnen de jeugdhulp als de Wmo kiest de Rekenkamer voor een algemener aanduiding met het woord ‘cliënt’. Wachttijdenproblematiek De Rekenkamer heeft recente inzichten over de aard en omvang van problematische wachttijden geïnventariseerd. Daarbij komen diverse vragen aan de orde. Welke relatie is er tussen de wachttijdenproblematiek en de wijze waarop gemeenten en zorgaanbieders onderzoek doen naar de situatie van de cliënt’? Zijn er normen die gesteld kunnen worden op grond waarvan wachttijden als problematisch (moeten) worden gezien? Wat is de strekking van (mogelijke) algemene normen binnen Jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning en hanteert de gemeente ook eigen normen? Aanpak en maatregelen Het verkorten van problematische wachttijden blijkt ingewikkelder dan het op het eerste gezicht lijkt. Het vraagstuk is niet op te lossen met een simpele introductie van een ‘set’ maatregelen. De Rekenkamer maakt daarom onderscheid tussen een ‘aanpak’ van de problematiek en ‘maatregelen’ (zie figuur 2).

13

Figuur 2 Aanpak en maatregelen

Met het begrip ‘aanpak’ doelt de Rekenkamer op een op kennis gebaseerd, meerjarig plan gericht op het tegengaan van de essentie van de problematiek: de tijd dat een cliënt moet wachten tot het de juiste (behandeling) (ondersteuning) krijgt. Vanwege de complexiteit van het probleem behelst een aanpak niet zozeer een set van maatregelen, maar doelen en een evaluatiekader waarbinnen de gemeente met concrete maatregelen kan experimenteren. De Rekenkamer komt hier in hoofdstuk 2 op terug. Met het begrip ‘maatregelen’ doelt de Rekenkamer op uitsluitend concrete interventies. Hierbij valt te denken aan het opschonen van de registraties, het vergroten van het aanbod aan zorg, vergroten van de capaciteit van het sociaal team, et cetera. De Rekenkamer beschrijft maatregelen die door Vijfheerenlanden zijn uitgevoerd gericht op het verminderen van de instroom, het verbeteren van de doorstroom of het vergroten van de uitstroom.

1.4.

Opbouw van de nota van bevindingen

Bij het schrijven van het rapport is ervoor gekozen om de aandacht van de lezer zoveel mogelijk en zo snel mogelijk te richten op de belangrijkste bevindingen. U vindt deze terug in het derde hoofdstuk. In het tweede hoofdstuk gaat de Rekenkamer in op enkele

14

relevante landelijke ontwikkelingen en de inzichten die noodzakelijk zijn om het ontstaan, voortbestaan en voorkomen of tegengaan van wachttijden te begrijpen. Conclusies en aanbevelingen zijn in de bestuurlijke nota terug te vinden.

15

2.

Wachttijden: problematiek en definities

2.1.

Inleiding

In dit hoofdstuk schetsen we landelijke ontwikkelingen en de inzichten die bestaan over het wachten op zorg5. De Rekenkamer heeft deze inzichten gebruikt voor een normenkader dat in paragraaf 2.4 is weergegeven. Het normenkader is vervolgens in hoofdstuk 3 gebruikt om te komen tot de bevindingen over de situatie binnen gemeente Vijfheerenlanden. Aan het einde van dit hoofdstuk vatten we samen en geven daarmee een antwoord op de eerste twee deelvragen die de Rekenkamer met dit onderzoek stelt: Wat houdt het landelijke probleem van wachttijden in de jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning in? Wat is (bekend over) de aard van de problematiek en hoe ontwikkelt deze zich? Welke inzichten zijn er over een effectieve aanpak van problematische wachttijden en welke normen kunnen daaruit afgeleid worden?

2.2.

Het begrip wachttijd en normen

Het wachten op zorg staat al jaren op de agenda in het publieke en politieke debat. Het vraagstuk heeft ook geruime tijd geleden zijn weg gevonden naar de onderzoekagenda’s van decentrale rekenkamers. Op het terrein van jeugdzorg deden in 2012 vier rekenkamers gezamenlijk onderzoek naar ‘onverantwoorde’ wachtlijsten, in het bijzonder naar de kwaliteit van de rapportages aan de volksvertegenwoordiging over dat vraagstuk.6 Het rapport werd geschreven tegen de achtergrond van een zoektocht van de sector en de toenmalige staatssecretaris naar normen en definities. In de wet waren geen normen opgenomen waarmee kan worden vastgesteld wat aanvaardbare wachttijden zijn en wat

Bij de taken die de gemeente uitvoert in het licht van de Wmo dienen we te spreken over ‘ondersteuning’ in plaats van ‘zorg’. Omwille van de leesbaarheid gebruiken we veelal alleen het woord ‘zorg’. 6 Randstedelijke Rekenkamer (i.s.m. Rekenkamer Amsterdam, Rekenkamer Den Haag en Rekenkamer Oost-Nederland) 2012. 5

16

niet.7 Met het rapport benadrukten de rekenkamers het belang van goede definities en normen om het probleem voldoende zichtbaar te maken en de politiek daarover te kunnen informeren. Wat betreft de zorg die wordt gefinancierd vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) biedt de wet in beginsel wel soelaas: deze omschrijft duidelijke normen. Zo dient het college na een melding onderzoek te doen.8 Het onderzoek moet binnen zes weken uitmonden in een ondersteuningsplan dat aan de cliënt is verstrekt waarin de uitkomsten van het onderzoek zijn verwoord. Daarna kan de client een aanvraag voor een maatwerkvoorziening indienen waar het college binnen 2 weken op dient te beslissen.9 10 Zowel in de jeugdzorg als in de Wmo bestaan er in Nederland veel problematische wachttijden en blijken de hiervoor beschreven wettelijke normen vaak niet gehaald. Zo bericht recent het journalistieke platform Gemeente.nu op basis van een onderzoek dat door het tv-programma Kassa werd uitgevoerd, dat het ongeveer een kwart van de gemeenten niet lukt om binnen de acht weken (6+2) een melding af te handelen.

En ook nadat over een aanvraag is besloten komt het veel voor dat er gewacht moet worden op de aanbieder: bij hulp in de huishouding duurt het in Nederland gemiddeld 11 weken voordat er hulp in huis is (met uitschieters tot gemiddeld 36 weken in Amsterdam).11 Recent heeft het kabinet besloten om met de Hervormingsagenda Jeugd ook aandacht te geven aan het tegengaan van de wachttijdenproblematiek. Het kabinet heeft daarbij een belangrijke rol voor de regio voor ogen. Wachttijden, wachtlijsten, toegang. De begrippen wachttijd en wachtlijst worden vaak door elkaar gebruikt. Een heldere afbakening tussen de twee begrippen zien we in de definities die het Nederlands Jeugd Instituut (NJI) eerder formuleerde. Daarin zijn wachttijden het aantal dagen dat een cliënt of gezin op hulp wacht, en wachtlijsten het aantal jeugdigen of gezinnen dat op hulp wacht.12 We volgen deze definities ook voor het onderzoek waarover we hier rapporteren

De staatssecretaris had in 2006 de sector gevraagd normen te ontwikkelen. Wmo 2015, art. 2.3.2. lid 1. In hetzelfde artikel is ook omschreven waar het college onderzoek naar moet doen (lid 4).

7 8

9

Wmo 2015, art. 2.3.5. lid 2. In geval van een spoedaanvraag gelden kortere termijnen (twee weken tussen melding en beschikking). 10 Het college kan de beslistermijn verlengen. Het moet dan met goede argumenten een zo kort mogelijke termijn noemen richting de client. 11 Website Gemeente.nu, geraadpleegd 14 maart 2023. 12 NJI, 2017, p. 9.

17

en hanteren de strekking ervan ook voor wachttijden binnen de Wmo, hoewel we dan niet spreken over ‘jeugdigen’ maar ‘cliënten’. Het verschil tussen de betekenis van de begrippen ‘wachttijd’ en ‘wachtlijst’ is groot. Zo zijn wachttijden relevant vanuit een clientperspectief (immers: hoe lang je wacht tot je geholpen

wordt

is

in

essentie

relevant

voor

een

individuele

client)

en

medisch/hulpverleningsperspectief terwijl wachtlijsten een nadrukkelijk bedrijfsmatig perspectief geeft. Het aantal wachtenden impliceert immers een ‘werkvoorraad’.

2.3.

Wachttijden: een taai probleem

Met een heldere definitie is het bestaan van wachttijden op het eerste gezicht een behoorlijk overzichtelijk vraagstuk: er is op een bepaald moment een zorgvraag en een zorgaanbod, en als deze niet direct op elkaar aansluiten ontstaat een wachttijd. En deze is met de heldere definitie in het achterhoofd ook nog eens duidelijk uit te drukken in cijfers. Een dergelijke voorstelling van het vraagstuk, als een kengetal in de context van een zuiver economisch marktmechanisme, kwantificeerbaar in aantal dagen, blijkt in werkelijkheid een bedrieglijk versimpelde weergave van de praktijk waar zorgprofessionals dag in dag uit mee te maken hebben. Achter de cijfers gaat veel schuil. We gaan hier in op een aantal in de literatuur veelgenoemde complicerende factoren.

Jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning zijn containerbegrippen Als we spreken over ‘jeugdhulp’ of ‘maatschappelijke ondersteuning’ gaat hier een groot aantal soorten hulp achter schuil die qua problematiek, aanpak en mate waarin er sprake is van maatwerk zeer uiteenlopen. De trajecten zijn vaak niet vergelijkbaar en wachttijden zijn daardoor in het ene geval zeer problematisch en in het andere geval niet of nauwelijks. Zo is een hulpvraag op het gebied van mobiliteit (rolstoel, taxivervoer) van een andere orde dan een jongere met suïcidaal gedrag die behandeld moet worden. Wat ‘passende hulp’ is, is het resultaat van onderzoek Zowel in de jeugdhulp als in de maatschappelijke ondersteuning is de opdracht aan de gemeente om (diepgaand, zorgvuldig) onderzoek te doen naar de situatie zodat ‘passende hulp’ wordt gevonden (Jeugdwet), hulp afgestemd op de situatie van de cliënt kan worden gegeven (Wmo). In de toelichting op de Jeugdwet wordt daarom gesteld dat het van belang

18

is om ‘zorgvuldig het gesprek te voeren en de juiste deskundigheid op het juiste moment bij dit gesprek te betrekken. De jeugdige en diens ouders staan daarbij centraal’13. In de Wmo wordt passendheid verder beschreven door expliciet de punten te noemen waar de maatwerkvoorziening op moet worden afgestemd als daar aanleiding toe is. De wetgever noemt14: -

de omstandigheden en mogelijkheden van de client,

-

zorg en overige diensten als bedoeld bij of krachtens de Zorgverzekeringswet,

-

jeugdhulp als bedoeld in de Jeugdwet die de client ontvangt of kan ontvangen,

-

onderwijs dat de client volgt dan wel zou kunnen volgen,

-

betaalde werkzaamheden,

-

scholing die de client volgt of kan volgen,

-

ondersteuning ingevolge de Participatiewet,

-

de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de client.

In de praktijk blijkt het vinden van passende hulp regelmatig erg weerbarstig. Als er onderzoek wordt gedaan in een casus door terug te kijken naar hoe een langjarig verblijf in en buiten de zorg is verlopen, valt soms op dat cliënten meerdere keren voor het verkeerde zijn behandeld of dat er meer speelde dan waarvoor de cliënt werd behandeld.15 In veel gevallen blijkt het vinden van wat ‘passende hulp’ is soms moeilijker dan de hulp zelf. Onderzoek laat zien dat de betrouwbaarheid en validiteit van de besluitvorming van zorgprofessionals over wat passend is vaak gebrekkig is. Zo stelt het NJI: ‘Professionals zijn het vaak niet met elkaar eens, er is vaak geen logisch verband tussen de taxatie van de situatie en de ingezette zorg, en er is weinig terugkoppeling over de vraag of beslissingen juist waren’.16 Binnen de jeugdzorg blijken veel inspanningen die vanuit de Jeugdwet worden gedaan een ander effect te hebben dan op voorhand werd gedacht. Uit onderzoek blijkt dat circa 80% van de zorgtrajecten in de jeugdzorg niet bijdraagt aan de problematiek van de cliënt waarna dus vaak naar een andere interventie wordt gezocht

Kamerstukken II, 2012/13, 33684, nr. 3, p. 30 Wmo 2015, art. 2.3.5., lid 5. 15 Zogenaamde ‘retrospectieve casusanalyses’, Pries, e.a. (2022), p. 19. 16 NJI, 2019, p. 17. Het NJI merkt daarbij overigens op: Het is niet zo dat professionals maar wat roepen; zij doen hun werk naar eer en geweten. Het onderzoek toont aan hoe lastig het is om in de praktijk van de jeugdzorg conclusies te formuleren over wat er aan de hand is en wat passende zorg is. Dan is de kans groot dat dit leidt tot overdiagnostisering en het voor de zekerheid inschakelen van zwaardere zorg dan nodig. 13 14

19

(inclusief de soms nieuwe instroom en wachttijd die daar weer het gevolg van is).17 Het NJI stelt dan ook dat de doorlooptijd geen vast gegeven is waarmee planners kunnen rekenen.18

Wachttijden tussen meerdere schakels mogelijk In een versimpelde weergave van de werkelijkheid is er een logische opvolging van aanmelding, intake, het zoeken van hulp, het starten van hulp en het beëindigen. Tussen alle schakels kan er wachttijd ontstaan. Zo kan een cliënt nadat deze heeft moeten wachten op een besluit van de gemeente, opnieuw met een wachttijd worden geconfronteerd alvorens een zorgaanbieder ook feitelijk zorg gaat leveren. Het is dus een misvatting dat wachttijden zich uitsluitend voordoen tussen aanmelding en een gesprek met het sociaal team. In werkelijkheid komen wachttijden voor tussen alle schakels in de gehele keten. Bovendien kan het haastig oplossen van lange wachttijden bij een van de schakels er voor zorgen dat er langere wachttijden bij andere schakels ontstaan. In het geval van meer complexe hulpvragen kan er ook een wachttijd ontstaan die het gevolg is van afstemming met andere trajecten. Wat betreft jeugdhulp wijst het NJI erop dat dit soms ook een vertekend beeld geeft. Bij een complexe hulpvraag kan het voorkomen dat er meerdere soorten hulp nodig zijn. Als die verschillende soorten hulp niet tegelijkertijd beschikbaar zijn kan besloten worden om toch te beginnen met de hulp die wel voorhanden is.

Bij deze client is er dan sprake van een wachttijd terwijl er tegelijkertijd ook hulp geboden wordt.19 De complexiteit in het vinden van een passende vorm van hulp relativeert een kwantitatieve benadering van het vraagstuk. Het zo snel mogelijk ‘onderbrengen’ van een cliënt bij een zorgaanbieder is in veel gevallen een schijnoplossing als de cliënt met het aangeboden zorgtraject simpelweg niet geholpen is.

Pries, e.a. (2022), p. 51 Pries, e.a. (2022), p. 3, NJI, 2017, p. 9. 19 NJI, 2017, p. 10. 17 18

20

Groei van de vraag naar jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning Het gebruik en de kosten van Wmo-maatwerkvoorzieningen vertoont de afgelopen jaren een stijgende trend.20 Een belangrijk deel daarvan is te wijten aan de voorziening Hulp bij het huishouden, in 2020 ca. 40% van het Wmo-gebruik in personen.21 Het NJi becijferde in 2019 de enorme groei van de jeugdzorg. In 2000 maakte 1 op de 27 jongeren gebruik van jeugdzorg. Dit is in 2018 gestegen naar 1 op de 8.22 Meer specifiek gekeken naar jeugdhulp23 becijferde het CBS dat de gemiddelde trajectduur bij jeugdhulp zonder verblijf in 2021 ten opzichte van 2015 gestegen is met 35%. Ook bij jeugdhulp met verblijf is een stijging te zien.24 De groei is, mede door een beperkte effectiviteit van de jeugdzorgpraktijk, gelijktijdig gepaard gegaan met een verminderde uitstroom. 25

Een groot gedeelte van de

wachttijdenproblematiek wordt dus veroorzaakt door een systeem dat de vraag niet aankan. Doordat het systeem de vraag niet aankan, ontstaan er negatieve spiralen binnen het systeem (zie figuur 3).

CBS, zie website ministerie van VWS, monitor langdurige zorg, geraadpleegd 8 juni. In 2020 maakte ruim 1.2 miljoen mensen gebruik van Wmo-maatwerkvoorzieningen, bijna een half miljoen daarvan maakte gebruik van Hulp in de huishouding (drie jaar daarvoor waren dat er nog bijna 400.000). De explosieve groei is te wijten aan de invoering van een vast tarief van € 19,- per maand, ongeacht inkomen, vermogen of gebruik. Recent heeft het kabinet besloten voor alle Wmo-voorzieningen waarvoor nu het abonnementstarief geldt, per 1-1-2026 een inkomensafhankelijke bijdrage in te voeren. Verwachting is dat hierdoor het gebruik zal stabiliseren of dalen. Zie ook website Rijksoverheid, geraadpleegd 8 juni 2023. 22 NJI, 2019, pp. 6-7. 23 Jeugdhulp is de jeugdzorg minus jeugdreclassering en jeugdbescherming, zie tabel xx. 24 CBS Jaarrapport Jeugdhulp 2015 en jaarrapport 2021, aangehaald uit concept Hervormingsagenda Jeugd, 2023. 25 NJI, 2019, p. 16 en AEF, 2020. 20 21

21

Figuur 3 Visualisatie van de negatieve spiraal die kan ontstaan door wachttijden op een plek in het systeem, leidend tot meer wachttijden en hogere werkdruk overal in de keten.26

In de jeugdzorg wordt de wachttijdenproblematiek ook wel voorgesteld als een overlopend bad waar de kraan aan blijft staan en de afvoer verstopt zit. Directe maatregelen om wachttijden aan te pakken zijn dan in veel gevallen symptoombestrijding: je kan gaan dweilen of het bad groter maken (capaciteit vergroten) maar uiteindelijk zal het bad blijven overstromen. Wat werkt is een diepere aanpak: ervoor zorgen dat de instroom kleiner is dan de uitstroom. Gekeken naar het systeem betekent het dus focussen op de instroom, doorstroom en uitstroom: verbeteren van de effectiviteit van (de organisatie van) de zorg.27

2.4.

Normenkader en oplossingsrichtingen

De Rekenkamer heeft er in dit onderzoek voor gekozen terughoudend te zijn in het formuleren van (veel en zeer) gedetailleerde normen waaraan de praktijk zou kunnen worden afgemeten. De voorgaande paragrafen maken duidelijk dat het verkorten van

26 27

Pries, e.a. (2022), p. 22. Figuur is overgenomen met toestemming van de auteurs. Team Aanpak Wachttijden, 2021, pp. 6-7.

22

wachttijden doorgaans geen simpele toepassing is van een of enkele (technische) maatregelen. Slechts door het experimenteren met een mix van maatregelen kan in de praktijk ondervonden worden wat wel en niet werkt en wat slechts op korte termijn werkt dan wel meer duurzaam effect heeft. Om dit scherp te krijgen is een zorgvuldige praktijk van monitoring en evalueren uiterst belangrijk. Hoofdnorm De hoofdnorm van het onderzoek schuilt in de vraag of er sprake is van een aanpak die zich richt op de essentie van het vraagstuk: richt de gemeente zich met ‘de dingen die zij doet’ op het verkorten van de tijd dat een cliënt moet wachten tot het de juiste (behandeling) (ondersteuning) krijgt? Zo kan een gemeente in de ambitie om wachttijden te

verkorten

onbedoeld

een

uitvoeringspraktijk

ontwikkelen

waarin

er

haastig,

onzorgvuldig of onvolledig onderzoek naar de situatie van een cliënt wordt gedaan. Waarna een verkeerde behandeling of ondersteuning wordt gegeven. Aanpak De hoofdnorm benadrukt dat tijd (wachttijden) en effectiviteit (juiste behandeling of ondersteuning) geen inwisselbare grootheden zijn als je duurzaam iets aan wachttijden wil doen. Zoals gezegd kiest de Rekenkamer er voor om niet het al dan niet implementeren van specifieke maatregelen als norm in het onderzoek centraal te stellen, alswel een aanpak waarin er ruimte is om werkenderweg te leren van concrete maatregelen door ze voortdurend in hun samenhang te monitoren en te evalueren (zie figuur 4).

23

Figuur 4 Aanpak en maatregelen

De Rekenkamer sluit hierbij aan bij de gedachte over de aanpak van wachttijden zoals deze ook in de Hervormingsagenda Jeugdzorg wordt gevolgd. 28 Hierin worden problematische wachttijden gezien als een ‘systemische veranderopgave’ met een nadruk op leren en experimenteren met concrete maatregelen in de praktijk. Deze gedachte is door de Rekenkamer verder uitgewerkt in subnormen die betrekking hebben op de politiekbestuurlijke context, een plan, de maatregelen en de evaluatie. In bijlage 3 is het normenkader terug te vinden.

28

Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 (concept), p. 76.

24

3.

Wachttijden in de gemeente Vijfheerenlanden

3.1.

Inleiding

In dit hoofdstuk gaat de Rekenkamer in op de situatie zoals deze zich tijdens de onderzoekperiode tot medio juli 2023 in de gemeente Vijfheerenlanden voordeed. We schetsen daartoe eerst de omvang van het gebruik van voorzieningen in Vijfheerenlanden. Daarna gaan we in op de bevindingen die volgen uit de toepassing van het normenkader zoals dat in het voorgaande hoofdstuk is geformuleerd en in bijlage 3 is terug te vinden.

3.2.

Gebruik van Wmo en jeugdhulp

VNG heeft enkele jaren geleden een model door datascientists laten ontwikkelen waarmee het aantal Wmo-gebruikers in een gemeente voorspelt kan worden. Dit model voorspelt in Vijfheerenlanden een verdere toename van het aantal gebruikers (zie tabel 2). De voorspeling vanaf 2026 moet echter worden genuanceerd. Het kabinet heeft besloten tot de invoering van een inkomensafhankelijke eigen bijdrage vanaf 2026 voor Wmovoorzieningen waarvoor nu een abonnementstarief geldt (denk in het bijzonder aan huishoudelijke hulp). Daarbij komt dat door de val van het kabinet het nog onzeker is of het besluit door een volgende kabinet wordt overgenomen. Wat de precieze effecten zijn valt niet in een voorspelling uit te drukken, ook omdat de regeling nog moet worden uitgewerkt. Vooralsnog zijn er echter geen aanwijzingen dat de druk op het Wmo-stelsel in Vijfheerenlanden zal verdwijnen (gelet op de toename van gebruikers, vergrijzing, personeelsproblematiek, et cetera). Ook op langere termijn zal de druk blijven bestaan.

Wmo -

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2472

2611

3515

4040

3690

3850

3940

4063

4180

4292

54

55

56

57

58

59

59

59

60

60

gebruikers Inwoners in gemeente (x 1000) Tabel 2 voorspelling Wmo gebruikers gemeente Vijfheerenlanden (cursief zijn voorspellingen)

Het CBS houdt bij hoeveel jongeren er in Nederland gebruik maakt van jeugdhulp. In Vijfheerenlanden blijkt in vergelijking met de rest van Nederland zowel in 2021 en 2022 een lager percentage van de jongeren gebruik te maken van jeugdhulp.

25

2021

2022

Vijfheerenlanden

10,7%

11,2%

Nederland

13,2%

13,2%

Tabel 3 Gebruik jeugdhulp in Vijfheerenlanden en Nederland (Bron CBS).

3.3.

De aanpak van wachttijden in Vijfheerenlanden

In deze paragraaf formuleert de Rekenkamer de bevindingen omtrent wachttijden in Vijfheerenlanden. De Rekenkamer komt tot de volgende bevindingen: 1. De gemeenteraad is betrokken bij het vraagstuk van wachttijden -

De gemeenteraad wordt sinds 2019 door het college actief op de hoogte gehouden van de wachttijdenproblematiek en het nemen van maatregelen met verschillende raadsinformatiebrieven.29

-

Wat betreft Jeugdhulp krijgt de gemeenteraad van de nieuw gevormde gemeente Vijfheerenlanden in oktober 2019 een analyse van het gebruik en kosten van jeugdhulp in de voormalige gemeenten aangeboden. Hierin is ook aandacht voor wachttijden, zowel bij de Sociaal Teams alsook de ‘lange wachttijden in de keten’.30

-

Ook vanuit de raad wordt een actieve houding aangenomen: er worden schriftelijke vragen gesteld en de raad neemt in 2022 een motie aan waarmee het college wordt opgeroepen om de wachttijd voor behandeling van een aanvraag Wmo terug te brengen naar 6 weken en een voorstel aan de raad te doen voor extra middelen als dat nodig is.31

-

De politiek-bestuurlijke aandacht blijft beperkt tot wachttijden die binnen de eigen organisatie

(sociaal

team)

bestaan.

Er

is

nauwelijks

aandacht

voor

de

wachttijdproblematiek van (eerste) melding tot feitelijke hulp.

Zie Raadsinformatiebrieven (RIB), d.d. 10 december 2019, 30 augustus 2022 en 19 januari 2023 30 Brief aan de raad, analyse jeugdhulp (in bijlage: analyse jeugdhulp, p. 5-6, 7-8, 12 31 Motie VHL Lokaal, CDA, PvdA, 17 februari 2022. 29

26

2. Er bestaat in Vijfheerenlanden een gefragmenteerd en onvolledig beeld van de (problematische) wachttijden waar cliënten mee te maken hebben. -

De gemeente houdt handmatig bij welke wachttijden er bestaan tot een van de eerste processtappen (de tijd tussen een melding en de toebedeling van een cliënt aan een consulent/ jeugdprofessional).

-

Na de vorming van de nieuwe gemeente Vijfheerenlanden is er een beknopte kwalitatieve analyse van het gebruik van jeugdhulp en kosten uitgevoerd. Hierin was ook aandacht voor wachttijden. Uitkomst is dat wachttijden op dat moment een probleem vormen omdat door de ‘oplopende wachttijden’ ook de werkdruk voor medewerkers van de Sociale Teams oploopt, waardoor de problemen rondom cliënten ‘verder kunnen escaleren.’32 Een aanzet tot de oplossing wordt gezocht in een regionale aanpak met behulp van een ‘beschikbaarheidswijzer’ waarmee de gemeente inzicht krijgt in de wachttijden bij individuele zorgaanbieders. 33 Deze applicatie is in 2022 ontwikkeld door VNG in samenwerking met gemeenten. Ook regio Lekstroom is bij de ontwikkeling betrokken geweest. De wijzer geeft 24/7 inzicht in het beschikbare aanbod bij zorgaanbieders. De bedoeling is dat zorgprofessionals hierdoor minder tijd verliezen aan het rond bellen naar aanbieders om voor een cliënt geschikte hulp te vinden.

-

Ten tijde van het onderzoek maakt een deel van de consulenten/jeugdprofessionals ook gebruik van de beschikbaarheidswijzer bij het zoeken en vinden van ondersteuning voor een cliënt. Op beleidsniveau valt op dat de gemeente geen gebruik maakt van de mogelijkheden die deze applicatie biedt tot geaggregeerde informatie zoals de wachttijden per productcode. Er is wel een voornemen dit te onderzoeken.

-

De gemeente heeft geen integraal inzicht in wachttijden: dat wil zeggen inzicht in de tijd die verstrijkt tussen de melding en de feitelijke hulp die door zorgaanbieders geboden wordt (zie figuur 4).

-

Uit het laatst gepubliceerde cliëntervaringsonderzoek (over de uitvoering Wmo 2021) blijkt 62% van de respondenten uit Vijfheerenlanden tevreden over de snelheid waarmee men geholpen is. Dat is minder dan de referentiegroep (75%). Over andere aspecten (kwaliteit van de ondersteuning, effecten van de ondersteuning) oordeelt men vergelijkbaar met de referentiegroep.

In de analyse wordt in het bijzonder ingegaan op lange wachttijden bij de basis GGZ, waardoor jongeren toch mogelijk in de specialistische GGZ terecht komen (p. 12) of een ophoping van zorg waardoor uiteindelijk zwaardere vormen van specialistische hulp nodig zal zijn (p. 15-16). 33 Zie link website opgenomen in bijlage 1 onder ‘websites’. 32

27

Figuur 4: verschil tussen wachttijd vanuit het clientperspectief en het organisatieperspectief.

3. Er is geen beleidsmatige aanpak van problematische wachttijden. -

Het college reageert op de motie in 2022 door een ‘aparte aanpak’ van de wachttijden problematiek in het vooruitzicht te stellen. Hoewel er in de uitvoering wel enkele concrete maatregelen zijn genomen is er ten tijde van de uitvoering van dit onderzoek geen sprake van een aparte aanpak van de wachttijdenproblematiek.

-

Er is in Vijfheerenlanden geen sprake van een overkoepelend plan of beleidsmatige aanpak van wachttijden. Er zijn geen doelen en/of evaluatiekader geformuleerd, er bestaat geen aparte (project)organisatie.

28

4. Op operationeel niveau (‘de werkvloer’) heeft de gemeente sinds 2019 diverse maatregelen getroffen om wachttijden tegen te gaan. Deze maatregelen zijn uitsluitend gericht op het tegengaan van wachttijden binnen de interne organisatie en niet op wachttijden bij zorgaanbieders. -

De Rekenkamer prijst de inspanningen van medewerkers op operationeel niveau gelet op de context van een hoog verloop en krapte op de arbeidsmarkt. De Rekenkamer trof waar het de wachttijdenproblematiek betreft op operationeel niveau zonder uitzondering betrokken en bevlogen medewerkers.

-

De Rekenkamer is positief over het feit dat de gemeente aandacht geeft aan tussentijdse toetsing, casuïstiekbesprekingen en intervisie en opleiding. Dat verhoogt het professionele niveau van de consulenten en gaat op korte termijn ten koste van het tegengaan van een wachtlijst. Op lange termijn blijkt investeren in de kwaliteit van medewerkers bij te dragen aan een duurzame oplossing van het wachttijden probleem (=hoofnorm).

-

De gemeente heeft werk gemaakt van een versnelde afhandeling van eenvoudige meldingen. De gemeente heeft met het zogenaamde ‘claimgericht werken’ een verkorte procedure voor de afhandeling van een melding ingevoerd (zie bevinding 5).

-

Deze maatregelen hebben uitsluitend betrekking op de afhandeling van de meldingen tot het afgeven van een beschikking en het plan van aanpak (zie eveneens figuur 4).

-

In de interviews wordt nog eens benadrukt dat als cliënten of ouders niet tevreden zijn over de ondersteuning door of via het sociaal team er regelmatig alsnog een ‘gewenste’ indicatie volgt via de huisarts. Dit roept voor de gemeente de noodzaak op om huisartsen ook te betrekken bij een overkoepelde aanpak.

-

In de regio is er binnen de kwartaalgesprekken met zorgaanbieders enige aandacht voor wachttijden bij huishoudelijke ondersteuning en individuele begeleiding. Er zijn daar tijdsnormen vastgesteld waarbinnen aanbieders een inwoner moeten accepteren.

5. De gemeente heeft werk gemaakt van een versnelde afhandeling van eenvoudige meldingen. -

De gemeente hanteert waar mogelijk een verkorte procedure na de melding van een client. Bij de uitvoering van de Wmo wordt dit ‘claimgericht werken’ genoemd. Hierin wordt het onderzoek (triage) dat de Wmo consulent uitvoert naar aanleiding van een melding direct gericht op de hulpvraag zoals die door cliënt in de melding wordt verwoord. Dit in tegenstelling tot een breder onderzoeksaanpak die meer ‘in de geest’ van de Wmo wordt uitgevoerd. In zo een breder onderzoek wordt de hulpvraag bekeken nadat er ook grondig gekeken is naar de bredere context (andere ‘leefgebieden’) waarin

29

de cliënt zich bevindt: zelfredzaamheid en participatie, de eigen mogelijkheden, het sociale netwerk et cetera. De gemeente zet het claimgericht werken in op basis van een beoordeling van de melding van de client door de projectleider. Daarbij wordt gekeken naar de leeftijd, of men al gebruik maakt van een andere voorziening, of er al een dossier van client bestaat en ‘andere kenmerken’ van de melding. Om wachttijden bij jeugdhulp tegen te gaan hanteert de gemeente een vergelijkbare werkwijze bij verlengingshulp. -

De gemeente heeft zowel voor jeugdhulp als voor Wmo een ‘pizza avond’ georganiseerd. Beleidsmedewerkers hebben samen met de consulenten op een avond 50 van de toen 400 Wmo-meldingen behandeld. Dit betrof meldingen waarbij de situatie dermate duidelijk was dat ze op deze avond afgehandeld konden worden.

-

De gemeente heeft de belangrijkste processen van melding tot beschikking kritisch onder de loep genomen, beschreven en waar mogelijk efficiënter gemaakt.

-

De gemeente ontwikkeld een handboek voor het sociaal loket. Met dit handboek probeert de gemeente de medewerkers van het sociaal loket te ondersteunen in het adequaat opschrijven van de inhoud van de vraag. De veronderstelling daarbij is dat medewerkers al bij het opschrijven van de melding een scherper onderscheid kunnen maken tussen meldingen die duidelijk zijn (en waar het claimgericht werken kan worden toegepast) en meldingen die juist om meer onderzoek vragen.

-

Sinds 2021 is de capaciteit van Wmo consulenten in Vijfheerenlanden uitgebreid.

6. Genomen maatregelen worden niet grondig, stelselmatig en/of in samenhang geëvalueerd. -

De beschreven maatregelen onder bevinding 5 zijn weliswaar onderwerp van gesprek tussen betrokkenen (consulenten, beleidsmedewerkers, netwerkmanagers) maar geen onderwerp van een grondige evaluatie aan de hand van doelen, criteria en resultaten.

30

Bijlage 1 Geraadpleegde literatuur, documenten en websites Literatuur Andersson Elffers Felix (AEF), Stelsel in groei, een onderzoek naar financiële tekorten in de jeugdzorg, Utrecht, 2020. Koster, Y. Beleidsruimte bij Jeugdwet ver te zoeken, in : Binnenlands Bestuur, 3 juli 2013. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, beantwoording Kamervragen lid Raemakers (D66), 23 januari 2023. Nederlands Jeugd Instituut (NJI), Wacht maar, onderzoek naar wachttijden en wachtlijsten in jeugdzorg en jeugdhulp, Utrecht 2017. Nederlands Jeugd Instituut (NJI), Het groeiend jeugdzorggebruik, Duiding en aanpak, Utrecht 2019. Principeakkoord

cliëntenorganisaties,

professionals,

aanbieders,

VNG,

Rijk,

Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 (concept), 17 mei 2023. Pries, F., T. Haarlemmer, J. Stoevelaar en E. Legemaate, Een functionele kijk op wachttijden, Wachttijden in de jeugdzorg begrijpen, 2022. Randstedelijke Rekenkamer, i.s.m. Rekenkamer Amsterdam, Rekenkamer Den Haag en Rekenkamer Oost-Nederland, (On)verantwoord wachten op jeugdzorg, maart 2012. Rekenkamer Leeuwarden, Wachttijden in de jeugdhulp, quick scan van de Rekenkamer Leeuwarden naar aard, omvang en oorzaken van wachttijden in de jeugdhulp, Leeuwarden, 2019. Stoevelaar, J. en F. Pries, Wachttijden: wat werkt?, Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd, Team aanpak wachttijden, 2023.

Belangrijkste geraadpleegde documenten Gemeente Vijfheerenlanden, Brief aan de raad: Aanbieden Analyse Jeugdhulp, 1 oktober 2019, (inclusief bijlage) Gemeente Vijfheerenlanden, Acties om de kosten in de jeugdhulp te beheersen, grip op lokale jeugdhulp, juni 2020. Gemeente Vijfheerenlanden, Raadsinformatiebrief: Wachttijden behandeling aanvragen Wmo en Jeugdhulp, 10 december 2019. Motie M7, VHL Lokaal, CDA, PvdA Wachttijden WMO, 17 februari 2022.

31

Vereniging

van

Nederlandse

Gemeenten

(VNG),

Gemeentelijke

rapportage

cliëntervaringsonderzoek Wmo Onderzoeksresultaten 2021, Den Haag, 21-072022. Memorie van toelichting Jeugdwet, Kamerstukken II, 2012/13, 33684, nr. 3. Websites Beschikbaarheidswijzer Lekstroom, geraadpleegd 6 juni 2023: https://app.beschikbaarheidswijzer.nl/app/wa?account=wmolek&seltag=1 Gemeente.nu, geraadpleegd 14 maart 2023: https://www.gemeente.nu/sociaal/lange-wachttijden-voor-wmo-hulp/ Ministerie van VWS, Monitor Langdurige Zorg, geraadpleegd 8 juni 2023: https://www.monitorlangdurigezorg.nl/kerncijfers/gebruik/gebruik-wmomaatwerkvoorzieningen Nederlands Jeugdinstituut, Handout, wat is het verschil tussen jeugdzorg en jeugdhulp?, geraadpleegd 14 maart 2023: https://www.nji.nl/sites/default/files/2021-07/Wat-is-het-verschil-tussen-jeugdzorg-enjeugdhulp-handout.pdf Rijksoverheid, Nieuws, geraadpleegd 8 juni 2023: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2023/05/22/inkomensafhankelijke-eigenbijdrage-wmo-vanaf-1-januari-2026 Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Wmo voorspelmodel, geraadpleegd voor data gemeente Vijfheerenlanden, 13 juni 2023: https://wmovoorspelmodel.vng.nl

32

Bijlage 2 Lijst van respondenten

Gemeente Vijfheerenlanden Wethouder Sociaal Domein Beleidsmedewerker Jeugd Strategisch beleidsadviseur Wmo Kwaliteitsmedewerker Wmo Kwaliteitsmedewerker Jeugd Projectleider Wmo Netwerkmanager Sociaal Domein Coördinator Sociaal Team Jeugdprofessionals (2x)

Regionaal Bureau Lekstroom (RBL) Teammanager Contractmanager

Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd (VNG / Ministerie van VWS) Programmacoördinator en medewerker Wachttijden

33

Bijlage 3 Normenkader Hoofdnorm Gemeente Vijfheerenlanden hanteert een aanpak gericht op het verkorten van de tijd dat een cliënt moet wachten tot het de juiste (behandeling) (ondersteuning) krijgt

Subnormen Norm Politiek-bestuurlijk Ambtelijk en bestuurlijk worden

-

wachttijden (h)erkend als symptoom en een taai probleem.

Men is zich ervan bewust dat wachttijden een slechte indicator voor het presteren van zorgprofessionals is.

-

Wachttijden zijn (zorginhoudelijk) problematisch als ze inhouden dat de juiste behandeling uitblijft of te laat plaatsvindt (omdat de klachten als gevolg van het wachten zijn veranderd / verergerd).

-

Wachttijden vloeien voort uit – en zijn een symptoom van – een vastgelopen systeem (jeugdzorg).

Politiek-bestuurlijke sturing van de

-

Raadsleden worden betrokken bij de ervaringen met de maatregelen

uitvoering van de wachttijden-

die men neemt. Naast informele momenten waarop raadsleden

aanpak is vormgegeven op basis

worden geinformeerd, wordt hier ook gebruik gemaakt van zorgvuldig

van een permanente dialoog

opgestelde evaluaties waar belangrijke stakeholders bij betrokken zijn

tussen raadsleden, bestuurders, en

(zie onder ‘Evaluatie’).

belangrijke stakeholders (professionals, cliënten(raad), zorgaanbieders, huisartsen). Plan Er is sprake van een plan.

-

De wijze waarop men het probleem wil aanpakken is uitgewerkt.

-

Er is een projectorganisatie is beschreven.

-

De ambtelijke en bestuurlijke besluitvormingsprocessen zijn beschreven.

-

Er is gebruik gemaakt van kennis die is eerder is opgedaan bij andere gemeenten.

34

-

Het plan omvat ook het beschikbaar stellen van meerjarige financiële middelen en capaciteit.

-

Het plan gaat gepaard met voldoende inzet van expertise op het terrein van effectieve jeugdzorg bij professionals in het sociaal team.

Het plan is (mede) het resultaat

Het plan is tot stand gekomen mede dankzij de inbreng van professionals:

van de inbreng van professionals in

-

het sociaal domein.

in het sociaal team bij andere ‘toegangspoorten’ (huisartsen, xxx) bij gecontracteerde zorgaanbieders

Maatregelen Er worden in brede zin concrete

Maatregelen zijn gericht op:

maatregelen genomen: zowel

-

gericht op de instroom, doorstroom als uitstroom.

Verminderen instroom (zoals adequate nazorg gericht op voorkomen nieuwe instroom)

-

Versnellen doorstroom (zoals inzicht krijgen in lokaal zorgaanbod en bijbehorende wachttijden)

Maatregelen zijn gericht op een

-

Vergroten uitstroom (zoals een grondige probleemanalyse)

-

Maatregelen zijn gericht op tijd en kwaliteit: dat wil zeggen,

duurzaam effect.

terugdringen van de tijd die men wacht op een juiste behandeling of ondersteuning.

Evaluatie Evalueer en monitor alle genomen

-

Besteedt bij de evaluatie van afzonderlijke maatregelen aandacht aan

maatregelen permanent en stel zo

de integraliteit van de maatregelen: welke versterken of verzwakken

nodig bij.

elkaar en hoe werkt dat? -

Monitor de uitvoering: voortdurende aandacht voor de effecten van maatregelen voor de uitvoeringspraktijk.

-

Evalueer naast de genomen maatregelen ook langdurige zorgcasussen (retrospectieve casusanalyse).

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=84c8ee29-b81c-4108-ab4b-99e49917ec05