CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

beslispuntenmemo Wgr wijziging

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 8 februari 2024, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Zienswijze ontwerp gemeenschappelijke regelingen RAZU3.869 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

PROOF Adviseurs BV. Aan

Van

Postbus 2704

Regionaal Archief Zuid-Utrecht Tav mevrouw E. Hokke

Jan Willem Botter en Maarten Waleboer

3000 CS Rotterdam

Plaats/datum

Betreft

proofadviseurs.nl

Rotterdam, 5 juli 2023

Ingevulde beslispuntenmemo nav

Rabo NL43RABO0303425660

Kennismakings- en keuzesessie

btw NL8550.87.250.B01

info@proofadviseurs.nl (+31)850471007

KvK 63089068

1 Inleiding Op 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr) gewijzigd. Deze wetswijziging dient voor 1 juli 2024 in alle gemeenschappelijke regelingen (GR-en) geïmplementeerd te worden. Ook de gemeenschappelijke regeling Regionaal Archief Zuid-Utrecht (GR RAZU) moet worden gewijzigd. Deze beslispuntenmemo geeft inzicht in de wijzigingen van de Wgr die noodzakelijkerwijs leiden tot wijziging van de GR RAZU. Deels zijn deze verplicht, deels is er sprake van een keuze in de invulling van de wijziging.

1.1 Gewijzigde procedure totstandkoming GR-wijziging Een eerste belangrijke wijziging ziet op het proces tot de totstandkoming van een GR-wijziging. Bij alle GR-en waar raden niet aan deelnemen – zoals ook het geval is bij de GR RAZU –, is het vanaf 1 juli 2022 verplicht om zienswijze over de concept gewijzigde regeling te vragen aan de raden. Nadat gemotiveerd op deze zienswijzen is gereageerd en aanpassingen in de conceptGR zijn doorgevoerd, kan aan de raden toestemming worden gevraagd voor het wijzigen van de GR. Deze procedurewijziging heeft direct invloed op de wijziging van de GR RAZU, vandaar dat wij deze hier alvast expliciteren.

1.2 Niet alle wijzigingen van de Wgr leiden tot een te maken keuze in de GR Een aantal van de wijzigingen in de Wgr leiden tot verplichte toepassing en leiden soms tot een verplichte wijziging van GR-en waarbij geen keuze te maken valt in de wijze waarop deze wordt toegepast. Onderstaande tabel geeft aan welke wijzigingen verplicht zijn. De lichtpaarse markering geeft aan dat, ondanks dat sprake is van een verplichting, toch een keuze mogelijk is. Deze keuze wordt behandeld in paragraaf 2.1. Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Zienswijze van raden over ontwerpregeling, wijziging regeling of toeen uittreding als raden geen deelnemer zijn aan de GR.

Art. 1 Wgr

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Reactie van (dagelijks) bestuur op zienswijze begroting.

Art. 35 Wgr

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

proofadviseurs.nl

Pagina 1 van 8

Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Aanpassing termijnen in de begrotingscyclus

Art. 34, 34b en 35 Wgr.

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Gezamenlijke enquête naar gevoerde bestuur als raden geen deelnemer zijn.

Art. 155 Gemeentewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepassing.

Uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer tot bestuur van het samenwerkingsverband.

Art. 184 Gemeentewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepassing.

1.3 Wijzigingen van de Wgr die leiden tot een te maken keuze in de GR Andere wijzigingen van de Wgr geven de deelnemers de vrijheid om te kiezen of, en zo ja op welke manier zij de wijzigingen implementeren in de eigen GR. Onderstaande tabel maakt dit inzichtelijk voor GR-en die gesloten worden tussen gemeentelijke1 bestuursorganen. De wijzigingen waar een keuzevrijheid is, zijn licht paars gemarkeerd. Deze worden behandeld in de paragraven 2.2 tot en met 2.6. Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur

Art. 10 lid 6 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Participatie van inwoners en belanghebbenden

Art. 10 lid 7 en 8 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Actieve informatieplicht door bestuur

Art. 17 Wgr

Ja

Ja, vastleggen hoe dit wordt ingevuld

Gemeenschappelijke adviescommissie (NB: alleen mogelijk voor openbare lichamen, dus niet voor een bedrijfsvoeringsorganisatie zoals RAZU!)

Art. 24a Wgr

Ja

Niet verplicht.

Evaluatie van de GR

Art. 11 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Voorwaarden en gevolgen van uittreding, waaronder de gevolgen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen.

Art. 9 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

1.4 Voorbereiding keuzes In het volgende hoofdstuk bespreken wij in de verschillende paragrafen alle lichtpaars gearceerde rijen van bovenstaande tabellen. In een ambtelijke keuzesessie op 26 juni 2023,

1

De bepalingen die verwijzen naar regelingen tussen provinciale bestuursorganen of bestuursorganen van waterschappen laten wij in deze memo buiten beschouwing.

proofadviseurs.nl

Pagina 2 van 8

waar vanuit elke gemeente waarvan het college deelneemt aan RAZU minimaal één ambtelijk vertegenwoordiger aanwezig was, bespraken wij de verschillende keuzemogelijkheden per wijziging. Tijdens de sessie is benadrukt dat de gemaakte keuzes zowel dienen aan te sluiten bij het (uitvoerende en beleidsarme) karakter van het samenwerkingsverband RAZU, als bij de intentie van de wetswijziging, namelijk het bieden van een instrumentarium waarmee de raden in staat gesteld worden het wenselijke niveau van grip en controle op samenwerking te effectueren en de democratische legitimatie van samenwerkingsverbanden op grond van de Wgr te vergroten. De discussies op 26 juni 2023 hebben geleid tot een ambtelijk advies per wijziging. In deze memo zijn de adviezen per wijziging vastgelegd, als input voor de discussie door het bestuur van RAZU op 14 augustus 2023.

2 Advies wijzigingen 2.1 Termijnen begrotingscyclus Wat betreft de gewijzigde termijnen geldt dat deze vanaf 1 juli 2022 in werking zijn getreden. De termijnen zoals in de GR RAZU zijn opgenomen worden hierop aangepast. Omdat het uiterste termijnen betreft, behoeft hier in beginsel geen keuze te worden gemaakt. Wel kan er voor gekozen worden om andere termijn in de GR RAZU op te nemen, bijvoorbeeld vanwege de P&C-cyclus van de verschillende gemeenten of omdat er regionale afspraken over de termijnen zijn gemaakt. Als hiervoor gekozen wordt dan laat dit onverlet dat de uiterste wettelijke termijnen hoe dan ook gelden, dus afwijkende termijnen moeten in ieder geval passen binnen de uiterste wettelijke termijnen. Afwijkende termijnen hoeven dus niet in de GR te worden vastgelegd, maar als deze in de GR worden vastgelegd dan dient iedere deelnemer zich daar ook aan te houden. Afwijkende termijnen kunnen als zogenoemde ‘stok achter de deur’ worden gebruikt. Tot slot kan er voor gekozen worden in de GR RAZU slechts te verwijzen naar de geldende wettelijke bepalingen voor wat betreft de termijnen. Dit heeft als voordeel dat een wijziging van de uiterste wettelijke termijnen niet in de GR hoeft te worden aangepast maar heeft als nadeel een verminderde zelfstandige leesbaarheid van de GR.

Op dit moment zijn de (verouderde) uiterste begrotingstermijnen uitgebreid opgenomen in de artikelen 20 en 21 van de GR RAZU. Het ligt voor de hand deze uiterste termijnen in de GR aan te passen op de nieuwe termijnen. Tenzij er voor gekozen wordt alternatieve termijnen op te nemen. Keuze: worden er andere termijnen dan de wettelijke termijn in de GR RAZU opgenomen? Zo ja, welke? Zo nee? Dan worden de nieuwe wettelijke (uiterste) termijnen opgenomen. Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU worden de (nieuwe) wettelijke termijnen opgenomen als uiterste termijnen, zoals dat ook op dit moment al het geval is. Er bestaat niet de wens afwijkende termijnen in de GR op te nemen. Motivatie Er is geen reden om af te wijken van de wettelijke termijnen. Vanwege de zelfstandige leesbaarheid van de regeling worden de nieuwe wettelijke termijnen opgenomen in de regeling. Er is niet voor gekozen om (slechts) te verwijzen naar de wettelijke bepaling omdat in dat geval de termijnen telkens opgezocht moeten worden in de Wgr. Er zijn geen regionale afspraken gemaakt over afwijkende termijnen – passend binnen de wettelijke uiterste termijnen – die vastgelegd moeten worden in de GR. Afwijken van de uiterste wettelijke termijnen mag altijd

proofadviseurs.nl

Pagina 3 van 8

(ook als dit niet expliciet in de GR is opgenomen), maar het vastleggen van afwijkende termijnen in de GR dwingen tot het toepassen daarvan. Dit zou leiden tot (ongewenste) inflexibiliteit.

2.2 Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur Volgens artikel 10, vijfde lid Wgr moet in een GR worden opgenomen welke bestuursbesluiten, voorafgaand aan het nemen er van, voor het geven van een zienswijze moeten worden voorgelegd aan de raden van de gemeenten waarvan de colleges deelnemen in een GR. Er zijn een aantal verplichte besluiten waarvoor zienswijze gegeven moet worden 2. Naast deze wettelijk verplichte zienswijze-procedures, is het verplicht om iets op te nemen over de bestuursbesluiten die voor zienswijze aan de raden voorgelegd worden. Het ligt voor de hand te kiezen om ingrijpende besluiten of besluiten met een (grote) financiële consequentie voor zienswijze aan de raden voor te leggen. Oftewel, besluiten die de kaderstellende, controlerende en budgettaire bevoegdheden van de raden raken. Te denken valt bijvoorbeeld aan algemeen verbindende voorschriften, al dan niet financieel, de vaststelling van meerjarenbeleidsplannen of het instellen van bestuurscommissies. Voor RAZU geldt dat sprake is van een bedrijfsvoeringsorganisatie, die vooral gericht is op uitvoering en (veel) minder op beleid.

Voorstelbaar is daarom dat, buiten de wettelijk verplichte bestuursbesluiten waarop zienswijze kan worden gegeven door de raden, er verder geen bestuursbesluiten van RAZU worden aangewezen welke voorafgaand aan het nemen van het besluit ter zienswijze aan de raden moeten worden voorgelegd. Keuze: Worden er bestuursbesluiten genoemd in de GR waarop de raden voorafgaand hun zienswijze mogen geven? Zo niet: dan wordt vastgelegd dat daarvan geen gebruik wordt gemaakt, buiten de besluiten waarvan wettelijk of reeds in de GR RAZU is bepaald dat ze voor zienswijze langs de raden moeten. Zo wel: dan adviseren wij scherp te hebben welke besluiten dit dan betreffen. Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU blijft opgenomen dat zienswijze op de kadernota en de jaarrekening kan worden gegeven. Dit wijkt af van de wettelijke bepaling, aangezien artikel 34b Wgr bepaalt dat de kadernota en de jaarrekening slechts ter informatie aan de raden hoeft te worden gezonden. Verder wordt in de GR RAZU opgenomen dat er, naast de wettelijk verplichte en de besluiten die al in de regeling worden genoemd, geen andere besluiten aan de raden voorgelegd worden ter zienswijze, tenzij het bestuur anders beslist.

Motivatie Door het hanteren van een zienswijzemogelijkheid op de kadernota en de jaarrekening worden de raden in een vroeg stadium in de gelegenheid gesteld hun reactie te geven op de financiële en beleidsmatige uitgangspunten voor het volgend begrotingsjaar. Dit wordt zowel door gemeenten als door het RAZU als een prettig en goed bruikbaar instrument beschouwd. De mogelijkheid om een zienswijze uit te brengen op de kadernota en de jaarrekening is al opgenomen in de gemeenschappelijke regeling en blijft dus behouden bij de wijziging van de GR, ondanks dat de Wgr dit niet verplicht stelt Als bedrijfsvoeringsorganisatie is RAZU uitvoerend van aard. In opdracht van de gemeenten worden de archiefwettelijke taken uitgevoerd. Er zijn, naast de planning en controlcyclus, op voorhand geen besluiten te voorzien waarover de raden via een zienswijze geraadpleegd dienen 2 Denk aan de zienswijze op de begroting en de zienswijze op het oprichten van en deelnemen in een

privaatrechtelijke rechtspersoon door het bestuur van een gemeenschappelijke regeling.

proofadviseurs.nl

Pagina 4 van 8

te worden. Daarom wordt in de regeling een dynamisch artikel opgenomen, waarin staat dat er geen andere dan de wettelijke verplichte en de reeds in de regeling genoemde besluiten voorgelegd worden tenzij het bestuur anders beslist. Dat betekent dat de vrijheid bestaat voor het bestuur om bijvoorbeeld het meerjarenbeleidsplan ter zienswijze aan de raden voor te leggen, als dit wordt opgesteld. Met deze dynamische bepaling wordt enerzijds aan de wettelijke verplichting voldaan, terwijl anderzijds de flexibiliteit bestaat alsnog de raden in de gelegenheid te stellen zienswijze te geven op die besluiten waarvan het bestuur van RAZU het wenselijk vindt.

2.3 Evaluatie van de GR RAZU In artikel 11a van de Wgr is opgenomen dat een gemeenschappelijke regeling bepalingen omtrent de evaluatie van de regeling moet bevatten. Uit de toelichting op de wetswijzing volgt dat verplicht is om in elke regeling iets op te nemen over evaluatie maar dat dit ook betekent dat mag worden opgenomen dat er geen evaluatie plaats zal vinden. Wordt er niet geëvalueerd dan wordt dat opgenomen in de GR en hoeven er geen verdere keuzes gemaakt te worden. Wordt ervoor gekozen om wel te evalueren dan is het ook goed om na te denken over de frequentie en de termijn van de evaluatie. Bijvoorbeeld minstens eens per zes jaar of elke vier jaar. Ook kan er iets worden opgenomen over het moment. Zo is het bijvoorbeeld aan te raden om de evaluatie niet vlakbij of rondom raadsverkiezingen te laten plaatsvinden omdat dan de evaluatie mogelijk niet de aandacht krijgt of het momentum mee heeft dat het verdient om het een nuttige evaluatie te laten zijn. Overigens kan de keuze voor het moment ook buiten de GR gelaten worden om niet ‘vast te liggen’. Hoe specifieker in de GR wordt opgenomen hoe met de evaluatie om te gaan, hoe ‘vaster’ dit ligt en hoe minder flexibiliteit er is daarvan af te wijken. Tot slot is het ook goed om bij voorbaat na te denken over wát het onderwerp van de evaluatie dient te zijn.

Ziet dat bijvoorbeeld op de inhoudelijke taken die zijn opgedragen aan RAZU? Of de wijze waarop de financiën worden geregeld en de deelnemers bijdragen? Of wordt er gekeken naar de effectiviteit en het nut van de samenwerking binnen de GR RAZU? Het staat vrij om hier iets over op te nemen in de regeling. Denk hierbij ook aan de mogelijkheid om op te nemen dat een jaar voorafgaand aan de evaluatie een besluit wordt genomen door de deelnemers of door het bestuur over de inhoud van de geplande evaluatie. Op dit moment is er nog niets over evaluatie opgenomen in de GR RAZU, dus dat dient in ieder geval te worden toegevoegd. Keuze: Wel of geen evaluatie laten uitvoeren ten aanzien van de GR RAZU? Zo niet: dan wordt in de GR opgenomen dat geen evaluatie plaats vindt. Zo wel: dan adviseren wij ook na te denken over: 1: de termijn waarbinnen geëvalueerd wordt en met welke frequentie; 2: wat er geëvalueerd gaat worden. Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU wordt opgenomen dat op verzoek van minimaal 2 deelnemende colleges of op initiatief van het bestuur eens per zes jaar een evaluatie van de GR RAZU uitgevoerd kan worden. Het bestuur van RAZU besluit over het precieze onderwerp van de evaluatie en het moment waarop deze evaluatie uitgevoerd wordt. Motivatie Het is zinvol om periodiek de GR te evalueren.

Aangezien de opdracht aan het RAZU een langdurige is, namelijk het beheren van de gemeentelijke archieven voor tenminste 100 jaar, is het wenselijk daarvoor ook een duurzame organisatie in te richten. Dat betekent dat bij een evaluatie niet zo snel de vraag op de tafel zal komen of de samenwerking voldoende

proofadviseurs.nl

Pagina 5 van 8

bestaansrecht heeft, maar eerder de vraag of de opdracht aan RAZU op de juiste manier wordt ingevuld en of de samenwerking van de verschillende colleges binnen RAZU leidt tot de verwezenlijking van de gewenste doelen. Alhoewel evaluaties nuttig kunnen zijn en ter verbetering van de dienstverlening ingezet kunnen worden, zijn er met een goede evaluatie ook aanzienlijke tijd en kosten gemoeid. Niet alleen voor RAZU, maar ook voor de raden die ‘iets’ van het betreffende evaluatierapport moeten vinden en deze ter bespreking moeten agenderen om de evaluatie nuttig te laten zijn als instrument om de grip op de samenwerking te vergroten. Om die reden is het advies om niet 4-jaarlijks de regeling te evalueren maar eens per 6 jaar hiertoe de mogelijkheid te openen. Hiermee wordt zowel recht gedaan aan de duurzame toekomst van de organisatie als aan de noodzakelijkheid van zelfkritisch vermogen. Wellicht ten overvloede wordt vermeld dat ook de instrumenten van de gezamenlijke enquête en de uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer de raden inzicht kunnen verschaffen in het wel en wee van RAZU.

2.4 Participatie van inwoners en belanghebbenden Volgens artikel 10 lid 7 Wgr wordt in een gemeenschappelijke regeling opgenomen op welke wijze de ingezetenen (van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen aan een gemeenschappelijke regeling) en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. Het originele wetsvoorstel liet de ruimte om per gemeenschappelijke regeling een afweging te maken of er mogelijkheden voor participatie van inwoners en belanghebbenden in worden opgenomen. Echter, in het aangenomen amendement van Bromet is opgenomen dat het niet mogelijk is in een gemeenschappelijke regeling op te nemen dat geen ruimte wordt gegeven voor participatie. Er moet, met andere woorden, in elke gemeenschappelijke regeling een minimale variant van participatie worden opgenomen. Voor RAZU geldt dat enkel sprake is van mandatering van taken door de deelnemende colleges aan RAZU. Dit betekent dat aansluiting gezocht kan worden bij de wijze waarop participatie binnen de gemeenten wordt toegepast waarvan de colleges deelnemen aan GR RAZU. Er dient daarom nagedacht te worden over de wijze waarop RAZU participatie wil opnemen in de gemeenschappelijke regeling. Op dit moment is daar in de GR RAZU nog niets over opgenomen, dus dat dient in ieder geval te worden toegevoegd.

Keuze: Op welke manier wordt in de GR RAZU invulling gegeven aan participatie? Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU wordt opgenomen dat participatie van inwoners en belanghebbenden wordt toegepast bij al die bestuursbesluiten waarvan het bestuur – aanvullend op de wettelijke verplichte en de al in de GR geregelde besluiten – afzonderlijk heeft bepaald dat die voorgelegd worden aan de raden ter zienswijze. Bij de uitvoering hiervan wordt aangesloten bij de gemeentelijke regelgeving omtrent participatie. Hiervoor kunnen bijvoorbeeld de gemeentelijke inspraakmomenten worden ingezet. Motivatie Bij een bedrijfsvoeringsorganisatie als het RAZU, waar hoofdzakelijk sprake is van uitvoering en niet van beleidsvorming, ligt het voor de hand om participatie van inwoners te regelen via de opdrachtgevende gemeenten. Dit past eveneens bij de taakuitvoering in mandaat van RAZU, oftewel er zijn geen bevoegdheden door middel van delegatie overgedragen aan het bestuur van RAZU maar de bevoegdheden zijn bij de afzonderlijke colleges gebleven en worden in mandaat door RAZU namens de colleges uitgevoerd. In de GR is al opgenomen dat de kadernota, jaarrekening en begroting ter zienswijze worden voorgelegd aan de raden. Op dat moment is er, via de gebruikelijke kanalen, inspraak mogelijk.

Door in de GR RAZU op te nemen participatie wordt toegepast bij de besluiten die het bestuur bijkomend voordraagt ter zienswijze aan de

proofadviseurs.nl

Pagina 6 van 8

raden, geeft RAZU zo ruim mogelijk en toch passend bij het karakter van de GR invulling aan de wettelijke plicht te voorzien in participatie va inwoners en belanghebbenden.

2.5 Voorwaarden en gevolgen uittreding uit GR RAZU Alhoewel in alle gemeenschappelijke regelingen (voor onbepaalde tijd) bepalingen zijn opgenomen over de wijze waarop deelnemers kunnen uittreden, is het sinds de wetswijziging van 1 juli 2022 verplicht om deze bepalingen uit te breiden. Uit de bepaling moet duidelijk worden welke gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan de bestuursorganen deelnemen in de gemeenschappelijke regelingen. Dit betekent dat in GR RAZU moet worden opgenomen op welke wijze wordt bepaald wat de gevolgen van de uittreding zijn en op welke manier het vermogen van de deelnemers wordt beïnvloed. In artikel 27 van de GR RAZU is op dit moment een uittredingsregeling opgenomen. Deze voldoet echter nog niet aan de minimale wettelijke vereisten omdat onvoldoende is uitgewerkt welke gevolgen een uittreding heeft voor het vermogen van de RAZU en voor de gemeente waarvan het college uittreedt uit de GR RAZU en tot slot voor de gemeenten waarvan de colleges blijven deelnemen. Keuze: bepaal op welke wijze wordt bepaald welke gevolgen uittredingen hebben voor RAZU en welke gevolgen dit heeft voor de (financiële) positie van de uittreder en de deelnemers. Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU wordt aangesloten bij de wettelijke plicht tot het vastleggen van de uittredingsbepalingen.

Dat betekent dat de in de GR opgenomen regeling inzicht geeft in de gevolgen van een uittreding, zowel ten aanzien van het vermogen van RAZU als voor het vermogen van de achterblijvende deelnemers en de uittredende deelnemer(s). In de uittredingsbepaling wordt in ieder geval ook opgenomen langdurige financiële verplichtingen en desintegratiekosten worden afgebouwd over een periode van vijf jaren, waarbij de afbouwpercentages als volgt worden verdeeld: 100%, 80%, 60%, 40%, 20%. In de uittredingsregeling wordt expliciet opgenomen dat bij uittreding of opheffing van de regeling ook sprake moet zijn van het ontvlechten van de archieven en de materialen die in de kluis van RAZU liggen opgeslagen. Verder zijn er geen bijzonderheden aangegeven waarmee aanvullend rekening gehouden moet worden. Voor zover mogelijk worden de kenmerkende elementen zoveel mogelijk overgenomen zoals bijvoorbeeld de opzegtermijn van 2 kalenderjaren en de inzet van een onafhankelijke externe deskundige voor de bepaling van de uittredingssom. Motivatie …De huidige regeling biedt onvoldoende helderheid en is in strijd met de huidige wettelijke plicht zodat de uittredingsbepalingen deels herzien en aangevuld moeten worden. Waar nodig wordt dit gedaan zodat aan de Wgr wordt voldaan en voor toekomstige gevallen duidelijk is wat de financiële consequenties zijn van een uittreding uit de regeling.

Op deze wijze is het voor de raden duidelijk welke gevolgen een besluit tot uittreding heeft voor de financiële positie van de eigen gemeente. Uitgangspunten als de huidige opzegtermijn en het inschakelen van een onafhankelijke deskundige dienen, voor zover mogelijk, onveranderd te blijven.

2.6 Actieve informatieplicht door bestuur Sinds 1 juli 2022 moet ook in gemeenschappelijke regelingen ogenomen worden op welke wijze inlichtingen door het bestuur van een gemeenschappelijke regeling worden verstrekt aan de raden van gemeenten waarvan de colleges deelnemen aan de gemeenschappelijke regeling. Dit is bepaald in artikel 17 van de gewijzigde Wgr.

proofadviseurs.nl

Pagina 7 van 8

Dat betekent dat door RAZU beslist moet worden op welke wijze dit gebeurt en dit dient in de regeling te worden opgenomen. Artikel 9 van de GR RAZU dient dus te worden aangevuld met de actieve informatieplicht, zodat deze voldoet aan de minimale wettelijke vereisten. Keuze: op welke wijze worden de raden actief geïnformeerd zodat zij hun taken goed kunnen uitoefenen? Ambtelijk advies geformuleerd op 26 juni 2023: In de GR RAZU wordt opgenomen dat de raden actief die informatie wordt toegestuurd die voor de raden nodig is bij de uitoefening van hun bestuurlijke taken. Hiermee wordt aangesloten bij de wettelijke plicht en bij de wijze waarop de raden ook op dit moment (naast alle P&Cgerelateerde informatie) al worden geïnformeerd. Motivatie Het RAZU heeft, als beheerder van openbare overheidsinformatie, transparantie over handelen en openbaarheid van documenten in haar DNA zitten. De Wet open overheid verplicht het RAZU bovendien om stukken actief openbaar te maken. Het is voor het RAZU dus een vanzelfsprekendheid dat de raden maximaal geïnformeerd worden over de activiteiten van het RAZU. Dat wordt formeel jaarlijks gedaan via de jaarrekening. Aanvullend daarop zal het RAZU de raden actief informeren op de door de raden gewenste wijze: nieuwsbrieven, informatiebijeenkomsten, werkbezoeken.

Omdat de vorm en de intensiteit per raad en per raadsperiode kan wisselen worden geen specifieke informatievormen in de regeling opgenomen.

3 Vervolg Na akkoord van het bestuur van RAZU op de gemaakte keuzes, worden deze uitgewerkt in een concept gewijzigde GR. Deze concept gewijzigde regeling wordt ter bespreking en vaststelling voorgelegd aan het RAZU bestuur. Na een eventuele wijziging en vaststelling daarvan kan de concept gewijzigde regeling ter verdere besluitvorming conform de daarvoor bedoelde regeling in de Wgr aan de deelnemende colleges worden aangeboden.

proofadviseurs.nl

Pagina 8 van 8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=84cf2035-572d-4c6d-ab5e-045bb1203ee9