CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vragen aan college inzake het Opinievoorstel Economische visie (VVD).docx

Commissie Ruimte, Verkeer en Economie 25 mei 2021, gemeente Vijfheerenlanden1.288 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen d.d. 20 mei 2021 inzake het Opinievoorstel Economische visie van de VVD-fractie: Vraag 1: thema Corona De constatering dat er grote verschillen zijn per sector lijkt ons een prima analyse. De vraag is wel: “Wat kunnen we als gemeente doen?” Op welke wijze komen we er als Gemeente achter welke ondernemers, ‘concreet met namen en rugnummers’, echt hulp nodig hebben en wat voor soort hulp kan de Gemeente dan bieden? Kan het opschorten of kwijtschelden van verschuldigde lokale belastingen helpen? Is overleg met verhuurders over een tijdelijke huurverlaging denkbaar? Is er overleg met de belastingdienst over opschorting of kwijtschelding van belastingen en premies? Is dat wat bedoeld wordt met de concretisering van de “Economische aandachtspunten” op pag. 14? Antwoord 1: Elk thema is voorzien van economische aandachtspunten die vervolgens zijn verwerkt in de economische agenda, gerelateerd aan het centrale thema werkgelegenheid. Voor Corona en voor de andere thema’s geldt dat na de vaststelling door de raad de economische visie op hoofdlijnen wordt uitgewerkt en geconcretiseerd. Daarbij is de economische agenda, zoals opgenomen in de conceptvisie, een leidraad. Los daarvan staat uiteraard het zo adequaat mogelijk reageren op acute vragen die ons worden gesteld door ondernemend Vijfheerenlanden.

De gemeentelijke accountmanager bedrijven heeft daarvoor contact met individuele ondernemers, met ondernemersverenigingen, met brancheorganisaties, gevraagd en ongevraagd. Daarnaast heeft onze sociale partner Avres een Corona adviespunt voor ondernemers. De signalen die wij ontvangen van Avres, de arbeidsmarktregio, ondernemers en de provincie Utrecht stemmen ons niet negatief. Tegelijkertijd blijft oplettendheid nodig omdat de gevolgen van Corona, ook die nu nog niet zijn te voorzien, vanuit de gemeente mogelijk om actie vragen. Vraag 2: thema Werkgelegenheid Ook hier weer een mooie analyse, maar op welke wijze kan de Gemeente zorgen voor bijvoorbeeld meer en betere bedrijfsbezoeken door primair onderwijs? Voor meer leerkrachten met binding met of in het bedrijfsleven? Over het thema “Een leven lang leren” wordt al vele decennia gesproken, zeker ook tussen werkgevers en vakbonden. Echter de werknemer zelf lijkt nog niet doordrongen van deze noodzaak en berust eerder is de situatie zoals die is dan dat hij of zij actief aan de slag gaat om bij te blijven bij de snelle technologische en organisatorische ontwikkelingen en nieuwe technologieën.

Wat kunnen we als Gemeente hieraan doen? Of laten we dit over aan de sociale partners, werkgevers en werknemers? Hebben we daar als Gemeente eigenlijk wel een verantwoordelijkheid? Een overkoepelend lokaal platform voor een nauwere samenwerking overheid-ondernemersonderwijs-maatschappelijke instellingen is een prima idee, maar hoe gaat het College dit concretiseren? De Jeugd een platform geven bij de uitwerking van de economische visie klinkt mooi, maar hoe doe je dat concreet? Bij het ROC Da Vinci, locatie Gorinchem, is het initiatief “School en Bedrijf” actief. Dit is het loket voor onderwijs en ondernemers in de Alblasserwaard - Vijfheerenlanden om initiatieven rondom arbeidsmarkt en onderwijs uit te voeren en te versterken. In hoeverre is dit bekend en/of wordt daarmee samengewerkt? Is een dergelijk initiatief voor de Vijfheerenlanden denkbaar? Wat kan of gaat het College daarmee doen? Antwoord 2: Voor het thema werkgelegenheid geldt dat de gemeente via de economische visie de lokale en regionale kansen die er zijn weet te benutten. Hetzij via eigen nieuwe initiatieven, hetzij via aansluiten bij of ondersteunen van bestaande of in ontwikkeling zijnde initiatieven. De gemeente

schept daarmee de juiste randvoorwaarden voor de huidige en toekomstige lokale werkgelegenheid. Dat doet zij niet alleen, maar in nauwe samenspraak met haar partners. Vraag 3: thema Trends en ontwikkelingen De constatering dat trends sneller moeten worden omgezet in handelingen delen wij volledig. Zowel technologische als organisatorische als maatschappelijke trends hebben meer dan voorheen een grote impact op de bedrijven. De genoemde Next Economie is feitelijk al ingezet. Denk daarbij aan de invloed van bijvoorbeeld Artificial Intelligence (AI) en robotisering. De circulaire economie zal eveneens een steeds grotere impact hebben op de bedrijvigheid en is gekoppeld aan o.a. het afvalbeleid van de Gemeente en van de regio. Vraag aan het College is in hoeverre de Gemeente, eventueel via De Waardlanden, zich voorbereid op een zodanige inzameling en scheiding van afvalstromen dat er géén restafval meer overblijft? T.a.v. klimaatadaptatie en energietransitie staat in de notitie (pag.22) dat het initiatief bij de ondernemers zelf ligt. Dat vinden wij wat mager. Daar zou het College méér proactief en stimulerend kunnen en mogen zijn, bijvoorbeeld via het initiëren van lokale coöperaties van bedrijven met inwoners om zelfvoorzienend te zijn t.a.v. elektriciteit en warmte.

Graag de reactie van het college? Een breed georiënteerde lokale denktank klinkt mooi, maar wie zit daarin? Wat gaan ze doen? Welke opdracht of uitdaging krijgen ze? Ook hier graag een reactie van het College. Antwoord 3: Deze concept-economische visie laat zien en benadrukt dat integraliteit en daardoor afstemming tussen de verschillende beleidsvelden essentieel is. Zo ook bij de uitwerking van deze en andere visies rond de specifiek genoemde thema’s. Daarin speelt economie zeker een rol, maar hoeft de economische visie niet leidend te zijn. Dat geldt ook voor de rol van de gemeente vanuit de economische visie. Vraag 4: Ruimte om te ondernemen Hierbij wordt ook de Omgevingswet aangehaald (pag. 26) als een van de mogelijkheden om te komen tot ontwikkeling en balans. Juist vanuit het MKB komen signalen dat dit tot de nodige problemen kan gaan leiden: “De Omgevingswet dreigt op 1 januari 2022 ingevoerd te worden, zonder dat het voor het bedrijfsleven belangrijke Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) mkb-vriendelijk is. Inwerkingtreding van de Omgevingswet zonder een goed functionerend DSO gaat ondernemers veel last, kosten en frustratie opleveren. Met name mkb-bedrijven hebben groot belang bij goede procedures en handreikingen.”(Bron: MKB-Nederland). Is dit bekend bij het College? Wat kan het College doen aan het bevorderen van een goed functionerend DSO? Antwoord 4:

De ambities bij de invoering van de Omgevingswet zijn hoog en die ambities moeten voor een deel door het DSO (digitaal stelsel omgevingswet) worden waar gemaakt. Het gaat dan om eenvoudiger, meer maatwerk, toegankelijker en goed digitaal ontsloten. Juist de afronding van het DSO blijkt in de praktijk meer tijd te kosten en dat roept dan snel vragen op over de kwaliteit van dienstverlening voor het bedrijfsleven. Het ‘grote plaatje’ is, dat er heel veel lokale, provinciale en rijksregels zijn die op diverse vormen van bedrijvigheid van toepassing zijn, dat dit op korte termijn (met de invoering van de Omgevingswet) niet heel veel minder wordt en dat de opzet en de eerste opgeleverde delen van het DSO een positief beeld geven van een verbeterde toegankelijkheid en vindbaarheid van regels. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet zullen de belangrijkste delen in de basis werkend en beschikbaar zijn, waarmee er geen achteruitgang in dienstverlening is voor bv. het MKB. Er zullen dan nog wel enige jaren nodig zijn om het DSO verder te vullen,

en voor meer situaties standaarden en formules te ontwikkelen. De potentie zal dus pas na een aantal extra jaren worden waar gemaakt. Vijfheerenlanden kan (praktisch gesproken) niets doen om de ontwikkeling van het landelijke deel van het DSO te bespoedigen. We bereiden ons voor door ons deel (ict technisch en inhoudelijk) goed te ontwikkelen zodat we op alle beschikbare functionaliteiten kunnen aansluiten. Die zijn dan voor bedrijven en inwoners van Vijfheerenlanden beschikbaar. We bereiden ons ook voor door de dienstverlening aan bedrijven en inwoners op het DSO te laten aansluiten. We streven een mix na, waarin enerzijds het 24/7 uur beschikbare DSO en anderzijds de klassieke dienstverlening aan het loket resp. ondersteund worden door ons loket waarbij in het loket het DSO wordt gebruikt. We denken zo ook ‘vraag-gebaseerd’ de juiste accenten bij de ontwikkeling van het DSO Vijfheerenlanden te kunnen leggen.

Namens het college van Burgemeester en wethouders, wethouder H. Zevenhuizen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=cdb38235-cfaf-465e-b3b4-a83d990dd2cd