Beantwoording vervolg vraag op vraag 49 Begroting.docx
Tekst van het document
Beantwoording vervolg vraag t.a.v. vraag 49 Begroting: Bij deze vraag hebben we gevraagd naar de OZB opbrengst voor woningen en de eventuele extra opbrengst met een ophoging van diverse percentages. In de beantwoording lijkt er gesproken te worden over de totaal opbrengst, dus woningen en niet-woningen, en niet specifiek over de ozb opbrengst voor woningen. Klopt dit, en kan dit onderscheid wel nader gespecificeerd worden in het antwoord?
Antwoord: De OZB opbrengst in 2021 is ongeveer € 13 miljoen voor woningen en niet-woningen. Uitgesplitst is de opbrengst in 2021 voor woningen € 7,9 miljoen en € 5,1 voor nietwoningen. Een verhoging van 1,4 % betekent een extra opbrengst van € 110.000 voor woningen en € 70.000 voor niet-woningen. Dat is ongeveer € 1,1 miljoen lager dan waarmee we nu in de begroting 2022 rekening hebben gehouden. Dit is inclusief areaaluitbreiding. Een verhoging van 1% OZB woningen betekent ongeveer € 79.000 extra opbrengst. Een verhoging van 3% of 5% betekent derhalve een hogere opbrengst van € 237.000 en € 395.000. Een verhoging van 1% OZB niet-woningen betekent ongeveer € 51.000 extra opbrengst. Een verhoging van 3% of 5% betekent een hogere opbrengst van € 153.000 en € 255.000.