Beantwoording technische vragen VVD bij Nota Huisvesting Arbeidsmigranten
Tekst van het document
Welke belemmeringen zijn er voor een sluitende administratie van arbeidsmigranten? Voor de beantwoording van deze vraag moet een onderscheid worden gemaakt tussen administratie in het nachtregister en administratie in de Basisregistratie Personen (BRP). Voor wat betreft inschrijving in het nachtregister: Inschrijving in het nachtregister vindt doorgaans redelijk goed plaats. Hotel Meerkerk levert lijsten aan. Agrariërs leveren die lijsten nog niet aan, maar daar worden afspraken over gemaakt. De ondernemer heeft er zelf belang bij dat het nachtregister goed wordt bijgehouden. In geval van calamiteiten is het voor het waarborgen van de veiligheid erg belangrijk te kunnen achterhalen wie waar verblijft. Bijvoorbeeld wanneer er brand zou uitbreken. We mogen daarin ook uitgaan van de integriteit en goed werkgeverschap van de meeste ondernemers. Daarnaast: wanneer een ondernemer het nachtregister niet goed bijhoudt, kan hij mogelijk aansprakelijk worden gesteld voor schade bij calamiteiten. Redenen voor situaties wanneer het nachtregister niet of minder goed wordt bijhouden, kunnen zijn: 1. Het vergt extra administratieve handelingen van de ondernemer. 2. Niet goed doorgeven van informatie van de arbeidsmigranten zelf. 3. Er is afstand tussen de ondernemer en de huisvestingssituatie, bijvoorbeeld bij verkamering van reguliere woningen.
Of de ingeschrevene ook degene is die daadwerkelijk op de kamer verblijft, is nooit met zekerheid te zeggen. Of er ondernemers zijn die het nachtregister niet goed invullen om daarmee toeristenbelasting te ontduiken, is niet bekend. Dit is alleen te controleren door in te zetten op toezicht op de diverse locaties. Voor wat betreft inschrijving in de BRP: 1. De verschillen in taal maken het lastiger om informatie over de voorwaarden van het wel of niet inschrijven in de BRP (met ook nog eens een onderscheid tussen inschrijven als niet-ingezetene en als ingezetene) duidelijk over te brengen aan arbeidsmigranten. Dit ondanks beschikbaarheid van brochures in relevante talen. 2. Het al dan niet woonachtig zijn geweest in een andere gemeente voorafgaande aan de arbeidsplaats in Vijfheerenlanden is bepalend voor het goed kunnen verstrekken van informatie over inschrijving in de BRP. Ondernemers weten doorgaans niet of de betreffende arbeidsmigrant al eerder in een andere gemeente in Nederland verbleef. Er is geen grondslag waarop een ondernemer dit aan de arbeidsmigrant kan of mag vragen. Het ontbreekt ook aan een Nederlands systeem waarmee inschrijvingen in het register niet-ingezeten (RNI) ten behoeve van het verkrijgen van een BSN automatisch aan de BRP van gemeenten worden gekoppeld. 3.
Ook al vindt correcte inschrijving plaats, dat betekent nog niet dat ook correcte uitschrijving plaatsvindt. Als wél inschrijving plaatsvindt, maar geen uitschrijving, kan dit nadelige gevolgen hebben voor de ondernemers. De ondernemers kunnen bijvoorbeeld belastingaanslagen krijgen. Ondernemers kunnen huiverig zijn voor inschrijvingen van arbeidsmigranten als ze niet zeker weten of uitschrijving ook goed gaat plaatsvinden. 4. Het kan zijn dat arbeidsmigranten in eerste instantie voor korte tijd willen blijven, maar toch langer blijven uiteindelijk en andersom. Dat zou dan een continue alertheid vragen van de ondernemer in samenspraak van de arbeidsmigrant. Welke verklaring heeft u voor het naar verhouding lage aantal ingeschreven Poolse arbeidsmigranten in Meerkerk, ondanks de aanwezigheid van een verblijfslocatie? Een groot deel van de Poolse arbeidsmigranten blijven hier maar kort, waardoor inschrijving in de
BRP niet nodig is. Door toezichthouders BRP zijn op deze locatie brochures over opname in de BRP in het Bulgaars, Pools en Roemeens afgegeven en op basis van het nachtregister ook gericht toegestuurd. Dit heeft niet geleid tot aangiften van vestiging in de BRP door betrokken arbeidsmigranten. Dit is verplicht bij verblijf in Nederland van 4 maanden of langer. Mogelijk is er sprake van illegaal verblijf, maar dit kan tot nu toe niet met weinig zekerheid worden vastgesteld. Dit is alleen te controleren door in te zetten op toezicht. Het nachtregister geeft wel aan dat er op deze locatie veel Polen verblijven. Welke technische mogelijkheden ziet u om "vrije" huisvesting in woonwijken etc door uitzendbureaus te beperken / te voorkomen? 1. Een inventarisatie bij werkgevers en uitzendorganisaties van de woningen waar dit nu plaats vindt (0-punt analyse). Daar waar dit tot nu toe werd toegestaan, zal dit ook in de toekomst niet verboden worden. 2. Een bijeenkomst met werkgevers over het nieuwe beleid Wonen en Parkeren en wat dit voor hen betekent. 3. Op dit moment heeft de gemeente weinig instrumenten om concreet op het nieuwe beleid te handhaven. Welke eisen t.a.v.
huisvesting gaat u stellen aan incidentele inhuur (losse dagen) via gespecialiseerde bureaus zoals Otto workforce? Allereerst is het goed te inventariseren bij welke ondernemers dit voorkomt en hoe de huisvesting er op dit moment dan uitziet. Wanneer er sprake is van inhuur voor losse dagen, wordt dit mogelijk opgelost via een kampeerplek, een recreatieterrein, een bed- en breakfast of een hotelovernachting. Wanneer blijkt dat dit vaak voorkomt en ongewenste gevolgen heeft die niet in lijn zijn met dit nieuwe beleid, zal de werkgroep zich over dit probleem buigen. Welke risico's ziet u dat bouwen op eigen (bedrijfs)grond t.b.v. arbeidsmigranten (in)direct ten koste gaat van grond die benut kan worden voor reguliere woningbouw? De gemeente ziet amper risico's in het bouwen op eigen (bedrijfs)grond ten koste van reguliere woningbouw bij de agrarische sector. Huisvesting van arbeidsmigranten buiten de bestaande gebouwen op een agrarisch bedrijf wordt altijd slechts voor een bepaalde periode afgegeven. (In)direct kan huisvesting voor arbeidsmigranten op een agrarisch bedrijf eventueel ten koste gaan van grond die benut kan worden voor reguliere woningbouw, indien die grond grenst aan of dicht gelegen is bij een rode contour.
Overigens, het uitgangspunt in de nota is dat de gemeente geen huisvesting wil realiseren op nietagrarische bedrijventerreinen. Daarnaast regelt het bestemmingsplan Wonen en Parkeren dat niet meer dan één huishouden in een woning kan wonen, Dit maakt verkamering van woningen aan arbeidsmigranten in nieuwe situaties niet meer mogelijk. Die woningen blijven daardoor juist meer beschikbaar voor regulier woningzoekenden. Welke overgangsregeling heeft u voor ogen om uiteindelijk alle ondernemers te laten huisvesten conform de aan te nemen Nota Huisvesting Arbeidsmigranten? Daar waar nu sprake is van vergunningen, blijven deze vergunningen voor de duur van de vastgestelde gunning onverminderd van kracht. Het nieuwe beleid moet eerst zijn beslag krijgen in uitvoeringsregels. Deze uitvoeringsregels zullen met betrokkenen worden gedeeld. Vervolgens worden de nieuwe uitvoeringsregels van kracht. Als het seizoen voor de fruittelers nog niet is begonnen, dan geldt voor hen dat de uitvoeringsregels gelden nadat ze zijn vastgesteld door het college en met hen gedeeld zijn. Voorwaarde is wel dat dit geen gevolgen van onbehoorlijk bestuur
heeft voor de fruittelers. Als dat laatste het geval zou zijn, gaan de uitvoeringsregels gelden na afloop van het fruitseizoen. Voor niet-agrarische ondernemers gaat het nieuwe beleid gelden nadat ook zij zijn ingelicht over de nieuwe beleidsregels en zij zich in alle redelijkheid hebben kunnen voorbereiden op de nieuwe regels. Daar wordt dan met hen een concrete tijd over afgesproken. Overigens: Daar waar het beleid geen nieuwe of strengere regels met zich meebrengt voor de ondernemers, maar er nu al regels gelden, is geen overgangsregeling van toepassing en kan nu al gehandhaafd worden. Hoe ziet het overgangsrecht voor bestaande kamerverhuur eruit? Alle bestaande kamerverhuur die op dat moment voldeed aan het toen geldende bestemmingsplan, kan blijven voortbestaan. Welke doelstellingen formuleert u vooraf t.b.v. de gesprekken die u gaat hebben met ondernemers over het weer vrij krijgen van reguliere woningen? 1. Bewustwording van de noodzaak en urgentie om reguliere woningen vrij te spelen voor de permanente inwoners van Vijfheerenlanden in relatie tot het houden van draagvlak voor de huisvesting van arbeidsmigranten via niet reguliere woningen. 2. In het kader van het overgangsrecht kan het vrijspelen van reguliere woningen niet afgedwongen worden. 3. Bij vergunningsaanvragen van nieuwe initiatieven kan dit onderwerp van gesprek zijn.
Dit zal vooral helpen om te voorkomen dat nieuwe arbeidsmigranten in reguliere woningen kunnen wonen. 4. De ondernemers en uitzendbureaus worden schriftelijk geïnformeerd over de nieuwe regels rondom kamergewijze verhuur van woningen. Ook moet daarbij geïnformeerd worden over de eventuele consequenties bij niet-naleving daarvan.
Welk toezicht / handhavingsbeleid gaat u formuleren en implementeren? Na vaststelling van de beleidsnota, zal een werkgroep binnen de gemeente zich buigen over het concreet maken van de uitvoering in toezicht en handhaving. De strategie die gevolgd gaat worden, moet nog opgesteld wordt inclusief de daaraan verbonden (financiële) consequenties. Toezicht en handhaving is primair nodig op het bijhouden van het nachtregister en de veiligheid van de woonsituatie. Voor wat betreft het bijhouden van een nachtregister worden mogelijk steekproefsgewijze controles gehouden door bij de ondernemers langs te gaan. Voor wat betreft de woonsituatie zal onderzocht worden of er sprake is van een certificaat voor het AFK of SNF keurmerk. Waar dit ontbreekt, zal de gemeente aanmanen om dit certificaat aan te vragen, dan wel zelf een controle uitvoeren. Via het nachtregister is het ook mogelijk enig inzicht te krijgen in de overeenstemming met inschrijving in de BRP. Of en hoe toezicht op dat onderdeel in de uitvoering gestalte kan krijgen, moet nader besproken worden binnen de gemeentelijke werkgroep die de uitvoering van de nota ter hand gaat nemen. Ook komt het onderwerp toezicht en handhaving inzake de BRP terug in het regionale overleg over de huisvesting van arbeidsmigranten. De intentie is om dit onderdeel regionaal op te pakken.