Beantwoording technische vragen CDA bij casus Rolstoel door het ijs - uitzending Kassa.docx
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen CDA bij casus Rolstoel door het ijs uitzending Kassa
1. Klopt het dat inwoners in bruikleen gekregen voorzieningen niet zelf kunnen verzekeren? ANTWOORD: Dat klopt. De bruikleenconstructie komt erop neer dat de hulpmiddelen eigendom blijven van onze leverancier (Medipoint). In principe is het juridisch niet mogelijk om zelf zaken te verzekeren die niet je eigendom zijn. Alleen in geval van diefstal van een hulpmiddel uit de woning gaan sommige verzekeringsmaatschappijen over tot compensatie op grond van de inboedelverzekering van de inwoner. 2. Klopt het dat de gemeente deze voorzieningen wel kan verzekeren? ANTWOORD: Nee, dat klopt niet. Zie het antwoord op vraag 1. 3. Zo ja, is dit uit financieel oogpunt niet gedaan? ANTWOORD: Nee, de kosten zijn niet het punt, het gaat erom dat de hulpmiddelen eigendom blijven van de leverancier. Om die reden kunnen we de hulpmiddelen als gemeente niet verzekeren. Bovendien is er voor de gemeente geen noodzaak tot verzekeren omdat de leverancier altijd schade aan een hulpmiddel voor zijn rekening neemt, tenzij deze is ontstaan door opzet of nalatigheid van de inwoner. 4. Zo ja, wat zijn de jaarlijkse kosten voor het verzekeren van de betreffende voorzieningen? En als daar een eigen risico bedrag van EUR 100 of EUR 500 in zou zijn opgenomen? ANTWOORD: Dit hebben we niet onderzocht. De leverancier is verantwoordelijk voor schade aan of het tenietgaan van hulpmiddelen.
Over het algemeen draagt de leverancier deze kosten zelf en kiest hij er op grond van een kosten-baten afweging voor om hiervoor geen casco-verzekering af te sluiten. Overigens heeft de leverancier voor hulpmiddelen waarmee wordt deelgenomen aan het verkeer een W.A.-verzekering afgesloten. Het risico van schade aan derden is hierdoor gedekt. 5. Hoe worden de inwoners geïnformeerd over de rechten en plichten die horen bij het in bruikleen geven? ANTWOORD: Via de toekenningsbeschikking en via de bruikleenovereenkomst tussen de inwoner en de leverancier die door de inwoner bij aflevering wordt ondertekend. Een kopie van deze overeenkomst blijft in bezit van de inwoner. 6. Hoe vaak gebeurt het dat dergelijke grote schades aan voorzieningen door inwoners moeten worden betaald? En hoe vaak gebeurt het dat een particulier in de financiële problemen komt doordat er geen verzekering is die de schade dekt? ANTWOORD: De onderhavige casus die in het programma KASSA aan de orde is geweest is de eerste en enige casus in onze gemeente waarbij dit speelt. Omdat in deze casus sprake is van nalatigheid door de inwoner had het hier geen verschil gemaakt of het hulp casco was verzekerd, aangezien bij nalatigheid van de gebruiker een verzekering niet tot uitkering komt.
7. Als dit niet vaak gebeurt, is het dan mogelijk en is er over nagedacht in dit dossier wel over te gaan tot een financiële tegemoetkoming? Wat is er door het college gedaan om in dit dossier tot een oplossing te komen? ANTWOORD: In principe geldt als uitgangspunt dat de gemeente in deze casus geen partij is. De afspraken van de gemeente met de leverancier komen erop neer dat de gemeente de indicatie stelt en dat, bij gebleken noodzaak tot het verstrekken van een hulpmiddel, de leverancier het hulpmiddel in bruikleen aan de inwoner verstrekt. De leverancier brengt bij de gemeente een all-in huurtarief in rekening voor deze bruikleen. Wij dragen de kosten op grond van de Wmo, maar de bruikleenovereenkomst is een rechtsverhouding tussen de leverancier en de aanbieder. De leverancier blijft primair verantwoordelijk voor schade aan of het tenietgaan van het hulpmiddel. De ervaring leert dat onze leverancier schade waarvoor hij het risico draagt snel herstelt. Alleen in geval van opzet of nalatigheid door de inwoner, is de inwoner aansprakelijk voor schade. In dat geval wordt deze schade niet gedekt door enige verzekering. Vanuit het college is meerdere malen contact geweest met het gezin om mee te denken over oplossingen.
Maar als gemeente is het niet onze verantwoordelijkheid om vanuit de Wmo of anderszins compensatie te bieden voor schade die door nalatigheid van de inwoner is ontstaan. 8. Wij begrijpen de precedentvorming hiervan, en vragen ons af hoe het college denkt hier in de toekomst mee om te gaan? Is het mogelijk ontvangers van in bruikleen gegeven voorzieningen door de gemeente, de mogelijkheid te geven bij te dragen aan een af te sluiten verzekering? ANTWOORD: Zoals gesteld, het risico van schade aan hulpmiddelen ligt te allen tijde bij de leverancier, tenzij de schade is ontstaan door opzet of nalatigheid van de inwoner. Het afsluiten van een verzekering voor zaken die eigendom zijn van een derde is niet mogelijk, maar maakt bovendien geen verschil, omdat een verzekering bij schade die het gevolg is van nalatigheid van de inwoner eveneens niet tot uitkering komt. De huidige afspraken met de leverancier over de verantwoordelijkheidsverdeling bij schade werken goed en leveren geen problemen op. Wij zien geen reden om op grond van één incident deze afspraken te wijzigen.