BBV Collegebesluit 21-06-2022 inzage ontwerp BP.pdf
Tekst van het document
Collegevoorstel Zaaknummer 445298 Onderwerp: Ontwerpbestemmingsplan Lekdijk 8-10, Tienhoven aan de Lek (4 woningen) Betrokkenheid raad: Informeren via besluitenlijst Betrokkenheid pers: Informeren via besluitenlijst Vertrouwelijkheid: Openbaar Steller: Idsard Slager Portefeuillehouder: Wethouder Meijdam Datum collegebesluit: 21-06-2022
Beslispunten 1. 2. 3.
Geen milieueffectrapport (m.e.r.) op te stellen voor het ontwerpbestemmingsplan Lekdijk 810, Tienhoven aan de Lek; In te stemmen met het ontwerpbestemmingsplan Lekdijk 8-10, Tienhoven aan de Lek; Het ontwerpbestemmingsplan overeenkomstig artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening zes weken ter inzage te leggen.
Inleiding Op 11 mei 2021 heeft het college besloten over de stedenbouwkundige variant voor het realiseren van 4 woningen aan de Lekdijk 10 , te Tienhoven aan de Lek. In vervolg op dit besluit is een ontwerpbestemmingsplan ingediend voor het realiseren van 4 woningen. Het plan voorziet in een passende stedenbouwkundige opzet. Basis hierin is een boerenerfstructuur met twee hoofdvolumes (wonen) en een bijgebouw. De bestaande boerderijwoning wordt gehandhaafd. Bij de herbestemming van de agrarische gronden naar wonen wordt het naastgelegen perceel Lekdijk 8 meegenomen, waarmee deze bedrijfswoning ook een woonbestemming krijgt.
Beoogd effect Het realiseren van 4 woningen aan de Lekdijk 10 te Tienhoven aan de Lek. Argumenten 1.1. Er geldt geen m.e.r.-(beoordelings) plicht met betrekking tot dit plan. In het Besluit milieueffectrapportage is geregeld dat voor activiteiten, plannen en besluiten, die staan genoemd in de D-lijst van het besluit, getoetst moet worden of er een volwaardig milieueffectrapport noodzakelijk is. De onderhavige ontwikkeling valt niet aan te merken is als een stedelijke ontwikkelingsproject. Dit betekent dat het Besluit milieueffectrapportage niet van toepassing is en dat er geen m.e.r.-(beoordelings)plicht geldt. In paragraaf 4.1. van de toelichting
van het ontwerpbestemmingsplan wordt uitleg gegeven over de toetsing aan het Besluit Milieueffectrapportage. 2.1. Over het plan is bestuurlijk vooroverleg gevoerd. Het concept-bestemmingsplan is naar de bestuurlijke overlegpartners toegezonden in het kader van het vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 Bro. Daarop is een inhoudelijke reactie ontvangen van de Veiligheidsregio Utrecht en van het Waterschap Rivierenland. Deze reacties zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan, zie hiervoor paragraaf 7.2. van de toelichting. 2.2. Het opgestelde ontwerpbestemmingsplan is ruimtelijk en milieutechnisch beoordeeld en in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening. Op 28 juni 2018 is een stedenbouwkundige opzet welke als voldoende is aangemerkt. In april 2021 is na tussentijds ingediende varianten voor de opzet, het bijgaande stedenbouwkundige advies opgesteld. Het ontwerpbestemmingsplan is in lijn met dit stedenbouwkundige advies en het collegebesluit van 11 mei 2021. De stedenbouwkundige opzet van het plan wordt gewaarborgd door middel van paragraaf 2.2.1. Beeldkwaliteit. Het ontwerpbestemmingsplan is door de Omgevingsdienst regio Utrecht (OdrU) getoetst op alle relevante milieuaspecten. De OdrU heeft hierover positief advies uitgebracht en geconcludeerd dat er geen milieutechnische belemmeringen zijn. 3.1. De procedure wordt op wettelijk voorgeschreven wijze doorlopen.
Door het ontwerpbestemmingsplan volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening in procedure te brengen, wordt voldaan aan de wettelijke vereisten.
Risicoparagraaf 2.1 Er kunnen zienswijzen worden ingediend. Bij een bestemmingsplanprocedure bestaan de gebruikelijke procedurele risico's van zienswijzen en beroepsmogelijkheden die kunnen leiden tot wijzigingen, uitstel of afstel van een plan.
Financiële paragraaf Het betreft een plan dat voor rekening en risico van de initiatiefnemer wordt uitgevoerd. Voor de bestemmingsplanprocedure wordt leges geheven. Met de initiatiefnemer is een anterieure overeenkomst gesloten met de gebruikelijke voorwaarden voor afwenteling van planschade.
Participatieparagraaf De initiatiefnemer heeft de buren geïnformeerd.
Duurzaamheidsparagraaf De voorruimte voor en naast het bestaande hoofdgebouw blijft haar groene inrichting behouden. De inrichting mag bestaan uit een weide met boomgroepen of enkele solitairen of uit een kleine boomgaard. De ruimte op de kop van de ‘wagenschuur’ krijgt een groene invulling en sluit aan op de inrichting van het groen rondom de bestaande woning aan de dijk. Het erf wordt voorzien van meerdere plantvakken met daarin ruimte voor enkele bomen. Aanvullende parkeerplaatsen worden als groene parkeerplaatsen ingericht met eco-rasters, grasstenen of NCB klinkers.
Communicatieparagraaf Het ontwerpbestemmingsplan wordt op de wettelijk voorgeschreven wijze
bekendgemaakt. Betreft het een beleidsregel of verordening?
Besluit college Het college besluit conform het voorstel.
Bijlagen 1. Collegevoorstel met besluit 11-05-2021.pdf (original), 2. advies stedenbouw Lekdijk 10 - april 2021.pdf (original), 3. Toelichting NL.IMRO.1961.bpTLlekdijk8en10-ON01.pdf (original), 4. Regels NL.IMRO.1961.bpTLlekdijk8en10-ON01.pdf (original), 5. Verbeelding BP Lekdijk 10 Tienhoven.pdf (original), BBV Collegevoorstel.docx (original), Bijlage 1. Verkennend (asbest)bodemonderzoek.pdf (original), Bijlage 2. Akoestisch onderzoek.pdf (original), Bijlage 3. Archeologisch onderzoek definitief.pdf (original), Bijlage 4. Oriënterend onderzoek flora en fauna.pdf (original), Bijlage 5. AERIUS berekening Lekdijk_20211209.pdf (original)