Actieplan Armoede en Schulden v1.6.docx
Tekst van het document
Actieplan Armoede en Schulden Gemeente Vijfheerenlanden 2020
Versie 1.6
Stand van zaken: De gemeente Vijfheerenlanden is in veel opzichten nog schatplichtig aan haar voorgangers. De voorzieningen die op dit moment bestaan hebben vaak hun wortels in één of meerdere van de oude gemeentes. Er ligt in veel gevallen al een solide basis. Hieronder een kort overzicht van de huidige regelingen en initiatieven op het gebied van schuldhulpverlening en (kinder)armoede. Een belangrijke partner op het gebied van armoede- en schuldenbestrijding is Avres. Zij verzorgen voor ons de uitvoering van de Participatiewet en de WGS (Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening). Avres voert ook de meeste minimaregelingen voor onze gemeente uit. Dit varieert van de collectieve ziektekostenverzekering, waarbij inwoners via de gemeente korting kunnen krijgen op een verzekering bij VGZ, tot de individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand. Daarnaast worden de (wettelijke) kindregelingen gefinancierd uit o.a. de Klijnsmagelden nu uitgevoerd door Stichting Leergeld AV in opdracht van Avres.1 Zij zorgen ervoor dat kinderen uit minimagezinnen kunnen sporten of een muziekinstrument kunnen bespelen. In de voormalige gemeente Vianen is ook de vrijwilligersorganisatie Stichting Leergeld Vianen actief.
Zij ontvangen een subsidie van de gemeente, maar zijn zelf ook zeer actief met fondsenwerving waardoor zij kinderen mooie extra’s kunnen bieden die niet binnen de gemeentelijke regelingen vallen. De gemeente maakt ook gebruik van diverse noodfondsen, waarmee acute problemen kunnen worden opgelost. De individuele bijzondere bijstand is vaak de voorliggende voorziening, als je bijvoorbeeld denkt aan vervoer naar school of een babyuitzet. Toch kunnen onze regelingen niet in alle individuele gevallen worden ingezet. Het sociale team kan dan bijvoorbeeld het eigen doorbraakfonds inzetten, of SUN (stichting Urgente Noden) inschakelen. Verder zijn er verschillende doelgebonden fondsen die verschillende doelgroepen bedienen. Voedselbanken spelen een belangrijke rol bij de broodnood die bij sommige gezinnen speelt. Het sociaal team verwijst deze mensen snel door naar de Voedselbank, zodat het gezin in ieder geval normaal te eten heeft.2
1 De decentralisatie-uitkering Armoedebestrijding Kinderen (Klijnsmamiddelen) is
opgenomen in de gemeentefondsuitkering. Uitgaven van Stichting Leergeld werden altijd al uit het gemeentefonds betaald door de gemeenten. Met de Klijnsmamiddelen kwam dus extra budget beschikbaar. Voor dat extra budget zijn er destijds een aantal aanpassingen gedaan. Verhoging inkomensgrens, extra budget per kind voor zwemdiploma A en ouders in een SDV traject kunnen deelnemen. 2 De Voedselbank hanteert een eigen, landelijk vastgestelde, inkomensnorm.
Actieplan Armoede en Schulden
1
Hierboven is het instrumentarium dat wij momenteel voor armoedebestrijding inzetten beschreven. In dit kader dient wel vermeld te worden dat het instrumentarium van de gemeente beperkt is. Veel van onze instrumenten kunnen de armoede slechts gedeeltelijk verzachten. Zeker op het gebied van armoedebestrijding heeft het Rijk de meest uitgebreide mogelijkheden. De gemeente Vijfheerenlanden gaat niet over de hoogte van de bijstand, de inrichting van ons toeslagenstelsel, de herverdeling van middelen via de belastingen en ons onderwijsstelsel. Dit feit heeft geen invloed op ons ambitieniveau (we gaan niet bij de pakken neerzitten), maar wel op de mogelijkheden om deze ambities te behalen. De sleutel voor een duurzame aanpak van de armoedeproblematiek in ons land ligt dus bij het Rijk. Voor de schuldhulpverlening zijn de kaarten anders geschud. Volgens de WGS zijn gemeenten verantwoordelijk voor een goede schuldhulp. In 2021 krijgen we ook extra bevoegdheden om te werken aan vroegsignalering (overigens zonder dat daarvoor extra budget vanuit het Rijk voor komt). Het mooie aan deze bevoegdheden is dat de gemeente vergaande bevoegdheden krijgt om signalen van betalingsachterstanden te ontvangen, koppelen, en er volgens op af te gaan.
Schuldhulpverlening anno 2020 werkt (gelukkig) al anders dan in het verre verleden waarbij een inwoner zich met grijze multomappen vol geordende betalingsgegevens moest melden in Gorinchem of Nieuwegein. Avres kijkt vaak bij het eerste gesprek vooral wat er aan de hand is, en wat er nodig is om iemand vooruit te helpen. Bij sommige mensen is geen zware hulp nodig. Gelukkig is er ook een keur aan instrumenten en organisaties die kunnen helpen. Hulp vragen aan Avres (of een andere instantie) betekent niet automatisch dat je de schuldsanering in moet. Vrijwillige schuldhulpverleners van SamenDoen en Maatje Vijfheerenlanden kunnen mensen helpen met het op orde brengen van de administratie en het wegwerken van betalingsachterstanden. Mocht de problematiek toch te ernstig blijken, dan kan Avres helpen. Dan is nog steeds een gang naar de rechter geen zekerheid. Er wordt altijd naar een passende oplossing gezocht. Zo kan de kredietbank van Avres de schuld ook opkopen, waardoor er nog maar één schuldeiser is. Uiteindelijk, bij de grootste problematiek, wordt een schuldsanering onvermijdelijk. In dat geval kan een minnelijk traject (waarbij afspraken met de schuldeisers gemaakt worden) of een wettelijk traject (via de rechter) tot een oplossing leiden (mogelijk met bewindvoering). Nu klinkt bovenstaand natuurlijk alsof alles al perfect is. Dat is natuurlijk nooit het geval.
Er blijven verbeterpunten waar we ons op toe moeten leggen. Zo is de dienstverlening aan ZZP’ers en ondernemers nog altijd een punt van aandacht. Aangezien zij tussen de
Actieplan Armoede en Schulden
2
WGS en BBZ Schuldhulpverlening vallen worden deze mensen niet altijd goed geholpen.3 Vaak vallen zij net tussen regelingen in, die normaal gericht zijn op reguliere werknemers. Bij Avres is daarom een proef gestart met een intake. Bij deze intake worden de mogelijkheden vanuit de WGS en het BBZ bekeken. Ook wachten mensen nog steeds heel lang (landelijk gemiddelde is 5 jaar) met het vragen om hulp bij schulden. Hierdoor lopen de schuldbedragen sterk op. We moeten mensen dus eerder bereiken om impact te maken. Er zijn al verschillende initiatieven om vroegsignalering mogelijk te maken. Zo wordt de pilot Vroeg Eropaf met LekstedeWonen van WIL doorgezet door Avres. Woningbouwcorporatie en gemeente werken daarin samen om bij herhaaldelijke betalingsachterstanden naar de huurder toe te gaan.4 Samen zoeken ze dan naar een oplossing. Er bestaat tenslotte een gezamenlijk belang om een huisuitzetting te voorkomen. Daarnaast voorkomt een vroegtijdige aanpak van de problemen verdere escalatie en een langdurig schuldhulptraject. Ook een laagdrempelige inloop als de Wijkwinkel Vianen zorgt voor een vroege constatering van betalingsproblemen. Een belangrijke sleutel voor het oplossen van schulden is ook de ontwikkeling van taal- en rekenvaardigheden waarvoor de Bibliotheek Lek en IJssel zich inzet. Ambities: De gemeente Vijfheerenlanden heeft nog geen vastgesteld armoede- en schuldenbeleid.
Als nieuwe gemeente ging eerst de aandacht uit naar de keuze voor een uitvoerder van de Participatiewet en minimaregelingen. Dit is Avres geworden. Een nieuw armoede- en schuldenbeleid is daardoor ook geen strikte noodzaak: Avres voert (i.s.m. Stichting Leergeld AV) al veel van ons beleid uit en het beleid is vastgelegd in de verordeningen van de gemeenschappelijke regelingen. De gemeenteraad heeft echter wel –unaniemgevraagd om verbetervoorstellen van het college. Dat biedt gelijk de mogelijkheid om de ambities tegen het licht te houden en een aantal tijdelijke initiatieven uit de oude gemeenten structureel duidelijkheid te geven. Daarnaast wordt door de coronacrisis in het meest positieve scenario rekening gehouden met een incidentele toename van schuldenproblematiek (in een zwaarder scenario volgt een economische crisis). Dat alles
3 De inmiddels bekende TOZO-regeling is een versimpelde vorm van de BBZ-uitkering.
Doordat er geen vermogens- en partnertoets toegepast wordt is verstrekking eenvoudiger. TOZO2 kent wel een partnertoets. 4 Met herhaaldelijk wordt hier bedoeld twee opeenvolgende maanden.
Actieplan Armoede en Schulden
3
is aanleiding om tot een actieplan Armoede en Schulden te komen. Zo kunnen we bouwen aan een welvarend en sociaal Vijfheerenlanden. Lange tijd was armenzorg voornamelijk een prioriteit voor de kerken. In de laatste eeuw heeft de overheid zich samen met talloze maatschappelijke partners ingezet om het leven in armoede draaglijker te maken. Dit heeft geresulteerd in een uitgebreid sociaal stelsel waarbij –in principe- inwoners in hun bestaansonderhoud kunnen voorzien. Het bestaansminimum is in die periode gestegen. Aan de andere kant zien we de afgelopen jaren geen sterke daling in het aantal armen en mensen met schulden. Dit is een groot maatschappelijk probleem omdat dit tot allerhande problemen op verschillende leefgebieden binnen het sociaal domein leidt. Niet in het minst is gebleken dat kinderen die in arme gezinnen opgroeien een grotere kans hebben om als volwassene arm te blijven. De kern van het probleem is dus helder: grosso modo hebben we een functionerend voorzieningenstelsel en toch leven in Vijfheerenlanden nog bijna 900 kinderen in armoede.5 Een oorzaak daarvoor is te vinden in de functionaliteit van het landelijke en lokale beleid. Armoede- en schuldenbeleid kan in grote lijnen op twee manieren ingezet worden: verzachtend en preventief. Veel maatregelen uit het verleden waren verzachtend: zij zorgden voor een verhoging van de levensstandaard.
De gemeente Vijfheerenlanden kiest met haar ambities voor uitbreiding van haar preventief armoedeen schuldenbeleid. Wij investeren de aankomende jaren daarom in projecten die voorkomen dat mensen in de armoede terecht komen, of die mensen met betalingsachterstanden eerder helpen. Verzachtende maatregelen blijven een onderdeel van het armoede- en schuldenbeleid van onze gemeente. Zij zorgen immers voor broodnodige ondersteuning van een kwetsbare doelgroep. Deze maatregelen hebben echter een beperkt langetermijn effect en lossen de kern van de problemen niet op. Ook blijkt onder andere uit de NIBUDminimaeffectrapportage (2018) dat gemeentelijke toeslagen slechts een beperkt effect hebben op het huishoudboekje van een gezin. Preventieve maatregelen zorgen wel op de lange termijn voor een lastenverlichting. Mensen krijgen de middelen aangereikt om hun problemen op te lossen en we bereiken ze voordat de problemen geëscaleerd zijn. Een nadeel van preventieve maatregelen is de onvoorspelbaarheid en het gebrek aan meetbaarheid van het resultaat. Het zijn geen ‘quick fixes’ die er morgen voor zorgen dat
5 Minimascan Stimulansz 2020: bij een draagkrachtgrens van 120% 874 kinderen.
Actieplan Armoede en Schulden
4
een persoon in armoede een betere levensstandaard heeft. Tot op zekere hoogte is het dus een ‘sprong in het diepe’. Toch is deze sprong de moeite waard. Met verzachtend armoede- en schuldenbeleid zullen we het aantal mensen in armoede en schulden nooit verkleinen. De relatieve armoede blijft dan in stand. Een preventief beleid past bij de uitgangspunten van de SMA (Sociaal Maatschappelijke Agenda) en heeft op de lange termijn de grootste kans om inwoners structureel en duurzaam uit de problemen te helpen. Een combinatie van verzachtende en preventieve ambities is dus een noodzaak voor een goed functionerend beleid. Onderstaande ambities zijn een combinatie van bestaand beleid (zoals de kindregelingen), gesprekken met stakeholders, uitwerkingen van de SMA (Sociaal Maatschappelijke Agenda 2020) en reacties op maatschappelijke opgaven (zoals de energietransitie). Om het welslagen van de ambities te meten worden er doelstellingen aan gekoppeld. Inwoners die hun rekeningen niet meer kunnen betalen, krijgen hulp bij het op orde brengen van hun financiën. De gemeente Vijfheerenlanden (/Avres) heeft in 2022 een functionerend en fijnmazig vroegsignalering-systeem, waarmee wij kunnen bepalen welke mensen direct hulp nodig hebben. De gemeente Vijfheerenlanden investeert in lokale partijen zodat zij de capaciteit hebben om meer inwoners te helpen.
De gemeente Vijfheerenlanden (/Avres) onderzoekt de mogelijkheden voor een ‘schuldenopkoopfonds’. Kinderen kunnen sporten en spelen in Vijfheerenlanden, ongeacht de portemonnee van hun ouders. De kindregelingen worden onverminderd voortgezet. We bereiken meer kinderen in armoede met onze regelingen. We vragen om aandacht voor de invloed van armoede op scholen. De rekening van de energietransitie komt niet op de deurmat van arme gezinnen. We zetten kleine preventiemaatregelen in (zoals energieboxen) die de energiekosten drukken. Er is een laagdrempelig aanbod van voorzieningen voor iedereen die het nodig heeft. Alle sociale en maatschappelijke organisaties in Vijfheerenlanden kennen het bestaande aanbod. Hiervoor ontvangen zij een ‘meterkastkaart’.
Actieplan Armoede en Schulden
5
We werken samen met andere maatschappelijke organisaties om het gebruik van de bestaande regelingen zo hoog mogelijk te krijgen. Ouderen maken meer gebruik van onze minimaregelingen.
Actieplan Armoede en Schulden
6
Vroegsignalering van schulden Inwoners die hun rekeningen niet meer kunnen betalen, krijgen hulp bij het op orde brengen van hun financiën. De gemeente Vijfheerenlanden (/Avres) heeft in 2022 een functionerend en fijnmazig vroegsignalering-systeem, waarmee wij kunnen bepalen welke mensen direct hulp nodig hebben. De gemeente Vijfheerenlanden investeert in lokale partijen zodat zij de capaciteit hebben om meer inwoners te helpen. De gemeente Vijfheerenlanden (/Avres) onderzoekt de mogelijkheden voor een ‘schuldenopkoopfonds’. Mensen met schulden wachten over het algemeen lang met het vragen van hulp. Het gemiddelde ligt op vijf jaar. Vaak zijn de problemen dan geëscaleerd en is eenvoudige (en daarmee goedkope) hulp niet meer afdoende. Daarnaast zorgt de schuldenproblematiek vaak voor een toename aan andere sociale problematiek in het huishouden. De stress die veroorzaakt wordt door schulden heeft tot gevolg dat rationeel handelen niet meer mogelijk is voor deze mensen. Daardoor vertonen sommige inwoners gedrag dat juist contraproductief werkt voor het oplossen van schulden. Om deze reden maakt Avres reeds gebruik van de lessen van ‘Mobility Mentoring’, een methode die rekening houdt met deze stressreflex. Mensen wachten dus lang met het vragen om hulp.
Onze vrijwilligersorganisaties SamenDoen en Maatje Vijfheerenlanden merken dat mensen vaak pas aankloppen als de problemen al zeer ernstig zijn. Om maatschappelijke schade te voorkomen moeten we dus eerder contact krijgen met deze doelgroep. De ontwikkeling van de nieuwe Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (WGS) en de gevolgen van het coronavirus vormen een extra aanleiding om in te zetten op vroegsignalering. Er zijn al eerste positieve ervaringen opgedaan in de praktijk, bijvoorbeeld bij het project Vroeg Eropaf met LekstedeWonen in de voormalige gemeente Vianen. Dit project is begin 2020 voortgezet met Avres vanuit de preventiegelden. Uiteindelijk is de ambitie om dit in samenwerking met FienWonen en Kleurrijk Wonen uit te breiden. Woningbouwcorporaties, zorgverzekeraars, energiebedrijven en waterbedrijven zijn in de nieuwe WGS wettelijk verplicht om gemeenten een signaal te geven bij betalingsachterstanden. De gemeente is vervolgens verplicht om iets met die signalen te doen. Dit kan variëren van het zenden van een brief tot een huisbezoek. Het Rijk
Actieplan Armoede en Schulden
7
verwacht dat door de wijziging van de WGS het aantal hulpvragers toe zal nemen met 145.000 personen (een toename van 75%).6 Het coronavirus heeft ook invloed op de te verwachten vraag naar schuldhulpverlening. Veel ZZP-ers en bedrijven zijn afhankelijk (geweest) van overheidsregelingen die schade deels compenseren. De TOZO vult echter het inkomen aan tot het bestaansminimum, en niet tot de normale verdiensten van een ZZP-er. Dat geeft problemen met de vaste lasten, die aangegaan zijn op basis van de normale verdiensten. Hierdoor ontstaan betalingsachterstanden. Vanaf 1 januari 2021 hebben gemeenten de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen door de nieuwe WGS. Het gaat om uitwisseling tussen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Schulden komen hiermee tijdig in beeld. Gemeenten doen een aanbod voor een eerste gesprek. De ontwikkeling van het nieuwe vroegsignalering-systeem krijgt in 2020-2021 gestalte in nauw overleg met de lokale ketenpartners. Het jaar 2021 gebruiken we om werkenderwijs de beste methode te ontwikkelen om mensen te bereiken. Door het vroegsignalering-systeem verwachten wij mensen die hulp nodig hebben eerder te vinden. Om deze mensen te ondersteunen bij de problematiek is extra capaciteit nodig.
Deze uitbreiding wordt vooral bij vrijwilligers voorzien, die de lichte ondersteuning bij beginnende problematiek kunnen bieden. Om aan onze ambities te voldoen is uitbreiding van dienstverlening noodzakelijk. We kunnen door de nieuwe mogelijkheden van de WGS achterhalen welke adressen het meeste risico lopen. Maar om inwoners te bereiken zijn ook mensen nodig die betalingsproblemen kunnen verhelpen. In Amsterdam en Alphen aan de Rijn is onderzoek gedaan naar de maatschappelijke kosten-batenanalyse van vroegsignalering (specifiek: de methodiek van Vroeg Eropaf). Hier kwam uit dat de gemeente voor elke euro die zij er in stopte een rendement van 1,65 behaalde. Vroegsignalering loont omdat het latere, duurdere zorg voorkomt. Dit soort baten blijven echter wel lastig in te boeken waardoor een financiële afweging complex is. De financiële afweging daargelaten: hoe eerder mensen met betalingsachterstanden
6 Het Rijk stelt vooralsnog geen extra middelen beschikbaar voor deze stijging aan de
gemeenten, aangezien vroegsignalering formeel al tot de wettelijke taken van de gemeente behoort. Daarnaast betoogt het Rijk dat de structurele financiële gevolgen neutraal zijn, doordat mensen eerder geholpen worden en dus later geen kostbare zorg nodig hebben.
Actieplan Armoede en Schulden
8
geholpen worden, hoe beter. Dit blijkt ook uit onze ervaringen met het project Vroeg Eropaf. Doordat we inwoners eerder bereiken kunnen we maatschappelijke problematiek voorkomen. Mensen vragen vaak pas laat om hulp, wanneer de problemen al enorm groot geworden zijn. Financiële problemen werken door op andere leefgebieden. Financiële stabilisatie is onontbeerlijk bij de aanpak van multiproblematiek. Vroegsignalering levert een bijdrage aan deze tijdige stabilisatie en is vaak ook een vindplaats voor onze maatschappelijk werkers. Concreet gaan we het aantal vrijwilligers dat mensen bij schulden kan helpen uitbreiden. SamenDoen en Maatje Vijfheerenlanden zorgen op dit moment voor de vrijwilligers om bij mensen met schulden de problemen op te lossen.7 Op dit moment zijn er zo’n 210 actieve ‘dossiers’ (huishoudens) bij beide organisaties. Maatje Vijfheerenlanden heeft aangeboden om dit aantal –stapsgewijs, en naar bevind van zaken- uit te breiden naar 430 in 2025. Uit zowel landelijke gegevens als gegevens van Maatje Vijfheerenlanden blijkt dat we meer mensen kunnen bereiken. Alleen het vinden van de mensen is niet genoeg, we moeten ze ook kunnen helpen. Om dit te bereiken wordt een gemiddelde meeruitgave van 100.000 euro verwacht. De eerste jaren kan dit betaald worden uit het door de gemeenteraad ingestelde Armoedefonds (uit de Enecogelden).
Uiteindelijk zal bij een succesvolle aanpak structurele financiering noodzakelijk zijn. In andere gemeenten, en bij de Rijksoverheid, ontstaan in de afgelopen periode ook nieuwe middelen om mensen vroeg bij schulden te helpen. Hierbij denken we aan voorbeelden als collectieve schuldenregelingen en vroegtijdige schuldenopkoopfondsen. Deze middelen kunnen in het verlengde van onze uitgebreide vroegsignaleringsaanpak een toegevoegde waarde hebben. Daarom onderzoeken we de aankomende jaren of een van deze instrumenten een meerwaarde hebben en sluiten waar nodig aan bij landelijke initiatieven.
7 Hierbij worden niet de dossiers van de Wijkwinkel en de Formulierenbrigade geteld,
omdat het daar gaat om ’administratieve’ hulp gaat. Niet minder belangrijk, maar wel anders.
Actieplan Armoede en Schulden
9
Kindregelingen Kinderen kunnen sporten en spelen in Vijfheerenlanden, ongeacht de portemonnee van hun ouders. De kindregelingen worden onverminderd voortgezet. We bereiken meer kinderen in armoede met onze regelingen. We vragen om aandacht voor de invloed van armoede op scholen. In de gemeente Vijfheerenlanden worden de regelingen voor kinderen uitgevoerd door Stichting Leergeld AV. Wij voeren daarbij een ruimhartig beleid, waarbij kinderen afhankelijk van hun leeftijd 175 (0-3), 317 (4-11), of 550 (11-18) euro krijgen.8 Dit is onderverdeeld in kosten van maatschappelijke participatie en sport. In de praktijk kunnen deze budgetten in elkaar overlopen. Dit is afhankelijk van het belang van het kind (als de sport duurder is, dan kan daarvoor bijvoorbeeld ook de post maatschappelijke participatie worden ingezet). Kinderen die voor het eerst naar het voortgezet onderwijs gaan ontvangen een PC vanuit de stichting. Kinderen kunnen door te sporten aansluiting blijven vinden bij leeftijdgenoten. Daarnaast heeft sporten positieve gezondheidsaspecten. De inzet op sport is onder meer geregeld via de Klijnsmagelden van het Rijk. Dit is een forse bijdrage aan ons gemeentelijk minimabeleid dat wij inzetten om kinderen mee te laten doen in de samenleving. Vooralsnog is de verwachting dat de Klijnsmagelden na evaluatie onverminderd worden voortgezet.
Zeker gezien de landelijke ambitie om kinderarmoede te halveren. In dit actieplan wordt geen doelstelling opgenomen om kinderarmoede te halveren. Een halvering van kinderarmoede is natuurlijk een nastrevenswaardig doel. De middelen voor het bereiken van dit doel liggen echter niet bij de gemeente of haar directe ketenpartners. Kinderarmoede wordt namelijk veroorzaakt door armoede bij ouders. Aangezien de gemeente geen inkomenspolitiek kan voeren (wij gaan niet over de hoogte van de bijstand) en beperkte invloed heeft op de arbeidsmarktontwikkelingen kunnen wij onszelf geen doelstelling opleggen om de kinderarmoede te halveren. Waar wij wel direct invloed op hebben zijn onze kindregelingen. Deze kindregelingen zorgen op lange termijn voor minder armoede. Uit onderzoek van het SCP (2011) blijkt immers:
8 Voor zwemlessen geldt een ander bedrag, waardoor in Helsdingen een (fiscale)
diploma-‘garantie’ geldt en bij Lako een gereduceerd tarief is. Met de laatste partij zijn verkennende gesprekken gestart om te kijken of en hoe we de regeling kunnen verbeteren.
Actieplan Armoede en Schulden
10
Naast opleiding en werk, hebben ook gezondheid en sociale participatie in de jeugd een behoorlijke invloed op het risico op armoede en sociale uitsluiting als volwassene. De effecten van gezondheid en sociale participatie in de jeugd zijn ongeveer even groot, maar hun invloed is kleiner dan die van opleiding en werk. De sociale participatie in de jeugd en de gezondheid beïnvloeden het risico op armoede en sociale uitsluiting als volwassene namelijk via de opleiding en de arbeidsparticipatie. Naast het opgebouwde menselijk en economisch kapitaal, spelen dus ook het sociaal kapitaal in de jeugd en de gezondheid een rol in de samenhang tussen armoede als kind en armoede als volwassene. De aankomende jaren willen we het bereik van de kindregelingen vergroten. In Vijfheerenlanden leven naar schatting 900 kinderen in langdurige armoede. Hiervan willen we er in 2023 minimaal 800 bereiken. Dit gaan we doen door meer aandacht voor armoede op scholen te vragen en ons aanbod beter bekend te maken onder zowel gebruikers als professionals (zie ambitie laagdrempelig aanbod voorzieningen). De Rijksoverheid heeft de ambitieuze doelstelling gesteld om kinderarmoede in 2030 te halveren. Door voortzetting van de kindregelingen draagt de gemeente Vijfheerenlanden haar steentje bij aan deze doelstelling.
En uiteraard blijven wij middels Avres verbonden aan de alliantie Kinderarmoede, om daar goede voorbeelden uit het land te horen en delen.
Actieplan Armoede en Schulden
11
Duurzaamheid De rekening van de energietransitie komt niet op de deurmat van arme gezinnen. We zetten kleine preventiemaatregelen in (zoals energieboxen) die de energiekosten drukken. Inwoners met een laag inkomen geven relatief meer geld uit aan hun energierekening. Daardoor zijn zij afhankelijker van de energieprijs en verduurzamingsinitiatieven. Zij hebben niet het kapitaal om hun huis te verduurzamen, waardoor zij meer kosten voor stroom en verwarming maken. Daarnaast wonen ze vaak in een huurhuis (van de woningbouwcorporatie, of in minder voorkomende gevallen particulier). Zij zijn voor de grote veranderingen in en om hun huis afhankelijk van anderen. De gemeente Vijfheerenlanden is daarom in overleg met de corporaties over de verduurzaming van hun woningvoorraad. Ook voor mensen met een koopwoning geldt dat zij mogelijk de kosten voor verduurzaming niet kunnen dragen. De provincie Utrecht onderzoekt op dit moment om hoeveel huishoudens dit gaat en welke mogelijke maatregelen hiervoor getroffen kunnen worden. Daarnaast zijn er plannen om energieboxen aan te bieden aan huizenbezitters (via de RRE-subsidie). Die is op dit moment niet beschikbaar voor woningbouwcorporatiewoningen. Om te voorkomen dat mensen met een huurwoning de boot missen zetten wij ons in om kleine preventiemaatregelen, zoals energieboxen, beschikbaar te stellen voor deze doelgroep.
Eigenlijk is dit een voortzetting van een project in Leerdam uit 2016. Dit heeft meerdere voordelen: energiebesparing zorgt voor een lagere energierekening en een beter milieu.9 Voor uitvoering van deze kleinschalige preventiemaatregelen gaan wij in gesprek met de woningbouwcorporaties. Op lange termijn verwachten we dat zogenaamde grijze energie duurder gaat worden. Het is dus zaak om op tijd over te schakelen. De woningbouwcorporaties nemen al initiatieven om hun woningvoorraad te verduurzamen. Daarbij proberen zij de bewoners zo veel mogelijk de vruchten van de verduurzaming te laten plukken, door het rendement direct door te berekenen naar de bewoner. De verduurzaming die door de woningbouwcorporaties doorgevoerd wordt is van cruciaal belang voor onze inwoners. Energiebesparing heeft direct effect op het besteedbaar inkomen. Zo leveren woningbouwcorporaties indirect een bijdrage aan ons armoedebeleid.
9 Een theoretische en praktische onderbouwing van het fenomeen ‘energieboxen’ staat in
het rapport Energiearmoede van ECN (2017).
Actieplan Armoede en Schulden
12
Het bereik van onze regelingen en de draagkrachtgrens Er is een laagdrempelig aanbod van voorzieningen voor iedereen die het nodig heeft. Er zijn verschillende landelijke en lokale regelingen die aan inwoners in armoede verstrekt worden. Landelijk zijn de bekende voorbeelden huur- en zorgtoeslag. Lokaal keren wij kindregelingen uit zodat de jeugd kan sporten, is er individuele bijzondere bijstand, een regeling voor maatschappelijke participatie enz. Deze regelingen worden niet alleen verstrekt aan mensen die in de bijstand zitten. Ook mensen die meer verdienen dan de bijstand kunnen deze regelingen aanvragen, tot 120% van de bijstandsnorm. Dit gebeurt om te voorkomen dat mensen die beginnen met werken daarna geen aanspraak meer kunnen doen op inkomensondersteunende maatregelen. Het huidige beleid sluit dus aan bij onze ambitie. Toch zijn er verbeterslagen voorgesteld om ons dichter bij dat ideaal te brengen. Om deze ambitie vorm te geven zetten we in op een aantal zaken. De eerste is wijziging van het bereik van de minimaregelingen, zodat mensen in de schuldsanering hier ook gebruik van kunnen maken. De tweede is het bereik van onze regelingen (m.n. onder senioren) in onze gemeente. De derde is de ontwikkeling van een meterkastkaart.
Twee belangrijke verbeterslagen zijn hier niet direct is benoemd, verbetering van dienstverlening aan ZZP-ers en inzet voor werken in de bijstand. Het knelpunt m.b.t. dienstverlening ZZP-ers bestond al voor de coronacrisis en is door de ontwikkeling van de TOZO niet opgelost. Avres houdt namens onze gemeente de landelijke ontwikkelingen op dit vlak in de gaten en is met een proef gestart. Ook zetten zij zich in voor meer transparantie voor werken in de bijstand. Vaak weten inwoners niet of ze er financieel op vooruit gaan door werk te accepteren. Avres onderzoekt een methodiek om dit voor de inwoner helder in beeld te krijgen. Draagkrachtgrens Op dit moment hanteert de gemeente Vijfheerenlanden (net als de andere Avresgemeenten) een bijstandsnorm van 120% voor haar minimaregelingen. Dat wil zeggen dat een inwoner tot 120% van het inkomen uit de bijstand mag verdienen om in aanmerking te komen voor een regeling. Het ophogen van deze grens heeft als gevolg dat meer inwoners in aanmerking komen voor de regeling. Kort gesteld: hoe hoger de grens, hoe meer geld een inwoner verdient. De precieze hoogte van de draagkrachtgrens is afhankelijk van de samenstelling van het huishouden. Voor kwijtscheldingen van gemeentelijke belastingen geldt een draagkrachtgrens van 100% van de bijstandsnorm.
De mogelijkheid voor gemeenten om kwijtschelding van belastingen te verlenen, is geregeld in de Gemeentewet. Daarnaast geldt voor gemeenten de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. Daarbij is vastgesteld dat de maximale draagkrachtgrens die wij mogen hanteren voor kwijtschelding 100% van de
Actieplan Armoede en Schulden
13
bijstandsnorm is. Door de draagkrachtgrens voor minimavoorzieningen te wijzigen verandert de norm voor kwijtschelding van belastingen dus niet. Wij hanteren de draagkrachtgrens voor minimabeleid (120%) nog niet lang. De gemeenten Leerdam en Zederik hebben deze grens met ingang van 2018 verhoogd van 110% naar 120%. De gemeente Vianen heeft in 2018 besloten aan te sluiten op deze draagkrachtgrens (zodat de gemeente Vijfheerenlanden per 1-1-2019 één draagkrachtgrens hanteert). Wanneer iemand een bijstandsuitkering aanvraagt bij Avres wordt diegene ook geïnformeerd over overige minimaregelingen. Een begrip dat vaak in één adem met de verschillende draagkrachtgrenzen genoemd wordt is de armoedeval. Tot een bepaald inkomen ontvangt een inwoner geld vanuit verschillende regelingen van de overheid. Soms verdient een inwoner net meer dan de gestelde grens van 120%. Dan kan deze persoon geen aanspraak meer maken op de gemeentelijke minimaregelingen, waardoor het netto-inkomen achteruit zal gaan. Voor een aantal landelijke regelingen, zoals de huurtoeslag, geldt tegenwoordig dat zij langzaam afgebouwd worden naarmate je meer verdient. Hierdoor wordt een armoedeval deels voorkomen. Dit is een zeer positieve ontwikkeling. Op dit moment handhaaft de gemeente Vijfheerenlanden de draagkrachtgrens van 120%.
Voordeel is dat we hetzelfde beleid blijven voeren als de andere Avres-gemeenten en daarmee extra kosten besparen. Daarnaast is de draagkrachtgrens nog niet lang geleden verhoogd en heeft deze maatregel geen effect voor de mensen die al onder de huidige draagkrachtgrens vallen. Er zijn nog effecten door de verhoging uit 2019. Bij het handhaven van de draagkrachtgrens is het wel verstandig meer ruchtbaarheid te geven aan de minimaregelingen door een communicatiecampagne. Op deze manier werken we nog steeds aan onze doelstelling om het gebruik van onze regelingen te verhogen. Het gebruik van de regelingen kan zeker bij de mensen die geen bijstandsuitkering ontvangen omhoog (zie hiervoor ook het aandachtspunt ouderen). We gaan daarom inwoners actiever –en via verschillende kanalen- informeren over het bestaan van de regelingen. De (voorlopers van de) Adviesraad Sociaal Domein Vijfheerenlanden bevestigen dat er wel een lacune in de huidige regeling zit. Een aantal regelingen van Avres is niet beschikbaar voor mensen in de schulden. Concreet gaat het hier om mensen die in de WSNP of een minnelijk schuldtraject zitten, een ‘hoog’ inkomen op papier hebben, maar door de schuldregeling een laag maandbedrag ontvangen. Zij kunnen wel gebruik maken van de kindregelingen en de bijzondere bijstand. Zij komen niet in aanmerking voor de overige regelingen.
Het gaat hier om een zeer beperkt aantal huishoudens. Het geld dat zij ontvangen via Avres is vrijgesteld van de schuldregeling, dus wordt niet direct
Actieplan Armoede en Schulden
14
ingevorderd. Wij zetten ons daarom in om deze lacune op te lossen. Alle sociale en maatschappelijke organisaties in Vijfheerenlanden kennen het bestaande aanbod. Hiervoor ontvangen zij een ‘meterkastkaart’. We merken vaak nog dat sociale partners niet elkaars aanbod kennen. Onwennigheid in de nieuwe gemeente (veel nieuwe samenwerkende partijen) en een veelheid aan maatschappelijke partners maken dat we nog niet alles van elkaar weten. Dat maakt dat we soms nog langs elkaar heen werken. Dit terwijl de professionele en vrijwilligersorganisaties niet zonder elkaar kunnen en de integrale aanpak een van de uitgangspunten van de SMA is. Een eerste stap is om gezamenlijk van elkaars kwaliteiten te weten. Zo kunnen hulpverleners die niet dagelijks bezig zijn met schuldenproblematiek of armoede ook snel zien waar ze terecht kunnen en wat de mogelijkheden zijn. Bestaande overlegstructuren, zoals Wel Thuis in Vianen, kunnen hier een rol in spelen. Een vervolgstap is professionals en vrijwilligers gezamenlijk training geven over armoede en schulden. Hierbij willen we een aantal onderwerpen bundelen, zodat mensen niet over afzonderlijke deeldisciplines bevraagd worden.
Zo zijn bijvoorbeeld (en niet uitsluitend) Maatje Vijfheerenlanden en SamenDoen bezig met het ontwikkelen van verdere vroegsignalering, Avres met de lessen van mobility mentoring, Bibliotheek Lek en IJssel met de rol van laaggeletterdheid op armoede en schulden en wil de gemeente inzetten op het eerder bereiken van ouderen. Door deze onderwerpen samen op te pakken voorkomen we dat er een wildgroei aan cursussen en initiatieven ontstaat waardoor de vrijwilligers en professionals door de bomen het bos niet meer zien. En zo kunnen professionele en vrijwilligersorganisaties van elkaar leren en beter samenwerken. Ouderen maken meer gebruik van onze minimaregelingen. Tijdens het congres armoede en schulden werd specifiek aandacht gevraagd voor onze oudere doelgroep. Het klopt dat wij deze doelgroep minder goed in beeld hebben bij onze minimavoorzieningen. Dat komt door de inrichting van het uitkeringsstelsel. Mensen die een bijstandsuitkering ontvangen zijn direct bekend bij Avres en worden actief gewezen op mogelijke minimaregelingen. Wanneer mensen de pensioengerechtigde leeftijd hebben ontvangen zij geen bijstand meer, maar de AOW (of een eerder opgebouwd pensioen). Dit wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank en niet door Avres. Die mensen zijn dus minder goed in beeld, terwijl ze misschien wel in aanmerking komen voor onze voorzieningen.
Bij de regeling chronisch zieken is 21% van de aanvragers ouder dan de pensioengerechtigde leeftijd. Bij het regionaal declaratiefonds is 13% van de aanvragers ouder dan de pensioengerechtigde leeftijd. Het bereik bepalen is echter moeilijk. Er is geen bestand beschikbaar met de algemene inkomenspositie van pensioengerechtigden in onze gemeente, ook niet in de minimascan van Stimulansz.
Actieplan Armoede en Schulden
15
Wel kunnen we op basis van ervaringen in het veld en gezien de onbekendheid van de doelgroep concluderen dat we hier nog stappen in kunnen zetten. Hiervoor willen we binnen de gemeente beter de verbinding zoeken met de aanbieders van Wmovoorzieningen (net als onze buurgemeente Molenlanden). Vaak zijn ouderen daar wel goed in beeld. Als hulpverleners beter op de hoogte zijn van ons aanbod kunnen zij ouderen daarover informeren.
Actieplan Armoede en Schulden
16