CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

9 Avres Jaarplan 2022.pdf

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 8 juli 2021, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Zienswijze Jaarrekening 2020 en Begroting 2022 Avres17.090 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

doelstelling kunnen worden gerealiseerd door bestaande instrumenten als begeleiding, om- en bijscholing en trainingen in te zetten. Het behoud van werkfitheid zal daarnaast met name gerealiseerd kunnen worden via een zogeheten “werkfitplek” bij gemeenten of sociale werkbedrijven. In feite gaat het bij deze werkfitplekken dus om werk / een baan op een terugvallocatie18). Overigens zal plaatsing op werkfitplekken eerst aan de orde zijn als het werkfit houden en re-integratie via bestaande instrumenten niet mogelijk blijkt te zijn. Dergelijke “werkfitplekken” krijgen een tijdelijk karakter en hebben een looptijd van in principe maximaal zes maanden. In uitzonderingsgevallen kan de looptijd met drie maanden worden verlengd. In elke arbeidsmarktregio komt één herkenbaar aanspreekpunt voor de doelgroep van de banenafspraak. De medewerkers van dit aanspreekpunt worden in samenspraak met de regionale werkbedrijven door het UWV aangesteld en vormen als het ware de frontoffice vanuit de tijdelijke impuls in de richting van de regionale mobiliteitsteams. Het kabinet zal voor de bemensing van dit aanspreekpunt extra financiële middelen beschikbaar stellen. Ook zal er per arbeidsmarktregio budget beschikbaar worden gesteld voor de dienstverlening werkfitbehoud. Het UWV zal via de regionale mobiliteitsteams - de kassiersfunctie gaan vervullen.

18) Overigens is dit in lijn met hetgeen ook in de voorlopige plannen voor een SW 2.0 voor ogen wordt gestaan.

De landelijke werkkamer en het ministerie van SZW zullen de arbeidsmarktregio’s ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van deze tijdelijke impulsmaatregel.

2.6 Gemeentelijke re-integratie dienstverlening Zoals eerder aangegeven is door de coronacrisis ook de situatie op de arbeidsmarkt veranderd. Enerzijds kunnen werk en werkzaamheden door de pandemie geen doorgang (meer) vinden en zitten mensen hierdoor thuis en/of komen er in de (meest) getroffen sectoren geen of slechts weinig vacatures beschikbaar. Anderzijds is er nog steeds een grote vraag naar gekwalificeerd personeel in sectoren, zoals de techniek en de zorg. Deze situatie treft ook de doelgroep van de Participatiewet waar Avres voor verantwoordelijk is.

De tweede nadere doelgroep zijn de mensen die al langere tijd een beroep moeten doen op een uitkering op grond van de Participatiewet. Voor deze nadere doelgroep gaat Avres verder op de reeds ingeslagen weg, die is gericht op ontwikkeling van mensen. Avres zet daartoe ontwikkel- /leerlijnen in, ondersteund door een cliëntvolg-/diagnosesysteem en door de inzet van specifieke re-integratie instrumenten als bijvoorbeeld scholing en trainingen, en opstapbanen. Ondanks de Coronacrisis heeft de dienstverlening reintegratie het vorige jaar binnen Avres niet stilgelegen. Weliswaar is de inzet van alle reintegratieinstrumenten door de beperkende maatregelen niet altijd mogelijk geweest (bijvoorbeeld trainingen op de werkvloer), echter er is in dergelijke situaties vervolgens gezocht naar passende alternatieven, zoals onlinebijeenkomsten. Een aspect dat in het kader van de gemeentelijke reintegratie dienstverlening nog moet worden benoemd is de samenwerking met ketenpartner UWV. Waar mogelijk moet namelijk worden voorkomen dat mensen vanuit een voorliggende uitkeringssituatie verstrekt door het UWV, terugvallen in een uitkeringssituatie vanuit de Participatiewet. Met het oog daarop heeft Avres inmiddels een aantal praktische werkafspraken gemaakt met het UWV. Onderzocht zal nog verder worden op welke wijze de samenwerking tussen beide organisaties op dit punt kan worden geïntensiveerd.

Voor die intensivering is Avres overigens mede afhankelijk van landelijke richtlijnen die voor alle regionale districten van het UWV van toepassing zijn. Via het gemeentefonds ontvangen de gemeenten/ uitvoeringsorganisaties extra middelen ten behoeve van de gemeentelijke re-integratie dienstverlening. Enerzijds zijn deze extra middelen bedoeld om de reguliere dienstverlening op peil te kunnen houden als de instroom toeneemt. Anderzijds dienen deze middelen om de dienstverlening met betrekking tot de nieuwe instroom te kunnen waarborgen (en te intensiveren).

Avres Jaarplan 2022

Binnen deze doelgroep zijn er in feite twee nadere groepen te onderscheiden. In de eerste plaats de nieuwe (extra) instroom in de Participatiewet als gevolg van de Coronacrisis. Hieronder vallen bijvoorbeeld flexwerkers en/of jongeren die geen/ onvoldoende rechten hebben opgebouwd met betrekking tot voorliggende voorzieningen, zoals de WW. Overkoepelend kenmerk van deze nadere doelgroep is - in zijn algemeenheid - dat zij over relevante werkervaring beschikken, danwel een passende opleiding hebben afgerond. Bovendien zijn bij deze nadere doelgroep vaak geen of slechts weinig belemmerende omstandigheden aanwezig. Met betrekking tot de begeleiding van jongeren richting arbeidsmarkt, wordt hier verwezen naar hetgeen reeds is beschreven in paragraaf 2.4 “Jeugdwerkloosheid”. Voor wat betreft de overige nieuwe (extra) instroom als gevolg van de Coronacrisis, zet Avres extra in op de instrumenten directe matching, intensieve begeleiding bij zoektocht naar (ander) werk en korte om- en bijscholingstrajecten met het oog op plaatsing in kansrijke sectoren. Inzet van WIJIJ, de Sity academy en

het Leerwerkloket kunnen daarbij ondersteunend zijn.

21

2.7 Aanpak van armoede en schulden Als gevolg van de Coronacrisis kunnen mensen heel direct worden geconfronteerd met inkomensachteruitgang. Indien werk of werkzaamheden wegvallen kunnen ondernemers/ bedrijven geen of onvoldoende inkomsten genereren om lonen of salarissen van hun medewerkers door te betalen. Een van de belangrijkste ondersteuningsmaatregelen van het Rijk is er dan ook op gericht om deze ondernemers/bedrijven daartoe wel in staat te stellen. Daartoe is de NOW (Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid) in het leven geroepen. Deze regeling wordt uitgevoerd door het UWV en biedt ondernemers/bedrijven een gedeeltelijke vergoeding van de loonkosten voor werknemers. Daarnaast kunnen werknemers die desondanks zijn ontslagen, mits zij voldoende rechten hebben opgebouwd, een beroep doen op een uitkering in het kader van de WW. Door zowel de NOW, als de WW, is tot op heden het beroep op bijstand voor veel (ex) werknemers beperkt gebleven. Als uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen wordt Avres als gevolg van de Coronacrisis met name geconfronteerd met doelgroepen die geen beroep kunnen doen op regelingen als de NOW of de WW. Dit vindt zijn oorzaak in het feit dat dergelijke regelingen voor hen niet openstaan of dat zij daartoe geen of slechts onvoldoende rechten voor hebben opgebouwd.

Zo is de NOW niet opengesteld voor zelfstandigen en bouwen zelfstandigen bij het verrichten van hun werkzaamheden geen WW-rechten op. Daarnaast hebben jongeren en flexwerkers veelal geen of slechts beperkte WW-rechten opgebouwd.

Avres Jaarplan 2022

22

Voor de inkomensondersteuning van zelfstandigen heeft het Rijk inmiddels een drietal specifieke regelingen in het leven geroepen: Tozo 1, 2 en 3. De looptijd van Tozo 3 eindigt op 1 april 2021 en zal worden opgevolgd door een vervolgregeling Tozo 4. Tozo 4 zal qua inhoud en voorwaarden exact gelijk zijn aan Tozo 3 en het einde van de duur van Tozo 4 is voorzien op 1 juli 2021. Deze regelingen zijn gelieerd aan de uitvoering van een speciale bijstandsregeling: Het Bijstandsbesluit Zelfstandigen (Bbz). Hoewel deze regelingen er aan zijn gelieerd, verschillen ze toch in hoge mate van de Bbz. Zo

kende Tozo 1 bijvoorbeeld geen partnerinkomenstoets (Tozo 2 en 3 wel), zijn er andere bepalingen met betrekking tot vermogensaspecten van toepassing en geldt ook de plicht tot arbeidsmarktinschakeling niet. Naast de directe inkomensondersteuning, is aan de Tozo ook een specifieke regeling voor leningen bedrijfskapitaal verbonden. De gemeenten worden voor de directe inkomensondersteuning via de Tozo-regelingen volledig door het Rijk gecompenseerd en ook voor de uitkeringskosten ontvangen de gemeenten / uitvoeringsorganisaties van het Rijk een compensatie. Nog geheel onduidelijk is op dit moment of, en zo ja op welke wijze, de doelgroep van zelfstandigen na 1 juli 2021 ondersteund gaat worden. Zelfs als er na 1 juli 2021 door vaccinatie meer grip op de uitbraak van de pandemie is ontstaan zal waarschijnlijk (een deel van) deze doelgroep nog geruime tijd inkomensondersteuning behoeven. Jongeren en Flexwerkers zonder of met slechts beperkte WW-rechten zijn voor wat betreft de inkomensondersteuning (uiteindelijk) aangewezen op de reguliere inkomensondersteuning vanuit de Participatiewet. Met het oog daarop heeft het Rijk de BUIG-budgetten opwaarts bijgesteld. Onzeker blijft de situatie op middellange en lange termijn.

Als ondersteuningsmaatregelen zoals de NOW wegvallen, bedrijven alsnog failliet gaan; werknemers worden ontslagen en hun maximale WW-periode hebben bereikt, is er een reële kans19) dat zij een beroep zullen moeten doen op een uitkering in het kader van de Participatiewet. Om een eventuele groei van de bijstandspopulatie financieel op te kunnen vangen, heeft het Rijk de (voorlopige) Buig budgetten voor 2021 inmiddels opwaarts bijgesteld. Het financiële kader voor 2022 wordt eerst begin oktober 2021 bekend, na het verschijnen van de septembercirculaire 2021. In februari 2021 werd de inhoud van een tweede inkomensondersteunende maatregel bekend: De Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK). Deze regeling biedt inwoners een tegemoetkoming in noodzakelijke kosten, als deze kosten als gevolg van een terugval in inkomen door de Coronacrisis niet meer geheel zelfstandig gedragen kunnen worden. De

19) Van belang hierbij is bijvoorbeeld ook het feit of zij bijvoorbeeld een verdienende partner hebben met een inkomen boven bijstandsniveau of dat er vermogensbestanddelen aanwezig zijn.

regeling heeft (met terugwerkende kracht) een looptijd van 1 januari 2021 tot 30 juni 2021. De uitvoering van deze regeling is gelieerd aan de uitvoering van de bijzondere bijstand, waarbij met betrekking tot onder andere draagkracht(grenzen) afwijkende regels mogelijk zijn. De focus bij de uitvoering ligt volgens een landelijk advies - op tegemoetkomingen in het kader van woonkosten. Op basis van een hardheidsclausule zijn tegemoetkomingen voor andere noodzakelijke kosten evenwel ook mogelijk. Het Rijk heeft voor de uitvoering van deze regeling relatief beperkte budgetten beschikbaar gesteld. Deze worden in twee tranches aan gemeenten beschikbaar gesteld, waarbij het Rijk na de eerste tranche nog zal overwegen of een opwaartse bijstelling moet plaatsvinden. Voor de eerste tranche is er voor de drie gemeenten in de regio AV ongeveer € 330.000,-- beschikbaar. Met betrekking tot de TONK geldt een zorgplicht, er mag derhalve dus geen subsidieplafond worden ingesteld. Door de Coronacrisis en het verlies van werk en inkomen zullen er mensen worden geconfronteerd met financiële problemen en/of schulden. Het Rijk is voornemens om met het oog hierop een drietal maatregelen te nemen: - Impuls schuldenbeleid en bijzondere bijstand; - Versnelling brede schuldenaanpak en armoedebestrijding; - Oprichting waarborgfonds schulden.

Het kabinet heeft dit onderdeel van het Sociaal Pakket nog niet (nader) uitgewerkt. Met betrekking tot de

uitvoering zal dus moeten worden gewacht tot de bekendmaking van de plannen op dit onderdeel. In afwachting daarvan biedt Avres uiteraard haar reguliere dienstverlening en ondersteuning aan in het kader van armoedebestrijding en schuldhulpverlening. Twee aspecten zijn daarbij nog van belang. In de eerste plaats heeft de Stichting Leergeld, die in opdracht van Avres een aantal minimaregelingen uitvoert, haar dienstdienstverlening ook uitgebreid naar (kinderen van) zelfstandigen. Daarnaast is het door de wijziging van de Wet gemeentelijke schulddienstverlening per 1 januari 2021 - naast maatregelen op het terrein van vroegsignalering in brede zin20) - ook mogelijk geworden om schuldhulpverlening aan te bieden aan zelfstandigen. Ook het instrument budgetbeheer zal daarbij worden aangeboden. Dit aspect maakt dan ook uitdrukkelijk deel uit van route 1 die het adviespunt zelfstandigen aanbiedt (zie paragraaf 2.3) De maatregelen en inzet van instrumenten zoals genoemd in de voorgaande paragrafen, moeten er toe bijdragen dat Avres op een adequate wijze haar rol en verantwoordelijkheden kan oppakken in het kader van economische en financiële crisisdienstverlening; om mensen financieel te ondersteunen waar noodzakelijk en hen (opnieuw) perspectief te bieden bij hun zoektocht naar (ander) werk.

Deze crisisdienstverlening moet door het Rijk en vervolgens door Avres nog op een aantal punten nader worden uitgewerkt en zal tot in 2022 doorlopen. Via raadsinformatiebrieven zal Avres de raden blijven informeren over actuele ontwikkelingen en voortgang.

Avres Jaarplan 2022

20) Vroegsignalering betreft een preventieve aanpak van schulden. Dit instrument is als nieuw element opgenomen in de gewijzigde Wet gemeentelijke schulddienstverlening. Door signalen van schulden / betalingsachterstanden tijdig in beeld te krijgen, kan worden voorkomen dat met name met betrekking tot vaste lasten grotere financiële problemen ontstaan. Avres heeft zich daartoe aangesloten bij een landelijk convenant met leveranciers van gas, water en energie en op regionaal niveau zijn daartoe afspraken gemaakt met woningcorporaties.

23

Hoofdstuk 3

Overige opgaven 3.1 Inleiding In paragraaf 1.4 is al aangegeven dat de opgaven zoals geformuleerd in het jaarplan 2021 zullen worden doorgetrokken naar 2022. Naar de mening van het bestuur zijn daar twee redenen voor aanwezig. In de eerste plaats is volgens het bestuur namelijk nu reeds zichtbaar dat door de coronacrisis niet alle opgaven praktisch vorm te geven zijn of in uitvoering kunnen worden gebracht. Zo zijn bijvoorbeeld trainingen / opleidingen en begeleiding simpelweg niet fysiek uit te voeren en/of hebben samenwerkingspartners en/of ondernemers door de coronacrisis op dit moment andere prioriteringen, danwel worden ook zij gehinderd door de beperkende maatregelen. Daarnaast is het bestuur van Avres zich bewust van het feit dat de crisisdienstverlening (al) veel van de uitvoeringsorganisatie vergt en dat om die reden ook niet alles tegelijkertijd kan, zeker niet waar het veel geheel nieuwe veranderopgaven betreft. In paragraaf 3.2 zal nog kort op de opgaven uit het jaarplan 2021 worden ingegaan. In de daaropvolgende paragrafen van dit hoofdstuk zullen nog een beperkt aantal andere (nieuwe) opgaven/ontwikkelingen worden beschreven, waar naast de opgaven uit 2021 in 2022 ook (extra) op zal worden ingezet.

Uiteraard zal ook de reguliere dienstverlening en ondersteuning van inwoners op het terrein van inkomensverstrekking, armoedebestrijding, schulddienstverlening, toeleiding naar werk en participatie in 2022 worden gecontinueerd, waarbij uitgangspunten als integraliteit (binnen het sociale domein); lokaal maatwerk; de menselijke maat centraal; kwalitatief hoogwaardige dienstverlening en een uniform proces gericht op ontwikkeling en participatie voor en van meerdere doelgroepen onverminderd overeind blijven staan. Avres Jaarplan 2022

24

3.2 De opgaven uit het jaarplan 2021 21) Opgave 1: Meer mensgericht werken, een complexer

bijstandsbestand, iedereen doet mee, meer intensieve dienstverlening aan alle mensen in de bijstand en extra inzet op statushouders. Uitdagingen die voortkomen uit de missie/visie van Avres en gemeenten, de veranderingen in de doelgroep en wetswijzigingen. Uitdagingen die Avres niet alleen aan kan. Een groot deel van de oplossing zit in het beter samenwerken tussen (keten)partners en andere organisaties binnen het sociaal domein. Niet naast elkaar, maar met elkaar voor de inwoners in onze regio. Samen is niet voor niets één van de visie-uitgangspunten van Avres. Alleen in samenwerking kan er meer voor inwoners worden bereikt op terreinen als gezondheid, meedoen/ participatie, ontwikkeling en werk. Er wordt binnen het sociaal domein steeds beter samengewerkt, maar elke organisatie heeft zijn eigen opdracht en denkt vanuit dat kader, waardoor er niet altijd keuzes of beslissingen worden gemaakt die er toe leiden dat iedereen mee gaat doen of zo snel mogelijk naar werk wordt toegeleid. Om dit te bewerkstelligen zouden organisaties, waaronder Avres, zich meer moeten verdiepen in de andere organisaties in de keten en zouden organisaties ook moeten kijken hoe zij een bijdrage kunnen leveren aan gemeentelijk beleid/visie op zowel zorg, welzijn als werk.

Opgave 2: aanpassen huidige dienstverlening Als concrete vertaling van de missie/visie en strategie is een zestal uitgangspunten voor handelen geformuleerd: - Vraaggericht handelen: vraaggericht handelen betekent dat er geen standaard aanpak is. Ieder mens is anders; - Handelingsvrijheid professionals: doen wat goed is binnen kaders. Goede dienstverlening is vaak te danken aan de bevlogenheid van betrokken professionals die bereid zijn om soms net een stapje extra te zetten en creatieve oplossingen te bedenken voor obstakels en ‘muren’ en die oplossingen uit te voeren;

21 Voor een uitgebreide beschrijving van de opgaven wordt verwezen naar het jaarplan 2021. Dit jaarplan is te raadplegen via de volgende link: https://www.avres.nl/document.php?m=49&fileid=25234&f=f17a966ed0db522460469837965fe407&attachment=0

- Samen leren en ontwikkelen: professionals leren elkaar pas echt kennen als ze samen een ontwikkeling doormaken. In plaats van dat elke organisatie apart traint en ontwikkelt op thema’s die spelen bij elke mensgerichte organisatie in het sociaal domein proberen we de verbinding te leggen en dit ontwikkelproces samen door te maken. - Grenzeloos samenwerken: Avres is verantwoordelijk voor de uitvoering voor drie gemeenten, maar inwoners trekken zich bij het zoeken van werk niet zoveel aan van de bestuurlijke grenzen. Dat geldt zeker ook voor de arbeidsmarkt. Vanuit mensgericht werken is het samenwerken over grenzen heen om mensen optimaal te faciliteren het uitgangspunt. - Streng doch rechtvaardig/niet vrijblijvend: mensen met inkomensondersteuning hebben rechten en plichten. Ondersteuning in ontwikkeling is niet vrijblijvend. Er wordt immers geïnvesteerd in de inwoner. De klant heeft een inspanningsverplichting om zo zelfstandig mogelijk in zijn bestaan te voorzien en/of binnen zijn / haar mogelijkheden als onderdeel van het recht op een uitkering en ondersteuning “mee te doen naar vermogen”. - Gecoördineerde samenwerking: bij de uitvoering is van groot belang dat één van de betrokken professionals verantwoordelijkheid en regie houdt en overzicht heeft op de voortgang van ingezette interventies.

Opgave 3: ketendoelstelling “iedereen doet mee” Deze doelstelling is opgenomen in alle gemeentelijke visie-documenten. Daarnaast is een wijziging van de Participatiewet met ingang van 1 januari 2021 doorgevoerd, dat vraagt om iedereen in beeld te hebben en actief te begeleiden. Om deze doelstelling te kunnen realiseren is een doelgerichte gecoördineerde ketensamenwerking essentieel. Om echt invulling te geven aan “Iedereen doet mee” zou dit een doelstelling moeten zijn die voor meerdere organisaties geldt.

Opgave 5: ketendoelstelling “meer statushouders aan het werk” Statushouders hebben altijd meerdere uitdagingen bij vestiging in Nederland om te komen tot maximale participatie, waaronder leren hoe de maatschappij werkt, leren hoe het financiële stelsel werkt, de taal leren, de vaardigheden en kennis vanuit het thuisland vertalen naar de Nederlandse arbeidsmarkt en in sommige gevallen ook traumaverwerking. De gemeentelijke ambitie waar Avres een bijdrage aan levert is om een groot deel van de huidige statushouders en nieuw te huisvesten statushouders optimaal te begeleiden naar maximale participatie Opgave 6: ketendoelstelling “complexe schuldenproblematiek verminderen” In de nieuwe Wet inburgering wordt van gemeenten verwacht dat zij de mensen die moeten inburgeren meer gaan ontzorgen op het gebied van financiën. Ook de overgang van beschermd wonen naar beschermd thuis in het kader van de wijziging van WMO, brengt met zich mee dat gemeenten inwoners vaker financieel moeten gaan ontzorgen: bij de overgang van een situatie van leefgeld naar een uitkering liggen schulden immers al vlug op de loer. Daarnaast constateert Avres al langere tijd een trend dat het aantal situaties, waarbij een complexe schuldenproblematiek speelt, toeneemt.

Een dergelijke situatie brengt voor deze groep inwoners (extra) stress en onzekerheid met zich mee, terwijl er daarnaast vaak nog problemen op andere leefgebieden spelen. Avres tracht in dergelijke situaties de financiële problemen te stabiliseren of een oplossingsrichting voor de schuldenproblematiek aan te bieden. Waar nodig biedt Avres (ook nog) nazorg om in de toekomst schuldenvrij te kunnen blijven. Opgave 7: langetermijnvisie op locaties en samenwerking met dagbesteding De doelgroep met een arbeidsbeperking die al jarenlang in de sociale werkvoorziening werkt, wordt steeds ouder en neemt in omvang langzaam af. Om hierop in te kunnen spelen is Avres verhuisd naar de LingeLoods (Gorinchem), Sociaal Lokaal Leerdam

Avres Jaarplan 2022

Opgave 4: ketendoelstelling “meer jongeren die tussen wal en schip vallen naar werk of school” Avres ziet dat er nog steeds jongeren tussen de 18 en 27 jaar zonder startkwalificatie thuiszitten. Dit wordt met name problematisch als ze bijvoorbeeld op zichzelf gaan wonen of in een crisissituatie geraken en hierdoor op straat komen te staan. In nauwe samenwerking met het Regionale Meld- en Coördinatiepunt voortijdig

schoolverlaten (RMC) zoekt de matchmaker van Avres deze jongeren thuis op met als doel toeleiding naar werk of school. Avres werkt in 2021 met één matchmaker per gemeente.

25

en is de kwekerij de Landsinghof in Giessenburg uitgebreid. Naast deze fysieke aanpassingen op en van de werklocaties, wordt steeds meer ingezet op onder andere beweeg- en leefstijlprogramma’s en trainingen ter voorbereiding op pensionering. Daarnaast zijn deze (nieuwe) locaties aantrekkelijk voor een bredere doelgroep: van dagbesteding tot aan de fase van “dichtbij naar werk”. Een speerpunt in 2021 is om binnen de locaties LingeLoods, Sociaal Lokaal Leerdam en de Landsinghof een werkomgeving te creëren waar veel werk van verschillende niveaus dicht bij elkaar is georganiseerd. Hierdoor kan doorontwikkeling en groei van inwoners (onder andere door (gezamenlijke) trainingen) maximaal gestimuleerd worden. Het streven is een doorlopende leerlijn. Voor de inwoners met een grotere arbeidsbeperking is arbeidsmatige dagbesteding soms een beter alternatief. Avres werkt in dat kader intensief samen met bijvoorbeeld Syndion. Op deze wijze kunnen inwoners die meer op hun plek zijn met een begeleiding vanuit Syndion op hun locaties terecht en omgekeerd. Door dergelijke samenwerkingsverbanden kan Avres met haar partners meer “labelloze” voorzieningen creëren.

Opgave 8: passend werk voor alle inwoners met een arbeidsbeperking Naast de mensen met een arbeidsbeperking die “intern” werken heeft de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in de dienstverlening en ondersteuning voor de inwoners in de regio met een arbeidsbeperking die extern kunnen werken. Zo is er een aanpak ontwikkeld voor PrO/Vso leerlingen en zelfmelders met een indicatie baanafspraak, en zijn inwoners met een indicatie Nieuw Beschut geplaatst op werkplekken met intensieve begeleiding. Tegelijkertijd is echter geconstateerd dat nog ruim 170 inwoners met een indicatie baanafspraak nu nog niet opgepakt worden omdat zij niet in beeld zijn. Avres gaat inventariseren wat hun behoefte aan ondersteuning en begeleiding is.

Avres Jaarplan 2022

26

Opgave 9: specifieke gebiedsgerichte inzet In gemeenten zien we wijken/buurten waar een hoge concentratie van inwoners met een uitkering is. Avres gaat voor de ondersteuning en dienstverlening in deze wijken - onder regie van de gemeenten en in samenwerking met partner-organisaties die daar

aanwezig zijn - werken aan/met een doelgerichte gecoördineerde aanpak, waarbij ook wordt aangesloten bij wat er in deze wijken al wordt georganiseerd. Onderdeel van deze specifieke aanpak zal onder meer een groepsgewijze benadering zijn, waarbij verschillende aandachts-/leefgebieden, zoals projecten op het gebied van gezondheid en arbeidstoeleiding, worden gecombineerd. Opgave 10: een antwoord op een mogelijke economische crisis 22) De dienstverlening van Avres richt zich wat betreft ontwikkeling vooral op de groep met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en ontwikkelpotentieel. Ook de (intensivering van) eerdergenoemde maatregelen / opgaven spelen daar op in. Begin 2020 waren er nauwelijks nog mensen met een korte afstand tot de arbeidsmarkt in de bijstand en daalt de omvang het bestand. In een tijd van een economische crisis is dat anders. Dan zijn er veel mensen die wel zouden kunnen werken, maar die geen baan kunnen vinden. Om beter voorbereid te zijn op een toekomstige economische crisis neemt Avres een aantal maatregelen.

3.3 Ontwikkellijnen op weg naar werk Inleiding Wie werk heeft, is gelukkiger en meer tevreden over zijn/ haar leven. Werk brengt inkomen en financiële zelfstandigheid, sociale contacten, voldoening, persoonlijke waardering en nieuwe ervaringen met zich mee. Het kan een belangrijke ondersteuning betekenen van de eigenwaarde, structuur en routine in het dagelijks leven. De stap naar werk voor mensen in de bijstand is heel groot en wordt steeds groter. Daarom introduceert Avres ontwikkellijnen waarmee voor meer inwoners een vorm van betaald werk haalbaar wordt. Visie Avres kiest bij inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt niet automatisch voor de kortste weg naar werk, maar voor een duurzaam en stabiel arbeidsmarktperspectief voor elke kandidaat/inwoner; in een reguliere betaalde baan, en voor wie dat (nog) niet lukt (tijdelijk) in een gesubsidieerde baan. Om duurzaam uit te stromen op de arbeidsmarkt is een

22) Overigens waren tijdens het opstellen / schrijven van het jaarplan 2021 de economische gevolgen van de uitbraak van de Coronapandemie nog in het geheel niet voorzien.

aantal aspecten cruciaal: stabiel zijn op leefgebieden, het op orde zijn van werknemersvaardigheden en een bepaalde minimale belastbaarheid en loonwaarde. Huidige werkwijze De re-integratie naar werk kent momenteel grofweg 3 fasen: 1. Participatie Als mensen nog niet de stap naar werk kunnen maken, richt Avres zich op participatie in zoveel als mogelijk de eigen woon- en leefomgeving. Tijdens deze fase wordt ingezet op het creëren van de voorwaarden en het wegnemen van eventuele belemmeringen om de stap naar werk te kunnen maken. Participatie is derhalve geen doel maar een middel om uiteindelijk naar werk toe te kunnen groeien. Dit gebeurt zoveel als mogelijk in samenwerking met lokale partners. Hierbij moet gedacht worden aan o.a. Samen Doen, Jij bent in beeld, Schuldhulp- en taalmaatjes, sociale teams. 2. Traject richting werk Momenteel worden trajecten richting werk ingezet binnen de eigen (SW-)infrastructuur en bij diverse externe partners. Het doel is het opbouwen van werkritme, het aanleren van werknemersvaardigheden en waar nodig het aanleren van vakvaardigheden. De mensen die in een traject zitten komen door uit fase 1 (Participatie) of stromen in direct na de intake/ diagnose. 3. Matching Accountmanagers van Avres zijn het grootste deel van hun werktijd actief in de markt. Daar halen zij vacatures op.

Daarna matchen zij deelnemers in een traject of mensen die deze fase al hebben afgerond of overgeslagen op deze vacatures om hen zo, al dan niet met loonkostensubsidie, te plaatsen bij reguliere werkgevers. Vervolgens worden deze mensen begeleid en gecoacht door jobcoaches.

Daarnaast zien we dat de laatste jaren er structureel meer trajecten en opstapbanen begroot zijn dan is gerealiseerd. Op de lange termijn leidt dit zonder ingrijpen tot uitholling van de infrastructuur. Dit komt doordat het aantal SW medewerkers daalt omdat er geen instroom in deze voorziening meer mogelijk is. Als we de aanwezige kennis en infrastructuur niet inzetten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, zal de voorziening moeten krimpen terwijl deze zo nodig is voor mensen voor wie de arbeidsmarkt nog niet bereikbaar is. Nieuwe werkwijze Een nieuwe werkwijze is nodig. De nieuwe werkwijze kent in principe dezelfde 3 fasen. 1. Participatie Het eerste deel van het totale traject van reintegratie blijft zoals het nu is. We zien dat steeds meer mensen kunnen participeren doordat we dit lokaal en samen met de eerder genoemde partners vormgeven. Het doel van deze fase blijft onveranderd: het creëren van de voorwaarden en

Avres Jaarplan 2022

Nadelen huidige werkwijze We hebben geconcludeerd dat de huidige werkwijze tekort schiet om mensen een duurzaam en structureel perspectief op werk te bieden. Dat komt doordat de eerder geschetste fase 2, trajecten richting werk, onvoldoende waarborgen biedt om mensen de stap

naar duurzame uitstroom te laten maken. Dit komt door het volgende: - Ontwikkeltrajecten starten momenteel vaak in de beschutte SW-afdelingen. Hierdoor is het moeilijk om te zien wat het ontwikkelpotentieel van de deelnemers is. Mensen maken zich te snel het werktempo van de SW-medewerkers die in de beschutte afdeling werken eigen, terwijl het traject als doel heeft om de stap naar regulier werk te maken. - De stap van lokale participatie naar het structureel verrichten van arbeid is heel groot. De begeleiding vanuit Avres voor de deelnemers is onvoldoende intensief. Dit maakt dat in deze fase veel deelnemers uitvallen. - Trajecten worden te weinig gebruikt als middel om deelnemers klaar te stomen voor de arbeidsmarkt. Hierdoor zijn de trajecten niet doelgericht genoeg. Zo zetten we momenteel te weinig in op het ontwikkelen van vakvaardigheden terwijl deze wel degelijk gevraagd worden op de reguliere markt. Het gevolg is dat de stap naar regulier werk vaak te groot blijkt.

27

het wegnemen van eventuele belemmeringen om de stap naar werk te kunnen maken.

Avres Jaarplan 2022

28

2. Begeleiding naar werk: Ontwikkellijnen Deze stap verschilt sterk met de huidige werkwijze. We gaan starten met de vorming van ontwikkellijnen gebruikmakend van onze infrastructuur. Hierin doorlopen mensen een ontwikkelprogramma met ruimte voor persoonlijke ontwikkeling, het leren van (vak)-vaardigheden en uitstroom in kansrijke sectoren. Mensen hebben in dit traject samen met hun jobcoach zoveel mogelijk zelf regie. Avres faciliteert hen door een ingericht ontwikkeltraject met jobcoaching, opleidingen en matching. Hierbij ondersteunt het cliëntvolg-/ diagnosesysteem CompetenSYS. Elke deelnemer loopt het ontwikkelpad in zijn/ haar eigen tempo. Als de afstand van een deelnemer tot de arbeidsmarkt gering is, kan diegene fases versneld doorlopen of zelfs overslaan. De ontwikkellijnen heeft de volgende fasen: a. Start in startafdeling Het eerste deel van het traject vindt voornamelijk plaats in een nieuw te vormen aparte afdeling binnen de SW infrastructuur. Hierin bieden we divers werk aan in een zo’n regulier mogelijke setting. Het divers georganiseerde werk en de intensieve aansturing door jobcoaches en werkleiders op de werkplek is helpend om de benodigde vaardigheden op te bouwen richting duurzame uitstroom in een later deel van het traject. Ook gebruiken we deze relatief korte periode (maximaal 2 maanden) om de deelnemer goed te leren kennen. b.

Keuze ontwikkellijn Als iemand arbeidsfit blijkt, wordt samen met de deelnemer een keuze gemaakt voor een ontwikkellijn. c. Ontwikkelen in ontwikkellijn Het verdere traject wordt vormgegeven in een van de, in eerste instantie, 4 gedefinieerde ontwikkellijnen. Allereerst ligt het accent op het verder opbouwen van werkritme en het waar nodig aanleren of versterken van werknemersvaardigheden. Naarmate de ontwikkeling van de deelnemer vordert, komt het accent meer te liggen op het

aanleren van vakvaardigheden. Dan zal hij of zij ook steeds meer zelfstandig/ regulier werkzaam zijn. Indien blijkt dat de deelnemer meer tijd nodig heeft om de stap naar regulier werk te maken, kan een tijdelijk dienstverband binnen Avres in de vorm van een opstapbaan worden ingezet om hem of haar deze tijd te gunnen. Dit werkt bovendien motiverend voor de deelnemer omdat hij of zij vanaf dat moment salaris ontvangt. 3. Bemiddeling naar werk Het derde deel van het traject start als blijkt dat de deelnemer klaar is om de stap naar duurzame uitstroom te maken. De accountmanagers worden dan ingeschakeld om voor de deelnemer een passende reguliere baan, al dan niet met loonkostensubsidie, te vinden. Jobcoaches van Avres zullen nadat de kandidaat is geplaatst in een baan de begeleiding verzorgen. Het model van ontwikkellijnen is in bijlage 1 schematisch

weergegeven en in bijlage 2 wordt de gehele weg naar werk nogmaals in een infographic beschreven. In lijn met visie Door middel van bovengenoemd model tracht Avres een heldere structuur aan ontwikkellijnen te creëren waarlangs deelnemers zich kunnen ontwikkelen op weg naar (structureel) betaald werk. Daarnaast draagt het model bij aan het mensgericht werken (eigen regie en keuze in ontwikkellijn) en levert het werken volgens dit model een grotere bijdrage aan de ontwikkeling van deelnemers. Tenslotte draagt het werken volgens dit model bij aan het realiseren van duurzame uitstroom. Voor iedereen toegankelijk Avres werkt zoveel mogelijk labelloos en mensgericht en biedt de dienstverlening die mensen nodig hebben op basis van hun persoonlijke profiel. Bij het uitwerken van het model is in de basis uitgegaan van cliënten met een

bijstandsuitkering. De ontwikkellijnen zijn echter ook toegankelijk voor medewerkers met een SW- of nieuw beschut dienstverband, leerlingen van vso en pro, en cliënten van partners zoals GGZ en Syndion. Ook voor mensen die hun baan verliezen door de Coronacrisis of anderszins zijn de ontwikkellijnen helpend om snel de stap naar regulier werk, wellicht in een andere richting, te maken. Zij kunnen dan uiteraard enkele stappen overslaan. Infrastructuur blijft in stand Tegelijkertijd draagt het realiseren van financiële toegevoegde waarde tijdens het gehele traject bij aan het in stand houden van diezelfde structuur voor de brede doelgroep. De inzet van een programma met ontwikkellijnen, waarmee/waarlangs ook toegevoegde waarde wordt gerealiseerd, kan dit doorbreken. Een voldoende toegevoegde waarde is bovendien noodzakelijk om de diversiteit aan werksoorten in stand te houden en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt meer en extra kansen te bieden om diezelfde arbeidsmarkt te kunnen betreden. In lijn met visie 2e kamer Het succesvol kunnen begeleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar de arbeidsmarkt is in lijn met de visie van de 2e kamer (Initiatiefnota van de leden Jasper van Dijk en René Peters “Aan de slag in het Sociaal Ontwikkelbedrijf; op naar een gerevitaliseerde Sociale Werkvoorziening”, motie aangenomen d.d. 02-2-21).

Avres heeft de infrastructuur, er is succesvol geïnvesteerd in vakkundige begeleiding, zij kan een scala aan opleidingen aanbieden en daarmee is al aan een groot deel van de voorwaarden voldaan om dit succesvol te doen. In bijlage 3 is de transformatie van Avres in de richting van een ontwikkelbedrijf nogmaals beschreven en tenslotte zijn in bijlage 4 twee klantreizen opgenomen.

3.4 Nieuwe Wet Inburgering Naar verwachting zal - met een uitstel van een half

Avres Jaarplan 2022

De methodiek van “ontwikkellijnen op weg naar werk” betreft een nadere uitwerking van het derde uitgangspunt van opgave 2 uit het jaarplan 2021 (zie paragraaf 3.2).

29

jaar - met ingang van 1 januari 2022 de nieuwe Wet inburgering in werking treden. De gemeenten zullen de uitvoering van deze wet zelf ter hand nemen, waarbij zowel Avres als Vluchtelingenwerk bepaalde taken zullen gaan uitvoeren. Met het oog op de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering hebben de gemeenten in het najaar van 2020 / het voorjaar van 2021 de notitie “Aan de slag” vastgesteld; het beleidskader voor de uitvoering van deze wet. Voor de inhoudelijke aspecten rondom de uitvoering wordt in dit jaarplan verwezen naar genoemde notitie. Avres zal zich bij de uitvoering van de nieuwe wet zich met name gaan richten op de volgende aspecten: 1. Het verzorgen van de brede Intake en het opstellen van het Persoonlijke Integratieplan voor de Statushouder; 2. Monitoring van de voortgang op dit integratieplan en de handhaving hierop; 3. Het financieel ontzorgen van statushouders. Met het oog op de uitvoering van bovengenoemde aspecten zal Avres in 2021 met de gemeenten (en Stichting Vluchtelingenwerk) nadere afspraken maken om vanaf 1 januari 2022 haar taken daadwerkelijk inhoud en invulling te kunnen geven. In 2021 zullen de gemeenten en Avres daartoe ook een dienstverleningsovereenkomst aangaan en zal er door de gemeenten een mandaatbesluit ten behoeve van Avres worden opgesteld.

Avres Jaarplan 2022

30

Zoals hiervoor al is aangegeven is de inwerkingtreding van de nieuwe Wet Inburgering een half jaar uitgesteld. Hierdoor dreigden de statushouders die in de periode tussen 1 juli 2021 en 31 december 2021 op grond van de taakstelling in de gemeenten zouden worden geplaatst tussen “wal en schip” te vallen, omdat niet meer in continuering van het bestaande aanbod van ondersteuning en begeleiding voor de instroom van nieuwe statushouders in die periode was voorzien. In overleg met de gemeenten heeft Avres inmiddels besloten om tijdens het uitstel van een half jaar, het aanbod onder het oude regime voor de nieuwe instroom gewoon voort te zetten en ook de projecten die vooruitlopend op de inwerkingtreding van de nieuwe wet zijn ontwikkeld, zoals de Taalsnelweg, voort te zetten.

23) Bijvoorbeeld vanuit het Web van positieve gezondheid

De taken die Avres gaat uitvoeren in het kader van de nieuwe Wet inburgering sluiten aan bij opgave 5 uit het jaarplan 2021: De ketendoelstelling “Meer statushouders aan het werk”.

3.5 Integrale toegang /uitvoering en regievoering Ook zes jaar na de overheveling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in het kader van het brede Sociale Domein richting de gemeenten/uitvoeringsorganisaties, zijn er nog altijd aspecten rondom de integrale toegang/ uitvoering en regievoering die verbetering behoeven. Dit is een verantwoordelijkheid voor alle betrokken ketenpartners, zowel gemeenten als (publieke en private) uitvoeringsinstanties. In het kader van het transformatieproces dat Avres in 2016 heeft ingezet, is integraliteit in uitvoering binnen het sociale domein al vanaf het begin een belangrijk speerpunt geweest. Avres heeft om die reden dan ook besloten om actief te gaan participeren in de lokale sociale (wijk)teams van de gemeenten, omdat juist op dat uitvoeringsniveau en op die plek vraagstukken rondom integraliteit en regievoering vanuit de verschillende leefgebieden bijeenkomen. Het voorgaande sluit overigens ook direct aan bij de visie van Avres dat ontwikkeling van mensen het beste kan plaatsvinden in de directe woon- en leefomgeving van inwoners. Geautomatiseerde systemen, met in achtneming van de bepalingen uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), kunnen een belangrijk instrument zijn om meer integraliteit en regie te realiseren; Zij blijven echter in alle gevallen ondersteunend.

Wellicht is van groter belang dat vanuit gezamenlijke kaders 23), visies en leer- en kwantitatieve doelstellingen wordt gewerkt. En niet minder belangrijk zijn de denkkaders, de handelingsperspectieven, de antenne-/radarfunctie voor problematiek en het verantwoordelijkheidsgevoel van alle individuele medewerkers in de keten. Avres zal - uiteraard in samenwerking met alle betrokken ketenpartners, omdat juist integraliteit en regie gezamenlijkheid veronderstelt - zich in 2022 verder blijven inzetten om de integraliteit en de regie binnen het sociaal domein nog naar een hoger niveau te brengen. Dit is ook in lijn

met opgave 1 uit het jaarplan 2021: doelgerichte gecoördineerde ketensamenwerking.

3.6 Ontwikkeling opbrengsten Werk

Vanzelfsprekend blijft de ontwikkeling van de opbrengsten uit werk een groot aandachtspunt. In de

24) Zie paragraaf 1.3

Onverlet recente ontwikkelingen rondom een mogelijk toekomstige SW 2.0 24) en wellicht een (gedeeltelijk) daarbij behorende gewijzigde financieringsgrondslag vanuit het Rijk, blijft ook nu de focus binnen Avres gericht op een verhoging van de opbrengsten uit werk per individuele medewerker. In 2021 en 2022 zal zij daartoe bijvoorbeeld (verder) gaan onderzoeken wat mogelijkheden zijn om infrastructurele voorzieningen te delen met dagbestedingsorganisaties (= efficiency). Daarnaast zullen ook (meer) mensen vanuit andere doelgroepen via en vanuit de infrastructuur van Avres in het kader van hun individueel ontwikkelplan (zie paragraaf 3.3) aan de slag gaan, bijvoorbeeld via een regulier dienstverband in de vorm van een opstapbaan. De opbrengsten hiervan zijn noodzakelijk om ook op termijn (een deel van) de kosten van de infrastructuur voor Werk te kunnen financieren, waardoor het ook in de toekomst mogelijk blijft de infrastructuur in te zetten ten behoeve van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

3.7 Bedrijfsvoering De reguliere dienstverlening aan en ondersteuning

Avres Jaarplan 2022

Avres zet continu in op - waar mogelijk - het verhogen van de opbrengsten uit Werk door doelgroepmedewerkers. Daartoe heeft zij in het verleden een aantal maatregelen genomen. Enerzijds lagen die maatregelen in de sfeer van beheersing van de kosten, o.a. door het afstoten van de dure en onderhoudsgevoelige centrale werklocatie op Avelingen West in Gorinchem. Door de risico’s op en de rekening voor productiemiddelen en producten te verschuiven onder het motto “de ondernemer onderneemt en Avres is (slechts) verantwoordelijk voor begeleiding”. En door veel meer doelgroepmedewerkers extern te detacheren bij werkgevers. Anderzijds is er stevig ingezet op verhoging van de opbrengsten. Dit is ondermeer gebeurd door andersoortige werkzaamheden te gaan uitvoeren en door te bedingen op betaling tegen reële loonwaarde voor de verrichte werkzaamheden, in plaats van betaling tegen stuksprijs. Hoewel de uitkomst van deze maatregelen geen simpele optel- of aftreksom is - zo brengt detachering bijvoorbeeld wel extra kosten voor begeleiding door jobcoaching met zich mee -, kan inmiddels wel worden gesteld dat al deze maatregelen hun effect hebben gehad, omdat de afgelopen jaren de financiële opbrengst per medewerker binnen Avres is toegenomen.

Dat is geen eenvoudige prestatie geweest omdat de mogelijkheden van de totale doelgroep door vergrijzing en het stopzetten van de instroom in de SW zijn afgenomen.

eerste plaats wordt de doelgroep, waarmee deze opbrengst moet worden gerealiseerd, steeds kleiner in omvang en ouder in samenstelling. Dit heeft gevolgen voor de productiviteit en ook voor de mogelijkheden om opbrengsten te kunnen genereren. Tegelijkertijd moet echter wel de infrastructuur in stand worden gehouden. Omdat bijvoorbeeld doelgroepmedewerkers vanwege een toename van hun beperkingen vanuit een detacheringsfunctie terug (zullen) vallen naar een beschutte werkplek. Daarnaast is het tot op heden - net als bij andere SW-bedrijven in het land - nog niet gelukt om de efficiencykorting op de Rijksbijdragen SW van de afgelopen jaren volledig op te vangen door de gerealiseerde toename van opbrengsten. De korting van de rijksbijdragen en het stopzetten van de instroom in de SW beperkte de mogelijkheden om tot een volledig dekkend resultaat te komen.

31

van inwoners en doelgroepmedewerkers, de nieuwe opgaven die reeds in dit jaarplan staan beschreven, de verwachte wijzigingen van de Participatiewet (zie paragraaf 1.3) en de inzet op crisisdienstverlening dragen (in gezamenlijkheid) bij tot een toename van de werkbelasting in de organisatie. Dat geldt - zonder uitzondering - voor alle niveaus in de organisatie; van de primaire processen (waarbinnen uitkeringen worden verstrekt, schulddienstverlening wordt aangeboden en begeleiding via jobcoaching plaatsvindt), via de ondersteunende processen (zoals administratie, Personeel & Organisatie, Arbo en ICT) tot aan het management. Het voorgaande jaar is al gebleken dat Avres als uitvoeringsorganisatie snel en flexibel kon en kan inspelen op de gewijzigde omstandigheden tijdens de Coronacrisis. Dit was mede te danken aan de bereidheid van medewerkers om vaak veel werk extra te verzetten, de passie voor hun werk en het oog dat zij hebben voor de belangen van de doelgroepen aan wie ondersteuning en dienstverlening wordt geboden. Juist in deze bijzondere tijdsperiode waarin veel werk wordt verricht, acht Avres het van groot belang dat het welzijn van alle medewerkers wordt bewaakt en dat tijdig maatregelen worden genomen indien dit welzijn van individuele medewerkers in de knel dreigt te raken. Het is de taak van Avres als werkgever om iedereen gezond en fit binnen boord te houden.

Binnen de nieuwe methodiek van de jaarplanning van individuele medewerkers, genaamd “Fit for the future”, is hier ook specifiek ruimte voor gereserveerd. Minimaal vier keer per jaar vindt er een gesprek plaats tussen medewerker en leidinggevende, waarin aspecten als voortgang over persoonlijke doelstellingen, werkdruk, welzijn, gezondheid en opleidingsbehoefte aan bod komen. Daarnaast is er uiteraard ook de ruimte voor persoonlijk maatwerk, als bijvoorbeeld duidelijk wordt dat medewerkers door het werken op afstand in een sociaal isolement terecht dreigen te komen, zal daar samen met de betrokken medewerk(st)er naar een oplossing worden gezocht. De bewaking van dergelijke welzijnsaspecten van medewerkers is des te meer van belang, omdat mogelijke problemen niet altijd direct zichtbaar zijn vanwege het feit dat het werken Avres Jaarplan 2022

32

25) Gebaseerd op de EU-richtlijn Digitoegankelijkheid

- voor ambtelijk personeel - in de reguliere fysieke werkomgeving op dit moment tot op een minimum is afgeschaald en de hoge werkbelasting die vooralsnog zal voortduren vanwege de ongewisse toekomstsituatie rondom Corona. Om de maatschappelijke doelstellingen te kunnen behalen en het werk goed te kunnen uitvoeren, is de organisatie in steeds toenemende mate afhankelijk van de informatievoorziening en de hiervoor benodigde technische infrastructuur. Het is daarom cruciaal dat de informatievoorziening optimaal is afgestemd op de informatiebehoefte van bestuur, management, medewerkers klanten en samenwerkingspartners én meegroeit met de externe en interne ontwikkelingen. De lat binnen de informatiesamenleving ligt hoog. Klanten en samenwerkingspartners verwachten van een maatschappelijke organisatie als Avres een digitaal dienstverleningsniveau dat ze kennen van commerciële dienstverleners. Hierdoor worden de eisen aan het voeren van een goede informatiehuishouding en digitale infrastructuur steeds hoger. In deze uitdagende context wil Avres graag regie houden op de ontwikkeling van haar informatievoorziening.

Daarnaast komen de komende jaren een aantal nieuwe wettelijke ontwikkelingen op de overheid af, waar ook Avres als uitvoeringsorganisatie aan zal moeten voldoen, zoals de Wet elektronische publicaties, de Wet open overheid, de Wet hergebruik overheidsinformatie, het Besluit digitale toegankelijkheid overheid 25), “eID, identificatie en authenticatie” en de Wet digitale overheid. En tenslotte maken technologische ontwikkelingen als “Cloud en Software as a Service”, “Common Ground” en “tijd- en plaatsonafhankelijk werken” het noodzakelijk dat Avres zich voorbereidt op nieuwe stappen in het kader van automatisering en informatiehuishouding. Met het oog daarop heeft Avres inmiddels een ICTbeleidsplan 2021 - 2023 ontwikkeld en zal zij dit de komende jaren via een implementatieplan ten uitvoer gaan brengen. Met het oog daarop zullen ook de noodzakelijke financiële investeringen gaan plaatsvinden.

Bijlage 1: Model ontwikkellijnen

Avres Jaarplan 2022

33

Bijlage 2: Beschrijving van de weg naar werk

Avres Jaarplan 2022

34

Bijlage 3: De transformatie van Avres in de richting van een ontwikkelbedrijf

Avres Jaarplan 2022

35

Bijlage 4: Klantreizen ONTWIKKELING WERKT

DIT IS

HANS

WIE IS HANS?

Hans is 55 jaar en ontvangt sinds kort een uitkering op basis van de Participatiewet. Hans heeft vanaf zijn 16e jaar administratief werk verricht in de bank- en verzekeringswereld, en is door reorganisaties zijn baan kwijtgeraakt. Tijdens de WW periode heeft Hans gesolliciteerd maar vanwege verouderde kennis leidden zijn pogingen niet tot een succes. In de periode daarna raakt Hans het zelfvertrouwen kwijt, kampt hij met depressieve klachten en maakt hij schulden. Omdat mensen in zijn omgeving zich zorgen maken, vraagt hij door aanmoediging van het Sociaal Team een bijstandsuitkering aan. Hans vindt het vreselijk om, na al die jaren hard te hebben gewerkt nu zijn hand op te moeten houden.

1. INTAKE & DIAGNOSE

Na toekenning van de uitkering voert Hans een intakegesprek met een consulent Participatie van Avres. Uitgebreid bespreken zij zijn leefsituatie in de volle breedte, opgedane scholing en werkervaring en kijken zij samen naar de toekomst. Het wordt al snel duidelijk dat Hans gemotiveerd is om weer aan de slag te gaan. Het zal wel even wennen zijn na al die tijd, en hij is er nog niet uit in welke sector zijn toekomst ligt. Samen stellen zij een ontwikkelplan op waarin o.a. de volgende doelen worden opgenomen: werkgewenning, in kaart brengen (te ontwikkelen) competenties, oriënteren op geschikte kansrijke beroepen in de arbeidsmarkt en de keuze van de te volgen ontwikkellijn.

2. WERKORIENTATIE

Hans start voor 5 dagdelen per week op de oriëntatieafdeling. Hier verricht Hans verschillende voorhanden zijnde productiewerkzaamheden. Het gaat niet om het werk; hij probeert in een aantal weken tijd weer op te bouwen naar een fulltime werkweek. Dat is weer even wennen! De coach op de werkplek ondersteunt hem bij het opbouwen van zijn arbeidsritme, het ontwikkelen van zijn werknemersvaardigheden en voert gesprekken over zijn toekomst. Ter ondersteuning volgt Hans in deze twee maanden een aantal workshops; talentscan, doelen stellen.. Opnieuw een baan vinden in een (nieuwe) administratieve sector lijkt een lastige opgave. En eigenlijk bevalt het fysieke werk Hans wel. Lekker met zijn handen bezig zijn levert hem energie. Hij maakt de keuze voor ontwikkellijn Groen & kwekerij. Eigenlijk werkte hij altijd al graag in de tuin.

3. ONTWIKKELEN & COACHEN IN DE ONTWIKKELLIJN

Avres Jaarplan 2022

36

Hans start op een ontwikkelplek binnen de groenvoorziening van Avres. Hij krijgt een persoonlijke jobcoach en samen maken zij zijn ontwikkelplan concreet. Hans wordt gecoacht op werknemersvaardigheden, vakvaardigheden in het groenwerk en krijgt een passend opleidingsplan met vakgerichte scholing. Na drie maanden maakt Hans de overstap naar een externe ontwikkelplek. Zijn Ontwikkellijn loopt nog even door, maar nu bij een externe werkgever. Via de derde leerweg (Praktijkleren) haalt Hans op deze plek nog twee erkende certificaten van de MBO-opleiding.

4. KLAAR VOOR BETAALD WERK

Hans vindt het buiten werken heerlijk en haalt veel voldoening uit zijn nieuwe werkplek. Groen is een kansrijke sector; via de accountmanagers in het Werkgeversservicepunt vindt hij dan ook vlot een fulltime betaalde baan bij een hovenier.

DIT IS

AMINA

WIE IS AMINA?

Amina is 41 jaar en ontvangt al geruime tijd een uitkering op basis van de Participatiewet. Ze is op haar 22e in Nederland gekomen. Ze spreekt intussen goed Nederlands maar heeft tot heden geen betaalde baan gehad. Amina heeft 2 kinderen van 12 en 15 en is alleenstaand. Amina kampt met flinke rugklachten. Er is in de achterliggende periode verschillende keren geprobeerd te zoeken naar een baan. Dat is niet gelukt vanwege problemen met de kinderopvang en haar forse rugklachten. Naast de zorg voor haar kinderen is Amina actief in het lokale buurthuis waar ze 2 keer per week achter de bar staat. Amina vindt het fijn om met andere mensen contact te hebben en is erg sociaal.

1. ONTWIKKELING NAAR WERK

De consulent participatie bespreekt met Amina de mogelijkheid om enkele dagdelen per week ervaring op te doen op de oriëntatieafdeling van Avres. Amina vindt dit spannend en lastig maar wil ook graag een goed voorbeeld zijn voor haar kinderen en laten zien dat ze kan werken. Tegelijkertijd denkt Amina dat ze dit niet kan, omdat ze al zo lang niet heeft gewerkt.

2. WERKORIENTATIE

Amina start voor 3 dagdelen per week op de oriëntatie-afdeling. Ze verricht zittend inpakwerk. Het begin is moeilijk. Amina vindt het heel spannend om te gaan werken en ondanks het feit dat het werk fysiek niet zwaar is, spelen haar rugklachten op. De jobcoach begrijpt dit en begeleidt Amina intensief. 3 keer valt Amina korte tijd uit. De jobcoach bezoekt haar 2 x thuis en motiveert haar het toch weer op te pakken. Al snel valt op dat Amina contactueel heel vaardig is. Ze helpt andere mensen op de afdeling en zorgt voor een goede sfeer aan de tafel waar ze werkt. Na 6 weken heeft Amina haar ritme gevonden. Ze werkt 16 uur per week en is hieraan gewend.

3. ONTWIKKELEN & COACHEN IN DE ONTWIKKELLIJN

De jobcoach gaat met Amina in gesprek en bespreekt de vervolgstap. Samen bespreken ze dat Amina veel vaardigheden beheerst die gevraagd worden in een winkel. Ze stellen een ontwikkelplan op en Amina gaat aan de slag in een arbeidsontwikkelingstraject bij de kringloopwinkel van Het Goed op de Lingeloods. Amina vindt het spannend maar het lijkt haar ook leuk. Het spreekt haar aan andere mensen te helpen en de weg te wijzen in de winkel. Amina pakt het direct heel goed op. Ze voelt zich op haar plek in de winkel en vindt het leuk andere mensen te helpen. Intussen werkt ze 24 uur in de winkel en ze gaat aan de slag met het werken aan de kassa en het prijzen van artikelen. Ook zit Amina steeds meer aan de kassa hetgeen ze heel leuk vindt en snel oppakt. Intussen volgt Amina een opleiding waarin ze leert hoe het is om een sollicitatiegesprek te voeren.

Amina is klaar voor de volgende stap. De accountmanager wordt aangehaakt en gaat voor Amina op zoek naar een betaalde baan. Dat lukt al binnen 1,5 maand. Amina gaat aan de slag in een supermarkt in haar eigen woonplaats. Ze kan deze baan goed combineren met de zorg voor haar kinderen. Amina is trots. Na al die jaren is het haar gelukt een baan te vinden die goed bij haar past.

Avres Jaarplan 2022

4. KLAAR VOOR BETAALD WERK

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=4c887196-a7d6-4283-a488-f33e841d6a21