7 Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.pdf
Tekst van het document
Memo richtafstanden Bedrijven en Milieuzonering Driemolensweg 17 Lexmond
Opdrachtgever
Kanola Driemolensweg 17 4128 LS Lexmond
Contactpersoon
Jurgen Schreuder info@schreuder-adviseurs.nl
Uitvoering
Groenewold Adviesbureau voor milieu & natuur Projectnummer 2022-009 Versie Feb.22-v4 Behandeld door Lex Groenewold Datum 18 februari 2022
Dokter Holtropstraat 97 • 3851 JH • Ermelo• Tel.: 06-533 616 75 Website: www.groenewoldmilieu.nl • e-mail: info@groenewoldmilieu.nl KvK: 08178662 • BTW: NL001508693B90• Bank: NL20 KNAB 0407 9135 48
Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4.
Aanleiding en doel ................................................................................................... 3 Situatie .................................................................................................................... 3 Woon en leefklimaat ................................................................................................ 4 Toelichting milieuaspecten ....................................................................................... 5 4.1 SBI- codes ........................................................................................................ 5 4.2 Overwegingen .................................................................................................. 6 4.2.1 Opslag / Verwerking onbewerkt product .................................................... 6 4.2.2 Nageschakelde techniek biodiesel ............................................................. 6 4.2.3 Emissie ontluchting .................................................................................... 6 4.2.4 Afstanden .................................................................................................. 7 4.3 Omgevingsvergunning ...................................................................................... 8 5. Conclusie milieuzonering .........................................................................................
9 Bijlagen 1. Overzicht situatie
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
2
Versie: 18 februari 2022
1. Aanleiding en doel Initiatiefnemer bereidt een verzoek wijziging bestemmingsplan voor aan de Driemolensweg 17 te Lexmond, gemeente Vijfheerenlanden. De bestaande vetverwerking wordt uitgebreid met een nageschakelde techniek, waarmee biodiesel is te produceren. De vergunde doorzet per jaar wijzigt niet. De gemeente staat op zich positief tegenover de ontwikkeling maar wenst wel inzicht in de geursituatie. Hierop wordt in deze memo nader ingegaan.
2. Situatie Een overzicht van de situatie is weergegeven op de figuren hieronder en in Bijlage 1. Het bedrijf is gestart in 1969 als vleesvarkenshouderij gecombineerd met een vetveredelingstak. Destijds werden vetrijke stromen afkomstig uit de slachterijen gevoerd aan de vleesvarkens. Toen dit van rechtswege verboden werd zijn beide takken zelfstandig van elkaar vorm gegeven. In 2020 zijn de eisen voor huisvesting aangescherpt en heeft initiatiefnemer besloten de varkenshouderij af te stoten. De gemeente wenst de planologisch al tientallen jaren feitelijk (legaal) aanwezige activiteit vetveredeling van een meer passende bestemming te voorzien. Het bedrijf richt zich op het inzamelen, opslaan, smelten, mengen en het be- en verwerken van plantaardige en dierlijke oliën, vetten en vetzuren. Ook wordt binnen de inrichting het bedrijfseigen materieel gestald. Initiatiefnemer wil graag een nageschakelde techniek toepassen, waarmee biodiesel is te produceren. Daarom is een herziening van het bestemmingsplan nodig. De gemeente heeft gevraagd aan te tonen dat ter plaatse van de omliggende woningen geen negatieve effecten zullen optreden voor het woon- en leefklimaat.
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
3
Versie: 18 februari 2022
3. Woon en leefklimaat Een eerste indicatie voor beoordeling van het woon- en leefklimaat is te verkrijgen door te kijken naar de afstandstabel uit de brochure Bedrijven en milieuzonering van de VNG. Hierin staan per milieucategorie afstanden genoemd. Ligt het plan buiten de grootste afstand dan is hinder onwaarschijnlijk. Ook kan dan een afweging worden gemaakt of ter plaatse van de woningen sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De afstanden gelden voor gebiedstype rustige woonwijk en rustig buitengebied. Daarnaast zijn er ook afstanden gegeven voor het gebiedstype ‘gemengd gebied’. Hierover zegt de brochure: ‘Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd.’ Het plangebied ligt in het buitengebied van Lexmond aan de op zichzelf relatief rustige Driemolensweg. Het bedrijf en de omliggende woningen liggen in agrarisch gebied en binnen 100m van de snelweg A27. Daarmee is het gebied te typeren als gemengd gebied.
Hiervoor zijn de volgende richtafstanden zijn aan te houden: Richtafstand milieucategorie voor omgevingstype Milieucategorie Richtafstand Richtafstand Rustige woonwijk Gemengd gebied 1 10m 0m 2 30m 10m 3.1 50m 30m 3.2 100m 50m 4.1 200m 100m 4.2 300m 200m 5.1 500m 300m
De genoemde afstanden zijn advieswaarden voor standaardsituaties. Als een plan binnen de richtafstand ligt kan uit onderzoek blijken, dat de gewenste functie toch inpasbaar is. In deze situatie gaat het voor de verwerking van vetproducten, opslag en productie van biodiesel vooral om veiligheid en geur. Hieronder is daarom nog eens nader ingezoomd op deze aspecten.
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
4
Versie: 18 februari 2022
4. Toelichting milieuaspecten De activiteiten m.b.t. de veredeling van vetten bestaan al tientallen jaren in combinatie met het varkensbedrijf. Het houden van varkens wordt beëindigd. Het bedrijf wenst zich geheel te richten op de veredeling van vetten (vergund (25.000 ton/jr). Plan is daar kleinschalig de productie van biodiesel aan toe te voegen, als nageschakelde techniek. Daarbij komt een methanoltank van 50 m3 en een opslagcapaciteit van 640 m3 biodiesel. De omliggende woningen liggen op ca. 200m van de grens van de bedrijfsbestemming. Driemolensweg 19 ten zuiden en de pas gebouwde woning Driemolensweg 15/15a ten noorden van de planlocatie. Het zwarte blok op de kaart ten oosten van de schuur van nr. 15 is de locatie van de oude bedrijfswoning.
4.1 SBI- codes In de VNG-brochure Bedrijven en milieuzonering is er niet echt een passende categorie aanwezig. In feite is hier geen sprake van een grote methanolfabriek of vetsmelterij. Het gaat om kleinschalige vergunde vetveredeling. Plan is hier een extra stap aan toe te voegen waardoor via een nageschakelde techniek in een gesloten systeem biodiesel is te produceren. De vergunde capaciteit en doorvoer wijzigt niet. Er komt alleen t.b.v. het proces alleen een extra tank bij van 50 m3 voor methanol en een aantal silo’s voor opslag van maximaal 640 m3 biodiesel. Dit betreft een relatief kleinschalige activiteit. Voor de risico paragraaf is door adviesbureau SAKE uit Culemborg een rapportage opgesteld. Daaruit blijkt voor externe veiligheid een risicocontour van 80m. Daarmee blijft de grootste afstand waarmee rekening moet worden gehouden een afstand van 100m. Het gaat om de veredeling van vetten, waarbij de aard van de werkzaamheden overeenkomt met die van bio-energiecentrales (reststromen voedingsindustrie), raffinage van dierlijke oliën en vetten of Vetzuren en alkanolenfabrieken. Alleen is de omvang een stuk kleiner. Gezien de beperkte schaal en de beperkte mogelijkheden tot opschaling lijkt een categorie 3.2 het best passend voor de situatie. Hiervoor geldt een grootste afstand van 100m.
Het maximaal jaarvolume (het plafond in de gebruiksintensiteit van de inrichting) zoals dat is vergund in de vigerende milieuvergunning wijzigt niet. De VNG-brochure geeft de volgende afstanden voor diverse categorieën:
20141 B1 20149-1 46712-1
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
5
Categorie
101-2 104102-1
Grootste afstand
40-B2
gevaar
bio-energieinstallaties electrisch vermogen < 50 MWe: covergisting, verbranding en vergassing van mest, slib, GFT en reststromen voedingsindustrie bio-energieinstallaties electrisch vermogen < 50 MWe: - vergisting, verbranding en vergassing van overige biomassa Vetsmelterijen Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: p.c. < 250.000 t/j Methanolfabrieken - p.c. < 100.000 t/j Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synth.) - p.c. < 50.000 t/j Grth in vloeibare en gasvormige brandstoffen: - vloeistoffen, o.c. < 100.000 m3
geluid
40-B1
Afstand in meters
stof
Omschrijving
Geur
SBI-code
100
50
100
30 R
100
3.2
50
50
100
30 R
100
3.2
700 200
0 30
100 100
30 30 R
700 200
5.2 4.1
100 300
0 0
200 200
100 R 100 R
200 300
4.1 4.2
50
0
50
200 R
200
4.1
Versie: 18 februari 2022
4.2 Overwegingen 4.2.1 Opslag / Verwerking onbewerkt product De inkomende stromen worden opgeslagen in de opslag tanks. Mocht er een afwijking zijn met het product, zoals te veel water en/of troep, dan gaat het de smeltbak in. Door de opwarming ontstaat een fysieke scheiding tussen de olie en troep/water. De opwarming gebeurt met warmte (vanuit de stoomketel) die door verwarmingsspiralen loopt op de bodem van tanks / smeltbak. De gewenste temperatuur ligt rond de 50-60 graden, aangezien op deze temperatuur de olie zich veelal scheidt van water en troep. Na afdoende scheiding wordt het goede gedeelte (het voor biodiesel bruikbare vet) naar de opslagtanks gepompt. Het restant (niet bruikbaar voor biodiesel) gaat naar de opvangbak in de smelthal. Zodra die vol is wordt deze geladen en afgevoerd met als bestemming biogas. Soms wordt dit veredelings-proces herhaald als blijkt dat de scheiding (nog) niet volledig heeft plaatsgevonden. Dit komt vrij precies omdat te vaak opwarmen nadelig kan zijn voor de kwaliteit van het goede vet. In de smelthal is een afzuigingsinstallatie aanwezig welke emissies afzuigt en filtert via het biobed op buitentrein. Dit is feitelijk de bestaande en vergunde situatie.
4.2.2 Nageschakelde techniek biodiesel Plan is nu een extra stap toe te voegen waarmee het bedrijf zelf biodiesel kan produceren. Nadat het goede vet in gereedheid en op een geschikte kwaliteit is gebracht voor de biodiesel productie zal het materiaal naar een procestank worden gepompt. Hier zal het biodiesel proces starten waarbij het materiaal met methanol wordt gemengd. De vervaardiging van biodiesel vindt in een volledig gesloten systeem plaats in de smelthal. De gassen die incidenteel toch vrijkomen bij de productie worden tevens afgezogen door de afzuigingsinstallatie en via het biobed gefilterd. De totale doorvoer van product blijft ongewijzigd, ook met de beoogde nageschakelde techniek voor biodiesel. Alleen wordt in plaats van het opslaan en afvoeren van een tussenproduct nu ook een eindproduct opgeslagen. Aangezien er geen emissiepunten bijkomen en de geurvracht in de smelthal niet wijzigt is er geen reden te veronderstellen dat het biofilter niet zal voldoen en is er geen toename van de geuremissie te verwachten.
4.2.3 Emissie ontluchting Bij het overpompen naar vrachtwagens zou enige geuremissie mogelijk kunnen zijn bij de ontkoppeling van de slangen. Gezien de doorzet zal het gaan om 2-4 vrachtwagens op een dag. Dat is gezien de afstand rond de 200m tot woningen niet merkbaar. Het aantal vrachtwagenbewegingen zal overigens niet wijzigen t.o.v. de bestaande situatie. De emissies in de smelthal lopen allemaal via het biofilter (bestaand). Het proces voor het maken van biodiesel is een gesloten systeem, zonder emissiepunten. Bij een norma-
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
6
Versie: 18 februari 2022
le bedrijfssituatie wijzigt er dan ook niets in de geuremissie. En eventuele incidentele emissies gaan ook via het bestaande biofilter en worden daarmee geneutraliseerd.
4.2.4 Afstanden Zoals eerder opgemerkt is het bedrijf qua aard, omvang en emissies te typeren als een cat. 3.2 bedrijf met een maximale afstand van 100m. Zoals beschreven zal de nageschakelde techniek biodiesel niet leiden tot meer geuremissie. Als het bedrijf toch als cat. 4.2 wordt gezien, dan zou een afstand van 300m als basis gelden. Op basis van de VNG brochure Bedrijven en Milieuzonering kan verdere toetsing voor het aspect geur in beginsel achterwege kan blijven, als de richtafstand voor het aspect geur niet wordt overschreden. In een gemengd gebied mag rekening gehouden worden met de vermindering van één afstandsstap, in dit geval dan 200m. Zoals aangegeven is de verwachting dat ook op 100m is te voldoen aan de geurnorm. In onderstaande figuur zijn de contouren weergegeven rondom het bestemmingsvlak bedrijf (buitenste stippellijn functie vetveredelingsbedrijf). Het gaat voor geur feitelijk om één emissiepunt (biofilter) dat midden op het terrein is gelegen.
Contouren 100 en 200m rond de bedrijfsbestemming
Uit de figuur blijkt dat de in het bestemmingsplan opgenomen vigerende woonfuncties Driemolensweg 15, 15a en 19 op of buiten de 200m afstand van de bedrijfsbestemming liggen. Op basis van bovenstaande gegevens is te concluderen dat de wijziging geen onevenredig nadeel heeft voor het bedrijf en dat negatieve gevolgen voor een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de woningen niet te verwachten zijn.
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
7
Versie: 18 februari 2022
De richtafstanden zijn een indicatie van de effecten van een activiteit. Als hieraan wordt voldaan is er in principe geen planologische belemmering om de bestemming te weigeren. Daarbij is er geen sprake van een nieuwvestiging, maar van een activiteit welke reeds sinds 1969 legaal aanwezig is. Alleen de gevraagde nageschakelde techniek is nieuw. Deze zal plaatsvinden in een gesloten circuit, dus zonder gevolgen voor het milieuaspect geur t.o.v. de vergunde situatie. Eventuele emissies in de smelthal lopen nu en straks via het biofilter. De verwachting is dat de geuremissie in de praktijk zal afnemen vanwege het stoppen met de varkenshouderij (cat. 4.1). Het uitvoeren van een aanvullend geuronderzoek is dan ook voor de vaststelling van het bestemmingsplan niet nodig.
4.3 Omgevingsvergunning Gezien het bovenstaande is de verwachting dat er geen voor de omliggende woningen relevante geuremissie zal optreden. Een harde nadere onderbouwing kan echter pas worden aangeleverd nadat bekend is welke installatie er komt en hoe die wordt ingepast. Los van de planologische situatie zal een bedrijf namelijk moeten voldoen aan de eisen uit het Activiteitenbesluit of een te verlenen Omgevingsvergunning en eventueel geurbeleid. Als overschrijding plaatsvindt van de geurnorm kan de Omgevingsvergunning niet worden verleend. Er zal dus nooit een situatie kunnen ontstaan dat er sprake is van een qua geur overbelaste of niet passende situatie. Voor vaststelling van het bestemmingsplan is voldoende onderbouwd dat de aangevraagd wijziging niet zal leiden tot een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de omliggende woningen. Bij de t.z.t. aan te vragen Omgevingsvergunning zal een geuronderzoek worden toegevoegd waaruit blijkt dat aan de geurnormen wordt voldaan. Op basis van bovenstaande zijn er planologisch geen belemmeringen om het bestemmingsplan vast te stellen.
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
8
Versie: 18 februari 2022
5. Conclusie milieuzonering 1. Initiatiefnemer bereidt een aanvraag voor om een nageschakelde techniek toe te voegen aan het bestaande proces, om productie mogelijk te maken van biodiesel aan de Driemolensweg 17 te Lexmond, gemeente Vijfheerenlanden. Het betreft een bestaande varkenshouderij met vetveredeling, welke sinds 1969 ter plaatse is gevestigd. Plan is te stoppen met het houden van de varkens en alleen verder te gaan met de vetveredeling, inclusief de productie van biodiesel. 2. De gemeente heeft gevraagd inzichtelijk te maken dat ter plaatse van de omliggende woningen Driemolensweg 15/15a en 19 sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor met name het aspect geur en dat het bedrijf niet onevenredig zal worden belemmerd in de bedrijfsvoering. 3. Aan het bestaande productieproces wordt een extra stap toegevoegd. In de smelthal komt een extra tank te staan voor de productie van biodiesel. Daartoe komt een methanoltank van 50 m3 op het terrein te staan. Het goede vet (bestaand proces) wordt naar de procestank gepompt en gemengd met methanol. Het is een volledig gesloten systeem met tanks en pompen. De gassen die eventueel incidenteel toch vrijkomen bij de productie worden net als de bestaande emissies in de smelthal afgezogen door de afzuigingsinstallatie en in het biobed gefilterd.
De totale doorvoer van product blijft ongewijzigd ook met de beoogde nageschakelde techniek voor biodiesel. 4. Voor het bestemmingsplan dient te worden aangetoond dat een plan in principe realistisch en haalbaar is. Omdat de totale doorvoer en de emissies in de smelthal niet wijzigen is de verwachting dat het bestaande en vergunde biofilter voldoende capaciteit heeft en de geuremissie niet zal toenemen ten opzichte van de vergunde situatie. 5. Vanuit planologisch oogpunt is er daarmee geen reden om op dit moment een nader geuronderzoek te verlangen. Na vaststelling van het bestemmingsplan zal aanvullend een aanvraag Omgevingsvergunning worden ingediend. Dan is ook bekend welke installaties er zullen komen en zal met een nader geurrapport worden aangetoond dat wordt voldaan aan de geurnormen (wet en eventueel geurbeleid). 6. Op basis van het bovenstaande is voldoende aangetoond dat het plan niet leidt tot onevenredige belemmeringen voor het bedrijf en dat ter plaatse van de woningen Driemolensweg 15/15a en 19 te Lexmond sprake zal zijn van een goed woon- en leefklimaat m.b.t de bedrijfsactiviteiten.
Memo richtafstanden Driemolensweg 17 Lexmond Feb.22-v4.doc
9
Versie: 18 februari 2022
Bijlage 1 Overzicht Situatie