6 bijlage Inrichtingsplan.pdf
Tekst van het document
LANDSCHAPPELIJKE INPASSING DRIEMOLENSWEG 17 TE LEXMOND - GEMEENTE VIJFHEERENLANDEN
De Regt Danz BNA
Kasteel 24, 3823 BM Amersfoort
T: 033-455 05 09
E: info@deregtdanz.nl
I: www.deregtdanz.nl
INHOUD
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT Ligging van het plangebied Reliëf Geomorfologie Landschap in de omgeving van het plangebied Natuurwaarden
2
DE OMGEVING DRIEMOLENSWEG Hoogteligging plangebied Bodem Historische ontwikkeling Landschappelijke structuur en waardevolle elementen Bestemmingsplan Foto’s omgeving Bestaande situatie plangebied
3
NIEUWE INRICHTING Concept nieuwe situatie Landschappelijke inpassing Elementen van de landschappelijke inpassing
2
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT
Ligging van het plangebied Het plangebied ligt in het noordwestelijke deel van Polder Lakerveld in de gemeente Vijfherenlanden. Het bedrijfserf is gesitueerd aan de Driemolensweg 17 te Lexmond en bevindt zich dicht bij de snelweg A 27.
Polder Achthoven
Polder Lakerveld (West)
Dr
ie m ol e
ns w
eg
A 27
A 27
Polder Lakerveld
Topografische kaart W. Van Aalst
3
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT
Reliëf De oeverwallen langs de rivier en de stroomruggen langs veenstroompjes liggen hoger in het landschap dan de ingeklonken polders / veenontginningen.
+3,3 m NAP
+0,4 m NAP
+0,2 m NAP +1,4 m NAP
-0,35 m NAP
+1,0 m NAP
A 27
0,0 m NAP
-1,1 m NAP -0,25 m NAP A 27
Beeld: ESRI AHN Bron: AHN beeldmateriaal ESRI; Topografische kaart W. Van Aalst
4
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT
Geomorfologie Het landschap in de omgeving van het plangebied is ontstaan op een uitgestrekte veenvlakte. De Lek en het rivierenlandschap met oeverwallen, stroomruggen en rivierkomvlakten hebben grote invloed op de vorming van het landschap (gehad).
A 27
Ontgonnen veenvlakte Rivierkomvlakte
A 27
Stroomrug Rivierkom- / oeverwalachtige vlakte Oeverwal Bebouwde kom Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed; Topografische kaart W. Van Aalst
5
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT
Landschap in de omgeving van het plangebied Het plangebied is gesitueerd in een agrarisch cultuurlandschap van veenontginningen. De polders zijn in lange stoken - met recht van opstrek - verkaveld. Het recht van opstrek (dateert uit omstreeks 1000 - 1600) is een recht dat aan landeigenaren werd gegeven om het verlengde van het ontgonnen perceel eveneens te ontginnen. Hierdoor is de lange strokenverkaveling ontstaan.
A 27
Veenontginning / strokenverkaveling Griend / strokenverkaveling
A 27
Bebouwingslint Kade (waterkering) Zouweboezem Beeld: RCE Huisatlas
Oude Hollandse Waterlinie
Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed; Topografische kaart W. Van Aalst
6
1
LANDSCHAPPELIJKE CONTEXT
Natuurwaarden Beschermde natuurgebieden komen op enige afstand van het plangebied voor: Het terrein Polder Achthoven tussen Ameide en Lexmond is een waardevol natuurgebied in de gelijknamige polder Achthoven. Het gebied bestaat uit vochtige, soortenrijke graslanden, ruige graslanden, een waterplas, boomgaarden, bos, een eendenkooi, enkele grienden, elzensingel en rijen knotbomen.
De Zouweboezem vormt een geheel met de naastgelegen eendenkooi De Zouwe, Het Hoenderwiel (buiten beeld) en de Oude Zederik: Grienden, graslanden, water en rietpercelen - waar veel moerasvogels voorkomen wisselen elkaar af en vormen samen één groot en langgerekt natuurgebied.
Polder Achthoven
A 27 De Zouwe Zouweboezem
A 27 Utrechts NatuurNetwerk Natura 2000:
Vogelrichtlijngebied
Natura 2000:
Habitatrichtlijngebied en Vogelrichtlijngebied Bron: Provincie Utrecht; Topografische kaart W. Van Aalst
7
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Hoogteligging plangebied
Dr
Ac
+0,11 m NAP
iem ole ns w
hte r
eg
we
te r
ing
Het poldergebied in de directe omgeving van het plangebied en het landschappelijke westelijke deel van het erf liggen tussen de 10 en 30 cm onder zeespiegel. Het bouwvlak van het plangebied is opgehoogd en hoger gelegen dan de zeespiegel. De niet ingeklonken Zouweboezem ligt circa 1 m hoger dan het omringende polderlandschap. Ook de opgehoogde snelweg A 27 is meer dan 1,3 m hoger dan zijn omgeving.
-0,28 m NAP
-0,21 m NAP
Molenkade
- 0,12 m NAP +0,28 m NAP
0,00 m NAP +1,48 m NAP
ker
Ze de r
vel d
+1,37 m NAP ud e
ik
Zouweboezem
+0,91 m NAP
Be b ouw ing slin t La
O
-0,33 m NAP
A 27 0 10 20
40
60
80 m
Bron: AHN beeldmateriaal ESRI
8
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Bodem
Dr
Ac
iem ole ns w
hte r
eg
we
te r
ing
Drechtvaaggronden zijn vrij zware zavel- en kleigronden waarin periodieke hoge grondwaterstanden kunnen voorkomen. Waardveengronden zijn dunne klei-op-veen gronden. Het verschil tussen de gronden is de ‘voedselrijke / middelrijke’ veenlaag. Ter hoogte van de Zouweboezem liggen kalkrijke moeras- / nesvaaggronden die ontstaan zijn onder invloed van kwel.
ik
ker
Ze de r
Be b ouw ing slin t La
ud e
vel d
Molenkade
O
Waardveengronden op mesotroof veen Waardveengronden op eutroof veen Drechtvaaggronden (kalkloos) Moeras Nesvaaggronden (kalkrijk)
A 27
Beeld: ESRI AHN 0 10 20
Zouweboezem
40
60
80 m
Bron: AHN beeldmateriaal ESRI
9
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
te r we Ac
1900 ▪ Weinig verschillen ten opzichte van 1876
hte r
1876
Molenkade
Tot 1876 ▪ Poldergebieden met natte graslanden verkaveld in smalle lange stroken ▪ Kenmerkende landschappelijke structuren: Oude Zederik met 3 poldermolens, Molenkade met poldersloten, de Achterwetering en het boerderijlint Lakerveld ▪ Enkele percelen met grienden (wilgenbeplanting om wilgentenen te oogsten) ▪ Kleine (pest)bosjes en geriefbosjes ▪ Het plangebied bestaat uit drie stroken nat grasland
ing
Historische ontwikkeling
O
ker
vel d
1950 ▪ Nog steeds weinig verschillen ▪ Een poldermolen is vervangen door een stoomgemaal ▪ Minder (pest)bosjes en geriefbosjes achter het boerderijlint ▪ Aanleg van boomgaarden met hoogstamfruit ▪ Het plangebied bestaat nog steeds uit drie stroken nat grasland
Boe
ik
rde
r de Ze
rijli nt L a
e ud
3 Poldermolen
te r we hte r
ker rijli nt L a Boe
rde Boe
ik
ik
2 Poldermolen
rde
r de Ze
r de Ze
rijli nt L a
e ud
e ud
3 Poldermolen
O
O
ker
vel d
vel d
Ac
Ac
hte r
we
te r
ing
1950
Molenkade
Molenkade
1900
ing
Topotijdreis.nl
Topotijdreis.nl
Topotijdreis.nl
10
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Historische ontwikkeling
eg iem ole ns w Dr
Ac
hte r
we
te r
Molenkade
1960
1990 ▪ Veel grienden, (pest)bosjes en geriefbosjes zijn verdwenen ▪ Op twee stroken van het plangebied is aan de Driemolensweg een agrarisch bedrijf gevestigd ▪ De zuidelijke strook bestaat nog uit grasland
ing
1960 ▪ Begin van de aanleg van de snelweg A 27 ▪ Uitbreiding van boomgaarden met hoogstamfruit ▪ Het plangebied bestaat nog steeds uit drie stroken nat grasland maar is nu wel ontsloten door de Driemolensweg
O
ker
vel d
2019 ▪ Het bedrijf van het plangebied en ook de andere (agrarische) bedrijven aan de Driemolensweg zijn in omvang toegenomen
r de Ze
rijli nt L a
e ud
Boe
rde
ik
2 Poldermolen
ker
Poldermolen
Topotijdreis.nl
rijli nt L a rde
rde Boe
A 27
Boe
Molenrestant
ik
ik
A 27
r de Ze
r de Ze
rijli nt L a
e ud
e ud
Molenrestant
Poldermolen
O
O
ker
vel d
vel d
Dr
iem ole ns w
eg
ing te r we hte r Ac
eg Dr
iem ole ns w
te r we hte r Ac
2019
Molenkade
Molenkade
1990
ing
Topotijdreis.nl
Topografische kaart W. Van Aalst
11
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Landschappelijke structuur en waardevolle elementen In de omgeving van het plangebied zijn waardevolle opgaande groenstructuren aanwezig (o.a. Een bosperceel, houtsingels, scheerhagen en rijen met knotwilgen). In de strook tussen de snelweg en de Achterwetering zijn grootschalige bedrijven / agrarische bedrijven gevestigd. Enkele bedrijfserven zijn al landschappelijke ingepast
Dr
Ac
iem ole ns w
hte r
eg
we
te r
ing
De historische structuren (Molenkade, gebied van de Zouweboezem met de Oude Zederik, de open polder met de kenmerkende verkavelingsstructuur / sloten) van het landschap zijn nog goed herkenbaar. Waardevol zijn de zichten naar de monumentale ‘Vlietmolen’ vanaf de snelweg en het omringende landschap. Behoud van openheid in het molenbiotoop is van groot belang.
Molenkade
O
ud e
Ze de r
Rijksmonument (met molenbiotoop)
Molenrestant: wipmolen 'Plukkopmolen’ ik
Waardevolle opgaande beplanting Verkavelingsstructuur / sloten Openheid Zichtlijnen Natuurgebied
A 27 Poldermolen: wipwatermolen ‘Vlietmolen' van de polder Lakerveld, een uit de 18e’ Zouweboezem
Beeld: ESRI AHN 0 10 20
40
60
80 m
Bron: luchtbeeld beeldmateriaal ESRI
12
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Bestemmingsplan
Dr
Ac
iem ole ns w
hte r
eg
we
te r
ing
Het vigerende bestemmingsplan is het bestemmingsplan buitengebied Zederik (29 juni 2015).
Natuurgebied Agrarische bestemming
Molenkade
O
ud e
Ze de r
Mo len bio too p
Waterle
Bedrijf
iding
Verkeer
ik
Wonen
A 27
Beeld: ESRI AHN 0 10 20
Zouweboezem
40
60
80 m
Bron: Ruimtelijke plannen
13
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Foto’s omgeving
Omgeving van het plangebied met zicht naar de ‘Vlietmolen’
14
Vier wilgen
Houtsingel (Onderkant geschoren)
Noordelijke grens van het plangebied: Haag van Laurierkers langs de sloot
Voorzijde van het plangebied met beplanting langs de Driemolensweg
Kieviten
Landschappelijk gedeeltevan het plangebied: extensief grasland tot de Achterwetering
Voorzijde van het plangebied met bestaande Italiaanse populieren
15
2
OMGEVING DRIEMOLENSWEG
Bestaande situatie plangebied
ing
In de bestaande situatie is het bedrijfserf landschappelijk niet ingepast (op enkele Italiaanse populieren na). Wel zijn er (in potentie) waardevolle landschappelijke elementen in de omgeving van het plangebied aanwezig.
Dr
Ac
hte r
iem ole ns w
we
eg
te r
Waardevol bosperceel
Voo rma
nsi ef
lige slot en
gra s
lan d
Ha a
Waardevolle elementen: g va
n La
urie r
k e rs
Bestaande bomen Houtsingel met geschoren onderkant
Loods
Sloten op de erfgrens
Bedrijfserf Italiaanse populieren
Extensief grasland (met voormalige sloten)
Italiaanse populieren Te verwijderen elementen: Haag van laurierkers (niet passend in het landschap)
Ho uts ing el
Ext e
A 27 Bron: luchtbeeld beeldmateriaal ESRI
16
NIEUWE INRICHTING
ing
Op het bedrijfserf staan silo’s van verschillende grote, bedrijfsbebouwing, loodsen, een parkeerterrein voor vrachtwagens, de bedrijfswoning en daarnaast een parkeerplaats voor personenauto’s. Door de verscheidenheid aan bebouwing en bedrijfselementen kan snel een onrustig beeld ontstaan. Het doel van de landschappelijke inpassing is om een passende overgang naar het open landschap te realiseren.
eg
De noordelijke rand als belangrijkste zicht vraagt om een brede dichte houtsingel met inheemse bomen en struiken. De zuidelijke rand bestaat uit twee transparantere boomsingels waardoor het erf toch zichtbaar blijft. Naar het open landschap aan de achterzijde wordt een natuurvriendelijke overgang gecreëerd met nat bloem- en kruidenrijk grasland waarbij twee voormalige sloten weer uitgegraven worden (regenwateropvang / waterberging). De nieuwe sloten worden aan de noordzijde van (knot)wilgen begeleid.
Concept nieuwe situatie
Dr
Ac
hte r
we
te r
Waardevol bosperceel
iem ole ns w
3
Blo em - en k ru rijk ide gra nslan d Nieu we
slot
Dic
hte gro e
en
te re c ‘Di ne r a
c ’ zi
aar ht n
het
rijf bed
nd
Dichte houtsingel als zichtbescherming Geriefbosje / CO2-bosje
Vrachtwagen
Tra nsp a
Bedrijfserf
Bomenrij als begeleiding van de zuidelijke ontsluiting
P ra n te g roe
Behoud
ne
ra n d in
mee r
der e
f
Inrichtingselementen:
P Loods
ser
‘lag e
(Knot)wilgen langs sloten
Italiaanse
Solitaire boom
populieren
Natuurvriendelijke overgang naar het landschap nat bloem- en kruidenrijk grasland metnieuwe sloten
n’
ar cht na c te ’ z i ‘Indire rf drijfse het be A 27 Bron: luchtbeeld beeldmateriaal ESRI
17
3
NIEUWE INRICHTING
Inpassing van het bedrijfserf Het belangrijkste doel van de landschappelijke inpassing is het creëren van een rustig bedrijfsbeeld met een passende overgang naar het open landschap. Het bedrijf mag wel gezien worden maar moet geen storend beeld vormen. Belangrijke aspecten voor de inpassing: ▪ ▪
▪
Behoud van de kleurstelling van de bestaande bebouwing (voormalige agrarische bebouwing met stenen in aardse tinten) Nieuwe silo’s en tanks zijn in de huidige staat van zeer opvallende kleurstelling (lichtgroen, zilverkleurig en glanzend). Eenmaal voorzien van een coating in matte en gedekte grijstinten zullen de silo’s een rustiger beeld geven Landschappelijke inpassing middels inheemse beplanting ▪ Zuidzijde: twee transparante boomsingels ▪ Noordzijde: vervanging van de laurierhaag door een dichte en brede houtsingel
Silo’s
Gastank
ZUIDZIJDE Zichtpunt zuidzijde: fotomontage beoogd beeld met grijze coating silo’s en tank (winter)
Rij elzen Rij (knot)wilgen
Zichtpunt zuidzijde: bestaande situatie (winter)
Zichtpunt zuidzijde: fotomontage beoogd beeld met twee transparante boomrijen (winter)
18
3
NIEUWE INRICHTING
Inpassing van het bedrijfserf Het belangrijkste doel van de landschappelijke inpassing is het creëren van een rustig bedrijfsbeeld met een passende overgang naar het open landschap. Het bedrijf mag wel gezien worden maar moet geen storend beeld vormen. Belangrijke aspecten voor de inpassing: ▪ ▪
▪
Behoud van de kleurstelling van de bestaande bebouwing (voormalige agrarische bebouwing met stenen in aardse tinten) Nieuwe silo’s en tanks zijn in de huidige staat van zeer opvallende kleurstelling (lichtgroen, zilverkleurig en glanzend). Eenmaal voorzien van een coating in matte en gedekte grijstinten zullen de silo’s een rustiger beeld geven Landschappelijke inpassing middels inheemse beplanting ▪ Zuidzijde: twee transparante boomsingels ▪ Noordzijde: vervanging van de laurierhaag door een dichte en brede houtsingel
Tank en silo’s
NOORDZIJDE Zichtpunt noordzijde: fotomontage beoogd beeld met grijze coating silo’s en tank (winter)
Houtsingel
Zichtpunt noordzijde: bestaande situatie (winter)
Zichtpunt noordzijde: fotomontage beoogd beeldmet een dichte houtsingel (winter)
19
3
NIEUWE INRICHTING
Landschappelijke inpassing
ing
Voortuin bedrijfswoning met ligusterhaag en solitaire boom (b.v. Juglans regia -notenboom) Solitaire boom - wilg Grasland (extensief beheer bloem- en kruidenrijk) Sloot
eg
5 6 7 8
Houtsingel CO2-bosje Bomenrij (elzen) Rijen (knot)wilgen
iem ole ns w
hte r
we
te r
Waardevol bosperceel
150
1a
6 Bedrijfserf
m
,5 m
32,5
2
15 m
1b
17
4
m
m
4
18
8
60 m
m
m
45 m
7,5
8
m
7
7,5
10 m
3,5
10 m
Dr
Ac
1a/b 2 3 4
10 m
5 4
3
A 27 18 05 2021
Bron: luchtbeeld beeldmateriaal ESRI
20
3
NIEUWE INRICHTING
Elementen van de landschappelijke inpassing 1a
Houtsingel
150 m lang
7,5 m breed
5 Voortuin bedrijfswoning met ligusterhaag en solitaire boomoortuin bedrijfswoning met ligusterhaag en solitaire boom - Juglans regia (notenboom / walnoot)
Plantafstand bomen: 4m Plantafstand struiken / heesters: 2 m
Boom: Juglans regia (walnoot) Plantmateriaal: solitair / plantmaat 14-16 hoogstam
1b
Haag: Ligustrum vulgare (liguster) (of vergelijkbaar)
Houtsingel
18 m lang
7,5 m breed
Plantafstand bomen: 4m Plantafstand struiken / heesters: 2 m 2
6
Plantmateriaal: 1 solitair / plantmaat 14-16 hoogstam of meerstammig
7
Grasland (extensief beheer bloem- en kruidenrijk)
Extensief beheer bestaand grasland 2 x per jaar maaien (eind juni en eind september) afvoer van het maaigoed
Circa 80 m lang
50 - 70 cm breed
Plantafstand:
4 tot 5 planten per strekkende meter (1 rij)
8
Plantmateriaal:
bosplantsoen 40/60
Uitgraven twee sloten met natuurvriendelijke oevers 1 x per jaar schonen (eind september) afvoer van het maaigoed
CO2-bosje
32,5 m lang
Solitaire boom - Salix alba (schietwilg)
Sloot
17,5 m breed
Plantafstand bomen: 4m Plantafstand struiken / heesters: 2 m
Soorten voor houtsingel en bosje: Alnus glutinosa (zwarte els) Quercus robur (zomereik) Salix alba (schietwilg) Salix cinera (grauwe wilg) Sorbus aucuparia (lijsterbes) Crataegus monogyna (eenstijlige meidoorn) Crataegus laevigata (tweestijlige meidoorn) Prunus spinosa (sleedoorn) Rhamnus frangula (sporkehout)
7 8
4 1a
8
4
Plantmateriaal voor houtsingel en bosje: Bomen plantmaat 8-10 hoogstam / veren Heesters bosplantsoen
6
2 3
Bomenrij - Alnus glutinosa (zwarte els)
90 m lang (9 bomen)
1b Plantafstand:
10 m
Plantmateriaal: solitair / plantmaat 14-16 hoogstam
3 4
4
Bomenrij - Salix alba (schietwilg)
165 m lang (12 bomen) en 2 x 60 m (14 bomen) Plantafstand:
15 m (bestaande sloot zuidzijde) 10 m (nieuwe sloten westzijde)
Plantmateriaal: solitair / plantmaat 8-10 hoogstam
Landschappelijke inpassing bedrijfserf
21
5