4 bijlagen BP.pdf
Tekst van het document
Bestaande bomen
Bestaande bomen
Weide
Nieuwe haag rondom parkereren van streekeigen soort bijv. liguster of veldesdoorn (hoogte ca. 1.2m)
Bomenlaan bijv. linden
Bestaande knotwilgenrij
Nieuwe ontsluitingsweg voor woningen
BR OE KS EW EG
Nieuwe haag rondom parkereren van streekeigen soort bijv. liguster of veldesdoorn (hoogte ca. 1.2m) Nieuwe hagen van streekeigen soort bijv. liguster of veldesdoorn (hoogte ca. 1.50m)
Nieuw aan te brengen knotwilgenrij
Doorzi cht
Gras
Doorzi cht
Doorzi cht
Gras
Doorzi cht
Nieuwe hoogstam fruitbomen
0
10
20m
LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN - BROEKSEWEG 94 - AMEIDE © LAGENDIJK TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN - 8 DECEMBER 2020 - IN OPDRACHT VAN: MEVROUW E. VAN DER ZIJDEN www.lagendijkTLarchitecten.nl - Bergambacht - tel 0182 - 357077
VERKENNEND BODEMONDERZOEK BROEKSEWEG 92-94 AMEIDE, MAART 2017
opdrachtgever
dhr M.G. Schakel Broekseweg 94 4233 CZ Ameide
Projectnummer
17-2015
versie:
1
datum:
25 maart 2017
LINGE MILIEU BV | BODEMONDERZOEK & ADVIES | POPPELENBURGERSTRAAT 52 | 4191 zt | GELDERMALSEN | THE NETHERLANDS T 0345 - 570 272
| F 0345 - 570 287 |
ING BANK 6717.49.897
|
INFO@LINGEMILIEU.NL
|
WWW.LINGEMILIEU.NL
|
KVK TIEL 30233558
BTW NL 8188.1 3.118. B01
opgesteld door: Arjan Vlasblom
controle / vrijgave: John Hol Hierbij verklaar ik, John Hol, het veldwerk in Ameide uitgevoerd te hebben volgens BRL SIKB 2000 en bijbehorend protocol 2001, 2002 en 2018, in febr-maart 2017, onafhankelijk van opdrachtgever of eigenaar
1. Inleiding
1
2. Vooronderzoek
2
2.1 2.2
Historie en actuele situatie Bodemopbouw
2 4
3. Opzet en invulling van het onderzoek
6
3.1 3.2 3.3
Onderzoekstrategie Veldwerk onderzoek Zintuiglijke waarnemingen, chemisch onderzoek
4. Analyse, toetsing en interpretatie 4.1 4.2 4.3
5
6 7 8
9
Analyseresultaten grond Resultaten asbest Analyseresultaten grondwater
9 12 13
Conclusie en aanbevelingen
14
5.1 5.2
Conclusies Betrouwbaarheid
Bijlagen bijlage A: Algemene toelichting bodemonderzoek bijlage B: Analyseresultaten bijlage C: Boorstaten bijlage D1 Kadasterkaart, historische gegevens bijlage D2 Informatie Omgevingsdienst ZHZ (twee rapporten) bijlage E: Situatieschets bijlage F: gegevens asbest-onderzoek
1 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
14 15
1. Inleiding Op 27 februari en 9 maart 2017 is in opdracht van dhr M.G. Schakel uit Ameide een verkennend bodemonderzoek inclusief asbest uitgevoerd op het terrein aan de Broekseweg 92-94 in Ameide, Gemeente Zederik. Op het terrein bevinden zich een melkveebedrijf en een grote manege. Het bedrijf bestaat uit een woning met een aantal stallen, schuren en paardenbakken. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen verkoop van het terrein. Kadastraal is het perceel bekend bij gemeente Ameide, sectie C, nummer 139 en 653. Het bebouwde deel van de locatie is onderzocht conform de NEN 5740. Dit betreft een oppervlak van 22.500 m². Wat eventuele bodemverontreiniging betreft zijn drie locaties op het terrein als potentieel verdacht beschouwd. Deze zijn : •
Op het erf staat een bovengrondse dieseltank. In het verleden heeft op deze locatie ook een ondergrondse tank gelegen.
•
Er zijn vier gedempte sloten op de locatie bekend,
•
Op meerdere bijgebouwen ligt asbest. Er is bij twee daken sprake van een asbest-verdachte gootlijn onder de dakrand.
Er zijn voor het NEN 5740-onderzoek 41 boringen geplaatst tot maximaal 2.6 m-mv (meter onder het maaiveld). Drie boringen zijn afgewerkt met een peilbuis. Het grondwater stond op het moment van het onderzoek op circa 0.6 m-mv. Grond en grondwater zijn geanalyseerd op het NEN 5740-pakket. Het asbestonderzoek betreft de verdachte gootlijn bij twee stallen. Voor de strategie van het asbestonderzoek is § 6.4.5 van de NEN 5707 aangehouden, verdachte toplaag en heterogene verontreiniging. Er zijn voor het onderzoek 20 grepen van de onverharde bodem langs de schuur genomen, tot een diepte van 0.1 m-mv. De keuze voor de strategie van het asbestonderzoek is als volgt tot stand gekomen: •
De toplaag recht onder de twee daken is door het ontbreken van een dakgoot onder de dakrand verdacht voor asbest. De verdachte gootlijnen hebben een totale lengte van 55 meter.
•
Visueel zijn nergens asbestverdachte materialen op het maaiveld langs de schuren of in de (boven)grond waargenomen. De verdachtheid bij gootlijnen betreft vooral asbest kleiner dan 20 mm.
Linge Milieu is een onafhankelijk bureau dat als erkend bureau is aangewezen door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Linge Milieu is geen eigenaar van het perceel in Ameide of anderszins betrokken bij het terrein aan de Broekseweg via de eigen organisatie. Voorwaarde voor de onafhankelijkheid is verder dat er geen zakelijke connecties bestaan tussen de monsternemer (Linge Milieu) en de opdrachtgever. Een dergelijke relatie tussen dhr Schakel en Linge Milieu is er niet. Dit project is uitgevoerd onder certificaat volgens BRL SIKB 2000, certificaatnummer VB-051/4. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL-Protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Linge Milieu volgens het procescertificaat veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek is gecertificeerd. In hoofdstuk 2 zijn de resultaten van het vooronderzoek gegeven, dat vooraf is gegaan aan het veldwerk. Er wordt daarbij een korte samenvatting gegeven van de huidige situatie. Hoofdstuk 3 behandelt de opzet en uitvoering van het onderzoek. In hoofdstuk 4 en 5 tenslotte worden de resultaten getoetst en worden conclusies aan de resultaten verbonden.
2. Vooronderzoek 2.1
Historie en actuele situatie De onderzoekslocatie betreft het terrein aan de Broekseweg 92-94, op de kruising met de Reigersdreef en in het buitengebied ten zuiden van Ameide, Gemeente Zederik. Kadastraal is het perceel bekend bij de gemeente Ameide sectie C, nummer 139 en 653, postcode is 4233 CZ. Een kadastrale kaart is opgenomen in bijlage D1. Het bebouwde deel van het terrein heeft een oppervlak van 22.500 m². Voor het historisch onderzoek is onder andere informatie gebruikt van de Omgevingsdienst Zuid Holland Zuid. Verder zijn oude kaarten, luchtfoto's en gegevens van de eigenaar gebruikt. De gegevens van de gemeente, oude kaarten en de historische informatie zijn opgenomen in bijlage D1 en D2.
Algemene gegevens locatie Op de locatie staat een boerderij met manege. De boerderij is genaamd Adriana's Hoeve en is een melkveebedrijf. De woning is gebouwd in 1930. Het erf is grotendeels verhard met klinkers, asfalt, grind en beton. Er zijn enkele boringen in het beton van het erf tussen de stallen gezet. Op deze locaties is zand als fundering aangetroffen onder de verharding en geen puin of ander bodemvreemd materiaal. Op een deel van het erf blijken twee vloeren aanwezig te zijn, gescheiden door een laag zand van circa 0.2 meter. De bovenste laag bestaat uit klinkers, de onderste is vermoedelijk beton. Onder de klinkers van het parkeerterrein voor de grote manege bevindt zich 0.2 meter menggranulaat als fundering. De manage en het melkveebedrijf bestaan uit een woning en een negental schuren en stallen. De contouren en indeling van het terrein zijn met enkele foto's te vinden in de tekening in bijlage E. De bijgebouwen zijn de onderstaande. De nummers van de bijgebouwen zijn ook aangegeven in de tekeningen in bijlage E. Er is ter info genummerd van zuidoost naar noordwest. I. Een in gebruik zijnde stenen stal met betonvloer ten zuiden van de woning, gebouwd in 1935,
oppervlak 270 m², met een dak van asbest-platen. II. De stal direct achter (aan) de woning, uit 1930. Deze heeft een oppervlak van 25 bij 10 meter, 250
m². Op het dak liggen dakpannen, op een klein stuk na. Door storm is in het verleden de noordwestelijke hoek van het dak beschadigd en vervangen door asbestplaten. Dit gaat om een oppervlak van circa 50 m². Deze contour is aangegeven in de tekening in bijlage E. III. Een leegstaande stenen schuur uit 1938, oppervlak 20 bij 12 meter, 240 m², bouwjaar 1938, met
asbestplaten-dak. IV. Een stal uit 1978, oppervlak 20 bij 27 meter, 540 m², voorzien van een betonvloer. V. Ten noorden van de stal uit 1978 is in 1994 een kantine gebouwd. Oppervlak van het pand is 60 m². VI. Een loods van metalen damwanden, een metalen dak en een betonvloer, gebouwd in 2014,
oppervlak 160 m². De loods wordt gebruikt voor de opslag van hooi. Aan de voorkant van deze loods staat de bovengrondse dieseltank. VII. Een stenen, open stal uit 1979, afmetingen 35 bij 10 meter, met een dak van asbest-golfplaten, VIII. De grote, nieuwe manage. Het gebouw heeft oppervlak van 1.880 m² en herbergt stallen, een
kantine en grote binnen-bak. Op het dak liggen asbest-vrije golfplaten. IX. In de noordwestelijke hoek van het manege-terrein staat een paardenstal met een oppervlak van
200 m², gebouwd in 1979. Op het dak ligt vermoedelijk asbest.
De manege De manege bestaat uit een grote hal met meerdere stallen en is genaamd De Schakel. De manege beschikt over een grote binnenbak, acht grote en kleinere buitenbakken en diverse stallen en boxen. 2 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
Geschiedenis van de locatie In bijlage D zijn vijf kaarten van het gebied opgenomen: uit 1955, 1965, 1970, 1980 en 2000. Op alle kaarten is de oorspronkelijke boerderij op nummer 92 aangegeven. In de tijd is een groeiend aantal bijgebouwen te zien. De Reigersdreef ten noorden van het terrein is aangelegd in 1980. Verder zijn in bijlage D vier luchtfoto's opgenomen, uit 2005, 2013, 2014 en 2016. Er zijn in deze periode enkele wijzigingen in het bodemgebruik te zien. Dat zijn onder andere een drietal nieuwe paardenbuitenbakken ten westen van de manege. Deze locaties bestonden tot die tijd uit grasland. Tanks Er is één bovengrondse dieseltank in gebruik op het terrein. Deze heeft een volume van 3.000 liter en staat in een lekbak op het achterterrein. De tank wordt jaarlijks gekeurd. De locatie van de tank is verhard met klinkers. Daaronder bevindt zich circa 0.2 meter zand. Onder het zand bevindt zich een twee verhardingslaag, vermoedelijk beton. Een smalle strook ten noordwesten van de tank is verhard met puinlaag met een dikte van 0.5 meter. Op zaterdagnacht 12 september 2016 is geprobeerd diesel te stelen. Daarbij is de slang doorgesneden. De dieven kregen echter het vul-pistool niet uit de houder, waardoor de tank is leeggelopen over het beton. De tank was de dag er voor net gevuld en zat dus vol. De olie is in westelijke richting gestroomd naar de erfgrens-sloot.
Het Waterschap Rivierenland is direct op de hoogte gesteld van het incident. In overleg is met een zuigwagen de olie uit de sloot en van het beton gezogen. Er is 's nachts 2.23 ton mengsel olie/water afgevoerd. De weegbon (en factuur) van de afvoer zijn opgenomen in bijlage D1. Het beton is vervolgens schoongemaakt. De calamiteit is wel geregistreerd bij het Waterschap, maar niet bij de Omgevingsdienst ZHZ. In het verleden heeft op dezelfde locatie een ondergrondse dieseltank gelegen. Deze is door de huidige bovengrondse tank in 1999. Asbest, gootlijnen Op veel bijgebouwen liggen cement-golfplaten. De asbestdaken van de grote manege zijn asbest-vrij. De gootlijnen onder de asbestdaken zijn verdacht voor verontreiniging als er geen dakgoot aanwezig is en de bodem onverhard is. In de tekening in bijlage E is per schuur aangegeven of er asbest op het dak ligt. Het grootste deel van het erf met de stallen en schuren is verhard met asfalt of beton. Daar is geen sprake van asbestverdachte bovengrond (ongeacht of er een dakgoot aanwezig is). Er zijn twee schuren waar sprake is van een asbest-verdachte gootlijn. Dit zijn de schuren 7 en 9. Een overzicht: gootlijnen
de situatie
asbestverdacht
lengte
gootlijn 1
achterzijde stal (koeien) nr 7
onverhard
ja
35 m
gootlijn 2
achterzijde stal (paarden) nr 9
onverhard
ja
20 m
Eerder onderzoek Er is één eerder bodemonderzoek van de locatie Broekseweg 94 bekend bij Omgevingsdienst ZHZ. Dat dateert van mei 1999. Het is een nul- of eindsitu-bodemonderzoek, vermoedelijk uitgevoerd bij het verwijderen van de ondergrondse dieseltank. Er zijn geen resultaten van het onderzoek. Volgens de eigenaar dhr Schakel is er destijds geen bodemverontreiniging geconstateerd. Gedempte sloten Er zijn in het dossier van Omgevingsdienst ZHZ vier gedempte sloten op de locatie aangegeven. Deze zijn ook op oude kaarten goed terug te vinden sloten af te leiden. 3 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
Er zijn geen gegevens bekend over het dempingsmateriaal, maar uit informatie van de eigenaar blijkt dat daar waarschijnlijk grond van het terrein zelf voor is gebruikt, die was vrijgekomen uit de cunetten en mestkelders van de diverse stallen en schuren. Dat kan bevestigd worden met de visuele resultaten van onderhavig onderzoek : er is geen puin van betekenis aangetroffen in de boringen in de dempingen. De contouren van de vier voormalige sloten zijn aangegeven in de tekeningen in bijlage E en kunnen als volgt worden omschreven. Voor de breedte is uitgegaan van gemiddeld 2.0 meter (net als de nog aanwezige sloten). voormalige sloot
gedempt
lengte
oppervlak
demping 1
noordelijk deel terrein
medio jaren '90
180 m
360 m²
demping 2
ten zuiden van de grote manege
jaren '70
170 m
340 m²
demping 3
midden terrein
eind jaren '80
100 m
200 m²
demping 4
in weiland, west van boerderij
eind jaren '70
130 m
260 m²
Bodemlocaties omgeving Bij Omgevingsdienst ZHZ zijn enkele bodemonderzoeken en -locaties in de omgeving bekend. Een overzicht : •
In het buitengebied ten noorden van de Reigersdreef is in 2015 onderzoek uitgevoerd door de Grontmij. Het onderzoek is bekend onder de naam Hoogwatervoorziening Middelbroekweg. Aanleiding voor het onderzoek was de realisatie van enkele hoogwater-voorzieningen (waterberging), onder andere langs de Reigersdreef. Er is verontreiniging aangetroffen, bestaande uit metalen en asbest, met name in enkele dammen. De toelichting van Omgevingsdienst ZHZ vermeld dat er te weinig boringen zijn gezet over een groot gebied om verontreinigingscontouren te kunnen tekenen.
•
Het terrein aan de Broekseweg 106 is onderzocht door Tritium BV in 2013. Er is geen verontreiniging aangetroffen waar verder onderzoek voor nodig was.
•
Er is een groot aantal gedempte sloten in het gebied bekend.
Bodemkwaliteitskaart Voor Ameide is een bodemkwaliteitskaart beschikbaar bij de Omgevingsdienst ZHZ. Op de kaart bevindt het terrein aan de Broekseweg zich half in de schone zone Natuur & Landbouw. De lintbebouwing langs de Broekseweg ligt in de gemiddeld licht verontreinigde zone Wonen Heterogeen. De kaart is opgenomen in bijlage D. Op basis van bovenstaande zijn de volgende deellocaties op het terrein aan de Broekseweg als verdacht beschouwd voor bodemverontreiniging: • • •
2.2
De huidige en voormalige tanklocatie op het erf, De vier gedempte sloten, De twee asbest-verdachte gootlijnen langs de stallen.
Bodemopbouw Het onderzoeksterrein ligt op de tijdens het Holoceen gevormde gronden, die worden gerekend tot de Westlandformatie. De bodem bestaat uit klei en zand, overgaand in veen op 0.8 á 1.0 m-mv. In een beperkt aantal boringen is puin in de bovengrond waargenomen. Asbest-verdachte materialen zoals plaatjes of scherven zijn nergens aangetroffen.
4 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
Het maaiveld van het terrein bevindt zich op ongeveer 0.7 meter beneden NAP, in de Polder Ameide. Ten tijde van het onderzoek bevond het grondwater zich op circa 0.6 m-mv. De stromingsrichting van het freatisch grondwater is zuidwestelijk. De locatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermingsgebied.
5 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
3. Opzet en invulling van het onderzoek 3.1
Onderzoekstrategie Bij het opstellen van de onderzoeksstrategie is de bijlage ONV van de NEN 5740 (Strategie bij verkennend onderzoek) als richtlijn gehanteerd. Het aantal boringen en de locaties ervan is afgestemd op het doel van het onderzoek; het vaststellen van de algemene kwaliteit van de bodem in het kader van de ontwikkeling van de locatie. Voor de verdachte deellocaties is de strategie VED-HE aangehouden. Voor het asbest-onderzoek zijn per verdachte gootlijn 20 grepen van de toplaag genomen.
3.2
Veldwerk onderzoek Voorafgaand aan het veldwerk is het terrein geïnspecteerd. De boringen en de bemonstering van de bodem zijn uitgevoerd overeenkomstig de BRL-protocollen 2001, 2002 en 2018. Het veldwerk is in twee rondes uitgevoerd op 27 februari en 9 maart 2017. Er zijn voor het NEN 5740-onderzoek 41 boringen en drie peilbuizen geplaatst, tot een diepte van maximaal 2.6 m-mv. Het veldwerk is uitgevoerd door John Hol (Geldermalsen), erkend veldwerker voor deze protocollen. Zie daarvoor ook www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodemondergrond/erken ningen/zoekmenu/. De boringen zijn als volgt verdeeld over het terrein. locatie
boring
peilbuis
gedempte sloot 1
B8, 9, 10 en 11
-
gedempte sloot 2
B1, 2, 3 en 7
pb 1
gedempte sloot 3
B13, 15, 23 en 25
pb 15
gedempte sloot 4
B37 - 40
-
tank-locatie
B14 - 16
pb 15
overig
de overige boringen
De boringen 1, 12 en 15 zijn afgewerkt met een peilbuis, met een filter van 1.3 tot 2.3 m-mv, bij een grondwaterstand van 0.4 m-mv. Bij de bemonstering van de peilbuizen op 9 maart zijn de pH, troebelheid en de geleidbaarheid bepaald. Opmerking daarbij : het grondwater stond op het moment van de plaatsing van de peilbuizen een enkele decimeter dieper. De locaties van de boringen en de peilbuizen zijn terug te vinden in de schets in bijlage E.
Asbest, NEN 5707 Het asbestonderzoek betreft twee gootlijnen, met een totale lengte van 55 meter. Het veldwerk is uitgevoerd conform het BRL-protocol 2001 en 2018. Voorafgaand aan het onderzoek is het terrein visueel geïnspecteerd. Voor het asbestonderzoek zijn de onderstaande inspectie-gaten gegraven. locatie
lengte
grepen
mengmonster
gootlijn 1
35 m
20 grepen
gootl 1, 13.5 kg
gootlijn 2
20 m
20 grepen
gootl 2, 14.0 kg
Het veldwerk voor het asbest-onderzoek samengevat:
6 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
Na een visuele inspectie van het maaiveld zijn van de twee gootlijnen 20 grepen van de toplaag genomen. Ook het overige terrein is visueel geïnspecteerd voor asbest. Het vrijkomend materiaal is per gat in een dunne laag op folie met een hark uitgespreid om de visuele aanwezigheid van asbest vast te stellen. De bovenste 0.1 meter van de bodem is daarbij separaat bemonsterd. De inspectie-efficienty is geschat op >75%. De gegevens van het asbestonderzoek (formulieren) zijn opgenomen in bijlage F. De gootlijnen zijn te vinden in de schets in bijlage E. Voor het veldwerk zijn onder andere een spade, een hark en zeef gebruikt. Het veldwerk bestond verder uit :
3.3
•
Er zijn 2 x 20 grepen van de toplaag tot 0.1 m-mv genomen, van tenminste 600 gram (nat-gewicht).
•
Er zijn in het veld twee mengmonsters van tenminste 12 kg samengesteld van de toplaag.
•
De vrijkomende grond is uitgespreid, uitgeharkt en visueel beoordeeld.
•
Grovere fracties vanaf 20 mm moeten volgens het protocol apart beoordeeld en gewogen worden. Er is echter nauwelijks puin aangetroffen in de strook.
Zintuiglijke waarnemingen, chemisch onderzoek Bij alle boringen is de grond zintuiglijk beoordeeld op bodemkundige eigenschappen en verdachte afwijkingen. De bodem bestaat uit sterk geroerde zand en klei, overgaand in veen op 0.8 á 1.0 m-mv. In enkele boringen is licht puin waargenomen. Dit bestaat voornamelijk uit steenachtig materiaal. Asbestverdachte materialen zoals plaatjes zijn visueel nergens aangetroffen in de grond. Daar moet echter bij opgemerkt worden dat een goede inspectie van de bodem / de bovengrond niet overal mogelijk was in verband met de funderings- en verhardingslagen. De bodem is als volgt opgebouwd: tabel 1: Schematische weergave bodemopbouw m-mv
grondsoort
opmerkingen
kleur
0.0 - 0.5 0.5 - 1.0 1.0 - 2.6
zand / klei klei veen
geroerd, lokaal licht puin roest-sporen -
bruingrijs grijsbruin donkerbruin
De boorbeschrijvingen zijn opgenomen in bijlage C. Op basis van de doelstelling van het onderzoek en de bodemopbouw zijn dertien representatieve grond(meng)monsters samengesteld. Tabel 2 bevat een overzicht van de samengestelde (meng)monsters en uitgevoerde analyses. tabel 2: boringen, peilbuizen en analyses nr
boringen / peilbuis
m-mv
NEN analyses
1 2 3 4 5 6 7
B1-3 B9, 10 en 11 B13 en 25 B6, 7, 17 en 18 B19 - 21 B29 - 31 B18, 20 en 26
klei
klei zand klei klei
0.3 - 1.0 0.2 - 1.0 0.2 - 1.0 0.1 - 0.6 0.1 - 0.5 0.0 - 0.5 0.5 - 1.3
NEN 5740 grond NEN 5740 grond NEN 5740 grond NEN 5740 grond NEN 5740 grond NEN 5740 grond NEN 5740 grond
8 9 10 11
B14 B15 B16 B37 - 40
zand, olie zand, olie zand, olie klei, demping weiland
0.1 - 0.2 0.6 - 0.9 0.1 - 0.2 0.4 - 1.0
minerale olie minerale olie NEN 5740 grond NEN 5740 grond
12 13
mm asbest 1 mm asbest 2
gootlijn 1, 35 m gootlijn 2, 20 m
0.0 - 0.1 0.0 - 0.1
asbest, NEN 5707 asbest, NEN 5707
14 15 16
pb 1 pb 12 pb 15
grondwater grondwater grondwater
1.3 - 2.3 1.2 - 2.2 1.3 - 2.3
NEN 5740 grondwater NEN 5740 grondwater NEN 5740 grondwater
7 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
NEN-pakket grond AS3000 (stap 1) - droge stof, lutum en organische stof, - zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), - PAK (PAK's genoemd in de leidraad Bodembescherming/ 10 VROM), - PCB´s, - minerale olie. NEN-pakket grondwater AS3000 (stap 2) - zuurgraad (pH), - zware metalen (barium, cadmium, molybdeen, kobalt, koper, kwik, lood, nikkel en zink), - vluchtige aromaten ( benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen) en minerale olie, - vluchtige chloorkoolwaterstoffen (1,2-dichloorethaan, cis 1,2-dichlooretheen, 1,2-dichloorpropaan, tetrachloormethaan, 1,1,1-trichloorethaan, 1,1,2- trichloorethaan, trichlooretheen (tri), trichloormethaan
8 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
4. Analyse, toetsing en interpretatie 4.1
Analyseresultaten grond De analysecertificaten van de grondmonsters en de toetsing zijn bijgevoegd in bijlage B. De toetsing is uitgevoerd conform de BoToVa-systematiek (Bodem Toets & Validatieservice, maart 2013). In de tabel zijn de naar standaard bodem omgerekende gehaltes opgenomen. De locaties van de boringen zijn terug te vinden in bijlage E. tabel 3A : Analyses en toets grond (mg/kg ds), omgerekend naar standaard bodem boring m-mv
B1-3 9, 10, 11 13 en 25 6, 8, 17, 18 19-21 29-31 AW 0.3-1.0 0.2-1.0 0.2-1.0 0.1-0.6 0.1-0.5 0.0-0.5 klei klei klei klei zand klei
T
org.stof (%) droge stof (%) lutum (%) zware metalen barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10VRM) PCB´s
2.2 71.2 35.2
6.2 74.9 26.2
4.1 76.1 19.2
4.3 71 17.7
4.1 82.5 3.9
5.7 76.9 25.5
4.6 71.8 36.5
-
-
-
422 • 3.0 • -
46 • 43 • 206 • 2.5 • -
54 • 2.1 • -
-
olie C10-C40
-
-
220 •
205 •
-
-
40
115
35 140 1.5
67 21
B18, 20 en 26 0.5-1.3 klei
-
zintuiglijk - : geen overschrijding van de achtergrondwaarde en/ of detectielimiet, • : lichte verhoging, overschrijding van de achtergrondwaarde (A.W), •• : matige verhoging, overschrijding van de tussenwaarde (T).
Boven- en ondergrond De boven- en ondergrond van het terrein aan de Broekseweg is maximaal licht verontreinigd, met uitzondering van de grond ter plaatse van de bovengrondse dieseltank. Bij de tank zijn de boringen 14, 15 en 16 geplaatst (zie tabel 3B). De grond waar de voormalige sloten binnen het bouwblok mee gedempt zijn is ook niet boven de tussenwaarde verontreinigd. Lichte verontreiniging is volgens de bodemkwaliteitskaart voor het gebied gangbaar. Licht verhoogde gehaltes vormen geen risico voor de volksgezondheid en zijn geen aanleiding voor verder onderzoek.
9 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
tabel 3B : Analyses en toets grond (mg/kg ds), omgerekend naar standaard bodem boring m-mv
B16 0.1-0.2
B14 B15 37 - 40 0.1-0.2 0.6-0.9 0.4-1.0 klei
org.stof (%) droge stof (%) lutum (%) zware metalen barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10VROM) PCB´s
0.7 87.2 2.7
2.5 86.6 2.0
olie C10-C40
55.000 ••• 216 •
zintuiglijk
olie
7.1 70.1 2.0
4.1 • 296 •
AW
T
40
115
I
10.6 63.3 53.9 2.0 • -
54 • 2.1 • -
-
-
35 67 140 1.5 21 190 2600 5000
- : geen overschrijding van de achtergrondwaarde en/ of detectielimiet, • : lichte verhoging, overschrijding van de achtergrondwaarde (A.W), ••• : sterke verhoging, overschrijding van de interventiewaarde (I).
Olieverontreiniging tank, ernst en omvang Op de locatie van de tank zijn op een smalle strook na twee verhardingslagen aanwezig. De bovenste laag bestaat uit klinkers. Daaronder bevindt zich 0.2 meter zand, waaronder zich een betonvloer bevindt. De smalle strook ten noordwesten van de tank (de strook ten noorden van de schuur waar de tank voor staat) is verhard met klinkers en een halve meter steenpuin, tot een diepte van 0.6 m-mv. Bij de diefstal vorig jaar september is olie weggelopen. De olie kan zich verspreid hebben in de dunne zandlaag tussen de twee verhardingslagen plus door het puin ten noorden van de tank. Er zijn monsters genomen van het zand plus van de kleigrond van 0.6 tot 0.9 m-mv direct ten noorden van de tank. Het dunne zandlaagje in boring 16, ten zuiden van de tank, in de richting waar de olie is weggelopen, is met 55.000 mg/kg ds sterk verontreinigd. De olie bestaat voornamelijk uit de fractie C12 tot C20, typerend voor diesel. De klei onder het puin direct ten noorden van de tank en het zandlaagje aan de westkant van de tank zijn licht verontreinigd. Aanname is dat de bodem onder de tweede betonvloer niet verontreinigd is. Dat kan echter niet onderbouwd worden met analyses. Het was niet mogelijk door het zand en door de tweede vloer heen te boren. In de puinlaag ten noorden van de tank is een peilbuis gezet.
Het grondwater ter plaatse van de tank is licht verontreinigd met olie (zie § 4.3). Daaruit is geconcludeerd dat de olie zich niet of nauwelijks naar de diepte heeft verspreid. In stroomafwaartse richting van de tank staat boring 19. Deze staat op circa 17 meter afstand van de tank. Ook in boring 19 is een tweede vloer aangetroffen. Het zand tussen de twee verhardingslagen was op deze locatie zintuiglijk schoon. Het oppervlak van de olieverontreiniging is geschat op 60 m². Daarbij is uitgegaan van een strook van 4 bij 15 meter. De olie bevindt zich in de zandlaag tussen de twee verhardingslagen. Uitgaande van een dikte van de laag van 0.2 meter, bedraagt het volume van de verontreinigde grond circa 12 m³. Het is in de huidige situatie echter niet mogelijk de omvang goed in kaart te brengen.
10 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
De olieverontreiniging is ontstaan na 1987. Volgens de Wet bodembescherming is de verontreiniging daarmee een zogenaamd Nieuw Geval. Het volume-criterium van tenminste 25 m³ sterk verontreinigde grond voor een Ernstig geval van Verontreiniging is bij Nieuwe gevallen niet van toepassing. Sanering is ook bij volumes kleiner dan 25 m³ gewenst. Verder is een eis bij nieuwe gevallen dat de verontreiniging tot onder de Achtergrondwaarde gesaneerd moet worden. De olie vormt in de huidige situatie geen risico voor de volksgezondheid. Volgens de Wet bodembescherming is sanering van de olie echter relevant.
11 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
4.2
Analyseresultaten Asbest Voor het asbest-onderzoek in Ameide zijn per verdachte strook 20 grepen genomen, direct onder de dakrand onder de twee verdachte stallen. Voor de analyses is de grond tot 0.1 m-mv bemonsterd. Er is bij de analyse onderscheid gemaakt in hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbest. Het laatste bestaat uit losse vezels en is de meest risicovolle en ook het meest voorkomende bij asbest-daken zonder dakgoot zoals aan de Broekseweg. Het hecht-gebonden asbest is plaatmateriaal, waarvan losse vezels alleen vrijkomen als het bewerkt wordt (zagen, snijden) . tabel 4 : Analyseresultaten en toetsing grond (mg/kg ds) omschrijving mm
m-mv
aantal deeltjes < 16 mm
gewogen gehalte visueel asbest mg/kg ds > 16 mm
gehalte mg/kg ds
asbest tot, gewogen mg/kg ds
mm goot 1 mm goot 2
0.0-0.1 0.0-0.1
0 0
<0.4 mg/kg ds <0.6 mg/kg ds
-
<0.4 mg/kg ds <0.6 mg/kg ds
-
Asbest, groter en kleiner dan 16 mm Asbest, < 16 mm Er is door het lab geen asbest kleiner dan 20 mm aangetoond in de twee mengmonsters. Asbest, > 16 mm Er is bij het veldwerk visueel nergens asbest groter dan 20 mm waargenomen. Conclusie De aanwezigheid van de asbestdaken op de twee verdachte stallen heeft niet geleid tot verontreiniging met asbest van de onverharde stroken onder de dakrand.
12 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
4.2 Analyseresultaten grondwater De analysecertificaten van de grondwatermonsters en de toetsing zijn bijgevoegd in bijlage B. De locaties van de peilbuizen zijn te vinden in de schets in bijlage E. De toetsing is uitgevoerd conform de BoToVa-systematiek (Bodem Toets & Validatieservice, maart 2013). tabel 4 : analyseresultaten grondwater (μgl) peilbuis m-mv 2017
pb 1 2.3-3.3 9 maart
pb 12 pb 15 1.3-2.3 1.3-2.3
pH geleidbaarheid (μS/cm) grondwater, cm-mv troebelheid, NTU
7.32 1280 38 7.9
7.10 1040 58 15.1
7.23 1128 53 16.8
molybdeen cadmium barium koper kobalt lood nikkel zink kwik
170 • -
190 • -
140 • -
vluchtige aromaten benzeen tolueen ethylbenzeen xylenen naftaleen
0.21 •
-
2.4 • -
vl. chl. koolwaterstoffen 1,2-dichloorethaan cis1,2-dichlooretheen tetrachlooretheen tetrachloormethaan 1,1,1-trichloorethaan 1,1,2-trichloorethaan trichlooretheen dichloorbenzenen chloorbenzenen monochloorbenzeen
-
-
-
minerale olie C10 - C40
-
-
58 •
streef-
tussen-
50
338
0.2 0.01
35 35
50
325
interventiewaarde
- : geen overschrijding van de streefwaarde, • : lichte verhoging, overschrijding van de streefwaarde.
Het grondwater staat op locatie aan de Broekseweg op gemiddeld 0.5 m-mv. De pH, EC en troebelheid van het water kunnen als normaal worden beschouwd. Het grondwater is algemeen licht verontreinigd met barium. In het grondwater van peilbuis 15 ligt het oliegehalte net boven de streefwaarde van 50 µg/l. Deze peilbuis staat in de puinverharding direct ten noorden van de bovengrondse dieseltank. Het oliegehalte in de grond op grondwaterniveau ter plaatse van boring 15 is ook licht verhoogd.
13 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
5
Conclusie en aanbevelingen Op 27 februari en 9 maart 2017 is in opdracht van dhr M.G. Schakel uit Ameide een milieukundig verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op een agrarisch bedrijfsterrein aan de Broekseweg 92-94 in Ameide, gemeente Zederik. Op het terrein zijn een melkveebedrijf en een manege gevestigd. Kadastrale gegevens van het perceel zijn Ameide sectie C, nummer 139 en 653. Wat eventuele bodemverontreiniging betreft zijn drie locaties op het terrein als potentieel verdacht beschouwd. Deze zijn : •
Op het erf staat een bovengrondse dieseltank. In het verleden heeft op deze locatie ook een ondergrondse tank gelegen. Vorig jaar september is er bij een incident olie gelekt uit de tank.
•
Er zijn vier gedempte sloten op de locatie bekend,
•
Op meerdere bijgebouwen ligt asbest. Er is bij twee daken sprake van een asbest-verdachte gootlijn onder de dakrand.
Er zijn voor het NEN 5740-onderzoek 41 boringen geplaatst tot maximaal 2.6 m-mv. Drie boringen zijn afgewerkt met een peilbuis. Het grondwater stond op het moment van het onderzoek op circa 0.6 m-mv. Grond en grondwater zijn geanalyseerd op het NEN 5740-pakket. Het asbestonderzoek betreft twee verdachte gootlijnen. Voor de strategie van het onderzoek is § 6.4.5 van de NEN 5707 aangehouden, verdachte toplaag en heterogene verontreiniging. Er zijn voor het onderzoek 20 grepen van de onverharde bodem langs de twee stallen genomen, tot een diepte van 0.1 m-mv.
5.1
Conclusies De bodem bestaat uit geroerde zand en klei, overgaand in veen op 0.8 á 1.0 m-mv. In enkele boringen is licht puin waargenomen. Dit bestaat voornamelijk uit steenachtig materiaal. Asbestverdachte materialen zoals plaatjes zijn visueel nergens aangetroffen in de grond. Daar moet echter bij opgemerkt worden dat een goede inspectie van de bodem of de bovengrond niet overal mogelijk was in verband met de funderings- en verhardingslagen. Grond en grondwater Er zijn elf mengmonster van de boven- en ondergrond samengesteld. De boven- en ondergrond kunnen met één uitzondering als schoon worden beschouwd. De uitzondering is olie in de grond ter plaatse van de bovengrondse dieseltank. Het grondwater van de drie peilbuizen is maximaal licht verontreinigd. Geconcludeerd kan worden dat de grond ter plaatse van de gedempte sloten niet boven de tussenwaarde is verontreinigd. Olie-calamiteit, verontreiniging Op de locatie van de dieseltank zijn twee verhardingslagen aanwezig. De bovenste laag bestaat uit klinkers. Daaronder bevindt zich 0.2 meter zand, waaronder zich een betonvloer bevindt. Een smalle strook ten noordwesten van de tank (de strook ten noorden van de schuur waar de tank voor staat) is verhard met klinkers en een halve meter steenpuin, tot een diepte van 0.6 m-mv. Bij diefstal vorig jaar september is olie weggelopen over de verharding, in zuidwestelijke richting.
De olie op de verharding is dezelfde nacht met een zuigwagen verwijderd. De olie heeft zich echter ook verspreid in de dunne zandlaag tussen de twee verhardingslagen. Het zandlaagje direct ten zuiden van de tank is met 55.000 mg/kg ds sterk verontreinigd.
14 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
De klei onder het puin direct ten noorden van de tank en het zandlaagje aan de westkant van de tank zijn licht verontreinigd. Aanname is dat de bodem onder de tweede betonvloer niet verontreinigd is. Dat kan echter niet onderbouwd worden met analyses. Het was niet mogelijk door het zand en door de tweede vloer heen te boren. In de puinlaag direct ten noorden van de tank is een peilbuis gezet. Het grondwater ter plaatse is licht verontreinigd met olie. Daaruit is geconcludeerd dat de olie zich niet of nauwelijks naar de diepte heeft verspreid. Het oppervlak van de olieverontreiniging is geschat op 60 m². Daarbij is uitgegaan van een strook van 4 bij 15 meter. De olie bevindt zich in de zandlaag tussen de twee verhardingslagen. Uitgaande van een dikte van de laag van 0.2 meter, bedraagt het volume van de verontreinigde grond circa 12 m³. De olieverontreiniging is ontstaan na 1987. Volgens de Wet bodembescherming is de verontreiniging daarmee een zogenaamd Nieuw Geval. Het volume-criterium van 25 m³ sterk verontreinigde grond voor een Ernstig geval van Verontreiniging is bij Nieuwe gevallen niet van toepassing. Sanering is ook bij volumes kleiner dan 25 m³ gewenst. Verder is een eis bij nieuwe gevallen dat de verontreiniging tot onder de Achtergrondwaarde gesaneerd moet worden.
Asbest Zowel visueel als analytisch is er geen asbest aangetoond in de twee verdachte gootlijnen langs de twee verdacht stallen. De aanwezigheid van de asbestdaken heeft dus niet geleid tot verontreiniging met asbest van de onverharde stroken onder de dakrand.
5.2
Betrouwbaarheid Linge Milieu streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Het onderhavig onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden en Kwalibo. De resultaten van het onderzoek zijn echter gebaseerd op een beperkt aantal boringen en analyses. Het in Ameide uitgevoerde bodemonderzoek is een momentopname. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht dienen te worden bij het gebruik van de resultaten van dit rapport.
15 bodemonderzoek Broekseweg Ameide, maart 2017
Bijlage A: Toelichting onderzoek Toetsing van de analyseresultaten wordt uitgevoerd met behulp van de Botova-systematiek (Bodem Toets & Validatieservice). Deze richtlijn is van kracht sinds 1 november 2013, ter vervanging van toetsingsrichtlijnen, die tot die tijd werden gehanteerd voor diverse toepassingen.
Achtergrondwaarde De achtergrondgehaltes voor Nederlandse bodems of detectielimiet van de toegepaste analysemethode. De streefwaarden kunnen worden beschouwd als indicatieve concentratieniveaus, waarboven wel en waaronder geen sprake is van aantoonbare verontreiniging. De streefwaarden zijn afhankelijk gesteld van het organische stof- en lutum(klei)gehalte, zodat bodemtypecorrectie kan worden toegepast .
Criterium voor nader onderzoek, tussenwaarde In het kader van de Wet bodembescherming wordt nader onderzoek op korte termijn wenselijk geacht als er sprake kan zijn van een ernstig gevaar voor vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, plant of dier heeft. Wanneer de concentratie van één of meer stoffen het criterium voor nader onderzoek overschrijdt, wordt aangenomen dat in principe sprake kan zijn van dergelijk risico. Of dit inderdaad het geval is, wordt vastgesteld in het nader onderzoek. Overigens kan afhankelijk van de situatie, ook gehalten lager dan dit criterium een nader onderzoek gewenst zijn.
Interventiewaarde De interventiewaarden geven het concentratieniveau aan voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten boven de interventiewaarde is sprake van (een geval van) ernstige bodemverontreiniging. De interventiewaarden zijn vastgesteld voor grond/sediment en grondwater en gelden voor land- en waterbodems. Voor de interventiewaarden geldt dat zowel ze humaan- als ecotoxicologisch onderbouwd zijn. Verder geldt dat ze gedimensioneerd zijn, om in geval van ernstige bodemverontreiniging te spreken dient het gemiddelde aangetroffen gehalte minimaal 25 m 3 grond of 100 m3 grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarden. De waarden zijn afhankelijk van het organisch stof- en lutumgehalte, hetgeen is vastgelegd in zogenaamde bodemtypecorrectieformules. Als een geval van ernstige verontreiniging geconstateerd is, dient saneringsonderzoek uitgevoerd te worden. Bij lagere concentraties is de urgentie van een saneringsonderzoek minder groot, maar in bepaalde gevallen kan het echter toch wenselijk zijn het saneringsonderzoek niet te lang uit te stellen.
Veldwerk Ruimtelijke verdeling boringen/peilbuizen Als er sprake is van onverdacht terrein worden de boringen ruimtelijk evenredig verdeeld. Van een verdachte locatie is sprake als er op die plaats activiteiten plaatsvinden of in het verleden plaats hebben gevonden, die kunnen leiden tot verontreiniging, ofwel als in de toekomst activiteiten gaan worden uitgevoerd die tot verontreiniging kunnen leiden. Het aantal boringen is afhankelijk van de oppervlakte van de (verdachte) locatie en van de mogelijke verspreiding. In veel gevallen wordt gekozen voor een gecombineerde onderzoeksstrategie: de bodemkwaliteit voor het gehele terrein wordt bepaald volgens de strategie voor een onverdacht of homogeen verdacht terrein, terwijl verdachte locaties apart worden onderzocht. Bemonstering Meestal worden boringen handmatig gezet met een zogenaamde edelmanboor. In andere gevallen wordt gebruik gemaakt van een puin- of pulsboor. Soms is een verharding aanwezig die niet tijdelijk verwijderd kan worden: in beton- of asfaltverhardingen worden met een diamantboor gaten geboord om de onderliggende bodem te kunnen bereiken. Regelmatig komt het voor dat losse verhardingsmaterialen zijn aangebracht (met name puin). Om die reden moeten boringen soms (gedeeltelijk) worden uitgevoerd met een slagguts, een ramguts of een compressorhamer.
In één of meer boorgaten worden peilbuizen geplaatst om grondwatermonsters te kunnen nemen. Peilbuizen zijn PVC of HDPE buizen die over een lengte van één of twee meter zijn geperforeerd. Het filterdeel wordt zo afgesteld dat grondwater van een specifieke diepte wordt bemonsterd. Voor het afpompen en bemonsteren wordt gebruik gemaakt van een slangenpomp of een kunststof slang met pulsklep. In het veld wordt van elke onderscheiden bodemlaag een grondmonster genomen, met dien verstande dat afwijkende of verontreinigde bodemlagen apart worden bemonsterd. De maximale laagdikte per monster is 50 cm. De grondmonsters worden verpakt in glazen potten die volledig worden gevuld en worden afgesloten met neopreen deksels. De monsters worden gekoeld bewaard. Voor het verkrijgen van een representatief grondwatermonster wordt de peilbuis gespoeld, direct na plaatsing en voorafgaand aan de bemonstering. Bemonstering vindt in principe plaats na minimaal een week standtijd. Zintuiglijk onderzoek In het veld wordt grond opgeboord en grondwater opgepompt. De resultaten van het zintuiglijk onderzoek worden opgenomen in het rapport. Mede op basis van deze resultaten wordt beslist welke monsters op welke chemische stoffen worden geanalyseerd. Het zintuiglijk onderzoek is te splitsen in: ▪
Lithologisch onderzoek, waarbij de opgeboorde grondsoorten worden geclassificeerd. Dit is onder andere nodig omdat de natuurlijke achtergrondconcentraties van stoffen verschillen per grondsoort. Ook de adsorptie van stoffen aan bodemdeeltjes en daarmee de snelheid van verspreiding van verontreinigingen varieert met de grondsoort.
▪
Onderzoek naar verontreiniging, waarbij waarneembare afwijkingen in of aan het bodemmateriaal worden beschreven. Hierbij wordt gezocht naar zichtbaar bodemvreemd materiaal zoals puin en afval, en naar geuren van bodemvreemd materiaal, zoals olie en oplosmiddelen.
Waarnemen minerale olie en vluchtige aromaten De eigenschappen van olie kunnen sterk variëren. Zogenoemde zware oliën (lange koolstofketens) zijn niet of slecht te ruiken. Bij twijfel wordt vaak gebruik gemaakt van de 'oliepanmethode'. Daarbij wordt de grond verkruimeld in een schaal met water. Het verschijnen van een oliefilm op het water is een teken dat er olie in de grond aanwezig kan zijn. Dit kan dan worden gecontroleerd met een analyse.
Chemisch onderzoek Indien bij het zintuiglijk onderzoek in overeenkomende bodemlagen uit verschillende boringen geen afwijkingen worden aangetroffen, mogen mengmonsters worden samengesteld van maximaal tien monsters. Voor chemische analyse op mengmonsters wordt gekozen om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen tegen relatief beperkte analysekosten. Het risico hierbij is dat in het mengmonster een lichte/matige/sterke verontreiniging wordt aangetroffen, waarbij niet duidelijk is of alle monsters in dezelfde mate zijn verontreinigd, ofwel dat één of enkele monsters relatief sterk zijn verontreinigd. Indien een dergelijke situatie optreedt, dan worden in principe de individuele monsters van waaruit dat mengmonster was samengesteld, geanalyseerd op de betreffende stof. Op die manier wordt vastgesteld hoe de verontreiniging is verdeeld over de monsters. In principe wordt overgegaan op het uitsplitsen van mengmonsters als de tussenwaarde wordt overschreden. ls er sprake is van een onverdacht terrein worden minimaal twee grondmengmonsters en één grondwatermonster geanalyseerd op een breed scala aan stoffen. Dit zijn de zogeheten NENanalysepakketten. Als er sprake is van aandachtspunten waarbij bekend is om welke verontreinigende stoffen het gaat, of indien het onderzoek wordt uitgevoerd om de nulsituatie te bepalen, worden de betreffende monsters onderzocht op de relevante stoffen.
In het kader van het chemisch onderzoek worden in het algemeen monsters die tijdens het zintuiglijk onderzoek als afwijkend zijn beoordeeld, niet gemengd. Wel wordt met mengmonsters gewerkt indien een homogene afwijkende laag wordt aangetroffen, bijvoorbeeld een puinhoudende verhardingslaag. Grondwatermonsters worden in principe nooit gemengd. Voor het chemisch onderzoek worden de grond- en grondwatermonsters aangeleverd bij een onafhankelijk STERLAB laboratorium.
bijlage B1
analyseresultaten NEN 5740 Broekseweg 94, maart 2017
Linge Milieu BV T.a.v. John Hol Poppelenburgerstraat 52 4191 ZT GELDERMALSEN
Analysecertificaat Datum: 10-Mar-2017
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2017024589/1 17-2015 Broekseweg 92-94 Ameide 27-Feb-2017
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
17-2015 Broekseweg 92-94 Ameide
Monsternemer Monstermatrix
John Hol Grond (AS3000) Eenheid
Analyse
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
2017024589/1 27-Feb-2017 10-Mar-2017/16:35 A,B,C,D 1/2
1
2
3
4
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
71.0
82.5
76.9
71.8
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
% (m/m)
S
Organische stof
% (m/m) ds
4.3
4.1
5.7
4.6
Q
Gloeirest
% (m/m) ds
94.5
95.6
92.6
92.9
S
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
17.7
3.9
25.5
36.5
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
140
46
200
230
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.23
0.20
0.40
0.38
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
7.4
3.9
12
12
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
16
25
24
26
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
<0.050
0.063
0.083
0.074
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
23
17
30
40
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
21
28
51
34
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
330
100
130
110
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
11
6.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
45
42
12
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
22
35
8.2
6.3
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
13
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
<35
Minerale olie
S
Chromatogram olie (GC)
88
97
Zie bijl.
Zie bijl.
Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
Nr. Monsteromschrijving
Datum monstername
1
6-01, 8-01, 17-01, 18-01>B6+8+17+18
2
20-01, 21-01>B20-21 (8-40 0-50 8-50)
3
29-01, 31-01, 30-01>B29-31(0-50 15-50)
4
18-02, 26-02, 20-02>B18+20+26
27-Feb-2017 27-Feb-2017 27-Feb-2017 27-Feb-2017
Monster nr.
9418338 9418339 9418340 9418341
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
M: MCERTS erkend
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door IBAN: NL71BNPA0227924525 TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
17-2015 Broekseweg 92-94 Ameide
Monsternemer Monstermatrix
John Hol Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
2017024589/1 27-Feb-2017 10-Mar-2017/16:35 A,B,C,D 2/2
Analyse
Eenheid
1
2
3
4
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
0.0017
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
0.0059
0.0049
1)
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
<0.050
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
1.1
0.17
0.25
0.20
S
Anthraceen
mg/kg ds
0.19
0.11
0.12
0.055
S
Fluorantheen
mg/kg ds
1.1
0.41
0.52
0.18
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
0.17
0.29
0.23
<0.050
S
Chryseen
mg/kg ds
0.23
0.38
0.28
0.065
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
0.067
0.19
0.12
<0.050
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
0.067
0.30
0.20
<0.050
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
0.054
0.28
0.16
<0.050
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
<0.050
0.33
0.14
<0.050
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
3.1
2.5
2.0
0.71
Nr. Monsteromschrijving
Datum monstername
1
6-01, 8-01, 17-01, 18-01>B6+8+17+18
2
20-01, 21-01>B20-21 (8-40 0-50 8-50)
3
29-01, 31-01, 30-01>B29-31(0-50 15-50)
4
18-02, 26-02, 20-02>B18+20+26
27-Feb-2017 27-Feb-2017 27-Feb-2017 27-Feb-2017 Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
M: MCERTS erkend
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door IBAN: NL71BNPA0227924525 TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Monster nr.
9418338 9418339 9418340 9418341 Akkoord Pr.coörd.
MP TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2017024589/1 Pagina 1/1 Monster nr.
Boornr
Omschrijving
Van
Tot
Barcode
9418338
6
6-01
0
50
0533923821
9418338
8
8-01
0
50
0533923826
9418338
17
17-01
15
65
0533795252
9418338
18
18-01
15
65
0533924098
9418339
20
20-01
0
50
0533924096
9418339
21
21-01
8
50
0533924094
9418340
30
30-01
0
50
0533795261
9418340
29
29-01
0
50
0533795260
9418340
31
31-01
15
60
0533795251
9418341
18
18-02
65
100
0533795257
9418341
26
26-02
80
130
0533924100
9418341
20
20-02
50
100
0533924095
Monsteromschrijving
6-01, 8-01, 17-01, 18-01>B6+8+17+
20-01, 21-01>B20-21 (8-40 0-50 8-
29-01, 31-01, 30-01>B29-31(0-50 1
18-02, 26-02, 20-02>B18+20+26
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2017024589/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2017024589/1
Pagina 1/1
Analyse
Methode
Techniek
Methode referentie
Cryogeen malen AS3000
W0106
Voorbehandeling
Cf. AS3000
Droge Stof
W0104
Gravimetrie
Cf. pb 3010-2 en gw. NEN-EN 15934
Organische stof (gloeiverlies)
W0109
Gravimetrie
Cf. pb 3010-3 en cf. NEN 5754
Korrelgrootte < 2 µm (lutum)
W0171
Sedimentatie
Cf. pb 3010-4 en cf. NEN 5753
Barium (Ba)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0423
ICP-MS
Cf. pb 3010-5 en cf. NEN-EN-ISO 17294-2
Minerale Olie (C10-C40)
W0202
GC-FID
Cf. pb 3010-7 en gw. NEN-EN-ISO 16703
Chromatogram MO (GC)
W0202
GC-FID
Gelijkw. NEN-EN-ISO 16703
PCB (7)
W0271
GC-MS
Cf. pb 3010-8 en gw. NEN 6980
PAK (10) (VROM)
W0271
GC-MS
Cf. pb. 3010-6 en gw. NEN-ISO 18287
PAK som AS3000/AP04
W0271
GC-MS
Cf. pb. 3010-6 en gw. NEN-ISO 18287
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juni 2016.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Chromatogram TPH/ Mineral Oil
10000
5000
5000
C40
C35-C40
C21-30 C30-C35
C16-C21
C12-C16
C10-C12
pA
10000
C10
pA
Sample ID.: 9418338 Certificate no.: 2017024589 Sample description.: 6-01, 8-01, 17-01, 18-01>B6+8+17+18 V
0
0 0.0
0.2
0.4
0.6
0.8
1.0
1.2
1.4
1.6
1.8
500
250
250
C21-30 C30-C35
C12-C16
pA
500
C40
750
C35-C40
750
C16-C21
1000
C10-C12
1000
C10
pA
Minutes
0
0 0.0
0.2
0.4
0.6
0.8
1.0
1.2
1.4
1.6
1.8
100
100
50
C40
C21-30 C30-C35
C12-C16
50
0
0 0.0
0.2
0.4
0.6
0.8
1.0 Minutes
1.2
1.4
1.6
1.8
pA
150
C35-C40
150
C16-C21
200
C10-C12
200
C10
pA
Minutes
BoToVa T12 Toets Wbb grond projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer
17-2015 Broekseweg 92-94 Ameide 27-02-2017 John Hol 2017024589
lutum Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Droge stof Organische stof Gloeirest Korrelgrootte < 2 µm Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn) Minerale olie olie totaal (C10-C40) PCB PCB (som 7) (factor 0,7) PAK PAK VROM (10) (factor 0,7)
* ** ***
uitgevoerd % (m/m) % (m/m) ds % (m/m) ds % (m/m) ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
6, 8, 17, 18
GSSD toets B19-21 0.1-0.5
GSSD toets B29-31 0.0-0.5
17,7
3,9
25,5
71 4,3 94,5 17,7
71 4,3 17,7
140 183,1 0,23 0,294 7,4 9,574 16 20,43 <0,050 0,0395 <1,5 1,05 23 29,06 21 24,79 330 421,7 88
82,5 4,1 95,6 3,9
*
204,7
*
0,0049 0,0114
-
3,1
3,048
kleiner dan of gelijk aan de Achtergrondwaarde groter dan Achtergrondwaarde groter dan Tussenwaarde groter dan Interventiewaarde
*
82,5 4,1
76,9 5,7 92,6 25,5
3,9
46 144 0,2 0,3058 3,9 11,35 25 45,45 0,063 0,0863 <1,5 1,05 17 42,81 28 41,03 100 206,3
* * *
2,5
2,495
36,5
76,9 5,7
71,8 4,6 92,9 36,5
25,5
200 196,8 0,4 0,4497 12 11,82 24 25,62 0,083 0,0845 <1,5 1,05 30 29,58 51 53,39 130 134,8 <35
0,0059 0,0143
GSSD toets 18, 20, 26 GSSD toets
* -
42,98
-
-
0,0049 0,0085
-
*
2
*
2,055
71,8 4,6 36,5
230 167,8 0,38 0,3966 12 8,838 26 23,6 0,074 0,0673 <1,5 1,05 40 30,11 34 31,72 110 92,55
-
0,0049 0,0106
-
0,71
0,71
-
Linge Milieu BV T.a.v. John Hol Poppelenburgerstraat 52 4191 ZT GELDERMALSEN
Analysecertificaat Datum: 06-Mar-2017
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2017024573/1 17-2015 Broekseweg 94 Ameide 27-Feb-2017
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
17-2015 Broekseweg 94 Ameide
Monsternemer Monstermatrix
John Hol Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
Eenheid
Analyse
1
2
3
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
71.2
74.9
76.1
2017024573/1 27-Feb-2017 06-Mar-2017/15:31 A,B,C 1/2
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
% (m/m)
S
Organische stof
% (m/m) ds
2.2
6.2
4.1
Q
Gloeirest
% (m/m) ds
95.4
92.0
94.5
S
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
35.2
26.2
19.2
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
210
180
130
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
<0.20
0.33
0.30
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
12
9.8
6.9
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
20
21
19
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
<0.050
0.071
0.082
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
44
32
22
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
24
25
29
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
79
90
91
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
5.4
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
<11
12
47
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
6.7
11
25
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
12
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
<35
Minerale olie
S
90 Zie bijl.
Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
Nr. Monsteromschrijving
Datum monstername
Monster nr.
1
1-02, 2-02, 3-02>B1-3 ( gedempte sloot stal) 9-02, 10-01, 11-01>B9-11 (20-70 50-100) gedempte sloot noordwest
27-Feb-2017 27-Feb-2017
9418302
2 3
13-01, 25-01>B13+25 (0-50) gedempte sloot zuidwest
27-Feb-2017
9423459
9418303
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
M: MCERTS erkend
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door IBAN: NL71BNPA0227924525 TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
17-2015 Broekseweg 94 Ameide
Monsternemer Monstermatrix
John Hol Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
Analyse
Eenheid
1
2
3
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
<0.0010 1)
0.0049
2017024573/1 27-Feb-2017 06-Mar-2017/15:31 A,B,C 2/2
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
0.079
S
Anthraceen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
<0.050
0.14
0.22
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
0.13
S
Chryseen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
0.17
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
<0.050