23. (WOS) RIB Bijlage 3 - Mogelijke activiteiten per doel.pdf
Tekst van het document
Bijlage – Mogelijke activiteiten per doel Programma Actielijn 1
In het volgende overzicht is per doel van actielijn 1 aangegeven wat de mogelijke opties zijn om het doel verder te ontwikkelen. Deze opties zijn geïnventariseerd na aanleiding van eerste verkennende gesprekken met betrokkenen. Er gaat nog gericht onderzoek plaatsvinden naar wat de behoefte is van jongeren en professionals alvorens de inzet gepleegd word. Hierdoor kan de uiteindelijke uitwerken afwijken van wat in het overzicht staat. 1. Dialoog met jongeren te starten a. Aansluiten bij gezondheidsbeleid. D.m.v. IJslands model in gesprek gaan met jongeren, met de achterliggende vraag: Wat hebben jongeren nodig om mentaal weerbaar te worden? b. Inzetten op uitkomsten en vervolgstappen n.a.v. het onderzoek naar Jongerenparticipatie en inspraak van de Hogeschool van Utrecht. c. Jongeren laten nadenken en initiatief laten nemen om bijvoorbeeld samen met de culturele en horeca sector mee te laten denken over perspectief bieden aan jongeren (in gelijkenis met de ‘Breda City Challenge’) 2. Activiteiten organiseren a. Voortzetting van perspectief voor de jeugd waarbij extra gericht wordt gekeken naar mogelijkheden op de momenten wanneer jongeren niet naar school kunnen. Zoals tijdens schoolvakanties en tijdens een lockdown. b. Samenwerking vinden met scholen om inzet te leveren voor activiteiten voor in de verschillende kernen. c.
Activiteiten voor jongeren uitbreiden naar de dorpskernen (Buurtwerk). d. Samenwerking met lokale jongereninitiatieven zoals: i. City Trainers (Buurtwerk). ii. MDT-Baas. iii. Jongeren voor Jongeren. 3. Jongerenwerk a. Extra jongerenwerk is reeds ingezet. 4. Extra aandacht mentale weerbaarheid van jongeren. a. Extra ondersteuning jeugdprofessionals (Sociaal team) door bijvoorbeeld: i. eHealth ondersteuning voor jongeren. ii. Ervaringsdeskundigen voor jongeren (en professionals) (zoals bijv. Expex). iii. Mentoren voor jongeren (zoals bijvoorbeeld JIM). iv. Extra aandacht voor laagdrempelige coaching. b. Extra communicatie over mentale weerbaarheid en wat de gemeente kan betekenen.