11. (WOS) Bijlage 1 Doorlichting en Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam.pdf
Tekst van het document
De incidentele rijkssubsidie in 2019 van € 5.000 betreft een subsidie voor de tentoonstelling Glas in zicht.
91/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Gemeentelijke subsidies ● De gemeente Vijfheerenlanden verstrekt het NGM een structurele subsidie (van gemiddeld € 63.500 per jaar in periode 2017-2019). ● De gemeente verbindt aan haar structurele subsidie nadere verplichtingen die jaarlijks worden vastgesteld in de vorm van een uitvoeringsovereenkomst. ● De gemeente verstrekt daarnaast ook aanzienlijke incidentele subsidiebedragen (gemiddeld € 37.300 per jaar in periode 2017-2019):
● ●
●
2017
€ 70.000 tentoonstelling € 6.000 personeellasten zzp'ers
2018
€ 4.060 tentoonstelling Sacha Kraan € 3.000 PR-kosten glasblazerij
2019
€ 13.966 ICOM + Exchange € 15.000 personeellasten zzp'ers
2020
€ 65.000 becoming a glasshub € 15.000 personeelslasten zzp'ers
Het totaal aan gemeentelijke subsidies bedraagt in 2016-2019 18% van het totaal aan rijkssubsidies. Daarnaast biedt de gemeente diensten in natura, zoals de huisvesting en het eigenaarsonderhoud voor de glasblazerij en de huisvesting van het depot vanaf 2020. Tot slot vertrekt de gemeente een tweetal leningen aan het NGM. Zie hiervoor verder onder Vreemd vermogen.
Subsidies van overheden per bezoek in relatie tot die van vergelijkbare rijksmusea ● In vergelijking met de referentiegroep van rijksmusea en uitgedrukt per bezoek zijn de cijfers over 2018 als volgt (bron: Museana): Nationaal Glasmuseum
Gemiddelde vergelijkbare rijksmusea
Subsidie totaal overheid per bezoeker (euro)
11,50
42
Subsidie OCW - onderdeel huren, per bezoek
1,16
18
Subsidie OCW - onderdeel exploitatiebijdrage, per bezoek
7,25
34
0
0
Gegevens 2018, bedragen in euro’s
Subsidie Rijk overig - onderdeel huren, per bezoek
92/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Subsidie Rijk overig - onderdeel exploitatiebijdrage, per bezoek Subsidie Rijk totaal, per bezoek
0
8
8,42
37
Exploitatiesaldo na subsidies ● Het exploitatiesaldo na subsidies voor het jaar 2017 is lastig te beoordelen omdat in dat jaar sprake was van twee jaarrekeningen, zonder consolidatie. De saldo van 2018 en 2019 bedragen volgens het overzicht Financiële ontwikkelingen 2017-2020 respectievelijk +€ 363 en +€ 16.800. Het saldo in 2018 is in de jaarrekening 2019 bijgesteld naar -€ 8.252. Het saldo wordt in de precoronabegroting van 2020 geraamd op + € 2.067. Onze samenvatting hiervan is dat het saldo in de periode vanaf 2018 en structureel in de nabije toekomst gemiddeld ongeveer nihil bedraagt. ● Bij die raming voor de nabije toekomst horen wel uitdrukkelijke de volgende kanttekeningen: ○ wij gaan uit van een gelijkblijvend exploitatiebeleid; ○ wij laten hierbij alle effecten van de coronacrisis buiten beschouwing; ○ wij laten hierbij alle effecten buiten beschouwing van autonome stijgingen van lasten, zoals van personeelslasten (veroorzaakt door de CAO), energielasten en kantoorlasten die uitgaan boven een gebruikelijk inflatiepercentage (die ook van toepassing is op meeste inkomsten). Aandeel eigen inkomsten versus subsidies ● Op basis van bovenstaande overzicht Financiële ontwikkeling 2017-2020, komen wij tot de volgende berekening van de verhouding tussen eigen inkomsten en subsidies: Verhouding eigen inkomsten: subsidie
2017
2018
2019
2020
Totaal eigen inkomsten, niet zijnde subsidies
942.578
791.645
780.296
773.450
Subsidies van Rijk en gemeente
593.237
536.615
573.399
619.417
159
148
136
125
Verhouding eigen inkomsten: subsidie, als %
●
●
De verschillen in eigen inkomsten over de jaren worden hierin vooral (maar niet geheel) verklaard uit wisselende soorten tentoonstellingen en bijbehorende bijdragen die worden verworven uit fondsen. De gestandaardiseerde wijze van berekenen van het Ministerie van OCW kent een andere benadering. Voor 2019 komt voor 2019 uit op eigen inkomsten van € 756.743 subsidies van € 737.943 (zie jaarrekening 2019, bijlage 1) en daarmee een verhouding van 103%. Verschil is dat OCW rekent met een categorie van incidentele publieke subsidies, die BMC rekent als eigen inkomst.
93/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Aandeel eigen inkomsten per bezoek ● De eigen inkomsten per bezoek bedragen voor het NGM in 2018 € 15,46 en voor de groep van referentiegemeenten gemiddeld € 19 (bron: Museana). Subsidies overheden in verhouding tot eigen inkomsten ● In vergelijking met de referentiegroep van rijksmusea hebben we ook de verhouding in 2018 bekeken tussen de subsidies van overheden en het totaal aan eigen inkomsten (de inkomsten uit private bronnen). Die verhouding ligt voor het NGM op 0,7 en voor de referentiegroep gemiddeld op 4 (bron: Museana). Specifieke soorten van eigen inkomsten in verhouding tot alle inkomsten ● Onderstaande tabel geeft aanvullend nog een beeld van specifieke inkomsten als percentage van de totale inkomsten voor het NGM en de referentiegroep van rijksmusea in 2018 (bron: Museana): Nationaal Glasmuseum
Gemiddelde vergelijkbare rijksmusea
% Subsidie overheidsfondsen (bijv. Mondriaanfonds) niet structureel
7
4
% Vriendenverenigingen
0
1
% Bedrijven (gift, geen sponsoring)
0,87
0
% Private fondsen (bijv. VSB, Prins Bernard Cultuurfonds)
12
8
% Goede doelen loterijen
0
0,81
Gegevens 2018, cijfers zijn percentages
De onderdelen van het vermogen nader bezien Eigen vermogen ● Het eigen vermogen van het NGM is zwaar negatief. Het museum bevindt zich dus in een situatie dat het technisch failliet is. Dit is volgens de accountantsverklaring 2019 onder meer veroorzaakt door negatieve exploitatieresultaten in de jaren 2012 tot en met 2016. ● Het eigen vermogen ontwikkelt zich van -€ 423.386 per einde 2017, naar -€ 431.620 per einde 2018 en -€ 414.819 per einde 2019. Het bedrag dat wij vermelden voor het eigen vermogen per einde 2018 is het bedrag dat is opgenomen in de jaarrekening 2019, na een correctie op het bedrag zoals vermeld in de jaarrekening 2018.
94/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
Zoals aangegeven onder Exploitatiesaldo is er in de huidige exploitatieopzet geen zicht op ontwikkeling van positieve exploitatiesaldi in de periode vanaf 2020 - in tegendeel. Daarom is er zonder nadere ingrepen in de exploitatie geen zicht op verbetering van dit vermogenstekort (anders dan afschrijving op het vastgoed) en evenmin zicht op mogelijkheden om de gemeentelijke leningen van € 1 miljoen af te lossen in 2039. Formeel wordt het eigen vermogen ingedeeld naar: stichtingskapitaal, algemene reserve, bestemmingsreserve Groot onderhoud, bestemmingsreserve Activiteitenplan, bestemmingsfonds CmK, bestemmingsfonds OCW en bestemmingsfonds OCW Collectiebeheer. De bestemmingsfondsen bevatten gelden waaraan derden (subsidiegevers) voorwaarden hebben gesteld voor de besteding ervan. De bestemmingsfondsen samen bevatten eind 2019 het bedrag van € 46.625. In praktische zin heeft deze onderverdeling van het eigen vermogen geen betekenis.
Vreemd vermogen ● Het vreemd vermogen bestaat uit twee leningen die de gemeente heeft heeft verstrekt. ● De eerste lening (van € 1 miljoen) is verstrekt in 2009. Deze kent een looptijd van 30 jaar vanaf 20 april 2009 en is vrij van rente en gedurende de looptijd (maar uiteraard niet aan het einde daarvan) ook vrij van aflossing. ● De gemeente heeft destijds overwogen de lening van € 1 miljoen te verstrekken als gift. De reden om het bedrag toch te verstrekken in de vorm van een rente- en aflossingsvrije lening was gelegen in de wens van de gemeenteraad om te kunnen beschikken over een positie in geval het museum in financiële problemen zou komen. Het toenmalige besluit is genomen in het besef dat de kans groot is dat de lening aan het einde van de looptijd zal moeten worden verlengd en het bedrag niet terugkeert in de gemeentekas. ● In het kader van het Verbeterplan dat is gemaakt voor het Ministerie van OCW heeft de portefeuillehouder uit het college van de gemeente Vijfheerenlanden toegezegd dat hij bereid is nog in 2020 bij het het college en de raad een voorstel in te brengen om de vermogenspositie van het museum te verbeteren door deze lening achtergesteld te maken. Een achtergestelde lening kan in de jaarrekening worden opgenomen onder het eigen vermogen.
● De tweede lening is verstrekt in 2017, in het kader van herfinanciering van leningen voor aankoop/verbouw Lingedijk 28-30. De lening bedraagt per einde 2019 afgerond € 1,7 miljoen. Deze lening heeft een looptijd van 28 jaar. De rente en aflossing wordt vergoed door middel van een jaarlijks gelijk bedrag van € 82.164 (annuïteit op basis van rentevoet 1,57%). Dit betekent dat, zolang het museum dit jaarlijkse bedrag weet in te passen in zijn jaarlijkse financiële exploitatie, de aflossing in 2045 geheel is afbetaald. (Deze inpassing verloopt in de exploitatie overigens door middel van de rentebedragen en de afschrijving op het museumpand).
95/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
●
●
Het NGM heeft aan de gemeente Vijfheerenlanden het recht van eerste hypotheek verstrekt op het onroerend goed Lingedijk 28-30, ter meerdere zekerheid voor de aflossing van de eerstverstrekte lening en van de betaling van de annuïteiten van de tweede lening. Het hypotheekbedrag bedraagt € 3.705.000; dit is bepaald op de oorspronkelijk verstrekte bedragen € 2.850,000) vermeerderd met 30% (voor eventuele rente, vergoedingen, boeten en kosten). Daarnaast is op 3 januari 2019 een aanvullende overeenkomst gesloten tussen de gemeente Vijfheerenlanden en het GM in verband met de beperkte mate van solvabiliteit van het museum en de waarde van het onderpand die geringer is dan de som van de uitstaande gemeentelijke leningen. Deze regelt dat de gemeente instemmingsrecht heeft op de begrotingen van het NGM en op investeringen en projecten groter dan € 50.000, en tevens dat het museum (directeur en voorzitter RvT) viermaal per jaar overlegt met de gemeente. Het instemmingsrecht vervalt zodra de solvabiliteit minimaal 25% is. De overlegplicht vervalt vervalt zodra de waarde van het onderpand minimaal gelijk is aan de uitstaande gemeentelijke leningen.
96/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Bijlage 6
Subsidieregime Rijk vanaf 2021
Het subsidieregime van het Ministerie van OCW verandert met ingang van 2021 waar het gaat om de subsidie voor publieksactiviteiten. Maar met die wijziging worden tevens kleinere aanpassingen doorgevoerd voor de subsidies voor collectiebeheer en huisvesting. Hieronder benoemen wij de belangrijkste veranderingen. Subsidie voor publieksactiviteiten wordt een structurele subsidie Op 11 juni 2019 stuurt de minister van OCW de nota Uitgangspunten Cultuurbeleid 2021-2014 naar de Tweede Kamer. Daarin schrijft zij onder meer dat zij het advies van de Raad voor Cultuur overneemt waarin de raad voorstelt de publieksactiviteiten van instellingen in de Erfgoedwet niet langer via de basisinfrastructuur te financieren, maar dit ook via de Erfgoedwet te laten lopen. Daarvoor is formeel een wijziging nodig van de Erfgoedwet. De minister kondigt aan die in gang te zetten, met een beoogde inwerkingtreding per 2021. Tot die tijd zal de subsidie die de huidige musea in de basisinfrastructuur ontvangen voor hun publieksactiviteiten rechtstreeks worden gekoppeld aan de Erfgoedwetsubsidie. Het totaal aan middelen dat zij ontvangen is vrij inzetbaar voor beide doeleinden.
Aan de rijkssubsidies worden nadere voorwaarden gekoppeld Deze voornemens uit de nota Uitgangspunten Cultuurbeleid 2020-2024 zijn inmiddels vastgelegd in de Subsidieregeling culturele basisinfrastructuur 2021-2024 (een wijziging van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid en de Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen. Belangrijke bepalingen hieruit zijn onder meer: Voor beheersactiviteiten Een instelling met een wettelijke taak baseert het planmatig beleid voor het beheer van de cultuurgoederen of verzamelingen op een actuele analyse van de stand van het beheer en beschrijft in het beleid ten minste: a. de te bereiken doelen op in ieder geval de gebieden behoud van de cultuurgoederen en veiligheidszorg; en b. de wijze waarop het beleid wordt uitgevoerd. De minister verleent jaarlijks voor 1 oktober ambtshalve de volgende subsidiebedragen voor de uitvoering in het daaropvolgende jaar van de taak, bedoeld in artikel 7.2 van de Erfgoedwet (waaronder de Stichting Nationaal Glasmuseum Leerdam en wel specifiek ter grootte van € 160.461). Een instelling met een wettelijke taak dient jaarlijks uiterlijk op 1 december de volgende documenten in bij de minister: a. een begroting; en b. voor zover van toepassing, een onderhouds- en investeringsplan.
97/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
De volgende instellingen met een wettelijke taak beschikken voor gebouwen waarin cultuurgoederen worden beheerd waar de taak op ziet, over een actueel meerjarig onderhouds- en investeringsplan: a. instellingen die eigenaar zijn van die gebouwen; en b. instellingen die met het Rijksvastgoedbedrijf een huurovereenkomst hebben gesloten over die gebouwen en waarbij overeengekomen is dat de instelling verantwoordelijk is voor de instandhouding van de gebouwen. Een dergelijke instelling dient telkens na vier jaar een actueel onafhankelijk bouwkundig inspectierapport van de gebouwen in. De eerste indiening vindt plaats voor 1 januari 2020. Voor publieksactiviteiten De minister verleent voor 1 oktober ambtshalve subsidie voor publieksactiviteiten en andere activiteiten – niet behorende tot beheer van de collectie in de zin van de Erfgoedwet – aan instellingen met een wettelijke taak, die als kernactiviteit het beheer van een collectie van cultureel erfgoed hebben. De subsidieontvanger dient uiterlijk op 1 december 2020 een activiteitenplan en een begroting in. De begroting sluit aan op het door de minister verleende subsidiebedrag. In het activiteitenplan verklaart de subsidieontvanger dat hij: a. de navolgende codes onderschrijft: 1°. Fair Practice Code; 2°. Governance Code Cultuur; 3°. Code Diversiteit en Inclusie; en b. aansluit bij: 1°. bestaande afspraken over honorering; en 2°.
de sociale dialoog tussen werkgevers-opdrachtgevers en werknemers-opdrachtnemers. Indien uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten aan de hand van de ingediende documenten naar het oordeel van de minister bezwaarlijk is, kan hij de subsidieontvanger aanwijzingen geven tot wijziging van die documenten. Een instelling met een wettelijke taak verleent haar medewerking aan een eenmaal per vier jaar te houden visitatie, die ten doel heeft de wijze waarop die instelling haar taken en publieksactiviteiten verricht te beoordelen.
98/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Bijlage 7
Uitvoeringsovereenkomst 2019
Hieronder nemen we de tekst op van de uitvoeringsovereenkomst die behoort bij de structurele gemeentelijke subsidie voor het jaar 2019. De gemeente Leerdam, krachtens artikel 171 van de Gemeentewet vertegenwoordigd door T.P.J. Bruinsma, burgemeester, in mandaat overgedragen aan de verantwoordelijk medewerker team Sociaal Domein, hierna te noemen de gemeente, en Stichting Nationaal Glasmuseum, gevestigd te Leerdam, vertegenwoordigd door directeur mevr. A.F.E. Hertog, hierna genoemd de stichting; komen overeen: 1. Dat de stichting zich verplicht voor het subsidiejaar 2019 ter uitvoering van het besluit tot verlening van budgetsubsidie tot het verrichten van c.q. het leveren van de volgende activiteiten en prestaties: a. Activiteit: Het verzamelen en presenteren van een museale collectie op het gebied van glascultuur. Prestaties: ● Het opslaan, registreren en conserveren van de museumstukken. ● Het vervolmaken van de collectie door het zoeken naar museumstukken of het laten maken van glazen objecten (zodat de collectie met hedendaagse glaskunst wordt uitgebreid). ● Het organiseren van enkele (spraakmakende) tentoonstellingen in het Glasmuseum, leidend tot twee of meer publicaties in landelijke en regionale media. ● Het mede organiseren van publieksevenementen (zoals bijvoorbeeld de glasdagen). b.
Activiteit: Het onderwijzen van cultureel erfgoed op het gebied van glascultuur via cultuureducatie. Prestaties: ● Het verzorgen van educatieve projecten voor leerlingen van de bovenbouw basisonderwijs. c. Activiteit: Met de gemeente Leerdam samenwerkt aan de doelstellingen zoals beschreven in de gezamenlijk opgestelde notitie The City of Leerdam, Centre of Excellence in Glassblowing and Glassdesign van 23 november 2018. Een eerste pilot in 2019 met de komst van bijvoorbeeld 4 - 6 studenten uit Novy Bor, onder begeleiding van een meesterglasblazer, vormt onderdeel van dit plan. d. Activiteit: Het nemen van een grotere rol in het culturele en toeristische werkveld van Leerdam.
99/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam
Prestaties: ● Intensieve samenwerking met de stichting Marketing Leerdam Glasstad. ● Enkele keren per jaar er voor zorgen dat Leerdamse culturele en/of toeristische partijen worden betrokken bij activiteiten van het Nationaal Glasmuseum en de glasblazerij (denk aan concerten van plaatselijke muziekverenigingen in de tuin van het Glasmuseum of een congres in Stadspodium GO). ● Er voor zorgen dat het aantal Leerdammers dat een bezoek brengt aan het Glasmuseum en/of de Glasblazerij stijgt in de periode 2015 - 2019 van 2.000 naar 4.000 per jaar (bezoekers aan Glasmuseum en Glasblazerij en bezoekers aan educatieprojecten samen). ● Aantal bezoekers aan Nationaal Glasmuseum en de Glasblazerij stabiliseert zich tot 68.000 in 2020. 2. dat aan de verlening van budgetsubsidie de volgende verplichtingen zijn verbonden: ● de stichting verplicht zich om minimaal één keer per jaar aan een voortgangsoverleg deel te nemen waarin de activiteiten en prestaties uit deze uitvoeringsovereenkomst worden besproken; ● het inhoudelijk jaarverslag bevat de gegevens die nodig zijn om te kunnen beoordelen of - en in welke mate -aan de onder 1. genoemde activiteiten en prestaties is voldaan; 3.
dat de in 2018 ingevoerde nieuwe structuur voor de uitvoering van het financiële toezicht gehandhaafd wordt zodat de financiële situatie voldoende door de gemeente kan worden gecontroleerd en mede, aan de hand van adviezen, kan worden verbeterd. De structuur bestaat uit het bespreken van de financiële kwartaalrapportages van stichting Glas, tijdens de bestuurlijke overleggen met het Nationaal Glasmuseum. Leerdam december 2018 Stichting Glas,
Gemeente Leerdam,
100/100 Rapport Ontwikkelperspectief Nationaal Glasmuseum Leerdam