Programmabegroting 2025-2028
Tekst van het document
1. Algemeen De financiële verordening vormt het kader voor het beleid van de treasuryfunctie. De focus bij treasury is gericht op feitelijke in- en uitgaande kasstromen die in deze paragraaf, naast de risico’s en interne rente, centraal staan. 2. Financieringsbehoefte Investeren in (im)materiële vaste activa kost geld; dit betreft bijvoorbeeld onze gebouwen die een belangrijke waarde vertegenwoordigen. Bij grondexploitaties gaan de kosten voor de baten uit. Zolang dit betekent dat gemaakte kosten nog niet zijn terugverdiend door verkopen, moeten we deze voorfinancieren. Om de rente- en de verwerkingskosten zo laag mogelijk te houden is totaalfinanciering de standaard bij overheidsinstellingen. Totaalfinanciering houdt in dat niet voor iedere investering afzonderlijk een lening wordt aangetrokken (met uitzondering van projectfinanciering), maar dat naar het totaal van de financieringsbehoefte wordt gekeken. De activa van de gemeente Venray zijn naar verwachting per begin 2025 als volgt gefinancierd:
Omschrijving
1-1-2025
Totale boekwaarde investeringen
196.657
Vaste financieringsmiddelen: Reserves
71.580
Voorzieningen
18.031
Langlopende leningen
67.685 157.296
Financieringstekort
39.361
Om in de financieringsbehoefte te voorzien gebruikt de gemeente interne en externe financieringsmiddelen. De interne financieringsmiddelen bestaan uit de reserves en voorzieningen. De externe financieringsmiddelen bestaan uit opgenomen kort- en langlopende geldleningen. Dagelijks wordt bijgehouden wat de geldbehoefte is. Afhankelijk van ons banksaldo en de toekomstverwachtingen worden leningen aangetrokken. Rentevisie Gezien allerlei externe invloeden zoals de oorlog in de Oekraïne, de inflatie, recessievrees escalatie in het Midden-Oosten, nieuwe Geo-politieke ontwikkelingen en handelsconflicten etcetera is het heel moeilijk een voorspelling te geven van de te verwachten renteontwikkeling. Venray volgt de renteontwikkelingen via landelijke media, websites van enkele banken en de wekelijkse info van financiële dienstverleners. Leningoverzicht Voor een (langdurig) financieringstekort dient de gemeente geld te lenen. OVERZICHT LENINGEN (incl. woningbouwleningen)
2025
2026
2027
2028
Leningen 1-1
67.685
88.936
103.422
108.406
Nieuwe leningen
27.100
21.443
12.641
6.758
Aflossingen
-5.849
-6.957
-7.658
-7.112
Leningen 31-12
88.936
103.422
108.406
108.051
Gebaseerd op onder meer de verwachte investeringsuitgaven en de daaruit volgende financieringsbehoefte is de verwachting dat de komende jaren leningen aangetrokken moeten worden. 85
Rente-uitgangspunten De gemeente rekent op basis van de verplichtingen in het BBV de rentelasten aan de producten toe met behulp van een interne administratieve rekenrente (renteomslag-percentage). Aan de renteomslag ligt het principe van totaalfinanciering ten grondslag. Hierbij is de notitie rente 2023 van de Commissie BBV leidend. Dit betekent o.a. dat geen gedifferentieerde percentages in de rentetoerekening mogen worden toegepast. Een uitzondering hierop vormen: -
projectfinanciering ten behoeve van de financiering van een specifiek project (renovatie gemeentehuis) of specifieke activiteit (doorverstrekte leningen t.b.v. woningbouw en BV Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo);
Het renteomslagpercentage wordt berekend door bij de jaarlijkse begroting de verwachte rentelasten te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Het bij de begroting (voor)gecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,50% worden afgerond. Het renteomslagpercentage in deze begroting 2025 is 1,3%. In de begroting 2024 is dit percentage ook 1,3%. Indien bij de jaarrekening blijkt dat de werkelijke rentelasten meer dan 25% afwijken van de rentelasten die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden is toegerekend, dan is bij de jaarrekening een correctie verplicht. Het renteomslag-percentage grondexploitaties werd tot en met de begroting 2024 op een andere wijze berekend dan het hiervoor genoemde renteomslagpercentage. Op grond van gewijzigde BBV regelgeving is deze afwijkende berekeningswijze met ingang van de begroting 2025 vervallen. Dit heeft tot gevolg dat in de begroting 2025 het renteomslagpercentage 1,3% ook van toepassing is op de grondexploitaties. Met ingang van de begroting 2022 wordt er door Venray geen rente meer over het eigen vermogen berekend. Renteresultaat treasury De commissie BBv adviseert om onderstaand schema op te nemen in de paragraaf financiering. Het renteresultaat op treasury is voor het jaar 2025. x € 1.000
Renteschema
2025
Rentelasten over de korte en lange financiering
2.900
Rentebaten
-401
Saldo rentelasten en baten
A
2.499
Eliminatie rente grondexploitaties, projectfinanciering etc.: - Aan grondexploitatie doorberekende rente
0
- Toerekening rente projectfinanciering
-633
- Rentebaten doorverstrekte leningen
351
Niet via de renteomslag door te berekenen rente
Aan taakvelden toe te rekenen rente via de renteomslag Rente over inzet eigen middelen Door te berekenen rente Toegerekende rente Renteresultaat op taakveld treasury
Renteomslagpercentage
B
-282
C=A+B
2.216
D E=C+D
0 2.216 2.225 8
1,30%
86
3. Risicobeheersing Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet fido. Hierna wordt verder ingegaan op de risicoaspecten die verbonden zijn aan de gemeentelijke treasuryfunctie. Deze kunnen in beginsel worden onderscheiden in renterisico, kredietrisico, koersrisico en valutarisico. De 2 laatstgenoemde risico’s zijn voor de gemeente Venray niet van toepassing. 4. Renterisico In de Wet fido zijn een kasgeldlimiet (korte schuld) en een renterisiconorm (lange schuld) opgenomen, ten einde de invloed van (externe) rentewijzigingen op de financiële resultaten te beperken. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is de norm voor het maximum bedrag waarbinnen de gemeente haar bedrijfsvoering met kortlopende gelden (met een rentetypische looptijd tot 1 jaar) mag financieren en bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. Indien in drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet overschreden zou worden, dient de gemeente de drie betreffende kwartaalrapportages aan de toezichthouder toe te zenden, met daarbij een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. In het onderstaande overzicht is de berekening van de kasgeldlimiet opgenomen voor het derde kwartaal 2023 tot en met het tweede kwartaal 2024. Dit overzicht is op verzoek van de provincie Limburg opgenomen. Uit het overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet niet is overschreden. Dit betekent dat geen risico is gelopen op korte financieringen.
Kasgeldlimiet 2023 en 2024 1) Berekening kasgeldlimiet 2021: Begrotingstotaal
2023
2024
151.699
167.414
Relevant percentage
8,50%
8,50%
Kasgeldlimiet
12.894
14.230
Kasgeldlimiet 3e kwartaal 2023 t/m 2e kwartaal 2024 3e kwartaal
4e kwartaal
1e kwartaal
2023
2023
2024
2e kwartaal 2024
Vlottende schuld (2)
8.711
10.072
11.647
2.264
Vlottende middelen (3)
12.945
5.481
6.143
8.188
Saldo (4) (=(2)-(3))
-4.234
4.591
5.504
-5.924
Kasgeldlimiet (1)
12.894
12.894
14.230
14.230
Ruimte (+) / Tekort (-)
17.128
8.303
8.726
20.154
Risiconorm De renterisiconorm heeft tot doel het beheersen van renterisico’s op de vaste schuld door o.a. het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille en daardoor een stabiele rentelast te bewerkstelligen. Dit houdt in dat de jaarlijkse aflossingen op leningen en eventuele renteherzieningen niet méér mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Uit onderstaand overzicht blijkt dat de renterisiconorm niet wordt overschreden en dus geen renterisico wordt gelopen. Renterisico Renteherzieningen
2025
2026
2027
2028
0
0
0
0
Aflossingen
5.849
6.957
7.658
7.112
Renterisico
5.849
6.957
7.658
7.112
87
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal Percentage cf. regeling
169.608
170.290
174.650
178.338
20%
20%
20%
20%
33.922
34.058
34.930
35.668
Renterisico
5.849
6.957
7.658
7.112
Renterisiconorm
33.922
34.058
34.930
35.668
28.073
27.101
27.272
28.555
Renterisiconorm Toetsing renterisico aan de norm
Ruimte binnen renterisconorm
Kredietrisico Kredietrisico op leningen en beleggingen Kredietrisico’s bestaan uit het risico dat uitgeleend / uitgezet geld niet wordt terugontvangen. Deze kredietrisico’s kunnen worden onderscheiden in: • • •
Risico op verstrekte leningen en beleggingen Risico op verstrekte garanties Risico op uitzettingen van gelden uit hoofde van treasury
Kredietrisico op leningen en beleggingen In onderstaand overzicht zijn de leningen verwerkt die door de gemeente zijn verstrekt en de beleggingen. Voor wat betreft de beleggingen is gehandeld in overeenstemming met de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden, ook wel Ruddo genoemd.
Leningen en beleggingen
Risicogroep
Verwachte stand per
1-1-2025
31-12-2025
% van totaal per 31-122025
Woningcorporaties
4.509
3.947
32,9%
Startersleningen Overige toegestane instellingen volgens Treasurystatuut
1.611
1.611
13,4%
6.945
6.420
53,5%
Staatsleningen (eurozone) (beleggingen)
524
24
0,2%
13.590
12.003
100%
Totaal
Staatsleningen Als gevolg van het in 2013 ingevoerde verplichte schatkistbankieren nemen de beleggingen elk jaar af, omdat ze alleen nog mogen worden herbelegd in het kader van de publieke taak. Het merendeel € 500.000 van de resterende beleggingen lopen af in 2025. Overige toegestane instellingen Onder de Overige toegestane instellingen is een lening u/g ad € 5,25 miljoen (stand 1-1-2025) aan BV Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo opgenomen.
88
Kredietrisico op garanties Garanties kunnen op twee manieren voor komen: 1. Directe garanties. 2. Achtervang. Ad 1. Bij directe garanties staat de gemeente tegenover geldgevers borg voor de betaling van rente en aflossing op langlopende geldleningen die zijn aangetrokken door lokale organisaties, instellingen of verenigingen die activiteiten verzorgen welke in het verlengde liggen van de gemeentelijke publieke taak. In 2017 heeft de gemeente zich garant gesteld voor een 2-tal leningen aan Glasweb Venray. Voor één lening wordt, om te voldoen aan marktconformiteit, een z.g. safe-harbourpremie (opslagrente) in rekening gebracht. Ten einde het risico op een eventueel verlies op deze garantstelling terug te brengen wordt de ontvangen premie niet ten gunste van de exploitatie gebracht maar toegevoegd aan de bestemmingsreserve Garantstelling lening GWV grijs-zwart BV. Ad 2. Achtervang betekent dat de gemeente, al dan niet samen met het Rijk, een rol speelt binnen de zekerheidsstructuur van een waarborgfonds, bijvoorbeeld de Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Door deze structuur kunnen instellingen die bij een waarborgfonds zijn aangesloten tegen de laagste rente lenen.
Mede vanwege de strenge toetsingscriteria en periodieke toetsing door het fonds, maar ook door de Autoriteit Woningcorporaties, loopt de gemeente Venray hierbij een veel lager risico dan bij directe borgstellingen. Gemeente Venray verwacht eind 2025 voor € 114 miljoen garant te staan voor leningen die voornamelijk zijn aangegaan door Wonen Limburg. Het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV) houdt namens het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties toezicht op het financiële reilen en zeilen van woningcorporaties. Het financiële toezicht valt onder de Autoriteit Woningcorporaties (AW). Deze AW doet risicogericht onderzoek op een zestal toezichtterreinen, die van invloed zijn op de financiële continuïteit. Voor wat betreft de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) namen het Rijk en de gemeente tot en met 2010 een achtervangpositie in van elk 50%; voor Venray betekent dit dat eind 2024 nog voor een bedrag van € 55 miljoen garant wordt gestaan. Vanaf 2011 neemt het Rijk de achtervang voor 100% voor haar rekening voor garanties afgegeven vanaf 1 januari 2011. De achtervangpositie van gemeenten voor bestaande NHG hypotheken blijft bestaan maar neemt geleidelijk aan af. Tot en met medio 2024 is de gemeente Venray niet aangesproken voor verliezen.
Het totaalbedrag dat door de gemeente via garantstellingen is gewaarborgd bedraagt per eind 2025 naar verwachting circa € 179 miljoen en is naar soort als volgt onderverdeeld: x € 1.000 Geldnemer
Geldgever
Waarborg
Hoofdsom
Percentage Stichting Wonen Limburg
Diverse
21-50%
Idem
Idem
100%
Totaal Stichting Wonen Limburg Overige woningcorporaties Overige particuliere woningbouw
Diverse Prov. Limburg
0,1%-50% 50%
Totaal woningbouw
425.926
Restant lening
Door de gemeente
31-12-2025
gewaarborgd
384.918
109.796
6.965
1.536
1.536
432.891
386.454
111.332
314.428
314.048
4.297
855
613
306
748.174
701.115
115.935 216
Sportverenigingen
Diverse
50%/100%
720
386
Sociaal-culturele instellingen
Diverse
100%
760
541
541
Glasweb Venray
BNG
100%
8.469
7.388
7.388
Achtervang Nationale Hypotheek Garantie
Diverse
50%
215.000
110.000
55.000
Totaal overige
224.949
118.315
63.145
Totaal generaal
973.123
819.430
179.080
89
5. Kasbeheer Betalingsverkeer De huisbankier van de gemeente Venray is de BNG Bank. Daarnaast heeft de gemeente ook betalingsverkeerrelaties met de Rabobank. Sinds 2013 zijn decentrale overheden op grond van de wet Fido verplicht deel te nemen aan schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden verplicht worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Uitgezonderd hierop zijn de middelen onder het drempelbedrag. Het drempelbedrag bedraagt 2% van het begrotingstotaal. Over deze uitgezette gelden wordt geen risico gelopen.
Paragraaf E. Bedrijfsvoering Inleiding Om op een gestructureerde wijze de vastgestelde beleidsdoelstellingen te kunnen realiseren is een goede bedrijfsvoering (de sturing en beheersing van onze interne organisatie) noodzakelijk. Dit doen we door onze doelen en de daaruit voortvloeiende opgaven zo eenduidig mogelijk te formuleren en onze beschikbare bedrijfsvoeringsmiddelen zo efficiënt en effectief mogelijk hierop in te zetten. De OverheidsOntwikkelCyclus gebruiken we hierbij als referentiekader voor organisatieontwikkeling. Dit kwaliteitsmodel biedt inzicht in de fase van ontwikkeling van de organisatie. Door de samenhang tussen de bedrijfsvoering- en organisatiegebieden helpt het model bij resultaatgericht sturen en geeft aan wat er nodig is om naar een meer procesgerichte organisatie te groeien.
Bron: Netwerk Stoom 1. Doelstelling, status en speerpunten 2025 Wat willen we bereiken? Ons hoogste doel is een excellente dienstverlening met een goede balans tussen flexibiliteit en zakelijkheid en een organisatie die de inwoners effectief, efficiënt en veilig bedient met een menselijke maat in een digitale netwerksamenleving. Dit doen we door middel van een traject voor organisatieontwikkeling dat moet leiden tot een procesgerichte organisatie die toegerust is om in de digitale netwerksamenleving effectief, efficiënt en veilig inwoners te bedienen met een
90
menselijke maat. Verder richten we ons op het verhogen van de kwaliteit van ons werk en verlagen van de kosten en kwetsbaarheid. Waar staan we? Vanuit een organisatieontwikkeltraject is een aantal activiteiten en opdrachten uitgevoerd die er voor moeten zorgen dat we toegerust blijven voor de toekomst. Zo hebben we bijvoorbeeld stappen gezet in strategische personeelsmanagement, hebben we onze arbeidsmarktcommunicatie geüpdatet en is het concernkompas ingebed. Door een aantal trends en ontwikkelingen is het nodig om de opdracht van de ontwikkeling van onze organisatie te herijken. De maatschappij ontwikkelt zich steeds sneller naar een digitale maatschappij. Wat gaan we doen? Prioriteiten 2025 De vraagstukken waar we als overheid mee worden geconfronteerd, worden steeds complexer en/of gemeenteoverstijgend. Dit stelt eisen aan de bedrijfsvoering en de manier waarop gewerkt wordt. De komende periode werken we op basis van vijf pijlers aan organisatieontwikkeling: Een digitale gemeente, Kundige medewerkers, Dienstverlening op maat, Een efficiënte gemeente en Bestuur en organisatie in control. Naast een blijvende investering in Medewerkers en Management is de doorontwikkeling van met name Processen en Informatie cruciaal voor een goed functionerende organisatie. 2. Beleid en strategie We realiseren ons dat de rol van de gemeente verandert.
We zijn niet meer op alle terreinen bepalend en stimuleren zelfsturingsinitiatieven en nemen daarbij hooguit een faciliterende rol op ons. We blijven investeren in het betrekken van inwoners en vooral ook jongeren bij beleid en politiek. Bij belangrijke onderwerpen maken we de dialoog mogelijk en we nemen een positieve grondhouding aan t.a.v. initiatieven. Speerpunten 2025 Toekomstvisie 'Venray 2030, Venray loopt voorop'. De vijf ambities uit de strategische visie zijn richtinggevend voor onze organisatie. De uitwerking krijgt vorm door beleidsontwikkelingen te koppelen aan de ambities uit de visie. Op onderdelen is door nieuwe ontwikkelingen aanscherping van de vijf ambities nodig. Deze aanscherping gebeurt in 2024. Thema’s informatievoorziening De geactualiseerde informatie-strategieën met kaders voor de komende jaren werden in 2023 opgesteld.
Ook in 2025 werken we verder met een aantal belangrijke thema’s: • Grip op informatie: We richten onze processen zo in, dat de informatie die we daarbij gebruiken en maken beter beschikbaar is en bewaard wordt; • De moderne werkplek: Een goed ingerichte digitale samenwerk-omgeving, waarmee we intern en extern samenwerken (Microsoft 365); • Digitalisering en robotisering: Processen en dienstverlening maken we efficiënter; • Datagedreven werken: De realisatie van onze organisatiedoelstellingen met data ondersteunen en zo de effecten van ons beleid in beeld; • A-plan: Kwalitatieve en goed beveiligde computersystemen (hardware) voor ons werk; Deze thema’s komen samen in de digitale transformatie van de organisatie. Digitale transformatie De digitale transformatie is een ontwikkeling die de komende jaren veel veranderingen vraagt, op het vlak van de dienstverlening en meer procesgericht en digitaal werken. De digitale transformatie is een door digitalisering gedreven verandering waarbij de inwoners, bedrijven en verenigingen centraal komen te staan. Op die manier creëren we meerwaarde. Digitalisering is een vast onderdeel in het dagelijkse leven van inwoners en bedrijven.
Diverse wet- en regelgevingen, zoals de Wet Open Overheid (zie ook paragraaf I), de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer en de nieuwe Archiefwet, stimuleren deze digitalisering van onze maatschappij en onze organisatie. We blijven daarbij onze manier van werken afstemmen op de behoefte van onze inwoners, bedrijven en verenigingen. Digitale transformatie gaat naast het toepassen van nieuwe technologie in ons werk, ook vooral om mensen en een nieuwe manier van denken en (samen)werken. Het is dus meer een organisatieontwikkeling, waarin ook de digitale vaardigheid van medewerkers een plek heeft.
91
Regionale samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering Ook in de Samenwerking bedrijfsvoering Venray/Horst aan de Maas werken we aan een betrouwbare, veilige en efficiënte dienstverlening aan onze inwoners en bedrijven. We continueren de ingezette koers waarbij we blijven werken aan het verminderen van de kwetsbaarheid, behouden/verhogen van de kwaliteit, beheersen van de kosten en vergroten van onze innovatiekracht. In 2025 ligt de focus op het verder harmoniseren, synchroniseren en waar mogelijk en wenselijk integreren van systemen, processen en werkwijzen voor de teams Informatievoorziening, HRM en Financiën. Bouwen aan vertrouwen Samen met dorps- en wijkraden, initiatiefnemers, ambtenaren, college en raad zijn we in gesprek geweest over ieders rol en de mate van participatie bij vraagstukken en initiatieven vanuit de samenleving. Belangrijk aandachtspunt is ook hoe gemeente en bewoners/partners met elkaar communiceren. Eind 2024 leidt dit tot een gezamenlijke visie op participatie en communicatie waarin voor iedereen helder is wat we van elkaar kunnen verwachten. Ook het uitdaagrecht zal in dit beleid worden verankerd. Tevens zal een handreiking participatie worden opgesteld en in 2025 worden geïmplementeerd en worden er gerichte interne trainingen aangeboden.
Tot slot wordt het participatiebeleid in 2025 vertaald in een participatieverordening die ook verplicht gaat zijn met inwerkingtreding van de ‘Wet versterking participatie op decentraal niveau’ (de Eerste Kamer heeft hier in het voorjaar van 2024 mee ingestemd). Op deze manier is voor eenieder helder welke verwachtingen we mogen hebben van elkaar en wie welke rol heeft op welk moment in interactieve processen. Zeggen wat je doet en doen wat je zegt, dat is een manier om verder te bouwen aan vertrouwen. Realiseren klantgerichte dienstverlening Om te kunnen voldoen aan de meer complexere klantvragen en meer maatwerk te bieden is binnen het team Burgerzaken een processpecialisatie gerealiseerd. We voldoen aan de kwaliteitseisen en blijven dit vasthouden en monitoren in de komende jaren. Daarnaast ligt de focus op de doorontwikkeling van een toegankelijke en klantgerichte (online) dienstverlening. De implementatie van de nieuwe geharmoniseerde visie op dienstverlening die in samenwerking met Horst aan de Maas tot stand is gekomen vraagt nog een verbreding naar de gehele organisatie. Daarnaast loopt er een traject om tot vernieuwing van het telecommunicatieplatform te komen voor gemeente Venray en Horst aan de Maas. We blijven verder bouwen aan een goede dienstverlening aan inwoners en ondernemers, aansluiten op hun behoeften, die we actief ophalen.
In de kern zijn we op weg om te kantelen naar een proces- en klantgeoriënteerde dienstverlening. Daarbij leggen we nadrukkelijk de relatie met de digitale transformatie. Op een mensgerichte wijze willen we gebruik maken van de mogelijkheden van digitalisering om onze dienstverlening verder te verbeteren. Sturing en beheersing Vanuit de visie op control en de verdere uitwerking van de leidende principes daarin, is er continue aandacht voor meer grip/control op de verschillende processen. Naast Risicomanagement en Resultaatmanagement is een adequate informatievoorziening van belang om per beleidsveld de optimale resultaten te bereiken en de juiste sturing te kunnen geven. Vanuit de diverse beleidskaders, de thema's rondom informatievoorziening en de digitale transformatie geven we in 2025 verder uitvoering aan de sturing/beheersing van onze dagelijkse processen. 3. Management Binnen het management development programma is aandacht voor het vertalen van de gewenste organisatiekoers naar afdelingen en teams. Een belangrijk uitgangspunt is strategisch personeelsmanagement (SPM) waarin we blijvend aandacht hebben voor het ‘vinden, binden en boeien van medewerkers’ en het ‘ruimte geven voor ontwikkeling’ van medewerkers. Het management stuurt op de doorontwikkeling van teams/medewerkers en gebruikt daarbij de vaardigheden die vanuit een leiderschapstraject zijn opgedaan.
92
4. Medewerkers In een steeds krapper wordende arbeidsmarkt én een organisatie die vergrijst, is extra aandacht nodig voor vitaliteit, behoud en ontwikkeling van kennis en verjonging van het personeelsbestand. Het zorgen voor goed en voldoende personeel, nu én in de toekomst, is een uitdaging voor veel werkgevers. Het ‘vinden, binden en boeien van personeel’ is zodoende ook één van de speerpunten binnen het strategisch personeelsmanagement (SPM) en HR Programma van de gemeente Venray. Naast een nieuwe actieve arbeidsmarktcommunicatie wordt binnen deze programma’s op verschillende manieren gewerkt aan het behouden van personeel. In Venray doen wij dat door onder andere het bieden van een aantrekkelijke werkomgeving, goede ontwikkelingsmogelijkheden, mensen inzetten op hun talenten, extra aandacht voor on- en offboarding, waardering van het personeel en sociale activiteiten om de betrokkenheid bij de organisatie te versterken. Tevens proberen wij de betrokkenheid van medewerkers te vergoten door ze actief te betrekken bij de ontwikkeling van de organisatie (o.a. via de medewerkers dialoog, bijeenkomsten, opdrachten) en vragen wij feedback van onze medewerkers (o.a. jaargesprekken, exitinterviews) om te kijken wat zij waarderen bij de gemeente Venray als werkgever en waar eventuele verbeteringen mogelijk zijn.
Op al deze manieren streven wij ernaar om een aantrekkelijke werkgever te zijn waar mensen graag komen en ook blijven werken. Een belangrijk aandachtspunt is strategische personeelsplanning; hoe zorgen we ervoor dat we ook in de toekomst over voldoende gekwalificeerd personeel kunnen beschikken? Dat betekent in ieder geval ook investeren in de huidige medewerkers (loopbaanbeleid, opleiding/training etc.). Ook is er extra aandacht voor digitale vaardigheden en –vergadertechnieken en is er voor de introductie van nieuwe medewerkers een apart programma. Via de Venrayse school (een centraal georganiseerd ontwikkelaanbod gericht op kennis en vaardigheden voor medewerkers) worden ook online leermogelijkheden en nieuwe cursussen aangeboden. 2025 Afdeling Griffie
2024
2023
fte vast fte tijd. fte tot. fte vast fte tijd. fte tot. 3,7
3,7
fte vast fte tijd. fte tot.
3,5
3,5
3,5
3,5
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
Secretaris
1,0
Wonen Werken en Leven
137,7
1,6
139,3
133,7
0,8
134,5
117,6
5,8
123,4
Stad Dorpen en Wijken
123,8
3,9
127,7
121,3
2,2
123,5
112,4
4,7
117,1
Bedrijfsvoering
110,2
110,2
107,5
0,3
107,9
101,9
4,3
106,2
Concern
17,6
0,2
17,8
15,4
5,2
20,6
13,5
Totaal
394,0
5,8
399,8
382,4
8,5
390,9
349,9
13,5 14,8
Bovenstaande tabel geeft in de kolom 2025 de geschatte formatie (BCP) aan per 1 januari 2025 op basis van de informatie die medio juni 2024 beschikbaar was. De cijfers in de kolommen 2024 en 2023 zijn uit de begroting van die betreffende jaren overgenomen. Het personeelsbudget 2025 is afgestemd op deze formatie. Ten opzichte van de cijfers in de begroting 2024 is de vaste formatie met 11,6 fte toegenomen. 5. Financiën Financiën is geen doel op zich maar een middel om de doelen van de organisatie en maatschappelijke effecten te behalen. De financiële middelen zijn volgend op het beleid maar kunnen daarnaast ook kaderstellend zijn. De financiële ruimte zorgt ervoor dat er keuzes gemaakt moeten worden. Door middel van een goed ingerichte Planning & Controlcyclus wordt de relatie tussen het halen van de doelen en de ingezette middelen bewaakt. In het inwerkprogramma van nieuwe medewerkers wordt, wanneer relevant, de ondersteunende applicatie nader uitgelegd. Medewerkers van Financiën, Planning & Control ondersteunen zowel het proces als de medewerkers hierbij.
93
364,7
6. Processen en informatie Processen De uitdagingen van deze (digitale) tijd en de ontwikkelingen de komende jaren vragen van ons dat we kritisch blijven kijken naar onze processen en deze waar nodig actualiseren en verbeteren. Er zijn namelijk minder middelen en minder mensen beschikbaar voor de zelfde (of meer) taken. Daarbij kunnen digitale mogelijkheden deze beter ondersteunen. Opdrachten als digitale toegankelijkheid en digitale transformatie zijn opdrachten waarmee we dit willen realiseren. Informatie De informatie die we gebruiken moet tijdig en juist zijn. Daarnaast gaan we steeds meer data gedreven werken en maken daarbij gebruik van gegevens en informatie. De kwaliteit daarvan moet goed zijn. Het data gedreven werken helpt ons bij de juiste sturing, besluitvorming, producten en diensten. De Wet Open Overheid stimuleert ons deze informatie transparant ter beschikking te stellen aan onze inwoners. Vanuit de digitale transformatie en informatie strategieën die we hanteren, werken we daarbij in de volgende 3 sporen: • Blijvend onze basis op orde ➔ We ontwikkelen als organisatie samen door en zijn aan de slag met de uitdagingen op digitaliseringsgebied. • Doorontwikkeling organisatie ➔ Digitale vaardigheden en digitale cultuur krijgen extra aandacht als basis voor excellente dienstverlening.
• Data gestuurd werken ➔ We hebben een business intelligence omgeving, die ons ondersteunt bij data gestuurd werken. 7. Resultaatgebieden Een resultaatgerichte organisatie heeft haar ambities vertaald naar concreet te realiseren doelstellingen: prestaties (output) en effecten (outcome). Dit vraagt om een smart vertaling naar indicatoren en doelwaarden, om eenduidige metingen en om actieve sturing op doelrealisatie. We hebben stappen gezet in het concreter formuleren van effecten en prestaties waarmee monitoring van gestelde doelen en daarvoor uitgevoerde activiteiten nog beter mogelijk wordt. Daarnaast werken we, met de methodiek van programmeren en prioriteren, aan een verdere doorontwikkeling van sturing en beheersing op basis van de uitgangspunten en de leidende principes vanuit de visie op control. De informatievoorziening vanuit diverse beleidsvelden wordt hierbij samen met betrokkenen in kaart gebracht en verbeterd. 8. Leren en verbeteren In 2024 hebben we een positiebepaling uitgevoerd in het kader van de organisatie-ontwikkelcyclus. Dit levert ons inzicht op en verbeterpunten in o.a. de bedrijfsvoering. Deze worden vastgesteld op basis van analyse en worden vervolgens systematisch doorgevoerd. Hierbij vindt prioritering plaats op basis van een integrale afweging.
Aanbevelingen uit de managementletter en het accountantsverslag van de onafhankelijke accountant, de verbeterpunten uit rekenkameronderzoeken en de adviezen naar aanleiding van interne controles worden systematisch vastgelegd en gemonitord. 9. Rechtmatigheidsverantwoording en Fraude risicoanalyse Het College van B&W stelt met ingang van het boekjaar 2023 zelf een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening. Voorheen werd de rechtmatigheid door de accountant gecontroleerd. De accountant controleert de getrouwheid van deze verklaring. Op 6 juli 2021 werd de Notitie Rechtmatigheidsverantwoording vastgesteld door de raad: in deze notitie wordt beschreven wat de rechtmatigheidsverantwoording voor de gemeente betekent en welke rapportagetoleranties voor Venray gehanteerd worden. Concreet betekent dit dat we in Venray voor de rechtmatigheidsverantwoording starten met de financieel relevante processen en dat de huidige rapportage- en tolerantiegrenzen gehandhaafd blijven. Kortheidshalve wordt voor de inhoudelijk details verwezen naar de vastgestelde Notitie Rechtmatigheidsverantwoording. In de afgelopen 2 jaar hebben we onze procesbeschrijvingen, voor de financieel relevante processen, tegen het licht gehouden en de interne beheersmaatregelen getoetst om de geïdentificeerde risico’s te verkleinen naar een aanvaardbaar niveau.
Daar waar nodig zijn de beheersmaatregelen verder aangescherpt en/of zijn de interne beheersmaatregelen versterkt. Tevens werd de werking van de processen gecontroleerd. Ook wordt gewerkt aan de verbetering/optimalisering van de control organisatie en de rollen van de diverse betrokkenen in het gehele pallet van risicomanagement binnen de organisatie. Daarmee 94
verwachten we een diepgaandere invulling te kunnen geven aan de rechtmatigheidsverantwoording. Frauderisico’s, misbruik en oneigenlijk gebruik. De financieel relevante processen zijn per individueel proces uitgeschreven en de beheermaatregelen om fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik te voorkomen zijn in deze beschrijvingen vastgelegd. Vanuit de individuele processen zijn de risicomomenten in beeld. In het kader van de actualisering van het risicobeleid is aangegeven dat een organisatiebrede frauderisicoanalyse opgesteld gaat worden. De commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) adviseert om een overkoepelend beleidsstuk misbruik & oneigenlijk gebruik (nota M&O) op te stellen. In 2024 is deze nota M&O opgesteld en door uw raad vastgesteld. Deze nota geeft een actueel kader van het M&O beleid van de gemeente Venray.
95
10. Overzicht overhead Om de gemeenteraad meer inzicht te geven in de totale kosten van overhead en de vergelijkbaarheid tussen gemeenten te bevorderen wordt conform de BBV een afzonderlijk overzicht van de totale overhead opgenomen. Overhead
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Bedragen x € 1.000 Overhead excl. reserves
Lasten 20.486
Lasten 24.159
Baten 41
Lasten 23.999
Baten 42
Lasten 24.657
Baten 43
Lasten 25.482
Baten 43
Lasten 26.083
Baten 43
Mutaties reserves Overhead incl. reserves
Baten 413
0
669
0
585
0
493
0
465
0
438
0
161
20.486
1.082
24.159
626
23.999
535
24.657
508
25.482
481
26.083
204
96
Paragraaf F. Verbonden partijen Inleiding De uitvoering van taken is voor de gemeente steeds complexer geworden. In toenemende mate wordt de uitvoering van taken ondergebracht in samenwerkingsverbanden of wordt er een beroep gedaan op andere organisaties, waaraan taken worden uitbesteedt. Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording zijn verbonden partijen organisaties waarin de gemeente zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft. Van een financieel belang is sprake als: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat of; De gemeente voor bedragen aansprakelijk is als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Van een bestuurlijk belang is sprake als een wethouder, raadslid of ambtenaar van de gemeente namens de gemeente in het bestuur van de partij plaatsneemt of namens de gemeente stemt. De nota ‘Vizier op Samenwerking’ vormt het gemeentelijk beleidskader voor bestuurlijke samenwerking, waarin het doel, de uitgangspunten, de meerwaarde maar ook de valkuilen van bestuurlijke (intergemeentelijke) samenwerking zijn opgenomen. Gemeenten blijven wel verantwoordelijk voor de taken die zij door verbonden partijen laten uitvoeren. In het Risicobeleid van de gemeente Venray is het onderwerp “Verbonden partijen” specifiek benoemd.
In de verdere uitwerking van dit beleid vormt het verbeteren van de grip op diverse vormen van samenwerking en informatievoorziening hierover aan de raad één van de aandachtspunten. Verder hebben de gezamenlijke raden van Noord-Limburg in 2018 opdracht gegeven om tot een meer gecoördineerde sturing te komen op vijf gemeenschappelijke regelingen (Veiligheidsregio Limburg-Noord, Modulaire Gemeenschappelijke regeling Sociaal Domein Limburg-Noord, Omnibuzz, Regionale Uitvoeringsdienst Limburg-Noord en Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen). Hierbij zijn afspraken gemaakt over accounthouderschap en taken die hieronder worden uitgevoerd. In dit kader is Venray regievoerder voor de Veiligheidsregio Limburg-Noord. In deze paragraaf nemen we de lijst verbonden partijen op. Er wordt onderscheid gemaakt in de volgende categorieën verbonden partijen: - Publiekrechtelijke (gemeenschappelijke regelingen tussen overheden) - Privaatrechtelijke (rechtspersonen) Naast de bovenstaande categorieën wordt ook nog op andere manieren samengewerkt met diverse partijen. Deze samenwerkingen worden verder niet toegelicht in deze paragraaf. Nr.
Naam
Plaats
Vorm
Deelprogramma
1.01
Veiligheidsregio Limburg-Noord
Venlo
GR
DP11 DP23
1.02
Werkvoorzieningsschap NoordLimburg West
Venray
GR
DP12
1.03
Euregio Rijn-Maas-Noord
Mönchengladbach
GR (Duits recht)
DP41
1.04
Modulaire Gemeenschappelijke Venray Regeling Sociaal Domein LimburgNoord
GR
DP12
1.05
Omnibuzz
Sittard
GR
DP12
1.06
Regionale Uitvoeringsdienst Limburg-Noord
Venray
GR
DP23
1.07
Zorg en Veiligheidshuis NoordLimburg
Horst
Netwerkorganisatie DP11
1. Publiek
97
Nr.
Naam
Plaats
Vorm
Deelprogramma
2.01
Bodemzorg Limburg BV
Maastricht
BV
DP22
2.02
Toeristisch en Recreatief Platform Venray
Venray
Stichting
DP31
2.04
NV Waterleiding Maatschappij Limburg
Maastricht
NV
DP32
2.05
NV Bank Nederlandse Gemeenten Den Haag
NV
DP43
2.07
Enexis Holding
Den Bosch
NV
DP32
2.11
CSV Amsterdam BV
Den Bosch
BV
DP43
2.12
Publiek Belang Electriciteitsproductie BV
Den Bosch
BV
DP43
2.13
BV Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo
Venlo
Stichting
DP31
2.15
Veilig Thuis
Venlo
Stichting
DP11
2.16
Vereniging Afvalsamenwerking Limburg (ASL)
Maastricht
Vereniging
DP22
2.17
Natuurnetwerk Gemeenten
Driebergen
Vereniging
DP22
2.18
Venray Bloeit
Venray
Stichting
2.19
Limburg Marketing
Roermond
Stichting
2. Privaat
DP31 DP31
1.01 Veiligheidsregio Limburg-Noord Vestigingsplaats
Venlo
Doel
Meerwaarde behalen in veiligheid en gezondheid van de burgers.
Participanten
De 15 gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg.
Openbaar belang
Het behartigen van de belangen van de gemeenten en hun ingezetenen op het gebied van: a. de brandweerzorg; b. de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen; c. de rampenbestrijding en crisisbeheersing; d. het bevorderen van de multidisciplinaire uitvoering van de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de bestrijding van zware ongevallen; e. het bevorderen van een samenhangend integraal veiligheidsbeleid in de regio; f. de publieke gezondheid en de maatschappelijke zorg.
Bestuurlijk belang
De gemeente wordt in het algemeen bestuur vertegenwoordigd door de burgemeester en portefeuillehouder volksgezondheid. De gemeente wordt in de bestuurscommissie GGD vertegenwoordigd door de portefeuillehouder volksgezondheid. De gemeente wordt in de bestuurscommissie Veiligheid vertegenwoordigd door de burgemeester. De gemeente Venray betaalt aan de Veiligheidsregio Limburg-Noord een bijdrage van € 5.970.000 gebaseerd op de begroting 2025. De hogere inflatie werkt door in stijgende personeels- en materiaalkosten. Dit gaat de komende jaren voor een verhoging in de gemeentelijke bijdrage zorgen. De hoogte daarvan is nog onbekend. Vrijwillige brandweerorganisatie: financiële gevolgen van de uitspraken van het Europese Hof zijn nog onbekend.
Financieel belang Risico's
Ontwikkelingen
Vorm
GR
DP
DP23DP11
98
Beleidsvoornemens
Rapportages Financiële ontwikkeling (x €1.000)
Uitvoering geven aan eerder vastgesteld beleid, ambitie en wettelijke taak bestaande uit: a. De vastgestelde besturingsfilosofie bestuurlijk vastgesteld door het algemeen bestuur in 2009; b. De Wet veiligheidsregio’s; c. De Wet publieke gezondheid; d. Uitvoering geven aan de wettelijke taak en ambitie op basis van het risicoprofiel van de regio en het gezondheidsprofiel van de regio. Begroting en jaarrekening. Tussentijdse voortgangsrapportages. 2022 2023 2024 (begr.) 2025 (begr.)
Eigen vermogen
6.551
8.014
5.603
5.149
Vreemd vermogen
32.792
32.363
35.747
28.553
965
1.948
0
0
Resultaat
1.02 Werkvoorzieningsschap Noord-Limburg West Vestigingsplaats
Venray
Doel
Uitvoering geven aan de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) voor de gemeenten Peel en Maas, Horst aan de Maas en Venray. Sinds 1 januari 2015 is de NLW een van de professionele partners bij het uitvoeren van de participatiewet. Gemeenten Peel en Maas, Horst aan de Maas en Venray
Participanten Openbaar belang
Vorm
GR
DP
DP12
Het initiëren, creëren, organiseren en uitvoeren van werk en het bevorderen van mogelijkheden op de arbeidsmarkt voor met name diegenen die in de toetreding tot de arbeidsmarkt worden belemmerd. Het op bedrijfsmatig verantwoorde wijze uitvoeren dan wel doen uitvoeren van taken van en voor gemeenten op het terrein van de gesubsidieerde arbeid. Primair betreft dit de taken in het kader van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Daarnaast geldt dit ook voor andere onderdelen van de Participatiewet zoals nieuw beschut werken en de banenafspraak.
Bestuurlijk belang
Financieel belang
Risico's
De gemeente wordt in het algemeen bestuur vertegenwoordigd door (en is tevens voorzitter) portefeuillehouder Leven. De gemeente heeft als bestuurder van het werkvoorzieningsschap zeggenschap over de inhoudelijke dienstverlening van de NLW-Groep NV en als aandeelhouder zeggenschap over de bedrijfseconomische aspecten van de NLW-Groep NV. In de meest actuele prognoses van de NLW (o.b.v. de participatiewet) wordt uitgegaan van een scenario waarbij er een structureel exploitatietekort zal ontstaan bij de NLW organisatie wat door de deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling wordt bekostigd. Gemeentelijke bijdrage 2025 in de exploitatie en de bestuurskosten is € 209.000. Verstrekte geldlening € 1.695.000. Terugbetalen geldlening, afname van de Rijkssubsidie ten behoeve van de SW en tekorten in de exploitatie van de NLW.
99
Ontwikkelingen
De in december 2020 vastgestelde koers is door de gemeenteraden ingetrokken omdat die niet uitvoerbaar bleek. Er is een nieuwe opdracht "iedereen doet mee" geformuleerd. Deze opdracht bestaat uit 3 deelopdrachten: 1. Strategische samenwerkingsverkenning Participatie2. Onderzoek wat er voor nodig is om de verouderde GR te herzien of te ontbinden.3. Nieuwe infrastructuur voor beschermd en beschut werken. De uitvoering vindt in 2024 tot medio 2025 plaats.Tot die tijd blijft de inzet liggen op continuering van de bedrijfsvoering.
Beleidsvoornemens
Binnen de (financiële) kaders uitvoering geven aan de Wsw en gedeeltelijke invulling geven aan de Participatiewet. Begroting en jaarrekening.
Rapportages Financiële ontwikkeling (x €1.000)
2022
2023
2024 (begr.)
2025 (begr.)
Eigen vermogen
38
67
39
39
Vreemd vermogen
5571
6082
5389
5333
-21
29
0
0
Resultaat
1.03 Euregio Rijn-Maas-Noord Vestigingsplaats
Mönchengladbach Vorm
Doel
Stimuleren, ondersteunen en coördineren van de regionale grensoverschrijdende samenwerking tussen de leden, in het bijzonder op de volgende gebieden: economische ontwikkeling, opleiding en onderwijs, arbeidsmarkt, verkeer en vervoer, technologie en innovatie, ruimtelijke ordening, cultuur en sport, toerisme en recreatie, milieubescherming en afvalverwerking, natuurbehoud, rampenbestrijding, communicatie, openbare orde en veiligheid. Van de euregio rijn-maas-noord maken tegenwoordig 34 leden (stand juni 2024) deel uit. In het Nederlandse deel van de euregio zijn dat de gemeenten Beekdaelen, Beesel, Echt-Susteren, Horst aan de Maas, Landgraaf, Leudal, Nederweert, Peel en Maas, Maasgouw, Roerdalen, Roermond, Sittard-Geleen, Venlo, Venray, Weert en MKB Limburg. Aan Duitse kant gaat het naast de Landeshauptstadt Düsseldorf om de steden Mönchengladbach en Krefeld, het zuidelijk deel van de Kreis Kleve, de gemeenten Brüggen, Niederkrüchten, Selfkant en Schwalmtal, de steden Straelen, Geldern, Nettetal, Wassenberg, Wegberg, de Kreis Viersen, de Rhein-Kreis Neuss, de Kreis Heinsberg, de Industrie- und Handelskammer Mittlerer Niederrhein en de Niederrheinische Industrieund Handelskammer in Duisburg. Het stimuleren van grensoverschrijdende samenwerking en belangenbehartiging van de euregio binnen het cohesiebeleid van Europa.
Grensoverschrijdende samenwerking is van belang ter ondersteuning van ons bedrijfsleven. Dit past ook bij de ambitie van de tweede centrumstad van Noord Limburg. Via de euregio heeft Venray invloed op de benutting van het INTERREG A programma. De euregio’s langs de grens voeren hierover het programmamanagement.
Participanten
Openbaar belang
GR (Duits recht)
DP
DP41
100