CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Boekwerk Kadernota 2026 inclusief 1e bijstellingen 2025 def

Gemeenteraad 2 juli 2025, gemeente VenrayBij agendapunt: Kadernota 2026 inclusief 1e bijstellingen 202530.246 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Kadernota 2026

Gemeente Venray 13-05-2025

2

Aanbiedingsbrief

Met deze kadernota 2026 bieden wij u het financieel meerjarenperspectief aan dat richting geeft voor de begroting 2026-2029. Tevens is hierin de eerste bestuursrapportage opgenomen. Deze kadernota is niet alleen een technische financiële exercitie, maar vooral een uitnodiging aan u als raad om samen scherp te kijken naar wat nodig is voor Venray, nu en in de toekomst. We staan als gemeente op een kruispunt. Aan de ene kant zien we positieve ontwikkelingen, zoals het op orde brengen van onze begroting voor de volgende twee jaar. Aan de andere kant zien we in de Voorjaarsnota van het kabinet, dat structurele financiële uitdagingen niet zijn opgelost, maar vooral vooruit zijn geschoven. Het zogenaamde ravijnjaar is niet verdwenen, maar verschoven van 2026 naar 2028. Daarmee blijft onzekerheid bestaan over de financiële ruimte op de langere termijn. Ondertussen staan we voor grote maatschappelijke opgaven die niet wachten op de uitkomst van landelijke onderhandelingen: de druk op de zorg en jeugdhulp blijft hoog, de woningnood vraagt om tempo, de arbeidsmarkt krapte raakt ook onze uitvoering, en klimaat en energietransitie vragen om investeringen. Dit alles terwijl de uitvoeringscapaciteit tegen grenzen aanloopt.

Daarom kiezen we er als college voor om terughoudend te zijn met nieuwe ambities, behalve waar het gaat om het uitvoeren van wettelijke taken of het in stand houden van de kwaliteit van onze voorzieningen. Maar terughoudend betekent niet afwachtend. Juist nu is het belangrijk om samen te bepalen: Wat vinden we in Venray noodzakelijk? Waar kiezen we wél voor? In deze kadernota vindt u: • Het geactualiseerde financiële beeld en de eerste bijstellingen voor 2025. • Het resultaat van het Actieplan Sluitende Begroting: hoe we lokaal kosten verlagen, inkomsten verhogen en begrotingsprincipes aanpassen. • De keuzes die we maken in prioritering, omdat niet alles kan: gericht op haalbaarheid, capaciteit en een realistische planning. • Een weergave van de onzekerheden die op ons afkomen, waaronder de mogelijke gevolgen van landelijke keuzes over jeugdzorg, gemeentefonds en de hervormingsagenda. Uiteindelijk resulteert dit, met de informatie die nu voorhanden is, in een meerjarig sluitende begroting. In de definitie van het actieplan betekent dit dat minimaal het jaar 2026, én één of meer jaren van de meerjarenraming, structureel sluitend moeten zijn. Het verloop van de begroting 2025 en meerjarenperspectief 2025-2029: Resultaat begroting 2025

(x € 1.000)

Begroting 2025

96

Resultaat primaire begroting 2025

1.640

Wijzigingen 2e bestuursrapportage 2024

33

Wijzigingen vóór 1e bestuursrapportage 2025

568

Wijzigingen 1e bestuursrapportage 2025

5.511

Kadernota 2026

-148

Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2025

7.701

Totaal Saldo

Kadernota 2026 Meerjarenperspectief 2025-2029

(x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

7.701

444

129

-4.352

-4.632

We vragen u om dit richtinggevend kader vast te stellen, als basis voor de verdere uitwerking in de Programmabegroting 2026-2029. Maar vooral vragen we u om het gesprek met ons aan te gaan over de volgende vragen: • Waar willen we de schaarse middelen op inzetten? • Hoe houden we onze ambities realistisch, gezien de financiële en personele grenzen? • Hoe zorgen we samen voor een Venray dat sociaal sterk, economisch vitaal en duurzaam toekomstbestendig blijft? We danken u voor uw betrokkenheid en zien uit naar de dialoog hierover. Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Venray. 3

4

Vaststellingsbesluit De raad van de gemeente Venray, Gelezen het advies van B&W van 13 mei 2025. Besluit: Besluit inzake 1e bijstellingen 2025: 1. In te stemmen met de 1ste bijstellingen en de daarin opgenomen, financiële en administratieve mutaties in de exploitatie en investeringsbudgetten, reserves en voorzieningen; 2. Akkoord te gaan met het positieve resultaat 2025 van € 568.000 voortvloeiend uit de 1e bijstellingen 2025 en dit ten gunste te brengen van het resultaat 2025; 3. Het resultaat uit deze 1e bijstellingen over de jaren 2026 tot en met 2029 te verwerken in de meerjarenbegroting. Besluit inzake kadernota 2026: 1. Vaststellen van de kadernota 2026, inclusief het Meerjarig Uitgaven- en Investeringsplan (MUIP) 2026-2029 als richtinggevend kader voor de Programmabegroting 2026-2029.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 2 juli 2025.

, raadsgriffier

5

6

Inhoud Kadernota 2026 ...................................................................................................................1 Aanbiedingsbrief ..................................................................................................................3 Vaststellingsbesluit ...............................................................................................................5 Inhoud ................................................................................................................................7 Leeswijzer ...........................................................................................................................8 1. Financieel meerjarenperspectief .........................................................................................9 1.1 Meerjarenperspectief inclusief MUIP ...............................................................................9 1.2 Huidig verwacht resultaat .............................................................................................9 1.3 Ontwikkelingen ......................................................................................................... 13 2. Reservepositie en weerstandsvermogen ............................................................................

15 2.1 Weerstandsvermogen ................................................................................................ 15 2.2 Risico's..................................................................................................................... 16 2.3 Reservepositie .......................................................................................................... 16 3. Programma's.................................................................................................................. 18 Programma 1 Leven ........................................................................................................ 19 Programma 2 Wonen ....................................................................................................... 22 Programma 3 Werken ...................................................................................................... 24 Programma 4 Besturen .................................................................................................... 25 4. De 1e bijstellingen 2025 .................................................................................................. 27 Actueel financieel beeld na bijstellingen ............................................................................. 27 Financiële afwijkingen......................................................................................................

28 Verloop investeringen ...................................................................................................... 39 Majeure projecten ........................................................................................................... 40 Bijlagen ............................................................................................................................ 51 Bijlage 1. Totaaloverzicht MUIP-aanvragen......................................................................... 51 Bijlage 2. Uitgangspunten meerjarenbegroting 2025-2029 ................................................... 57 Bijlage 3. Reserves en voorzieningen ................................................................................. 63 Bijlage 4. Mutaties investeringsbudgetten .......................................................................... 64 Bijlage 5. Lijst met afkortingen ......................................................................................... 68 Bijlage 6. Financiële gevolgen actieplan sluitende begroting ................................................. 75 Onderbesteding budgetten ............................................................................................ 75 Verhoging van inkomsten .............................................................................................

79 Begrotingsprincipes wijzigen ......................................................................................... 79 Bijlage 7. Herprioritering opdrachten ................................................................................. 82

7

Leeswijzer Voor u ligt de kadernota 2026, inclusief het Meerjaren Uitgaven en Investeringsplan 2026-2029 (MUIP) . De kadernota dient als richtinggevend kader voor de op te stellen Programmabegroting 2026-2029. De bestuursrapportage en de rapportage majeure projecten zijn geïntegreerd in de kadernota. De 1e bijstellingen 2025 zijn nader toegelicht in hoofdstuk 4 van deze kadernota. Door de automatische koppeling tussen LIAS onderdeel financieel management en LIAS onderdeel document management worden tekstuele en financiële onderbouwingen (begrotingswijzigingen) direct opgenomen in de kadernota. Hierdoor kunnen dezelfde toelichtingen voorkomen in de verschillende deelprogramma's. In het overzicht van de financiële afwijkingen op programmaniveau kan het onderwerp van de begrotingswijziging meerdere keren voorkomen echter kan de financiële invloed (positief en negatief) per deelprogramma verschillen. Deze kadernota kent de volgende opzet: Hoofdstuk 1:

Weergave toelichting op het financiële meerjarenperspectief voor 2025-2029.

Hoofdstuk 2:

Weergave van de (meerjarige) ontwikkeling van de reservepositie en het weerstandsvermogen.

Hoofdstuk 3:

Per programma een beschrijving van activiteiten om de gestelde doelen te kunnen realiseren.

Hoofdstuk 4:

1e bijstellingen 2025 en majeure projecten.

Bijlage 1:

Totaaloverzicht MUIP 2026-2029.

Bijlage 2:

Uitgangspunten meerjarenbegroting 2026-2029.

Bijlage 3:

Reserves en Voorzieningen.

Bijlage 4:

Mutaties investeringsbudgetten.

Bijlage 5:

Lijst met afkortingen.

Bijlage 6:

Financiële gevolgen actieplan sluitende begroting.

Bijlage 7:

Herprioritering opdrachten.

De bedragen in de tabellen zijn in € 1.000 tenzij anders is vermeld.

8

1. Financieel meerjarenperspectief 1.1 Meerjarenperspectief inclusief MUIP Inleiding

In de aanbiedingsbrief is de huidige financiële situatie op hoofdlijnen toegelicht. Een nadere toelichtingen op de ontwikkelingen waaronder het gemeentefonds zijn opgenomen bij onderdeel 1.3 Ontwikkelingen. Hieronder wordt het huidig verwachte verloop van het meerjarenperspectief 2025 – 2029 getoond. Voor een nadere inhoudelijke toelichting op het meerjarenperspectief verwijzen wij u naar onderdeel 1.2 tot en met 1.3. Kadernota 2026

2025

2026

2027

2028

2029

Begrotingsresultaat begroting 2025 - 2029

96

-4.086

-4.870

-5.290

-5.654

Post onvoorzien begroting 2025 - 2029

0

0

0

0

0

1.640

1.771

1.404

876

674

Raadsbesluiten tot en met maart 2025

33

-309

-242

-254

-219

1e Berap 2025

568

852

1.269

1.120

938

Huidig verwacht resultaat

2.338

-1.772

-2.438

-3.548

-4.259

Kadernota 2026

5.511

2.835

3.262

-126

281

Geactualiseerd meerjarenperspectief

7.849

1.064

824

-3.674

-3.978

0

-757

-822

-794

-785

7.849

307

3

-4.468

-4.763

-148

137

126

116

132

7.701

444

129

-4.352

-4.632

2e berap 2024

Totaal nieuwe MUIP aanvragen Meerjarenperspectief incl. MUIP Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2025 Meerjarenperspectief 2025-2029

1.2 Huidig verwacht resultaat

Onderstaand wordt het huidig verwacht resultaat zoals vermeld in het meerjarenperspectief 20252029 (zie 1.1.) nader toegelicht. Begrotingsresultaat begroting 2025-2029. Dit betreft het begrotingsresultaat 2025-2029 na vaststelling van de programmabegroting 20252028 door de raad op 5 november 2024. Post onvoorzien. In overeenstemming met de financiële verordening (artikel 212) is de post onvoorzien bepaald op € 0. Vanwege wet- en regelgeving is het noodzakelijk om deze zichtbaar te maken. 2e berap 2024. De 2e bestuursrapportage 2024 is vastgesteld in de raad van 10 december 2024. Raadsbesluiten tot en met maart 2025. Hieronder is een specificatie opgenomen van de door uw raad tot en met 25 maart 2025 genomen besluiten die financiële gevolgen hebben voor het meerjarenperspectief. In april 2025 hebben geen raadsvergaderingen plaatsgevonden. De administratieve wijzigingen die geen financiële consequenties hebben worden, in tegenstelling tot eerdere verantwoordingsdocumenten, zichtbaar gemaakt. Dit komt door de automatische koppeling met de financiële gegevens.

9

Specificatie Raadsbesluiten

2025

2026

2027

2028

2029

Aankoop Schoutenstraatje 20

-6

-6

-6

-6

-6

B&W nota sociaal domein septembercirculaire 2024

0

0

0

0

0

-125

-75

0

0

0

Correctie van fout bij wijziging begroting Modulaire gemeenschappelijke regeling (MGR)

1

0

2

0

0

Crossroads Limburg 2025 - 2028

0

0

0

0

46

Doorverdeling belastingen

13

14

14

14

14

Verhogen subsidieplafond BiblioNu

-100

-242

-252

-262

-273

Verkoop Brugstraat 24 Wanssum

250

0

0

0

0

Totaal raadsbesluiten t/m maart 2025

33

-309

-242

-254

-219

Bekostiging bewegingsonderwijs Het Raayland College

1e berap 2025. De bijstellingen van de 1e bestuursrapportage 2025 zijn tekstueel en financieel nader toegelicht in hoofdstuk 4. Vanaf de kadernota 2025 is in overleg met de auditcommissie besloten om alleen op totaalniveau een overzicht van de financiële afwijkingen inzichtelijk te maken. Kadernota 2026. Een aantal ontwikkeling zijn bekend maar doorlopen het bestuurlijke besluitvormingsproces. Vanwege het inzicht en de benodigde strakkere financiële sturing is ervoor gekozen om deze voorstellen inzichtelijk te maken. Concept ontwerp begroting 2026 van de Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN) Structurele verwerking van de concept ontwerp begroting 2026 van de Veiligheidsregio LimburgNoord, die is opgesteld op basis van de Kaderbrief 2026. Concept begroting 2026 & meerjarenperspectief 2027-2029 van Omnibuzz Op basis van de aangeleverde concept begroting 2026 & meerjarenperspectief 2027-2029 wordt een lagere bijdrage verwacht voor de gemeente Venray. Het betreft een bedrag van € 18.000 voor 2026 oplopend tot € 25.000 in 2029. Ontwerpbegroting 2026-2029 Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) Naar aanleiding van de aangeleverde ontwerpbegroting 2026-2029 van de MGR zijn de bedragen opgenomen in de begroting van de gemeente Venray. Voor het onderdeel Beschermd Wonen (verdeelsleutel) volgt later in 2025 definitieve besluitvorming door het Algemeen Bestuur (AB).

Nieuwe tarieven Jeugd, WMO en Participatie Op basis van de adviestarieven uit de raamovereenkomsten 2026 (bovenregionale taken) Jeugdhulp segment 2, 3 en 4, Wmo, Participatie, Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang, Bemoeizorg en Preventie is een inschatting gemaakt van de bedragen. Per saldo een bedrag van € 2 mln. Versterkingsplan GGD De aanleiding voor dit versterkingsplan is de groeiende noodzaak om de GGD Limburg-Noord (publieke gezondheid), onderdeel van de Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN), op orde te brengen. De GGD Limburg-Noord voert haar wettelijke taken niet meer naar behoren uit. In samenwerking met de gemeenten bevindt de VRLN zich daarom in een versterkingstraject genaamd 'Toekomstbestendige GGD'. Gemeentefonds Voorjaarsnota 2025 Rijk Op 18 april jl. is de Voorjaarsnota 2025 van het Rijk gepubliceerd. In de Voorjaarsnota staan extra middelen voor gemeenten, maar vanaf 2028 helaas ook extra lasten. Voor de jaren 2025 - 2027 wordt hiermee de grootste financiële druk bij gemeenten verlicht. Vanaf 2028 vallen de extra

10

middelen per saldo weg tegen de extra lasten. Vanaf 2028 is er dan ook geen sprake van een financiële verlichting voor gemeenten. De extra middelen bestaan uit € 414 mln. voor jeugdzorg vanaf 2025 en vanaf 2026 uit ruim € 400 mln. om de terugval van het gemeentefonds (ravijnjaar) te dempen. Daarnaast worden voor 2026 en 2027 de besparingen die gemeenten moeten halen volgens de Hervormingsagenda Jeugd (commissie van Wijzen 2020/2021) tijdelijk minder. Deze vermindering stopt echter weer in 2028. De extra middelen in de Voorjaarsnota zijn helaas slechts een deel van wat gemeenten nodig hebben. Er moeten daarom met het kabinet nog afspraken gemaakt worden over onder meer middelen voor jeugdzorg. Bijvoorbeeld over het oplossen van tekorten in 2023 en 2024, die samen € 728 miljoen bedragen. Dit is gebaseerd op het zwaarwegende advies 'Groeipijn', van de commissie van Ark en op de vraag of de besparingen in de hervormingsagenda vanaf 2028 haalbaar zijn, evenals de stijgende kosten van jeugdzorg. Daarom wordt de Commissie van Ark gevraagd om in het eerste kwartaal van 2027 een nieuw advies te geven. Hierin moet onder andere aandacht zijn voor een realistisch financieel kader voor de jeugdzorg vanaf 2028. Ook de terugval in het gemeentefonds vanaf 2026 (ravijnjaar) van ongeveer € 2.4 miljard is maar gedeeltelijk met € 400 mln. gecompenseerd.

Ook hier dienen nog afspraken over gemaakt te worden. De Voorjaarsnota 2025 Rijk vormt de basis voor de meicirculaire 2025 gemeentefonds. De gevolgen voor Venray kunnen hierdoor mogelijk nog iets wijzigen. Nadere toelichtingen: VJN Jeugdzorg In de Voorjaarsnota 2025 Rijk is geen compensatie opgenomen voor de tekorten jeugd voor de jaren 2023 en 2024. Dat was wel het advies van de commissie van Ark. Het kabinet heeft echter toegezegd de komende maanden naar ruimte te zoeken om gemeenten hier alsnog voor te compenseren. Op grond van deze toezegging is in deze kadernota 2026 in het jaar 2025 rekening gehouden met een compensatie van in totaal € 1.8 mln. over de jaren 2023 en 2024. In de Voorjaarsnota is voor jeugdzorg vanaf 2025 structureel € 414 mln. extra opgenomen. Dit was opgenomen in het advies van de Commissie van Ark. Voor Venray komt dit vanaf 2025 neer op € 1.1 mln.. In de Voorjaarsnota zijn de ingeboekte besparingen Hervormingsagenda Jeugd (Commissie van Wijzen 2020/2021) voor jaren 2026 en 2027 verzacht. Voor Venray voordelen in 2026 € 1.3 mln. en voor 2027 € 1.2 mln.. Deze verminderingen stoppen echter weer per 2028. Vanaf 2028 zijn de in Voorjaarsnota extra lasten voor gemeenten opgenomen van € 835 mln. per jaar. Dit hangt samen met meer opbrengsten € 260 mln. door de voorgenomen eigen bijdrage in de jeugdzorg en ruim € 500 mln.

door de indexering van de besparingsopgave Hervormingsagenda. Als toelichting is in de Voorjaarsnota opgenomen dat de besparingen met het prijs- en volumepeil 2019 waren ingeboekt en nog geïndexeerd moeten worden. Hierdoor is er vanaf 2028 voor Venray sprake van extra nadelen van ongeveer € 0.9 mln. op jeugd. In hoeverre hier tegenover in de gemeentelijke begroting inkomsten geraamd kunnen worden is nog niet duidelijk. VJN Rijk BTW-compensatiefonds In de Voorjaarsnota is de definitieve afrekening plafond btw-compensatiefonds over het jaar 2024 opgenomen. Daaruit blijkt dat het Rijk in de septembercirculaire 2024 een te hoog voorschot heeft verstrekt. Dit betekent voor Venray dat via de komende meicirculaire in 2025 € 284.000 onttrokken wordt aan het gemeentefonds. Deze afrekening over 2024 heeft ook invloed op de meerjarenbegroting. In de meerjaren-begroting mag een stelpost voor de waarschijnlijk te ontvangen uitkering plafond btw-compensatiefonds worden opgenomen. Deze stelpost mag niet hoger zijn dan de meest recente afrekening. In de begroting 2025 -2028 is uitgegaan van de afrekening over 2023. De afrekening 2023 is echter hoger dan die van 2024. Daarom moet de meerjarige stelpost in de nieuwe begroting 2026 verlaagd worden. Dit heeft nadelen tot gevolg .

Ook belangrijk is dat bij de begroting 2025 is uitgegaan van 75% van de afrekening 2023 voor het jaar 2025 en de jaren erna afnemend met 5% per jaar. Er is niet uitgegaan van 100% op grond van het voorzichtigheidsbeginsel. 11

In het actieplan ‘Op weg naar het ravijnjaar 2026’ is opgenomen om minder voorzichtig te zijn bij het opnemen van deze stelpost. In het kader van het actieplan is het voorstel om voor deze stelpost voortaan meerjarig uit te gaan van 100% in plaats van 75%. Dit heeft een dempend effect op de eerder genoemde nadelen. Hiermee rekening houdend is er voor 2025 sprake van een extra nadeel € 231.000 en in 2026 per saldo sprake van een nadeel van ongeveer € 0.2 mln.. Het loslaten van het voorzichtigheidsprincipe kan in de toekomst mogelijk leiden tot tegenvallers voor de begroting. VJN Rijk Demping terugval (ravijnjaar) In de Voorjaarsnota zijn vanaf 2026 middelen € 400 mln. opgenomen om de terugval van het gemeentefonds te dempen. Voor Venray vanaf 2026 ongeveer € 1 mln.. De terugval van ongeveer € 2,4 miljard in 2026 wordt hiermee vanaf 2026 met ongeveer € 400 miljoen gedempt. Dan blijft voor 2026 nog ongeveer € 2 miljard van het ravijn over. VJN Rijk Overige gevolgen In de voorjaarsnota is het accres geactualiseerd voor de macro-economische cijfers van het Centraal Economisch Plan (CEP) 2025. Voor Venray voordelen in 2025 € 0.9 mln. oplopend naar € 1.6 mln. in 2029. Decembercirculaire 2024 De decembercirculaire geeft voor het jaar 2025 een voordeel van ongeveer € 0.1 mln. Dit betreft een aantal toekenningen die niet benodigd zijn.

Huishoudens lage inkomens In de decembercirculaire is door het Rijk uitgegaan van een aantal huishoudens lage inkomens van 6.000. Op basis van de meest actuele cijfers die we hebben ontvangen bedraagt dit aantal vanaf 2023 echter 6.300. De verwachting is dat we over 2024 hierdoor nog een nabetaling ontvangen van ongeveer € 1.6 mln.. Het hogere aantal zal ook zijn uitwerking hebben vanaf 2025, met daarbij de kanttekening dat is aangekondigd dat in 2027 de berekeningsmethodiek wordt herzien. Hoe deze herziening eruit gaat zien is nog onbekend. Gezien de hogere aantallen in huishoudens, zal waarschijnlijk de eenheidsprijs per aantal echter vanaf 2025 verlaagd worden. Dit heeft weer een drukkend effect. Een inschatting onzerzijds, met veel onzekere factoren omgeven, is dat dit vanaf 2025 jaarlijks een positieve impact zal hebben van ongeveer € 0.6 mln. oplopend tot ongeveer € 1 mln. in 2029.

Specificatie onwikkelingen besluiten 2025

2025

2026

2027

2028

2029

Concept begroting 2026 & meerjarenperspectief 2027-2029 van Omnibuzz

0

18

20

23

25

Concept ontwerp begroting 2026 van de Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN)

0

-131

-136

-136

-136

-515

-166

-99

-32

33

0

981

1.031

1.003

1.001

913

1.215

1.327

1.365

1.579

2.905

2.596

2.577

-920

-820

97

0

0

0

0

2.112

599

930

958

987

Tarieven (nieuwe) Jeugd, WMO en Participatie vanaf 2026

0

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

Versterkingsplan GGD

0

-277

-387

-387

-387

5.511

2.835

3.262

-126

281

Gemeentefonds VJN Rijk: BTW-compensatiefonds Gemeentefonds VJN Rijk: demping terugval gemeentefonds (ravijnjaar) Gemeentefonds VJN Rijk: overige gevolgen Gemeentefonds VJN: jeugdzorg Gemeentefonds: decembercirculaire 2024 Gemeentefonds: huishoudens lage inkomens

Totaal specificatie onwikkelingen besluiten 2025

12

Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2025 Tegelijkertijd met het samenstellen en het besluitvormingsproces van de kadernota 2026 worden reguliere raadsvoorstellen behandeld in het college en in de raad. Hiervan is de volgende specificatie gemaakt: Specificatie voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2025 Aankoop grond Landschapspark Smakterheide Actualisatie onderhoudsvoorziening Raadhuisstraat 1 (Gemeentehuis) Verblijfs- en parkeerbelasting 2026 e.v. Totaal voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2025

2025

2026

2027

2028

2029

0

-4

-4

-4

-4

-148

-152

-157

-162

-167

0

294

287

281

302

-148

137

126

116

132

1.3 Ontwikkelingen

Herverdeling model gemeentefonds Met ingang van het begrotingsjaar 2023 is het aangepaste verdeelmodel gemeentefonds ingevoerd. Dit ondanks het advies van de Raad voor Openbaar bestuur (ROB) en de VNG om eerst aanvullende onderzoeken uit te voeren en daarna het nieuwe model in te voeren. Bij de invoering in 2023 is door het rijk wel besloten om de door de ROB geadviseerde vervolgonderzoeken op te starten. Deze onderzoeken zouden moeten leiden tot een aanpassing van het verdeelmodel met ingang van het begrotingsjaar 2026. In deze aanvullende onderzoeken wordt onderzoek gedaan naar de overige eigen middelen (OEM) van gemeenten, grootstedelijkheid en de vraag of er alternatieven zijn voor de huidige maatstaf regionale centrumfunctie. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft in februari jl. een brief naar de tweede kamer gestuurd met informatie over de resultaten van de inmiddels afgeronde onderzoeken en het vervolgtraject. Door de fondsbeheerders is daarop besloten om nogmaals aanvullende vervolgonderzoeken op te starten en pas per 1 januari 2027 een volgende stap te zetten in de herverdeling van het gemeentefonds. De gevolgen vanaf 2027 zijn dus nog niet bekend waardoor deze als pm zijn opgenomen.

Overige ontwikkelingen 2025-2029 Noord Limburg West (NLW) In september 2025 nemen de drie gemeenteraden een besluit over de financiële gevolgen van de te maken keuzes over de toekomst NV en GR. Regionale UitvoeringsDienst Limburg Noord (RUDLN) Binnen de gemeenschappelijke regeling RUD Limburg Noord werken de 15 Noord-Limburgse gemeenten en Provincie Limburg samen in de uitvoering van (met name) de wettelijke milieutaken (bijv. het milieutoezicht op bedrijven). Het onderzoeksrapport van de commissie Van Aartsen (‘Om de Leefomgeving’) was in 2021 aanleiding voor de start van het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (het IBP), een landelijk programma ter versterking van het stelsel van omgevingsdiensten in Nederland. Vanuit dit programma zijn 6 pijlers uitgewerkt voor de versterking van het VTH-stelsel en versteviging van de omgevingsdiensten. Deze pijlers bevatten onder andere robuustheidscriteria, waaraan alle omgevingsdiensten in Nederland moeten gaan voldoen. De genoemde robuustheidscriteria gaan onder andere over de omvang van de omgevingsdienst en het percentage personeel in vaste dienst.

Het niet voldoen aan de robuustheidscriteria zal – zoveel is inmiddels duidelijk – leiden tot een interventie vanuit het ministerie, waarmee de regie uit handen wordt genomen om als regio Noord- en Midden-Limburg zelf vorm te geven aan de vorming van een nieuwe omgevingsdienst. Deze regie wil de regio Limburg Noord graag zelf behouden. In 2024 is de keuze gemaakt om de RUD Limburg Noord om te vormen naar een Omgevingsdienst die voldoet aan de landelijke robuustheidscriteria voor de milieu uitvoeringstaken. In 2025 wordt dit, door een projectteam, verder uitgewerkt in het bedrijfsplan. Afgezien van benodigde extra personele inzet en middelen ten behoeve van de uitwerking/implementatie van het bedrijfsplan is nog geen concreet zicht op de meer structurele consequenties en risico’s op 13

personeel, organisatorisch of financieel vlak. De nieuwe robuuste RUD LN is immers op zijn vroegst in uitvoering per 1-4-2026. Mogelijke effecten voor 2026 zullen derhalve pas na de vaststelling van de reguliere begroting 2026 kunnen worden verwerkt middels een begrotingswijziging. Wel dient rekening gehouden te worden met een toename van de kosten van onze bijdrage aan de nieuwe Omgevingsdienst Noord- en Midden-Limburg. Deze structurele kostentoename is voornamelijk een gevolg van het opzetten van een nieuwe organisatie, het voldoen aan de landelijke robuustheidscriteria, de kwaliteitscriteria 3.0 en een eigen bedrijfsvoering. Totaal nieuwe Meerjarig Uitgaven en Investeringsprogramma (MUIP) 2026-2029 In de Kadernota vinden ontwikkelingen hun plek. Dit zijn ontwikkelingen die nog niet financieel vertaald zijn in de meerjarenbegroting en die via het MUIP worden ingediend. Bij de vaststelling van de programmabegroting 2026 worden de aanvragen die opgenomen staan voor de jaarschijf 2026 definitief. Indien er in de periode van nu tot aan de vaststelling van de programmabegroting 2026 andere inzichten ontstaan, kan dit aanleiding zijn tot herprioritering. In de programma’s van deze kadernota 2026 wordt op hoofdlijnen inzicht gegeven in de MUIPaanvragen.

In bijlage 1 is een totaaloverzicht MUIP-aanvragen opgenomen waarbij de afzonderlijke MUIP-aanvragen financieel inzichtelijk zijn gemaakt en toegelicht. In voorgaande jaren zijn de incidentele lasten ten laste van de vrije ruimte in de algemene reserve gebracht. In deze kadernota wordt dit ook weer voorgesteld. Het doel van de algemene reserve is onder meer deze in te zetten ter dekking van incidentele lasten.

14

2. Reservepositie en weerstandsvermogen

Inleiding In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op het weerstandsvermogen: het vermogen van de gemeente om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat het bestaande beleid daarvoor moet worden aangepast. Hiervoor is inzicht vereist in de omvang van de aanwezige reserves (weerstandscapaciteit) en in de risico's. Bij de berekening van risico’s hanteren we een bestendige gedragslijn: de concreet aanwijsbare en kwantificeerbare risico’s worden meegenomen. Er zijn dus diverse risico’s die we wel kunnen benoemen, maar waarvan de omvang niet bekend is en/of de kans op manifesteren zeer ongewis is. Derhalve moeten de uitkomsten als richtinggevend worden geïnterpreteerd.

2.1 Weerstandsvermogen

Op 31 oktober 2023 werd door de raad het geactualiseerde risicobeleid vastgesteld. In dit nieuwe risicobeleid is de minimumwaarde van het weerstandsvermogen op 1,0 gesteld. Dat wil zeggen dat de berekende risico’s in ieder geval zijn afgedekt door de aanwezige weerstandscapaciteit. Hiermee sluiten we aan bij de adviezen van de provinciaal toezichthouder. Daarnaast streven we een minimale omvang van de weerstandscapaciteit na van 10% van de jaarexploitatie. Op basis van de geraamde jaarlasten (excl. mutaties reserves) kan de minimale weerstandscapaciteit per boekjaar anders zijn, overeenkomstig de lasten in de verschillende jaarschijven. Op basis van deze uitgangspunten verwachten we in deze Kadernota 2026 onderstaande ontwikkeling van de weerstandscapaciteit. Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

Algemene reserve

46.252

44.426

42.601

42.601

42.419

Risicoreserve grondbedrijf

7.091

6.486

6.013

5.523

5.016

Weerstandscapaciteit

53.343

50.912

48.614

48.124

47.435

Algemene risico's

2.816

4.045

4.790

5.438

5.625

Risico's grondbedrijf

325

325

325

325

325

3.141

4.370

5.114

5.762

5.950

Vrije ruimte

50.202

46.542

43.500

42.362

41.486

- Algemeen

43.436

40.381

37.812

37.164

36.794

- Grondbedrijf

6.766

6.161

5.689

5.199

4.692

Weerstandsvermogen

16,98

11,65

9,51

8,35

7,97

Risico's

Tabel 2.1. opbouw weerstandsvermogen Definitie weerstandsvermogen: bedrag weerstandscapaciteit delen door bedrag risico’s Het totale weerstandsvermogen neemt in de planperiode af, maar blijft nog ruim boven de minimale grens van 1,0. Dit m.n. te maken met de geschatte algemene risico's.

15

2.2 Risico's 2025

2026

2027

2028

2029

6.500

6.750

7.000

7.250

7.500

6.500

6.750

7.000

7.250

7.500

-1.625

-1.688

-1.750

-1.813

-1.875

0

0

0

0

0

Opvangen risico's in exploitatie

-2.059

-1.018

-461

0

0

Totaal algemene risico's na correctie

2.816

4.045

4.790

5.438

5.625

325

325

325

325

325

3.141

4.370

5.114

5.762

5.950

Stand ultimo (bedragen x € 1.000) Ingeschatte risico's sociaal domein, verbonden partijen, garanties en anderen (i.v.m. nieuwe opbouw paragraaf bij begroting)

Totaal algemene risico's Correcties cf risicobeleid: Risico's doen zich niet in 1 jaar voor Niet geïdentificeerde risico's

Risico 's grondbedrijf Totaal risico's

De algemene risico’s zijn, vanuit de kennis en ervaring die we hebben, als schatting opgenomen omdat deze per begroting 2026 opnieuw worden opgebouwd. We gaan er hierbij van uit dat ze langzaam oplopen vanwege de onzekerheden rondom bijvoorbeeld de financiering vanuit het rijk, de NLW en RUD/Omgevingsdienst.

2.3 Reservepositie

De stand van de reserves ontwikkelt zich als volgt: Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

Algemene reserve (vrij)

46.252

44.426

42.601

42.601

42.419

Risicoreserve grondbedrijf

7.091

6.486

6.013

5.523

5.016

T.b.v. bepaling weerstandsvermogen

53.343

50.912

48.614

48.124

47.435

Bestemmingsreserves algemeen

18.884

18.100

17.512

17.333

17.031

Bestemmingsreserve grondbedrijf

4.490

4.490

4.490

4.490

4.490

76.717

73.502

70.616

69.947

68.956

Totaal

De totale waarde van de reserves blijft in de planperiode nagenoeg gelijk. Bestemmingsreserves zijn geoormerkt maar kunnen na raadsbesluit anderszins bestemd worden. Voor de beoordeling van de reservepositie worden de bestemmingsreserves aangemerkt als onderdeel van het eigen vermogen. Deze maken echter geen deel uit van de weerstandscapaciteit. Algemene dienst Stand ultimo (bedragen x € 1.000) Algemene reserve (adm) stand 31-dec-2024

2025

2026

2027

2028

2029

43.968

46.252

44.426

42.601

42.601

-1.826

-1.825

44.426

42.601

Raadsbesluiten t/m april 2025

-2.503

Resultaatbestemming 2024 (besluit juli 2025)

12.984

Vrijval overheveling restant expl.budget

293

Budgetoverheveling alg.reserve

-4.558

Storting in reserve overh. Restant-budgetten

-2.532

1e bijstelling 2025 (besluit juli 2025)

-1.400

MUIP 2026 e.v. (besluit juli 2025) Algemene reserve (vrij)

46.252

-182 42.601

42.419

16

In bovenstaande tabel is uitgegaan van de (administratieve) stand van de algemene reserve op balansdatum 31 december 2024 en zijn vervolgens de reeds genomen besluiten en de nog te nemen besluiten apart vermeld. Door deze mutaties afzonderlijk in beeld te brengen, vooruitlopend op definitieve besluitvorming, wordt een transparant beeld gegeven van de impact van de nog te nemen besluiten. Immers, toekomstige uitgaven uit hoofde van MUIP en andere raadsbesluiten leggen een claim op de (administratieve) algemene reserve. Voor de berekening van het weerstandsvermogen worden deze bedragen in mindering gebracht op de administratieve reserve. Hoewel we in een financieel onzekere tijd leven, gaan we (vooralsnog) uit van een sluitende exploitatie 2026 en 2027 bij de begroting 2026. Grondbedrijf Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

Saldo per 1-1

7.802

7.091

6.486

6.013

5.523

Winstnemingen

59

0

0

0

0

Onttrekkingen

-770

-605

-473

-490

-507

7.091

6.486

6.013

5.523

5.016

Saldo per 31-12

De winstnemingen en bijdragen zijn gebaseerd op de geactualiseerde exploitatieberekeningen bij de Programmaverantwoording 2024. Er is rekening gehouden met tussentijdse winstnemingen gebaseerd op het principe dat de negatieve boekwaarde groter is dan de gecalculeerde nog te maken kosten. Eventuele toekomstige vertragingen in de uitvoering van exploitaties kunnen grote invloed hebben op de bovenstaande cijfers.

17

3. Programma's Inleiding programma's In deze kadernota komen de speerpunten van het collegeprogramma 2022-2026 tot uiting. Per programma lichten we onze ambities kort toe en beschrijven we aan welke speerpunten uit het collegeprogramma een bijdrage wordt geleverd. Ontwikkelingen De raad is tussentijds middels raadsinformatiebrieven geïnformeerd over specifieke ontwikkelingen. Daarnaast benoemen we per programma eventuele nieuwe ontwikkelingen vanaf 2025 waar we als gemeente mee te maken gaan krijgen en die belangrijk en relevant zijn om daar te benoemen. Financiële gevolgen In het kader van het Meerjarig Uitgaven en InvesteringsPlan 2026-2029 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van alle investeringen en exploitatie uitgaven welke voor de komende vier jaar noodzakelijk zijn. Een uitgebreide financiële uiteenzetting met onderbouwing is opgenomen in bijlage 1. Totaal overzicht MUIP-aanvragen 2026-2029. Hieronder treft u het totaaloverzicht aan van de financiële gevolgen per programma van de MUIPaanvragen. Voor een nadere inhoudelijke toelichting verwijzen wij u naar de (deel)programma’s. Deze financiële gevolgen zijn verwerkt in het meerjarenperspectief in hoofdstuk 1. Het overzicht toont de toe- of afname van de exploitatielasten ten opzichte van de huidige begroting 2025-2028.

Door de actualisering van de bestaande MUIP-aanvragen qua fasering of investeringsbedrag ontstaan mutaties ten opzichte van de exploitatielasten die in de huidige begroting 2025-2028 zijn opgenomen.

Programma Omschrijving Bedragen x € 1 CP01

Leven

CP02

Wonen

CP03

Werken

CP04

Besturen

TCP01

Leven (Projecten)

Totalen

Investering 2026

2027 2029

2026

2027

2028

2029

2.167.995

2.233.177

370.365

350.272

11.600

11.855

12.116

247.700

229.950

235.009

240.178

166.800

171.852

177.071

182.462

1.004.230

4.900.191

1.004.230

4.900.191 2.582.495 2.646.579

Mutaties reserves Totalen inclusief reserves

Exploitatielasten

794.300 785.028

-1.825.616 -1.825.000 1.004.230

4.900.191

756.879

821.579

794.300 785.028

18

Programma 1 Leven Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie voor het programma Leven vastgelegd: “Wij geloven in het uitgangspunt dat voorkomen beter is dan genezen, dus zetten wij vol in op preventie. Wij werken aan een inclusieve Venrayse samenleving waarin iedereen naar vermogen mee kan doen. Wij doen een beroep op onze inwoners, hun omgeving én onze partners zoals (zorg)aanbieders om eigen verantwoordelijkheden te nemen en de eigen krachten in te zetten. Belemmeringen die het meedoen in de weg staan nemen wij zoveel mogelijk weg. Wij bieden ondersteuning aan onze inwoners die dat echt nodig hebben.” Het programma Leven draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Kadernota Sociaal domein - Gezondheid (inclusief sport) en Zorg - Onderwijsbeleid - Kunst & Cultuur - Inclusieve samenleving - Preventie - Accommodaties, subsidies en onderwijshuisvesting - Wonen en zorg (bijzondere doelgroepen) - Vangnet Ontwikkelingen Economische ontwikkelingen Het Centraal Planbureau heeft in februari 2025 het Centraal Economisch Plan 2025 gepubliceerd. Daarin vallen de volgende zaken op: • De komende jaren laat de Nederlandse economie een gematigde groei zien. • De grilligheid van geopolitieke ontwikkelingen zorgt voor meer onzekerheid in de mondiale economische situatie. Dit betekent dus ook dat de risico's toenemen.

Met deze risico's is slechts beperkt rekening te houden. • Lonen blijven flink stijgen, al neemt de loongroei wel af. De kerninflatie blijft nog een aantal jaren hoger dan normaal. • De krapte op de arbeidsmarkt neemt iets af. Hogere loonkosten drukken de winstgevendheid van bedrijven, waardoor de dynamiek op de arbeidsmarkt toeneemt. • De koopkracht neemt in 2025 en 2026 over de hele linie toe door reële loonstijging en beleid. • Uitkeringsgerechtigden gaan er in 2025 iets meer op vooruit dan andere groepen. • Armoede daalt in 2025 en 2026. In 2025 en 2026 daalt de armoede onder personen en kinderen licht, als gevolg van de positieve reële loonontwikkeling, lastenverlichting en stijging van het kindgebonden budget en de huurtoeslag. Hervormingsagenda Jeugd Het doel van de hervormingsagenda is tweeërlei: 1. Betere en tijdige zorg en ondersteuning, op de juiste plek en wanneer dit nodig is; 2. Een beheersbaar en daarmee duurzaam financieel houdbaar stelsel. Over de hervormingsagenda jeugd hebben gemeenten en rijk in 2023 overeenstemming bereikt en is een implementatieplan vastgesteld. Dit betekent dat we de komende jaren aan de slag kunnen, lokaal alsook regionaal, om de eerdergenoemde doelen te halen.

Een commissie van deskundigen volgt de uitvoering van de maatregelen en de gepleegde inspanningen heeft in januari 2025 een advies geformuleerd, waarbij onder andere ook aandacht is voor de ontwikkeling van het uitgavenpatroon in relatie tot het afgesproken meerjarenperspectief en het risico dat partijen dragen. Het advies van de deskundigencommissie is op dit moment (maart 2025) nog niet overgenomen door het rijk. De consequenties worden pas duidelijk met de meicirculaire 2025. Regionale aanpak Geweld in afhankelijkheidsrelaties In 2024 heeft de regio Noord- en Midden Limburg (14 gemeenten) samengewerkt aan het opstellen van een nieuwe regionale visie op de aanpak van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties. Hierbij is ook een programmaplan opgesteld. In de loop van 2025 zullen beiden worden vastgesteld. De nieuwe regiovisie en programmaplan zijn opgesteld omdat een nieuw landelijk programma (Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming) werd uitgevoerd, waar onze regio bij aan moet sluiten. Daarnaast bleek uit de Cohortstudie van Verwey Jonker naar de aanpak van Geweld in 19

Afhankelijkheidsrelaties dat de regio Noord- en Midden Limburg achterliep op de rest van Nederland. Een nieuw plan was hard nodig. De nieuwe visie en het programmaplan richten zich vooral op het versterken van de toegang tot hulp (jeugdwet, Wmo en Participatiewet) in hun rol bij het signaleren en stoppen van Geweld in afhankelijkheidsrelaties en de samenwerking tussen de verschillende ketenpartners in de aanpak van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties. In de voorstellen, zoals deze nu voorleggen, zal de bijdrage van de regiogemeenten stijgen. We verwachten extra incidentele middelen vanuit het landelijk programma Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming in de meicirculaire 2025. Na het verschijnen van de meicirculaire is er meer duidelijkheid over de precieze financiële gevolgen voor de gemeente Venray. NLW In het kader van de opdracht iedereen doet mee heeft het college in maart 2025 besloten om te komen tot een hernieuwde inrichting van de uitvoering Participatiewet en Wsw. De businesscase laat zien dat de ingeschatte kosten van de exploitatie passen binnen de huidige meerjarig begrote budgetten. Wel moet dekking worden gezocht voor de incidentele kosten. Deze vallen grotendeels in 2026 en zijn ook nog sterk afhankelijk van verder te maken keuzes. Deze keuzes worden gemaakt in het implementatieplan inclusief de financiële gevolgen en dekking.

Daarnaast wordt in september 2025 door uw raad een besluit genomen over de financiële gevolgen in relatie tot de toekomst van de NV en de GR. Hiervoor kunnen we nu nog geen indicatie geven. Dorpsondersteuner De pilot inzet dorpsondersteuner in Ysselsteyn is zeer succesvol gebleken en heeft aantoonbaar geleid tot minder inzet van Wmo-voorzieningen. De pilot is geëvalueerd en er is een afwegingskader opgesteld dat onderdeel is van de subsidieregeling Ondersteuning en Zorg. Dit kan gebruikt worden om ook andere dorpen op een gelijksoortige manier de kans te geven in hun dorp een dorpsondersteuner uit te rollen. De verwachting is dat deze uitrol tot in 2026 zal doorzetten. Op dit moment hebben de dorpen Ysselsteyn, Castenray, Oirlo en Leunen-Veulen-Heide subsidie ontvangen voor een dorpsondersteuner. Inkomensafhankelijk abonnementstarief Het Rijk had eerder besloten om voor alle Wmo-voorzieningen waar nu het abonnementstarief voor geldt een inkomensafhankelijke bijdrage in te voeren per 1 januari 2026. Middels een kamerbrief van 20-12-2024 heeft het Rijk laten weten dat de inkomensafhankelijke eigen bijdrage opnieuw uitgesteld gaat worden en naar verwachting per 1 januari 2027 zal worden ingevoerd.

Dit uitstel heeft voor het jaar 2026 financiële gevolgen, de inkomsten eigen bijdrage zullen minder stijgen dan meerjarig begroot en ook het beroep op Hulp bij het Huishouden, wat meerjarig vanaf 2026 naar beneden was bijgesteld zal weer verhoogd moeten worden. Regionaal verdeelmodel surplus Beschermd Wonen Bij de start van de regionale samenwerking van Noord- en Midden-Limburg op de thema’s Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang, Bemoeizorg en Preventie is overeengekomen dat de deelnemende gemeenten middels een verdeelsleutel meebetalen aan tekorten of overschotten ontvangen, op basis van het resultaat van de regionale begroting voor BW, MO en B&P. Er is overeengekomen dat de toepassing van de verdeelsleutel wordt geëvalueerd en waar nodig de parameters worden geactualiseerd. Deze evaluatie speelt in 2024 en 2025. Venray had in 2024 een aandeel van 10.27%. Eind 2024 is via een ingroeipad het aandeel van Venray vastgesteld op 10,90% voor 2025. In 2025 wordt een besluit genomen over het percentage voor 2026 en verder. De wijziging van dit percentage kan gevolgen hebben voor ons aandeel in de overschotten dan wel tekorten. Inkoop sociaal domein en nieuwe tarieven In 2024 is de inkoop geëvalueerd waarbij besloten is de meeste contracten te verlengen en enkele jeugdsegmenten opnieuw aan te besteden. Ingangsdatum is 1 januari 2026.

Met het verlengen van de contracten of het aangaan van nieuwe contracten per 1 januari 2026 (zie ook punt evaluatie inkoop) dient de AMvB Reële prijzen te worden toegepast en dienen de tarieven (en indexaties) te worden heroverwogen. Tevens dienen we dan ook verplicht de contractstandaarden in gebruik te nemen. Die contractstandaard gaat uit van het toepassen van de definitieve OVA-index. In maart 2025 zijn de nieuwe tarieven 2026 (exclusief OVA-index 2026) door ons college vastgesteld. Dit betekent voor segmenten Wmo een stijging van 6,38%, voor jeugdhulp een stijging van 12,89%, participatie individueel 6,16% en Beschermd Wonen, 20

Maatschappelijke Opvang, Bemoeizorg en Preventie een stijging van 6,38%. De exacte financiële impact zal bij de opstelling van de begroting 2026 worden meegenomen. Daarnaast wordt voorgesteld om voor jeugd segment 2, 3 en 4 een transformatiebudget beschikbaar te stellen voor de regio Noord-Limburg. De bijdrage van Venray hierin is € 159.386 (peiljaar 2025). Bibliotheekwerk Via een aanpassing van de Bibliotheekwet wordt de huidige bevorderingstaak van gemeenten en provincies omgezet in een zorgplicht. In 2023 is gestart met de herijking van de bibliotheekvisie. In de loop van 2023 werd echter duidelijk dat de invoeringsdatum van de nieuwe wetgeving niet eerder dan 2026 is voorzien. Daarnaast geven de contouren van de nieuwe wetgeving aan dat gemeenten een 4-jaarlijks beleidsplan moeten opstellen. Dit is ter besluitvorming voorgelegd in de raadsvergadering van juni 2025. In de MUIP is een financiële vertaling gemaakt op basis van mogelijke scenario’s. Afhankelijk van de keuzes die de raad maakt, is extra budget nodig voor bibliotheekwerk. Oekraïne De huidige regeling loopt tot maart 2026, en is sinds het uitbreken van de oorlog telkens met één jaar verlengd. In maart 2026 is de regeling 4 jaar van kracht.

Indien er geen (of niet tijdig) een passende Europese oplossing komt voor het verblijfsrecht, heeft een werkgroep terugkeer & verblijf een “Nationale Terugvaloptie”(NTO) opgesteld in opdracht van het ministerie van Asiel en Migratie. Verwacht wordt dat de Raad van de Europese Unie besluit om de RTB te verlengen tot 4 maart 2027. Dit betekent dat de NTO per 4 maart 2027 in werking treedt. Er is nog geen politieke keuze gemaakt of deze NTO wordt geïmplementeerd en onder welke voorwaarden. Hierover is de VNG op het moment in gesprek met het ministerie. Tot die tijd blijft de gemeente verantwoordelijk voor de opvang van de Oekraïense vluchtelingen. Onderhoud van gemeentelijke gebouwen In 2019 is de onderhoudsstaat van de gemeentelijke gebouwen in beeld gebracht. Op basis hiervan zijn meerjarenonderhoudsplannen (MJOP's) opgesteld en zijn de financiële gevolgen voor de onderhoudsvoorzieningen doorgerekend en herijkt. In 2024 zijn de onderhoudsplannen geactualiseerd op basis van de uitgevoerde onderhoudsactiviteiten en kostenstijgingen. Hieruit blijkt o.a. dat in voorgaande jaren een aantal van de genoemde onderhoudsactiviteiten niet volgens planning zijn uitgevoerd. Omwille van deze ontwikkelingen en geconstateerde afwijkingen in de onderhoudsplanningen, wordt in 2026 gestart met de voorbereiding van de actualisatie van de onderhoudsplannen voor al het gemeentelijk vastgoed.

Scouting de Peelspeurders In verband met woningbouwplannen wordt onderzoek gedaan naar een nieuwe locatie voor scouting de Peelspeurders. Zodra hierover duidelijkheid is zal ook een financiële vraag voor de (ver)bouw aan de raad worden voorgelegd. Versterken van de GGD In 2024 is door de Veiligheidsregio Limburg Noord (VRLN) geconstateerd dat de GGD onvoldoende in staat is haar wettelijke taken in de volle breedte uit te voeren. Daarom is aan de GGD de opdracht verstrekt om dit te onderbouwen en om oplossingsrichtingen uit te werken voor het versterken van de GGD. De versterking van de GGD heeft meerjarige financiële gevolgen. Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)

2026

2027

2028

2029

Deelprogramma: Omgeving Vangnet Totaal

-2.168 0 -2.168

-2.218 -15 -2.233

-341 -29 -370

-307 -43 -350

21

Programma 2 Wonen Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Wonen: “De behoefte aan woningen groeit en daarom zetten wij in op het bouwen van goede en voldoende woningen voor al onze inwoners. Daarnaast werken we de komende jaren aan het minimaal behouden en waar nodig en mogelijk verbeteren van de kwaliteit van onze leefomgeving. Wij zetten stappen vooruit om onze woon- en leefomgeving duurzamer, veiliger en gezonder te maken. Wij bouwen verder op de uitgangspunten die door de gemeenteraad zijn vastgesteld binnen de omgevingsprogramma’s Wonen, Landelijk Gebied en Venray Vergroent.” Het programma Wonen draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Omgevingswet - Omgevingsprogramma "Wonen" - Huisvesting internationale werknemers - Woonomgeving - Vliegbasis de Peel - Veiligheid - Vergunningsverlening, toezicht en handhaving - Omgevingsprogramma "Landelijk gebied" - Omgevingsprogramma "Venray Vergroent" (energietransitie, circulaire economie en klimaatadaptatie) Ontwikkelingen Actualiseren omgevingsvisie Met de invoering van de Omgevingswet is elke gemeente verplicht om een omgevingsvisie op te stellen, waarin de gemeenteraad haar ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving vastlegt voor de lange termijn.

De visie heeft betrekking op beleidsontwikkeling en kan vervolgens worden uitgewerkt naar (thematische of gebiedsgerichte) omgevingsprogramma’s en juridisch worden vertaald naar regels in het omgevingsplan. Vooruitlopend op de Omgevingswet heeft de gemeente Venray al in november 2021 een eerste omgevingsvisie vastgesteld; deze is in december 2023 geactualiseerd en had nog de status van structuurvisie onder de Wet Ruimtelijke Ordening en voldoet nog niet aan de digitale eisen van de Omgevingswet (uiterlijk op 1 januari 2027 wettelijk verplicht). Bij eerdere vaststelling van de Omgevingsvisie is afgesproken dat er minimaal éénmaal per vier jaar een integrale herziening plaats vindt, bij voorkeur in het jaar na de gemeenteraadsverkiezingen. De actualisering staat daarom in het najaar van 2026 gepland, ook omdat we uiterlijk 31-12-2026 wettelijk verplicht zijn om aan de digitale eisen te voldoen. Volkshuisvestingsprogramma In 2025 wordt het woningbehoefteonderzoek opgeleverd. Dat is de eerste stap richting een (verplicht) Volkshuisvestingsprogramma onder de Omgevingswet en ingegeven vanuit de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting. De invulling en uitwerking van het Volkshuisvestingsprogramma gaan gepaard met financiële middelen. Het is vooraf niet in te schatten om hoeveel financiële middelen het gaat, omdat het programma en het uitvoeringsprogramma nog opgesteld moeten worden.

In een later stadium wordt dit aan u voorgelegd. Uitvoering beëindigingsregelingen Vanwege de natuurherstelopgaven wil het rijk de deposities op de beschermde natuurgebieden verlagen. Het rijk wil deze reductie bereiken door uitvoering te geven aan het “trappetje van Remkes”. Deze trap bestaat uit de volgende treden: innoveren, extensiveren, verplaatsen en stoppen. Al deze regelingen zijn opengesteld (geweest). De grootste interesse in de gemeente Venray is voor de twee landelijke beëindigingsregelingen voor veehouderijbedrijven (de LBV en LBV+-regeling). In Venray hebben zich de meeste veehouders aangemeld voor deze regeling (80 veehouders). Dit wil nog niet zeggen dat deze bedrijven allemaal deelnemen. De omvang van deze beëindigingsregelingen en de impact hiervan op het buitengebied zijn groot. Daarom is Venray al sinds de zomer van 2023 druk bezig met om deze beëindigingsregelingen goed te begeleiden. Het rijk stelt aan gemeenten een tegemoetkoming beschikbaar voor de uitvoeringskosten van deze regelingen. Gemeenten krijgen een bedrag vergoed voor iedere veehouderij die zich inschrijft en voor iedere veehouderij die ook daadwerkelijk deelneemt. Deze vergoeding wordt via een decentralisatie-uitkering in het gemeentefonds uitbetaald. Dit betekent dat we vrijwel de totale vergoeding voor de uitvoering in 2024 en eerste helft 2025 zullen

22

ontvangen, terwijl de uitvoering zelf, en dus ook de kosten, naar verwachting tot ca. 2030 doorlopen. Gezond Venray heeft de toekomst De ambitie "gezond Venray heeft de toekomst" uit de omgevingsvisie wordt in het project "Nadere duiding en definiëring veilig en gezond Venray" voor het landelijk gebied verder uitgewerkt. De eerste stappen zijn in maart 2024 door de gemeenteraad gezet door het vaststellen van de 7 thema's en de bijbehorende kernwaarden. Omdat veel thema's op elkaar ingrijpen worden niet de knoppen waar aan gedraaid kan worden inzichtelijk gemaakt, maar wordt inzichtelijk gemaakt waar de accenten liggen bij de drie scenario's people, profit en planet, uit de ruimtelijke verkenning van het Nationaal planbureau. Omdat de omgevingsvisie maar ook in het omgevingsprogramma Landelijk Gebied 2022 is meegegeven gebiedsgericht te werk te gaan, wordt vervolgens gekeken welke accenten in de deelgebieden de doorslag geven. De keuzen die gemaakt worden zijn input voor de omgevingsvisie 2.0 maar ook voor de actualisatie van beleid/omgevingsplan. Novex gebied de Peel In het samenwerkingsverband NOVEX werken Rijk en regio (gemeenten en waterschappen) samen aan de opgaven in NOVEX gebied de Peel. Het zich ontwikkelend perspectief 2050 (ZON2050) is het kompas om samen te werken aan de Peel van de toekomst.

Op basis van het ZON2050 werken we aan drie lijnen: de natuurlijke, de ondernemende en de leefbare Peel. De beweging komt vanuit de inwoners en de ondernemers in de Peel. Zij zijn dus ook de kracht van de transformatie van het gebied. Hiervoor is de Regionale Uitvoerings- en Investeringsagenda (RUIA) de basis. De sleutelthema’s uit de RUIA vormen het vliegwiel voor de doorontwikkeling van De Peel. Deze worden uitgewerkt tot concrete projecten en programma’s en gefinancierd door rijk en regio gezamenlijk. Met bijpassende strategieën, experimenten en arrangementen: ruimtelijk, financieel, juridisch en innovatief. Met en voor de streek: samen aan het roer. De financiële bijdrage van de partners wordt in het werkplan en bijbehorende begroting voor 2026 duidelijk. In de begroting en werkplan worden ook afspraken gemaakt over de verdeling van de kosten tussen de overheden. Energie-infrastructuur De energievoorziening zal de komende jaren veranderen. En dit moet ook, want we gaan over van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energie om klimaatverandering tegen te gaan. Er komen meer elektrische auto’s en warmtepompen, en we wekken elektriciteit meer lokaal en hernieuwbaar op. Naast deze veranderingen komen er ook nog nieuwe elektriciteitsvragers bij, vanuit de woningbouwopgave en economische ontwikkelingen bijvoorbeeld. Dit vraagt veel van het elektriciteitsnet (netcongestie).

Het elektriciteitsnet wordt daarom verzwaard en uitgebreid en heeft ruimte nodig. De komende jaren moet 1 op de 3 straten open om meer elektriciteitskabels en elektriciteitshuisjes aan te leggen. Daarnaast gaat het energiesysteem van de toekomst er anders uitzien (denk aan opwek en opslag in batterijen bijvoorbeeld) en daarvoor is fysieke ruimte nodig. De benodigde nieuwe energie-infrastructuur moet een volwaardig onderdeel worden van een goede integrale afweging voor elke nieuwe ontwikkeling, net zoals natuur, voorzieningen, mobiliteit etc. dit ook al zijn. Zon op land De opgave voor hernieuwbare opwek wordt gedeeltelijk ingevuld door zon op land. De opgave voor Venray, uit het collegeprogramma én de Energiestrategie 2030, is om 100ha in de het gebied van de jonge ontginningen (Venray West) te realiseren middels een gebiedsgericht proces. De omgevingsverordening van Limburg (vanaf 03 februari 2025) heeft gezorgd voor nieuwe/aanvullende eisen waarbinnen zon op land mogelijk is (ondersteuning van landbouwkundig gebruik, betekenisvolle bijdrage aan de vermindering van net congestie e.d.). Dit betekent dat er opnieuw naar de mogelijkheden wordt gekeken en dat er invulling gegeven moet worden aan deze aanvullende eisen. Dit gebeurt onder andere door een onderzoek naar ontsluitingsmogelijkheden. Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP 2026 (x € 1.000)

2027

2028

2029

Deelprogramma: Woningbouw Woonomgeving Veiligheid en handhaving Natuur, landschap en plattelandsontwikkeling Duurzaamheid Totaal

0 0 0 0 0 0

0 -12 0 0 0 -12

0 -12 0 0 0 -12

0 -12 0 0 0 -12

23

Programma 3 Werken Ambitie In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Werken: “Wij blijven ons onverminderd inzetten voor een welvarend Venray. Aantrekkelijk om te wonen, werken, leren en recreëren. Hier hoort een gezonde en toekomstbestendige economie en een goede bereikbaarheid van Venray via weg, spoor, water en de digitale snelweg bij. Wij vinden het belangrijk dat sectoren en bedrijven in Venray duurzaam kunnen blijven innoveren en ontwikkelen. Steeds meer ontwikkelingen op het gebied van economie, arbeidsmarkt, kennisinfrastructuur en mobiliteit zijn niet langer lokaal. Daarom is en blijft onze ambitie om ook in regionaal verband actief te zijn. We profileren Venray, juist via die sectoren die bijdragen aan de richting die we voor de toekomst van Venray willen bereiken. Verder is het onze ambitie om als Venray voor bedrijven herkenbaar en aantrekkelijk te blijven als vestigingsplaats, zeker voor de bestaande Venrayse bedrijven.” Het programma Werken draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Bedrijven en arbeidsmarkt - Kennis en innovatie - Centrumontwikkeling - Vrijetijdseconomie - Mobiliteit - Infrastructuur Ontwikkelingen Programma Mobiliteit De wereld van mobiliteit verandert doorlopend, de huidige Netwerkennota is aan een update toe en er ontbreekt een duidelijke kijk op mobiliteit in Venray.

In het kader van de vastgestelde omgevingsvisie werken we het thema mobiliteit en bereikbaarheid verder uit in een nieuw Programma Mobiliteit. College en raad zijn actief bij de totstandkoming betrokken. Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)

2026

2027

2028

2029

Deelprogramma: Economische ontwikkeling Mobiliteit en infrastructuur Totaal

0 -248 -248

0 -230 -230

0 -235 -235

0 -240 -240

24

Programma 4 Besturen Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Besturen vastgelegd: “In contact met onze inwoners, onze lokale en regionale partners, gebruiken wij een open en transparante bestuursstijl. Samen komen we verder: Inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties, medeoverheden. Zeker met het oog op alle ontwikkelingen die we hiervoor beschreven. Waar nodig nemen wij, als tweede stedelijke kern in Noord-Limburg, het voortouw. Het verbeteren van de dienstverlening naar onze inwoners is een van de uitdagingen voor de komende jaren. Ook willen we de kwaliteit van onze ambtelijke organisatie behouden. Dit met het oog op de toenemende krapte op de arbeidsmarkt.” Het programma Besturen draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Bestuursstijl - Inwonersparticipatie, zelfsturing en vitale gemeenschappen - Regionale samenwerking - Dienstverlening - Organisatie - Financieel beleid Ontwikkelingen Ontwikkelingen inwonersaantal Ons inwoneraantal nadert de 45.000 inwoners.

Wanneer we dat aantal hebben bereikt heeft dat verschillende gevolgen zoals: - Bijdrage uit het Gemeentefonds (maatstaven) - Uitbreiding van het aantal raadsleden - De ondersteuning van Raad en college - Verschillende bedrijfsvoeringsonderdelen, waaronder budget vergoeding raadsleden, meubilair) Vervanging meubilair Het meubilair van het gemeentehuis is grotendeels aangeschaft rondom de renovatie van het gemeentehuis in 2012, waardoor veel meubilair de komende jaren technisch gezien is afgeschreven. Bovendien vertoont een deel van het meubilair duidelijke tekenen van slijtage. We werken aan het updaten van het vervangingsplan voor het meubilair, zodat we een gedegen plan en financieringsaanvraag kunnen indienen voor de komende jaren. Hierbij wordt ook de inrichting van het Atelier en de Raadzaal meegenomen. Een kanttekening hierbij is dat, als er in oktober 2025 een extra peildatum voor het aantal inwoners wordt aangevraagd en blijkt dat er vanaf de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2026 twee raadsleden bijkomen, de vervanging van het raadsmeubilair naar voren gehaald moet worden (Q4 2025/Q1 2026). Dit aangezien de huidige ring niet uitgebreid kan worden. Nieuw besturingsmodel Het is inmiddels tien jaar geleden dat we zijn overgegaan naar de huidige organisatiestructuur en het bijbehorende besturingsmodel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15536627/1