CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen B Jilesen (D66) - Grip op het sociaal domein

Gemeenteraad 30 maart 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Maatregelen Grip op het sociaal domein2.177 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

I

Venray, 8 maart 2021 Vergadering commissie leven van 11 maart 2021 Vragen D66 over agenda punt 7: Maatregelen Grip op het sociaal domein

Algemeen: 1. Op dit moment wordt er gekeken naar een herverdeling van de gelden van het gemeentefonds. Wat is de laatste stand van zaken rond deze gelden? Door de demissionair minister van Binnenlandse Zaken is begin februari 2021 het voorlopige verdeelvoorstel herijking gemeentefonds voor advies naar de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) verzonden. De ROB is gevraagd te adviseren over de gemaakte keuzes en de effecten daarvan. De ROB zal in april 2021 haar advies naar de minister sturen en de minister zal het voorlopige verdeelvoorstel indien noodzakelijk daarop aanpassen. Aansluitend vraagt de minister de VNG om advies. Na consultatie van de VNG en gemeenten is de uiteindelijke besluitvorming over het nieuwe verdeelmodel aan het volgend kabinet. De nieuwe verdeling gaat dan op zijn vroegst in per 2023. Uit de berichtgeving blijkt dat de voorlopige uitkomsten van het verdeelmodel landelijk tot veel reacties leiden. Verder heeft de VNG heeft het standpunt ingenomen dat zij pas zal instemmen met de voorgestelde herijking van het gemeentefonds als het Rijk substantieel meer geld beschikbaar stelt voor de lokale overheden en de interbestuurlijke verhoudingen op orde zijn. Doordat diverse instanties hun advies over het voorlopige verdeelvoorstel nog moeten geven is het zeer aannemelijk dat er wijzigingen in het voorlopig verdeelvoorstel zullen worden doorgevoerd.

De uitkomsten van het verdeelvoorstel vloeien daarnaast voort uit onderzoeksgegevens 2017. Deze uitkomsten moeten dus nog geactualiseerd worden. Dit zal tot een verschuiving in de herverdeeleffecten leiden. Het valt nu niet te voorspellen welke gevolgen dit voor het verdeelvoorstel en voor Venray zal hebben. Het bovenstaande maakt duidelijk dat er grote voorzichtigheid is geboden met het zonder meer overnemen van de voorlopige uitkomsten van het verdeelvoorstel voor Venray. 2. Bij het voorstel dat er nu ligt, hoeveel extra geld zou de gemeente Venray ontvangen? In de voorlopige uitkomsten van het verdeelvoorstel is Venray voordeel gemeente met een positief herverdeeleffect van € 29 per inwoner. Waarschijnlijk zal vanaf 2023 een ingroeipad worden toegepast van € 15 per inwoner per jaar. Bij een inwoneraantal van ongeveer 43.500 betekent dit in het jaar 2023 een voordelig effect van € 650K en vanaf 2024 structureel een voordelig effect van ongeveer € 1.262K per jaar.

We benadrukken hierbij nogmaals, dat dit een voorlopig resultaat betreft waarop nog wijzigingen doorgevoerd gaan worden. Daarnaast kennen we een aantal onzekerheden die van grote invloed zullen zijn op de financiële positie van gemeenten. Denk aan de gevolgen van de coronacrisis of de vraag hoe het financieel beleid van een volgend kabinet er uit gaat zien. Zoals ook al onder de beantwoording op vraag 1 is vermeld, is het is dus voorbarig om op dit moment al van het de gepresenteerde uitkomst uit te gaan. Maatregel 1: DOORONTWIKKELING JONGERENSERVICEPUNT (JSP) “De betrokken maatschappelijke partners hebben in een eerder stadium de intentie uitgesproken gezamenlijk het Jongeren Service Punt over te nemen. Concrete afspraken hierover moeten nog worden uitgewerkt.” 3. Wanneer was dit eerdere stadium? Tijdens de aanvraag van de tweede subsidieperiode (voor juni 2019) is hier al over gesproken met de partners. Ook is het als doelstelling meegenomen in de opdrachtbeschrijving van de 2e en 3e subsidieperiode. a. In hoeverre is hier recentelijk nog over gesproken ? Er is maandelijks overleg op ambtelijk niveau waarbij dit onderwerp ook wordt besproken. Daarnaast is er eind maart weer een bestuurlijk overleg, waar dit ook onderwerp van gesprek zal zijn. We zien dat het JSP niet zo loopt zoals we van te voren bedacht hadden, maar zien aan de andere kant ook nog veel kansen.

Tijdens het bestuurlijk overleg willen we van de partners horen hoe ze nu in het JSP zitten, wat er moet gebeuren en welke stappen ze gaan zetten. b. Zijn partners voldoende op de hoogte dat zij in November het JSP overnemen? Ja, dit is duidelijk voor alle partners. c. Is er bijvoorbeeld actief met ze overlegd over hoe ze het gaan oppakken na november 2021? BOEI (projectleiding) is verantwoordelijk voor het vormgeven hiervan. Dit doen ze samen met alle partners. Wij stellen hierover in alle overleggen kritische vragen, we zijn hierover actief in gesprek. Hebben partners aangegeven het initiatief te gaan overnemen als de subsidie stopt? De partners hebben de opdrachtbeschrijving en het plan van aanpak herkend en erkend. In beide plannen is het zelfstandig draaien een van de doelstellingen. Concrete uitspraken van partners zijn er nog niet gedaan. 4. Hoe tevreden zijn jongeren die door het JSP zijn geholpen? Uit de eindverantwoording van schooljaar 2019/2020 blijkt dat jongeren en docenten zich geholpen voelen en dat zij tevreden zijn (cijfer 7 of hoger) over de inzet van het JSP. Deze meting vond plaats na contactmomenten met jongeren, ouders en docenten.

Na contactmomenten met leerlingen/ studenten, ouders en docenten heeft tot op heden geen structurele meting plaats gevonden betreft hun tevredenheid. De nieuwe tevredenheidsmeting ligt klaar maar door de corona hebben we dit nog niet kunnen toepassen. In dit schooljaar wil BOEI elke vraag en activiteit vanuit een tevredenheidsmeting vastleggen. BOEI schrijft een tussen- en eindevaluatie voor de huidige subsidieperiode. De tussenevaluatie met de eerste cijfers voor dit schooljaar verwachten we voor de zomer. Maatregel 4: ONDERSCHEID JEUGDHULP EN OPVOEDONDERSTEUNING 5. Waarom wordt hier gekozen voor gezinscoaches en niet voor de SOJ zoals besproken in maatregel 3? De gezinscoaches bieden kinderen en gezinnen begeleiding op basis van hun hulpvraag. De werkzaamheden van de gezinscoaches liggen daarmee in lijn met de lichte individuele begeleiding zoals dat ook binnen maatwerkvoorzieningen wordt geleverd. De Specialistische Ondersteuning Jeugd (SOJ) heeft een andere rol. Deze professional gaat jeugdconsulenten en huisartsen ondersteunen in hun taak als verwijzer. Met de inzet van een SOJ wordt het mogelijk om laagdrempelig expertise rondom kind- en jeugdproblematiek te ontsluiten naar de voorkant (omgeving) en met name de specifieke expertise op het gebied van Jeugd GGZ problematiek.

De SOJ-er voert drie tot maximaal vijf gesprekken om een inschatting te doen welke zorg het best passend is. 6. In hoeverre verschillen de soort behandelingen die gezinscoaches geven van de bestaande maatwerkvoorzieningen die bij dit soort problematiek wordt ingezet? De ondersteuning door gezinscoaches verschilt maar beperkt van de ondersteuning via een maatwerkvoorziening. Het belangrijkste verschil is dat de gezinscoaches wijkgericht werken en goed zicht hebben op de mogelijkheden in de een omgeving van een gezin. Gezinscoaches en zorgaanbieders die maatwerkvoorzieningen bieden werken beide met erkende methodieken. Maatregel 11: ENKELVOUDIGE HULPVRAGEN SNELLER VERWERKEN Enkele tijd terug was het streven juist om keukentafel gesprekken te houden om beter zicht te krijgen op eventueel onderliggende of bijkomende problemen. 7. Hoe verhoudt zich deze maatregel ten opzichte van dit streven? Het streven blijft om bij eerste aanvragen een keukentafelgesprek te voeren. Afhankelijk van de vervolgaanvragen kan een uitgebreid keukentafelgesprek ook vervangen worden door een telefonisch onderzoek en/of door klantbeheerders worden uitgevoerd. Zij zijn opgeleid in het doen van onderzoek. 8.

Hoe vaak komt bij een keukentafel gesprek over dit soort voorzieningen toch meer problemen op tafel? Wanneer tijdens een keukentafelgesprek sprake is van signalen dat er onderliggende problematiek speelt schakelt de klantbeheerder altijd de consulent in of verwijst zelf door naar de juiste instanties. Over het algemeen komt dit niet vaak voor

Maatregel 12: STUREN OP DOOR- EN UITSTROOM BEGELEIDING INDIVIDUEEL (BGI) EN EEN ‘STRIPPENKAART’ INVOEREN

De vorige keer dat dit stuk op de agenda stond hebben wij de volgende vraag gesteld: “Actief sturen op doorstroom en uitstroom maatwerkvoorziening “Begeleiding Individueel”... Het gaat altijd om complexe situaties, er is nooit sprake van een enkelvoudige hulpvraag maar juist de combinatie van problematieken maakt dat het te zwaar is voor het voorliggende veld (bijvoorbeeld maatschappelijk werk of ervaringsdeskundige). De kans dat er bij deze doelgroep sprake is van langdurige begeleiding is groot. …Inzetten op uitstroom bij 80% van behaalde doelen i.p.v. 100% van de behaalde doelen. - Waaruit blijkt dat in zulke complexe gevallen uitstroom bij 80% succesvol is? Onderbouwen met onderzoeken en voorbeelden.” Het antwoord luidde toen: “Deze maatregel is nog niet opgepakt en moet nog worden uitgewerkt. Wat de intentie van deze maatregel is, is wanneer iemand voor 80% hersteld is in te zetten op het zelfstandig oppakken van hetgeen is geleerd in samenwerking met het voorliggend veld en niet pas wanneer iemand voor 100% hersteld is. Op dit moment zetten we hier al kleinschalig op in binnen de pilot ervaringsdeskundige die medio 2021 wordt geëvalueerd en als onderbouwing kan worden gezien voor deze maatregel.” 9.

Is de maatregel al uitgewerkt? - Zo ja, kan bovenstaande vraag wel beantwoord worden? - Zo nee, wanneer gebeurd dit? Voor de raadsvergadering? De maatregel wordt momenteel uitgewerkt en is uiterlijk 1 april 2021 gereed. 10. Wat zijn de voorlopige resultaten van de pilot? Ondanks de vertragingen door Corona zijn er rond de 30 inwoners van Venray ondersteund. Per 1 september 2020 is de pilot uitgebreid met een ervaringsdeskundige gericht op armoede en schulden. Daarnaast is onlangs gestart met overwegingsgroepen zodat onze inwoners vanuit de ondersteuning door een ervaringsdeskundige bij een groep kunnen aansluiten waar ze ervaringsverhalen kunnen delen. Zie ook de facebookpagina ervaringsdeskundige in Venray en het filmpje (geplaatst op 30 januari 2021). 11. Waarom wordt er gekozen om al vooruit te lopen op de resultaten van deze pilot? De maatregel staat los van het wel of niet inzetten van ervaringsdeskundigen. Het strakker sturen op kortere doorlooptijden en behalen van doelen is het uitgangspunt van deze maatregel. Door de ervaringen in de pilot zien we dat inwoners eerder de inzet van een professional kunnen loslaten dan de duur van de indicatie. Maatregel 14: TOETSINGSTEAM 12.

Creëert dit niet een gevoel van wantrouwen tegenover de gemeente haar eigen ambtenaren? De insteek van het toetsingsteam is om samen te kijken naar wat er nodig is in de betreffende casus en of aan alle voorliggende alternatieven is gedacht en op deze wijze elkaar te versterken. 13. Waaruit is gebleken dat controle nodig is? We willen meer zicht krijgen op hoe afspraken en ontwikkelingen die op beleidsniveau worden gemaakt, ook goed landen bij de toegang. Is men voldoende bekend met de voorliggende alternatieven? Zijn regionale pilots bekend en worden die ook ingezet? De insteek is dat we samen de beweging maken die we in de kadernota beschrijven, zodat deze niet alleen op papier staat maar

ook in de praktijk wordt uitgevoerd. Daarbij halen we ook informatie op over wat onze uitvoering daarvoor nodig heeft of waar nog witte vlekken zijn in het voorliggende aanbod. “Onder meer gemeente Eindhoven en Venlo werken met een soort toetsingsteam. Ook zijn er gemeenten die met een vierogen principe werken of alleen maatwerkvoorzieningen” 14. Hoe ziet dit toetsingsteam eruit in Eindhoven en Venlo? In hoeverre verschilt het voorstel dat hier wordt gedaan van de toetsingsteams van Eindhoven en Venlo? Het is ons onbekend hoe de toetsingsteams in de genoemde gemeenten er exact uit zien. We hebben gekeken naar onze eigen doelstellingen en daar de meest passende vorm bij georganiseerd. 15. Is het vierogen principe overwogen? Waarom is uiteindelijk voor een toetsingsteam gekozen? Er is voor de eerste paar maanden gekozen voor een toetsingsteam zodat er met een bredere blik kan worden gekeken, zowel van beleidsmatige kant, juridische kant als kwaliteitskant wordt er geparticipeerd. Daarmee heb je alle disciplines samen die kunnen helpen in het maken van de juiste afwegingen. Sinds begin dit jaar wordt gewerkt met het vierogen principe. Eind deze maand wordt gekeken welke vorm de voorkeur heeft.

Maatregel 16: SUBSIDIE SYNTHESE EN GEZINSCOACHES Het streven is om de omgeving te verstreken. Synthese wordt gezien als omgeving (algemene voorziening). 16. In hoeverre verstevig je de omgeving als je juist op dit soort organisatie gaat bezuinigen? Deze maatregel is niet gericht op het verstevigen van de omgeving maar is bedoeld als motivatie tot efficiënte inzet van middelen. 17. Is er ontevreden over het werk van synthese? Er is geen onvrede over de inzet van Synthese. Er vinden maandelijks gesprekken plaats met Synthese. Wanneer er signalen of vragen zijn over de inzet van Synthese worden deze direct besproken. Maatregel 4 spreekt over de inzet van meer gezinscoaches 18. Hoe gaan we voor genoeg gezinscoaches om maatregel 4 uit te voeren als er juist minder gezinscoaches beschikbaar zijn door hierop te bezuinigen? De veranderingen vallen voor een groot deel binnen de doorontwikkelingen ‘proactieve inzet en eigen kracht’ en ‘duurzame (waakvlam) ondersteuning’ die we benoemd hebben in de huidige subsidieopdracht 2021-2023 van de gezinscoaches. Dit betekent dat de gezinscoaches deze maatregel voor een groot deel in hun formatie kunnen opvangen. Daarnaast blijven we met elkaar de inzet van de gezinscoaches in deze casussen nauwgezet monitoren, om er zeker van te zijn dat dit ook het geval is. Maatregel 17: AFSCHAFFEN MEEDOENBUDGET VOOR KINDEREN 19.

Kunnen Stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport en Jeugdfonds Cultuur alle aanvragen die er nu zijn dekken? Ja, er is binnen de beschikbaar gestelde subsidies ruimte om alle aanvragen te dekken. Dit is gebaseerd op de subsidieafrekeningen van de afgelopen jaren waarbij er sprake was van een overschot. - Zo nee, hoeveel aanvragen/kinderen vallen er door het afschaffen buiten de boord? N.v.t. - Om wat voor aanvragen gaat dit? N.v.t.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9857751/2