B2 - Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen TAM-Omgevingsplan Vliezenweg ong., Venray (identiek aan doc. B1.03.11)
Tekst van het document
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ac ‘Vliezenweg ong. Venray’ Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
26 mei 2026 Gemeente Venray Postbus 500 5800 AM Venray
Samengesteld door Team Ruimtelijke Ontwikkeling
1
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
2
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
Inhoud 1
Inleiding
4
2
Zienswijzen
5
2.1 3
4
Zienswijze reclamant 1
5
Wijzigingen
9
3.1
Inleiding
9
3.2
Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen
9
3.3
Ambtshalve wijzigingen
Vervolgprocedure
9 11
Bijlagen Bijlage A
Ingediende zienswijze (Niet openbaar)
Bijlage B
Notitie Endotoxine d.d. 27 februari 2026
3
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
1
Inleiding
Dit rapport bevat de gemeentelijke reactie op de binnengekomen zienswijzen naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray, met het identificatienummer NL.IMRO.0984.TAM25021-va01. Het ontwerp TAM-Omgevingsplan heeft ter visie gelegen van 12 december 2025 tot en met 22 januari 2026. Tijdens de inzagetermijn heeft eenieder het recht gehad een schriftelijke of mondelinge zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad. In deze nota wordt ingegaan op de ingediende zienswijzen op het ontwerp TAM-Omgevingsplan. Zienswijzen Er is één zienswijze tegen het ontwerp TAM-Omgevingsplan ingekomen. De persoonsgegevens van de indiener van de zienswijze (hierna: reclamant) zijn geanonimiseerd verwerkt in dit rapport, in verband met de bescherming van de privacy van de gegevens op internet. -
Reclamant 1, schriftelijke zienswijze d.d. 20 januari 2026, ingekomen 21 januari 2026.
De inhoudelijke zienswijze inclusief adresgegevens is opgenomen in de vertrouwelijke bijlage A. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de daartoe gestelde termijn verzonden naar de gemeente en derhalve ontvankelijk. Leeswijzer In hoofdstuk 2 volgt de samenvatting van de zienswijze. De zienswijze is hierin beknopt en zakelijk weergegeven. Voor zover bij de samenvatting van de zienswijze onderdelen van de betreffende reactie niet of niet geheel worden genoemd, betekent dit niet dat deze buiten beschouwing zijn gebleven. De zienswijze is in zijn geheel beoordeeld. De samengevatte zienswijze wordt van een gemeentelijk standpunt voorzien. Daarbij is aangegeven of en in hoeverre de reactie tot aanpassing van het vast te stellen TAM-Omgevingsplan leidt. In hoofdstuk 3 volgt een uiteenzetting van de (ambtshalve) aanpassingen van het vast te stellen plan ten opzichte van het ontwerp TAM-omgevingsplan. Tenslotte volgt in hoofdstuk 4 een toelichting over de vervolgprocedure. Bijlage A bevat de persoonsgegevens van de indiener van de zienswijze en de inhoudelijke reacties. Deze bijlage A is vanwege de vermelde persoonsgegevens van de natuurlijke personen vertrouwelijk en zal niet ter inzage worden gelegd.
4
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
2
Zienswijzen
2.1
Zienswijze reclamant 1
Ontvankelijkheid -
Schriftelijke zienswijze d.d. 20 januari 2026, ontvangen op 21 januari 2026.
-
De zienswijze is binnen de gestelde termijn ingediend.
-
De zienswijze is inhoudelijk onderbouwd.
-
De zienswijze is dan ook ontvankelijk.
Reactie De zienswijze van reclamant gaat in op het volgende punten: Ontwikkeling past niet binnen het geldende omgevingsplan 1. Reclamant stelt dat de bouw van een woning niet past binnen de huidige agrarische bestemming van het perceel. Daardoor zou de ontwikkeling in strijd zijn met het geldende omgevingsplan. Onzekerheid over geur en mogelijke belemmeringen voor bedrijfsvoering 2. Gevreesd wordt dat de nieuwe woning leidt tot beperkingen in de huidige en toekomstige bedrijfsvoering van de varkenshouderij. Omgevingsdialoog 3. Reclamant geeft aan nooit te zijn uitgenodigd voor een omgevingsdialoog, terwijl het bedrijf op circa 120 meter van het plangebied ligt. Activiteiten in de weide en mogelijke emissies 4. Onduidelijk is welke activiteiten in de geplande weide zullen plaatsvinden en of deze ammoniak- of stikstofemissies veroorzaken. Deze zijn niet in de AERIUS-berekening meegenomen. Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen 5. In de onderbouwing staat dat het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in het plangebied wordt uitgesloten, maar deze uitsluiting is niet expliciet in de planregels opgenomen. Endotoxinen 6. Reclamant geeft aan dat het aspect endotoxinen ontbreekt in de ruimtelijke onderbouwing. Fijnstof en geluid 7. De aspecten ‘fijnstof’ en ‘geluid’ zijn onvoldoende onderzocht dan wel niet onderbouwd.
Volgens reclamant ontbreken een luchtkwaliteitsonderzoek en een akoestisch onderzoek. Foutieve afstand in geuronderzoek (200 m i.p.v. 120 m) 8. In de beoordeling van het aspect ‘geur’ is een onjuiste afstand opgenomen. Deze bedraagt circa 120 in plaats van 200 meter. Onjuiste defaultwaarden in V‑Stacks voor emissiepunthoogtes 9. In de voorgrond- en achtergrondberekeningen is een default waarde van 6 meter gebruikt, terwijl dit 5 meter zou moeten zijn.
5
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
Zorg over toename woningbouw in omgeving en toekomstig geurbeleid 10. Reclamant vreest dat woningbouw in de omgeving, zoals aan de Hoopweg, in combinatie met nieuw geurbeleid beperkingen gaat opleggen aan zijn bedrijf. Standpunt gemeente Ontwikkeling past niet binnen het geldende omgevingsplan 1. Het ontwerp‑TAM‑omgevingsplan voorziet er juist in dat de bestaande agrarische functie voor de betreffende gronden deels wordt gewijzigd naar een woonbestemming. Daarmee wordt juridisch-planologisch de bouw van een woning rechtstreeks mogelijk gemaakt. Dat een initiatief niet binnen het vigerende plan past, is precies de reden om een TAM‑omgevingsplan op te stellen. De beoogde bestemming is zorgvuldig gemotiveerd en past binnen de gemeentelijke beleidskaders en de gemaakte afspraken in het kader van de Gebiedsontwikkeling Ooijen‑Wanssum. Onzekerheid over geur en mogelijke belemmeringen voor bedrijfsvoering 2. Uit het uitgevoerde geuronderzoek blijkt dat de beoogde woning voldoet aan de geurnormen uit de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Venray 2011. Daarmee staat vast dat de woning geen belemmering vormt voor de bestaande activiteiten van het bedrijf aan de Kiekweg 21. De berekeningen zijn uitgevoerd conform de geldende regelgeving en methodiek.
Eventuele toekomstige uitbreidingsmogelijkheden van het bedrijf vallen onder separate vergunningentrajecten en kunnen niet worden betrokken bij de beoordeling van een ruimtelijke planwijziging. Het realiseren van een nieuwe geurgevoelige functie binnen de daarvoor geldende normen levert juridisch geen beperking op voor vergunde of vergunningsvrije bedrijfsactiviteiten van reclamant. Voor zover reclamant vreest voor toekomstige beperkingen als gevolg van de ontwikkeling, wordt opgemerkt dat andere, reeds aanwezige en dichterbij gelegen woningen, te weten Vliezenweg 1 en Kiekweg 24, maatgevend zijn voor de uitbreidingsmogelijkheden van de veehouderij. Omgevingsdialoog 3. Een omgevingsdialoog is geen voorwaarde voor de vaststelling van een TAM‑omgevingsplan. Het al dan niet voeren van een dialoog, evenals de wijze waarop deze wordt vormgegeven, heeft dan ook geen gevolgen voor de rechtmatigheid van het plan. Niettemin is reclamant voorafgaand aan de terinzagelegging meerdere malen uitgenodigd om een toelichting op het plan te ontvangen en zijn relevante stukken toegezonden. Op deze uitnodigingen om een nadere toelichting te geven is geen reactie ontvangen. Met het indienen van een zienswijze heeft reclamant volledig gebruik kunnen maken van zijn inspraakmogelijkheden.
Daarnaast heeft naar aanleiding van de zienswijze op 26 februari 2026 een gesprek plaatsgevonden tussen reclamant en de initiatiefnemer. Tijdens dit gesprek is het plan nader toegelicht en is uitgebreid stilgestaan bij de inhoud van de zienswijzen. Activiteiten in de weide en mogelijke emissies 4. Ter plaatse van de “weide” is een landschappelijke inpassing voorzien. Deze landschappelijke inpassing is vastgelegd in de planregels en op de verbeelding door middel van een gebiedsaanduiding ‘overige zone – voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing’. Deze
6
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
landschappelijke inpassing maakt geen emissie-veroorzakende activiteiten mogelijk die niet al planologisch zijn toegestaan, zodat terecht geen emissieberekeningen voor dit onderdeel zijn uitgevoerd. Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen 5. De lijn van reclamant wordt niet gevolgd. Op de verbeelding is een gebiedsaanduiding ‘milieuzone – spuitvrije zone’ opgenomen, waaraan in artikel 14.5.2 een verbodsbepaling is gekoppeld. Daarmee is de uitsluiting van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen afdoende en juridisch-planologisch geborgd. Endotoxinen 6. Er bestaat geen wettelijke normering voor endotoxinen in het kader van de beoordeling van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Desondanks volgt het plan de ETFAL‑methodiek, waarin enkel bij specifieke gezondheidsrisico’s aanvullende beoordeling nodig is. Deze aanvullende beoordeling heeft plaatsgevonden (bijlage B bij deze nota). Hieruit blijkt dat endotoxine geen belemmering vormt voor de voorgenomen ontwikkeling. De motivering wordt hierop aangevuld. Fijnstof en geluid 7. De ontwikkeling betreft de bouw van één woning. De realisatie van één woning draagt niet in betekende mate bij aan de luchtkwaliteit of de geluidbelasting.
Volgens de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (CCN en GDN) van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) blijkt dat de luchtkwaliteit ter plaatse ruimschoots voldoende is voor de realisatie van het bouwplan. Daarnaast is een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai uitgevoerd (bijlage 6 van de motivering). Hieruit blijkt dat de verkeersintensiteit ruimschoots lager is dan 1.000 motorvoertuigen per etmaal. Op grond van artikel 5.78 van het Besluit kwaliteit leefomgeving is derhalve nader onderzoek niet vereist, omdat voor wegen van deze omvang mag worden aangenomen dat aan de standaardwaarden wordt voldaan. Reclamant heeft bovendien geen onderbouwing aangeleverd waaruit blijkt dat de uitgevoerde onderzoeken/motivering ontoereikend zouden zijn. De zienswijze geeft dan ook geen aanleiding om deze aspecten nader te onderzoeken. Foutieve afstand in geuronderzoek (200 m i.p.v. 120 m) 8. In de voor besluitvorming relevante berekeningen is uitgegaan van de grens van het bedrijf (excl. bedrijfswoning) tot aan de grens van de nieuwe woonbestemming. Deze gegevens zijn correct verwerkt in het rekenmodel. Eventuele tekstuele onnauwkeurigheden in de toelichting doen geen afbreuk aan de juistheid van de berekeningen of de besluitvorming. Onjuiste defaultwaarden in V‑Stacks voor emissiepunthoogtes 9.
Bij de berekeningen is uitgegaan van de voor de betreffende veehouderij beschikbare, vergunde gegevens. In tegenstelling tot wat de reclamant stelt, is daarbij wel gerekend met een emissiepunthoogte van 5 meter. In het rapport is bovendien toegelicht dat de maximale planologische mogelijkheden niet reëel zijn, gelet op de geurbelasting op nabijgelegen woningen. Het gebruik van meer gedetailleerde parameters zou dan ook niet tot een andere conclusie leiden. Er is juist gerekend met gedetailleerde parameters op emissiepuntniveau, zodat de
7
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
berekeningen zo nauwkeurig mogelijk zijn uitgevoerd. Deze aanpak leidt niet tot een onjuiste of onbetrouwbare uitkomst. Zorg over toename woningbouw in omgeving en toekomstig geurbeleid 10. Deze zienswijze gaat niet over het onderhavige plan maar over toekomstige, zelfstandige ontwikkelingen. Het ontwerp‑TAM‑omgevingsplan kan niet worden beoordeeld op mogelijke beleidswijzigingen of autonome ontwikkelingen elders. De huidige vergunning blijft rechtsgeldig en wordt door dit plan niet beperkt. Eventuele toekomstige beleidskaders worden vastgesteld in afzonderlijke procedures. Conclusie De aangevoerde gronden zijn ongegrond. De zienswijze geeft geen aanleiding om het plan niet vast te stellen. De zienswijze geeft wel aanleiding om de motivering op de navolgende wijze aan te vullen: -
Paragraaf 6.2 Gezondheid met betrekking tot het aspect Endotoxine incl.de toevoeging van het rapport Endotoxine d.d. 27 februari 2026 in bijlage 9.
8
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
3
Wijzigingen
3.1
Inleiding
In dit hoofdstuk zijn de wijzigingen in het vastgestelde omgevingsplan ten opzichte van het ontwerp omgevingsplan weergegeven. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in wijzigingen uit de zienswijzen en ambtshalve wijzigingen. Hieronder volgt een overzicht van de (ambtshalve) wijzigingen. Er is onderscheid gemaakt tussen aanpassingen op de verbeelding, in de regels en in de motivering.
3.2
Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen
De aanpassingen zijn als volgt: Motivering Paragraaf
Wijziging
Toelichting
6.2 Gezondheid
-
Aanvullen paragraaf 6.2
Naar aanleiding van de ziens-
Gezondheid naar aanlei-
wijze heeft een Endotoxine
ding van het endotoxine
onderzoek plaatsgevonden.
onderzoek
Dit onderzoek heeft niet ge-
Toevoegen bijlage 10 En-
leid tot andere inzichten.
dotoxine onderzoek d.d.
Desalniettemin wordt § 6.2
27-02-2026
hierop aangevuld en het on-
-
derzoek toegevoegd aan de bijlagen. Verbeelding Locatie
Wijziging
Toelichting
-
-
-
Artikel
Wijziging
Toelichting
-
-
-
Regels (ontwerp)
3.3
Ambtshalve wijzigingen
De aanpassingen zijn als volgt: Motivering Paragraaf
Wijziging
Toelichting
6.6 Bodem
-
Aanpassen § 6.6 naar
Het bodemonderzoek is geac-
aanleiding van geactuali-
tualiseerd en beoordeeld op
seerd bodemonderzoek
basis waarvan het onder-
Toevoegen bijlage 4 Ver-
zoeksgebied kan worden vrij-
kennend bodemonder-
gegeven.
-
zoek d.d. 05-03-2026
9
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
6.16 Ontplofbare oorlogsres-
-
ten -
Aanpassen § 6.16 naar
Het detectie rapport ‘Opspo-
aanleiding van geactuali-
ren ontplofbare Oorlogsres-
seerd detectie onderzoek
ten’ is geactualiseerd en be-
Vervangen bijlage 9 door
oordeeld op basis waarvan
Proces-verbaal van ople-
het onderzoeksgebied kan
vering d.d. 01-12-2025
worden vrijgegeven.
Verbeelding Locatie
Wijziging
Toelichting
-
-
-
Artikel
Wijziging
Toelichting
9.2 Functieomschrijving
-
Verwijderen artikel 9.2,
Lid e van artikel 9.2 kan wor-
lid e
den geschrapt, aangezien
Regels (ontwerp)
binnen de functie ‘Wonen’ geen sprake is van de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’. 13.1 Voorwaardelijke ver-
-
Verwijderen artikel 13.1
Op basis van het geactuali-
plichting ontplofbare oorlogs-
seerde detectie onderzoek
resten en bodemonderzoek
ontplofbare oorlogsresten en bodem kan het onderzoeksgebied worden vrijgegeven, waardoor de voorwaardelijke verplichting kan komen te vervallen.
10
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
4
Vervolgprocedure
Vaststelling van het TAM- Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray door de gemeenteraad is voorzien op 26 mei 2026. Publicatie van het vaststellingsbesluit vindt normaal gesproken binnen twee weken na vaststelling plaats. In het vast te stellen TAM-Omgevingsplan zijn echter wijzigingen aangebracht ten opzichte van het ontwerp TAM-Omgevingsplan. Conform artikel 10.3 van het Omgevingsbesluit jo. 16.21, eerste lid onder b van de Omgevingswet dient het vaststellingsbesluit tot wijziging van een omgevingsplan onverwijld te worden toegezonden aan Gedeputeerde Staten van Limburg, indien:
•
een provinciale zienswijze niet of niet volledig is overgenomen, of
•
het vastgestelde plan afwijkt van het ontwerp en er sprake is van een provinciaal belangen en met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Deze toezending vormt de basis voor een eventuele inzet van een reactieve interventie door de provincie. Het vaststellingsbesluit zal de dag na de raadsvergadering van de gemeenteraad per elektronische weg aan Gedeputeerde Staten worden verzonden. Zij zullen vervolgens zo spoedig mogelijk een besluit nemen over een eventuele interventie. Nadat Gedeputeerde Staten een besluit heeft genomen, kan de publicatie van onderhavig plan plaatsvinden en vervolgens de beroepstermijn aanvangen. Het is dan ook nog niet op voorhand te zeggen wanneer de publicatie zal plaatsvinden. De beroepstermijn van zes weken vangt aan op de dag na de terinzagelegging van het besluit. Belanghebbenden zijn in de gelegenheid om gedurende de beroepstermijn een beroepschrift in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het TAM-Omgevingsplan treedt in werking 4 weken na bekendmaking. Hierbij geldt het voorbehoud dat wanneer iemand een voorlopige voorziening aanvraagt en deze wordt toegekend, de inwerkingtreding van het plan kan worden geschorst.
11
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22ac Vliezenweg ong. Venray (NL.IMRO.0984.TAM25021-va01) Eindrapport zienswijzen en (ambtshalve) wijzigingen
Bijlagen