CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

5.1.3 onderbouwing Bijlage 3 Aanvullend bodemonderzoek (Den Tiel)

Gemeenteraad 30 juni 2026, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ah Kleindorp 31-33, Den Tiel 6, Merselo33.267 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

AANVULLEND BODEMONDERZOEK EN NADER ASBESTONDERZOEK Den Tiel 6 en 6a Merselo

kenmerk HMB B.V.: 25250902A

AANVULLEND BODEMONDERZOEK EN NADER ASBESTONDERZOEK Den Tiel 6 en 6a Merselo

kenmerk HMB B.V.: 25250902A

opdrachtgever:

Michels Advies b.v. te Ysselsteyn

datum rapport:

3 februari 2026

kenmerk:

25250902A

status:

Definitief

uitgevoerd door:

HMB B.V.

projectleider:

Gido van Lier | g.vanlier@hmbgroep.nl

rapporteur:

Liona Voogt

autorisatie:

John Peeters

HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING ........................................................................................................... 4

2

VOORONDERZOEK ................................................................................................ 5 2.1 Werkwijze .................................................................................................... 5 2.2 Resultaten vooronderzoek .............................................................................. 5 2.2.1 Onderzoekslocatie ................................................................................... 5 2.2.2 Omgeving............................................................................................... 8 2.3 Hypothese en deellocaties .............................................................................. 9 2.4 Opzet veld- en laboratoriumonderzoek aanvullend bodemonderzoek ................... 10 2.5 Opzet veld- en laboratoriumonderzoek nader asbestonderzoek .......................... 11

3

AANVULLEND BODEMONDERZOEK ......................................................................... 12 3.1 Uitvoering veldonderzoek .............................................................................. 12 3.2 Resultaten veldonderzoek .............................................................................. 12 3.3 Laboratoriumonderzoek ................................................................................. 14 3.4 Analyseresultaten ......................................................................................... 15 3.4.1 Grond en grondwater .............................................................................. 15 3.4.2 Asbest .................................................................................................. 16 3.5 Deelconclusie aanvullend bodemonderzoek ...................................................... 17

4

NADER (BODEM)ONDERZOEK ASBEST ................................................................... 18 4.1 Uitvoering veldonderzoek .............................................................................. 18 4.2 Veldonderzoek ............................................................................................. 18 4.3 Laboratoriumonderzoek ................................................................................. 19 4.4 Analyseresultaten nader (bodem)onderzoek asbest .......................................... 19 4.5 Deelconclusie nader (bodem)onderzoek asbest ................................................ 20

5

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ................................................ 21 5.1 Samenvatting .............................................................................................. 21 5.2 Conclusie aanvullend bodemonderzoek ........................................................... 22 5.3 Conclusie nader asbestonderzoek ................................................................... 22 5.4 Aanbevelingen ............................................................................................. 23

BIJLAGEN 1|

Foto’s

2|

Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk

3|

Analysecertificaten

4|

Toetsing analyseresultaten grond en grondwater

5|

Berekening asbestgehalten

6|

Achtergrondinformatie

7|

Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

1

INLEIDING

In opdracht van Michels Advies b.v. te Ysselsteyn is door HMB B.V. in november 2025 tot en met januari 2026 een aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de Den Tiel 6 en 6a te Merselo. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning, het wijzigen van het bestemmingsplan (omgevingsplan) en de resultaten van een eerder uitgevoerd bodemonderzoek (HMB B.V., kenmerk: 25250901A, d.d. 1 augustus 2025). Doelstelling Het algemene doel van het onderzoek is het vaststellen van de actuele milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De doelstelling per deelonderzoek is in de volgende hoofdstukken weergegeven. Indeling rapport In de rapportage worden de resultaten van de deelonderzoeken in achtereenvolgende separate hoofdstukken uitgewerkt. Het rapport sluit af met een samenvatting met conclusies en aanbevelingen. Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen1. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses uitgevoerd wordt. Het kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is.

Het onderzoek is, voor zover van toepassing, onder certificaat (KWALIBO) uitgevoerd, maar een bodemonderzoek is geen partijkeuring. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van een af te voeren partij (grond of verhardingsmaterialen) verlangd worden. Tenslotte wordt opgemerkt dat HMB B.V. geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de onderzochte locatie.

1

De gebruikte normen en richtlijnen zijn in de navolgende hoofdstukken weergegeven

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

4

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

2

VOORONDERZOEK

2.1

Werkwijze

Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 57252, aanleiding A3. Het vooronderzoek heeft betrekking op de onderzoekslocatie en de omgeving. De volgende bronnen zijn geraadpleegd: ▪ het Kadaster; ▪ de opdrachtgever; ▪ de gemeente Venray; ▪ het internet (onder andere Topotijdreis.nl, Atlas Limburg, Street Smart en Slagboom en Peeters luchtfotografie); ▪ de Grondwaterkaart van Nederland, de Bodemkaart van Nederland en/of het DINOloket. Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek zijn de onderzoekslocatie en de omgeving geïnspecteerd. Foto’s van de locatie zijn opgenomen in bijlage 1. 2.2

Resultaten vooronderzoek

2.2.1

Onderzoekslocatie

Topografische en algemene gegevens Enkele (topografische) gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergeven in tabel 1. Tabel 1

Topografische en algemene gegevens locatie

Algemeen Adres onderzoekslocatie

Den Tiel 6 en 6a Merselo

Gemeente

Venray

Kadastrale aanduiding

Gemeente Venray, sectie Z, percelen 30, 31, 510, 758 en 759

BRK-PB

Ten aanzien van dit perceel zijn in de Basisregistratie Kadaster Publiekrechtelijke beperkingen (BRK-PB) geen beperkingen in het kader van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is

Oppervlakte perceel

Circa 3,1 ha

Oppervlakte onderzoekslocatie

Circa 1,2 ha

X-coördinaat

192.954

Y-coördinaat

394.176

Huidig gebruik Op de onderzoekslocatie bevinden zich een woonhuis, drie kippenstallen en een loods. De bebouwing heeft een totale oppervlakte van circa 3.800 m² en is volledig voorzien van betonvloeren. Het terrein rondom de woning is voornamelijk ingericht als tuin en is plaatselijk verhard met klinkers en grind. De oprit naar de stallen en het bedrijfsterrein is voorzien van

2 3

NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 De (verplicht) te onderzoeken aspecten worden in de NEN 5725 afhankelijk gesteld van de aanleiding van het onderzoek. Aanleiding A is als volgt geformuleerd: opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

5

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

een asfaltverharding. Ten oosten en zuiden van de stallen is het terrein onverhard en in gebruik voor agrarische doeleinden. Tijdens de visuele inspectie van de locatie zijn geen bodembedreigende activiteiten aangetroffen. In bijlage 7 is een situatietekening opgenomen. Invasieve exoten, of aanwijzingen voor aanwezigheid ervan, zijn niet aangetroffen 4. Historisch gebruik Op historische kaarten is te zien dat in 1900 bebouwing op de locatie aanwezig is. Gelet op de verleende vergunningen betrof dit een boerderij, die in de jaren vijftig is afgebrand. Het achterliggende terrein was in gebruik als boomgaard. De contour van de huidige woning dateert uit 1959. Rond de jaren zestig is ook de contour zichtbaar van de eerste kippenstal. In de jaren tachtig zijn vervolgens de twee aangrenzende stallen gebouwd. De laatste bouwactiviteit op het terrein betreft de nieuwbouw van een loods (bedrijfsgebouw) in 2009. Voor zover bekend is de locatie vanaf de jaren zestig tot op heden in gebruik geweest als kippen- en/of varkenshouderij. Verleende vergunningen Bij de gemeente Venray zijn de in tabel 2 weergegeven verleende vergunningen in het kader van de Bouwverordening, sloopvergunningen, de Hinderwet en/of Wet Milieubeheer bekend. Tabel 2

4

Verleende vergunningen

Datum

Omschrijving vergunning

24 maart 1959

Bouwvergunning: herbouwen boerderij die door een brand is verwoest

3 november 1960

Bouwvergunning: bouwen van een kippenhok

27 april 1964

Bouwvergunning: uitbreiden van een kippenhok

9 april 1975

Hinderwetvergunning: oprichten van een kuiken- en varkensmesterij

4 juli 1979

Bouwvergunning: bouwen van een kippenhok

31 maart 1992

Hinderwetvergunning: uitbreiden/wijzigen van een pluimveehouderij en mestvarkens

24 juni 1981

Bouwvergunning: bouwen van een kippenhok

19 augustus 1981

Bouwvergunning: bouwen van een opslagruimte

31 maart 1992

Hinderwetvergunning: uitbreiden/wijzigen van een pluimveehouderij

8 september 1992

Bouwvergunning: bouwen van een pluimveestal en slopen van bestaande stal

28 september 1993

Hinderwetvergunning: nieuwe inrichting voor pluimveehouderij

12 september 2006

Bouwvergunning: vergroten van drie pluimveestallen

25 april 2006

Wet milieubeheer: revisievergunning legkippenhouderij

20 oktober 2006

Bouwvergunning: bouwen van een loods

26 maart 2009

Wet milieubeheer: revisievergunning legkippenhouderij

12 november 2012

Omgevingsvergunning: uitbreiden van de woning

15 januari 2015

Aanmeldnotitie MER

8 juni 2015

Omgevingsvergunning: bouwen van een pluimveestal

Voorbeelden van invasieve exoten zijn de Japanse Duizendknoop en de Reuzenberenklauw. Aan de bevindingen kunnen geen rechten worden ontleend. De inspectie is beperkt en niet genormeerd

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

6

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Bodembedreigende activiteiten Op basis van de bekende vergunningen en de activiteiten die op het terrein hebben plaatsgevonden kunnen ten aanzien van de locatie de in tabel 3 weergegeven potentieel bodembedreigende activiteiten worden onderscheiden. Tabel 3

Bodembedreigende activiteiten

Activiteit

Situering

Bijzonderheden

Verwachte verontreinigende stof

Bouw- en sloopactiviteiten en het decennialange menselijke activiteiten

Terreindeel ter plaatse van de stallen en ten zuiden van de woning

-

Asbest, zware metalen, minerale olie, PAK en PCB

Voormalige boomgaard

Terreindeel ter plaatse van de stallen en ten zuiden van de woning

-

OCB

Druppelzone asbestverdachte dakbedekking

Oostelijke druppelzone van de varkensstallen

-

Asbest en PCB (zie ook de volgende alinea’s)

Bovengrondse dieseltank (200 liter) en olieopslag

In de garage van de woning

Activiteiten altijd op betonvloer aanwezig geweest. Tevens zijn tijdens het eerdere verkennend onderzoek geen verontreinigingen in het grondwater aangetoond.

Geen

Bodeminformatie Ter plaatse van Den Tiel 6, het akkerland ten oosten van de stallen, is voor de uitbreiding van de pluimveestallen in 2015 een bodemonderzoek (Econsultancy, kenmerk: 12083560, 8 april 2015) uitgevoerd. Zintuiglijk zijn in de bodem geen bodemvreemde materialen of bijzonderheden aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de grond, met uitzondering van een licht verhoogd gehalte PCB in één grondmengmonster, niet verontreinigd is met de onderzochte parameters. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten zware metalen aangetoond. De verhoogde gehalten metalen betreffen verhoogde achtergrondconcentraties. De resultaten vormde geen belemmering voor de bouwplannen. In 2025 is een verkennend bodemonderzoek (asbest) (HMB B.V., kenmerk: 25250901A, d.d. 1 augustus 2025) uitgevoerd. Zintuigelijk zijn in de bodem plaatselijk bijmengingen met baksteen en/of dakpannen aangetroffen. Daarnaast zijn halfverhardings- en funderingslagen bestaande uit puin en asfalt aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond verhoogde gehalten OCB, minerale olie, PCB, PAK en zware metalen boven de landbouw/natuurnormen aanwezig zijn. De interventiewaarde is voor de onderzochte parameters niet overschreden. In het grondwater zijn verhoogde gehalten barium en nikkel boven de streefwaarde aangetoond.

Ter plaatse van de onverharde (oostelijke) druppelzone en in de puinverharding/-fundering is analytisch asbest aangetoond. Bij de druppelzone overschrijdt het gehalte de norm voor nader bodemonderzoek c.q. grenswaarde. Het aangetroffen puin en asfalt voldoen aan de eisen voor hergebruik als niet-vormgegeven bouwstof. Gelet op de overschrijding van de grenswaarde voor asbest bij de druppelzone dient nader asbestonderzoek te worden uitgevoerd. De overige resultaten vormen geen belemmeringen voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Voor zover bekend is ten aanzien van het terrein ten zuiden van de woning en stal geen bodemonderzoek uitgevoerd. Toekomstig gebruik Opdrachtgever is voornemens om de bestaande stallen te slopen en vervolgens nieuwbouw van een woning en een bijgebouw te realiseren. Tevens blijft de bestaande woning aanwezig.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

7

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Het gebruik van de locaties wordt op het bestemmingsplan omgezet van “agrarisch” naar “wonen”. Gelet op de plannen is er sprake van het bouwen van bodemgevoelige gebouwen op een bodemgevoelige locatie. Asbest Om vast te stellen of de bodem van de locatie op voorhand verdacht is op aanwezigheid van asbest, zijn de volgende acties uitgevoerd: ▪ globale inspectie van de locatie (maaiveld en gebouwen); ▪ bestuderen luchtfoto's; ▪ verzamelen informatie over ophogingen, dempingen en/of stort afval of puin. Ter plaatse van de asbestverdachte druppelzone is tijdens voorgaand bodemonderzoek asbest aangetoond boven de grenswaarde c.q. de norm voor nader asbestonderzoek. Derhalve wordt geadviseerd ter plaatse een nader onderzoek asbest uit te voeren (zie hoofdstuk 4). 2.2.2

Omgeving

Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en de directe omgeving tot een afstand van maximaal 25 meter. In tabel 4 zijn de adressen (voor zover bekend) en/of een omschrijving van het gebruik ter plaatse weergegeven. Tabel 4

Omliggende percelen

Windrichting

Adres

Gebruik

Noorden

Kleindorp 35

Woning met bedrijfsgebouw

Westen

-

Agrarisch perceel

Oosten

-

Agrarisch perceel

Zuiden

-

Agrarisch perceel

Gebruik De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Merselo. Het gebied wordt in hoofdzaak benut voor agrarische doeleinden. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Bodembedreigende activiteiten Van de directe omgeving zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten. Voorbeelden zijn (ondergrondse) brandstoftanks, een olie-/benzine-afscheider of calamiteiten. Expliciete bronnen van PFAS (inclusief GenX) zijn niet bekend. Bodeminformatie Van de omgeving is geen bodeminformatie (bijvoorbeeld een voorgaand bodemonderzoek of een bodemsanering) bekend. Bodemopbouw en geohydrologie De locatie ligt globaal op 25,5 m+NAP. Voor het bepalen van de bodemopbouw en geohydrologische situatie zijn gegevens uit de Grondwaterkaart van Nederland geraadpleegd, de Bodemkaart van Nederland en/of het DINOloket geïnterpreteerd en verwerkt.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

8

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

In tabel 5 is de geohydrologische indeling van de bodem tot 100 m-mv schematisch weergegeven. Tabel 5

Bodemopbouw en geohydrologische situatie

Formatie

Diepte (m-mv) Samenstelling

Formatie van Boxtel

0–7

Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus

Formatie van Beegden

7 – 21

Zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig

Kiezeloöliet Formatie

21 – 52

Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus; bruinkool

Formatie van Breda

52 – >100

Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend, lokaal schelphoudend; klei, siltig tot zandig

Het freatisch grondwater bevindt zich globaal op 3,0 m-mv. Uit het isohypsenpatroon van de grondwaterkaart wordt aangenomen dat de stromingsrichting van het freatisch grondwater oostelijk gericht is. De onderzoekslocatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermings- of grondwaterwingebied. Bodemkwaliteitskaart De regio Limburg-Noord, waaronder de gemeente Venray, beschikt over een (regionale) bodemkwaliteitskaart. De onderzoekslocatie is gelegen binnen de bodemfunctie “landbouw/natuur”. Ter plaatse van de onderzoekslocatie wordt de boven- en de ondergrond – volgens de ontgravingskaarten – ingedeeld in de ontgravingskwaliteit “landbouw/natuur”. 2.3

Hypothese en deellocaties

Op basis van het vooronderzoek zijn ten behoeve van het aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek vier deellocaties onderscheiden. In tabel 6 zijn de deellocaties en de verdachte parameters per deellocatie weergegeven. Tabel 6 DL

Omschrijving

V/O

Verwachte stoffen

Oppervlakte

A

Landbouwgrond (oostelijk perceel)

O

-

4.111 m2

B

Aanvullend onderzoek zuidelijk terrein

V

Asbest, zware metalen, minerale olie, PCB, 7.878 m2 PAK en OCB

C

Aanvullend onderzoek wegdeel

V

Asbest, zware metalen, minerale olie, PAK, 208 m2 PCB en anionen

D

Nader asbestonderzoek druppelzone*

V

Asbest

DL V/O *

Te onderscheiden deellocaties

= = =

117 m2

deellocatie verdachte of onverdachte locatie ten aanzien van bodemverontreiniging De onderzoeksstrategie voor het nader bodemonderzoek asbest is beschreven in hoofdstuk 4

Gelet op het gebruik (landbouwgrond) van het meest oostelijk gelegen deel van de onderzoekslocatie wordt ter plaatse van de deellocatie geen bodemverontreiniging verwacht. De locatie is beoordeeld als ‘onverdacht’. Tevens is dit terrein voldoende onderzocht in 2015 (Econsultancy, kenmerk 12083560, d.d. 8 april 2015). Destijds zijn geen noemenswaardige verontreinigingen aangetoond. Sinds de uitvoering van het onderzoek hebben er op het gedeelte geen aanvullende bodembedreigende activiteiten plaatsgevonden. Voor de onverdachte deellocatie kan derhalve worden volstaan met het vooronderzoek. 25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

9

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

2.4

Opzet veld- en laboratoriumonderzoek aanvullend bodemonderzoek

Het aanvullend bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 57405 en NEN 57076. Het algemene doel van bodemonderzoek is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit. Formeel (volgens de NEN 5740) is de doelstelling het bepalen van de aard van de heterogeen verdeelde verontreinigende stoffen op schaal van monsterneming. Tevens wordt vastgesteld of de gehalten van de vermoede verontreinigende stoffen in de grond en het freatische grondwater boven respectievelijk de achtergrond- en de streefwaarden worden aangetoond. Het doel van het bodemonderzoek asbest (volgens de NEN 5707) is om met een relatief geringe onderzoeksinspanning na te gaan of de verdenking van verontreiniging van de vaste bodem met asbest terecht is en een indicatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de bodem. In de tabellen 7 en 8 zijn de gehanteerde onderzoeksstrategieën (NEN 5740 en NEN 5707) en de daarop gebaseerde veld- en laboratoriumwerkzaamheden per deellocatie B en C schematisch weergegeven. Tabel 7

Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie B

B - Aanvullend onderzoek zuidelijk terrein Verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen Proefgat

waarvan boring tot

Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters

boring met peilbuis

2,0 m 21

Grond

Grondwater

(verdachte laag)

4

2

4

2

Standaardpakket

Standaardpakket

bodem7 met OCB

grondwater8

4 Asbest in grond (fijne fractie (<20 mm))

Tabel 8

Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek deellocatie C

C– Aanvullend onderzoek wegdeel Onderzoekstrategie fundering: voor een kleinschalige afgedekte funderingslaag Onderzoekstrategie bodem: heterogeen verdachte niet-lijnvormige locatie (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen

Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters

Proefgat

waarvan boring tot 2,0 m-mv

boring met peilbuis

Fundering

Grond

Grondwater

4

1

-

1

2

-

indicatief bouwstoffenpakket

standaardpakket bodem

1 asbest (in puin, fijne fractie (<20 mm))

5 6 7

8

NEN 5740, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, oktober 2023 NEN 5707+C2, Bodem. Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond, Delft 2017 Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10), PCB (7) en het lutum- en organische stofgehalte Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), aromaten (BTEXN), styreen, VOCL (11), vinylchloride, 1,1 dichlooretheen, chloorpropanen (3), bromoform en minerale olie (GC)

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

10

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

2.5

Opzet veld- en laboratoriumonderzoek nader asbestonderzoek

De onderzoeksopzet van het nader onderzoek asbest is gebaseerd op de NEN 57079 en de NEN 589710, onderzoeksstrategie voor het vaststellen van de verontreiniging per vak van 50 tot 200 m2 voor het meer in detail vaststellen van de omvang van de verontreiniging. Gelet op de onderzoekslocatie wordt het terrein ten behoeve van het nader (bodem)onderzoek asbest verdeeld in vier vakken (ruimtelijke eenheden) met elk een oppervlakte van maximaal 200 m2. In tabel 9 zijn de uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden ten aanzien van het nader (bodem)onderzoek asbest schematisch weergegeven. Tabel 9

Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek

Asbestverontreiniging Onderzoeksstrategie voor het vaststellen van het gehalte van de verontreiniging per homogeen vak van 50 m2 tot 200 m2 voor het meer in detail vaststellen van de omvang van de verontreiniging Veldonderzoek

Laboratoriumonderzoek

Aantal proefsleuven/proefgaten

Aantal (meng)monsters

Korte proefsleuven tot in de ongeroerde ondergrond (minimaal 0,5 m-mv)

Bovengrond

Ondergrond

4***

4*/**/**

4*/**

Asbest in grond (fijne fractie (<20 mm))

Asbest (in grond, fijne fractie (<20 mm))

1*/** Asbest (in materiaalverzamelmonster, grove fractie (>20 mm)) 1*/** Asbest (in respirabele vezels (<0,5 mm)) * **

***

Afhankelijk van de waarnemingen in het veld of analyseresultaten Indien er een puinlaag aanwezig is ter hoogte van de verdachte lagen, zullen monsters van asbest in het puin worden genomen in plaats van asbest in de grond Gelet op de lengte-breedte verhouding van de twee ruimtelijke eenheden parallel aan de druppelzone worden voor de representativiteit twee korte proefsleuven van 2 meter gegraven. Van de twee proefsleuven worden mengmonster gemaakt per ruimtelijke eenheid.

Het maaiveld en het omhoog gebrachte materiaal worden visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen.

9 10

NEN 5707+C2, Bodem. Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond, Delft 2017 NEN 5897+C2, Inspectie en monsterneming van asbest in bouw-, sloopafval en granulaat, Delft 2017

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

11

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

3

AANVULLEND BODEMONDERZOEK

3.1

Uitvoering veldonderzoek

Het veldonderzoek is uitgevoerd door HMB B.V. conform de Beoordelingsrichtlijn voor de SIKB-procescertificaten voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 200011) en de protocollen 200112, 200213 en 201814 (bijlage 2, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk). Op 18 december 2025 en 12 januari 2026 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 2.3. De verrichte boringen, gegraven proefgaten en de geplaatste peilbuizen zijn gecodeerd vanaf: ▪ Nummers B01 t/m B23 voor het zuidelijk terreindeel (deellocatie B); ▪ Nummers C01 t/m C04 voor het wegdeel (deellocatie C). Voor het asbestonderzoek heeft, met uitzondering van de proefgaten B03 en B11, de beoordeling van de bodem plaatsgevonden op basis van boringen. Het uitgevoerde asbestonderzoek ter plaatse van deze boringen is derhalve indicatief. Gelet op het feit dat er geen asbestverdachte materialen en/of puinbijmengingen zijn aangetroffen is de betreffende bodem ‘onverdacht’ op het voorkomen van asbest. De afwijking op de NEN 5707 heeft derhalve geen negatieve invloed op de kwaliteit van het onderzoek en is geen beperking voor de aanvraag van een omgevingsvergunning, de wijziging van het bestemmingsplan (omgevingsplan) en/of de voorgenomen werkzaamheden. Hierbij wordt opgemerkt dat het asbestonderzoek bij de proefgaten B03 en B11 wel conform de NEN 5707 is uitgevoerd.

Tijdens het veldwerk zijn ter plaatse van deellocatie C geen funderings- en halfverhardingslagen aangetoond. Het funderingsonderzoek is derhalve komen te vervallen. Het grondwater is bemonsterd op 12 januari 2026. Gelijktijdig zijn de stand, de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (ec) en de troebelheid van het grondwater bepaald. De situering van de proefgaten, boorpunten en de peilbuizen is aangegeven op de situatietekening (bijlage 7). Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 6. 3.2

Resultaten veldonderzoek

Visuele inspectie maaiveld De onderzoekslocatie is ten tijde van het onderzoek grotendeels onverhard. Enkele delen zijn voorzien van een betonverharding en/of zijn bebouwd. De inspectie-efficiëntie van de onverharde delen wordt geschat op 70 à 90%. Bij de inspectie van de inspecteerbare delen zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Ter plaatse van de verharde en bebouwde gedeelte was het niet mogelijk een gedegen maaiveldinspectie uit te voeren. Bodemopbouw In bijlage 2 is van elk proefgat en elke boring een boorprofiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie is in tabel 10 omschreven. 11 12 13 14

Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen en nemen van grondmonsters Het nemen van grondwatermonsters Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

12

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Tabel 10

Globale bodemopbouw onderzoekslocatie

Traject (m-mv)

Lithologische beschrijving

0 - 0,5

Zand, matig fijn, zwak siltig (plaatselijk zwak humeus)

0,5 - 2,5

Zand, matig fijn, zwak siltig

2,5 - 4,5

Zand, matig grof, zwak siltig

m-mv

=

meter minus maaiveld

Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn diverse bodemvreemde materialen aangetroffen. Voor een overzicht van de zintuiglijke waarnemingen wordt verwezen naar tabel 11. Tabel 11

Zintuiglijk waarnemingen

Boring

Traject (m-mv)

Zintuiglijke waarnemingen

B03

0,00 – 0,50

Zwak puinhoudend

B11

0,00 – 0,50

Zwak puinhoudend

C01

0,11 – 0,50

Sporen baksteen

C02

0,11 – 0,50

Sporen baksteen

C03

0,11 – 0,50

Sporen baksteen

C04

0,11 – 0,50

Sporen baksteen

Grondwaterstand, zuurgraad, geleidingsvermogen en troebelheid In tabel 12 zijn de resultaten van de veldmetingen aan het grondwater schematisch weergegeven. Tabel 12

Veldmetingen grondwater

Peilbuis

Datum monstername

Grondwaterstand (m-mv)

Zuurgraad (-)

Geleidbaarheid (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

B01

12 januari 2026

3,90

4,7

180

75

B02

12 januari 2026

2,67

4,6

270

67

De in tabel 12 genoemde waarden aan zuurgraad en geleidbaarheid kunnen als normaal worden beschouwd. De troebelheid is hoger dan 10 NTU. Ondanks goed voorpompen en een laag afpompdebiet is een bijna helder watermonster verkregen. Dit kan van invloed zijn op het analyseresultaat (van met name organische parameters). Zintuiglijke waarnemingen grondwater In tabel 13 zijn de waarnemingen bij de watermonstername schematisch weergegeven. Tabel 13

Waarnemingen grondwater

Peilbuis

Zintuiglijke waarnemingen

Goed-/slechtlopend

Belucht

B01

Geen

Goedlopend

Niet belucht

B02

Geen

Goedlopend

Niet belucht

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

13

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

3.3

Laboratoriumonderzoek

De monsters zijn aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico Milieu B.V. te Barneveld en Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam-Duivendrecht De resultaten van het veldonderzoek geven aanleiding meerdere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie paragraaf 2.3). Vanwege het aantreffen van bijmengingen met puin ter plaatse van proefgaten B03 en B11 is besloten een aanvullend mengmonster op het standaardpakket bodem en een aanvullend monster op asbest te analyseren. In tabel 14 zijn de voor analyses geselecteerde monsters en de stoffen waarop de monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 14

Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters

Monstercode

Boringen

Traject (m-mv)*

Geanalyseerde parameters

Deellocatie B: Aanvullend onderzoek zuidelijke deel Grond MMB-1

B03 (0,00 – 0,50) B11 (0,00 – 0,50)

0,00 - 0,50

Standaardpakket bodem, lutum en organische stof

MMB-2

B06 (0,00 – 0,50) B07 (0,00 – 0,50) B08 (0,00 – 0,50) B12 (0,00 – 0,50)

0,00 - 0,50

Standaardpakket bodem, OCB, lutum, organische stof en PFAS

MMB-3

B10 (0,00 – 0,50) B13 (0,10 – 0,60) B14 (0,20 – 0,70) B19 (0,00 – 0,50)

0,00 - 0,70

Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof

MMB-4

B05 (0,00 – 0,50) B17 (0,00 – 0,50) B18 (0,00 – 0,50) B21 (0,00 – 0,50)

0,00 – 0,50

Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof

MMB-5

B15 (0,00 – 0,50) B16 (0,00 – 0,50) B22 (0,00 – 0,50) B23 (0,00 – 0,50)

0,00 – 0,50

Standaardpakket bodem, OCB, lutum, organische stof en PFAS

ASB-B1

B03 (0,00 – 0,50) B11 (0,00 – 0,50)

0,00 - 0,50

Asbest in grond (fijne fractie (<20 mm))

B01-1-1

B01 (5,00 – 6,00)

5,00 – 6,00

Standaardpakket grondwater

B02-1-1

B02 (3,00 – 4,50)

3,00 – 4,50

Standaardpakket grondwater

Grondwater

Deellocatie C: Wegdeel Grond MMC-1

C01 (0,11 – 0,50) C02 (0,11 – 0,50) C03 (0,11 – 0,50) C04 (0,11 – 0,50)

0,11 - 0,50

Standaardpakket bodem, lutum en organische stof

MMC-2

C01 (0,50 – 1,00) C02 (0,50 – 1,00) C03 (0,50 – 1,00) C04 (0,50 – 1,00)

0,50 – 1,00

Standaardpakket bodem, lutum en organische stof

MM *

= =

mengmonster het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

14

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

3.4

Analyseresultaten

3.4.1

Grond en grondwater

Parameters standaardpakketten grond en grondwater De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa. Toetsing is gebaseerd op het Besluit15 en de Regeling16 bodemkwaliteit, Besluit activiteiten leefomgeving17 en Besluit kwaliteit leefomgeving18. De grond wordt getoetst aan de waarden Landbouw/natuur en interventiewaarden. Ook wordt indicatief getoetst voor de toepassingsmogelijkheden 19. De indicatieve toetsing geeft een indicatie van toepassingsmogelijkheden bij afvoer. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond. Het grondwater wordt getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De toetsingen zijn opgenomen in bijlage 4. Informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 6. In de tabellen 15 en 16 is het resultaat van de toetsing 20 opgenomen voor respectievelijk de grond en het grondwater. Tabel 15

Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing

Monstercode

Boringen

Grondsoort*

Bijmengingen**

Resultaat toetsing***

Klasse indeling****

Deellocatie B: Aanvullend onderzoek zuidelijke deel MMB-1

B03 (0,00 – 0,50) B11 (0,00 – 0,50)

Zand

Puin

>LN: minerale olie (330), PCB (0,022) en PAK (4,3)

Matig verontreinigd

MMB-2

B06 (0,00 – 0,50) B07 (0,00 – 0,50) B08 (0,00 – 0,50) B12 (0,00 – 0,50)

Zand

-

>LN: hexchloorbenzeen (0,0028)

Landbouw/natuur

MMB-3

B10 (0,00 – 0,50) B13 (0,10 – 0,60) B14 (0,20 – 0,70) B19 (0,00 – 0,50)

Zand

-

>LN: hexachloorbenzeen (0,0033) en DDD (0,0037)

Landbouw/natuur

MMB-4

B05 (0,00 – 0,50) B17 (0,00 – 0,50) B18 (0,00 – 0,50) B21 (0,00 – 0,50)

Zand

-

>LN: hexachloorbenzeen (0,0024) en Drins (0,0043)

Landbouw/natuur

MMB-5

B15 (0,00 – 0,50) B16 (0,00 – 0,50) B22 (0,00 – 0,50) B23 (0,00 – 0,50)

Zand

-

>LN: hexachloorbenzeen (0,0024)

Landbouw/natuur

15 16

17 18 19 20

Besluit van 22 november 2007 Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 18 november 2022, nr. IENW/BSK2022/203483, houdende vaststelling van de Regeling bodemkwaliteit 2022 Besluit van 1 januari 2024 Besluit van 1 januari 2024 Mogelijke klassen zijn: ‘Landbouw/natuur’, ‘Wonen’, ‘Industrie’, ‘Matig verontreinigd’ en ‘Sterk verontreinigd’ •

•

• •

niet verhoogd: het gehalte overschrijdt de waarde Landbouw/natuur niet; er is in principe sprake van een ‘schoon’ monster (NB: ook de als licht verhoogd gerapporteerde ‘parameters * factor 0,7’ kunnen als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd, indien alle individuele parameters de detectiegrens AS3000 niet overschrijden) >landbouw/natuur: het gehalte overschrijdt de waarde Landbouw/natuur, maar de tussenwaarde (het gemiddelde van de waarde Landbouw/natuur of interventiewaarde) wordt niet overschreden. De verontreiniging is naar verwachting dermate gering dat veelal geen nadere actie (onderzoek of sanering) noodzakelijk is >tussenwaarde: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde. Nader onderzoek kan worden aanbevolen om te bepalen of er inderdaad sprake is van relevante bodemverontreiniging >interventiewaarde: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Nader onderzoek naar de aard, mate, omvang en oorzaken van de verontreiniging is in de meeste gevallen noodzakelijk

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

15

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Tabel 15

Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing (vervolg)

Monstercode

Boringen

Grondsoort*

Bijmengingen**

Resultaat toetsing***

Klasse indeling****

Deellocatie C: Wegdeel MMC-1

C01 (0,11 – 0,50) C02 (0,11 – 0,50) C03 (0,11 – 0,50) C04 (0,11 – 0,50)

Zand

Baksteen

-

Landbouw/natuur

MMC-2

C01 (0,50 – 1,00) C02 (0,50 – 1,00) C03 (0,50 – 1,00) C04 (0,50 – 1,00)

Zand

-

-

Landbouw/natuur

MM *

** ***

****

-

= = = =

mengmonster indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 2 mate van verhoging (>Landbouw/natuur, >tussenwaarde, >interventiewaarde). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s. betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer geen zintuiglijke waarnemingen of geen verhoogde gehalten boven de waarde Landbouw/natuur

= =

Tabel 16

Monsteromschrijving grondwater en resultaat toetsing

Monstercode

Peilbuis

Resultaat toetsing*

B01-1-1

B01 (5,00 – 6,00)

>SW: zink (160)

B02-1-1

B02 (3,00 – 4,50)

>SW: barium (140), koper (45) en zink (140)

*

=

-

=

mate van verhoging (>streefwaarde, >interventiewaarde) Tussen haakjes het gemeten gehalte in µg/l geen verhoogde gehalten boven de streefwaarden

PFAS In de grondmonsters MMB-2 en MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS boven de toepassingsnormen “Landbouw/natuur” aangetoond. De grond is derhalve geschikt voor toepassing op landbodem. In het monster MMB-2 zijn wel verhoogde gehalten PFOA aangetoond waardoor de grond niet geschikt is voor toepassing in oppervlaktewater. In monster MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS voor toepassing in oppervlaktewater aangetoond. 3.4.2

Asbest

De analyseresultaten zijn getoetst aan de grenswaarde (norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s) en de interventiewaarde (100 mg/kg d.s.). Tijdens de veldwerkzaamheden is op het maaiveld en in de proefgaten in de grove fractie (>20 millimeter) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het resultaat van de analyses is weergegeven in tabel 17. Tabel 17 Analysemonster

(Gewogen) asbestgehalte per analysemonster Proefgat (en traject m-mv)

(Gewogen) asbestgehalte fractie <20 mm (mg/kg d.s.)

(Gewogen) asbestgehalte fractie >20 mm (mg/kg d.s.)

Totaal (gewogen) asbestgehalte (mg/kg d.s.)

Respirabele vezels

-

<0,4

Nee

Deellocatie B: Aanvullend onderzoek zuidelijke deel ASB-B1 30 230

B03 en B11 (0,0 – 0,5) = = =

<0,4

geen grove (>20 mm) stukken asbest aangetroffen gehalte < interventiewaarde/maximale samenstellingswaarde gehalte > interventiewaarde/maximale samenstellingswaarde

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

16

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Uit de analyseresultaten is gebleken dat in de puinhoudende bodem ter plaatse van de proefgaten B03 en B11 geen asbest aanwezig is. 3.5

Deelconclusie aanvullend bodemonderzoek

Deellocatie B: onderzoekslocatie Ter plaatse van deellocatie B zijn bij de proefgaten B03 en B11 in de bovengrond puinresten aangetroffen. In de betreffende laag is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. In de puinhoudende bodem zijn wel verhoogde gehalten minerale olie, PCB en PAK aangetoond, die de normwaarden “Landbouw/natuur” overschrijden. Deze verhoogde gehalten zijn vermoedelijk het gevolg van de ter plaatse aanwezige puinresten. Ter plaatse van het overige deel van deellocatie B zijn verhoogde gehalten aan OCB aangetoond, die de normwaarden “Landbouw/natuur” overschrijden. Deze verhoogde gehalten zijn vermoedelijk het gevolg van het voormalige gebruik van de locatie als boomgaard en/of kwekerij. PFAS In de grondmonsters MMB-2 en MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS boven de toepassingsnormen “Landbouw/natuur” aangetoond. De grond is derhalve geschikt voor toepassing op landbodem. In het monster MMB-2 zijn wel verhoogde gehalten PFOA aangetoond waardoor de grond niet geschikt is voor toepassing in oppervlaktewater. In monster MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS voor toepassing in oppervlaktewater aangetoond. Deellocatie C: wegdeel Ter plaatse van het wegdeel zijn geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters in de bodem aangetoond. Onder de asfaltverharding is geen fundering aangetoond.

Resumé De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de aanvraag van een omgevingsvergunning en/of wijziging van het bestemmingsplan (omgevingsplan). Indien grond ontgraven en/of afgevoerd dient te worden dan dienen de te verwachten verschillende kwaliteiten grond gescheiden ontgraven en, indien nodig, gescheiden opgeslagen en/of afgevoerd te worden.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

17

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

4

NADER (BODEM)ONDERZOEK ASBEST

4.1

Uitvoering veldonderzoek

Het veldonderzoek is uitgevoerd door gecertificeerde medewerkers van HMB B.V. (bijlage 1, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk) conform de Beoordelingsrichtlijn voor de SIKB-procescertificaten voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 200021) en protocol 201822. Op 12 januari 2026 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in hoofdstuk 2. De weersomstandigheden waren: bewolkt, regenachtig en een temperatuur van circa 3 tot 6 °C. De proefsleuven zijn gegraven met een minigraver. De afmetingen van de proefsleuven zijn weergegeven in tabel 18. Tabel 18

Afmetingen proefsleuven

Proefsleuf

m-mv

lengte (m)

breedte (m)

diepte (m-mv)

SL1-1

2,0

0,30

0,8

SL1-2

2,0

0,30

0,8

SL2-1

2,0

0,30

0,8

SL2-2

2,0

0,30

0,8

SL3

2,0

0,30

0,5

SL4

2,0

0,30

0,8

= =

*

Afmetingen

meter minus maaiveld betreft twee proefgaten in plaats van één proefsleuf

Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 6. De situering van de vakken en proefsleuven is aangegeven op de situatietekening in bijlage 7. 4.2

Veldonderzoek

Visuele inspectie maaiveld De onderzoekslocatie is ten tijde van het onderzoek braakliggend. De inspectie-efficiëntie van de onderzoekslocatie wordt geschat op 70 à 90%. Bij de inspectie van het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Bodemopbouw In bijlage 2 is van elke proefsleuf een profiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie onder de klinkerverharding en de asfalt- en betonverharding zijn respectievelijk in tabel 19 omschreven. Tabel 19

Globale bodemopbouw onderzoekslocatie

Traject (m-mv)

Lithologische beschrijving

0 – 0,3

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus

0,3 – 0,8

Zand, matig fijn, zwak siltig

m-mv

=

21

Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem

22

meter minus maaiveld

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

18

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn ter plekke van enkele proefsleuven/-gaten bijmengingen met puin en asbestverdachte materialen aangetroffen. Voor een overzicht van de waarnemingen wordt verwezen naar tabel 20. Tabel 20

Zintuiglijke waarnemingen

Boring

Traject (m)

Zintuiglijke waarnemingen

SL1-1

0,15 - 0,5

Sporen puin

SL1-2

0,15 - 0,3

Sporen puin

SL2-1

0,15 - 0,5

Sporen puin

SL2-2

0,07 - 0,11

Sporen puin

SL3

0,0 - 0,3

Volledig puingranulaat*

SL4

0,07 - 0,11 =

*

4.3

*

Sporen puin, vier stukjes asbest verdacht materiaal

Betreft niet-vormgegeven bouwstof (>50% bodemvreemd materiaal)

Laboratoriumonderzoek

De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam. De resultaten van het veldonderzoek geven aanleiding andere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie hoofdstuk 4.2). Van de aangetroffen asbestverdachte materialen in proefsleuf SL4 is een aanvullend asbestverzamelmonster geanalyseerd voor asbest in de grove fractie (>20mm). Teven is bij proefsleuf SL3 sprake van puingranulaat (>50 % bodemvreemd materiaal), het samengestelde monster voor de fijne fractie (<20 mm) is derhalve ingezet als een puinmonster in plaats van een grondmonster. In tabel 21 zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 21

Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters

Monstercode

Proefsleuf

ASB01

SL01-1 (0,00 - 0,30) 0,0 - 0,3 SL01-2 (0,00 - 0,30)

Asbest (in grond, fijne fractie (<20 mm))

ASB02

SL02-1 (0,00 - 0,30) 0,0 - 0,3 SL02-2 (0,00 - 0,30)

Asbest (in grond, fijne fractie (<20 mm))

ASB03

SL03 (0,00 - 0,30) SL03 (0,00 - 0,30)

0,0 - 0,3

Asbest (in puin, fijne fractie (<20 mm))

ASB04

SL04 (0,00 - 0,30)

0,0 - 0,3

Asbest (in grond, fijne fractie (<20 mm))

ASB04-MVM

SL04 (0,00 - 0,30)

0,0 - 0,3

Asbest (in verzamelmonster, grove fractie (>20 mm))

*

4.4

=

Traject (m-mv)*

Geanalyseerde parameters

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven

Analyseresultaten nader (bodem)onderzoek asbest

De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst aan de interventiewaarde of maximale samenstellingswaarde (beide 100 mg/kg d.s.). Verder informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 6.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

19

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

Tijdens de veldwerkzaamheden is ter plaatse van proefsleuf SL04 asbestverdacht materiaal aangetroffen in het traject van 0,0 tot 0,3 m-mv. Het asbestverdacht plaatmateriaal is ter analyse aangeboden. Tabel 22 geeft een overzicht van de asbesthoudende materialen, het type asbest, het percentage asbest en de hechtgebondenheid van het asbest in het samengestelde materiaalverzamelmonster (grove fractie, >20 millimeter). Tabel 22

Asbesthoudend materiaal (grove fractie) in materiaal(verzamel)monsters

Monstercode

Proefsleuf

ASB04/SL04 ASB04-MVM (0,0 - 0,3)

Aard materiaal

Hoeveelheid

Type asbest

Percentage asbest

Hechtgebondenheid

aantal stukken

gewicht (mg)

Cement met cellulosevezels

3

10,3

Chrysotiel Crocidoliet

5 - 10 0,1 - 2

Hecht

Cement

1

4,3

-

-

-

De berekening van de (gewogen) asbestgehalten voor proefsleuf SL04 is in bijlage 5 weergegeven. In tabel 23 staan de (gewogen) asbestgehalten per proefsleuf weergegeven. Tabel 23

(Gewogen) asbestgehalten per proefsleuf

Proefsleuf

Traject (m-mv)

(Gewogen) asbestgehalte fractie <20 mm (mg/kg d.s.)

(Gewogen) asbestgehalte fractie >20 mm (mg/kg d.s.)

Respirabel e vezelbund els (mg/kg d.s.)

Totaal (gewogen) asbestgehalte (mg/kg d.s.)

SL01-1/SL01-2

0,0 - 0,3

<0,2

-

Nee

<0,2

SL02-1/SL02-2

0,0 - 0,3

<0,3

-

Nee

<0,3

ASB03

0,0 - 0,3

<0,5

-

Nee

<0,5

ASB04/ASB04-MVM

0,0 - 0,3

<0,3

6,3

Nee

6,3

*

-

= =

<0,4 180

= =

*

4.5

betreft asbest in puin geen grove (>20 mm) stukken asbesthoudend materiaal aangetroffen of respirabele vezels (kwalitatief) aangetoond gehalte < interventiewaarde gehalte > interventiewaarde

Deelconclusie nader (bodem)onderzoek asbest

Uit de resultaten van het nader (bodem)onderzoek asbest blijkt dat ter plaatse van proefsleuf SL04 asbesthoudende materialen zijn aangetoond. In de betreffende bodem blijft het (gewogen) asbestgehalte echter onder de geldende normen (interventiewaarde en maximale samenstellingswaarde). Ter plaatse van de overige proefsleuven is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen/aangetoond. Gelet op de resultaten is er geen sprake van een bodemverontreiniging met asbest. De vastgestelde milieuhygiënische kwaliteit ter plaatse van de onderzochte druppelzone vormt geen beperking of belemmering voor het gebruik van de onderzoekslocatie.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

20

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

5

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

5.1

Samenvatting

In november 2025 tot en met januari 2026 is een aanvullend bodemonderzoek (asbest) en een nader (bodem)onderzoek asbest uitgevoerd ter plaatse van de Den Tiel 6 en 6a te Merselo. omgevingsvergunning, het wijzigen van het bestemmingsplan (omgevingsplan) en de resultaten van een eerder uitgevoerd bodemonderzoek (HMB B.V., kenmerk: 25250901A, d.d. 1 augustus 2025). In tabel 24 zijn de resultaten van het onderzoek weergegeven. Tabel 24

Resultaten

Vooronderzoek Werkwijze vooronderzoek Oppervlakte onderzoekslocatie

Circa 12.315 m2

Gebruik locatie

Bedrijfswoning met drie kippenstallen en een loods

Bijzonderheden

Tijdens het onderzoek zijn drie aanvullende delen onderzocht die in het voorgaande verkennend bodemonderzoek niet waren meegenomen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat het meest oostelijk gelegen deel van de onderzoekslocatie voor zover bekend altijd in gebruik geweest is als landbouwgrond. Voor de ‘onverdachte’ locatie kan worden volstaan met het vooronderzoek. Voor de percelen ten zuiden van de woning en stal wordt een aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd. Tevens wordt het wegdeel wat wordt aangekocht ten noorden van de stallen ook aanvullend onderzocht. Tenslotte wordt ter plaatse van de druppelzone een nader asbestonderzoek uitgevoerd op basis van de resultaten van het eerder onderzoek.

Aanvullend bodemonderzoek Strategie bodemonderzoek

NEN 5740 en NEN 5707

Bodemopbouw tot 3,0 m-mv

Zand, matig fijn, zwak siltig

Grondwaterstand

3,0 m-mv

Bijzonderheden

Er zijn plaatselijk puin- en baksteenresten aangetroffen.

Analyseresultaten

grond

DL B: plaatselijk verhoogde gehalten minerale olie, PCB, PAK, hexachloorbenzeen, DDD en drins boven de landbouw/natuur normen. DL C: geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters.

asbest

In de puinhoudende bodem bij de proefgaten B3 en B11 is geen asbest aangetoond.

grondwater

Verhoogde gehalten barium, zink en koper boven de streefwaarde.

Nader (bodem)onderzoek asbest Analyseresultaten

Geen verhoogde gehalten asbest boven de interventiewaarde of de maximale samenstellingswaarde

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

21

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

5.2

Conclusie aanvullend bodemonderzoek

Deellocatie B: onderzoekslocatie Ter plaatse van deellocatie B zijn bij de proefgaten B03 en B11 in de bovengrond puinresten aangetroffen. In de betreffende laag is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. In de puinhoudende bodem zijn wel verhoogde gehalten minerale olie, PCB en PAK aangetoond, die de normwaarden “Landbouw/natuur” overschrijden. Deze verhoogde gehalten zijn vermoedelijk het gevolg van de ter plaatse aanwezige puinresten. Ter plaatse van het overige deel van deellocatie B zijn verhoogde gehalten aan OCB aangetoond, die de normwaarden “Landbouw/natuur” overschrijden. Deze verhoogde gehalten zijn vermoedelijk het gevolg van het voormalige gebruik van de locatie als boomgaard en/of kwekerij. PFAS In de grondmonsters MMB-2 en MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS boven de toepassingsnormen “Landbouw/natuur” aangetoond. De grond is derhalve geschikt voor toepassing op landbodem. In het monster MMB-2 zijn wel verhoogde gehalten PFOA aangetoond waardoor de grond niet geschikt is voor toepassing in oppervlaktewater. In monster MMB-5 zijn geen verhoogde gehalten PFAS voor toepassing in oppervlaktewater aangetoond. Deellocatie C: wegdeel Ter plaatse van het wegdeel zijn geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters in de bodem aangetoond. Onder de asfaltverharding is geen fundering aangetoond.

Resumé De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de aanvraag van een omgevingsvergunning en/of wijziging van het bestemmingsplan (omgevingsplan). Indien grond ontgraven en/of afgevoerd dient te worden dan dienen de te verwachten verschillende kwaliteiten grond gescheiden ontgraven en, indien nodig, gescheiden opgeslagen en/of afgevoerd te worden. 5.3

Conclusie nader asbestonderzoek

Uit de resultaten van het nader (bodem)onderzoek asbest blijkt dat ter plaatse van proefsleuf SL04 asbesthoudende materialen zijn aangetoond. In de betreffende bodem blijft het (gewogen) asbestgehalte echter onder de geldende normen (interventiewaarde en maximale samenstellingswaarde). Ter plaatse van de overige proefsleuven is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen/aangetoond. Gelet op de resultaten is er geen sprake van een bodemverontreiniging met asbest. De vastgestelde milieuhygiënische kwaliteit ter plaatse van de onderzochte druppelzone vormt geen beperking of belemmering voor het gebruik van de onderzoekslocatie.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

22

Aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

5.4

Aanbevelingen

Op basis van de uitgevoerde bodemonderzoeken is de bodemkwaliteit in voldoende mate in beeld. Vervolgonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Het onderzoek is, voor zover van toepassing, onder certificaat (KWALIBO) uitgevoerd, maar een bodemonderzoek is geen partijkeuring. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van een af te voeren partij (grond of verhardingsmaterialen) verlangd worden. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten.

25250902A | Den Tiel 6 en 6a Merselo

23

Bijlage | 1 Foto’s

Foto 01

Foto 02

25250902A

Foto 03

Foto 04

25250902A

Foto 05

Foto 06

25250902A

Uitkomend materiaal B03

Uitkomend materiaal B11

25250902A

Uitkomend materiaal SL01

Uitkomend materiaal SL01-2

Uitkomend materiaal SL02

25250902A

Uitkomend materiaal SL02-2

Uitkomend materiaal SL03

25250902A

Uitkomend materiaal SL04

25250902A

Bijlage | 2 Boorprofielen met legenda Verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk

Boring:

B01

Datum: 0

18-12-2025

0

braak

Boring:

B02

Datum: 0

18-12-2025

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

0

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

2

braak

2 100

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegeel, Edelmanboor

3

3

120

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor 4

4 5 200

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegeel, Edelmanboor

300

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor

400

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegeel, Handpuls

450

500

600

Boring:

B03

Datum: 0

12-1-2026

0

gazon

50

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak puinhoudend, matig grindhoudend, neutraalbruin, Graven, Vocht 14%, mm1

1

Boring:

B04

Datum: 0

12-1-2026

0

beton

15

Kernboor Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

1

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2

2

100

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor 3 3

4

170

4

Leem, sterk zandig, bruingrijs, Edelmanboor

5 200

Projectcode:25250902A Projectnaam: Merselo, Den Tiel 6 en 6A

200

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 40

Boring:

B05

Datum: 0

12-1-2026

0

akker

Boring:

B06

Datum: 0

12-1-2026

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

0

gazon Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor 2

2 100

100

Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin, Edelmanboor

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

3

3

4

4 200

Boring:

B07

Datum: 0

12-1-2026

0

200

gazon

Boring:

B08

Datum: 0

12-1-2026

0

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1

1 50

Boring:

B09

Datum: 0

12-1-2026

0

50

gazon

Boring:

B10

Datum: 0

12-1-2026

0

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor 1 50

B11

Datum: 0

12-1-2026

gras Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1

Boring:

gazon

50

0

gazon

50

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak puinhoudend, matig grindhoudend, neutraalbruin, Graven, Vocht 14%, mm1

1

Boring:

B12

Datum: 0

12-1-2026

0

gazon Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2 100

Boring:

B13

Datum: 0

12-1-2026

0

stelcon

10

Kernboor

Boring:

B14

Datum: 0

12-1-2026

beton Kernboor

20

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

0

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor 1

60 70

Boring:

B15

Datum: 0

12-1-2026

0

erf

Boring:

B16

Datum: 0

12-1-2026

0

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor 1

akker Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

Projectcode:25250902A Projectnaam: Merselo, Den Tiel 6 en 6A

50

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 40

Boring:

B17

Datum: 0

12-1-2026

0

akker

Boring:

B18

Datum: 0

12-1-2026

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

B19

Datum: 0

12-1-2026

0

50

gras

Boring:

B21

Datum: 0

12-1-2026

0

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor 1

B22

Datum: 0

12-1-2026

0

50

akker

Boring:

B23

Datum: 0

12-1-2026

0

Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor 1 50

C01

Datum: 0

12-1-2026

akker Zand matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1

Boring:

akker Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

Boring:

akker Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

50

Boring:

0

50

0

asfalt

11

Kernboor, Rond 350

1 50

Boring:

C02

Datum: 0

12-1-2026

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin, Graven

0

stelcon

11

Kernboor, Rond 350

1 50

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin, Graven Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin, Edelmanboor

2

2 100

100

Zand matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor 3

4 200

Boring:

C03

Datum: 0

12-1-2026

0

stelcon

11

Kernboor, Rond 350

1 50

Boring:

C04

Datum: 0

12-1-2026

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin, Graven

0

asfalt

11

Kernboor, Rond 350

1 50

Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin, Edelmanboor

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2

2 100

Boring:

SL01-1

Datum: 0

18-12-2025

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin, Graven

100

0

braak

30

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Graven

1

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven

2 80

Projectcode:25250902A Projectnaam: Merselo, Den Tiel 6 en 6A

Boring:

SL01-2

Datum: 0

18-12-2025

0

braak

30

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Graven

1

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven

2 80

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 40

Boring:

SL02-1

Datum: 0

18-12-2025

0

braak

30

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Graven

1

Boring:

SL02-2

Datum: 0

18-12-2025

SL03

Datum: 0

18-12-2025 1

0

braak

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven

Boring:

SL04

Datum: 0

18-12-2025 1

30

3

50

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Graven

80

Volledig puingranulaat, neutraalbruin, Graven

2

30

2

80

Boring:

braak

1

Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Graven

2

0

0

3 30

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Graven

braak Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin, Graven, 4 stukjes avm Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Graven

2 80

Projectcode:25250902A Projectnaam: Merselo, Den Tiel 6 en 6A

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 40

Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

VERKLARING ONAFHANKELIJKHEID UITVOERING VELDWERK

Projectcode: Locatie: Projectleider:

25250902A Den Tiel 6 en 6a Merselo Gido van Lier

BRL SIKB:

   

1000 2000 2100 6000

Monsterneming voor partijkeuringen Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek Mechanisch boren Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen, ingrepen in de waterbodem en nazorg

Protocollen:

 

1001 1002

2001

    

2002 2003 2018 2101 6001

6002

6005

6006

Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven bouwstoffen Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen en nemen van grondmonsters Het nemen van grondwatermonsters Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem Mechanisch boren Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden en nazorg Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ methoden en nazorg Milieukundige begeleiding van graven in de bodem en saneren van de bodem Milieukundige begeleiding van saneren van de bodem met in situ technieken en grondwatersaneringen

Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen. Naam: T.M.T. Boots

J.G.M. Daniëls

Handtekening:

Bijlage | 3 Analysecertificaten

Certificaatnummer/Versie: AR-421-2026-004040-01 Pagina: 1/15 HMB B.V. Dhr. Gido van Lier Voltaweg 8 MAASBREE Nederland

Analysecertificaat Datum:

19-01-2026

Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie

AR-421-2026-004040-01

Uw project/verslagnummer

25250902A

Uw projectnaam

Merselo, Den Tiel 6 en 6A

Opdrachtnummer

421-2026-004040

Projectafspraak

-

Ontvangst monster(s) op

12-01-2026

Uw Monsternemer

Twan Boots

Startdatum analyse

13-01-2026

Datum einde analyse

19-01-2026

Validatiedatum

19-01-2026

Bijlage(n)

A

Accreditatie/Erkenning: S0: AS3000 Erkenning L010 Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in de laatst geldende versie van ons overzicht "Specificaties analysemethoden". Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyseresultaten hebben alleen betrekking op het door u aangeleverde monster. Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd. Mocht u naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben, verzoeken wij u contact op te nemen met de afdeling Customer Support.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17008021/1