22 N270 Via Venray Bodem verkennend onderzoek
Tekst van het document
Voornoemde conclusies zijn gebaseerd op het vooronderzoek, de zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten van dit onderzoek.
Antea Group Maastricht, juli 2018
Blad 23 van 23
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Bijlage 1 Toelichting op bodemonderzoek
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Kwaliteitsaspecten van het onderzoek, de toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties Betrouwbaarheid/garanties Bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel Antea Group conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingssituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek. Het vorenstaande betekent dat Antea Group geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group. In dit kader kan ook worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Certificatie/accreditatie Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB).
Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-proces-certificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). Antea Group is volgens dit SIKB-procescertificaat gecertificeerd en erkend. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. In de bijlage 'Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000' staan de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk hebben uitgevoerd. De naleving van de kwaliteitseisen en procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie (RvA). De onderzochte locatie is niet in eigendom van Antea Group of gerelateerde zusterbedrijven. De in het bodemonderzoek benodigde analyses van grond en grondwater laat Antea Group verrichten door een RvA geaccrediteerd laboratorium. Deze accreditatie garandeert dat bij de analyses consequent de juiste en vastgelegde procedures worden gehanteerd zodat de analyseresultaten een hoge betrouwbaarheid hebben. Voor de analyses geldt dat deze conform het Accreditatieschema (AS)3000 zijn uitgevoerd. De analyseresultaten zijn gevalideerd getoetst middels BOTOVA. Toepassing grond Het bodemonderzoek geeft inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het kader van het gebruik en/of de bestemming van de onderzochte locatie.
Indien echter grond van de locatie wordt afgevoerd voor toepassing elders, volstaan de resultaten van het verrichte bodemonderzoek mogelijk niet. Afhankelijk van de omvang van de af te voeren partij(en) grond en de eisen die door de acceptant of het bevoegd gezag ter plaatse van de nieuwe toepassingslocatie worden gesteld (bijvoorbeeld aanwezigheid van een bodemkwaliteitskaart met bijbehorend bodembeheerplan), dient de grond eventueel nog conform de richtlijnen van het Besluit bodemkwaliteit te worden onderzocht. Onderzoek naar asbest in waterbodem Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de waterbodem, geen onderdeel uitmaakt van onderzoek dat volgens de NEN 5720/A1 is uitgevoerd. Specifiek onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de waterbodem dient volgens de NTA 5727 ‘Monsterneming en analyse van asbest in waterbodem en baggerspecie’ (NNI, maart 2004) te worden uitgevoerd.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Het voorliggende onderzoek doet derhalve geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de waterbodem op de onderzochte locatie. Als tijdens het veldwerk in de waterbodem asbestverdachte materialen zijn opgemerkt, dan komt dit in de profielbeschrijvingen en de conclusies naar voren.
Toelichting op het uitgevoerde onderzoek Verkennend bodemonderzoek Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd met als richtlijn de NEN 5740+A1. Op basis van de quickscan is voor het onderzoeksgebied de strategie voor een onverdachte lijnvormige locatie (ONV-L) gekozen. Voor hele kleine graafbewegingen is deze strategie vanwege de beperkte lengte van het tracé niet van toepassing. De onderzoeksstrategie is voor deze situaties gebaseerd op de strategie 'verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (VEP)'. Omdat het onderzoek is uitgevoerd ter voorbereiding van dezelfde werkzaamheden als bij lijnvormige locaties, zijn de criteria voor boordiepte en plaatsing van een peilbuis conform de strategie voor lijnvormige locaties aangehouden. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn boringen verricht. De opgeboorde grond is beoordeeld op het voorkomen van verontreinigingen, beschreven en bemonsterd. Indien het grondwater zich nabij of binnen de ontgravingsdiepte van de werkzaamheden bevindt, is een peilbuis geplaatst ten behoeve van de monstername van het grondwater. De peilbuis is direct na plaatsing grondig afgepompt en minimaal één week later, na nogmaals goed afpompen, bemonsterd voor laboratoriumonderzoek.
Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid gemeten. Voor het vaststellen van de algemene bodemkwaliteit is de grond onderzocht op het standaard stoffenpakket. Dit betreft analyses op: o zware metalen (barium, cadmium, kobalt, molybdeen, koper, kwik, lood, nikkel en zink); o polychloorbifenylen (PCB's; som 7); o minerale olie (GC; inclusief voorbehandeling); o polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK-totaal, 10 stuks volgens VROM); o percentages lutum, organische- en droge stof. De selectie van de grond(meng)monsters is gebaseerd op monsterdiepte, bodemtype en veldwaarnemingen. Voor het vaststellen van de algemene bodemkwaliteit is het grondwater onderzocht op het standaard stoffenpakket. Dit betreft analyses op: o zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink); o vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, xylenen, styreen en ethylbenzeen) en naftaleen; o vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl); o minerale olie (GC). Indicatief asbestonderzoek Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een visuele inspectie uitgevoerd van het onverharde onderzoeksterrein. Hierbij is de toplaag van het onverharde deel van het terrein afgezocht naar asbestverdacht materiaal en puinrestanten.
In voorkomende gevallen is visuele maaiveldinspectie zeer beperkt mogelijk vanwege de aanwezigheid van verharding en vegetatie (onverharde terreindelen). Het uitvoeren van een maaiveldinspectie wordt gebruikt om te beoordelen of er binnen de onderzoekslocatie gedeelten aanwezig zijn die als meer of minder verdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest kunnen worden aangemerkt. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn gaten gegraven van 0,3 x 0,3 m tot 0,5 m -mv (meter beneden maaiveld). In deze gaten zijn boringen verricht tot circa 1 m -mv. De opgeboorde grond is beoordeeld op het voorkomen van verontreinigingen, beschreven en bemonsterd. Het opgegraven materiaal is uitgespreid, geharkt/gezeefd en visueel geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdachte materialen. Na inspectie en monsterneming zijn de gaten gedicht met het uitgegraven materiaal. De posities van de gaten met boringen zijn ingemeten en weergegeven op de situatietekening.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Toelichting op de toetsingskaders Toetsingskader achtergrond-, streef- en interventiewaarden Hieronder wordt uitgebreider op de begrippen achtergrond-, streef- en interventiewaarden en hun betekenis ingegaan. Bij de toetsing wordt een uitspraak gedaan op parameterniveau én op monsterniveau. Met betrekking tot het bepalen van de achtergrondwaarden kan in sommige gevallen de overall-conclusie op monsterniveau afwijken ten opzichte van de conclusie op parameterniveau als gevolg van de toetsregel die in artikel 4.2.2 van de Regeling bodemkwaliteit staat. In dit artikel wordt beschreven wat onder het overschrijden van de achtergrondwaarden wordt verstaan. De achtergrondwaarden (AW) zijn landelijk geldende waarden voor een multifunctionele bodemkwaliteit en geven de bovengrens aan voor wat in de dagelijkse praktijk 'schone grond' wordt genoemd. Deze achtergrondwaarden zijn vastgesteld op basis van gehalten zoals deze voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden. Dit omdat in dergelijke gronden geen belasting door lokale verontreinigingsbronnen aanwezig wordt geacht. De streefwaarde (S) geeft het concentratieniveau in grondwater aan waarboven wel en waaronder geen sprake is van een aantoonbare verontreiniging.
De interventiewaarde (I) geeft het concentratieniveau in de grond, waterbodem of grondwater aan waarboven de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, plant en dier heeft, in ernstige mate kunnen zijn verminderd. In het overheidsbeleid wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging, indien de gemiddelde concentratie aan één stof de interventiewaarde overschrijdt in tenminste 25 m³ grond/slib of voor het grondwater in tenminste 100 m³ bodemvolume. Over de hoeveelheid grond/slib of grondwater waarop een eventuele overschrijding van de interventiewaarde zich voordoet kan in een eerste onderzoek meestal nog geen betrouwbare uitspraak worden gedaan. Daarom kunnen op basis van de resultaten van dit eerste onderzoek dan ook geen conclusies worden getrokken ten aanzien van het al dan niet ernstig zijn van het verontreinigingsgeval. Bij de getoetste waarden is tevens een index opgenomen. Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW (of S) ) / (I - AW (of S) ). Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD) lager is dan de achtergrondwaarde. Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de interventiewaarde. Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt.
Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (dicht) bij de interventiewaarde ligt. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding tot het uitsplitsen van een mengmonster en/of het uitvoeren van een nader onderzoek. Met een nader bodemonderzoek kunnen de ernst en de spoedeisendheid van het geval worden vastgesteld. Een nader onderzoek kan worden uitgevoerd als er een duidelijke indicatie bestaat dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Een geval van ernstige bodemverontreiniging kan zich ook voordoen zonder dat de interventiewaarden worden overschreden. Als een verontreiniging zich zodanig in een ander milieucompartiment (bijv. het grondwater) of objecten (bijv. consumptiegewassen) verspreidt dat daar schadelijke effecten kunnen optreden, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Ook als het bij puntbronnen van verontreinigingen (bijv. op grond van berekeningen) waarschijnlijk is dat zonder maatregelen op korte termijn (binnen maximaal enkele maanden) een verontreiniging van eerder genoemde 25 of 100 m³ bodemvolume kan optreden, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Bij de toetsing worden de gemeten gehalten in grondmonsters aan de hand van geanalyseerde of geschatte gehalten organisch stof en lutum gevalideerd omgerekend middels BOTOVA naar zogenaamde standaardbodemcondities (bodem met 10% organische stof en 25% lutum). Indien de gehalten of concentraties in grond- en grondwatermonsters lager zijn dan de gerapporteerde rapportagegrens worden deze gevalideerd herberekend middels BOTOVA tot een gestandaardiseerde meetwaarde (gerapporteerde rapportagegrens maal 0,7). Deze gestandaardiseerde meetwaarden (GSSD) worden vergeleken met de normwaarden.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Barium In de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 is aangegeven dat de norm voor barium tijdelijk is ingetrokken. Gebleken is namelijk dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 920 mg/kg ds (voor standaardbodem). Analyses op barium dienen wel nog te worden uitgevoerd, maar de resultaten hoeven dus niet meer getoetst te worden, tenzij een duidelijke antropogene bron aanwezig is. Het gemeten gehalte aan barium is conform de circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, niet getoetst aan de voormalige interventiewaarde. Dit in verband met het voor deze parameter ontbreken van een aanwijsbare antropogene bron. Toetsingskader asbest De resultaten van het NEN 5707+C1 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de interventiewaarde uit de Circulaire bodemsanering. De interventiewaarde voor asbest in bodem, grond en baggerspecie bedraagt 100 mg/kg ds, waarbij is uitgegaan van het zogenaamde 'gewogen gehalte' (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest).
Het gewogen gehalte asbest dat aan de interventiewaarde wordt getoetst, is het berekende totaal van asbesthoudend materiaal (grootte > 20 mm) en asbest in de fijne fractie (< 20 mm). Indien onderzoek is gedaan naar respirabele vezels, wordt de gemeten concentratie getoetst aan de risicogrenswaarde van 10 mg/kg (gewogen). Indien deze concentratie niet wordt overschreden is er geen sprake van onaanvaardbare risico’s. Voor het bepalen van de spoedeisendheid van een sanering van een bodemverontreiniging met asbest die is ontstaan voor juni 1993 dient gebruik te worden gemaakt van het protocol 'Milieuhygiënisch Saneringscriterium Bodem - protocol asbest'. Dit protocol is opgenomen als bijlage 3 van de Circulaire bodemsanering. Op basis van het fysische en chemische karakter is er voor asbest geen sprake van verspreidingsrisico's en ecologische risico's, maar wel van humane risico's. In dit kader worden twee categorieën van (humane) risico's onderscheiden: Acceptabele risico's Hierbij dienen de plaats, mate en omvang van de bodemverontreiniging nauwkeurig geregistreerd te worden bij het Kadaster. Ook kan het bevoegd gezag voorschrijven om beheersmaatregelen te treffen om blootstelling aan de verontreiniging te voorkomen. Als de inrichting van de locatie wijzigt, dienen de locatiespecifieke risico's opnieuw te worden beoordeeld.
Onacceptabele risico's Naast kadastrale registratie dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden genomen op het betreffende deel van de locatie. De termijn 'spoedig' dient uitgewerkt te worden door het bevoegd gezag in een beschikking. Puin De resultaten van het NEN 5897+C1 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de regelingeving zoals opgenomen in het Productenbesluit asbest. In het Productenbesluit asbest is vermeld dat het verboden is om asbest of asbesthoudende producten te vervaardigen, in Nederland in te voeren, voorhanden te hebben, aan een ander ter beschikking te stellen, toe te passen of te bewerken. Een product wordt niet als asbesthoudend beschouwd als aan het product geen asbest opzettelijk is toegevoegd en het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest niet hoger is dan 100 mg/kg ds. Deze waarde wordt in voorliggende rapportage aangeduid als restconcentratienorm.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Hergebruik van grond en puin Indien de grond en het puin worden hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. In dit besluit is opgenomen dat voor asbest in grond en puin een gewogen gehalte van 100 mg/kg ds (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest) als maximale samenstellingswaarde geldt. Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit De gemeten gehalten in een partij grond worden getoetst aan de maximale waarden en rekenregels uit het Besluit- en de Regeling bodemkwaliteit, specifiek de regels die gelden voor het volgens het generieke kader toepassen op landbodem. De mate van overschrijden van de bovengenoemde maximale waarden bepaalt tot welke klasse een toe te passen partij grond of de ontvangende landbodem behoort. Deze classificatie is echter alleen mogelijk indien de monsterneming en het laboratoriumonderzoek zijn uitgevoerd door bij regeling van Onze Ministers bepaalde methoden alsmede door een persoon of instelling die daarvoor beschikt over een erkenning. De op basis van de bovenstaande maximale waarden in te delen klassen zijn: Achtergrondwaarde De landbodem dan wel een toe te passen partij grond wordt geclassificeerd als 'altijd toepasbaar' (oftewel schoon), wanneer de gemeten gehalten de achtergrondwaarden niet overschrijden.
In artikel 4.2.2 van de Regeling is beschreven wat onder het overschrijden van de achtergrondwaarden wordt verstaan. Kwaliteitsklasse 'wonen' De kwaliteit van een partij grond die op landbodem wordt toegepast, wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'wonen', wanneer de gemeten gehalten de bovengenoemde achtergrondwaarden overschrijden maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'wonen' (zie artikel 4.4.1 van de Regeling). De kwaliteit van de ontvangende landbodem wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'wonen', wanneer de gemeten gehalten de bovengenoemde achtergrondwaarden overschrijden maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'wonen'. In artikel 4.10.2 van de Regeling is beschreven wat onder het overschrijden van de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'wonen' wordt verstaan. Kwaliteitsklasse 'industrie' De kwaliteit van de ontvangende landbodem alsmede van een partij grond die op landbodem wordt toegepast, wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'industrie' wanneer de gemeten gehalten de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'wonen' overschrijden, maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'industrie' (zie artikel 4.4.1 en 4.10.2 van de Regeling).
Niet toepasbare grond Wanneer de gemeten gehalten in een partij grond de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'industrie' overschrijden (en wordt geclassificeerd als 'niet toepasbaar > industrie' of 'niet toepasbaar > interventiewaarde'), dan komt deze grond niet in aanmerking voor hergebruik volgens het generieke toetsingskader of verwerking in een grootschalige bodemtoepassing. In dat geval dient te worden nagegaan of mogelijk wordt voldaan aan de voorwaarden voor het gebiedsspecifieke toetsingskader (art. 44 t/m 53 van het Besluit).
Toelichting Besluit Bodemkwaliteit toepassen/ verspreiden baggerspecie Bij de invoering van het Besluit bodemkwaliteit per 1 januari 2008 (hierna te noemen 'het Besluit') is de normering voor waterbodems hoofdzakelijk gebaseerd op het onderscheid tussen het toepassen en het verspreiden van baggerspecie. Het nuttig hergebruik van baggerspecie wordt geregeld in het generieke kader voor toepassen. Verspreiden van baggerspecie geldt alleen voor noodzakelijk onderhoudsbaggerwerk waarbij het wenselijk is dat de bagger in het systeem blijft. Het generieke kader kent vijf onderdelen:
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
1.
Een generiek kader voor het toepassen van grond of bagger op of in de waterbodem met als normwaarden: . De achtergrondwaarden (AW2000); . De grenswaarden klasse A en B (Maximale Waarde klasse A); . De interventiewaarden (Maximale Waarde klasse B). Zie figuur 1; De figuren zijn ontleend aan het RIVM-document 'Nieuwe normen waterbodems' (RIVMrapportnr. 711701064 van 23 januari 2008).
FIGUUR 1:
NORMSTELLING VOOR TOEPASSEN VAN GROND EN BAGGERSPECIE IN OPPERVLAKTEWATER IN HET GENERIEKE- EN
GEBIEDSSPECIFIEKE KADER
De achtergrondwaarden (AW2000) zijn de 95-percentielwaarden van de gestandaardiseerde gehalten gemeten in relatief onbelaste gebieden in Nederland in de bovenste 0,1 m van de landbodem. Voor een aantal stoffen is de achtergrondwaarde gebaseerd op de bepalingsgrens. De AW2000 vervangt de huidige streefwaarde. De maximale waarde klasse A (grens tussen klasse A en B) wordt gevormd door het zogenaamde 'herverontreinigingsniveau Rijntakken (HVN). Hierbij is als uitgangspunt gekozen voor een scheiding tussen recent relatief schoon materiaal en ouder, meer verontreinigd materiaal. Het HVN is gebaseerd op de bij Lobith gemeten gehaltes in zwevend stof, omgerekend naar een standaardbodem. Voor 14 stoffen is om verschillende redenen een hogere waarde gekozen dan het HVN. Voor stoffen waarvoor geen maximale waarde klasse A is bepaald, geldt de AW2000. De maximale waarde klasse B wordt gevormd door de interventiewaarde. In het generieke kader is toepassen van baggerspecie waarin de gehalten de interventiewaarde overschrijden niet toegestaan. De interventiewaarden vormen de bovengrens voor het toepassen van grond en baggerspecie in het generieke beleid en de ondergrens van een ernstige van (water)bodemverontreiniging. De grotendeels op risico's gebaseerde interventiewaarden voldeden in een aantal gevallen niet meer.
In de praktijk was er de noodzaak om voor enkele metalen meer ruimte te bieden. Voor arseen, cadmium, lood en zink zijn de interventiewaarden verhoogd ten opzichte van de interventiewaarden uit de Circulaire Streefwaarden en Interventiewaarden (VROM , februari 2000).
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
2. Een norm voor het verspreiden van baggerspecie in zoet oppervlaktewater (gelijk aan de Maximale Waarde klasse A, zie figuur 2).
FIGUUR 2:
Normstelling VOOR VERSPREIDEN VAN BAGGERSPECIE IN OPPERVLAKTEWATER IN HET GENERIEKE- EN
GEBIEDSSPECIFIEKE KADER
Het verspreiden in zoet oppervlaktewater is bedoeld om het watersysteem weer op orde te brengen ('op stroom zetten'). Sediment met verontreinigingen tot het herverontreinigingsniveau Rijntakken (HVN) mag worden teruggebracht in het watersysteem. Getalsmatig is dit dezelfde norm als de grens tussen klasse A en B. 3.
Een norm voor het verspreiden van baggerspecie in zout oppervlaktewater (de ZBT ofwel 'zoute baggertoets'). Voor het verspreiden van baggerspecie in zout oppervlaktewater gelden de normen van de ZBT. Deze komen op hoofdlijnen overeen met de normen van de voorgaande chemietoxiciteitstoets (CTT) behalve dat bioassay's geen deel meer uitmaken van het normeringskader. Daarnaast vindt bij de beoordeling aan de ZBT geen bodemtypecorrectie plaats. Tevens zijn de normen voor tributyltin (TBT) iets aangepast.
4.
Een norm voor het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzende perceel (de msPAF, zie figuur 3).
FIGUUR 3:
Normstelling VOOR VERSPREIDEN VAN BAGGERSPECIE OVER AANGRENZENDE PERCELEN
Voor het verspreiden van baggerspecie over de aangrenzende percelen moet de baggerspecie voldoen aan de ‘Maximale Waarden’ voor verspreiden. Deze ‘Maximale Waarden’ zijn gebaseerd op de zogenaamde msPAF-toets (meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie van lagere organismen). Dit is een methode om de ecologische risico’s te bepalen, waarbij rekening wordt gehouden met de milieueffecten van meerdere stoffen tegelijk. Voor metalen moet de msPAF lager zijn dan 50% en voor organische stoffen lager dan 20%. Voor vijf stoffen (waar onder cadmium en minerale olie) geldt daarnaast een samenstellingseis in plaats van de msPAF. Voor alle stoffen geldt dat deze moeten voldoen aan de interventiewaarde voor landbodems. Voor baggerspecie die voldoet aan de Achtergrondwaarde geldt dat die vrij verspreidbaar is.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Aanvullend gelden voor het verspreiden van baggerspecie over aangrenzende percelen de volgende voorwaarden: Voor onderhoudsspecie waarvan de kwaliteit voldoet aan de Maximale Waarden voor verspreiden van baggerspecie over het aangrenzende perceel geldt de ontvangstplicht mits de baggerspecie vrijkomt vanuit waterkwantiteitsbeheer; De baggerspecie mag tot aan de perceelsgrens worden verspreid; Er hoeft niet te worden getoetst aan de kwaliteit van de ontvangende bodem; De verspreiding over aangrenzende percelen hoeft niet te worden gemeld. 5.
Toepassen op de landbodem Voor de landbodem wordt onderscheid gemaakt in de bodemkwaliteitsklassen 'Landbouw/natuur' (maximale waarde AW2000), 'Wonen' en 'Industrie'. Voor zowel het toepassen op de landbodem als op de waterbodem geldt dat de bodemkwaliteit niet verslechtert. Voor landbodems geldt daarnaast dat moet worden voldaan aan de kwaliteit die vereist is voor de bodemfunctie ('dubbele toets'). In het waterbeheer zijn wel functies gekoppeld aan oppervlaktewatersystemen (bijv. zwem- of drinkwater) maar niet aan de waterbodem. Door de dynamiek van waterbodems verandert voortdurend de waterbodemkwaliteit.
Gebiedsspecifiek beleid Naast de generieke normen is er de mogelijkheid om gebiedsspecifiek de normen aan te passen. Dit geldt niet voor verspreiden op het aangrenzende perceel. Voor het verspreiden van baggerspecie in zout oppervlaktewater mogen de normen alleen strenger gemaakt worden. In figuur 1 en 2 is aangegeven waar de ruimte voor het vaststellen van lokale maximale waarden beschikbaar is.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Normwaarden voor toepassen van grond en baggerspecie in oppervlaktewater en voor de bodem onder oppervlaktewater waarop grond of baggerspecie wordt toegepast en normen voor verspreiden van baggerspecie op het aangrenzend perceel (waarden voor standaardbodem, in mg/kg ds) Nr
Stof (1)
Achtergrond waarden (AW2000)
maximale waarde verspreiden in zoet oppervlaktewater (2) maximale waarde kwaliteitsklasse A
interventiewaarde bodem onder oppervlaktewater maximale waarde kwaliteitsklasse B
maximale waarde verspreiden bagger specie in zout oppervlaktewater(4)
maximale waarde verspreiden baggerspecie over aangrenzend perceel (18)
mg/kg ds
mg/kg ds
msPAF/mg/kg ds
(2)
mg/kg ds 1
2
3
4
5 5a 5b
5c
5d
Metalen Arseen (As) Barium (Ba) (17) Cadmium (Cd) Chroom (Cr) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Zink (Zn)
mg/kg ds
20 0,6 55 15 40 0,15 50 1,5* 35 140
Overig anorganische stoffen Cyanide (vrij) (6) Cyaniden-complex Thiocyanaten (som)
3 5,5 6
-
Aromatische stoffen Benzeen Ethylbenzeen Tolueen Xylenen (som) Styreen (vinylbenzeen) Fenol Cresolen (som o-, m-, p-)
0,20* 0,20* 0,20* 0,45* 0,25* 0,25 0,30*
-
Polycyclische aromaten (PAK) Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(k)fluorantheen Benzo(a)pyreen Benzo(ghi)peryleen Indeno(123-cd)pyreen PAK's Totaal VROM (10)
29 4 120 25 96 1,2 138 5 50 563
85 14 380 240 190 10 580 200 210 2000
-
20 50 20
-
1 50 130 25 100 40 5
29@ 4 120@ 60@ 1,2 110 45 365@
x x x en 7,5 x x x x x x x x
-
-
x x x x x x x x x x 1,5
9
40
8
Gechloreerde koolwaterstoffen (vlucht.)Chloorkoolwaterstoffen Chloorbenzenen Pentachloorbenzeen Hexachloorbenzeen Som Chloorbenzenen (10) Chloorfenolen Som Monochloorfenolen Som Dichloorfenolen Som Trichloorfenolen Som Tetrachloorfenolen Pentachloorfenol Som Chloorfenolen
0,0025 0,0085 2,0*
0,007 0,044 -
30
0,02 -
0,045 0,20* 0,0030* 0,0015* 0,0030* 0,20*
0,016 -
5 10
-
PCB's PCB- 28
0,0015
0,014
-
-
x x
x
x
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen Nr
Stof (1)
Achtergrond waarden (AW2000)
maximale waarde verspreiden in zoet oppervlaktewater (2) maximale waarde kwaliteitsklasse A
interventiewaarde bodem onder oppervlaktewater maximale waarde kwaliteitsklasse B
maximale waarde verspreiden bagger specie in zout oppervlaktewater(4)
maximale waarde verspreiden baggerspecie over aangrenzend perceel (18)
mg/kg ds
mg/kg ds
msPAF/mg/kg ds
(2)
mg/kg ds
5e
6 6a
6b 6c
6d 6e 7
mg/kg ds
PCB- 52 0,0020 PCB-101 0,0015 PCB-118 0,0045 PCB-138 0,0040 PCB-153 0,0035 PCB-180 0,0025 Som PCB-7 0,020 overige gechloreerde koolwaterstoffen Dioxine (som I-TEQ) 0,000055* Bestrijdingmiddelen Organochloor bestrijdinsmiddelen Chloordaan 0,0020 DDT (som) DDE (som) DDD (som) Som DDT/TDE/DDE 0,30 Aldrin 0,00080 Dieldrin 0,0080 Endrin 0,0035 Isodrin 0,0010* Telodrin 0,00050 Som Drins 0,015 Endosulfansulfaat a-Endosulfan 0,00090 a-HCH 0,0010 ß-HCH 0,0020 y-HCH 0,0030 d-HCH Som HCH-verbindingen 0,010 Heptachloor 0,00070 Heptachloorepoxide 0,0020 Hexachloorbutadiëen 0,003 Som OCB's 0,40 organofosforpesticiden organotinbestrijdingsmiddelen Organotinverbindingen (11) 0,15 Tributyltin (TBT) (11) 0,065 chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden overige bestrijdingsmiddelen Overig stoffen Asbest (15) Minerale olie (GC) totaal (16)
0,015 0,023 0,016 0,027 0,033 0,018 0,139
1
0,1@
-
-
-
0,30$ 0,0013 0,0080 0,0035 0,015$ 0,0021 0,0012 0,0065 0,003 0,010 0,004 0,004 0,0075 -
4 4 4 4 2 4 4 -
0,02 -
0,25
2,5(12) -
0,25(13) 0,115(14)
x x x x x x
x x x x x x x x x x x x x x x x x x
-
100
100
100
-
190
1250
5000
1250
3000
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen Toelichting en verklaring symbolen: In deze tabel zijn de stoffen opgenomen behorende tot de 'nieuw standaardpakketten' voor regionale en rijkswateren aangevuld met enkele andere stoffen die ook regelmatig worden onderzocht. Voor de volledige lijst van stoffen wordt verwezen naar de regeling bodemkwaliteit, bijlage B, tabel 1 en 2.
1 Voor de definitie van somparameters wordt verwezen naar bijlage N van deze regeling. De definitie van sommige somparameters is verschillend voor de landbodem en de waterbodem. Achter de somparameter wordt vermeld welke van de twee definities gehanteerd moet worden. 2 De Maximale waarden kwaliteitsklasse A zijn gebaseerd op een bepaald Herverontreinigingsniveau (HVN).Voor de stoffen waarvoor geen HVN is afgeleid gelden de Achtergrondwaarden en de toetsingsregels voor de Achtergrondwaarden. 4 Bij de toetsing aan de maximale waarden voor verspreiden in zout water wordt geen bodemtype correctie toegepast. 6 Bij gehalten die de Achtergrondwaarde overschrijden moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid van uitdamping. Wanneer uitdamping naar binnenlucht zou kunnen optreden, moet bij overschrijding van de Achtergrondwaarde worden gemeten in de bodemlucht en moet worden getoetst aan de TCL (Toxicologisch Toelaatbare Concentratie in Lucht). Uit: Staatscourant 20 december 2007, nr. 247. 9 De Interventiewaarde waterbodem is gelijk (gesteld) aan de bepalingsgrens (intralaboratorium reproduceerbaarheid). 10 De Achtergrondwaarde van deze somparameter gaat uit van de aanwezigheid van meerdere componenten, die tot deze somparameter worden gerekend (zie bijlage N).
De hoogte van de Achtergrondwaarde is gebaseerd op de som van de Achtergrondwaarden van de afzonderlijke isomeergroepen vermenigvuldigd met 0,7. Binnen de somparameter mag de Achtergrondwaarde van de afzonderlijke isomeergroepen niet worden overschreden. Hetzelfde geldt voor de Maximale waarden kwaliteitsklassen A en B en de Maximale waarde bodemfunctieklasse industrie. 11 De eenheid voor organotinverbindingen is mg Sn/kg ds, met uitzondering van de normwaarden met voetnoot 12. 12 De eenheid voor de Maximale waarde bodemfunctieklasse industrie, Interventiewaarde waterbodem en Maximale waarde kwaliteitsklasse B voor organotinverbindingen (som) is mg organotin/ kg ds. 13 Normwaarde Tributyltin van 0,25 mg Sn/kg ds geldt verspreiden van baggerspecie in de Waddenzee en de Zeeuwse Delta. 14 Normwaarde Tributyltin van 0,115 mg Sn/kg ds geldt voor verspreiden van baggerspecie in de Noordzee langs de Noordzeekust. 15 Zijnde het gehalte serpentijnasbest plus tienmaal het gehalte amfiboolasbest. Deze eis bedraagt 0 mg/kg d.s. indien niet is voldaan aan artikel 2, onder b, van het Productenbesluit Asbest. 16 Minerale olie heeft betrekking op de som van de (al dan niet) vertakte alkanen.
Indien er enigerlei vorm van verontreiniging met minerale olie wordt aangetoond in grond/baggerspecie, dan dient naast het gehalte aan minerale olie ook het gehalte aan aromatische en/of polycyclische aromatische koolwaterstoffen bepaald te worden. 17 De normen voor barium zijn ingetrokken. Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien sprake is van verhoogde barium gehalten t.o.v. de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte door het bevoegd gezag worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 625 mg/kg ds. Deze voormalige interventiewaarde is op dezelfde manier onderbouwd als de interventiewaarden voor de meeste andere metalen. * Achtergrondwaarde is gebaseerd op de (intralaboratorium reproduceerbaarheid) bepalingsgrens, omdat onvoldoende metingen boven de bepalingsgrens beschikbaar zijn om een betrouwbare P95 af te leiden. @ Betreft normwaarde voor een niet prioritaire stof op grond van de KRW. # Geen herverontreinigingsniveau bepaald, maar het betreft wel een prioritaire stof. De maximale waarde is gebaseerd op KRW-normen. $ Herverontreinigingsniveau (HVN) is lager dan Achtergrondwaarde, daarom is de Maximale waarde voor verspreiden in zoet oppervlaktewater/Maximale waarde kwaliteitsklasse A gelijk getrokken aan de Achtergrondwaarde.
18 De msPAF wordt berekend voor de met x aangegeven stoffen. Indien geen waarde wordt ingevuld (bijvoorbeeld omdat de stof niet gemeten wordt) wordt gerekend met 0,7 * bepalingsgrens (intralaboratorium reproduceerbaarheid): Uit: Staatscourant 29 maart 2012, nr. 6111. De baggerspecie voldoet aan de maximale waarden voor verspreiden van baggerspecie op het aangrenzende perceel indien: de gehalten van de gemeten stoffen lager zijn dan de Interventiewaarde bodem, niet zijnde de bodem onder oppervlaktewater, en voor organische stoffen: msPAF < 20%, en voor metalen: msPAF < 50%, waarbij voor cadmium een maximum gehalte geldt. voor gemeten stoffen die geen deel uitmaken van de msPAF-berekening geldt de achtergrondwaarde (m.u.v. somparamaters waarbij de individuele parameters onderdeel uitmaken van de msPAF-berekening; deze uitzondering geldt niet voor dioxine (som TEQ) waarvan PCB118 onderdeel uitmaakt). barium, kobalt, molybdeen en minerale olie maken geen deel uit van de msPAF-berekening. In plaats van de Achtergrondwaarde geldt voor deze vier stoffen de waarde, die vermeld is in de kolom ‘Maximale waarden verspreiden van baggerspecie over aangrenzend perceel’. Uit artikel 36 van het Besluit vloeit voort dat naast de msPAF-toetsing ook een toets moet plaatsvinden aan de interventiewaarden bodem.
Ook voor metalen waarvoor geen Maximale Waarde voor verspreiden over het aangrenzend perceel is opgenomen, is toetsing aan de interventiewaarde bodem noodzakelijk. Voor metalen waar geen interventiewaarden bodem zijn vastgesteld dienen de maximale waarden bodemfunctieklasse Industrie te worden gehanteerd. Voor het verspreiden op het aangrenzend perceel zal binnen enkele jaren de bestaande risicobenadering msPAF worden aangevuld met de metalen die daar nog geen onderdeel van uitmaken en waarvoor in deze tabel geen maximale waarde voor het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzend perceel zijn vastgesteld.
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Bijlage 2 Overzichtstabel veld- en chemisch onderzoek
Bijlage 2a. Overzichtstabel veld- en chemisch onderzoek Omschrijving deelgebied
Lengte Breedte onderzoeksstrategie (m) (m)/ opp (m2)
boornummers
WEGBERMEN E. Wegbermen N270 noord
3575
1,5
F. Wegbermen N270 zuid
3575
1,5
G. Wegbermen rotonde Leunseweg oost
200
1,5
G. Wegbermen rotonde Leunseweg west
200
1,5
H. Wegbermen Acaciastraat west
150
1,5
H. Wegbermen Acaciastraat oost
150
1,5
B. Wegbermen landbouwweg noord*
2825
1,5
C. Wegbermen landbouwweg zuid*
2825
1,5
I. Wegbermen westelijke op- /afrit A73 west 460
1,5
J.Wegbermen westelijke op- /afrit A73 oost
460
1,5
K. Wegbermen Blakt oost
270
1,5
K. Wegbermen Blakt west
270
1,5
L. Wegbermen talud nieuw fietspad
400
1,5
N. Wegbermen Swingerspad oost en west
200
1,5
DEELLOCATIES D1. Oksels westelijke op/afrit A73 D2. Nieuwe op/afrit tpv huidig weiland D3. Nieuwe op/afrit tpv huidige natuur D4. Nieuwe op/afrit tpv huidige groenstrook D5. Landbouwroute tpv gedeelte Baggerweg D6. Terrein nieuwe fietslus D7. Nieuwe fietstunnel***
3100 5700 8000 1250 4800 2500 1000
D8. Gedeelte melkfabriek
350
D9. Verdachte locatie tankstation** D10. Inrit onderhoudspad waterschap
TOTAAL
<100 1600
Veldonderzoek bodem asbest asfalt boring tot boring tot boring tot boring tot boring tot boring met asbestgat kernboring 0,5 m-mv 1,0 m-mv 1,5 m-mv 2,0 m-mv 5 m-mv peilbuis (0,3x0,3m ) tot 0,5 mmv
Chemisch onderzoek grond standaard standaard Analyses aanvullende pakket pakket grond arseen analyses grond (diepere grond ondergrond)
grondwater asbest asfalt standaard- Analyses Analyses PAKpakket op asbest op asbest marker grondwater in grond in puin
101 t/m 151
0
0
45
1
3
2
5
11
5
2
1
201 t/m 251
0
0
45
2
2
2
8
10
4
2
301 t/m 306
0
0
3
1
2
0
5
7
0
3 x uitsplitsing 2 op PAK 0
401 t/m 406
0
0
3
1
2
0
4
0
0
1
501 t/m 505
0
0
4
1
0
0
2
0
0
1
506 t/m 510
0
0
3
2
0
0
2
0
0
1
601 t/m 643
0
39
0
3
0
3
8
8
4
3
3
701 t/m 743
0
39
0
2
0
2
7
8
4
2
3
801 t/m 813
0
0
10
0
2
1
2
4
0
1
1
901 t/m 913
0
0
10
0
2
1
2
4
0
1
1
1001 t/m 1008
0
0
7
0
1
1
3
8
4
1
1
1009 t/m 1016
0
0
7
1
0
0
2
4
0
0
1301 t/m 1309
0
0
8
0
0
1
2
4
4
1
0
1401 t/m 1406
0
0
5
0
0
1
2
4
4
1
1
NEN 5740: ONV-GR-NL D101 t/m D113 10 NEN 5740: ONV-NL D201 t/m D216 13 NEN 5740: ONV-NL D301 t/m D319 13 NEN 5740: ONV-NL D401 t/m D408 6 NEN 5740: ONV-NL D501 t/m D515 11 NEN 5740: ONV-NL D601 t/m D612 0 NEN 5740: ONV-NL D701 t/m D708 4 NEN 5897 (135 m2): halfverhardingen asfalt: CROW 210 D801 t/m D804 0 fundering: indicatief pragmatisch 507, 508* 0 NEN 5740: ONV-NL D1001 t/m D1011 8 NEN 5897 (150 m2): H01 t/m H04 halfverhardingen 65
0 0 0 0 0 9 0
0 0 0 0 0 0
2 2 4 1 3 2 0
0 0 0 0 0 0 2
1 1 2 1 1 1 0
0 0 0 0 0 0 4
3 4 5 2 3 3 5
3 4 5 2 3 3 5
1 1 2 1 1 1 0
0
0
0
0
1
0
0
* 2
0 0
0 1
0 4
2 5
0 3
2 x aromaten
30
16
22
62
61
0
NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief NEN 5740: VED-HO-L NEN 5707: indicatief
*: landbouwroute: Zuivelweg, Molenhofweg, Laagriebroekseweg, De Locht en Baggerweg **: boring is in het regulier onderzoek van de wegbermen opgenomen ***: twee boringen tot 5 m-mv zijn ter plaatse van het opgehoogde maaiveld (grondwal) geplaatst
1
1
6
2
1
2
1
PAKanalyse
1
1
1
0 4 0 0
91
0 0
0 150
4
4
107
7
0 1
22
2
2
2
2
1
17
4
Bijlage 2b. Overzichtstabel veld- en chemisch onderzoek (waterbodem) Deellocatie
onderzoeksstrategie
boorpunten
11. Sloot langs weiland deellocatie 2
NEN 5720: overig water, lintvormig WB1101-WB1110
12. Sloot langs natuurgebied deellocatie 3 NEN 5720: overig water, lintvormig WB1201-WB1210 13. Sloot langsnatuurgebied deellocatie 5 NEN 5720: overig water, lintvormig WB1301-WB1310 14. Sloot ten westen van op/afrit A73 15. Sloot in oksels op/afrit A73 16. Sloot (secundaire waterloop) fietslus Totaal
NEN 5720: overig water, lintvormig WB1401-WB1410 NEN 5720: overig water, lintvormig WB1501-WB1510 NEN 5720: overig water, lintvormig WB1601-WB1610
Locatie
Motivatie
Sloot langs weiland Lenssen
Te vergraven en dempen sloot / bestemmingsplanwijziging Te vergraven en dempen sloot / bestemmingsplanwijziging Te vergraven en dempen sloot / bestemmingsplanwijziging Te vergraven en dempen sloot Te vergraven en dempen sloot Te vergraven en dempen sloot
Sloot langs natuurgebied ten zuiden van weiland Lenssen Sloot langs natuurgebied Baggerweg tpv nieuwe landbouwroute Sloot ten westen van op- / afrit A73 Sloot in oksel op- / afrit A73 Sloot (secundaire waterloop) fietslus
Lengte Aantal steken in Analyses op (m) waterbodem waterbodempakket 130 10 1 275
10
1
425
10
1
470 350 215
10 10 10 60
1 1 1 6
Bijlage 2c. Overzichtstabel veldwerkinspanning per meetpunt opmerking
E. Wegbermen N270 noord 101 tot 2 m geen grondwater 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150 151
boring tot boring boring boring boring met boring asbestgat (ca. 0,5 m-mv tot 1,0 m- tot 1,5 m- tot 2,0 m- peilbuis tot 5 m- 30*30) tot 0,5 mv mv mv mv m-mv 2 3 5 0 0 45 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
F. Wegbermen N270 zuid 201 202 203 204 205 206 207 208 209 210 211 212 213 214 tot 2 m-mv geen grondwater 215 216 217 218 219 220 221 222 223 224 225 226 227 228 229 230 231 232 233 234 235 236 237 238 239 240 241 242 243 tot 2 m-mv geen grondwater 244 245 246 247 248 249 250 251 G. Wegbermen rotonde Leunseweg oost 301 tot 2 m geen grondwater aangetroffen 302 303 304 305 306
0
0
45 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
2
2
2
8 1
1
1
1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
1
1 1 1 1 1 1 1
1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0
0
1 3
1 1
0
2
1 1 1 1 1
1 5 1 1 1 1 1
G. Wegbermen rotonde Leunseweg west 401 402 403 404 405 406 tot 2 m geen grondwater aangetroffen H. Wegbermen Acaciastraat west 501 tot 2 m-mv geen grondwater 502 503 504 505 H. Wegbermen Acaciastraat oost 506 507 tot 2 m-mv geen grondwater aangetroffen, olie-water reactie 508 tot 2 m-mv geen grondwater aangetroffen, olie-water reactie 509 510 B. Wegbermen landbouwweg noord 601 602 603 604 605 606 607 608 609 610 610a opnieuw geplaatst tbv infiltratieproef 610b opnieuw geplaatst tpv infiltratieproef 611 tot 2 m geen grondwater aangetroffen 612 613 614 615 616 617 618 619 620 621 622 623 624 625 626 627 628 629 630 631 632 633 634 635 636 637
0
0
3 1 1 1
1
0
2
1 1 0
0
0
0
4 1 1 1 1 3 1
1 1 1
0
0
4 1 1 1 1 2 1
1 2
0
0
2
1 1
0
39 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1 0
3
1
3
0
1 8
1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
1
1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
1 1 1
1
638 639 640 641 642 643 C. Wegbermen landbouwweg zuid 701 702 703 704 705 tot 2 m geen grondwater aangetroffen 706 707 708 709 710 711 712 713 714 715 716 717 718 719 720 721 722 723 724 725 726 727 728 729 730 tot 2 m geen grondwater aangetroffen 731 732 733 734 735 736 737 738 739 740 741 742 743
1 1 1 1 1 0
1 39 1 1 1 1
0
2
2
1 0
7 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
1
1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
1 1
1 1
I. Wegbermen westelijke op- /afrit A73 west 801 tot 4,0 m-mv 802 803 804 805 806 807 808 809 810 811 812 813 J. Wegbermen westelijke op- /afrit A73 oost 901 902 903 904 905 906 907 908 909 910 911 912 913 K. Wegbermen Blakt oost 1001 1002 1003 1004 1004_N opnieuw geplaatst tbv diepe boring, op 3,7 m-mv gestaakt 1005 1006 1007 1008 K. Wegbermen Blakt west 1009 1010 tot 2 m-mv geen grondwater 1011 1012 1013 1014 1015 1016 L. Wegbermen talud nieuw fietspad 1301 middenberm 1302 middenberm 1303 middenberm 1304 middenberm 1305 1306 1307 1308 1309
0
0
10
0
1
2 1
2
1 1 1 1 1
1
1
0
0
1 1 1 1 1 1 10
1 0
1
2 1
2
1 1 1 1
0
0
1 1 1 1 1 1 1 1 7 1 1 1 1
1
1
0
1
1
3 1 1
1 1 1
1 1
0
0
1 7 1
1
0
0
2
1
0
0
1 1 1 1 1 1 8 1 1 1 1 1 1 1
1
0
1
1 2 1
1 1
1
0
N. Wegbermen Swingerspad oost en west 1401 1402 1403 1404 1405 1406 D1. Oksels westelijke op- /afrit A73 D101 D102 D103 D104 D105 D106 D107 D108 D109 D110 D111 D112 D113 D2. Nieuwe op- /afrit tpv huidig weiland D201 D202 D203 D204 per abuis een boring tot 0,5 m-mv geworden ipv 2,0 D205 D206 D207 D208 D209 D210 D211 D212 D213 D214 D215 D216 D3. Nieuwe op- /afrit tpv huidige natuur D301 D302 D303 D304 D305 D306 D307 D308 D309 D310 D311 D312 D313 D314 D315 D316 D317 D318 D319
0
0
5 1
0
1
0
2 1
1
10
0
1 1 1 1 0
1 2
1 1
0
0
1 1
0
0
2 1 1
0
0
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 13
0
0
2 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 13
0
0
4
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
D4. Nieuwe op- /afrit tpv huidige groenstrook 6 D401 D402 D403 1 D404 1 D405 1 D406 1 D407 1 D408 1 D5. Landbouwroute tpv gedeelte Baggerweg 11 D501 D502 D503 D504 D505 1 D506 1 D507 1 D508 1 D509 1 D510 1 D511 1 D512 1 D513 1 D514 1 D515 1 6. Terrein nieuwe fietslus 0 D601 halfverharding D602 halfverharding D603 halfverharding D604 halfverharding D605 halfverharding D606 halfverharding D607 halfverharding D608 halfverharding D609 halfverharding D610 halfverharding D611 halfverharding D612 halfverharding D7. Nieuwe fietstunnel 4 D701 boring gestaakt op 4,3 m-mv D702 D703 1 D704 puinverharding tpv groenstrook 1 D705 1 D706 1 D706_N puinverharding tpv groenstrook D707 puinverharding tpv groenstrook D708 puinverharding tpv groenstrook D8. Gedeelte melkfabriek 0 D801 asfaltkern, in verband met ontbreken bijmengingen geen asbestgaten gegraven D802 asfaltkern, in verband met ontbreken bijmengingen geen asbestgaten gegraven D803 asfaltkern, in verband met ontbreken bijmengingen geen asbestgaten gegraven D804 asfaltkern, in verband met ontbreken bijmengingen geen asbestgaten gegraven
0
0
1
1 1
0
0
1 1
0
0
1 1
0
0
0
2 1 1
4
1
0
0
3 1 1 1
9
0
2 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 0
0
0
1
4 1 1 1 1
0
0
0
0
1 1 1 0
D9. Verdachte locatie tankstation 0 507 Betreft boring uit deelgebied 'wegbermen Accaciastraat west', oliewater reactie, gezien er tot 2 m geen grondwater is aangetroffen is de peilbuis komen te vervallen Betreft boring uit deelgebied 508 'wegbermen Accaciastraat west', oliewater reactie, gezien er tot 2 m geen grondwater is aangetroffen is de peilbuis komen te vervallen D10. Inrit onderhoudspad waterschap 8 D1001 D1002 D1003 D1004 1 D1005 1 D1006 1 D1007 1 D1008 1 D1009 1 D1010 1 D1011 1 H01 gat door halfverharding H02 gat door halfverharding H03 gat door halfverharding H04 gat door halfverharding TOTAAL 65
0
0
* 1
0
0
0
1 1
0
4
16
1 1 1 1 62
1
0
0
2 1 1
91
150
30
22
projectnummer 417318.13 juli 2018, revisie 01 Provincie Limburg - Provinciale Wegen
Bijlage 3 Boorprofielen inclusief overzichtstabel zintuiglijke bijmengingen
Bijlage 3. Overzichtstabel zintuiglijke bijmengingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
0,00 - 0,20 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20 1,50 - 2,50 0,20 - 0,30 0,00 - 0,20 0,50 - 1,00 0,00 - 0,30 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen, sporen glas sporen puin sporen asfalt, sporen baksteen sporen baksteen resten hout sterk asfalthoudend matig baksteenhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen asfalt sporen baksteen
0,00 - 0,20 0,00 - 0,35 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20 0,00 - 0,30 0,00 - 0,20 0,00 - 0,30 0,50 - 0,70 0,50 - 1,00 0,20 - 0,70 1,00 - 1,50 0,00 - 0,01 0,00 - 0,20 0,20 - 0,40
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
0,20 - 0,40 0,00 - 0,20 0,20 - 0,70 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 1,00 0,50 - 1,00 0,20 - 0,70 0,00 - 0,20
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen asfalt zwak asfalthoudend sporen asfalt sporen asfalt sterk puinhoudend sporen baksteen sporen baksteen zwak asfalthoudend sporen baksteen sporen baksteen matig baksteenhoudend Asbest verdacht materiaal op maaiveld sporen asfalt, baksteen en kolengruis sporen asfalt, sporen baksteen, sporen kolengruis matig asfalthoudend sporen baksteen sporen baksteen zwak asfalthoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen zwak asfalthoudend matig puinhoudend
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
zwak puinhoudend zwak puinhoudend sporen baksteen matig puinhoudend sporen baksteen sporen baksteen sterk puinhoudend, zwak asfalthoudend matig puinhoudend
Zand Zand Zand Zand
matig puinhoudend matig puinhoudend matig puinhoudend sporen baksteen volledig puin
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,50 - 1,30 1,30 - 1,50 0,50 - 1,50 0,50 - 1,50 0,04 - 1,00 0,00 - 0,50 0,50 - 1,50 0,50 - 1,00
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sterk puinhoudend sporen puin sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen, sporen asfalt sporen asfalt sporen asfalt matig puinhoudend matig puinhoudend
0,00 - 0,20
Zand
sporen baksteen
Landbodem
E. Wegbermen N270 noord 112 118 124 125 129
5,00 1,50 1,50 1,50 2,50
141 142 144 147
1,50 5,00 1,50 1,50
F. Wegbermen N270 zuid 202 208 209 210 212 215 216 219 222 225
1,50 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50
228 233
1,50 1,50
235 236
1,50 1,50
241 244 245 247 250 251
1,50 1,50 1,50 1,50 5,00 1,50
G. Wegbermen rotonde Leunseweg oost 301 302
2,00 1,50
304
5,00
305
5,00
306
1,50
0,00 - 0,50 0,04 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 1,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,70 0,40 - 0,60
G. Wegbermen rotonde Leunseweg west 401 403 404
1,50 1,50 5,00
406
2,00
0,40 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 0,15 - 0,60
H. Wegbermen Acaciastraat west en oost 501 504
2,00 1,50
505 506 507 509
1,50 1,50 2,00 1,50
510
1,50
B. Wegbermen landbouwweg Noord 604
1,00
Boring 605
Diepte boring (m -mv) 1,00
606 607
1,00 1,00
608
1,00
609 610 611
1,00 1,00 2,00
614 615 616 617 621 626 628 630
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
631 634
1,00 1,00
635 637 640 641
3,00 1,00 1,00 1,00
642
3,00
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,70
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Zand Zand Zand Zand Zand
0,07 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20 0,40 - 0,70 0,50 - 0,80 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,50 - 1,00 0,00 - 0,20 0,00 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 1,00 - 3,00 0,20 - 0,50 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,30 1,00 - 1,70
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Veen Zand Zand Zand Zand Zand Zand Veen
sporen baksteen sporen baksteen zwak puinhoudend, sporen baksteen sporen puin, sporen baksteen matig baksteenhoudend, zwak puinhoudend sporen baksteen, sporen puin sporen baksteen zwak baksteenhoudend, sporen puin sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen zwak puinhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen resten hout matig baksteenhoudend matig puinhoudend zwak puinhoudend sterk puinhoudend sporen puin sterk puinhoudend sterk houthoudend
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen sporen puin, sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen matig puinhoudend, matig baksteenhoudend sterk puinhoudend
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen kolengruis, sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen
Zand
sporen asfalt
C. Wegbermen landbouwweg zuid 702 706
1,00 1,00
707 709
1,00 1,00
711 713 714 722 725 727 728 732
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
733 736 740
1,00 1,00 1,00
0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 1,00 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20 0,00 - 0,50
741
3,00
0,20 - 0,50
I. Wegbermen westelijke op- /afrit A73 west 801 802 809
4,00 1,50 1,50
810
1,50
811
1,50
812
1,50
813
1,50
2,50 - 3,00 0,00 - 0,70 0,20 - 0,50 0,50 - 1,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,70 0,20 - 0,70
J.Wegbermen westelijke op- /afrit A73 oost 901
5,00
2,00 - 2,80
Boring
Diepte boring (m -mv)
904 906
1,50 1,50
911 913
1,50 1,50
Traject (m -mv) 2,80 - 3,20 0,20 - 0,60 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen asfalt, zwak baksteenhoudend sporen baksteen matig puinhoudend, sporen asfalt zwak asfalthoudend sporen baksteen sporen baksteen
K. Wegbermen Blakt oost en west 1001 1002 1004_N
1,50 1,50 3,70
0,00 - 0,70 0,00 - 1,00 1,20 - 3,70
Zand Zand
1005 1006 1011 1014
1,50 1,50 1,50 1,50
1016
1,50
0,20 - 0,50 1,00 - 1,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,30 0,30 - 1,00 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
uiterst puinhoudend sterk puinhoudend Boring gestaakt ivm kabel of leiding, 1x verplaatst en op zelfde diepte kabel of leiding sterk puinhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen zwak puinhoudend zwak puinhoudend
0,00 - 0,50 0,50 - 0,70 0,00 - 0,20 1,00 - 1,50 0,50 - 1,00 1,00 - 1,50 0,50 - 1,00 1,00 - 1,50 1,50 - 2,00
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen asfalt sporen asfalt sporen asfalt zwak houthoudend sterk houthoudend sterk houthoudend resten hout resten hout resten hout
0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,40 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,00 - 0,30 0,00 - 0,20
Zand Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen sporen baksteen sporen asfalt sporen baksteen sporen asfalt, sporen baksteen, sporen kolengruis
Zand Zand Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen sporen baksteen, sporen kolengruis sporen baksteen sporen baksteen, sporen kolengruis sporen baksteen, sporen kolengruis sporen baksteen
Zand Zand Zand Zand Veen Zand Zand Veen Zand Veen Veen Veen Zand Veen Veen Zand Zand Veen Zand
sporen hout resten hout sporen hout sporen hout matig houthoudend sporen hout sporen hout resten hout sporen hout sporen hout matig houthoudend matig houthoudend zwak houthoudend resten planten resten planten sporen hout sporen hout resten planten sporen hout
L. Wegbermen talud nieuw fietspad 1302
1,50
1303 1305 1306
1,50 1,50 1,50
1307
1,50
1308
2,20
N. Wegbermen Swingerspad oost en west 1401 1403
1,50 1,50
1404
1,50
D1. Oksels westelijke op/afrit A73 D106 D109 D111 D112 D113
0,50 0,50 0,50 0,50 0,50
D2. Nieuwe op/afrit tpv huidig weiland D202 D204 D209 D212 D213 D215
2,00 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50
0,00 - 0,40 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
D3. Nieuwe op/afrit tpv huidige natuur D301
2,50
D302 D303 D304
2,80 2,00 2,00
D305
2,00
D306
2,00
D309 D310 D311 D312 D313 D315 D316 D317 D318
0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50
0,00 - 1,00 1,50 - 2,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,70 0,70 - 1,00 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,30 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Boring D319
Diepte boring (m -mv) 0,50
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Zand
sporen hout, sporen baksteen
Zand
sporen kolengruis
0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 1,00 - 2,00 0,00 - 0,40 0,70 - 1,00 1,00 - 2,00 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 1,00 - 2,00 0,00 - 0,50 0,50 - 1,00 1,00 - 2,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Zand Veen Zand Zand Zand Zand Zand Veen Zand Zand Veen Zand Veen Veen Veen
sporen hout sporen hout resten hout sporen hout resten planten resten planten sporen hout, sporen baksteen sporen hout resten planten sporen hout sporen hout resten planten resten planten resten planten resten planten
0,20 - 0,50 0,10 - 0,50
Zand Zand
0,50 - 0,70 0,80 - 2,00 0,00 - 0,50 1,00 - 1,50 0,50 - 0,70 0,10 - 0,40
Zand Zand Zand Zand Zand Zand
0,40 - 0,60 0,60 - 1,00 0,00 - 0,05 0,05 - 0,50 0,50 - 1,00 0,00 - 0,20 0,70 - 1,20 0,00 - 0,10 0,00 - 0,05 0,05 - 0,30 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,05 0,50 - 1,00 0,00 - 0,05 0,05 - 0,30 0,30 - 0,50 0,50 - 1,00
Zand Zand
sporen baksteen zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend sporen baksteen matig puinhoudend sporen baksteen sporen baksteen zwak baksteenhoudend, zwak afvalhoudend zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend Gebroken asfalt sterk baksteenhoudend sporen baksteen Gebroken asfalt sporen baksteen Gebroken asfalt Gebroken affalt volledig puin Gebroken asfalt sporen baksteen Gebroken asfalt sporen baksteen Gebroken asfalt matig puinhoudend, matig afvalhoudend zwak puinhoudend sporen baksteen
Zand Zand
sporen puin, sporen baksteen Boring gestaakt i.v.m. ondoordringbare laag uiterst puinhoudend, Gebroken puin uiterst puinhoudend, Gebroken puin uiterst puinhoudend, Gebroken puin uiterst puinhoudend, Gebroken puin
D4. Nieuwe op/afrit tpv huidige groenstrook D402
2,00
0,30 - 0,80
D5. Landbouwroute tpv gedeelte Baggerweg D501
2,00
D502
2,00
D503
2,00
D504
2,00
D506 D507 D508
0,50 0,50 0,50
D6. Terrein nieuwe fietslus D601 D602
4,10 2,00
D603
2,00
D604 D605
1,00 1,00
D606
1,00
D607
1,20
D608 D609
1,00 1,00
D610
1,00
D611
1,00
D612
1,00
Zand Zand Zand
Zand Zand
Zand Zand
D7. Nieuwe fietstunnel D701
4,30
0,50 - 2,00 4,00 - 4,30
D704 D706_N D707 D708
1,00 0,80 0,70 0,70
0,00 - 0,35 0,00 - 0,31 0,00 - 0,22 0,00 - 0,20
D10. Inrit onderhoudspad waterschap D1001 H01
3,00 0,70
0,00 - 0,50 0,00 - 0,18
Zand -
H02 H03 H04 Waterbodem WB1604 WB1606 WB1610
0,65 0,70 0,70
0,00 - 0,13 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20
-
sporen baksteen uiterst puinhoudend. Gebroken puin. worteldoek uiterst puinhoudend. Gebroken puin uiterst puinhoudend. Gebroken puin uiterst puinhoudend. Gebroken puin
0,15 0,15 0,45
0,00 - 0,15 0,00 - 0,15 0,00 - 0,12 0,18 - 0,45
Zand Zand Zand Zand
sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen
Projectnaam:N270 Via Venray Projectnr.417318.13 30-05-2018 Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
1001 18-4-2018 Ron Theelen 31,00 33,00
0
0
berm
6
2
50
1002 18-4-2018 Ron Theelen 32,00 30,00
0
Uiterst puinhoudend, neutraalbruin, Graven, Gat 31x33x70, puintotaal 75%, 45%>20mm, geen avm
1 5
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
0
2 50
berm Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk puinhoudend, zwak grindhoudend, neutraalbruin, Graven, Gat 32x30x50, puintotaal 20%, 5%>20mm, geen avm
1
5
70
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
3 100
3
4
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
4 150
150
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
100
100
1003 18-4-2018 Ron Theelen 0,00 0,00
0 1
berm
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor
50
3
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
0
2 50
70
4
1004 18-4-2018 Ron Theelen 0,00 0,00
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor
0
2 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor
3 100
100 4
120
5 5 150
150
Bijlage: 1
Pagina1 / 78
150
Schaal1: 50
berm Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, lichtbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
100
150
150
150
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, lichtbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
getekend volgens NEN 5104
Projectnaam:N270 Via Venray Projectnr.417318.13 30-05-2018 Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
1004_N 30-4-2018 Guus Niëns 0,00 0,00
0
0
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
gras
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
1
2 70
berm
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
2 Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, grijsbruin, Edelmanboor
50
50 3
Grind, fijn, uiterst zandig, grijsbruin, Edelmanboor
3
100
0
5
40
50
1005 18-4-2018 Ron Theelen 31,00 32,00
100
100
4
150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, grijsgeel, Edelmanboor
120
Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalbruin, Edelmanboor, Boring gestaakt ivm kabel of leiding, 1x verplaatst en op zelfde diepte kabel of leiding
Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk puinhoudend, neutraalbruin, Graven, Gat 31x32x50, puintotaal 25%, 20%>20mm, geen avm
4 150
150
5 200 6 250 7 300 8 350 9
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
370
1006 18-4-2018 Ron Theelen 0,00 0,00
0 1
Nummer gat: Datum: Boormeester: Lengte gat: Breedte gat:
1007 18-4-2018 Ron Theelen 0,00 0,00
0
berm
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor
2
2 50
0
0
berm
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor