11b Mail 2 provincie
Tekst van het document
Beste Ellen,
Ik heb de Vergadering Commissie Wonen 25-01-2022 teruggekeken en hoorde nog diverse punten voorbij komen waarover onduidelijkheid schijnt te bestaan. Hierbij stuur ik je ambtelijk informatie, om één en ander te verduidelijken. 1. Er werd geciteerd naar het aspect dat door initiatiefnemer is aangegeven in de aanvraag dat er geen sprake was een rendabel project. En dat als dit project niet zou doorgaan ook de mestbewerking van zijn eigen mest op basis van de huidige vergunning niet zou kunnen doorgaan omdat het niet rendabel is. Hierbij worden echter twee zaken door elkaar gehaald. De mestbewerking van eigen mest op basis van de huidige vergunning vindt plaats middels compostering en kan wel financieel ondersteund worden door initiatiefnemer. Na het verkrijgen van vigerende vergunning zijn technieken en inzichten veranderd (dit wordt ook aangegeven op pag. 32 van de toelichting behorende bij de aanvraag). Hier is door initiatiefnemer besloten te kiezen voor een andere en vooral milieutechnische betere installatie. Deze nieuwe installatie is echter niet rendabel bij verwerking van enkel eigen mest. De nieuwe installatie vergt een grotere investering dan de vergunde installatie. De nieuwe installatie wordt pas rendabel als deze continu in bedrijf is. 2. Aangehaald werd dat de geursituatie verslechterd. Door het nieuwe initiatief wordt de geursituatie juist beter voor de omgeving.
Er wordt regelmatig gerefereerd naar de overbelaste situatie. Het nieuwe plan heeft tot gevolg dat ook het aantal dieren binnen de inrichting wordt verkleind (93 vleesvarkens minder) en een andere reinigingstechniek (namelijk een chemische luchtwasser) wordt toegepast. Hierdoor neemt de geurbelasting als gevolg van het houden van dieren binnen de inrichting af, zie onderstaande figuur afkomstig bij de aanvraag.
Indien het plan er niet zou komen, zou juist sprake zijn van hogere geurbelasting. Het nieuwe plan verlaagd juist de geurbelasting op de omgeving. Gezien dit feit is het plan ook vergunbaar omdat bij afnamen voldaan wordt aan beide voorwaarden zoals opgenomen in artikel 3, derde lid van de Wet geurhinder en veehouderij.
De mestverwerking in de huidige situatie bestaat uit een composteringsproces waarbij de mest meer contact heeft met de buitenlucht. Echter, door het toepassen van de nieuwe technieken, in een meer gesloten proces (namelijk een vijzel) en de omstandigheid dat de gehele installatie ook nog eens in een hal staat waarvan de afgezogen lucht wordt gereinigd, neemt de geuremissie flink af.
De berekening van de geuremissie afkomstig van de mestverwerking is overigens niet uitgevoerd met V-Stacks (conform jurisprudentie moet en mag deze enkel voor dieren gebruikt worden) maar is deze verricht middels Pluim plus V4.7 (ook aangegeven door jurisprudentie). Ter vergelijking: algemeen wordt in Nederland een grens van 0,5 Oue/m3 gehanteerd omdat onder deze waarde geur niet kan worden waargenomen (Provincie ZuidHolland - Kenniscentrum InfoMil). Oftewel de hoogste berekende waarde van 0,15 ligt onder de 0,5 Oue/m3. Dit tekent dat de geur afkomstig van de mestbewerkingsinstallatie nog niet eens kan worden waargenomen in de beoogde situatie. De geur die in de omgeving wordt waargenomen is dus afkomstig van het houden van dieren en Arts-Swinkels is niet de enige veeboer in de omgeving. 3. Ook werden vraagtekens gezet bij de behoefte naar mest verwerking in de omgeving en de afstand waarover dit zou moeten plaatsvinden. Er is reeds een document aangeleverd waaruit blijkt dat er wel degelijk een behoefte is voor mestverwerking in de buurt. Hetgeen gesteld wordt dat veel vergund is en er dus ruimte is, kan niet zo gesteld worden. Veel van de beoogde plannen zullen geen doorgang vinden ook al zijn ze vergund. Dit komt mede door de aard van deze projecten die grootschalig zijn en financiering hiervoor lastig te verkrijgen is.
Kijkende naar de daadwerkelijk al gerealiseerde mestverwerkingscapaciteit is er sprake van een tekort. Met betrekking tot de afstand is juist aansluiting gezocht bij de regionale visie land- en tuinbouw Noord-Limburg waar ook Venray deel van uit maakt. Hierin zijn regionale afspraken over mestverwerking vastgelegd. Het alleen verwerken van mest uit de direct omgeving, zoals straat of 2 km heeft zware impact om überhaupt een mestverwerkingsplan rendabel te krijgen. Ook de aangehaalde grens van 50% eigen mest en 50% mest van derden is geen officieel beleidsstandpunt van de gemeente en kan geen aanleiding zijn om mestverwerking van derden al dan niet toe te staan.
Hopelijk helpt bovenstaande informatie om de vragen die er spelen te verhelderen.
Met vriendelijke groeten, S.T.E. (Sven) Scheijen Vergunningverlener / Afdeling Vergunningen RUD Zuid-Limburg