CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

11 HMB Vooronderzoek Oude Heerweg 11

Gemeenteraad 28 september 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Oude Heerweg 7-11 Blitterswijck.3.430 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORONDERZOEK Oude Heerweg 11 Blitterswijck kenmerk HMB B.V.: 21209602H

VOORONDERZOEK Oude Heerweg 11 Blitterswijck kenmerk HMB B.V.: 21209602H

opdrachtgever:

ReVeJa B.V. te Venlo

datum rapport:

3 maart 2021

kenmerk:

21209602H

status:

Definitief

uitgevoerd door:

HMB B.V.

projectleider:

John Peeters | j.peeters@hmbgroep.nl

rapporteur:

Gideon Aarts

autorisatie:

Wilfred van der Sterren

HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING ......................................................................................................... 4

2

ONDERZOEKSLOCATIE ......................................................................................... 5 2.1 Algemeen ................................................................................................. 5 2.2 Huidig gebruik (gebiedsinspectie) ................................................................ 5 2.3 Historisch gebruik (archiefonderzoek) ........................................................... 6 2.4 Toekomstig gebruik ................................................................................... 6

3

VOORONDERZOEKSGEBIED .................................................................................. 7 3.1 Algemeen ................................................................................................. 7 3.2 Bodeminformatie ....................................................................................... 7 3.3 Achtergrondgehalten.................................................................................. 8

4

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................... 9

5

CONCLUSIES .................................................................................................... 10

BIJLAGEN 1 | Verklarende woordenlijst 2 | Geraadpleegde bronnen 3 | Situatietekening bodemonderzoek Berkenstraat 1 (1996) 4 | Foto’s, historisch topografische kaarten en luchtfoto 5 | Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening

Vooronderzoek

1

INLEIDING

In opdracht van ReVeJa B.V. te Venlo is door HMB B.V. in februari 2021 een vooronderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich aan de Oude Heerweg 11 te Blitterswijck. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. Het voornemen is om (drie) woningen te realiseren op de onderhavige locatie. Doelstelling Het doel van het vooronderzoek is vast te stellen of er aanleiding is om bodemverontreiniging te verwachten binnen de beschouwde locatie. Indeling rapport In de rapportage worden de uitvoering en resultaten van het onderzoek besproken. In de hoofdstukken 2 en 3 wordt de verzamelde informatie van de onderzoekslocatie en het vooronderzoeksgebied (de omgeving) weergegeven. Hoofdstuk 4 bevat een beschrijving van de bodemopbouw en de geohydrologie. Tenslotte worden de conclusies in hoofdstuk 5 weergegeven. Normering en verantwoording De te hanteren werkwijze voor uitvoering van het historisch onderzoek is gebaseerd op de NEN 57251. Het eventueel gegeven ‘op maat gesneden plan’ voor bodemonderzoek is gebaseerd op de NEN 57402. Onder bijlage 1 is, gebaseerd op de NEN 5740, een ‘Verklarende woordenlijst’ opgenomen. Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Opgemerkt wordt dat HMB B.V.

geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de beschouwde locatie.

1 2

NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 NEN 5740+A1, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2016

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

4

Vooronderzoek

2

ONDERZOEKSLOCATIE

2.1

Algemeen

De in dit hoofdstuk genoemde informatie over de onderzoekslocatie (het geografische gebied waarover een besluit moet worden genomen) is gebaseerd op de resultaten van het raadplegen van diverse bronnen. Een overzicht van de geraadpleegde bronnen is opgenomen in bijlage 2. De onderzoekslocatie wordt gevormd door het perceel gelegen aan de Oude Heerweg 11 te Blitterswijck. Het perceel is momenteel bebouwd met een woonhuis en ligt voor het overige braak. Enkele (topografische) gegevens omtrent de onderzoekslocatie zijn weergegeven in tabel 1. Tabel 1

Topografische en algemene gegevens locatie

Algemeen Adres onderzoekslocatie

Oude Heerweg 11 Blitterswijck

Gemeente

Venray

Kadastrale aanduiding

Gemeente Wanssum, sectie E, perceel 605*

Oppervlakte perceel

1.095 m²

Oppervlakte onderzoekslocatie

1.095 m²

X-coördinaat

205.106

Y-coördinaat

393.608

*

=

ten aanzien van dit perceel zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is

Voor de lokale ligging wordt verwezen naar bijlage 4, uittreksel kadastrale kaart. Hier is tevens een situatietekening opgenomen. 2.2

Huidig gebruik (gebiedsinspectie)

Inrichting gebied Op 25 februari 2021 is het terrein aan de Oude Heerweg 11 geïnspecteerd. In bijlage 4 zijn de hierbij genomen foto’s opgenomen. Aan de Oude Heerweg 11 is een woonhuis gesitueerd. De locatie is verder braakliggend en licht begroeid met kruid. Informatie opdrachtgever / eigenaar en gemeente Bij de opdrachtgever / eigenaar van de locatie zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot bodembedreigende activiteiten als (ondergrondse) brandstoftanks, calamiteiten, ophogingen of dempingen welke aanleiding kunnen geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Asbest Tijdens de inspectie van de onderzoekslocatie is expliciet gelet op het voorkomen van asbestverdachte materialen op het maaiveld en / of aan de buitenzijde van de aanwezige bebouwing. Op het maaiveld en aan de bebouwing zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Verder zijn er ook geen aanwijzingen verkregen voor de aanwezigheid van asbest in de bodem van de locatie. 21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

5

Vooronderzoek

2.3

Historisch gebruik (archiefonderzoek)

Historisch gebruik Uit oude topografische kaarten en de BAG viewer blijkt dat op het noordoostelijke deel van de onderhavige locatie sinds begin 20ste eeuw bebouwing aanwezig is. Het overige gedeelte van het perceel is volgens de historische topografische kaarten niet bebouwd geweest. Verleende vergunningen Bij de gemeente Venray zijn voor de Oude Heerweg 11 geen verleende vergunningen in het kader van de Bouwverordening, de Hinderwet en/of Wet Milieubeheer bekend. Bodembedreigende activiteiten Bij de gemeente zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten als (ondergrondse) brandstoftanks, calamiteiten, ophogingen of dempingen welke aanleiding kunnen geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Expliciete bronnen van PFAS (inclusief GenX) zijn niet bekend Verder zijn er geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten als (ondergrondse) brandstoftanks, calamiteiten, ophogingen of dempingen welke aanleiding kunnen geven om bodemverontreiniging te plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Bodeminformatie In 1996 is op de onderhavige locatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd(INBodem, rapportcode: BLITVOE 14.06.1996, 14 juni 1996,). Aanleiding voor het onderzoek is een eigendomsoverdracht.

Uit dit onderzoek blijkt dat in de bovengrond lichte verontreinigingen met koper, zink en PAK zijn aangetoond. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond en in het grondwater zijn een matig verhoogd gehalte nikkel en licht verhoogde gehalten cadmium en chroom aangetoond. Op grond van de onderzoeksresultaten kan geconcludeerd worden dat er vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen bezwaren bestaan tegen de geplande eigendomsoverdracht. 2.4

Toekomstig gebruik

Het voornemen is ter plaatse van de onderzoekslocatie (drie) woningen te realiseren.

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

6

Vooronderzoek

3

VOORONDERZOEKSGEBIED

3.1

Algemeen

De in dit hoofdstuk genoemde informatie over het vooronderzoeksgebied (kortweg omgeving) is gebaseerd op de resultaten van het raadplegen van diverse bronnen. Een overzicht van de geraadpleegde bronnen is opgenomen in bijlage 2. Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en een ‘strook grond’ hieromheen tot een afstand van maximaal 25 meter. In tabel 6 zijn de adressen (voor zover bekend) en / of een omschrijving van het gebruik ter plaatse weergegeven. Tabel 2

Omliggende percelen

Windrichting

Adres

Gebruik

Noorden

Oude Heerweg

Openbare weg

Westen

Oude Heerweg 13

Woning met tuin

Oosten

Oude Heerweg 5

Woning met tuin

Zuiden

Monseigneur Martenssatraat 7- 11

Woningen met tuin

Gebruik De onderzoekslocatie is gelegen in een omgeving welke te karakteriseren is als woongebied. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Verleende milieuvergunningen Bij de gemeente Venray zijn geen verleende vergunningen in het kader van de Hinderwet en/of Wet Milieubeheer bekend. Bodembedreigende activiteiten Bij de gemeente zijn enkele gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten welke aanleiding kunnen geven bodemverontreiniging te plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Relevante informatie hierover is opgenomen in de volgende paragraaf (3.2 Bodeminformatie). 3.2

Bodeminformatie

Van de omgeving zijn enkele bodemonderzoeken bekend. Deze onderzoeken hebben allemaal betrekking op het perceel dat nu bekend als Berkenstraat 1. In 1996 is een verkennend bodem- en wateronderzoek uitgevoerd (Het Milieuburo, rapportnummer: 96-449-33, 3 september 1996). Aanleiding voor het onderzoek is de verkoop van het perceel voor nieuwbouw. In de bovengrond zijn licht verhoogde waarden zink en PAK geanalyseerd. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen. In het grondwater is cadmium licht verhoogd en zink boven de interventiewaarde aangetoond. Het is niet uit te sluiten dat voormalige bedrijfsactiviteiten ten westen (verffabriek) van de onderzoekslocatie hier aan hebben bijgedragen. Het aangetoonde zinkgehalte in de bovengrond betekend dat het perceel niet geschikt is voor milieugevoelige activiteiten zoals bouw van een woning. In februari 1997 is een nader onderzoek uitgevoerd (Het Milieuburo, rapportnummer 96-6864, 17 februari 1997,). Aanleiding is de - in de voorgaande alinea – genoemde concentratie zink in de bovengrond. Geconcludeerd wordt dat de laag 0-0,5 m-mv een licht verhoogde

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

7

Vooronderzoek

concentratie zink aanwezig is. In het traject van 0,5 - 0,75 m-mv worden geen verhoogde zinkconcentraties aangetoond. De totale verontreinigde grond wordt geschat op 265 m2 . Om de mogelijkheden van hergebruik te bepalen is de grond getoetst. Op basis van de toets is de grond te kwalificeren als categorie 1 grond. Categorie 1 grond kan zonder isolerende voorzieningen worden toegepast. In april 1997 is een aanvullende grondwateronderzoek uitgevoerd (Het Milieuburo, kenmerk: 97255_16HH, 17 april 1997). Aanleiding voor dit onderzoek is dat het bevoegd gezag noodzakelijk acht om van het instroomgebied en de bestaande peilbuis de kwaliteit van het freatische grondwater in kaart te brengen. Conclusie is dat de concentratie bij het instroomgebied aanzienlijk hoger is dan in het uitstroomgebied. Conclusie is dat de bron / oorzaak van de verontreiniging buiten het terrein gezocht dient te worden. Na de bouw van de woning aan Berkenstraat zijn nog bodemonderzoeken uitgevoerd naar aanleiding van de opgebrachte teelaarde. Destijds werd getwijfeld aan de kwaliteit van de opgebrachte teelaarde. De grond (0-0,5 m-mv) met de zink concentratie is afgevoerd, waarna teelaarde is opgebracht. Van deze handeling zijn geen gegevens bekend bij de gemeente. In 1998 is een bodemonderzoek (Bureau MHO, kenmerk: B.98035.PV, september 1998) uitgevoerd.

Aanleiding is de twijfel van de kwaliteit van de opgebrachte grond. Door middel van een depotbemonstering (100 grepen) is de kwaliteit van de bovengrond geanalyseerd. Uit de resultaten blijkt dat de gecorrigeerde streefwaarden voor bepaalde stoffen die bekend staan als insecticide worden overschreden. De grond wordt als niet schoon gekwalificeerd. In 1998 is een aanvullend bodemonderzoek (Bureau MHO, kenmerk: B.98035.PV-2, december 1998) uitgevoerd. Aanleiding is om de voortuin te vergelijken met de achtertuin. In de achtertuin heeft de eigenaar van het perceel zelf potgrond, afkomstig van een tuindersbedrijf, aangebracht. Het is bekend dat potgrond pesticide kan bevatten. De voor- en achtertuin verschillen niet significante in de concentraties bestrijdingsmiddelen (DDT/DDE/DD en dieldrin). Gelet op de stromingsrichting van het freatisch grondwater (noordoostelijk) en instroom- en uitstroomwaarde van voorgaand onderzoek is de onderhavige locatie niet verdacht voor een mogelijke bron van verontreiniging naar aanleiding van de bodemonderzoeken in de omgeving. Binnen de omgeving worden geen bodemverontreinigingen bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie is aangetast. 3.3

verwacht

waardoor

de

Achtergrondgehalten

De regio Limburg Noord, waaronder de gemeente Venray, beschikt over een (regionale) bodemkwaliteitskaart. Ter plaatse van de onderzoekslocatie wordt de bovengrond – volgens de ontgravingskaarten – ingedeeld in de ontgravingskwaliteit ‘wonen’. De ondergrond wordt – volgens de ontgravingskaarten – ingedeeld in de ontgravingskwaliteit ‘wonen’.

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

8

Vooronderzoek

4

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

De locatie ligt globaal op 16 m+NAP. Voor het bepalen van de bodemopbouw en geohydrologische situatie zijn gegevens uit de Grondwaterkaart van Nederland geraadpleegd, de Bodemkaart van Nederland en / of het DINOloket geïnterpreteerd en verwerkt. In tabel 3 is de geohydrologische indeling van de bodem tot 100 m-mv schematisch weergegeven Tabel 3

Bodemopbouw en geohydrologische situatie

Formatie

Diepte

Samenstelling

(m-mv)

Formatie van Boxtel

0–4

Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus

Formatie van Beegden

4 – 15

Zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, fijn tot grof, lokaal zandig

Kiezeloöliet Formatie

15 – 36

Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig, klei, lokaal siltig tot zandig

Formatie van Breda

18 - >100

Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend, lokaal schelphoudend

Het freatisch grondwater bevindt zich dieper dan 3 m-mv. Uit het isohypsenpatroon van de grondwaterkaart wordt aangenomen dat de stromingsrichting van het freatisch grondwater noordoostelijk gericht is (richting de Maas). De onderzoekslocatie grondwaterwingebied.

bevindt

zich

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

niet

in

een

grondwaterbeschermings-

of

9

Vooronderzoek

5

CONCLUSIES

Op basis van het vooronderzoek kan worden geconcludeerd dat op de onderzoekslocatie geen bodemverontreinigingen of bodembedreigende activiteiten bekend zijn die de bodemkwaliteit negatief hebben beïnvloed. De onderzoekslocatie kan derhalve als onverdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging worden beschouwd. Ter plaatse wordt, met uitzondering van de bekende verhoogde achtergrondgehalten, geen bodemverontreiniging verwacht. Binnen het vooronderzoeksgebied is verder geen sprake van deellocaties welke verdacht zijn ten aanzien van bodemverontreiniging. Ter plaatse wordt dan ook geen bodemverontreiniging verwacht welke zich uitstrekt tot binnen de onderzoekslocatie.

21209602H | Oude Heerweg 11 Blitterswijck

10

Bijlage | 1

Verklarende woordenlijst

VERKLARENDE WOORDENLIJST1 achtergrondwaarden voor grond en baggerspecie bij regeling vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingbronnen. Deze waarden zijn (door gemeenten) vastgesteld in het project ‘achtergrondwaarden 2000 (AW 2000)’. De achtergrondwaarden vervangen met ingang van 1 oktober 2008 de streefwaarden voor grond. asbestverdacht materiaal materiaal waarvan op basis van voorkennis en/of een beoordeling met het blote oog wordt verwacht een zodanige hoeveelheid asbest te bevatten dat de vigerende norm mogelijk wordt overschreden. Laboratoriumonderzoek zal moeten uitwijzen of het materiaal daadwerkelijk asbest bevat. bodem vast deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. deellocatie voor het onderzoek afgekaderd gedeelte van de totale onderzoekslocatie, waarop een afzonderlijke onderzoekshypothese en onderzoeksstrategie van toepassing zijn. diffuse bodembelasting in relatie tot de onderzoeksschaal, gelijkmatige belasting van de bodem over een groter gebied. Bij een diffuse bodembelasting is over het algemeen geen duidelijke verontreinigingskern aanwezig.

grond vast materiaal en bestaande uit minerale delen met een maximale korrelgrootte van 2 mm en organische stof in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature wordt aangetroffen, alsmede van nature in de bodem voorkomende schelpen en grind met een korrelgrootte van 2 mm tot 63 mm, met uitzondering van baggerspecie Indien er sprake is van een bijmenging van meer dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal is er geen sprake meer van grond maar van een bouwstof, verhardingsmateriaal of een verhardingslaag. grootschalige onverdachte locatie onverdachte locatie groter dan 1,0 ha, die altijd eenzelfde, extensief gebruik heeft gehad. Dit betreft bijvoorbeeld een natuurgebied of een landbouwgebied met één gebruiksvorm en weinig tot geen bebouwing. heterogeen verdeelde verontreinigende stof verontreinigende stof die wordt gekenmerkt door matig tot veel variatie op de schaal van monsterneming. homogeen verdeelde verontreinigende stof verontreinigende stof die wordt gekenmerkt door geen of weinig variatie op de schaal van monsterneming. hypothese veronderstelling over de aard en verdeling van (een) verontreinigende stof(fen) bodemonderzoeksgebied die wordt gebruikt voor het bepalen van de onderzoeksstrategie.

in

het

interventiewaarde waarde waarmee voor verontreinigende stoffen in grond en grondwater het concentratieniveau wordt aangegeven waarboven sprake is van ernstige vermindering of dreigende vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. lijnvormig element langwerpige strook landbodem met een lengte die minimaal 100 maal groter is dan de maximale breedte. mengmonster monster verkregen door het in het laboratorium mengen van in het veld verkregen afzonderlijke grondmonsters.

1

Bron: NEN 5740

nader onderzoek onderzoek in het kader van de saneringsparagraaf Wet bodembescherming, volgend op een verkennend of oriënterend bodemonderzoek, waarbij het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging is ontstaan. Het doel van het nader onderzoek is het vaststellen van de aard en concentratie van de verontreinigende stoffen en de omvang van de bodemverontreiniging om, in het licht van blootstellings- en verspreidingsrisico’s, te bepalen of er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging en om de spoedeisendheid van sanering vast te stellen. ondergrond bodemlaag die zich bevindt onder de actuele contactzone en die normaal niet wordt beroerd door bewerkingen, zoals ploegen, omspitten en harken. Voor de actuele contactzone/de bovengrond wordt in het kader van deze norm een standaarddikte van 50 cm gehanteerd. Derhalve bevindt de ondergrond zich op een diepte vanaf 50 cm van het maaiveld. onderzoekslocatie grondgebied dat wordt onderzocht op de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Per locatie kunnen meer onderzoekshypotheses en daarop gebaseerde onderzoeksstrategieën van toepassing zijn. Een locatie kan in die situatie worden opgesplitst in deellocaties waarbij per deellocatie één eenduidige onderzoekshypothese en daarop gebaseerde onderzoeksstrategie van toepassing is. Verschillende deellocaties kunnen elkaar overlappen.

onderzoeksstrategie opzet van het verkennend bodemonderzoek waarin het aantal te nemen monsters, de plaatsen op de locatie waar deze behoren te worden genomen en de stoffen die in deze monsters behoren te worden bepaald, is vastgelegd. onverdachte locatie locatie waarvan uit het vooronderzoek geen concrete aanwijzingen zijn voortgekomen dat de bodem van die locatie of een deel daarvan is verontreinigd met één of meer stoffen. NEN 5740 algemeen toegepaste Nederlandse norm voor verkennende bodemonderzoeken op verdachte en nietverdachte locaties. nulsituatie-onderzoek met dit onderzoek wordt een referentiekader vastgelegd voor eventueel toekomstige bodemverontreinigingen ter plaatse van zogenaamde ‘potentieel bodembedreigende activiteiten’. Dergelijk onderzoek kan in het kader van de Wet Milieubeheer opgelegd worden. Verontreinigingen die optreden na het nulsituatie-onderzoek moeten terstond worden opgeruimd. Het bevoegd gezag is veelal de gemeente. potentieel verontreinigende activiteiten activiteiten die kunnen leiden tot bodembelasting, met als mogelijk gevolg bodemverontreiniging. somparameter parameter die wordt berekend als de som van de concentraties van een aantal gespecificeerde stoffen. Een voorbeeld is de som van een aantal polycyclische aromatische koolwaterstoffen (‘som-PAK’s’).

streefwaarden grondwater aanduiding van het ijkpunt voor de milieukwaliteit voor de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem waarbij voor metalen onderscheid wordt gemaakt tussen diep en ondiep grondwater. tussenwaarde Voor grond: het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. Voor grondwater: het rekenkundig gemiddelde van de streefwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek wordt uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat. verdachte locatie locatie waarvoor op grond van het vooronderzoek concrete aanwijzingen bestaan dat die locatie, of een deel ervan is verontreinigd met een of meer stoffen.

verkennend (bodem)onderzoek bodemonderzoek dat ten doel heeft met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op een bepaalde locatie bodemverontreiniging aanwezig is. verontreinigingskern (vermoedelijke) centrum van het (als gevolg van een plaatselijke bodembelasting) verontreinigde deel van de bodem. vooronderzoek het op basis van de NEN 5725 verzamelen en interpreteren van informatie over het voormalige, huidige en (eventueel) het toekomstige gebruik, bodemopbouw en geohydrologie en financieel-juridische aspecten in een bepaald geografisch gebied. Op basis van de verzamelde gegevens wordt een totaalbeeld gevormd en worden conclusies getrokken over de afbakening van de locatie voor het bodemonderzoek, de eventuele onderverdeling van de onderzoekslocatie in deellocaties en de te hanteren onderzoekshypothese per deellocatie. vooronderzoeksgebied het gebied waarop het vooronderzoek betrekking heeft.

Bijlage | 2

Geraadpleegde bronnen

Informatiebron

Geraadpleegd (ja, omschrijving bron/nee)

Motivatie niet geraadpleegd

Datum raadpleging

Historische en huidig gebruik locatie en omgeving Archief bouwvergunningen

Ja

-

25-02-2021

Archief Hinderwet

Ja

-

25-02-2021

Archief ondergrondse tanks

Ja

-

25-02-2021

Archief Wet Milieubeheer

Ja

-

25-02-2021

Historische topografische kaart

Ja

-

25-02-2021

Informatie eigenaar/bewoner

Ja

-

25-02-2021

Informatie gemeente/omgevingsdienst

Ja

-

25-02-2021

Internet (bodemloket, Kadaster, provinciale site)

Ja

-

25-02-2021

Luchtfoto

Ja

-

25-02-2021

Inspectie

Ja

-

25-02-2021

Toekomstig gebruik

Ja

-

25-02-2021

Overige, namelijk:

Nee

-

Nvt

Bodeminformatie, calamiteiten, verhardingen e.d. locatie en omgeving Inspectie

Ja

-

25-02-2021

Informatie eigenaar/bewoner

Ja

-

25-02-2021

Informatie gemeente/milieudienst

Ja

-

25-02-2021

Verhardingen/kabels en leidingen

Nee

-

Nvt

Ja, TNO, DGV

-

25-02-2021

Ja

-

25-02-2021

Bodemopbouw en geohydrologie Grondwaterkaart Nederland DINOloket

Bijlage | 3

Situatietekening bodemonderzoek Berkenstraat 1 (1996)

Bijlage | 4

Foto’s, historisch topografische kaarten en luchtfoto

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Foto 4

Foto 5

Foto 6

Historische topografische kaart: 1900

Historische topografische kaart: 1950

Historische topografische kaart: 2020

Luchtfoto:2020

Bijlage | 5

Uittreksel kadastrale kaart en situatietekening

Kadastrale kaart

Uw referentie: 21209602H

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 500

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Wanssum E 605

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 4 februari 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

2

3

13

Ou

de

Hee r

weg

1

11

water grond

LEGENDA

6

1

Fotonummer

25

Huisnummer Onderzoekslocatie Bebouwing (buitenmuur) Perceelsgrens (Kadaster)

5

4

Locatie:

Blitterswijck, Oude Heerweg 11

Type:

Historisch vooronderzoek

Omschrijving:

Situatietekening

Projectnr:

21209602H

Getekend:

A3

GA

1:200

0

Datum:

2m

HMB B.V. Bezoekadres: Telefoon: E-mail: Internet:

Aan de maten kunnen geen rechten worden ontleend.

TEK01_21209602H

Formaat: Schaal:

5

Bestandsnaam:

Voltaweg 8 5993 SE Maasbree 077 - 465 28 08 info@hmbgroep.nl www.hmbgroep.nl

04-02-2021

Tekeningnr:

1 10m

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10482308/1