10 2A Toelichting Lollebeekweg 49 Castenray
Tekst van het document
4.1
LOCATIE LOLLEBEEKWEG 49, CASTENRAY
4.1.1 Bestaande situatie Initiatiefnemer, exploiteerde een varkenshouderij en akkerbouwbedrijf aan de Lollebeekweg 49 5811AJ Castenray. Kadastraal gelegen gemeente Venray, sectie P, nummer 635 (bedrijfswoning, 2.500 m2) en 636 (27.950 m2).
Afbeelding 1: huidige situatie.
Afbeelding 2: topografische kaart (bron: topokaartnederland.nl).
Initiatiefnemer participeert aan de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv). Dit betekent dat de varkenshouderij op deze locatie volledig dient te worden gesaneerd, de milieutoestemming voor het houden van varkens dient te worden ingetrokken en het bestemmingsplan dient dusdanig te worden gewijzigd dat het houden van varkens niet langer mogelijk is. Het totale bouwvlak van de locatie bedraagt ca. 9.000 m2. Hierbinnen zijn de bedrijfswoning en de intensieve veehouderij gelegen. De totale bebouwing, met uitzondering van de bedrijfswoning bedraagt ca. 1.700 m2. Hiervan is ca. 1.500 m2 behorende bij het varkensbedrijf, deze bedrijfsbebouwing wordt gesloopt zoals weergegeven in onderstaande afbeelding.
Afbeelding 3: te slopen bebouwing varkenshouderij.
4.1.2 Planvoornemen Initiatiefnemer is voornemens de huidige intensieve veehouderij te beëindigen en op de locatie verder te gaan met het reeds bestaande akkerbouwbedrijf met de toevoeging van het houden van zoogkoeien en schapen. Initiatiefnemer is voornemens op de locatie een loods en stal te realiseren ten behoeve van het akkerbouwbedrijf en de schapen- en zoogkoeienhouderij. Op dit moment zijn de precieze oppervlakte en plaatsing van de nieuw te realiseren loods en stal nog niet bekend. De omschakeling naar akkerbouw met schapen- en zoogkoeienhouderij is mogelijk binnen het huidige bestemmingsplan. Hierdoor is het voor de ontwikkeling niet noodzakelijk het bestemmingsplan te wijzigen. Enkel wordt via deze bestemmingsplanwijziging verzekerd dat er niet opnieuw een varkenshouderij kan worden gestart. Dit is een eis vanuit de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen. Overige blijft op dezelfde manier vastgelegd in het bestemmingsplan.
4.1.3 Toelichting van toepassing zijnde beleid/bestemmingsplan Op de locatie Lollebeekweg 49 is het bestemmingsplan Buitengebied Venray 2010 (vastgesteld op 14-12-2010) en de herziening regels (vastgesteld op 01-11-2016 en 20-09-2017) van toepassing. Op de locatie rust de enkelbestemming “Agrarisch met waarden”, deels de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie – 2”, deels de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie – 3”, deels de
dubbelbestemming “Waarde – Esgronden”, een bouwvlak aanduiding, deels de functieaanduiding “bedrijfswoning”, deels de functieaanduiding “Intensieve veehouderij”, deels de gebiedsaanduiding “agrarisch gemengd” en de gebiedsaanduiding “reconstructiegebied – verwevingsgebied”. Omdat met de wijziging van de bestemming enkel wordt voorkomen dat er nog een intensieve varkenshouderij kan worden gevoerd op de locatie, is een verdere beleidstoets niet relevant. Het nieuwe planvoornemen is reeds passend en toegestaan binnen het huidige bestemmingsplan.
4.1.4 Toelichting van de milieuaspecten Omdat met de wijziging van de bestemming enkel wordt voorkomen dat er nog een varkenshouderij kan worden gevoerd op de locatie, is een verdere toets aan milieuaspecten niet relevant. Ten opzichte van het huidige bestemmingsplan betekent dit slechts een beperking van eventuele milieueffecten, waardoor op voorhand uitgesloten kan worden dat de wijziging van de bestemming mogelijk negatieve effecten kan hebben voor milieuaspecten. Onderstaand zijn een aantal onderdelen verder uitgewerkt, voornamelijk in relatie tot de sloop van de aanwezige varkensstallen. 4.1.4.1 Wet Natuurbescherming Het plangebied is de afgelopen jaren in gebruik geweest als intensieve veehouderij en bevat derhalve in beginsel geen beschermde vegetatie en diersoorten. Er dient rekening gehouden te worden met het eventuele huidige voorkomen van de, op grond van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten. Voor de bepaling van de effecten en voor de beantwoording van de vraag of men in strijd komt met de Wet natuurbescherming, wordt de relatie gelegd tussen het initiatief met deze wet door waar mogelijk antwoord te geven op de volgende vragen: 1. Welke wettelijk beschermde soorten komen in het plangebied voor? Welke status hebben deze soorten? 2. Welke invloed heeft de geplande ingreep in het betreffende gebied op de beschermde soorten en de staat van instandhouding? 3.
Hoe dient omgegaan te worden met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig? Zoals eerder vermeld dienen de aanwezige bedrijfsgebouwen ten behoeve van de varkenshouderij gesloopt te worden. Voor aanvang van de sloopwerkzaamheden zal een Quickscan flora en fauna uitgevoerd worden ten behoeve van de sloop van de bedrijfsgebouwen. 4.1.4.2 Natura2000 De op de locatie gehouden dieraantallen en de daarbij behorende emissies en eventuele deposities op de omliggende Natura2000-gebieden (Maasduinen 10 km, Boschhuizerbergen 6 km en Deurnsche Peel en Mariapeel 8 km) nemen in de nieuwe situatie af ten opzichte van de bestaande intensieve veehouderij. Voor de locatie is een Nbw vergunning bekend voor het houden van de dieren genoemd in tabel 1. Op basis van de saneringsregeling Varkenshouderij kan een stoppende varkenshouderij intern salderen met de reeds bestaande Nbw vergunning met ten hoogste 15 % van de stikstofemissies uit de genoemde vergunning. Op basis van de in tabel 2 genoemde dieraantallen voldoet de locatie aan deze voorwaarde. Voor de locatie is met Aerius Calculator een indicatieve verschilberekening gemaakt. Deze is toegevoegd als bijlage 1.
Hierdoor kan uitgesloten worden dat de nieuwe situatie significante negatieve effecten heeft op de nabijgelegen Natura2000-gebieden.
Tabel 1: vergunde dieraantallen voor beëindiging intensieve veehouderij.
Tabel 2: Dieraantallen nieuwe situatie.
4.1.5 Toelichting van de aanpassingen op de verbeelding De wijziging op de verbeelding betreft enkel het wijzigen van de functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’ naar de functieaanduiding ‘agrarisch bedrijf’. Hiermee wordt enkel voorkomen dat een intensieve veehouderij nog gevoerd kan worden. Het voeren van een agrarisch bedrijf was tevens toegestaan onder de aanduiding ‘intensieve veehouderij’. Het bouwvlak blijft hetzelfde, zoals ook is aangegeven op eerdere tekening van de beoogde situatie. Dit bouwvlak is noodzakelijk voor de beoogde agrarische bedrijfsvoering. Ook de enkelbestemming, dubbelbestemmingen en gebiedsaanduiding worden niet gewijzigd.
4.1.6 Toelichting van de aanpassingen in de planregels De regels van de vigerende bestemmingsplannen worden niet gewijzigd.