CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

09 Laagheidseweg 10a Regels 15-01-21

Gemeenteraad 11 mei 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Laagheidseweg 10a Venray.4.627 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestemmingsplan Laagheidseweg 10a Venray Gemeente Venray

COLOFON Gegevens over het plan: Plannaam: Identificatienummer: Status: Datum: Projectnummer Buro SRO:

Laagheidseweg 10a Venray NL.IMRO.0984.BP20007-on01 ontwerp 15 januari 2021 36.90.01

Gegevens projectbetrokkenen: Planbegeleider: Contactpersoon opdrachtgever:

Michels Advies Dhr. J. Michels

Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO: Bezoekadres vestiging Arnhem: Telefoon: E-mail: Internet:

Dhr. L. Arends Sweerts de Landasstraat 50, 6814 DG te Arnhem 026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.buro-sro.nl

2

Laagheidseweg 10a Venray

Inhoudsopgave Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4 Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 Hoofdstuk 5 5.1 5.2 Hoofdstuk 6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

4 Inleiding Aanleiding voor het bestemmingsplan Ligging plangebied Leeswijzer Het initiatief Huidige situatie Toekomstige situatie Duurzame stedenbouw Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid Uitvoerbaarheid Milieu Water Ecologie Verkeer en parkeren Cultuurhistorie en archeologie Explosieven Economische uitvoerbaarheid Juridische planbeschrijving Algemeen Wijze van bestemmen Procedure Algemeen Handhaving Verslag vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro Verslag inspraak ex artikel 3.1.6 Bro Verslag zienswijzen

7 7 7 8 9 9 10 11 12 12 13 14 15 21 21 27 28 31 31 32 32 33 33 33 34 34 34 35 35 35

Bijlagen bij de toelichting

37

Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4

38 41 43 45

Verkennend bodemonderzoek Akoestisch onderzoek Voortoets aanlegfase Voortoets gebruiksfase

Laagheidseweg 10a Venray

3

46

Laagheidseweg 10a Venray

Regels

Laagheidseweg 10a Venray

47

48

Laagheidseweg 10a Venray

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

1.1 plan Het bestemmingsplan Laagheidseweg 10a Venray met identificatienummer NL.IMRO.0984.BP20007-on01 van de gemeente Venray. 1.2 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij horende bijlagen. 1.3 aanbouw Een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat. Het gebouw kan onderscheiden worden van het hoofdgebouw en is in architectonisch opzicht ondergeschikt aan het hoofdgebouw. 1.4 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.6 aan-huis-gebonden-bedrijf Het aan huis – geheel of overwegend door middel van handwerk – uitoefenen van een bedrijfsmatige activiteit bedrijvigheid in de cat. 1 en 2 als genoemd in de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering', dan wel naar de aard en de invloed op de omgeving daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid, die door zijn beperkte omvang in of bij de woning met behoud van woonfunctie kan worden uitgeoefend , met hieraan ondergeschikte en kleinschalige detailhandel welke direct in verband dient te staan met de ter plaatse toegestane bedrijfsactiviteiten.

1.7 aan-huis-gebonden-beroep Een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang, aard en intensiteit in of bij de woning met behoud van de woonfunctie (in ruimtelijke en visuele zin), uitgeoefend kan worden. 1.8 bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.9 bed & breakfast Recreatief nachtverblijf in de vorm van logies met ontbijt.

Laagheidseweg 10a Venray

49

1.10 bedrijf Een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen. 1.11 bedrijfsgebouw Een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf. 1.12 bestaand Ten tijde van de inwerkingtreding van het plan aanwezig. 1.13 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.14 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.15 bijgebouw Een al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw waarbij het behoort, dat niet toegankelijk is vanuit het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt en functioneel dienstbaar is aan dat hoofdgebouw. 1.16 bijbehorende bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegenaangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. 1.17 bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.18 bouwgrens De grens van een bouwvlak.

1.19 bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.20 bouwperceelgrens De grens van een bouwperceel. 1.21 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.22 bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

50

Laagheidseweg 10a Venray

1.23 burgerwoning Een woning bedoeld ter huisvesting van een huishouden, niet zijnde een woning behorend bij een (agrarisch) bedrijf of andere inrichting. 1.24 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ter verkoop, verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor eigen gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.25 eigen terrein Het terrein dat is uitgegeven in erfpacht, is verhuurd of in gebruik gegeven aan, dan wel in eigendom is van een natuurlijke persoon of rechtspersoon, welke de betreffende gronden gebruikt ten behoeve van een middels de regels van dit plan ter plaatse toegestane functie. 1.26 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.27 hartlijn Een denkbeeldige lijn in een symmetrisch vlak figuur of dito ruimtelijk object (omwentelingslichaam) die precies in het midden loopt. 1.28 herbouw Na algehele sloop van het bestaande gebouw (woning) wordt nagenoeg hetzelfde teruggebouwd. 1.29 hoofdgebouw Gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.30 horeca(voorziening) (Voorzieningen voor ) het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en etenswaren voor gebruik ter plaatse, het bedrijfsmatig exploiteren van een zaalaccomodatie, alsmede het bedrijfsmatig verstrekken van logies. 1.31 kamerverhuur Een samenstel van verblijfsruimten, uitsluitend of mede bestemd of gebruikt om daarin aan anderen dan aan de bewoner en de personen behorend tot diens huishouden, woonverblijf - niet in de zin van zelfstandige woongelegenheid - te verschaffen, al dan niet met gehele of gedeeltelijke verzorging. 1.32 kas Een agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de wanden en het dak voornamelijk bestaan uit glas of ander transparant materiaal en dienend tot kweken, trekken, vermeerderen, opkweken, overwinteren of verzorgen van vruchten, bloemen, groenten, planten of bomen. 1.33 logies Gelegenheid om te overnachten voor personen die elders hun hoofdverblijf hebben. 1.34 ondergronds Beneden het peil.

Laagheidseweg 10a Venray

51

1.35 peil a. Voor gebouwen waarvan: 1. de hoofdingang binnen 20 meter van de weg is gelegen en; 2. het oorspronkelijke maaiveld niet meer dan 0,50 meter afwijkt van de hoogte van de weg: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. In andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het oorspronkelijke maaiveld waarop het bouwwerk geplaatst is of wordt; met dien verstande dat, indien bestaande gebouwen afwijkend van de onder a. en/of b. genoemde gevallen zijn gerealiseerd, de bovenkant van de begane grondvloer van bestaande gebouwen als peil wordt beschouwd. 1.36 prostitutie Het zich (op de openbare weg respectievelijk op openbare ruimten of in een zich op de openbare weg resp. openbare ruimten bevindend voertuig) beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele dienste ten behoeve van een ander tegen vergoeding. (Straat)prostitutie is een aparte functie en valt derhalve op geen enkele wijze onder enige andere functie c.q. doeleinden c.q. bestemming zoals bedoeld dan wel omschreven in dit bestemmingsplan. 1.37 schuilgelegenheid Een overdekte ruimte die aan maximaal drie zijden is omsloten door wanden, waarvan dieren gebruik moeten kunnen maken in geval van weidegang, met als doel bescherming tegen extreme weersomstandigheden in zowel zomer als winter uit oogpunt van dierenwelzijn.

1.38 seksinrichting Een voor het publiek toegankelijk gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde dan wel onderkomen, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf, waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al of niet in combinatie met elkaar. Een seksinrichting is een aparte functie en valt derhalve op geen enkele wijze onder enige andere functie c.q. doeleinden c.q. bestemming zoals bedoeld dan wel omschreven in dit bestemmingsplan. 1.39 tijdelijke werknemers Tijdelijke werknemers die legaal (op grond van een EU paspoort of een tewerkstellingsvergunning) niet permanent in de gemeente verblijven en hun hoofdverblijf ergens anders hebben. 1.40 weg Een voor het openbaar verkeer bestemde weg of pad, daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de weg of pad behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende en als zodanig aangeduide parkeervoorzieningen. 1.41 woning Een gebouw of een gedeelte van een gebouw, geschikt en bestemd voor de zelfstandige huisvesting en hoofdverblijf van een huishouden.

52

Laagheidseweg 10a Venray

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de goothoogte van een bouwwerk: Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.2 de inhoud van een bouwwerk: Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.3 de bouwhoogte van een bouwwerk: Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4 hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde: Verticaal vanaf het hoogste punt van het bouwwerk tot aan het aansluitende afgewerkte peil. 2.5 de afstand tot de (naar de weg gekeerde) perceelgrens: De kortste afstand van een bouwwerk tot de (naar de weg gekeerde) perceelgrens van het bouwperceel. 2.6 de afstand tussen gebouwen: De kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen. 2.7 de vloeroppervlakte: Op de vloer tussen de binnenzijden van de gevelmuren en/of gemeenschappelijke scheidingsmuren.

2.8 de oppervlakte van een bouwwerk: Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.9 de inhoud van overkappingen, carports en daarmee gelijk te stellen gebouwen en bouwwerken: Vanaf peil tot aan de buitenzijde van het dak en tussen de buitenwerkse maten van de draagconstructie. Overstekken tot 0,50 meter worden niet meegeteld bij de berekening van de inhoud. 2.10 de dakhelling: Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.11 de inhoud van een burgerwoning: Als inhoud van de burgerwoning wordt aangemerkt de inhoud (m3) van het hoofdgebouw inclusief aan/bijgebouwen, exclusief overkappingen. Waar het hoofdgebouw onderdeel is van voormalige bedrijfsbebouwing, wordt onder inhoud van de burgerwoning begrepen de inhoud tot dat deel van het hoofdgebouw dat op dat moment functioneel als woonruimte in gebruik is, dan wel waarvan de uitstraling als woning zich naar buiten toe etaleert. De inhoud wordt dan tot dat punt en over alle bovengrondse bouwlagen berekend.

Laagheidseweg 10a Venray

53

2.12 de wijze van meten: Tenzij anders bepaald, worden de waarden die in m, m² of m³ zijn uitgedrukt op de volgende wijze gemeten:  afstanden loodrecht;  hoogten vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven, en  maten buitenwerks, waarbij uitstekende delen van ondergeschikte aard tot maximaal 0,5 m buiten beschouwing blijven.

54

Laagheidseweg 10a Venray

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels Wonen

3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, al dan niet in combinatie met een aan-huis-gebonden-beroep tot een maximum van 40 m²; een en ander met bijbehorende voorzieningen, waaronder boven- en ondergrondse waterhuishoudkundige voorzieningen, parkeervoorzieningen, paden en verhardingen, in- en uitritten, met dien verstande dat: b. c.

berging en/of infiltratie van hemelwater voldoet aan het bepaalde in artikel 5.1; parkeervoorzieningen voldoen aan het bepaalde in artikel 5.2.

3.2 Bouwregels Op de voor 'Wonen' aangewezen gronden mogen enkel bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarbij de volgende eisen gelden: a.

burgerwoningen:

Inhoud woning inclusief aan/bijgebouwen goothoogte dakhelling afstand tot agrarische bedrijfsgebouwen afstand tot de niet aan de weg gekeerde bouwperceelgrens afstand tot de bestemming 'Verkeer – Wegverkeer'

b.

minimaal 10 m.

aanbouwen en bijgebouwen bij de woning:

goothoogte dakvorm en -helling afstand tot de niet naar de weg gekeerde bouwperceelsgrens afstand tot de bestemming 'Verkeer - Wegverkeer'

c.

maximaal 875 m³ maximaal 4,5 m tussen de 12º en 45º minimaal 25 m. minimaal 5 m.

maximaal 3 m afgestemd op dakvorm en -helling woning minimaal 5 m minimaal 10 m

bouwwerken, geen gebouw zijnde

bouwhoogte erf- en terreinafscheidingen, achter de begrenzing van maximaal 2 m het bouwvlak aan de weg gekeerde zijde erf- en terreinafscheidingen, voor de begrenzing van maximaal 1 m het bouwvlak aan de weg gekeerde zijde overige bouwwerken, geen gebouw zijnde maximaal 3 m Oppervlakte ten behoeve van woning, exclusief maximaal 30 m²

Laagheidseweg 10a Venray

55

onoverdekt zwembad Onoverdekt zwembad

maximaal 50 m²

met dien verstande dat: d. ter plaatse van het bouwvlak is één woning toegestaan, met de daarbij behorende aan- en bijgebouwen met dien verstande dat de uitbreiding van de woning buiten het bouwvlak is toegestaan; e. in aanvulling op artikel 3.2 onder d dienen aan- en bijgebouwen bij met de dichtstbijzijnde gevel binnen een omtrek van 15 m van de achter- en zijgevels van de woning te worden gebouwd f. ondergeschikte bouwdelen zijn wat betreft hoogte, verschijningsvorm en dakvorm uitgezonderd van het gestelde onder artikel 3.2 onder a, b en c; g. binnen de fundering van de woning en/of het bijgebouw bij de woning is het ondergronds bouwen van menstoegankelijke ruimten ter vergroting van het woongenot toegestaan, mits deze ruimte(n) uitsluitend van binnenuit toegankelijk zijn en geen ruimtelijke uitstraling hebben. 3.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats, de afmeting en inpassing van de bebouwing ten behoeve van: a. de situering, de oppervlakte en de (goot)hoogte van de bebouwing; b. de verkeersveiligheid; c. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; d. een verantwoorde landschappelijke inpassing van de woning met bijgebouwen; e. het bijdragen aan het behoud en/of versterking van de aanwezige gebiedskwaliteiten. 3.4 Afwijken van de bouwregels Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in: a.

artikel 3.2 onder a van de planregels en een grotere inhoudsmaat toestaan voor woningen inclusief bijgebouwen indien bestaande (bij)gebouwen worden gesloopt, onder de volgende voorwaarden: 1. gesloopt wordt binnen een of meer van de voor het buitengebied geldende bestemmingsplannen van de gemeente Venray; 2. er is sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; 3. alleen de te slopen gebouwen die op die locatie niet vallen binnen het daar, op grond van de bouwregels, toegestane maximale bebouwingsvolume, worden in de berekening meegenomen; 4. de te slopen gebouwen dienen legaal aanwezig te zijn op het moment van inwerkingtreding van de bestemmingsplannen zoals bedoeld in dit lid onder a sub 1 en mogen niet onder een andere regeling of verzoek vallen; 5. aan de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt de voorwaarde verbonden dat pas met de bouw gestart mag worden als sloop heeft plaatsgevonden; 6. alle te slopen gebouwen en de daarbij behorende bouwwerken en bouwdelen, zoals aanbouwen, overkappingen, bijbehorende ondergrondse (kelder-)ruimten, fysieke erfafscheidingen, voederplaten en andere erfverhardingen dienen gesloopt te worden; 7. alleen bovengrondse gebouwen worden meegerekend bij het te bepalen sloopvolume; 8.

het percentage van het te bouwen volume dat moet worden gesloopt is bepaald in de onderstaande tabel: aantal m³ dat wordt gebouwd minimaal te slopen % (sloopvolume) (bebouwingsvolume) tot en met 250 m³ 100% het meerdere boven de 250 m³ 150% b.

artikel 3.2 onder a van de planregels en een goothoogte van maximaal 6 m toestaan onder de voorwaarde

56

Laagheidseweg 10a Venray

c.

d.

e.

dat sprake is van een goede ruimtelijke inpassing; artikel 3.2 onder a en b van de planregels en het bouwen binnen de minimale afstand van gebouwen tot de bouwperceelsgrens toestaan, onder de voorwaarden dat: 1. de ontwikkeling moet gepaard gaan met verbetering van de omgevingskwaliteit. Hiertoe moet een landschappelijk inpassingsplan worden overgelegd waaruit blijkt dat de nieuwe bebouwing wordt ingepast; 2. met het oog op de hemelwaterproblematiek dienen voorzieningen te worden getroffen voor de afkoppeling van hemelwater; 3. de natuurlijke, cultuurhistorische, visueel-landschappelijke, abiotische en archeologische waarden niet onevenredig mogen worden aangetast; 4. sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; 5. aangetoond wordt dat de plaatsing vanuit het oogpunt van (brand)veiligheid aanvaardbaar is; 6. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig worden beperkt; 7. er mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van de waterhuishoudkundige situatie; artikel 3.2 onder d van de planregels en toestaan dat een woning wordt opgericht buiten het aangewezen bouwvlak, onder de voorwaarden dat: 1. dit vanuit het verkeersbelang dan wel een aanvaardbaar woonmilieu noodzakelijk is; 2.

de afstand buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan noodzakelijk is in verband met het verkeersbelang dan wel het woonmilieu; 3. dit vanuit verkeerskundig, stedenbouwkundig en/of milieuhygiënisch oogpunt toelaatbaar is; 4. natuurlijke, cultuurhistorische, visueel-landschappelijke, abiotische en archeologische waarden niet mogen worden aangetast; 5. het toevoegen van een extra woning niet is toegestaan; artikel 3.2 onder e van de planregels en toestaan dat bijgebouwen op een grotere afstand dan 15 meter van de woning worden gebouwd, onder de voorwaarde dat de landschappelijke en agrarische waarden ter plaatse niet worden aangetast.

3.5 Specifieke gebruiksregels Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en opstallen voor: a. het gebruik van de gronden als standplaats voor kampeermiddelen; b. elke vorm van detailhandel; c. het gebruik ten behoeve van horecadoeleinden; d. een seksinrichting, een escortbedrijf en (straat)prostitutie; e. een aan-huis-gebonden-bedrijf; f. het splitsen van woningen; g. het gebruik van gedeeltes van de woning, waaronder bijbehorende bouwwerken, als zelfstandige woning in het kader van mantelzorg; h. het gebruik van de woning voor huisvesting van tijdelijke werknemers; i. het gebruik van gebouwen ten behoeve van opslag; j. het gebruik van de woning ten behoeve van kamerverhuur. k. de ingebruikname van de gronden voor woondoeleinden, zoals nader bepaald onder 3.1, indien binnen twee jaar naar vaststelling van voorliggend bestemmingsplan de gronden niet zijn ingericht en in stand worden gehouden conform de uitgangspunten van het landschappelijk inpassingsplan zoals toegevoegd in bijlage 1.

Laagheidseweg 10a Venray

57

3.6 Afwijken van de gebruiksregels Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in: a. artikel 3.5 onder a van de planregels en toestaan dat de gronden bij een burgerwoning worden gebruikt als kleinschalig kampeerterrein voor recreatief gebruik, onder de voorwaarden dat: 1. het maximaal 25 kampeerplaatsen betreft; 2. kampeermiddelen maximaal 50 m achter de begrenzing van het bouwvlak aan de weg gekeerde zijde geplaatst worden; 3. ten behoeve van het kampeerterrein geen extra bebouwing en/of verharding ten behoeve van het kleinschalig kamperen wordt opgericht; 4. de cultuurhistorische, visueel-landschappelijke en/of abiotische waarden behouden blijven; 5. sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; 6. de ontwikkeling moet gepaard gaan met verbetering van de omgevingskwaliteit. Hiertoe moet een landschappelijk inpassingsplan worden overgelegd waaruit blijkt dat de voorziening wordt ingepast; 7. de activiteiten infrastructureel goed inpasbaar zijn en niet tot onevenredige verkeersoverlast leiden; 8. er wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein; b. artikel 3.1. onder a en 3.5 onder e van de planregels en een grotere omvang van aan-huis-gebondenberoep respectievelijk een aan-huis-gebonden-bedrijf, anders dan een verblijfsrecreatieve voorziening, toestaan onder de volgende voorwaarden: 1.

de omvang van de activiteit bedraagt maximaal 70 m²; 2. de primaire woonfunctie in ruimtelijke en visuele zin in overwegende mate wordt gehandhaafd; 3. detailhandel vindt slechts plaats voor zover deze beperkt blijft tot verkoop in direct verband met het aan-huis-gebonden-beroep en/ of het aan-huis-gebonden-bedrijf; 4. de activiteit geen zodanige verkeersaantrekkende werking heeft dat als gevolg daarvan extra verkeersmaatregelen - waaronder parkeervoorzieningen - noodzakelijk zijn; 5. de activiteit mag uitsluitend in het hoofdgebouw en/ of aanbouw plaatsvinden; c. artikel 3.5 onder h van de planregels en toestaan dat de burgerwoning wordt gebruikt als tijdelijke huisvesting voor tijdelijke werknemers onder de voorwaarden dat: 1. logiesgelegenheden worden ingepast binnen de bestaande bebouwing; 2. de leefruimte minimaal 10 m2 per medewerker bedraagt en er sprake is van met minimaal 1 toilet en douche per 8 personen; 3. de natuurlijke, cultuurhistorische, visueel-landschappelijke, abiotische en archeologische waarden niet onevenredig mogen worden aangetast; 4. sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; 5. er wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein; d. artikel 3.5 onder i van de planregels en het gebruik van gebouwen ten behoeve van opslag toestaan onder de voorwaarden dat: 1.

de voorzieningen uitsluitend plaatsvinden in bestaande gebouwen, niet zijnde kassen; 2. er uitsluitend sprake is van statische opslag; 3. het gebruik in hun totaliteit niet groter is dan 500 m2; 4. sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; 5. de primaire woonfunctie in ruimtelijke en visuele zin in overwegende mate wordt gehandhaafd; 6. de activiteit geen zodanige verkeersaantrekkende werking heeft dat als gevolg daarvan extra verkeersmaatregelen - waaronder parkeervoorzieningen - noodzakelijk zijn.

58

Laagheidseweg 10a Venray

Hoofdstuk 3 Artikel 4

Algemene regels Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 5

Algemene bouwregels

5.1 Infiltratie 5.1.1 Infiltratieplicht Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een nieuw gebouw, de uitbreiding van een bestaand gebouw of de verbouw van een bestaand gebouw, wordt uitsluitend verleend indien voor de aanwezige functie op eigen terrein wordt voorzien in infiltratie van hemelwater. 5.1.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.1.1 voor zover op andere wijze in de nodige infiltratievoorziening wordt voorzien. 5.2 Parkeergelegenheid 5.2.1 Parkeernorm Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een nieuw gebouw, de uitbreiding van een bestaand gebouw of de verbouw van een bestaand gebouw, wordt uitsluitend verleend indien op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Voldoende parkeergelegenheid betekent dat wordt voldaan aan de normen die zijn neergelegd in “Bijlage3 Parkeernormen Venray” die als bijlage bij de “Beleidsnota parkeernormen, Gemeente Venray” hoort. Indien deze nota niet toereikend is wordt getoetst aan de CROW publicatie 317 'kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. Indien de beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.

5.2.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan een omgevingsverlening verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.1.2 indien het voldoen aan die regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit.

Artikel 6

Algemene aanduidingsregels

6.1 Reconstructiewetzone - verwevingsgebied De gronden met de gebiedsaanduiding 'Reconstructiewetzone - verwevingsgebied' zijn bedoeld voor het weergeven van de Verwevingsgebieden, zoals bedoeld in de Reconstructiewet.

Laagheidseweg 10a Venray

59

Artikel 7

Algemene afwijkingsregels

7.1 Omgevingsvergunning Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. de planregels en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geven, mits van de wegbeheerder een positief advies is ontvangen; b. de planregels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein, mits de structuur van het plan niet wordt aangepast, de belangen van derden in redelijkheid niet worden geschaad en de omgevingsvergunning gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan; c. de planregels ten aanzien van het bouwen van kunstuitingen en van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, waarbij voor een hoogte van meer dan 65 m +NAP, in het kader van voorkoming van onaanvaardbare radarverstoring, voorafgaand aan het toestaan schriftelijk advies dient te zijn ingewonnen bij de Dienst Vastgoed Defensie; d. afmetingen in de planregels en op de verbeelding met een maximum van 10%. 7.2 Afwegingskader Een in artikel 7.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de situering, de oppervlakte en de (goot)hoogte van de bebouwing; b. de milieusituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; e.

het bijdragen aan het behoud en/of versterking van de aanwezige gebiedskwaliteiten.

Artikel 8

Overige regels

8.1 Strijdig gebruik Het is verboden zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit het gebruiken, doen gebruiken of laten gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan.

60

Laagheidseweg 10a Venray

Hoofdstuk 4 Artikel 9

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht

9.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; b. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig afwijken van het eerste lid onder artikel 9.1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; c. Het eerste lid onder artikel 9.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 10

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Laagheidseweg 10a Venray'.

Laagheidseweg 10a Venray

61

62

Laagheidseweg 10a Venray

Bijlagen bij de regels

Laagheidseweg 10a Venray

63

64

Laagheidseweg 10a Venray

Bijlage 1

Landschappelijk inpassingsplan

Laagheidseweg 10a Venray

65

66

Laagheidseweg 10a Venray

Verbeelding

Laagheidseweg 10a Venray

67

68

Laagheidseweg 10a Venray

Laagheidseweg 10a Venray

69

70

Laagheidseweg 10a Venray

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9952605/1