CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Toelichting Metaalweg 1 Venray

Gemeenteraad 14 mei 2024, gemeente VenrayBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Metaalweg 1 Venray’7.179 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestemmingsplan Metaalweg 1 Venray Bedrijventerrein Smakterheide

Status: Vastgesteld Maart 2024

Bedrijventerrein Smakterheide

Postbus 12 Sint Anthonis Tel: 0493 -59 75 00

Toelichting

1 INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 Doel 1.3 Plangebied 1.4 Vigerend bestemmingsplan 1.5 Leeswijzer

5 5 5 5 6 7

2 PLANBESCHRIJVING 2.1 Ruimtelijke en functionele structuur 2.2 Planlocatie

8 8 10

3 BELEIDSKADER 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid

12 12 13 14

4 OMGEVINGSASPECTEN 4.1 Milieu 4.2 Water 4.3 Natuur 4.4 Cultuurhistorie 4.5 Archeologie 4.6 Mobiliteit 4.7 Plan-MER

16 16 23 25 27 28 28 28

5 JURIDISCHE PLANTOELICHTING 5.1 Opbouw 5.2 Herziening

30 30 30

6 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID

31

7 UITVOERBAARHEID 7.1 Overleg 7.2 Zienswijzen

32 32 32

Toelichting Metaalweg 1, Venray

4

1 1.1

INLEIDING

AANLEIDING Aan de Metaalweg 1 te Venray bestaat de wens om de onderliggende functieaanduidingen 'autohandelsbedrijf' en 'bedrijfswoning' te verwijderen uit het bestemmingsplan Smakterheide (bedrijventerrein). Op deze locatie bevindt zich ook geen (bedrijfs-)woning. De bedrijfswoning beperkt de omliggende bedrijven in hun bedrijfsvoering. Andersom kan er ook geen goed woon- en leefklimaat gegarandeerd worden voor de eventueel toekomstige bewoners van de bedrijfswoning. Om deze reden is gewenst dat de mogelijkheid tot het oprichten van een bedrijfswoning ter plaatse wordt verwijderd. Hiertoe is een aanpassing van het bestemmingsplan benodigd.

1.2

DOEL Dit bestemmingsplan is opgesteld om aan te tonen dat het verwijderen van de functieaanduiding ‘bedrijfswoning’ op de locatie aan de Metaalweg 1 te Venray voldoet aan een goede ruimtelijk ordening en dat het voornemen passend is in de omgeving. Verder dient gelet op de veranderde bedrijvigheid op de locatie de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – autohandel’ te komen vervallen.

1.3

PLANGEBIED Het plangebied is gelegen in de noordelijke hoek van de kern Venray, in de nabijheid van de Rijksweg A73. De omgeving van het plangebied bestaat uit het bedrijventerrein Smakterheide, de Maasheseweg ter hoogte van het bedrijventerrein, het tennispark aan de Paul Burgmanstraat, alsmede het ten westen aan het bedrijventerrein grenzende landschapspark. Dit landschapspark vormt een buffer tussen het bedrijventerrein, het aangrenzende buitengebied en de nabijgelegen woonwijk De Brabander/ Aan den Heuvel. De

Toelichting Metaalweg 1, Venray

5

Spurkt en de Nijverheidsstraat vormen de noordelijke grens van het plangebied. De westelijke plangrens loopt langs de Overloonseweg, het Makkenpad en de Bosweg, de oostelijke plangrens wordt gevormd door de (afrit van de) Rijksweg A73 en de Metaalweg (vanaf de afrit van de A73). Aan de zuidzijde wordt het plangebied begrensd door het St. Annabos, de dr. Kortmannweg en het bedrijventerrein Keizersveld. In de hieronder weergegeven afbeelding is de topografische ligging van het plangebied aangegeven. Figuur 1 Topografische ligging plangebied

1.4

VIGEREND BESTEMMINGSPLAN Het vigerende bestemmingsplannen voor de locatie is “Bestemmingsplan Smakterheide” vastgesteld op 18 juni 2013. Volgens dit plan heeft de locatie de volgende bestemming en aanduidingen:    

Enkelbestemming: Bedrijf – 3 Functieaanduiding: Bedrijfswoning Functieaanduiding: specifieke vorm van bedrijf – autohandel Gebiedsaanduiding: geluidzone – industrie

Toelichting Metaalweg 1, Venray

6

Figuur 2 Uitsnede verbeelding vigerend bestemmingsplan. Locatie is rode punt.

1.5

LEESWIJZER In het vervolg van deze onderbouwing wordt eerst ingegaan op de huidige situatie in het plangebied en de voorgenomen ontwikkeling (hoofdstuk 2). Vervolgens komt in hoofdstuk 3 aan bod de relatie van het plan met het algemene en specifieke rijks-, provinciale en gemeentelijk beleid voor de fysieke omgeving van het plangebied. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in alle relevante aspecten van dit project. Het te realiseren plan dient te passen binnen het betrokken gebied, waarbij gemotiveerd moet worden aangegeven hoe het plan zich verhoudt tot de aanwezige functies en waarden in dat gebied. Aan de hand van een beschrijving van alle relevante aspecten (onder andere water en milieu komen aan de orde), wordt de planologische aanvaardbaarheid van het project onderbouwd. In hoofdstuk 5 komt de uitvoerbaarheid van het plan aan bod en in hoofdstuk 6 de juridische plantoelichting opgenomen.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

7

2 2.1

PLANBESCHRIJVING

RUIMTELIJKE EN FUNCTIONELE STRUCTUUR De Metaalweg 1 is gelegen op bedrijventerrein Smakterheide. Het plangebied bestaat in de huidige situatie voor het overgrote deel uit bedrijventerrein. Zoals reeds is beschreven is Smakterheide een grootschalig bedrijventerrein, gelegen aan de noordelijke rand van Venray. De historische ontwikkeling van het bedrijventerrein is te herkennen aan de oude lintstructuur van de Maasheseweg en Smakterweg, welke de verbindingen vormen vanuit het centrumgebied en waartussen de bedrijfsgebouwen gesitueerd zijn. Hier zijn met name oudere, relatief kleinschalige bedrijfsgebouwen gesitueerd. Verder inwaarts neemt de schaal van de bebouwing toe. Dit beeld van grootschalige bebouwing straalt uit tot in het agrarisch open gebied noordelijk van de Spurkt en westelijk naar het woongebied de Brabander. Opvallend is daarbij de blokvormige structuur en grootschalige ordening van de bedrijven. Deze grootschalige bedrijfsbebouwing is overwegend opgericht uit (plaat)materialen in neutrale kleuren. De bouwhoogte is incidenteel zeer hoog: tot circa 13 meter bij loodsen tot 20 meter bij bouwwerken (silo’s). Door deze grootschalige bebouwing oogt het gebied dicht bebouwd. De opzet van het terrein laat minder ruimte voor kwalitatief hoogwaardige inrichting.

Er is geen sprake van zonering of inrichting van opslagruimte, bedrijfsloodsen en voorterreinen met specifieke reclamevoering. Uitzondering hierop vormen enkele aan de voorzijde van de bedrijfsbebouwing gesitueerde bedrijfsondersteunende kantoorfuncties. Deze kennen vaak een glossy uitstraling. De opzet van het bedrijventerrein vormt een op zich zelf staand beeld. Het plangebied vormt een herkenbaar geheel en onderdeel van de stedelijke structuur in en rondom de kern van Venray. In onderstaande afbeeldingen zijn enkele foto’s van de op het bedrijventerrein aanwezige bedrijfsgebouwen opgenomen.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

8

Figuur 3 Uitstraling bedrijventerrein

Aan de overzijde van de Maasheseweg bevindt zich het bedrijventerrein Keizersveld. Vanwege de vergelijkbare schaalgrootte en functionaliteit vervullen beide terreinen tezamen een entreefunctie bij het binnengaan van de kern Venray. Functies De omgeving van het plangebied kenmerkt zich door de aanwezigheid van bedrijven in de categorieën 2 t/m 5 zoals opgenomen in de ‘staat van bedrijfsactiviteiten’. Figuur 4 Uitsnede verbeelding vigerend bestemmingsplan, omgeving planlocatie (=rode punt).

Toelichting Metaalweg 1, Venray

9

In onderstaande afbeelding is het bedrijfsterrein weergegeven met bijbehorende bedrijfscategorieën. Figuur 6 Categorieën bedrijvigheid Smakterheide

2.2

PLANLOCATIE Op de planlocatie was voorheen een autohandelsbedrijf gevestigd. Aan de andere zijde bevindt zich een bedrijf gespecialiseerd in riooltechniek. Gelet op de belemmerende werking op deze en de verdere bedrijfsfuncties op het bedrijventerrein is een bedrijfswoning ter plaatse niet wenselijk. In de huidige situatie staat er een berging op de plek waar de bedrijfswoning gerealiseerd zou kunnen worden. In de gewenste situatie kan deze berging ook blijven staan, maar verdwijnt de functieaanduiding ‘bedrijfswoning’ en “specifieke vorm van bedrijf – autohandel” en daarmee de mogelijkheid om een bedrijfswoning te bouwen dan wel een autohandel te voeren. De onderliggende bestemming ‘Bedrijf-3’ en verdere aanduidingen blijven ongewijzigd. De verdere bestaande gebruiksmogelijkheden worden daarmee niet verruimd of beperkt.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

10

Figuur 5 Huidig aanzicht Metaalweg 1

Toelichting Metaalweg 1, Venray

11

3

BELEIDSKADER

3.1

RIJKSBELEID

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), vastgesteld op 11 september 2020, is een onderdeel van de nieuwe Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking treed. De Omgevingswet bundelt alle huidige wetten over de leefomgeving. De Omgevingswet verplicht het Rijk tot een strategische visie op de fysieke leefomgeving. Omgevingskwaliteit is het kernbegrip: dat wil zeggen ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Met inachtneming van maatschappelijke waarden en inhoudelijke normen voor bijvoorbeeld gezondheid, veiligheid en milieu. In dat samenspel van normen, waarden en collectieve ambities, stuurt de NOVI op samenwerking tussen alle betrokken partijen. De NOVI stelt een nieuwe aanpak voor: integraal, samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties, en met meer regie vanuit het Rijk. Met steeds een zorgvuldige afweging van belangen werken we aan onze prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie, een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel, sterke en gezonde steden en regio’s en een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Met de NOVI presenteert het Rijk een integrale, op samenwerking gerichte aanpak. Een gebiedsgericht afwegingskader en sturende visie in één, waarbinnen we gezamenlijk optimaal kunnen werken aan het behoud van een gezond, leefbaar en economische sterk Nederland.

3.1.2

Ladder Duurzame verstedelijking Voordat de ladder duurzame verstedelijking wordt doorlopen, zal beoordeeld worden of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening. In onderhavige situatie is er zelfs geen sprake van het toevoegen van een woning, maar het weghalen van de mogelijkheid daartoe. De verdere bestaande gebruiksmogelijkheden worden niet verruimd of beperkt. Daarmee

Toelichting Metaalweg 1, Venray

12

kan het plan niet worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Gezien het feit dat artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro in dit geval niet van toepassing is, hoeft het plan niet verder aan de Ladder te worden getoetst: de ontwikkeling is niet in strijd met de ladder voor duurzaam ruimtegebruik.

3.2

PROVINCIAAL BELEID

3.2.1

Provinciale Omgevingsvisie Limburg Op 01 oktober 2021 is de Provinciale Omgevingsvisie Limburg vastgesteld. In de omgevingsvisie Limburg is de lange termijnvisie van de provincie Limburg beschreven. In de visie staat beschreven hoe de provincie richting wil geven aan toekomstbestendige ontwikkeling en hoe daarbij steeds de balans wordt gezocht tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. De provincie geeft met deze visie een doorkijk voor de periode 2021 tot 2030 - 2050. In de omgevingsvisie staan drie hoofdopgaven centraal: 

  3.2.2

Een aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige leefomgeving; 1. In stedelijk c.q. bebouwd gebied 2. in landelijk gebied Een toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie; inclusief landbouw transitie; Klimaatadaptatie en energie transitie.

Omgevingsverordening Limburg De Omgevingsverordening Limburg voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening Limburg treedt in werking bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. Plan specifiek In de Omgevingsverordening Limburg komt naar voren dat de planlocatie zich bevindt binnen de gebieden “Bedrijventerreinen – algemeen” en “Bedrijventerrein – grootschalige productie en/of logistiek”. Dit geeft weer dat voor dit gebied de focus en het belang van de bedrijvigheid voorop staat. Het verwijderen van de functie bedrijfswoning sluit hier naadloos bij aan. Op deze manier wordt voorkomen dat de omliggende bedrijven belemmerd worden in hun bedrijfsvoering. De ontwikkeling sluit aan bij de ambities uit de Provinciale Omgevingsvisie Limburg.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

13

Figuur 7 Uitsnede kaart Provinciale Omgevingsvisie Limburg

3.3

GEMEENTELIJK BELEID

3.3.1

Toekomstvisie Venray 2030 'Venray loopt voorop' Op 27 juni 2019 is de Toekomstvisie Venray 2030 'Venray loopt voorop' vastgesteld. In deze visie heeft de gemeente Venray haar ambities opgesteld voor de ontwikkeling van de gemeente tot 2030. Deze visie vervangt de Strategische visie 2020 en de nota 'Venray, stad in de Peel (2025). De toekomstvisie geeft de gemeente een koers voor het omgaan met nieuwe trends en ontwikkelingen in de gemeente, zowel binnen de gemeenschap van Venray als in de regio. Belangrijke thema's uit de vorige strategische visie worden doorgezet in deze visie. 'Venray loopt voorop' heeft aandacht voor burgerparticipatie, de rol van de overheid, en regionale samenwerking, met name op het gebied van onderwijs, bedrijfsleven en in de naaste omgeving van inwoners. Hiermee speelt de toekomstvisie in op de nieuwe Omgevingswet. Daarnaast is er veel aandacht voor de kwalitatieve ontwikkeling van onder meer de leefomgeving. De uitdaging daarbij is om de ruimtelijke kwaliteit zowel in de stad, op het platteland als in de natuur op een hoog niveau te houden. De gemeente Venray heeft voor de komende tien jaar de volgende vijf ambities geformuleerd. In het Venray van 2030:  

Zijn inwoners, hun netwerken, culturen en voorzieningen met elkaar verbonden; Woon je groen en sociaal;

Toelichting Metaalweg 1, Venray

14

  

Zorgt ondernemerschap met aandacht voor mens, dier en milieu, voor nieuwe economische kansen; Stroomt kennis, creativiteit en vernieuwing; Is iedereen mobiel.

Plan specifiek In de Toekomstvisie Venray 2030 'Venray loopt voorop' geeft de gemeente Venray aan dat de industrie/bedrijven binnen de gemeente verantwoordelijk zijn voor het hoogste aandeel in aantal banen binnen de gemeente. Het belang van dit bedrijventerrein is hiermee aangetoond. De bedrijfswoning beperkt bedrijven in hun bedrijfsvoering en eventuele uitbreidingsmogelijkheden en daarmee in de werkgelegenheid. Voorliggend plan past binnen de Toekomstvisie Venray 2030 'Venray loopt voorop'. 3.3.2

Omgevingsvisie Venray Op 2 november 2021 heeft de gemeente Venray de 'Omgevingsvisie Venray' vastgesteld. In de Omgevingsvisie gaat de gemeente in op de grote uitdagingen van de aankomende tijd en geeft de gemeente aan waar het naar toe wil in de toekomst. De Omgevingsvisie vormt de ruimtelijke vertaling van de strategische visie: Toekomstvisie 2030 'Venray loopt voorop'. De Omgevingsvisie is tot stand gekomen in samenwerking met inwoners, ondernemers en verenigingen uit de gemeente Venray. De volgende vijf ambities zijn geformuleerd:     

Groen wonen voor iedereen. Een gezond Venray heeft de toekomst. Venray bloeit, bruist en boeit. Natuurlijk Venray! Ambities in regionaal perspectief.

Verder geeft de gemeente aan dat het de belangrijkste waarden (Erfgoed, Landschap, Natuur en Groen, Water en bodem en Stedenbouwkundig kader) wil beschermen en versterken. Planspecifiek In navolging van het bepaalde in voorgaande subparagraaf 3.3.1 heeft voorliggend plan tot gevolg dat belemmering van bedrijven wordt voorkomen. Het plan bevordert een langdurige bedrijvigheid van de omliggende bedrijven is daarmee aan te duiden als een duurzame ontwikkeling. Het initiatief past binnen de Omgevingsvisie Venray.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

15

4 4.1

OMGEVINGSASPECTEN

MILIEU In deze paragraaf wordt ingegaan op de relevante milieuaspecten en bekeken in hoeverre er sprake is van belemmeringen voor de voortgang van het plan.

4.1.1

Bedrijven- en milieuzonering Een goede ruimtelijke ordening beoogt het voorkomen van voorzienbare hinder en gevaar door milieubelastende activiteiten van bestaande en toekomstige bedrijvigheid om zodoende kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Op grond van de Wet milieubeheer zijn bedrijven en instellingen verplicht te voldoen aan de eisen uit het Activiteitenbesluit, dan wel een omgevingsvergunning te hebben voor de exploitatie van het bedrijf, waarbij rekening gehouden dient te worden met de omliggende woonbebouwing. Door middel van de milieuwet- en regelgeving wordt (milieu)hinder in woongebieden zo veel mogelijk voorkomen. Om te komen tot een verantwoorde, ruimtelijk relevante toetsing in milieuhygiënisch opzicht van bedrijfsvestigingen, wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde milieuzonering. Hieronder wordt verstaan het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen, anderzijds milieugevoelige functies als (bedrijfs-)woningen, zorginstellingen, onderwijsinstellingen, kinderopvang e.d. Daarnaast is de milieuwetgeving van toepassing.

In de VNG-brochure ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009), die voor het eerst in 1986 verscheen en daarna een aantal malen is geactualiseerd, is een omvangrijke lijst van bedrijven opgenomen, waarin per bedrijf voor een aantal aspecten de mate van ruimtelijk relevante hinderlijkheid is weergegeven. Per bedrijfstype zijn voor elk van de aspecten geur, stof, geluid en gevaar minimale afstanden aangegeven die in de meeste gevallen kunnen worden aangehouden tussen een bedrijf en woningen om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. Deze richtafstanden zijn afgestemd

Toelichting Metaalweg 1, Venray

16

op de omgevingskwaliteit zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk of een vergelijkbaar omgevingstype. Indien de aard van de omgeving dit rechtvaardigt, kunnen gemotiveerd kleinere richtafstanden worden aangehouden bij het omgevingstype gemengd gebied, dat gezien de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen al een hogere milieubelasting kent. In een gemengd gebied kunnen de richtafstanden met één afstandstap worden verlaagd zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat. Onderhavige ontwikkeling heeft betrekking op het verwijderen van de functie bedrijfswoning bij de Metaalweg 1 te Venray. In de omgeving van het plangebied zijn bedrijven gelegen en toegestaan met een milieucategorie van 2, 3, 4 en 5.2. In onderstaande afbeelding zijn de toegestane bedrijfscategorieën van het bedrijventerrein weergeven. Figuur 8 Categorieën bedrijven bedrijventerrein

Direct aansluitend op de planlocatie is toegestaan ‘specifieke vorm van bedrijf - ontheffing cat. 4’. De maximale richtafstand voor deze bedrijven is 200 meter. Het is op geen enkele manier mogelijk om ter plaatse van het plangebied aan de gestelde eisen/voorwaarden en richtafstanden in het kader van bedrijven- en milieuzonering te voldoen. Hierdoor kan er geen goed en veilig leef- en woonklimaat gegarandeerd worden voor de bedrijfswoning.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

17

Daarbij wordt het naastgelegen bedrijf indirect belemmerd door de mogelijkheid tot een bedrijfswoning. In navolgende paragrafen zal nader worden ingegaan op de aspecten geur, geluid, stof en gevaar. 4.1.2

Bodem In het kader van de Wro dient aangegeven te worden of de bodemkwaliteit geschikt is voor de nieuwe functie, of er in het verleden bronnen aanwezig zijn geweest welke een bodemverontreiniging kunnen hebben veroorzaakt en hoe eventuele toekomstige bodemverontreiniging kan worden voorkomen. Ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan van het deelgebied van het industrieterrein Smakterheide, is er een bodemonderzoek uitgevoerd in de omgeving van het plangebied. De conclusie van dit gebied was als volgt: “In de bodem van het deelgebied Smakterheide I komen plaatselijk verontreinigingen voor met zware metalen, Polycyclische aromatische koolwaterstoffen en vluchtig gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOCI’s) zoals per en tri. Een gedeelte van het terrein is gesaneerd, waarbij als belangrijkste verontreiniging PCB’s zijn vastgesteld. Plaatselijk zijn bij deze saneringen restverontreinigingen achtergebleven. De meeste verontreinigingen zijn in kaart gebracht, ten aanzien van een aantal van deze verontreinigingen is door de provincie Limburg middels een saneringsplan een beschikking genomen. Specifiek bodemonderzoek bij verdachte deellocaties blijft gewenst.” Uit bovenstaande conclusie blijkt dat er verschillende verontreinigde stoffen zijn aangetroffen in de bodem. Het aspect bodem is een belemmering voor het oprichten van de bedrijfswoning.

4.1.3

Lucht Sinds 15 november 2007 is de Wet luchtkwaliteit in werking getreden en staan de hoofdlijnen voor regeling rondom luchtkwaliteitseisen beschreven in de Wet milieubeheer. Hiermee is het Besluit luchtkwaliteit 2005 vervallen. Artikel 5.16 Wm (lid 1) geeft weer, onder welke voorwaarden bestuursorganen bepaalde bevoegdheden (uit lid 2) mogen uitoefenen. Als aan minimaal een van de volgende voorwaarden wordt voldaan, vormen luchtkwaliteitseisen in beginsel geen belemmering voor het uitoefenen van de bevoegdheid: a. Er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; b. Een plan leidt – al dan niet per saldo – niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; c. Een plan draagt ‘niet in betekende mate’ (NIBM) bij aan de luchtverontreiniging; d. Een plan past binnen het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit), of binnen een regionaal programma van maatregelen.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

18

Het plan behelst dat geen bedrijfswoning meer kan worden opgericht. Dit leidt niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. Verder dient rekening gehouden worden met de bedrijfs- en milieuzonering. Hierin zijn ook eisen gesteld met betrekking tot fijnstof. Een bedrijf met de milieucategorie 5.2 heeft een richtafstand van 500 meter voor fijnstof. Het bedrijf in deze categorie ligt op slechts 170 meter van de planlocatie. Aan de minimale eisen voor fijnstof kan dus nu niet voldaan worden. 4.1.4

Geur De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) en het Activiteitenbesluit milieubeheer vormen het toetsingskader bij vergunningverlening voor geur veroorzaakt door dierenverblijven van veehouderijen. Indirect hebben de Wgv en het Activiteitenbesluit ook consequenties voor de ruimtelijke ordening, dit wordt wel de omgekeerde werking genoemd. Van belang is dat door ontwikkelingen in het voorliggende plan geen belemmeringen ontstaan voor de omliggende (agrarische) bedrijven en de bedrijfsontwikkeling van deze bedrijven. Andersom dient er bij de realisatie van een gevoelig object ter plaatse van de planlocatie, sprake te zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Onderhavige ontwikkeling heeft betrekking op het ontnemen van de mogelijkheid tot bouw van een bedrijfswoning. Hiermee wordt dus voorkomen dat er een gevoelig object wordt toegevoegd aan de omgeving van het plangebied. Hiermee is er geen belemmering (meer) voor omliggende bedrijven.

4.1.5

Geluid Op basis van de Wet geluidhinder (Wgh) zijn er drie geluidsbronnen waarmee bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening gehouden dient te worden: wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai. Hoofdstuk V van de Wet geluidhinder bepaalt dat rondom industrieterreinen waarop bepaalde krachtens de Wet geluidhinder aangewezen inrichtingen zijn gevestigd of zich mogen vestigen (de zogenaamde grote lawaaimakers) een geluidszone moet worden vastgesteld. Deze geluidszone beslaat een gebied rondom het bedrijventerrein waarbuiten de op het terrein gevestigde inrichtingen gezamenlijk geen hogere geluidsbelasting dan 50 dB(A) mogen veroorzaken. In artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) is aangegeven welke inrichtingen als grote lawaaimaker worden aangemerkt. Voor het bedrijventerrein is een zonegrens aangegeven voor de zone industrielawaai. Adviesbureau Peutz heeft hiervoor een akoestisch onderzoek uitgevoerd en geconcludeerd dat binnen dit gebied, op grond van de Wet geluidshinder, zoneringsplichtige inrichtingen zich mogen vestigen. In het gebied zijn geen mogelijkheden opgenomen voor de ontwikkeling van nieuwe woningbouw of andere geluidsgevoelige functies.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

19

Geconcludeerd kan worden dat op basis van geluid het niet is toegestaan om een geluidsgevoelig object ((bedrijfs-)woning) te vestigen op het industrieterrein. De bedrijfswoning beperkt daarnaast omliggende bedrijven. Het niet langer mogelijk maken van een bedrijfswoning is dus een positieve ontwikkeling. 4.1.6

Externe veiligheid Vanuit een goede ruimtelijke ordening is het van belang te kijken naar gevaar leverende functies in of in de nabijheid van het plangebied. Daartoe moeten de risico’s voor de bevolking, die verbonden zijn aan gevaar veroorzakende activiteiten in beeld worden gebracht. Het aspect externe veiligheid beschrijft risico’s die ontstaan als gevolg van opslag van, of handelingen met, gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen of op transportroutes. Op beide categorieën is verschillende wet- en regelgeving van toepassing. Voor bedrijven is het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen (Bevi) van toepassing. In het kader van het Bevi komen kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten bescherming toe ten aanzien van ongelukken met gevaarlijke stoffen. Risicocontouren Gemeente en provincie kunnen veiligheidsafstanden (plaatsgebonden risicocontour) en invloedsgebieden (groepsrisico) rond risicovolle inrichtingen of activiteiten (BEVI) bepalen op grond van berekende risico’s. Binnen de veiligheidsafstanden (PR-contour) mogen geen kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten liggen of komen te liggen. Binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit dient het groepsrisico nader te worden bepaald.

Een risicocontour (ofwel plaatsgebonden risico) geeft aan hoe groot in de omgeving de overlijdenskans is door een ongeval met een risicobron: binnen de contour is het risico groter, buiten de contour is het risico kleiner. Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico is de berekende kans per jaar, dat een persoon overlijdt als rechtsreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron, aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft. Het plaatsgebonden risico wordt gebruikt bij de toetsing of een risicovolle activiteit op een bepaalde plek mag plaatsvinden en wat in de directe omgeving ervan gebouwd mag worden. Uit de provinciale risicokaart blijkt dat het plangebied in geen enkele plaatsgebonden risicocontour is gelegen. Er worden derhalve geen grenswaarden overschreden. Groepsrisico Het groepsrisico geeft de kans aan dat in één keer een groep mensen die zich in de omgeving van een risicosituatie bevindt, dodelijk door een ongeval wordt getroffen. Groepsrisico legt een relatie tussen de kans op een ramp en het aantal mogelijke slachtoffers. Bij groepsrisico is het dan ook niet een

Toelichting Metaalweg 1, Venray

20

contour die bepalend is, maar het aantal mensen dat zich gedurende een bepaalde periode binnen de effectafstand van een risicovolle activiteit ophoudt. Welke kans nog acceptabel geacht wordt, is afhankelijk van de omvang van de ramp. Een ongeval met 100 doden leidt tot meer ontwrichting, leed en emoties, dan een ongeval met 10 dodelijke slachtoffers. Aan de kans op een ramp met 100 doden wordt dan ook een grens gesteld, die een factor honderd lager ligt dan voor een ramp met 10 doden. In het Bevi wordt verder een verantwoordingsplicht voor het groepsrisico rond inrichtingen wettelijk geregeld. De verantwoording houdt in dat wordt aangegeven of risico's acceptabel zijn en welke maatregelen worden genomen om de risico's te verkleinen. Overige wet- en regelgeving Tot slot moet in het kader van een ‘goede ruimtelijke ordening ‘(art. 3.1 Wro) ook getoetst worden aan eventueel van toepassing zijnde veiligheidsafstanden uit bijvoorbeeld het Activiteitenbesluit, effectafstanden uit de ‘Circulaire effectafstanden lpg-tankstations’, enz.. Inventarisatie In de nabijheid van het plangebied bevinden zich geen spoor en waterwegen waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Uit navraag bij de Nederlandse Gasunie is gebleken dat geen hogedruk aardgasleidingen in de nabijheid van Smakterheide gelegen zijn, welke mogelijk van invloed kunnen zijn op de actualisatie van het plangebied.

Daarnaast bevinden zich ook geen leidingen met vloeibare brandstoffen (defensieleidingen/RRP-leidingen) in de nabijheid van het plangebied. Daarnaast bevindt zich ten zuiden van het plangebied een opslag ten behoeve van een lasertechniek bedrijf. Het gaat hier wederom om een groothandel in vloeibare en gasvormige brandstoffen. Lucassen Lastechniek is gelegen aan de Microstraat 3. Conform de vergunning zijn binnen Lucassen Lastechniek B.V. met name veredelde gassen aanwezig, welke vanuit externe veiligheid niet van betekenis zijn. Naast de veredelde gassen zijn zuurstoffen aanwezig. Echter is de omvang van deze stoffen binnen de inrichting dusdanig klein, dat deze ruim onder de drempelwaarde van het BRZO blijft. Daarmee valt Lucassen Lastechniek niet onder de werking van het BRZO, en dus ook niet onder het Bevi, en is deze inrichting vanuit externe veiligheid verder niet meer relevant voor het plangebied. Omdat met onderhavig initiatief de bedrijfswoning juist niet wordt opgericht, vormen voorgenomen risico’s geen daadwerkelijk risico voor het plan. Ten zuiden van het plangebied bevindt zich het bedrijf Xerox. Het betreft hier een zogenaamd BRZO (Besluit Risico's Zware Ongevallen) bedrijf. Xerox is gelegen aan de Maasheseweg 89, zie figuur 11. Binnen de inrichting wordt 20 ton gevaarlijke stoffen opgeslagen in een opslagplaats met een inhoud van 100-200 m2.

Ten aanzien van de bestrijdbaarheid is sprake van een automatische sprinklerinstallatie vallend onder beschermingsniveau 1. Conform de Revi moet voor een dergelijke opslagplaats worden uitgegaan van

Toelichting Metaalweg 1, Venray

21

een 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour van 20 meter. Van een invloedsgebied is bij een dergelijke opslagplaats geen sprake. De 10- 6 /jaar plaatsgebonden risicocontour van Xerox blijft binnen de inrichtingsgrens, waarmee voldaan wordt aan de gestelde grenswaarde uit het Bevi. Ten noorden bevindt zich het bedrijf Primagaz. Het betreft hier een groothandel in vloeibare en gasvormige brandstoffen. Primagaz is gesitueerd aan de Nijverheidstraat 2. Op het gasdepot bevinden zich twee ingeterpte propaanreservoirs met elk een waterinhoud van 140 m3. Naar de risicovolle activiteiten van Primagaz is in oktober 2008 een kwantitatieve risicoanalyse (QRA) uitgevoerd. Uit deze kwantitatieve risicoanalyse is gebleken dat de 106 /jaar plaatsgebonden risicocontour van Primagaz 90 meter buiten de inrichtingsgrens is gelegen. Binnen de 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour van Primagaz bevinden zich nu geen kwetsbare objecten. Daarmee wordt voldaan aan de gestelde grenswaarde vanuit het Bevi. Het maximale invloedsgebied van Primagaz bedraagt 310 meter. Wanneer de bedrijfswoning wel gerealiseerd wordt, zal deze binnen de risicocontour van Primagaz vallen. Dit vormt dus een belemmering. Figuur 11 Uitsnede risico-kaart (rode cirkel is plangebied)

Vervoer gevaarlijke stoffen Ten oosten van het plangebied bevindt zich de A73, zie bovenstaand figuur. Deze snelweg bevindt zich op circa 500 meter. Daarmee ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van alle over de A73 vervoerde gevaarlijke stoffen. Voor de A73 is geen 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour berekend. Aangezien de transporthoeveelheid hetzelfde is voor de overige wegstukken door Venray en ook de wegkenmerken gelijk zijn, wordt voor heel Venray voldaan aan de normen ten aanzien van het plaatsgebonden risico.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

22

Conclusie Ten aanzien van het aspect externe veiligheid kan gesteld worden dat er belemmeringen zijn voor het realiseren van een bedrijfswoning. Het wegnemen van de mogelijkheid daartoe is dus een positieve ontwikkeling en is uitvoerbaar, er zijn geen belemmeringen. 4.1.7

Ontplofbare oorlogsresten Op vele locaties in Nederland bevinden zich nog conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de ondergrond, zoals niet ontplofte vliegtuigbommen (blindgangers, granaten, mijnen en (handwapen)munitie. Het gehele grondgebied van de gemeente Venray heeft in de Tweede Wereldoorlog zwaar onder vuur gelegen. Bij eventuele grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen in het plangebied, dient er uit het oogpunt van veiligheid en zorgvuldigheid gezocht te worden naar ontplofbare oorlogsresten (OO). Met behulp van het explosievenonderzoek worden de aanwezigheid en risico’s van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in kaart gebracht. De gemeente Venray adviseert bij grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen een detectieonderzoek uit te (laten) voeren. Dit onderzoek dient plaats te vinden in het kader van de Arbowetgeving en is in het kader van de bestemmingsplanprocedure niet juridisch afdwingbaar. Het is echter te allen tijden de verantwoordelijkheid van de eigenaar van de grond om bij grondwerkzaamheden te zorgen voor een gezonde en veilige werkomgeving.

4.2

WATER Water verdient een belangrijke plek in de ruimtelijke planvorming. Vanwege dit belang moeten bij de locatiekeuze, de (her)inrichting en het beheer van nieuwe ruimtelijke functies de relevante waterhuishoudkundige aspecten worden meegenomen. Het doel van de waterparagraaf is een toelichting te geven op de waterhuishoudkundige aspecten van het plan en de benodigde informatie aan te leveren met betrekking tot de toekomstige berging en afvoer van hemelwater. Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21e eeuw heeft advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport 'Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw' (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd:

Toelichting Metaalweg 1, Venray

23

Vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Indien nodig wordt overtollig water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen niet meer mogelijk is wordt het water afgevoerd. Schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod.

Waterwet Op basis van de Weterwet is het Nationaal Waterplan vastgesteld door het kabinet. Voor meer informatie over dit hoofdstuk wordt verwezen naar hoofdstuk 3.1.3. Gemeentelijk rioleringsplan In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2022-2025, vastgesteld op 14 december 2021, is het beleid voor het beheer van de gemeentelijke riolering voor de periode 2022 tot en met 2025 vastgelegd. Het plan wordt door de gemeente gebruikt om nu en in de toekomst aan de gemeentelijke zorgplichten te kunnen voldoen en als toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen. Voor de indeling van het GRP is rekening gehouden met de nieuwe Omgevingswet (Ow). Het veranderende klimaat en de verstedelijking brengen grote uitdagingen met zich mee. Regenbuien worden steeds extremer en komen vaker voor, met veel overlast en schade tot gevolg. Ook het vasthouden van het gewenste grondwaterpeil wordt moeilijker tijdens extreem lange droge of natte perioden. Omdat het aantal warme dagen toeneemt wordt hittestress ook een probleem, vooral in een gebouwde omgeving met weinig groen en veel verharding. Het besef groeit dat wateroverlast niet langer is op te lossen door alleen maar het aanpassen van de riolering. Om extreme buien doelmatig te verwerken moet de gehele buitenruimte benutten. Bijvoorbeeld via de aanleg van meer groene voorzieningen, bergingsbassins en oppervlaktewater.

Maar ook het vergroenen van daken en tuinen en het opwaarderen van bestaande sloten. Hemelwater dient zo lokaal mogelijk te worden verwerkt en kan worden benut voor het aantrekkelijk maken van de leefomgeving. In het GRP geeft de gemeente aan dat inwoners hemelwater zoveel mogelijk op eigen perceel dienen te infiltreren. Bij nieuwe ruimtelijke particuliere ontwikkelingen is het streven om hemelwater bij voorkeur bovengronds te infiltreren in de bodem. De gemeente hanteert daarbij de volgende voorwaarden: 1. De infiltratievoorziening dient minimaal een neerslaggebeurtenis van 60 mm te kunnen verwerken;

Toelichting Metaalweg 1, Venray

24

2. De infiltratievoorziening dient een leeglooptijd te hebben van 24 uur of minder; 3. De aanwezigheid van een overloopvoorziening (indien mogelijk bovengronds) voor de afvoer van water bij hevige buien als de voorziening vol is, is zo ontworpen dat deze wateroverlast voorkomt. Plan specifiek Het plangebied ligt binnen het beheergebied van waterschap Limburg. Voor het waterschap Limburg is het niet mogelijk een digitale watertoets uit te voeren. Het waterschap zal daarom via het wettelijk vooroverleg op de hoogte worden gebracht van voorliggend initiatief. Aangezien er fysiek niets zal veranderen aan/op het plangebied, verandert er hydrologisch ook niets. Er treden geen negatieve effecten op het beschermingsregime van het rivierbed van de Maas. Vanwege het ontbreken van een toename aan verharding binnen het plangebied is van compenserende maatregelen geen sprake. Verder is er binnen het plangebied en in de directe omgeving geen oppervlaktewater aanwezig. Het plangebied ligt, anders dan binnen het rivierbed, niet in of nabij een gebied waarin waterschapsbelangen een rol spelen, zoals waterkeringen of waterwinningsgebieden. Voorliggend plan heeft geen negatieve effecten op het aspect water. Het initiatief is uitvoerbaar vanuit het aspect water.

4.3

NATUUR Bij ruimtelijke ontwikkelingen dient rekening te worden gehouden met eventuele ecologische waarden in of nabij het projectgebied. De voorgenomen ontwikkelingen mogen geen negatieve effecten hebben op de aanwezige beschermde soorten zoals aangewezen in de Wet natuurbescherming. Indien hiervan sprake is moet ontheffing of vrijstelling worden aangevraagd. Tevens mogen de ontwikkelingen geen negatieve effecten hebben op aangewezen gebieden zoals Natura 2000-gebieden. Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds-en soortenbescherming.

4.3.1

Gebiedsbescherming In Nederland is gebiedsbescherming geregeld middels de Wet natuurbescherming, waarin alle gebiedsbeschermende internationale afspraken en richtlijnen zijn geïmplementeerd. Met betrekking tot gebiedsbescherming is de situering ten opzichte van Natura 2000-gebieden van belang. Bij negatieve effecten kan onder andere gedacht worden aan: optische verstoring door het toevoegen van bebouwing, verlies van oppervlakte, verdroging of vernatting, vermesting en verzuring, verstoring door licht, geluid, trilling, en dergelijke.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

25

Met de voorgenomen ontwikkeling is er geen verandering in de ammoniakdepositie op de omliggende Natura2000-gebieden. Het verwijderen van de functie ‘bedrijfswoning’ ontneemt de mogelijkheid om een bedrijfswoning te realiseren en zal niet leiden tot significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura2000-gebieden en Beschermde natuurmonumenten in de omgeving. Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) (voorheen: ecologische hoofdstructuur (EHS)) is een samenhangend netwerk van natuurgebieden en landbouwgebieden met natuurwaarden van (inter-)nationaal belang. Het doel van het NNN-beleid is het veiligstellen van ecosystemen en het realiseren van leefgebieden met goede condities voor de biodiversiteit. Voor het Natuurnetwerk Nederland geldt op basis van het Rijksbeleid (Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening) de verplichting tot instandhouding van de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied. Dit betekent dat (nieuwe) plannen, projecten of handelingen niet zijn toegestaan indien zij de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied significant aantasten. Planlocatie Het plangebied ligt in de directe nabijheid van het NNN, zie onderstaand figuur. De ontwikkeling heeft geen negatieve gevolgen voor de omliggende NNN-gebieden. Figuur 12 Uitsnede kaart Natuurnetwerk Nederland

4.3.2

Soorten- en gebiedsbescherming De Wet natuurbescherming regelt de bescherming en instandhouding van planten- en diersoorten die in het wild voorkomen. Daarnaast dienen alle in het wild levende planten en dieren in principe met rust te worden gelaten.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

26

Eventuele schade aan in het wild levende planten en dieren dient beperkt te worden middels het nemen van mitigerende maatregelen. Als mitigatie niet voldoende is om schade te voorkomen is het verplicht de resterende schade te compenseren. Planlocatie Het plangebied betreft voor het overgrote deel een reeds ontwikkeld bedrijventerrein in een stedelijk gebied waar veel mensen verblijven. Gezien de ligging, het huidige gebruik als bedrijventerrein en de lichtoverlast (licht als het donker moet zijn) kan redelijkerwijs gesteld worden dat in het gebied zelf geen bijzondere ecologische waarden voorkomen. Uit gegevens van de natuurbank Limburg blijkt dat op het bedrijventerrein enkele bijzondere vegetatiestroken en planten voorkomen. Deze bevinden zich met name langs de in het plangebied gelegen bermsloot aan de Metaalweg. Volgens de gegevens van de provincie Limburg gaat het hier om een loofbos op voedselarme bodem. Voorliggend plan maakt geen nieuw ontwikkelingen ter plaatse mogelijk. Met het voorgenomen initiatief wordt niets gebouwd of gesloopt. Hierdoor kan men ervan uit gaan dat gebiedsbescherming geen belemmering vormt voor het voorgenomen plan. Ten oosten van het plangebied (aan de oostzijde van de A73) ligt het Natura 2000-gebied Boschhuizerbergen. Dit bos- en natuurgebied behoort tot Ecologische Hoofdstructuur en valt tevens onder de werking van de habitatrichtlijn.

Gezien het voorliggend plan en de afstand tot bovengenoemd gebied zal de vaststelling van het plan geen invloed hebben op de ecologische waarden in dit gebied. Het niet langer kunnen oprichten van een bedrijfswoning heeft, voor zover sprake is van een invloed, enkel een positieve invloed op het aspect natuur.

4.4

CULTUURHISTORIE Per 1 januari 2012 is in het kader van de modernisering van de monumentenzorg (MOMO) in het Besluit ruimtelijke ordening van het rijk opgenomen dat gemeenten bij het maken van ruimtelijke plannen rekening moeten houden met cultuurhistorische waarden. Cultuurhistorisch erfgoed moet worden beschermd. Het gaat dan om erfgoed in brede zin; in cultuurlandschappelijke, stedenbouwkundige en bouwhistorische betekenis. Het plangebied is niet gelegen in een beschermd stads of dorpsgezicht. Uit gegevens van de provincie Limburg (Cultuurhistorische Waardenkaart) is gebleken dat er geen belangrijke cultuurhistorische waarden in het plangebied aanwezig zijn. In het plangebied zijn geen rijks- en of gemeentelijke monumenten aanwezig welke een verdergaande planologische bescherming verdienen. Cultuurhistorie vormt geen belemmering voor het voorgenomen initiatief.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

27

4.5

ARCHEOLOGIE Op grond van het Verdrag van Malta en de daaruit vloeiende Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz), dient bij de opstelling en de uitvoering van ruimtelijke plannen rekening te worden gehouden met bekende archeologische waarden en de te verwachten archeologische waarden. Het uitgangspunt hierbij is dat het archeologisch erfgoed moet worden beschermd op de plaats waar het wordt aangetroffen. De gemeentelijke archeologische advieskaart van de gemeente Venray geeft een voorspelling voor wat betreft de relatieve dichtheid van archeologische waarden in de bodem. Deze voorspelling is vertaald naar een drietal verwachtingswaarden, te weten hoge, middelhoge of lage verwachting. Voor het plangebied geldt een lage verwachtingswaarde. Omdat voorliggend initiatief geen bodem verstorende activiteiten tot gevolg heeft, zijn negatieve effecten vanuit het aspect archeologie op voorhand uit te sluiten. Nader archeologische onderzoek is niet aan de orde.

4.6

MOBILITEIT Voor het onderdeel mobiliteit wordt gekeken naar het aantal verkeersbewegingen en de bereikbaarheid. Omdat er fysiek niets veranderd zal zowel de bereikbaarheid als de verkeersbewegingen ongewijzigd blijven. Met het verwijderen van de functie ‘bedrijfswoning’ en daarmee de mogelijkheid tot het oprichten van een bedrijfswoning wordt wel voorkomen dat het aantal verkeersbewegingen rondom het plangebied als gevolg zal toenemen.

4.7

PLAN-MER In 2001 is de Europese richtlijn milieubeoordeling van plannen opgesteld. In 2006 is deze richtlijn geïmplementeerd in de Nederlandse milieuregelgeving door middel van een wijziging van de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage 1994. Bij deze wijzigingen is de figuur van de planmer (plan milieueffectrapportage) geïntroduceerd. Ten aanzien van plannen die (uiteindelijk) kunnen leiden tot concrete projecten of activiteiten met mogelijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn overheden verplicht een planmer uit te voeren. De planmer dient een passende beoordeling van de gevolgen van het plan voor het milieu te bevatten. Ook ten aanzien van bestemmingsplannen welke mogelijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben kan deze onderzoeksplicht gelden. Op het bedrijventerrein Smakterheide worden geen projectmerplichtige activiteiten toegelaten.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

28

Voorliggend plan voorziet in de vastlegging van de bestaande situatie, er wordt juist de oprichting van een bedrijfswoning onmogelijk gemaakt. Ten aanzien van voorliggend bestemmingsplan geldt de onderzoeksplicht derhalve niet.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

29

5 5.1

JURIDISCHE PLANTOELICHTING

OPBOUW Voorliggend plan bestaat uit een toelichting, verbeelding en planregels. De verbeelding en de regels vormen de juridische basis van het plan. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing van de regels alsook de functie van visualisering van de bestemmingen. Op de verbeelding worden de bestemmingen weergegeven, met de daarbij horende randvoorwaarden. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De toelichting heeft geen juridische status, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het plan alsmede bij de uitleg van bepaalde bestemmingen en regels.

5.2

HERZIENING De herziening heeft betrekking op het verwijderen van de functieaanduidingen ‘bedrijfswoning’ en ‘specifieke vorm van bedrijf – autohandel’ op de locatie Metaalweg 1 te Venray. De bestemmingsplanherziening is noodzakelijk om de wijziging positief te bestemmen. De gemeente kan medewerking verlenen aan de wijziging middels een herziening van het bestemmingsplan. Aan de hand van onderhavig onderbouwing kan geconcludeerd worden dat het voorgenomen initiatief niet leidt tot negatieve effecten in de omgeving. Het initiatief voldoet aan de thans vigerende Wet- en regelgeving.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

30

6

ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID

Op grond van de Wet ruimtelijke ordening rust op de gemeente de verplichting tot het verhaal van kosten die tot de grondexploitatie behoren op basis van een exploitatieplan. De gemeente kan hiervan afzien indien het kostenverhaal anderszins is verzekerd. Het bedrijventerrein Smakterheide is reeds grotendeels tot ontwikkeling gebracht: het merendeel van de in het plan gelegen gronden is reeds uitgegeven door de gemeente, zodat ten aanzien hiervan de kosten via de gronduitgifteprijs gedekt zijn. Ten aanzien van onderhavige nog uit te geven gronden wordt opgemerkt dat middels de af te sluiten overeenkomsten ten behoeve van de grondoverdracht ook ten aanzien van deze gedeelten het kostenverhaal ‘anderszins verzekerd’ is. Inhoudelijke eisen boven op de bestemmingsplanregeling worden niet nodig geacht. Een exploitatieplan volgens de Wet ruimtelijke ordening wordt dan ook niet vastgesteld.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

31

7 7.1

UITVOERBAARHEID

OVERLEG Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat de gemeente bij de voorbereiding van een ruimtelijke ontwikkeling overleg moeten plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en rijk die betrokken zijn bij de zorg voor ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het kader van het vooroverleg is het bestemmingsplan daarom gestuurd naar de volgende instanties: Provincie Limburg; Waterschap Limburg.

7.2

ZIENSWIJZEN Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 21 december 2023 tot en met 31 januari 2024 ter inzage gelegen. Dit is gepubliceerd op de gemeentelijke website en in het digitale Gemeenteblad. Tevens is het plan voor eenieder digitaal raadpleegbaar gesteld op ruimtelijkeplannen.nl. In deze periode is één zienswijze ingediend door TenneT. TenneT is van mening dat in het bestemmingsplan onvoldoende rekening is gehouden met de bescherming van de belangen van de hoogspanningsverbinding binnen het plangebied. Zij heeft daarom verzocht om in artikel 4 Leiding-Hoogspanningsverbinding de aangereikte regels toe te voegen, hetgeen is geschied. Hiermee wordt beter gewaarborgd dat het hoogspanningsnet voldoende wordt beschermd tegen omgevingsaspecten die van invloed kunnen zijn op een betrouwbare levering van energie.

Toelichting Metaalweg 1, Venray

32

33

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14008428/1