CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Bijlage 3 omnibuzz-begroting-2024-1-v100-print

Gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente VenrayBij agendapunt: Omnibuzz gewijzigde begroting 2024, concept begroting 2025 & meerjarenperspectief 2026-2028 en jaarverslag 202317.936 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Benodigde weerstandscapaciteit totaal risico

Weerstandsratio

€ 900.000

€ 760.000

1,18

De minimale omvang van de algemene reserve is op 20 december 2023 vastgesteld op € 550.000,-. Met dit minimum wordt met name het risico dat een van de vervoerders (taxibedrijven) failliet gaat afgedekt, alsmede de risico’s van digitale dreigingen. Daarnaast biedt dit minimum voldoende dekking voor de financiering van eventuele investeringen. Risicomanagement

Het beleid van Omnibuzz is zodanig ingericht dat minimaal één keer per 5 jaar de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd dient te worden. Medio 2023 is de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd en op 20 december 2023 is deze vastgesteld door het algemeen bestuur. Bij deze actualisatie is ook de inventarisatie van de belangrijkste risico’s waarmee Omnibuzz kan worden geconfronteerd geactualiseerd. Op basis van deze risico-inventarisatie en de bijbehorende beheersmaatregelen is een inschatting gemaakt van de financiële impact en de kans dat de risico’s zich voordoen. Dit vormt de basis voor het bepalen van het weerstandvermogen. De belangrijkste geïdentificeerde risico’s zijn: Risico’s Economische kwetsbaarheid taxibedrijven Gebrek aan kennis omtrent nieuw doelgroepenvervoer

Politiek

Strategisch

Proces

Personeel

ICT

Financieel

Kwaliteit

 

Afhankelijkheid leveranciers ICT Digitale dreigingen

Continuiteit risico tgv serverbeheer

Rekening houdende met de beheersmaatregelen die beschikbaar zijn om deze risico’s te mitigeren en de mate waarin de risico’s reeds in de eerdere begroting zijn doorgerekend, wordt de maximale impact geschat op € 760.000,-.

22

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Risicomanagement is een belangrijk onderdeel van de planning & control cyclus binnen Omnibuzz. In dit kader wordt regelmatig getoetst of de aanwezige weerstandscapaciteit afdoende is om de risico’s waarmee Omnibuzz geconfronteerd wordt af te dekken. Een overzicht van de kernrisico’s is opgenomen in de bijlagen vanaf pagina 54. De vaststelling is geldend totdat de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ opnieuw zal worden geactualiseerd. In de vergadering van het algemeen bestuur d.d. 7 juli 2021 is, naar aanleiding van de bestemming van het resultaat over 2020, besloten om € 368.000,- toe te voegen aan de algemene reserve. Hiermee is de algemene reserve ultimo 2021 uitgekomen op € 900.000,-. Het saldo biedt ruimte om tot aan het minimum actief gelden in te zetten voor afdekking van benoemde scenario’s, dekking van eventuele tekorten en financiering van investeringen.

23

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Geprognosticeerde balans 2024-1 Activa

31-dec-2023 €

31-dec-2024 €

Passiva

Vaste activa

Vaste passiva

Materiële vaste activa:

Algemene reserve

Investeringen met een economisch nut

340.206

283.668

Egalisatiereserve Bestemmingsreserve

Financiële vaste activa

-

-

Resultaat voor bestemming Wmo Resultaat voor bestemming GGZ

Totaal vaste activa

340.206

283.668 Totaal vaste passiva

Vlottende activa

Vlottende passiva

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar:

Netto-vlottende schulden:

Uitzettingen in Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

5.948.359

5.349.686

Overige schulden

31-dec-2023 €

900.000

31-dec-2024 €

900.000

-

-

35.244

24.500

2.095.839

-

-25.984

-

3.005.099

924.500

2.232.070

1.538.791

506.730

347.308

1.751.267

3.689.198

Overlopende passiva: Overige vorderingen

408.568

316.921

Te betalen verplichtingen

Liquide middelen

568.157

353.562

Voorschotbedragen:

Overlopende activa

229.876

195.962

Overige Nederlandse overheidslichamen

Totaal vlottende activa

7.154.959

6.216.131 Totaal vlottende passiva

4.490.067

5.575.298

Totaal generaal

7.495.166

6.499.798 Totaal generaal

7.495.166

6.499.798

De vergelijkende cijfers per 31 december 2023 zijn overgenomen uit de concept jaarrekening 2023. De balansposten vlottende activa en vlottende passiva zijn voor 2024 begroot door het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaren te nemen (incidentele posten buiten beschouwing gelaten), of waar mogelijk een zo accuraat mogelijke inschatting van de balanspost te maken. Voor de gewijzigde begroting 2024-1 is het positieve resultaat 2023 € 2.069.855,- als incidenteel gezien en uit het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaar gehaald. Het positieve resultaat vloeit via het resultaatvoorstel terug naar de gemeenten of wordt toegevoegd aan de algemene reserve of bestemmingsreserves. Het voorstel resultaatbestemming 2023 wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het algemeen bestuur op 3 juli 2024 en zal in de gewijzigde begroting 2025 worden verwerkt. Het eigen vermogen is begroot door een zo goed mogelijke inschatting te geven van de reserves en voorzieningen op basis van de nu bekende risico’s. Hierbij is rekening gehouden met de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ die is vastgesteld door het algemeen bestuur en met de huidige weerstandscapaciteit. 24

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Kengetallen

In het kader van artikel 11 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende kengetallen opgenomen:

› Netto schuldquote. › Solvabiliteitsratio. › Structurele exploitatieruimte. › Grondexploitatie. › Belastingcapaciteit. Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Onderstaand volgt een korte toelichting op de voorgeschreven kengetallen:

› De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. › De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. › De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te kunnen dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is.

› De grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale baten (niet van toepassing voor Omnibuzz).

› De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (niet van toepassing voor Omnibuzz).

De uitkomsten van deze vijf kengetallen worden voor het begrotingsjaar 2024 (t) weergegeven in de volgende tabel. Begroting jaar

Verloop van de kengetallen

Kengetallen:

2022

2023

2024-1

Netto schuldquote

-16%

-9%

2%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-16%

-9%

2%

Solvabiliteitsratio

69%

40%

14%

Structurele exploitatieruimte

12%

7%

-0,04%

Grondexploitatie

nvt

nvt

nvt

Belastingcapaciteit

nvt

nvt

nvt

Voor 2024 (t) is de geprognosticeerde balans 2024 of een gemiddelde van de afgelopen 3 jaren als basis gebruikt om de kengetallen te berekenen. Voor 2022 (t-2) zijn de gerealiseerde cijfers uit de vastgestelde jaarrekening gebruikt. Voor 2023 zijn de cijfers uit de concept jaarrekening overgenomen. Omdat in 2023 de resultaatbestemming nog opgenomen is, ontstaat er een vertekend beeld, waardoor het verschil tussen de 25

Omnibuzz

De beleidsbegroting

solvabiliteitsratio’s van 2023 en 2024-1 groter lijkt dan het daadwerkelijk is. De solvabiliteitsratio voor 2024-1 is 14%. Dit betekent dat voor 2024 (t) 14% van het totale vermogen uit eigen vermogen bestaat. Hoe hoger dit percentage, hoe beter. De uitkomst van de netto schuldquote is 2%. Dit komt omdat Omnibuzz relatief weinig vreemd vermogen heeft. De structurele exploitatieruimte bedraagt voor 2024 (t) –0,04%. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn voor Omnibuzz niet van toepassing. Financiering

Treasury De financiering van Omnibuzz bestaat uit bijdragen van de deelnemende gemeenten. Omnibuzz maakt op dit moment geen gebruik van een kortlopende kasgeldlening. Indien er in de toekomst gebruik wordt gemaakt van een kortlopende kasgeldlening zullen de hieraan eventueel verbonden kosten in de jaarrekening opgenomen worden als kapitaallasten. Vanuit de in 2018 gevormde bestemmingsreserve ‘ICT’ valt elke jaar het afschrijvingsdeel voor de in het jaar 2018 en 2019 geïnvesteerde activa vrij ter financiering van de afschrijvingslasten. In de gewijzigde begroting 2024-1 bedraagt dit afschrijvingsdeel € 6.125,-. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag korte financiering mogelijk is. Onder korte financiering wordt in de Wet FIDO verstaan leningen met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet wordt bepaald als een percentage van het begrotingstotaal. Bij ministeriële regeling is dit percentage voor Omnibuzz vastgesteld op 8,2%. Concreet betekent dit dat de netto vlottende schuld per kwartaal de kasgeldlimiet niet mag overschrijden. Omnibuzz zal naar verwachting binnen de kasgeldlimiet blijven. (1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

(3) Netto vlottende schuld

Kwartaal 1

€

1.362.404

€

5.824.743

€

-4.462.340

Kwartaal 2

€

1.369.219

€

6.033.805

€

-4.664.586

Kwartaal 3

€

1.225.962

€

3.395.699

€

-2.169.737

Kwartaal 4

€

4.490.067

€

7.154.959

€

-2.664.892

5.602.302 €

-3.490.389

(4) Gemiddelde van kwartalen €

2.111.913 €

(6) Ruimte onder kasgeldlimiet

3.490.389

€

(5) Berekening kasgeldlimiet (7) Omvang begroting per 1 januari 2023

€

29.855.270

(5) = (7) x (8) Kasgeldlimiet:

€

2.448.132

Ruimte (+) / overschrijding (-) (6) + (5)

€

5.938.521

(8) in procenten van de grondslag

26

8,2%

Omnibuzz

De beleidsbegroting

De (verwachte) netto vlottende schuld per kwartaal voor de kasgeldlimiet 2024 is berekend door uit te gaan van de realisatie Q1 t/m Q4 2023. Renterisiconorm De renterisiconorm is direct gerelateerd aan het budgettaire risico en heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat overtollige publieke middelen worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Decentrale overheden zullen op de deposito’s een rente vergoed krijgen die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt bij leningen die ze op de markt aangaat. Voor decentrale overheden is het gevolg hiervan dat uitstaande beleggingen bij het vrijvallen niet kunnen worden herbelegd maar naar de rekening courant gaan. Daar kunnen ze hoogstens als deposito worden weggezet tegen de dan geldende rente op Nederlandse staatsobligaties. Er is sprake van een drempelbedrag dat Omnibuzz buiten de schatkist mag aanhouden. Voor Omnibuzz is het drempelbedrag vastgesteld op maximaal € 1.000.000,-. Het feitelijke bedrag is voor Omnibuzz rond de € 500.000,-.

Dit saldo wordt daarmee niet als overtollig beschouwd. De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) De Europese eisen en afspraken over reductie van het begrotingstekort en de staatsschuld vormen de basis van de Wet Hof. De middellange termijndoelstelling is het op termijn verkrijgen van begrotingsevenwicht in stappen van 0,5% bbp per jaar. Omdat ook gemeenten, provincies, waterschappen en Gemeenschappelijke Regelingen bijdragen aan het begrotingstekort van de collectieve sector, bepaalt het wetsvoorstel dat niet alleen het Rijk maar ook de decentrale overheden zich moeten houden aan de doelstellingen uit het aangescherpte Stabiliteits- en Groeipact.

27

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Het EMU-saldo volgt uit de tabel:

Omschrijving

2023 2024-1 Jaarrekening Begroting x € 1.000 x € 1.000 Vorig verslagjaar

2025 Begroting x € 1.000

Huidig Volgend begrotings- begrotingsjaar jaar

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

1.979

0

0

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

46

50

50

3

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie

0

0

0

4

Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd

44

0

0

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

0

0

0

6

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

7

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)

0

0

0

8

Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

9

Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen

0

0

0

10

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten

0

0

0

11

Verkoop van effecten

a

Gaat u effecten verkopen? (ja/nee)

Nee

Nee

Nee

b

Zo ja, wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie

0

0

0

1.981

50

50

Berekend EMU-saldo

Het EMU-saldo wordt berekend door op het exploitatiesaldo de afschrijvingen, investeringen en mutaties van reserves te corrigeren. Omdat Omnibuzz kostenneutraal begroot, leiden eventuele investeringen in 2024 in materiële vaste activa tot een mutatie in het EMU-saldo. Tevens drukken de afschrijvingen op de exploitatie, die conform de financiële uitgangspunten niet gedekt worden door de algemene reserve. Per saldo wordt hierdoor voor 2024 een EMU-saldo ad € 50.000,- begroot. Economische vooruitzichten

De inflatie daalt van 4,1% in 2023 naar 2,9% in 2024. De economische groei is met 0,1% in 2023 laag, maar stijgt iets in 2024, naar 0,3%. Dat blijkt uit de Najaarsraming van december 2023. 28

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Na een recordhoogte van 11,6% in 2022, is de inflatie in 2023 gedaald naar 4,1%. Wij verwachten dat deze in 2024 verder daalt naar 2,9%, en in 2025 met 2,2% dichterbij de beoogde 2% komt. De lagere energieprijzen en de renteverhogingen van de centrale banken zijn hier de belangrijkste oorzaken van.

Kwaliteit en klantgerichtheid

De economie is in 2023 met 0,1% gegroeid. Dat is fors lager dan in 2022, toen er nog veel groei werd ingehaald na de COVID-19 pandemie. In de komende jaren zal de groei iets hoger zijn; 0,3% in 2024 en 1% in 2025.

Professionaliteit

De belangrijkste oorzaken van de afkoeling van de economie zijn de terugval van de wereldhandel en het monetaire beleid van de Europese Centrale Bank. Dat beleid is nodig om de hoge inflatie te bestrijden. Het begrotingstekort van de overheid is in 2023 nog beperkt tot 0,9% van het bruto binnenlands product. Dat beeld verslechtert de komende jaren snel, mede doordat meer rente moet worden betaald over de eigen overheidsschuld. Het tekort stijgt dan richting de EU-grens van 3%. De werkloosheid blijft laag met een 3,6% in 2023 en loopt op naar 4% in 2024. De lonen stijgen fors, met 5,9% in 2023 en 5,7% in 2024. (Bron: DNB, De stand van onze economie - december 2023). Bedrijfsvoering Sturingsprincipes

Sinds de totstandkoming van de Gemeenschappelijke Regeling Omnibuzz heeft Omnibuzz zich ontwikkeld tot een compacte en doelmatige organisatie. De organisatie is hierbij ingericht op basis van een aantal sturingsprincipes die behouden blijven. Daarnaast vraagt de groei en ontwikkeling van de organisatie om een aantal nieuwe sturingsprincipes. De volgende principes worden door Omnibuzz bij de keuzes omtrent inrichting van de werkorganisatie gehanteerd:

Kwaliteit en klantgerichtheid staan voorop bij alle inrichtingsvraagstukken. Dit uit zich naar alle betrokkenen, van klanten tot vervoerders en van gemeenten tot de Provincie Limburg.

Omnibuzz organiseert haar werkorganisatie op een professionele manier. Uitgangspunt hierbij is dat de organisatie-inrichting en -sturing faciliterend moeten zijn voor de medewerkers. Doelmatigheid De werkorganisatie wordt doelmatig ingericht. Dat wil zeggen dat binnen de geldende kwaliteitskaders en taakstelling een zo efficiënt mogelijke organisatie wordt ingericht. Lerende organisatie Omnibuzz is een organisatie in groei en in ontwikkeling. Dit betekent dat processen, systemen en werkwijzen voortdurend worden geoptimaliseerd. Omnibuzz stimuleert haar medewerkers bij te dragen aan het principe van een lerende organisatie. Good governance De organisatie wordt ingericht op basis van de principes van good governance en met inachtneming van de bepalingen van de Wet ‘Gemeenschappelijke Regelingen’. Belastingdienst In 2017 heeft de Belastingdienst Omnibuzz vrijgesteld van de vennootschapsbelasting op basis van de dienstverleningsovereenkomsten-vrijstelling. In 2018 heeft de Belastingdienst het standpunt ingenomen dat Omnibuzz btw in rekening dient te brengen over de 29

Omnibuzz

De beleidsbegroting

gemeentelijke bijdrage (vervoer 9%, overige kosten 21%). Dit heeft tot gevolg gehad dat de fiscale afhandeling van het ondernemershandelen in het kader van de vervoersbeweging van Omnibuzz per 1 april 2019 is teruggevallen naar de individuele gemeenten. Bestuurlijke structuur

De bestuurlijke structuur wordt gevormd door een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden met 38 stemmen. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door een zevental leden:

› 4 leden vanuit Zuid-Limburg. › 3 leden vanuit Noord- en Midden-Limburg. De directeur van Omnibuzz legt verantwoording af aan het dagelijks bestuur (DB) en het algemeen bestuur (AB). In de nadere uitwerking van de verordeningen van DB en AB alsmede de organisatie- en directieverordening is de relatie nader geregeld. Structuur werkorganisatie

Omnibuzz staat onder aansturing van een éénhoofdige directie. De directeur legt verantwoording af aan het bestuur en geeft leiding aan de werkorganisatie. Binnen de werkorganisatie worden twee afdelingen onderscheiden die elk onder aansturing staan van een manager:

› Uitvoering, waaronder ritreservering en tactische regievoering. › Bedrijfsvoering, waaronder ICT, financiële administratie, finance & control en klantenservice. Naast deze afdelingen wordt een aantal staffuncties onderscheiden die onder aansturing van de directeur vallen. De afdelingsmanagers vormen samen met de directeur het managementteam. In de vergadering van het dagelijks bestuur op 13 november 2019 is ingestemd met de tweede evaluatie van het organisatieplan. In het formatieplan is de benodigde bezetting per afdeling als volgt vastgelegd.

30

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Afdeling uitvoering

De afdeling uitvoering kent de volgende verwachte bezetting: Functie

Fte

Manager uitvoering

1,00

Teamleider ritreservering

3,00

Medewerkers ritreservering

22,45

Regiemedewerkers

4,45

Projectmedewerker uitvoering

0,80

Hoofd ritreservering

1,00

Afdeling uitvoering totaal

32,7

De totale verwachte bezetting van de afdeling uitvoering bedraagt in de eindsituatie 2024 naar huidige inzichten maximaal 32,70 fte en blijft hiermee ongewijzigd ten opzichte van 2023. Afdeling bedrijfsvoering

De afdeling bedrijfsvoering zal naar verwachting de volgende bezetting in 2024 kennen: Functie

Fte

Manager bedrijfsvoering

0,90

Teamleider financiële administratie

1,00

Financieel medewerkers A

3,00

Financieel medewerkers B

1,00

Teamleider klantenservice

1,00

Medewerker klantenservice

7,00

Medewerker applicatiebeheer

0,67

Medewerker ICT

0,67

Medewerker finance & control

0,80

Afdeling bedrijfsvoering totaal

16,04

De totale verwachte bezetting van de afdeling bedrijfsvoering bedraagt in 2024 16,04 fte en is hiermee ongewijzigd ten opzichte van vorig jaar. 31

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Staffuncties

De staffuncties zien er naar verwachting als volgt uit: Functie

Fte

Directeur

1

HR beleidsadviseur

0,8

HR assistent

0,5

Adviseur projecten

3,5

Secretariaat

1,39

Functionaris gegevensbescherming

0,1

Privacy Officer

0,2

Communicatieadviseur

0,5

Coördinator klachtenafhandeling

1

Medewerker klachtenafhandeling

0,9

Medewerker databeheer en -analyse

0,6

Afdeling staf totaal

10,49

De verwachte bezetting van de staffuncties bedraagt in 2024 10,49 fte en blijft hiermee ongewijzigd ten opzichte van 2023. Daarnaast wordt vanwege de aard van de werkzaamheden externe expertise ingekocht: Functie

Fte

Projectleider

0,50

De totale structurele bezetting van Omnibuzz is 60,03 fte. Hierin is 0,30 fte opgenomen voor invulling van de OR-activiteiten. Het verloop van de bezetting over de jaren is als volgt: Afdeling

2024

2025

2026

2027

2028

Uitvoering

32,70

32,70

32,70

32,70

32,70

Bedrijfsvoering

16,04

16,04

16,04

16,04

16,04

Staf

10,49

10,49

10,49

10,49

10,49

OR

0,30

0,30

0,30

0,30

0,30

Externe expertise

0,50

0,50

0,50

0,50

0,50

Totaal

60,03

60,03

60,03

60,03

60,03

32

4

Financiële begroting

33

Omnibuzz

Financiële begroting

4. Financiële begroting 4.1

Financiële kaders

Ten opzichte van de begroting 2024 (goedgekeurd door het algemeen bestuur op 5 juli 2023) doet zich een aantal wijzigingen voor. Enerzijds vloeien deze wijzigingen voort uit het feit dat de financiële uitgangspunten kunnen worden ingevuld met meer recent cijfermateriaal. Anderzijds is er ook een aantal beleidsmatige wijzigingen die hun effect hebben op de begroting 2024. De financiële uitgangspunten voor de gewijzigde begroting 2024-1 zijn vastgesteld door het algemeen bestuur op 20 december 2023 en hieronder weergegeven. 1 2023 is het eerste jaar sinds COVID-19 waarin er geen

lockdowns of andere beperkende maatregelen zijn ingesteld. Daarnaast heeft de vervoersvraag zich gestabiliseerd ten opzichte van voorgaande jaren. Wij keren dan ook terug naar het oorspronkelijke uitgangspunt, waarin de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (T-1) als uitgangspunt worden genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2024-1 is het uitgangspunt dus het gerealiseerde vervoersvolume in 2023 op gemeenteniveau. 2 Op de vervoerscijfers zoals genoemd bij 1) wordt een opslag van 5% toegepast om de toekomstige groei in de vervoersvraag binnen de begroting op te vangen. 3 De individuele gemeentes hebben de mogelijkheid om naar wens een additioneel opslagpercentage toe te passen om een hogere (of lagere) verwachte stijging van het vervoersvolume op gemeenteniveau (zie 2) op te vangen. Dit individueel opslagpercentage kan op maat worden ingerekend. 4 Vanwege de structureel lagere vervoersvraag zijn de aanvullende addendum afspraken met de vervoerders nog steeds van toepassing. Deze afspraken houden in dat de vervoerders gecompenseerd worden middels een staffel 34

in het tarief voor het lagere vervoersvolume (40% - 90%) ten opzichte van de inschrijving bij de aanbesteding. Het vervoerstarief zal daarom worden verhoogd conform de contractueel overeengekomen staffel in het addendum met de vervoerders. De basis voor het toe te passen staffelpercentage bestaat uit het vervoersvolume genoemd onder 1) en de opslag genoemd onder 2). 5 Het vervoerstarief wordt geïndexeerd met de NEA-index voor 2024 (vastgesteld op 3,4%). Voor het vervoerstarief wordt gerekend met het voorcalculatorisch tarief 2024 op basis van de afgegeven tarieven in de vervoerscontracten of de flexibele tarieven uit het addendum op de vervoerscontracten, verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2024. 6 Het voorcalculatorisch tarief 2024 wordt bepaald op basis van het nacalculatorisch tarief voor 2023 (nog te bepalen), voor het gerealiseerde deel van het vervoer 2023, verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2024 (3,4%). 7 Voor de salaris- en loonkosten wordt een nieuwe inschatting gemaakt van de diverse kostencomponenten op basis van de meest actuele informatie. In de begroting 2024-1 zal gebruik worden gemaakt van het meest recente formatieplan. Indexatie van de salariscomponent gebeurt op basis van de afspraken tussen werkgevers en de vakbonden, zoals deze zijn overeengekomen in het onderhandelingsresultaat Cao Gemeenten en Cao SGO d.d.

10 november 2023 (per 1 januari 4,75% en per 1 oktober 1,25%). 8 De overheadkosten 2024 zijn gebaseerd op een zo goed mogelijke nieuwe inschatting van de diverse kostencomponenten. Er wordt gewerkt met een indexpercentage gebaseerd op de schatting uit de MEV 2024 middellange termijnplanning van het CPB zijnde 3,3%. 9 Alle vervoerskosten worden conform uitgangspunt uit de notitie afrekensystematiek op basis van daadwerkelijk gebruik met de deelnemende gemeenten afgerekend. 10 De afrekensystematiek voor de indirecte vervoerskosten (zoals loonkosten ritreservering en klantenservice) gebeurt op basis van het aantal ritten. In de begroting

Omnibuzz

Financiële begroting

zal het aantal ritten uit 2023 opgenomen worden. Bij de afrekening wordt het gerealiseerde aantal ritten 2024 als basis genomen. 11 De afrekensystematiek voor de overheadkosten conform ‘Notitie overhead Commissie BBV/IV3’ (bijvoorbeeld loonkosten staf en directie, facilitaire zaken) gebeurt op basis van het aantal inwoners (gebaseerd op CBS-gegevens peildatum 1-1-2024). 12 In de begroting wordt ervan uitgegaan dat de algemene reserve minimaal € 520.000,- bedraagt conform de vastgestelde ‘Nota reserves, voorzieningen en risicomanagement’. Actualisatie van deze nota kan dit bedrag wijzigen (na goedkeuring door algemeen bestuur op 20 december 2023) naar € 550.000,-. 13 In de overheadkosten is een post onvoorzien opgenomen conform voorschrift BBV. Deze post wordt gesteld op € 50.000,-. 14 Alle bedragen zijn weergegeven exclusief btw. Additionele uitgangspunten GGZ-vervoer (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is) 15 Verdeelsleutel GGZ-vervoer: de overheadkosten worden ver-

deeld op basis van inwonersaantal; indirecte vervoerskosten op basis van aantal ritten; directe vervoerskosten op basis van kilometers.

16 Verdeelsleutel interne doorbelasting Wmo-vervoer naar

GGZ-vervoer: de overheadkosten worden doorbelast op basis van het aantal pashouders op 1 januari van het betreffende jaar; indirecte vervoerskosten op basis van het aantal ritten. 17 Investeringskosten GGZ: deze worden op basis van inwoneraantal (peildatum 1 januari van het betreffende jaar) doorberekend aan de betreffende gemeenten. Additionele uitgangspunten leerlingenvervoer (LLV) (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is) 18 De investeringen worden op basis van inwoneraantal

doorberekend aan de betreffende gemeenten.

19 Verdeelsleutel interne doorbelasting Wmo - LLV: over-

head op basis van geïndiceerde reiziger.

20 Verdeelsleutel gemeenten binnen LLV: kilometers voor

vervoer, inwoners voor overheadkosten en ritten voor indirecte vervoerkosten. 21 Vervoerkosten middels gewogen gemiddelde tarief vervoerders: 1 gemeentelijk tarief. Alle perceeltarieven tezamen leiden tot een gewogen gemiddeld tarief (prijs) voor de gemeenten, waarbij per gemeente op basis van realisatie en toeslagen (hoeveelheid) wordt afgerekend.

35

Omnibuzz

Financiële begroting

Beleidsindicatoren Indicator

2024-1

Eenheid

Bron

0,053

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Bezetting

0,052

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Apparaatskosten

€ 2,72

kosten per inwoner

Eigen begroting

Externe inhuur

1,9%

kosten als % van totale loonsom

Eigen begroting

Overhead

10,0%

% van totale lasten

Eigen begroting

Formatie

Voor een toelichting op de beleidsindicatoren wordt verwezen naar ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 19. Tabel overzicht van baten en lasten per taakveld Programma Wmo-vervoer

Baten

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

€

- €

Lasten

2.173.876 €

Saldo 2.173.876

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

€

- €

24.439.484 €

24.439.484

6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

€

- €

174.799 €

174.799

Algemene dekkingsmiddelen 0.5 Treasury

€

75.000 €

18.000 €

-57.000

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

€

2.173.876 €

- €

-2.173.876

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

€

24.432.484 €

- €

-24.432.484

6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

€

174.799 €

- €

-174.799

0.4 Overhead Wmo

€

2.874.675 €

2.874.675 €

-

0.4 Overhead GGZ

€

6.122 €

6.122 €

-

0.4 Overhead LLV

€

118.314 €

118.314 €

-

Overhead

Onvoorzien 0.8 Overige baten en lasten

€

- €

50.000 €

50.000

Structureel saldo van baten en lasten

€

29.855.270 €

29.855.270 €

-

Toevoegingen aan de reserves

€

- €

- €

-

Onttrekkingen aan de reserves

€

- €

- €

-

Algemene reserve

€

- €

- €

-

Bestemmingsreserve ICT

€

10.744 €

- €

-10.744

Incidenteel saldo van baten en lasten

€

10.744 €

- €

-10.744

Structureel en reëel evenwicht

€

29.866.014 €

29.855.270 €

-10.744

Voor een toelichting op de baten en lasten per taakveld wordt verwezen naar ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 19. 36

Omnibuzz

4.2

Financiële begroting

Toelichting op de baten en lasten Wmo

Vervoerskosten en baten

Het vervoersvolume 2024-1 is gebaseerd op de gerealiseerde kilometers, de toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er in de periode 1 januari tot en met 31 december 2023, vermeerderd met een opslag van 5%. Tabel Vervoersvolume 2024-1 Gemeente

Kilometers 2023

Kilometers 2024-1 (incl. opslag)

Opslag

Toeslagen km hoog (incl. opslag)

Toeslagen km laag (incl. opslag)

Meereizend km OV-er (incl. opslag)

Ritten 2024

Beek

79.251

5%

83.214

2.498

20.563

491

10.422

Beekdaelen

237.324

5%

249.190

1.019

49.989

1.615

31.446

Beesel

57.016

5%

59.867

2.416

17.295

582

6.840

Bergen

55.012

5%

57.763

2.038

9.606

259

4.758

Brunssum

250.758

5%

263.296

3.399

75.203

1.818

37.385

Echt-Susteren

212.070

5%

222.673

7.629

56.257

1.769

26.584

Eijsden-Margraten

193.659

5%

203.341

2.711

57.769

1.214

27.021

Gennep

85.945

5%

90.242

5.760

20.558

723

13.317

Gulpen-Wittem

113.286

5%

118.950

8.296

33.038

1.021

13.841

Heerlen

645.482

5%

677.756

23.396

140.168

6.177

113.382

Horst aan de Maas

176.069

5%

184.873

3.169

42.074

698

20.190

Kerkrade

450.948

5%

473.495

20.448

114.402

5.202

80.799

Landgraaf

341.670

5%

358.753

16.175

88.780

2.461

58.593

Leudal

165.142

5%

173.399

2.229

40.941

720

17.386

Maasgouw

160.213

5%

168.224

4.097

37.296

1.114

17.823

Maastricht

855.397

5%

898.167

44.669

279.881

8.183

180.514

Meerssen

166.592

5%

174.922

10.279

38.921

1.372

23.511

Nederweert

55.495

5%

58.269

135

13.219

323

7.249

Peel en Maas

157.377

5%

165.246

5.130

43.840

1.052

16.532

Roerdalen

77.492

5%

81.367

2.553

17.930

655

9.561

Roermond

193.752

5%

203.440

687

44.504

1.672

38.815

Simpelveld

48.156

5%

50.564

904

7.137

531

6.584

Sittard-Geleen

699.304

5%

734.269

38.068

175.042

5.544

112.309

Stein

95.930

5%

100.727

3.542

25.737

791

13.503

Vaals

85.418

5%

89.689

536

24.830

505

9.537

Valkenburg aan de Geul

179.468

5%

188.441

8.244

58.976

930

23.909

Venlo

319.635

5%

335.617

17.346

75.420

3.599

65.751

Venray

149.024

5%

156.475

2.866

36.839

1.134

23.242

Voerendaal

58.925

5%

61.871

1.178

18.671

450

8.142

Weert

114.037

5%

119.739

3.476

36.065

896

24.725

Totaal

6.479.847

6.803.840

244.894

1.700.951

53.503

1.043.671 37

Omnibuzz

Financiële begroting

In de tabel ‘Vervoersvolume 2024-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. Basis voor de vervoerskosten zijn het opstarttarief en het kilometertarief. Het voorcalculatorisch opstarttarief is vastgesteld op € 5,49 (afgerond) en het voorcalculatorisch kilometertarief is € 1,90 (afgerond). De financiële kaders worden in 4.1 ‘Financiële kaders’ op pagina 34 toegelicht. De tarieven worden vermenigvuldigd met het vervoersvolume uit ‘Tabel Vervoersvolume 2024-1’ op pagina 37. De eigen bijdrage voor klanten per 1 januari 2024 zijn per regio verdeeld. Onderstaand het overzicht van de tarieven per regio per zone:

› € 0,92: Gemeente Maastricht, gemeente Meerssen, gemeente Vaals en gemeente Valkenburg aan de Geul. › € 1,02: Gemeente Stein. › € 0,91: Overige gemeenten. Omnibuzz ontvangt de eigen bijdrage van de klanten middels facturatie. De ontvangen bijdrage van de klanten zal per kwartaal uitbetaald worden aan de gemeenten. Deze eigen bijdrage wordt sinds april 2019 niet meer via de begroting en jaarrekening van Omnibuzz verantwoord. De eigen bijdrage voor de meereizende OV-er bedraagt € 2,77/zone, exclusief btw. Deze bijdrage is kostenneutraal voor de gemeenten. Aangezien de gemeenten de opbrengsten begroten, worden de kosten niet door de begroting van Omnibuzz gedekt maar door de begroting van de gemeenten. Op de toeslagen is geen eigen bijdrage van toepassing.

38

Omnibuzz

Financiële begroting

Tabel directe vervoerskosten 2024-1 Kilometerkosten Toeslagen hoog 2024-1

Gemeente

Toeslagen laag

Meereizend OV-er

Totaal excl. flexibel tarief

Flexibel tarief

Totaal incl. flexibel tarief

Beek

€

215.352 €

1.199 €

3.907 €

1.361 €

221.820 €

19.138 €

240.958

Beekdaelen

€

646.187 €

489 €

9.498 €

4.473 €

660.647 €

56.999 €

717.646

Beesel

€

151.315 €

1.160 €

3.286 €

1.611 €

157.373 €

13.578 €

170.950

Bergen

€

135.881 €

978 €

1.825 €

718 €

139.403 €

12.027 €

151.430

Brunssum

€

705.608 €

1.632 €

14.289 €

5.035 €

726.563 €

62.686 €

789.249

Echt-Susteren

€

569.097 €

3.662 €

10.689 €

4.901 €

588.348 €

50.761 €

639.109

Eijsden-Margraten

€

534.765 €

1.301 €

10.976 €

3.362 €

550.405 €

47.487 €

597.892

Gennep

€

244.608 €

2.765 €

3.906 €

2.004 €

253.282 €

21.852 €

275.135

Gulpen-Wittem

€

302.031 €

3.982 €

6.277 €

2.827 €

315.117 €

27.187 €

342.304 2.135.059

Heerlen

€

1.910.511 €

11.230 €

26.632 €

17.111 €

1.965.483 €

169.576 €

Horst aan de Maas

€

462.158 €

1.521 €

7.994 €

1.934 €

473.608 €

40.861 €

514.469

Kerkrade

€

1.343.443 €

9.815 €

21.736 €

14.409 €

1.389.403 €

119.874 €

1.509.277

Landgraaf

€

1.003.465 €

7.764 €

16.868 €

6.818 €

1.034.915 €

89.289 €

1.124.204

Leudal

€

424.953 €

1.070 €

7.779 €

1.995 €

435.797 €

37.599 €

473.396

Maasgouw

€

417.520 €

1.967 €

7.086 €

3.086 €

429.659 €

37.070 €

466.728

Maastricht

€

2.698.025 €

21.441 €

53.177 €

22.666 €

2.795.309 €

241.171 €

3.036.480

Meerssen

€

461.487 €

4.934 €

7.395 €

3.801 €

477.618 €

41.207 €

518.825

Nederweert

€

150.529 €

65 €

2.512 €

896 €

154.002 €

13.287 €

167.289

Peel en Maas

€

404.774 €

2.462 €

8.330 €

2.914 €

418.480 €

36.105 €

454.585

Roerdalen

€

207.115 €

1.225 €

3.407 €

1.815 €

213.562 €

18.425 €

231.987

Roermond

€

599.736 €

330 €

8.456 €

4.630 €

613.152 €

52.901 €

666.053

Simpelveld

€

132.233 €

434 €

1.356 €

1.472 €

135.495 €

11.690 €

147.185

Sittard-Geleen

€

2.011.991 €

18.273 €

33.258 €

15.357 €

2.078.878 €

179.359 €

2.258.237

Stein

€

265.549 €

1.700 €

4.890 €

2.190 €

274.329 €

23.668 €

297.997 248.938

Vaals

€

222.793 €

257 €

4.718 €

1.399 €

229.167 €

19.772 €

Valkenburg aan de Geul

€

489.361 €

3.957 €

11.205 €

2.577 €

507.100 €

43.751 €

550.851

Venlo

€

998.823 €

8.326 €

14.330 €

9.970 €

1.031.449 €

88.990 €

1.120.439

Totaal

Venray

€

424.963 €

1.376 €

6.999 €

3.141 €

436.479 €

37.658 €

474.137

Voerendaal

€

162.275 €

565 €

3.548 €

1.248 €

167.636 €

14.463 €

182.099

Weert

€

363.314 €

1.669 €

6.852 €

2.481 €

374.316 €

32.295 €

406.611

€

18.659.861 €

117.549 €

323.181 €

148.203 €

19.248.794 €

1.660.728 €

20.909.522

In de tabel ‘Vervoersvolume 2024-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. 39

Omnibuzz

Financiële begroting

Indirecte vervoerskosten

Alle kosten die verband houden met de uitvoering van vervoer binnen de organisatie Omnibuzz op basis van deze regeling worden gedragen door de gemeenten. Deze worden berekend op basis van het werkelijk aantal gemaakte ritten door de inwoners van de gemeenten. Het aantal ritten wordt achteraf vastgesteld op basis van het gerealiseerd aantal ritten van klanten van die gemeenten van het jaar waarop de kosten betrekking hebben. De verdeelsleutel van de indirecte vervoerskosten gebeurt op basis van het aantal ritten per gemeente. De indirecte vervoerskosten bestaan bijvoorbeeld uit de loonkosten van de medewerkers ritreservering en klantenservice. Tabel indirecte vervoerskosten 2024-1 Gemeente

Aantal ritten

Verhouding ritten

Totaal

Beek

10.422

1,00%

€

34.682

Beekdaelen

31.446

3,01%

€

104.643

Beesel

6.840

0,66%

€

22.760

Bergen

4.758

0,46%

€

15.831

Brunssum

37.385

3,58%

€

124.405

Echt-Susteren

26.584

2,55%

€

88.462

Eijsden-Margraten

27.021

2,59%

€

89.915

Gennep

13.317

1,28%

€

44.315

Gulpen-Wittem

13.841

1,33%

€

46.058

Heerlen

113.382

10,86%

€

377.295

Horst aan de Maas

20.190

1,93%

€

67.187

Kerkrade

80.799

7,74%

€

268.869

Landgraaf

58.593

5,61%

€

194.977

Leudal

17.386

1,67%

€

57.854

Maasgouw

17.823

1,71%

€

59.308

Maastricht

180.514

17,30%

€

600.686

Meerssen

23.511

2,25%

€

78.235

Nederweert

7.249

0,69%

€

24.123

Peel en Maas

16.532

1,58%

€

55.013

Roerdalen

9.561

0,92%

€

31.817

Roermond

38.815

3,72%

€

129.164

Simpelveld

6.584

0,63%

€

21.908

Sittard-Geleen

112.309

10,76%

€

373.724

Stein

13.503

1,29%

€

44.933

Vaals

9.537

0,91%

€

31.736

Valkenburg aan de Geul

23.909

2,29%

€

79.559

Venlo

65.751

6,30%

€

218.796

Venray

23.242

2,23%

€

77.340

Voerendaal

8.142

0,78%

€

27.093

Weert

24.725

2,37%

€

82.277

Totaal

1.043.671

100,00% €

3.472.963

40

Omnibuzz

Financiële begroting

Overheadkosten

De totale overheadkosten, conform de definities van de ‘Notitie Overhead Commissie BBV/IV3 systematiek’, worden gedragen door de gemeenten, naar rato van het aantal inwoners per gemeente. Het aantal inwoners wordt bepaald op de cijfers van het CBS. Overheadkosten bestaan onder andere uit de loonkosten directie, management en staf, automatisering en facilitaire kosten. Tabel overheadkosten 2024-1 Gemeente

Aantal inwoners

Verhouding inwoners

Totaal

Beek

16.215

1,44%

€

42.150

Beekdaelen

35.896

3,19%

€

93.311

Beesel

13.394

1,19%

€

34.817

Bergen

13.154

1,17%

€

34.194

Brunssum

27.770

2,47%

€

72.187

Echt-Susteren

32.041

2,85%

€

83.290

Eijsden-Margraten

26.034

2,31%

€

67.675

Gennep

17.789

1,58%

€

46.242

Gulpen-Wittem

14.054

1,25%

€

36.533

Heerlen

87.461

7,77%

€

227.353

Horst aan de Maas

43.917

3,90%

€

114.161

Kerkrade

45.311

4,03%

€

117.785

Landgraaf

37.112

3,30%

€

96.472

Leudal

36.006

3,20%

€

93.597

Maasgouw

24.406

2,17%

€

63.443

Maastricht

125.285

11,14%

€

325.675

Meerssen

18.576

1,65%

€

48.288

Nederweert

17.492

1,55%

€

45.470

Peel en Maas

45.534

4,05%

€

118.365

Roerdalen

20.806

1,85%

€

54.085

Roermond

60.743

5,40%

€

157.900

Simpelveld

10.255

0,91%

€

26.658

Sittard-Geleen

92.650

8,23%

€

240.841

Stein

24.744

2,20%

€

64.321

Vaals

10.121

0,90%

€

26.309

Valkenburg aan de Geul

16.431

1,46%

€

42.712

Venlo

103.789

9,22%

€

269.797

Venray

44.662

3,97%

€

116.098

Voerendaal

12.375

1,10%

€

32.169

Weert

51.079

4,54%

€

132.779

Totaal

1.125.102

100,00% €

2.924.675

41

Omnibuzz

Financiële begroting

In de begrotingswijziging 2024-1 zijn de geactualiseerde inzichten met betrekking tot benodigde mensen en middelen verwerkt in de bedrijfsvoeringkosten. In paragraaf 4.3 ‘Analyse tweede begrotingswijziging 2024-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2024 (Wmo)’ op pagina 45 zal een toelichting gegeven worden op de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de begroting 2024. Tabel Eindresultaat Gemeente

2024-1

Beek

€

317.790

Beekdaelen

€

915.599

Beesel

€

228.528

Bergen

€

201.455

Brunssum

€

985.841

Echt-Susteren

€

810.861

Eijsden-Margraten

€

755.482

Gennep

€

365.692

Gulpen-Wittem

€

424.896

Heerlen

€

2.739.707

Horst aan de Maas

€

695.817

Kerkrade

€

1.895.930

Landgraaf

€

1.415.653

Leudal

€

624.847

Maasgouw

€

589.479

Maastricht

€

3.962.841

Meerssen

€

645.347

Nederweert

€

236.881

Peel en Maas

€

627.963

Roerdalen

€

317.888

Roermond

€

953.117

Simpelveld

€

195.750

Sittard-Geleen

€

2.872.803

Stein

€

407.252

Vaals

€

306.984

Valkenburg aan de Geul

€

673.122

Venlo

€

1.609.032

Venray

€

667.576

Voerendaal

€

241.360

Weert

€

621.666

Totaal

€

27.307.159

De tabel geeft het resultaat weer van de totale kosten en baten voor de gewijzigde begroting 2024-1 omtrent het Wmo- gedeelte. Het geeft per gemeente inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2024-1 gevraagd wordt. 42

Omnibuzz

Financiële begroting

Eindresultaat IV3 Tabel IV3 - 2024-1 Gemeente

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

Verdeelsleutel

Programma Wmo-vervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)

Eindresultaat begroting 2024-1

Beek

1,44% €

275.639 €

42.150 €

317.790

Beekdaelen

3,21% €

822.288 €

93.311 €

915.599

Beesel

1,20% €

193.710 €

34.817 €

228.528

Bergen

1,17% €

167.262 €

34.194 €

201.455

Brunssum

2,47% €

913.653 €

72.187 €

985.841

Echt-Susteren

2,85% €

727.571 €

83.290 €

810.861

Eijsden-Margraten

2,32% €

687.807 €

67.675 €

755.482

Gennep

1,59% €

319.450 €

46.242 €

365.692

Gulpen-Wittem

1,27% €

388.363 €

36.533 €

424.896

Heerlen

7,78% €

2.512.355 €

227.353 €

2.739.707

Horst aan de Maas

3,90% €

581.656 €

114.161 €

695.817

Kerkrade

4,07% €

1.778.145 €

117.785 €

1.895.930

Landgraaf

3,32% €

1.319.181 €

96.472 €

1.415.653

Leudal

3,23% €

531.250 €

93.597 €

624.847

Maasgouw

2,17% €

526.036 €

63.443 €

589.479

Maastricht

10,95% €

3.637.166 €

325.675 €

3.962.841

Meerssen

1,66% €

597.060 €

48.288 €

645.347

Nederweert

1,56% €

191.411 €

45.470 €

236.881

Peel en Maas

4,04% €

509.599 €

118.365 €

627.963

Roerdalen

1,85% €

263.804 €

54.085 €

317.888

Roermond

5,35% €

795.217 €

157.900 €

953.117

Simpelveld

0,93% €

169.093 €

26.658 €

195.750

Sittard-Geleen

8,23% €

2.631.962 €

240.841 €

2.872.803

Stein

2,21% €

342.930 €

64.321 €

407.252

Vaals

0,91% €

280.675 €

26.309 €

306.984

Valkenburg aan de Geul

1,47% €

630.410 €

42.712 €

673.122

Venlo

9,22% €

1.339.235 €

269.797 €

1.609.032

Venray

3,98% €

551.478 €

116.098 €

667.576

Voerendaal

1,11% €

209.192 €

32.169 €

241.360

Weert

4,54% €

488.888 €

132.779 €

621.666

24.382.484 €

2.924.675 €

27.307.159

Totaal

100,00%

€

Bovenstaande tabel geeft het resultaat weer van de totale Wmo-kosten en opbrengsten voor de gewijzigde begroting 2024-1. Het resulterende saldo per gemeente geeft inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2024-1 gevraagd wordt, uitgesplitst naar het programma Wmo-vervoer en het programma Wmo-vervoer overige kosten (overhead, onvoorzien) conform paragraaf ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 19. 43

Omnibuzz

Financiële begroting

Vergelijking eindresultaat IV3 Tabel vergelijking IV3 Eindresultaat begroting Eindresultaat begroting Verschil 2024-1 2024

Beek

€

317.790 €

353.096 €

-35.306 €

-36.522 €

1.215

Beekdaelen

€

915.599 €

827.643 €

87.956 €

85.884 €

2.071

Beesel

€

228.528 €

231.522 €

-2.994 €

-3.688 €

693

Bergen

€

201.455 €

212.648 €

-11.193 €

-12.099 €

907

Brunssum

€

985.841 €

927.801 €

58.040 €

56.077 €

1.962

Echt-Susteren

€

810.861 €

840.505 €

-29.644 €

-31.803 €

2.159

Eijsden-Margraten

€

755.482 €

607.564 €

147.918 €

146.180 €

1.738

Gennep

€

365.692 €

452.598 €

-86.906 €

-88.078 €

1.172

Gulpen-Wittem

€

424.896 €

411.798 €

13.098 €

12.605 €

493

Heerlen

€

2.739.707 €

2.911.073 €

-171.366 €

-177.699 €

6.334

Horst aan de Maas

€

695.817 €

723.173 €

-27.356 €

-30.760 €

3.404

Kerkrade

€

1.895.930 €

1.878.083 €

17.847 €

15.855 €

1.992

Landgraaf

€

1.415.653 €

1.398.049 €

17.604 €

15.505 €

2.099

Leudal

€

624.847 €

726.620 €

-101.773 €

-103.689 €

1.916

Maasgouw

€

589.479 €

643.508 €

-54.029 €

-55.807 €

1.778

Maastricht

€

3.962.841 €

4.448.544 €

-485.703 €

-500.221 €

14.518

Meerssen

€

645.347 €

726.625 €

-81.278 €

-82.371 €

1.094

Nederweert

€

236.881 €

282.539 €

-45.658 €

-46.722 €

1.064

Peel en Maas

€

627.963 €

717.115 €

-89.152 €

-92.618 €

3.467

Roerdalen

€

317.888 €

374.206 €

-56.318 €

-57.867 €

1.550

Roermond

€

953.117 €

1.160.849 €

-207.732 €

-213.481 €

5.749

Simpelveld

€

195.750 €

224.626 €

-28.876 €

-29.150 €

275

Sittard-Geleen

€

2.872.803 €

2.821.793 €

51.010 €

44.191 €

6.819

Stein

€

407.252 €

447.724 €

-40.472 €

-41.939 €

1.466

Vaals

€

306.984 €

280.544 €

26.440 €

26.019 €

421

Valkenburg aan de Geul

€

673.122 €

559.540 €

113.582 €

112.551 €

1.031

Venlo

€

1.609.032 €

2.007.958 €

-398.926 €

-406.544 €

7.618

Venray

€

667.576 €

642.794 €

24.782 €

21.932 €

2.850

Voerendaal

€

241.360 €

269.567 €

-28.207 €

-28.902 €

696

Weert

€

621.666 €

673.058 €

-51.392 €

-54.982 €

3.591

Totaal

€

27.307.159 €

28.783.163 €

-1.476.004 €

-1.558.145 €

82.141

44

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo )

Programma (Wmo) vervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)

Gemeente

Omnibuzz

4.3

Financiële begroting

Analyse tweede begrotingswijziging 2024-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2024 (Wmo)

Analyse directe vervoerskosten Tabel analyse directe vervoerskosten 2024-1

2024

Gemeente

Totaal

Totaal

Beek

€

240.958 €

276.772

€

-35.814 €

-47.021 €

11.474 €

-267

Beekdaelen

€

717.646 €

654.132

€

63.514 €

29.972 €

34.174 €

-632

Beesel

€

170.950 €

175.572

€

-4.622 €

-12.593 €

8.140 €

-170

Bergen

€

151.430 €

164.932

€

-13.502 €

-20.553 €

7.211 €

-159

Brunssum

€

789.249 €

748.154

€

41.095 €

4.234 €

37.583 €

-723

Echt-Susteren

€

639.109 €

680.742

€

-41.633 €

-71.409 €

30.434 €

-658

Eijsden-Margraten

€

597.892 €

485.425

€

112.467 €

84.465 €

28.471 €

-469

Gennep

€

275.135 €

356.862

€

-81.727 €

-94.484 €

13.102 €

-345

Gulpen-Wittem

€

342.304 €

340.795

€

1.509 €

-14.462 €

16.300 €

-329

Heerlen

€

2.135.059 €

2.336.873

€

-201.814 €

-301.225 €

101.669 €

-2.258

Horst aan de Maas

€

514.469 €

553.376

€

-38.907 €

-62.871 €

24.499 €

-535

Kerkrade

€

1.509.277 €

1.529.218

€

-19.941 €

-90.334 €

71.870 €

-1.478

Landgraaf

€

1.124.204 €

1.137.203

€

-12.999 €

-65.433 €

53.534 €

-1.099

Leudal

€

473.396 €

577.450

€

-104.054 €

-126.039 €

22.543 €

-558

Maasgouw

€

466.728 €

523.195

€

-56.467 €

-78.186 €

22.225 €

-506

Maastricht

€

3.036.480 €

3.552.071

€

-515.591 €

-656.753 €

144.594 €

-3.432

Meerssen

€

518.825 €

605.854

€

-87.029 €

-111.150 €

24.706 €

-585

Nederweert

€

167.289 €

213.202

€

-45.913 €

-53.673 €

7.966 €

-206

Peel en Maas

€

454.585 €

545.033

€

-90.448 €

-111.568 €

21.647 €

-527

Roerdalen

€

231.987 €

288.010

€

-56.023 €

-66.792 €

11.047 €

-278

Roermond

€

666.053 €

865.692

€

-199.639 €

-230.519 €

31.717 €

-836

Simpelveld

€

147.185 €

177.423

€

-30.238 €

-37.075 €

7.009 €

-171

Sittard-Geleen

€

2.258.237 €

2.265.565

€

-7.328 €

-112.674 €

107.535 €

-2.189

Stein

€

297.997 €

342.781

€

-44.784 €

-58.643 €

14.190 €

-331

Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo

€

248.938 €

228.622

€

20.316 €

8.683 €

11.854 €

-221

€

550.851 €

463.565

€

87.286 €

61.503 €

26.231 €

-448

€

1.120.439 €

1.502.810

€

-382.371 €

-434.273 €

53.354 €

-1.452

Venray

€

474.137 €

458.928

€

15.209 €

-6.925 €

22.578 €

-443

Voerendaal

€

182.099 €

208.614

€

-26.515 €

-34.985 €

8.671 €

-202

Weert

€

406.611 €

463.901

€

-57.290 €

-76.205 €

19.362 €

-448

Totaal

€

20.909.522 €

22.722.773 €

-1.813.251 €

-2.786.988 €

995.692 €

-21.954

Verschil

Begroting baseren op realisatie 2023

opslag 5%

Prijseffect NEA index (3,4% i.p.v. 3,5%)

45

Omnibuzz

Financiële begroting

Het totale vervoersresultaat is gedaald ten opzichte van de originele begroting 2024. Deze daling is voor een klein deel te wijten aan de lagere NEA-index (3,4%) dan gehanteerd in begroting 2024 (3,5%). Het grootste deel van deze daling (€ -2.786.988,-) is echter het gevolg van het hanteren van het oorspronkelijke uitgangspunt. Voor de begroting 2024-1 baseren wij het vervoersvolume weer op de realisatie van het voorgaande jaar (2023). In de vorige begrotingen werd het vervoersvolume gebaseerd op de realisatie van 2019 in combinatie met een afslag. Door deze systematiek te hanteren, zal de begroting beter aansluiten op de actualiteit op gemeenteniveau. Tenslotte zorgt de opslag van 5% die wij hanteren voor een stijging van € 995.692,-, met als eindresultaat een totale daling van € 1.813.251,-. Op gemeenteniveau zijn er echter grote verschillen omdat de vervoersvraag zich de afgelopen jaren zeer divers heeft ontwikkeld. Totaalanalyse (Wmo)

Op totaalniveau dalen de kosten voor het Wmo-vervoer ten opzichte van de begroting 2024 met € 1.476.004,- naar € 27.307.159,-. Tegenover de eerdergenoemde daling van het vervoersresultaat ad € 1.813.251,- stijgen de overheadkosten met € 82.141,en de indirecte vervoerskosten met € 255.107,-. De overheadkosten stijgen per saldo met € 82.141,-. Dit is onder andere door de volgende punten te verklaren: 1 De loonstijging voor 2024, die in begroting 2024-1 verwerkt zit, bedraagt 5,08% op jaarbasis. Voor begroting 2024

was een stijging van 2% ingerekend.

2 Wij hebben voor de begroting 2024 een gemiddelde indexatie gehanteerd van 2,5% voor onze overheadkosten, met

3 4 5 6 7

46

uitzondering van de lonen. Voor begroting 2024-1 is deze gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers op zo’n 4,5% uitgekomen. De noodzakelijke ontwikkeling en ondersteuning van een nieuwe website voor Omnibuzz (+ € 15.000,-). De vanuit (provinciale en wettelijke) verplichtingen ontstane kosten zoals kosten verband houdend met digitaal archiveren, toegankelijkheid en informatiebeveiliging (+ € 52.000,-). Een plaatsgevonden revisie waarbij kosten die eerder als overheadkosten verwerkt waren, nu als indirecte vervoerskosten zijn verwerkt (- € 75.000,-). Een forse daling van de woon-werkvergoedingen (- € 18.000,-) als gevolg van het hybride werken. Hetzelfde geldt voor de kopieer- en printkosten (- € 3.500,-). Het stijgen van de overheadkosten als gevolg van de aanstaande uitvoering van het leerlingenvervoer. Deze kosten worden echter gedekt door de interne doorbelastingen van overheadkosten van Wmo-vervoer naar leerlingenvervoer. Per saldo levert dit een daling op (- € 16.736,-).

Omnibuzz

Financiële begroting

De indirecte vervoerskosten stijgen per saldo met € 255.107,-. Dit is o.a. door de volgende punten te verklaren: 1 De loonstijging voor 2024, die in begroting 2024-1 verwerkt zit, bedraagt 5,08% op jaarbasis. Voor begroting 2024

was een stijging van 2% ingerekend.

2 Het hanteren van een gemiddelde indexatie van 2,5% voor onze indirecte vervoerskosten met uitzondering van de

3 4 5 6 7 8

lonen voor de begroting 2024. Voor begroting 2024-1 is deze gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers op zo’n 4,5% uitgekomen. Een plaatsgevonden revisie waarbij kosten die eerder als overheadkosten verwerkt waren, nu als indirecte vervoerskosten zijn verwerkt, met een toename van deze kosten als gevolg (+ € 75.000,-). De doorontwikkeling en het beheer en onderhoud van MijnOmnibuzz (+ € 25.000,-). Een noodzakelijke server upgrade van onze telefooncentrale en noodzakelijke aanpassingen aan onze systemen en rapportagemodules (+ € 36.000,-). Een toename van de verwachte renteopbrengsten (- € 70.000,-). Een daling van de structurele SMS-kosten voor het gebruik van MijnOmnibuzz (- € 14.500,-). De interne doorbelasting van Wmo-vervoer naar GGZ-vervoer van de indirecte vervoerskosten (- € 3.404,-).

4.4

Toelichting op de baten en lasten (GGZ-vervoer)

In deze begroting wordt het GGZ-vervoer wederom opgenomen. In 2022 zijn wij hiermee voor de gemeente Roermond gestart en sinds 2023 is ook de gemeente Nederweert aangesloten. Dit vervoer behelst momenteel het vervoer van jeugdigen en valt daarom onder taakveld 6.72c ‘Jeugdhulp dagbesteding’. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2024-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten en de verdeling van de interne doorbelasting van het Wmo-vervoer naar het GGZ-vervoer worden weergegeven. Verdeling vervoerskosten

De begrote vervoerskosten worden gebaseerd op de kilometers die in 2023 voor dit type vervoer gereden zijn, vermenigvuldigd met de NEA-index van 3,4%. Deze vervoerskosten worden verdeeld conform systematiek Wmo-vervoer. Dit levert de volgende verdeling op: Tabel vervoersvolume GGZ Gemeente

Aantal kilometers

Aantal ritten

Nederweert

11730

326

Roermond

42529

2575

Totaal

54258

2901

47

Omnibuzz

Financiële begroting

Tabel verdeling directe vervoerskosten Gemeente

Kilometers 2024-1

Toeslagen individueel

Toeslagen jeugd

Meereizend OV-er

Vervoerskosten

Nederweert

€

20.559 €

4.999 €

7.207 €

- €

32.764

Roermond

€

82.578 €

19.618 €

28.938 €

856 €

131.990

Totaal

€

103.137 €

24.616 €

36.145 €

856 €

164.754

Boven op de intern doorbelaste kosten verwachten wij nog extra overheadkosten in verband met het GGZ-vervoer. Deze kosten worden tussen beide gemeenten verdeeld, naar rato van het aantal inwoners. Tabel overheadkosten Gemeente

Aantal inwoners

Verhouding inwoners

Overheadkosten

Nederweert

17.501

23% €

1.130

Roermond

59.965

77% €

3.870

Totaal

77.466

100% €

5.000

Verdeling van de interne doorbelasting Wmo- naar GGZ-vervoer

Naast de eerdergenoemde kosten, vindt er ook een interne doorbelasting van kosten voor het Wmo-vervoer naar het GGZ-vervoer plaats. De indirecte vervoerskosten worden hierbij verdeeld op basis van het aantal ritten per gemeente ten opzichte van het totaal aantal ritten. De overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal pashouders per gemeente op 1 januari 2024 ten opzichte van het totaal aantal pashouders. Deze interne doorbelasting leidt tot een vermindering van de lasten voor het Wmo-vervoer en dus tot een vermindering van de lasten voor de andere gemeenten. Tabel verdeling doorbelasting Gemeente

Indirecte vervoerskosten

Nederweert

€

1.129 €

150 €

1.278

Roermond

€

8.917 €

972 €

9.889

Totaal

€

10.046 €

1.122 €

11.168

48

Overheadkosten

Totaal

Omnibuzz

Financiële begroting

Bijdrage GGZ-vervoer per gemeente

Bovenstaande kosten leiden tot de volgende totaalbijdragen per gemeente. Tabel totaalbijdrage per gemeente Gemeente

Kosten

Nederweert

€

35.172

Roermond

€

145.749

Totaal

€

180.921

49

Omnibuzz

4.5

Financiële begroting

Toelichting op de baten en lasten (leerlingenvervoer)

In deze begroting wordt het leerlingenvervoer voor het eerst opgenomen. Wij starten in augustus dit jaar met de uitvoering van dit type vervoer. Dit gaan we doen voor de gemeenten Echt-Susteren, Maasgouw, Nederweert, Roerdalen, Roermond en Weert. Tevens gaan wij voor de gemeente Roermond het gym- en zwemvervoer verzorgen. Beide typen vervoer vallen onder taakveld 4.3 ‘Onderwijsbeleid en leerlingzaken’. De begroting wordt gebaseerd op de bedragen conform de business case, exclusief de cijfers voor de gemeente Leudal. In de jaarrekening 2024 zal een herverdelingseffect volgen waarbij definitief afgerekend wordt. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2024-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten, de verdeling van de interne doorbelasting Wmo-vervoer naar leerlingenvervoer en de verdeling van de investeringskosten weergegeven worden. Verdeling directe vervoerskosten

De begrote directe vervoerskosten worden gebaseerd op de vanuit de gemeenten verstrekte informatie en een geoffreerd prijspeil. Tabel vervoerskosten leerlingenvervoer Gemeente

Directe vervoerkosten 2024

Echt-Susteren

€

461.280

Maasgouw

€

235.350

Nederweert

€

234.163

Roerdalen

€

265.040

Roermond

€

399.547

Weert

€

465.795

TOTAAL

€

2.061.175

Tabel vervoerskosten gym- en zwemvervoer Gemeente

Directe vervoerkosten 2024

Roermond

€

31.542

TOTAAL

€

31.542

Op basis van het aantal ritten worden de indirecte vervoerskosten verdeeld.

50

Omnibuzz

Financiële begroting

Tabel indirecte vervoerskosten leerlingenvervoer Gemeente

Indirecte vervoerkosten 2024

Echt-Susteren

€

16.735

Maasgouw

€

10.607

Nederweert

€

10.017

Roerdalen

€

10.489

Roermond

€

21.761

Weert

€

11.550

TOTAAL

€

81.159

Verdeling van de interne doorbelasting Wmo- naar leerlingenvervoer

Naast de eerdergenoemde kosten, vindt er ook een interne doorbelasting van overheadkosten voor het Wmo-vervoer naar het leerlingenvervoer plaats. Dit levert per saldo een voordeel op voor het Wmo-vervoer. Deze overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal geïndiceerde reizigers. Tabel overheadkosten Gemeente

Overheadkosten

Echt-Susteren

€

9.087

Maasgouw

€

6.907

Nederweert

€

4.974

Roerdalen

€

5.884

Roermond

€

17.041

Weert

€

14.470

TOTAAL

€

58.362

51

Omnibuzz

Financiële begroting

Verdeling investeringskosten leerlingenvervoer

Er zijn investeringskosten gemaakt zodat het leerlingenvervoer gerealiseerd kan worden. Deze kosten worden naar rato van het aantal inwoners verdeeld tussen de gemeenten. Tabel verdeling investeringskosten leerlingenvervoer Gemeente

Kosten

Echt-Susteren

€

9.334

Maasgouw

€

7.095

Nederweert

€

5.109

Roerdalen

€

6.044

Roermond

€

17.506

Weert

€

14.864

TOTAAL

€

59.952

Bijdrage leerlingenvervoer per gemeente

Bovenstaande kosten leiden tot de volgende totaalbijdragen per gemeente.

Gemeente

Directe vervoerskosten

Directe vervoerskosten gym- en zwemvervoer

Echt-Susteren

€

461.280

€

Maasgouw

€

235.350

€

Nederweert

€

234.163

Roerdalen

€

265.040

Roermond

€

Investeringskosten

Indirecte vervoerkosten

Overheadkosten

Totaal

-

€

9.334

€

16.735

€

9.087

€

496.436

-

€

7.095

€

10.607

€

6.907

€

259.958

€

-

€

5.109

€

10.017

€

4.974

€

254.263

€

-

€

6.044

€

10.489

€

5.884

€

287.457

399.547

€

31.542

€

17.506

€

21.761

€

17.041

€

487.397

€

-

€

14.864

€

11.550

€

14.470

€

506.678

58.362 €

2.292.190

Weert

€

465.795

TOTAAL

€

2.061.175 €

52

31.542 €

59.952 €

81.159 €

5

Bijlagen

53

Omnibuzz

Bijlagen

5. Bijlagen 5.1

Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven

Alle bedragen in €

Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven Vermeerde(aanschafringen in het fingswaarde) dienstjaar aan het begin van het dienstjaar

Verminderingen (anders dan door afschrijvingen of aflossingen) in het dienstjaar

Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven (aanschaffingswaarde) aan het einde van het dienstjaar

Totaal van de afschrijving/aflos% of andere sing op de maatstaf kapitaaluitvan afschrijgaven aan ving het begin van het dienstjaar

(Extra) afschrijvingen van het kapitaaluitgaven in het dienstjaar

(Extra) aflossingen op kapitaalverstrekking in het dienstjaar

Boekwaarde aan het begin van het dienstjaar

Boekwaarde aan het einde van het dienstjaar

Programma Wmo-vervoer Inventaris

110.861

-

-

110.861

10,00%

23.696

-

110.861

87.165

Hardware

25.727

-

-

25.727

33,33%

13.590

-

25.727

12.137

83.834

-

-

83.834

4,00%

4.398

-

83.834

79.436

83.368

-

-

83.368

6,67%

7.906

-

83.368

75.462

36.416

-

-

36.416

10,00%

6.949

-

36.416

29.467

Totaal Wmo-vervoer

340.206

-

-

340.206

-

56.538

-

340.206

283.668

Totaal-generaal

340.206

-

-

340.206

-

56.538

-

340.206

283.668

Inrichting en verbouwing Technische installaties Software

5.2

-

Staat van reserves

Naam reserve, alle bedragen in €

Vermeerderingen wegens bijboeking van de rente

Saldo aan het begin van het dienstjaar

Overige vermeerderingen

Saldo einde van het dienstjaar

Bestemming van het resultaat tussentijds via begrotingswijziging

-

900.000

-

-

Verminderingen van de reserve

Bestemming Reserves na van het bestemming resultaat ultimo 2024 2024

Reserves Algemene reserve Bestemmingsreserve personeel

900.000

-

-

900.000

-

-

-

-

-

-

-

Bestemming ICT

35.244

-

-

10.744

24.500

-

-

24.500

Totaal Reserves

935.244

-

-

10.744

924.500

-

-

924.500

54

Omnibuzz

5.3

Bijlagen

Opbouw algemene reserve

Op 20 december 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de geactualiseerde nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’. De ingeschatte risico’s van de GR Omnibuzz zijn als volgt bepaald: 1 Economische kwetsbaarheid taxibedrijven

Het risico dat een van de vervoersbedrijven die als leverancier van Omnibuzz optreedt niet meer aan de vervoersvraag kan voldoen of zelfs failliet gaat waardoor de continuïteit van het vervoer in het gedrang komt. Dit kan ook leiden tot een inkooprisico omdat het vervoer opnieuw moet worden ingekocht. Risico

Kans 650.000

Benodigde weerstandcapaciteit 50%

325.000

2 Gebrek aan kennis omtrent nieuw doelgroepenvervoer

Het risico dat binnen Omnibuzz te weinig kennis aanwezig is omtrent de nieuwe activiteiten, zoals het leerlingenvervoer en de hiermee verbonden processen en de kans dat nieuwe medewerkers onvoldoende op de hoogte zijn van reeds bestaande processen en activiteiten. Dit kan leiden tot fouten, verkeerde inschattingen en financiële schade. Risico

Kans 200.000

Benodigde weerstandcapaciteit 30%

60.000

3 Afhankelijkheid leveranciers ICT

Binnen onze branche wordt er veel gebruikgemaakt van complexe, op maat gemaakte software, die niet alleen door Omnibuzz gebruikt wordt, maar ook door verscheidene vervoersbedrijven die als leverancier van Omnibuzz optreden. Als een van deze softwareleveranciers failliet gaat, kan dit grote gevolgen hebben, zowel voor onze vervoersbedrijven als voor Omnibuzz. Risico

Kans 750.000

Benodigde weerstandcapaciteit 20%

150,000

4 Digitale dreigingen

Omnibuzz is, net zoals vrijwel ieder ander bedrijf, in een bepaalde mate vatbaar voor digitale dreigingen van buitenaf. Dit kan in de vorm van phishingmails en virussen zijn of grootschalige hacks. Er zijn helaas talloze recente voorbeelden van bedrijven die slachtoffer zijn geworden en die zelfs losgeld hebben moeten betalen. Risico

Kans 750,000

Benodigde weerstandcapaciteit 30%

Totaal benodigde weerstandcapaciteit

225.000

760.000

55

Omnibuzz

56

Bijlagen

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt worden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of door fotokopieën, opname, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Omnibuzz.

V1.00 - 202404

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14158420/1