04 Naslagwerk Verkeersvisie Wanssumdef
Tekst van het document
vrijliggende
fietspaden
of
een
parallelstructuur.
In
het
verblijfsgebied
is
de
maximumsnelheid 60km/h, op gebiedsontsluitingswegen 80km/h. VORMGEVING “WEERSTANDSROUTE” DÓÓR WANSSUM De huidige doorgaande route Venrayseweg – Brugstraat plus het meest zuidelijke deel van de Geijsterseweg worden omgevormd tot de zogenaamde “WEERSTANDSROUTE”. Dit betekent dat op en in de nabijheid van deze route maatregelen worden getroffen die de beoogde weerstand voor het sluipverkeer gaan geven. Binnen het uitgangspunt van een maximumsnelheid van 30km/h zijn de volgende maatregelen (onder meer) denkbaar: -
aanpassing van de verkeerscirculatie op de “WEERSTANDSROUTE” en de omliggende wegen;
-
snelheidsremmende maatregelen;
-
op de rijbaan halteren van de bussen voor het openbaar vervoer;
-
basisvoorrang “rechts gaat voor” in plaats van voorrangskruispunten;
-
toestaan van parkeren op/langs de rijbaan;
-
beperken van het “doorzicht” opdat men geen snelheid kan ontwikkelen;
-
wegversmallingen met passeermogelijkheden vanwege landbouwverkeer.
Maatregelen worden bij voorkeur verspreid toegepast en komen niet op één specifieke plek te liggen. Sluipverkeer krijgt daardoor te maken met oplopende hinder terwijl de hinder voor het dorpsgebonden verkeer beperkt blijft tot het beperkte deel dat men onvermijdelijk door het dorp moet rijden. Krap dimensioneren van de gehele “WEERSTANDSROUTE” door voor het ontwerp alleen uit te gaan van langzaam verkeer en personenauto’s is geen reële optie en met deze insteek ook niet nodig. De “WEERSTANDSROUTE” moet over de gehele lengte (inclusief de oeververbinding over de Molenbeek) geschikt zijn voor openbaar vervoer, landbouwverkeer en hulpvoertuigen. BEWEGWIJZERING, BEDRIJVENNUMMERING EN HUISNUMMERVERWIJZING Als de wegenstructuur verandert, moet ook de bewegwijzering en de bedrijvennummering hierop worden aangepast. Deze activiteit is een onlosmakelijk onderdeel van de aanleg van de rondweg en de aanpassingen op de lokale wegenstructuur. EXCEPTIONEEL TRANSPORT In Wanssum zijn enkele bedrijven gevestigd waar met enige regelmaat exceptionele transporten van/naar plaatsvinden. Dit zijn transporten waarvan de maatvoering van de voertuigen plus
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
pagina 33 van 39
lading de wettelijk toegestane maatvoering te boven gaat. Voor deze transporten wordt per gelegenheid vergunning verstrekt door de Rijksdienst van het Wegverkeer (RDW) namens de wegbeheerder(s). Afhankelijk van de mate waarop van de wettelijke maten wordt afgeweken, is er sprake van begeleiding. Vrijwel alle exceptionele transporten komen vanaf of gaan naar de A73. Waar nodig wordt in het wegontwerp hiermee rekening gehouden. Voor de firma Kersten Europe Holding BV is het denkbaar dat er een rechtstreekse toegang naar de bedrijfskavel komt van/naar de rotonde “Oost. Daar waar het wegontwerp ruimte biedt voor exceptioneel transport, is in principe ook ruimte voor LZV´s2. VRACHTWAGENPARKEERPLAATS VENRAYSEWEG Vanwege de komst van de “WEERSTANDSROUTE” en de wens vrachtverkeer uit de bebouwde omgeving te weren, wordt de parkeerplaats voor vrachtwagens langs de Venrayseweg opgeheven. In de toekomst wordt bepaald of er binnen Wanssum of elders een alternatieve voorziening moet komen. De invulling van de vervallen vrachtwagenparkeerplaats wordt betrokken bij de verdere invulling van het nieuwe dorpshart. VOORKÓMEN VAN VRACHTVERKEER IN WOONGEBIEDEN De ontsluiting van bedrijventerreinen gaat altijd via de rondweg en nooit via de woonomgeving. Dit principe geldt niet alleen voor vrachtverkeer maar ook voor personenautoverkeer van werknemers en bezoekers.
De verwachting is dat de wegenstructuur dermate helder is ingevuld dat op voorhand geen maatregelen nodig zijn om dit principe af te dwingen. Als blijkt dat maatregelen nodig zijn, is een fysieke afsluiting snel gemaakt. Voor (brom)fietsers komen, waar mogelijk, wél rechtstreekse verbindingen tussen de bedrijventerreinen en de woonbebouwing. LANDBOUWVERKEER Landbouwverkeer maakt volgens de principes van Duurzaam Veilig buiten de bebouwde kom geen gebruik van de autorijbaan van ontsluitingswegen maar van parallelwegen en/of parallelstructuren. Dit principe heeft te maken met het grote verschil in snelheid en massa met het overige verkeer waardoor de doorstroming kan stagneren en de verkeersveiligheid afneemt doordat automobilisten risico’s gaan nemen met inhalen van deze, vaak zeer grote, voertuigen. Binnen de kom rijdt landbouwverkeer waar nodig juist wél over de gebiedsontsluitingswegen, de snelheidsverschillen zijn dan namelijk kleiner terwijl het in de woonomgeving vanwege hun grootte en massa niet gewenst is. Vanuit deze invalshoek rijdt landbouwverkeer niet over de nieuwe rondweg maar dóór de bebouwde kom van Wanssum. Het landbouwverkeer volgt de “WEERSTANDSROUTE” en maakt gebruik van de oeververbinding over de Molenbeek. Met het ontwerp van de voorzieningen wordt hier rekening mee gehouden.
Landbouwverkeer met een herkomst/bestemming in het buitengebied tussen Geijsteren en Wanssum (waaronder verkeer van/naar de firma Jakobs te Geijsteren) kan gebruik maken van de Meerlosebaan, het Lange Ven en de nieuwe parallelweg langs de rondweg. Landbouwverkeer via de Wanssumseweg - Geijsterseweg is ook mogelijk maar bij de rotonde van de
2
LZV: “Langere en Zwaardere Vrachtautocombinatie” (ook wel eco-combi genoemd), vrachtwagen die met een lengte van maximaal 25,25 meter en een gewicht tot 60 ton langer en zwaarder is dan een reguliere vrachtwagen. Voor de wegen waar ze mogen rijden en het daadwerkelijke gebruik geldt aanvullende regelgeving.
pagina 34 van 39
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
Havenontsluitingsweg mag dit verkeer de rondweg niet oprijden. Via het nog te kiezen tracé van de Geijsterseweg (zie kaartuitsnede C) kan men dan alsnog dóór het dorp rijden. Aan de oostzijde van Wanssum is landbouwverkeer toegestaan over alle gemeentelijke ontsluitingswegen en alle erftoegangswegen in het buitengebied. Vanwege het ontbreken van adequate parallelvoorzieningen moet het landbouwverkeer naar Blitterswijck, Meerlo en verder wel gebruik blijven maken van de gemeentelijke ontsluitingswegen, ook al gaat het dan om gebiedsontsluitingswegen met een maximumsnelheid van 80km/h. Vanaf de gemeentelijke ontsluitingswegen is de omgeving van het Kamillepad voor landbouwverkeer bereikbaar via een oversteek van de rondweg bij de rotonde Oost. Op de Koninginnebrug maakt landbouwverkeer van/naar Well gebruik van de parallelbaan langs de doorgaande weg. In westelijke richting liggen langs de N270 geen parallelwegen. In de visie op de Via Venray zijn deze in de toekomst wel voorzien zodat landbouwverkeer langs de gehele N270 tussen de A73 en Well de beschikking krijgt over een parallelweg of parallelstructuur. Richting Oirlo rijdt landbouwverkeer over de nieuwe parallelvoorziening aan de zuidkant van de N270 richting Oirlosedijk.
OPENBAAR VERVOER Voor een goede werking van het openbaar vervoer is het essentieel dat lijnvoering en haltesituering dusdanig zijn dat veel reizigers er goed gebruik van kunnen maken. Dit betekent dat de buslijnen dóór de bebouwde kom moeten rijden en niet op rondwegen en dat bushaltes dicht bij woningen en de voorzieningen zijn gesitueerd. De huidige lijnvoering en haltesituering staan borg voor een goede bediening van de woonbebouwing en het westelijke bedrijventerrein. In deze visie zijn enkele verbetervoorstellen opgenomen welke uitgaan van de lijnvoering in de zomer van 2013. Door een nieuwe aanbestedingsprocedure is het denkbaar dat er vanaf december 2016 een volledig ander lijnennet gaat komen. Zodra dat nieuwe lijnennet bekend is, kan het in deze visie worden verwerkt. Uit oogpunt van een goede toegankelijkheid van het openbaar vervoer voor alle groepen uit de samenleving, is het noodzakelijk dat de toegankelijkheid van álle (nieuwe én bestaande) halteperrons op orde wordt gebracht of blijft, onder meer door een perronhoogte van 18cm en voldoende fietsklemmen. RECREATIEF3 FIETSVERKEER De aanleg van de rondweg heeft merkbare gevolgen voor het recreatief fietsverkeer. Deze gevolgen vertalen zich voornamelijk in aanpassingen van het provinciale netwerk van fietsknooppunten. De fietsroutes die de “VVV Rijk van Venray” heeft samengesteld maken
3
Onderscheid fietsverkeer: - recreatief: fietsen vanwege het fietsen zelf zonder vaste bestemming en zonder tijdsdruk - utilitair: fietsen met een duidelijk doel (huis, werk, school, winkelen) en meestal via de snelste route
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
pagina 35 van 39
vooral gebruik van het knooppuntennetwerk, ze zijn in deze visie daarom niet specifiek benoemd. De route tussen de knooppunten 61 vanuit Geijsteren en 59 in Blitterswijck is afhankelijk van de keuze van het tracé voor de Geijsterseweg: óf via de Geijsterseweg (variant A) of ongelijkvloers nabij de rotonde van de Havenontsluitingsweg (variant B). Tussen de Nieuwlandsestraat en de Meerlosebaan komt in de nabijheid van de rondweg geen kortsluiting voor fietsverkeer, recreatief verkeer dat beide wegen in een route wil opnemen moet door de bebouwde kom van Wanssum rijden. UTILITAIR FIETSVERKEER Het utilitaire fietsverkeer ondervindt nadelige gevolgen van de aanleg van de rondweg doordat andere routes moeten worden gevolgd. Er is echter ook één groot voordeel en dat is dat de route door het dorp wordt verlost van doorgaand autoverkeer waardoor de verkeersveiligheid hier sterk gaat toenemen. De route van de werknemers naar het bedrijventerrein rondom de haven is afhankelijk van de keuze van het tracé voor de Geijsterseweg: óf via de Geijsterseweg (variant A) of ongelijkvloers nabij de rotonde van de Havenontsluitingsweg (variant B). VOETGANGERS / WANDELAARS Voetgangers ondervinden met name tussen Wanssum en Geijsteren gevolgen van de komst van de rondweg.
De belangrijkste maatregelen waar voetgangers bij zijn betrokken, zijn vermeld in de toelichting op de verschillende kaartuitsneden. Het “Pieterpad” (route LAW 9-2) tussen het Groningse Pieterburen en de St. Pietersberg in ZuidLimburg is een landelijk zeer bekende en veel gebruikte route en kruist tussen Geijsteren en Wanssum de nieuwe rondweg. Door het aanpassen van de noodzakelijke ecopassage voor een waterloop en een dassenroute, kunnen de wandelaars de rondweg toch ongelijkvloers kruisen. De route moet hiervoor enigszins worden aangepast maar de verworven verkeersveiligheid maakt dit acceptabel. Met de komst van de rondweg is de wandelverbinding zoals beschreven in het Masterplan voor het Landgoed Geijsteren niet meer mogelijk, de aangepaste route van het Pieterpad biedt echter voldoende alternatieven. Extra maatregelen om de wandelmogelijkheden tussen Geijsteren en Wanssum op peil te houden, zijn daardoor niet nodig. De GPSwandelroutes die door de Dorpsraad Wanssum zijn uitgezet moeten ná aanleg van de rondweg aangepast worden, fysieke maatregelen zijn hiervoor niet nodig. De recreatieve fietsroutes over de kruinen van de (nieuwe) waterkeringen zijn uiteraard ook toegankelijk voor wandelaars.
5.3
Oeververbindingen en onderdoorgangen
OEVERVERBINDINGEN Vanuit oogpunt van de waterbescherming wordt de uitstroomopening van de Molenbeek naar de haven verbreed. Over de Molenbeek komt een nieuwe oeververbinding met een lengte van circa 90m. Aan de oostzijde van Blitterswijck komt een nieuwe uitstroomopening van de oude Maasarm. In de Ooijenseweg komt over deze uitstroomopening eveneens een nieuwe oeververbinding.
pagina 36 van 39
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
Voor de verkeersfunctie van beide oeververbindingen dient te worden uitgegaan van gebruik door alle toegestane verkeersstromen (personenauto’s, fietsers, bromfietsers, voetgangers, landbouwverkeer, openbaar vervoer en hulpdiensten). De constructie moet minimaal zijn afgestemd op de wettelijk toegestane maatvoering (lengte, breedte, hoogte én gewicht) van individuele voertuigen4 binnen de genoemde verkeersstromen, die zowel zonder als met een ontheffing de weg op mogen. Tegemoetkomend verkeer op de brug mag elkaar niet vastzetten. De wegen over beide oeververbindingen moeten om die reden over de gehele lengte minimaal ruimte bieden voor het profiel van een wijkontsluitingsweg ook al wordt de weg uiteindelijk als verblijfsgebied vormgegeven. Uit oogpunt van verkeersveiligheid is het van belang dat er voor de voetgangers een apart voetpad komt. De breedte van de brug moet dus worden gebaseerd op minimaal 9,00m verkeersruimte (7,00m voor het profiel van een wijkontsluitingsweg plus 2,00m voor een voetpad), exclusief leuningen, exclusief de constructie zelf en exclusief ruimte voor eventuele niet verkeersgerelateerde benutting. Hoewel de oeververbinding over de Molenbeek is gelegen binnen de “ WEERSTANDSROUTE”, is dat géén argument om deze te ontwerpen op minimale maten, daar is vanuit de gedachte van de “WEERSTANDSROUTE” ook geen noodzaak voor.
De oeververbinding over de Molenbeek dient beschikbaar te zijn als omleidingsroute in het geval er zich een calamiteit op de rondweg voordoet. Als ondanks alles, beperkingen onvermijdelijk zijn wat betreft aslast, gewicht en/of lengte, dan mogen die het gebruik van openbaar vervoer en de zwaarste voertuigen van de hulpdiensten nooit onmogelijk maken. Ook zwaardere voertuigen en landbouwvoertuigen die binnen de wettelijk toegestane maatvoering zonder ontheffing de weg op mag, moet van een brug gebruik kunnen maken. ONDERDOORGANGEN Het spreekt voor zich dat de onderdoorgangen worden ontworpen op hun specifieke gebruikers. Voor de onderdoorgangen waar relatief veel langzaam verkeer gebruik van maakt, dient rekening gehouden te worden met het verkrijgen van een goede sociale veiligheid.
5.4 De
Calamiteiten ontsluiting
in
geval
van
calamiteiten
is
tweeledig.
Hulpdiensten dienen een locatie goed te kunnen bereiken maar bewoners, werknemers en bezoekers moeten ook gemakkelijk en snel weg kunnen in geval van evacuatie. Voor de dagelijkse praktijk geldt de verkeerskundige eis dat er voor een goede ontsluiting minimaal twee toegangen moeten zijn, liefst vanuit twee tegenovergestelde windrichtingen. In principe geldt deze eis ook bij calamiteiten waarbij het wel zo kan zijn dat de verkeerskundig gewenste ontsluiting
4
In ieder geval rekening houden met: bussen van het openbaar vervoer: gewicht ca. 15 ton, voertuiglengte 12m brandweervoertuigen: gewicht ca. 30 ton, voertuiglengte 12m landbouwvoertuigen: gewicht tot 50. 30 ton, (samengestelde) voertuiglengte tot wel 15m
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
pagina 37 van 39
niet per definitie (maar wel bij voorkeur) overeenkomt met die voor calamiteiten. Alle woonbebouwing en de meeste bedrijventerreinen voldoen aan dit uitgangspunt. Voor een goede calamiteitenontsluiting van de bedrijvigheid op het noordelijk deel van de Stayerhofweg is het noodzakelijk dat het zandpad van de Stayerweg beschikbaar blijft voor hulpdiensten. De fietsoversteek over de nieuwe rondweg in het verlengde van het Kamillepad dient in noodgevallen ook door hulpdiensten gebruikt te kunnen worden. Camping De Kooy komt door de aanleg van de hoogwatergeul op een schiereiland te liggen. De enige(!) autotoegang naar het schiereiland loopt over de Maasweg/Maasstraat via Blitterswijck. Bij laag water is De Kooy via de Maasweg/Maasstraat normaal bereikbaar maar bij hoog water niet. De vaste voet/fiets-verbinding over de hoogwatergeul geeft wel een mogelijkheid dat bewoners en bezoekers (lopend) geëvacueerd kunnen worden en dat iemand met een ambulance kan worden afgevoerd. De nieuwe toegangsweg van/naar De Kooy moet vanwege calamiteiten voldoende breed zijn om geen stremmingen te veroorzaken, eventueel worden hiervoor passeerhavens aangelegd.
pagina 38 van 39
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
BIJLAGE: MAATREGELENKAART
Verkeersvisie Wanssum – Blitterswijck - Geijsteren vastgesteld door de gemeenteraad op 10 september 2013
pagina 39 van 39