04 Jaarrekening 2020 GR (bijlage)
Tekst van het document
Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West
Jaarstukken 2020
Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1
2
1
Jaarverslag 1.1 Programmaverantwoording 1.2 Paragrafen 1.2.1 Bedrijfsvoering 1.2.2 Financiering 1.2.3 Verbonden partijen 1.2.4 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 1.2.5 Rechtmatigheid Jaarrekening 2.1 Balans per 31 december 2020 2.2 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2020 2.3 Toelichtingen 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 2.3.2 Wet normering topinkomens (WNT) 2.3.3 Toelichting op de balans per 31 december 2020 2.3.4 Toelichting op overzicht van baten en lasten 2020 2.3.5 Overzicht taakvelden 2.3.6 Overzicht structurele en incidentele baten en lasten
Jaarstukken 2020
1
2 2 4 6 6 7
10 12 14 16 17 21 24 24
1.1 Programmaverantwoording De taak van het Werkvoorzieningschap is het conform de taakstelling van de Rijksoverheid voorzien in Wsw-dienstverbanden voor daartoe SW-geïndiceerde inwoners van de aangesloten gemeenten Venray, Peel en Maas en Horst aan de Maas. Dit op een zo efficiënt mogelijke wijze. Daarnaast zijn er nog een beperkt aantal dienstverbanden voor medewerkers uit niet-aangesloten gemeenten. In 2020 zijn er voor 741 A.j. dienstverbanden gerealiseerd. Dit waren er 3 minder dan begroot. Vanwege hogere uitgaven voor bestuursondersteuning, sluit de jaarrekening met een verlies van € 10.000. Dit verlies wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het feit dat de salariskosten voor de bestuursondersteuning op basis van de CAO-afspraken jaarlijks stijgen, terwijl voor de gemeentelijke bijdrage in deze kosten reeds sedert 2012 geen indexering wordt toegepast. Het afzien van indexatie was destijds een afgeleide van het zgn. sterfhuisconstruct voor de NLW. Met de komst van de Participatiewet in 2015 is niet langer sprake van een sterfhuisconstruct voor de NLW. Feitelijk had vanaf dat moment de indexatie op de bestuurskosten moeten herleven. Toch hebben we ook in de begroting voor 2022 geen verhoging op de bestuurskosten doorgevoerd. Deze keuze heeft te maken met het feit dat in 2021 de zgn. governance voor de NLW wordt herbeoordeeld.
Deze herbeoordeling heeft mogelijk consequenties voor de wijze waarop het bestuur wordt ondersteund. De uiteindelijke kosten voor bestuursondersteuning 2022 zijn afhankelijk van de daarbij te maken keuzes. Dit kan mogelijk leiden tot een begrotingswijziging voor de GR-begroting over 2022. Het verlies ad 10.000 is ten laste gebracht van het eigen vermogen van de GR, waarvan het saldo vervolgens nog € 69.000 bedraagt.
1.2 Paragrafen 1.2.1 Bedrijfsvoering Inleiding Sinds 1 januari 2001 is de wet FIDO van kracht. In deze wet worden de kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. Het Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West onderkent het belang van een verantwoord en adequaat beheer van haar financiële middelen. Mede als gevolg van de wet FIDO wenst zij haar activiteiten op het gebied van treasury op een zo transparant en beheersbaar mogelijke wijze in te richten. In deze treasuryparagraaf worden de activiteiten op het gebied van treasury over het jaar 2020 besproken. Algemene ontwikkelingen Vanaf 1-1-2003 is er binnen het Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West een externe verzelfstandiging doorgevoerd. Nagenoeg alle activa en passiva zijn door het Werkvoorzieningsschap overgedragen aan NLW Groep NV. Ten behoeve van de Externe Verzelfstandiging is er door de aangesloten gemeenten een bedrag van € 5.000.000,-- beschikbaar gesteld als renteloze lening. Met dit bedrag zijn aandelen verworven in NLW Groep NV, alwaar een deel van het geld weer wordt terug geleend aan de gemeenten. Jaarstukken 2020 2
Naar aanleiding van de externe verzelfstandiging is er een nieuw treasurystatuut opgesteld. Dit nieuwe statuut is door het Algemeen bestuur van het Werkvoorzieningschap op 21 februari 2003 vastgesteld. De implementatie van alle activiteiten die in het kader van de wet FIDO moeten worden uitgevoerd, zijn geheel afgerond in 2004. Daarom wordt dus ook in het jaar 2020 voldaan aan de voorwaarden van het treasurystatuut. Per 1 januari 2015 is de Participatiewet ingetreden. Voor de uitvoering van de Wsw blijven de GR en NLW Groep verantwoordelijk. Vanaf 1 januari 2015 vindt er geen instroom meer plaats. In 2020 is de koers visie strategie voor de jaren 2020-2030 goedgekeurd door de aangesloten gemeentes. Financiering In het kader van de externe verzelfstandiging is er door de aangesloten gemeentes in 2003 een vermogen beschikbaar gesteld ter grootte van € 5.000.000 in de vorm van een renteloze lening. In 2020 zijn er geen nieuwe geldleningen aangetrokken. Uitzetting De langlopende leningen worden doorgeleend aan NLW Groep NV. Er zijn geen zekerheden gesteld met betrekking tot het terugbetalen van de langlopende leningen door NLW Groep NV aan het Werkvoorzieningschap. Wel is het Werkvoorzieningschap gerechtigd om in een aantal gevallen onmiddellijk de overeenkomst op te zeggen.
Relatiebeheer In 2020 bankierde het Werkvoorzieningschap met de BNG (AAA rating) en de Rabobank (AA rating). Geldstromenbeheer De gehele administratie van het Werkvoorzieningschap, en dus ook het betalingsverkeer, werd in 2020 verzorgd door NLW Groep NV. De voorwaarden hiervoor zijn door beide partijen vastgelegd in de “Samenwerkingsovereenkomst Administratie”. Saldo- en liquiditeitenbeheer Het beheer van de positie op de rekeningen bij de BNG wordt door de BNG uitgevoerd. Een overschot of te kort aan liquide middelen wordt door de bank tegen het dagelijks door de bank vast te stellen daggeldrentepercentage vergoed c.q. in rekening gebracht. Daarom is het niet meer nodig om telkens bij een overschot of te kort een deposito of kasgeldlening af te sluiten, wat daarom een tijdsbesparing oplevert. De Participatiewet heeft er toe geleid dat de instroom in de Wsw is stopgezet. Dit betekent een krimp in de Wsw-formatie. De financiële effecten zijn verwerkt in de meerjarenraming van NLW Groep.
Jaarstukken 2020
3
1.2.2 Financiering Risicobeheer Renterisicobeheer In het volgende overzicht wordt het begrote renterisico van het Werkvoorzieningschap tot uitdrukking gebracht. Renterisiconorm en renterisico's vaste schulden in euro's Nr. Omschrijving
2020
Renterisico op vaste schuld 1a Renteherziening vaste schuld o/g 1b Renteherziening vaste schuld u/g 2 Netto renteherziening vaste schuld (1a-1b)
0 0 0
3a Nieuw aangetrokken vaste schuld 3b Nieuw verstrekte uitzettingen 4 Netto nieuw aangetrokken vaste schuld (3a-3b)
0 0 0
5 Betaalde aflossingen 6 Herfinanciering (laagste van 4 en 5)
57.000 0
7 Renterisico op vaste schuld (2+6)
0
Renterisiconorm 8 Stand van begrotingstotaal per 01 januari 9 Het bij ministeriële regeling vastgesteld perc. 10 Renterisiconorm
5.566.000 20% 1.113.000
Toets renterisiconorm 10 Renterisiconorm
1.113.000
7 Renterisico op vaste schuld
0
11 Ruimte (+) / overschrijding (-)
1.113.000
De vaste schuld bestaat uit de renteloze leningen die door de aangesloten gemeentes t.b.v. de externe verzelfstandiging ter beschikking zijn gesteld en de vaste geldleningen bij de BNG. De vaste geldleningen worden een op een doorgeleend aan NLW Groep NV. Zoals in het overzicht al weergegeven wordt, is het renterisico van het Werkvoorzieningschap lager dan de norm. Het op basis van de gegevens van het Werkvoorzieningschap berekende renterisico (20% * 5.566.000 = 1.113.000).
Jaarstukken 2020
4
Kredietrisicobeheer Het Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West heeft in 2020 geen middelen uitgezet bij externe partijen. Wel zijn de langlopende leningen doorgeleend aan NLW Groep NV. Dit is contractueel tussen beide partijen vastgelegd. Intern liquiditeitsbeheer De kasgeldlimiet bedraagt € 300.000,--. De liquiditeiten worden beheerd op basis van een liquiditeitenplanning. Zoals in het overzicht weergegeven waren er voldoende liquiditeiten beschikbaar waardoor de kasgeldlimiet niet overschreden is. Kasgeldlimiet in euro's voor het jaar 2020. (bedragen x 1.000 ) Budget
Realisatie
Jaar
Kwartaal
Omschrijving
1e 1. Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting per 01 januari 2020 Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag Kasgeldlimiet in bedrag
3e
4e
66 8,2% 300
2. Omvang vlottende schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende schuld
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
0
0
0
0
0 0 435 0
0 0 837 0
0 0 458 0
0 0 2.239 0
0
435
837
458
2.239
300
435 300
837 300
458 300
2.239 300
300
735
1.137
758
2.539
0
3. Vlottende middelen Uitgeleende gelden < 1 jaar Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar Totaal vlottende middelen 4. Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld Toegestane kasgeldlimiet Ruimte (+) / Overschrijding (-)
Jaarstukken 2020
2e
5
Valutarisicobeheer. Valutarisico is in het statuut uitgesloten doordat volgens het statuut uitsluitend leningen mogen worden verstrekt of aangegaan in de Nederlandse geldeenheid (artikel 8). Het koersrisico onder de huidige activiteiten is nihil. 1.2.3
Verbonden partijen
Het Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West is een Gemeenschappelijke Regeling (GR), bestaande uit de volgende gemeentes die tevens als verbonden partij worden aangemerkt: -
Horst aan de Maas Peel en Maas Venray
Kapitaalbelangen Het Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West neemt per ultimo 1997 direct en indirect deel in navolgende vennootschap (vermeld percentage op basis van kapitaalbelang): NLW Groep NV (100%), gevestigd Smakterweg 19 te Venray, opgericht 30 december 1994. Totaal geplaatst en gestort aandelenkapitaal € 340.000. In verband met de externe verzelfstandiging per 1-1-2003 zijn de statuten van deze vennootschap per 20-12-2002 aangepast. Deze vennootschap is toen omgezet van een BV naar een NV (voorheen was dit NLW Bedrijven BV). Tevens is in verband met de euroconversie het aandelenkapitaal aangepast. NLW Groep NV heeft ten doel het oprichten, exploiteren en in stand houden van een of meerdere ondernemingen waar binnen objecten als bedoeld in en/of verwant aan de Wet sociale werkvoorziening kunnen worden uitgevoerd. De geldstromen die hiermee gepaard gaan, te weten de subsidie en de gemeentelijke bijdrage, worden door het Werkvoorzieningschap ontvangen en doorbetaald naar NLW Groep NV. Het eigen vermogen van NLW Groep NV (geconsolideerd) bedroeg per 1-1-2020 € 2.224.000,-, per 31-12-2020 is dit € 2.246.000,-. 1.2.4
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Doeltreffende uitvoering Wet sociale werkvoorziening De vaststelling van de Rijkssubsidie over het jaar 2020 heeft plaatsgevonden.
Jaarstukken 2020
6
Waardering deelneming in NLW Groep NV In 2020 is de deelneming in NLW Groep NV gewaardeerd tegen historische aanschafwaarde. Het vermogen van NLW Groep NV is iets gestegen omdat er op basis van concept cijfers, in 2020 een licht positief resultaat is behaald. Op basis van de huidige inzichten is er geen indicatie dat een duurzame waardevermindering hoeft te worden doorgevoerd. Belangrijke factoren zijn de aanwezige stille reserves en het bijdragen van deelnemende gemeente bij eventuele nadelige exploitatiesaldi van de NLW Groep N.V. Ultimo 2020 bezit de NV voldoende onderpand dat garant staat voor waardering van de deelneming tegen historische aanschafwaarde. Organisatieontwikkeling NLW Groep NV In 2020 hebben we voor de periode 2020-2030 een nieuwe koers/visie ontwikkelend in samenwerking met de aangesloten gemeentes. Deze is in december 2020 goedgekeurd in de aangesloten gemeentes. In grote lijn gaat deze koers uit van een zgn. 3 sporenmodel, waarbij binnen spoor 1 de WSW wordt uitgevoerd voor de schapsgemeenten, binnen spoor 2 naar behoefte P-wet dienstverlening wordt uitgevoerd voor de schapsgemeenten en binnen spoor 3 commerciële activiteiten - passend binnen de competenties van de NLW - worden uitgevoerd voor derden. Weerstandsvermogen en risicobeheersing De werkelijke kosten van de GR vallen in 2020 € 10.000 hoger uit dan begroot (loonkosten ambtelijke ondersteuning).
Dit tekort wordt in mindering gebracht op het eigen vermogen. De omvang van het eigen vermogen van de GR bedraagt ultimo 2020 € 69.000. Inzake het weerstandsvermogen van de GR is geen formeel beleid vastgesteld. Ten aanzien van de exploitatie van de NV loopt de GR een beperkt risico. Exploitatietekorten van de NV worden rechtstreeks met de aangesloten gemeenten verrekend. Voor de NV is verder een minimum eigen vermogen vastgesteld van € 1.000.000. Samen met de stille reserves is dit voldoende om de waardering van de deelneming binnen de GR in stand te kunnen houden. In 2020 heeft de NV op basis van concept cijfers een positief resultaat behaald van € 22.000, welke ook aan het eigen vermogen zal worden toegevoegd. De solvabiliteit van de GR ultimo 2020 was 1%. Dit is 1 procent gedaald per ultimo 2019. Vanaf maart 2020 heeft het Corona virus Nederland in de houdgreep. Voor de NLW Groep N.V. heeft dit op de toegevoegde waarde nadelige gevolgen. In 2020 hebben we hiervoor een Covid bijdrage ontvangen die deze nadelige gevolgen afdekt. In 2021 hebben we nog altijd last van daling in de toegevoegde waarde. Over de Covid bijdrage in 2021 is nog niets bekend. De brancheorganisatie Cedris is in gesprek met het Ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid over een eventuele compensatieregeling. 1.2.5
Rechtmatigheid
Er is sprake van begrotingsonrechtmatigheid, aangezien de daadwerkelijke lasten € 3.056.000 hoger zijn dan begroot. Hiertegenover staat dat de inkomsten € 3.046.000 hoger zijn dan begroot. Oorzaak hiervoor zijn de inkomsten vanuit de Subsidie Wsw, welke hoger zijn vastgesteld dan begroot. Dit hogere bedrag wordt conform afspraak een op een doorbetaald aan NLW Groep NV. Deze financieringssystematiek, die feitelijk een begrotingsevenwicht inhoudt, t elt evenwel niet mee in het oordeel (conform de Kadernota Rechtmatigheid 2020 (4.2.3.)). Andere oorzaak is de Covid bijdrage die we ontvangen hebben.
Jaarstukken 2020
7
Financiële kengetallen De financiele kengetallen van het Werkvoorzieningschap zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Jaarstukken 2020
Verloop van de kengetallen
Kengetallen
Real.2020 Begr.2020 Real.2019
netto schuldqoute
17,48
28,35
26,45
netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
17,48
28,35
26,45
solvabiliteitsratio
0,88
1,97
1,35
grondexploitatie
0
0
0
structurele exploitatieruimte
0
0
0
belastingcapaciteit
0
0
0
Jaarstukken 2020
8
Jaarrekening
9
2.1 Balans Werkvoorzieningschap per 31 december 2020 (x € 1.000) 31 dec
31 dec
2020
2019
Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekkingen aan: - deelnemingen (1) Leningen aan: overige verbonden partijen (2)
5.159
5.159
453
510
Totaal vaste activa
5.612
5.669
558
40
0 93
0 94
652
135
Liquide middelen - Banksaldi (6)
1.650
35
Totaal liquide middelen
1.650
35
Totaal vlottende activa
2.302
169
Totaal generaal
7.914
5.838
Activa Vaste activa
Vlottende activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: - Vorderingen op openbare lichamen (3) - rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen (4) - Overige vorderingen (5) Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar:
Jaarstukken 2020 10
31 dec
31 dec
2020
2019
Eigen vermogen - Algemene reserve (7) - Gerealiseerde resultaat (8)
79 -10
108 -29
Totaal eigen vermogen
69
79
Onderhandse leningen van: - binnenlandse banken en overige financiële instellingen (9) - overige binnenlandse sectoren (10)
454 5.000
511 5.000
Totaal vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
5.454
5.510
Passiva Vaste passiva
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - RC verhoudingen met niet-financiële instellingen (11) - Overige schulden (12)
2.239 152
96 153
Totaal netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
2.391
249
Overlopende passiva de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren (13)
0
0
Totaal overlopende passiva
0
0
7.914
5.838
Totaal generaal
Jaarstukken 2020 11
2.2 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2020 (x € 1.000) Werkelijk 2020
Omschrijving Baten Wsw Subsidie (14) Doorbetaling Wsw Subsidie (15) Gemeentelijke bijdrage (16) Doorbetaling gemeentelijke bijdrage (17)
Begroot Werkelijk 2020 2019
21.694 -21.694 573 -509
18.635 -18.635 585 -519
20.405 -20.405 599 -535
Totaal baten
64
66
63
Financiering en algemene dekkingsmiddelen Overhead (18) Rente lang en kort (19) Doorberekening bedrijfs- en financieringslasten (20)
73 28 -28
66 28 -28
92 30 -30
Totaal financiering en algemene dekkingsmiddelen
73
66
92
Bedrijfsresultaat
-10
0
-29
Waardeverandering financiële vaste activa Waardeverandering financiële vaste activa Totaal waardeverandering financiële vaste activa
0 0
0 0
0 0
Incidentele baten en lasten Incidentele baten Totaal incidentele baten en lasten
0 0
0 0
0 0
Onvoorzien
0
0
0
-10
0
-29
0
0
0
Gerealiseerde resultaat
-10
0
-29
Vennootschapsbelasting
0
0
0
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging en onttrekking aan reserves
Jaarstukken 2020 12
Toelichtingen:
Grondslagen
13
2.3 Toelichtingen 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Continuïteit van de activiteiten Momenteel heeft het Corona virus Nederland al een jaar in zijn greep. Hoewel de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Noord-Limburg West (GR) zelf beperkte activiteiten ontplooid, is de GR houder van 100% van de aandelen van NLW Groep N.V. Het is daarom van belang om te vermelden dat de gevolgen van het Corona virus behoorlijke impact heeft voor de NLW Groep. Veel medewerkers behoren tot de risicogroep van Corona en zitten vanwege het zoveel mogelijk vermijden van contacten momenteel thuis. Voor deze medewerkers wordt overigens zoveel als mogelijk het werk thuis bezorgden opgehaald.
Voor 2020 hebben we de productie met de overige medewerkers open kunnen houden met alle voorzorgsmaatregelen. Bij de klanten (bedrijven/werkgevers) zien wij ook voorzichtigheid in het verstrekken van orders en/of opdrachten die niet doorgaan. De detacheringen zijn afhankelijk van de situatie bij de inlener en hierin zien we ook dat er bedrijven gesloten worden en dus detacheringen worden opgezegd. Dit geld ook voor groepsdetachering en Werk op Locatie. Op dit moment zijn de lijnen naar Bestuur en de Branche organisatie Cedris kort. Cedris heeft overleg met Ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid over een eventuele compensatie fonds voor de SW. Voor 2020 heeft dit geresulteerd in een Covid bijdrage voor 2020 van € 1.564.000. Dit bedrag compenseert nagenoeg de omzet daling in 2020 bij de NV. 14
Voor 2021 lopen de onderhandelingen nog. Alles wordt in werking gesteld om de NLW draaiende te houden en de lijnen naar ons Bestuur en de Branche organisatie Cedris kort te houden. Doordat in de Gemeenschappelijke Regeling is afgesproken dat deelnemende gemeenten bijdragen in eventuele nadelige exploitatiesaldi van de NLW Groep N.V. en er steeds voor zorgen dat NLW over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen te kunnen voldoen, zien wij geen aanleiding tot twijfels aangaande de continuïteitsveronderstelling. Balans Vaste activa Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van de NV (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Tot dusver is een dergelijke afwaardering gelukkig niet noodzakelijk gebleken. De actuele waarde ligt ruim boven de verkrijgingsprijs. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Programmarekening Algemeen Voor zover het BVV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong voor het einde van het verslagjaar vinden, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarstukken bekend zijn geworden. 15
2.3.2. Wet normering topinkomens (WNT) De WNT is op 6 december 2011 door de Tweede kamer aangenomen en is met ingang van 1 januari 2013 in werking getreden. De WNT kent naast een openbaarmakingsregime voor de (semi-) publieke sector een maximale bezoldigingsnorm als opgenomen in artikel 2.1. e.v. WNT. Op grond van de WNT mag in 2019 het inkomen van topfunctionarissen in de (semi-) publieke sector behoudens overgangsrecht maximaal 100% van het ministersalaris zijn. Dat komt in 2020 neer op € 201.000 inclusief belaste kostenvergoeding en pensioenbijdrage werkgever.
Voor het Werkvoorzieningschap luidt de publicatie in het kader van de WNT voor 2020 als volgt: Het algemeen bestuur bestaat eind 2020 uit de volgende afgevaardigden: Algemeen bestuur: A.H.M. Thielen J.W.G.M. Loonen J. Jenneskens R. Bouten R. Tegels E. Beurskens W.M.G. Hermans P.J.H. Sanders A.M.H.C. Mestrom
Voorzitter Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid Bestuurslid
Het algemeen bestuur is onbezoldigd. Secretaris: A.M. Smets
Secretaris
De secretaris kwalificeert niet als topfunctionaris zoals beschreven in de WNT.
16
Toelichting:
Balans
17
2.3.3 Toelichting op de balans per 31 december 2020 x € 1.000 31 dec 31 dec 2020 2019
Vaste activa Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan: - Deelneming (1) Saldo per 1 januari Investeringen Desinvesteringen
5.159 0 0
5.159 0 0
Saldo per 31 december
5.159
5.159
Lening aan: - overige verbonden partijen (2) Saldo per 1 januari Vermeerderingen Aflossingen
510 0 -57
567 0 -57
Saldo per 31 december
453
510
Financiële vaste activa
5.612
5.668
Het vermogen van NLW Groep is in 2020 gestegen. De in de NV aanwezige stille reserves zijn op dit moment van voldoende niveau om waardering tegen historische aanschafwaarde te continueren.
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar: Vordering op openbare lichamen (3) Vorderingen op openbare lichamen
558
40
Totaal vorderingen op openbare lichamen
558
40
Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen (4) Rekening-courant verhoudingen NLW Groep
0
0
Totaal Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen
0
0
Jaarstukken 2020 18
x € 1.000 31 dec 31 dec 2020 2019 Overige vorderingen (5) Te vorderen rente Te vorderen aflossing Overige vorderingen
18 57 18
20 57 17
Totaal overige vorderingen
93
94
Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar:
652
135
Liquide middelen (6) Kassaldi Banksaldi
0 1.650
0 35
Totaal liquide middelen
1.650
35
Algemene Reserve (7) Saldo per 1 januari Toevoeging: Onttrekking:
108 0 -29
112 0 -5
Saldo per 31 december
79
108
Resultaat na bestemming (8) Saldo per 1 januari toevoeging onttrekking
-29 -10 29
-5 -29 5
Saldo per 31 december
-10
-29
Saldo per 1 januari Vermeerderingen Aflossingen
511 0 -57
567 0 -57
Saldo per 31 december
454
511
De liquide middelen staan vrij ter beschikking.
Vaste passiva Eigen vermogen
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse lening Onderhandse leningen van: - binnenlandse banken (9)
Jaarstukken 2020 19
x € 1.000 31 dec 31 dec 2020 2019 Onderhandse leningen van: - overige binnenlandse sectoren (10) Saldo per 1 januari Vermeerderingen Aflossing
5.000 0 0
5.000 0 0
Saldo per 31 december
5.000
5.000
Totaal Onderhandse lening
5.454
5.510
Het gemiddelde rentepercentage op de in 2020 uitstaande onderhandse leningen bedraagt 4,85%. De rentelast tav langlopende schulden bedraagt € 28.000 in 2020.
Vlottende passiva Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen (11) Rekening-courant verhoudingen NLW NV
2.239
96
Totaal Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen
2.239
96
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden (12) Crediteuren Te ontvangen inkoopfacturen Aflossing lening Te betalen rente leningen Overige schulden
56 19 57 18 3
70 5 57 20 0
Totaal overige schulden
152
153
de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen
0
0
Totaal overlopende passiva
0
0
Overlopende passiva Saldo per 1 januari Toevoegingen Vrijgevallen bedragen
0 0 0
0 0 0
Saldo per 31 december
0
0
Resultaatbestemming Voorstel resultaat te onttrekken uit de algemene reserve:
-10
-29
Totaal
-10
-29
Overlopende passiva (13)
Jaarstukken 2020 20
Toelichting:
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2020
21
2.3.5. Overzicht taakvelden Begroting 2020 Baten Lasten
Taakvelden gemeenten (x € 1.000) 0. Bestuur en Ondersteuning 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
28 0 0
Realisatie 2020 Baten Lasten
66 28 0 0
0
6.0 Sociaal domein 6.4 Begeleide Participatie
19.220
-10
19.154
2.3.6. Overzicht structurele en incidentele baten en lasten Realisatie 2020 Baten Lasten Structurele baten en lasten Wsw subsidie Gemeentelijke bijdrage
20.130 573
20.130 509
28
73 28
Incidentele baten en lasten Waarderverandering financiele vaste activa
1.564 -
1.564 -
Saldo baten en lasten
22.294
22.304
Overhead Rente lang en kort Incidentele baten en lasten
Jaarstukken 2020
28 0 0
24
73 28 0 0
22.267
22.203